Etaamb.openjustice.be
Meertalige weergave van Arrest van --
← Terug naar "Uittreksel uit arrest nr. 162/2013 van 21 november 2013 Rolnummer : 5555 In zake : de prejudiciële vraag over de artikelen 2, c) tot e), 35, § 2, en 57 van de wet van 31 januari 2009 betreffende de continuïteit van de ondernemingen, ges Het Grondwettelijk Hof, samengesteld uit de voorzitters J. Spreutels en M. Bossuyt, en de rechte(...)"
Uittreksel uit arrest nr. 162/2013 van 21 november 2013 Rolnummer : 5555 In zake : de prejudiciële vraag over de artikelen 2, c) tot e), 35, § 2, en 57 van de wet van 31 januari 2009 betreffende de continuïteit van de ondernemingen, ges Het Grondwettelijk Hof, samengesteld uit de voorzitters J. Spreutels en M. Bossuyt, en de rechte(...) Uittreksel uit arrest nr. 162/2013 van 21 november 2013 Rolnummer : 5555 In zake : de prejudiciële vraag over de artikelen 2, c) tot e), 35, § 2, en 57 van de wet van 31 januari 2009 betreffende de continuïteit van de ondernemingen, ges Het Grondwettelijk Hof, samengesteld uit de voorzitters J. Spreutels en M. Bossuyt, en de rechte(...)
GRONDWETTELIJK HOF GRONDWETTELIJK HOF
Uittreksel uit arrest nr. 162/2013 van 21 november 2013 Uittreksel uit arrest nr. 162/2013 van 21 november 2013
Rolnummer : 5555 Rolnummer : 5555
In zake : de prejudiciële vraag over de artikelen 2, c) tot e), 35, § In zake : de prejudiciële vraag over de artikelen 2, c) tot e), 35, §
2, en 57 van de wet van 31 januari 2009 betreffende de continuïteit 2, en 57 van de wet van 31 januari 2009 betreffende de continuïteit
van de ondernemingen, gesteld door het Arbeidshof te Luik. van de ondernemingen, gesteld door het Arbeidshof te Luik.
Het Grondwettelijk Hof, Het Grondwettelijk Hof,
samengesteld uit de voorzitters J. Spreutels en M. Bossuyt, en de samengesteld uit de voorzitters J. Spreutels en M. Bossuyt, en de
rechters E. De Groot, L. Lavrysen, A. Alen, J.-P. Snappe, E. Derycke, rechters E. De Groot, L. Lavrysen, A. Alen, J.-P. Snappe, E. Derycke,
P. Nihoul, F. Daoût en T. Giet, bijgestaan door de griffier P.-Y. P. Nihoul, F. Daoût en T. Giet, bijgestaan door de griffier P.-Y.
Dutilleux, onder voorzitterschap van voorzitter J. Spreutels, Dutilleux, onder voorzitterschap van voorzitter J. Spreutels,
wijst na beraad het volgende arrest : wijst na beraad het volgende arrest :
I. Onderwerp van de prejudiciële vraag en rechtspleging I. Onderwerp van de prejudiciële vraag en rechtspleging
Bij arrest van 10 januari 2013 in zake de nv « Agrimat » tegen Bij arrest van 10 januari 2013 in zake de nv « Agrimat » tegen
Jean-Claude Clementz, waarvan de expeditie ter griffie van het Hof is Jean-Claude Clementz, waarvan de expeditie ter griffie van het Hof is
ingekomen op 18 januari 2013, heeft het Arbeidshof te Luik de volgende ingekomen op 18 januari 2013, heeft het Arbeidshof te Luik de volgende
prejudiciële vraag gesteld : prejudiciële vraag gesteld :
« Schenden de artikelen 2, c, d en e, 35, § 2, en 57 van de wet van 31 « Schenden de artikelen 2, c, d en e, 35, § 2, en 57 van de wet van 31
januari 2009 betreffende de continuïteit van de ondernemingen de januari 2009 betreffende de continuïteit van de ondernemingen de
artikelen 10 en 11 van de Grondwet en voeren zij een discriminatie in artikelen 10 en 11 van de Grondwet en voeren zij een discriminatie in
: :
doordat ten aanzien van de werknemer die wordt ontslagen vóór de doordat ten aanzien van de werknemer die wordt ontslagen vóór de
opening van de procedure van gerechtelijke reorganisatie zijn opening van de procedure van gerechtelijke reorganisatie zijn
compenserende opzeggingsvergoeding een schuldvordering in de compenserende opzeggingsvergoeding een schuldvordering in de
opschorting vormt die is onderworpen aan de uitvoering van het opschorting vormt die is onderworpen aan de uitvoering van het
reorganisatieplan met mogelijke verminderingen en reorganisatieplan met mogelijke verminderingen en
betalingsmodaliteiten die in de tijd zijn gespreid, betalingsmodaliteiten die in de tijd zijn gespreid,
terwijl ten aanzien van de werknemer die wordt ontslagen in de loop terwijl ten aanzien van de werknemer die wordt ontslagen in de loop
van de procedure van gerechtelijke reorganisatie zijn compenserende van de procedure van gerechtelijke reorganisatie zijn compenserende
opzeggingsvergoeding ontsnapt aan de kwalificatie van schuldvordering opzeggingsvergoeding ontsnapt aan de kwalificatie van schuldvordering
in de opschorting en aan de uitvoeringsmodaliteiten van het in de opschorting en aan de uitvoeringsmodaliteiten van het
reorganisatieplan, zodat die vergoeding integraal zal worden betaald reorganisatieplan, zodat die vergoeding integraal zal worden betaald
en zonder enige betalingstermijn ? ». en zonder enige betalingstermijn ? ».
(...) (...)
III. In rechte III. In rechte
(...) (...)
Ten aanzien van de in het geding zijnde bepalingen Ten aanzien van de in het geding zijnde bepalingen
B.1.1. De artikelen 2, c) tot e), 35, § 2, en 57 van de wet van 31 B.1.1. De artikelen 2, c) tot e), 35, § 2, en 57 van de wet van 31
januari 2009 betreffende de continuïteit van de ondernemingen (hierna januari 2009 betreffende de continuïteit van de ondernemingen (hierna
: WCO), in de versie ervan die van toepassing is voor de verwijzende : WCO), in de versie ervan die van toepassing is voor de verwijzende
rechter, bepalen : rechter, bepalen :
«

Art. 2.Voor de toepassing van deze wet verstaat men onder :

«

Art. 2.Voor de toepassing van deze wet verstaat men onder :

[...] [...]
c) 'schuldvorderingen in de opschorting' : de schuldvorderingen c) 'schuldvorderingen in de opschorting' : de schuldvorderingen
ontstaan voor het vonnis dat de procedure van gerechtelijke ontstaan voor het vonnis dat de procedure van gerechtelijke
reorganisatie opent of die uit het verzoekschrift of beslissingen reorganisatie opent of die uit het verzoekschrift of beslissingen
genomen in het kader van de procedure volgen; genomen in het kader van de procedure volgen;
d) 'buitengewone schuldvorderingen in de opschorting' : de d) 'buitengewone schuldvorderingen in de opschorting' : de
schuldvorderingen in de opschorting die gewaarborgd zijn door een schuldvorderingen in de opschorting die gewaarborgd zijn door een
bijzonder voorrecht of een hypotheek en de schuldvorderingen van de bijzonder voorrecht of een hypotheek en de schuldvorderingen van de
schuldeisers-eigenaars; schuldeisers-eigenaars;
e) 'gewone schuldvorderingen in de opschorting' : de schuldvorderingen e) 'gewone schuldvorderingen in de opschorting' : de schuldvorderingen
in de opschorting andere dan de buitengewone schuldvorderingen in de in de opschorting andere dan de buitengewone schuldvorderingen in de
opschorting; opschorting;
[...] [...]

Art. 35.[...]

Art. 35.[...]

§ 2. De schuldenaar kan evenwel, ook bij ontstentenis van contractuele § 2. De schuldenaar kan evenwel, ook bij ontstentenis van contractuele
bepaling in deze zin, beslissen een lopende overeenkomst niet langer bepaling in deze zin, beslissen een lopende overeenkomst niet langer
uit te voeren voor de duur van de opschorting met een mededeling aan uit te voeren voor de duur van de opschorting met een mededeling aan
zijn medecontractanten overeenkomstig artikel 26, § 2, op voorwaarde zijn medecontractanten overeenkomstig artikel 26, § 2, op voorwaarde
dat die niet-uitvoering noodzakelijk is om een reorganisatieplan te dat die niet-uitvoering noodzakelijk is om een reorganisatieplan te
kunnen voorstellen aan de schuldeisers of om de overdracht onder kunnen voorstellen aan de schuldeisers of om de overdracht onder
gerechtelijk gezag mogelijk te maken. gerechtelijk gezag mogelijk te maken.
Wanneer de schuldenaar beslist een lopende overeenkomst niet langer Wanneer de schuldenaar beslist een lopende overeenkomst niet langer
uit te voeren, vormt de schadevergoeding waartoe de wederpartij in uit te voeren, vormt de schadevergoeding waartoe de wederpartij in
voorkomend geval gerechtigd is een schuldvordering in de opschorting. voorkomend geval gerechtigd is een schuldvordering in de opschorting.
De mogelijkheid gegeven in dit artikel is niet toepasselijk op De mogelijkheid gegeven in dit artikel is niet toepasselijk op
arbeidsovereenkomsten. arbeidsovereenkomsten.
[...] [...]

Art. 57.De homologatie van het reorganisatieplan maakt het bindend

Art. 57.De homologatie van het reorganisatieplan maakt het bindend

voor alle schuldeisers in de opschorting. voor alle schuldeisers in de opschorting.
De betwiste, maar na de homologatie gerechtelijk erkende De betwiste, maar na de homologatie gerechtelijk erkende
schuldvorderingen in de opschorting, worden betaald op de wijze die is schuldvorderingen in de opschorting, worden betaald op de wijze die is
bepaald voor de schuldvorderingen van dezelfde aard. In geen geval kan bepaald voor de schuldvorderingen van dezelfde aard. In geen geval kan
de uitvoering van het reorganisatieplan geheel of gedeeltelijk de uitvoering van het reorganisatieplan geheel of gedeeltelijk
opgeschort worden door de met betrekking tot deze betwistingen genomen opgeschort worden door de met betrekking tot deze betwistingen genomen
beslissingen. beslissingen.
De schuldvorderingen in de opschorting die niet opgenomen zijn in de De schuldvorderingen in de opschorting die niet opgenomen zijn in de
in artikel 17, § 2, 7°, bedoelde lijst, in voorkomend geval gewijzigd in artikel 17, § 2, 7°, bedoelde lijst, in voorkomend geval gewijzigd
met toepassing van artikel 46, en die geen aanleiding hebben gegeven met toepassing van artikel 46, en die geen aanleiding hebben gegeven
tot betwisting, worden betaald na de volledige uitvoering van het tot betwisting, worden betaald na de volledige uitvoering van het
plan, op de wijze die is bepaald voor de schuldvorderingen van plan, op de wijze die is bepaald voor de schuldvorderingen van
dezelfde aard. Indien de schuldeiser niet behoorlijk werd ingelicht dezelfde aard. Indien de schuldeiser niet behoorlijk werd ingelicht
tijdens de opschorting, wordt hij betaald op de wijze en in de mate tijdens de opschorting, wordt hij betaald op de wijze en in de mate
die het gehomologeerd plan bepaalt voor gelijkaardige die het gehomologeerd plan bepaalt voor gelijkaardige
schuldvorderingen. schuldvorderingen.
Tenzij het plan uitdrukkelijk anders bepaalt, bevrijdt de volledige Tenzij het plan uitdrukkelijk anders bepaalt, bevrijdt de volledige
uitvoering ervan de schuldenaar geheel en definitief, voor alle uitvoering ervan de schuldenaar geheel en definitief, voor alle
schuldvorderingen die erin voorkomen. schuldvorderingen die erin voorkomen.
Onverminderd de artikelen 2043bis tot 2043octies van het Burgerlijk Onverminderd de artikelen 2043bis tot 2043octies van het Burgerlijk
Wetboek komt het plan de medeschuldenaars en de personen die een Wetboek komt het plan de medeschuldenaars en de personen die een
persoonlijke zekerheid hebben gesteld niet ten goede ». persoonlijke zekerheid hebben gesteld niet ten goede ».
B.1.2. Een wet van 27 mei 2013 « tot wijziging van verschillende B.1.2. Een wet van 27 mei 2013 « tot wijziging van verschillende
wetgevingen inzake de continuïteit van de ondernemingen », wetgevingen inzake de continuïteit van de ondernemingen »,
bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad van 22 juli 2013, wijzigt de bekendgemaakt in het Belgisch Staatsblad van 22 juli 2013, wijzigt de
in het geding zijnde artikelen 2, c), en 35, § 2, als volgt : in het geding zijnde artikelen 2, c), en 35, § 2, als volgt :
- artikel 2 van die wet voegt in artikel 2, c), van de WCO het woord « - artikel 2 van die wet voegt in artikel 2, c), van de WCO het woord «
gerechtelijke » in tussen de woorden « verzoekschrift of » en de gerechtelijke » in tussen de woorden « verzoekschrift of » en de
woorden « beslissingen genomen »; woorden « beslissingen genomen »;
- artikel 19, b), van die wet voegt tussen het eerste en het tweede - artikel 19, b), van die wet voegt tussen het eerste en het tweede
lid van artikel 35, § 2, een lid in dat luidt : « De uitoefening van lid van artikel 35, § 2, een lid in dat luidt : « De uitoefening van
dit recht ontneemt de schuldeiser niet het recht zijn eigen prestaties dit recht ontneemt de schuldeiser niet het recht zijn eigen prestaties
op te schorten ». op te schorten ».
Krachtens artikel 62 van die wet treden die wijzigingen in werking Krachtens artikel 62 van die wet treden die wijzigingen in werking
tien dagen na de bekendmaking van de wet van 27 mei 2013 in het tien dagen na de bekendmaking van de wet van 27 mei 2013 in het
Belgisch Staatsblad. Belgisch Staatsblad.
Die wijzigingen hebben dus geen invloed op het geschil dat aanleiding Die wijzigingen hebben dus geen invloed op het geschil dat aanleiding
heeft gegeven tot de prejudiciële vraag, zodat het Hof de in het heeft gegeven tot de prejudiciële vraag, zodat het Hof de in het
geding zijnde bepalingen, alsook de tekst van de WCO, onderzoekt in de geding zijnde bepalingen, alsook de tekst van de WCO, onderzoekt in de
versie ervan die van toepassing is op het voor de verwijzende rechter versie ervan die van toepassing is op het voor de verwijzende rechter
hangende geschil. hangende geschil.
B.1.3. De voormelde wet van 31 januari 2009, in de versie ervan die op B.1.3. De voormelde wet van 31 januari 2009, in de versie ervan die op
het voor de verwijzende rechter hangende geschil van toepassing is, het voor de verwijzende rechter hangende geschil van toepassing is,
voorziet onder meer in een zogenoemde procedure « van gerechtelijke voorziet onder meer in een zogenoemde procedure « van gerechtelijke
reorganisatie » die strekt tot het behouden, onder toezicht van de reorganisatie » die strekt tot het behouden, onder toezicht van de
rechter, van de continuïteit van het geheel of een gedeelte van de rechter, van de continuïteit van het geheel of een gedeelte van de
onderneming in moeilijkheden of van haar activiteiten (artikel 16, onderneming in moeilijkheden of van haar activiteiten (artikel 16,
eerste lid, van de WCO); die procedure maakt het mogelijk de eerste lid, van de WCO); die procedure maakt het mogelijk de
schuldenaar een opschorting toe te kennen (waarvan de duur door de schuldenaar een opschorting toe te kennen (waarvan de duur door de
rechter wordt bepaald krachtens artikel 24, § 2, van de WCO) om hetzij rechter wordt bepaald krachtens artikel 24, § 2, van de WCO) om hetzij
tot een gerechtelijke reorganisatie te komen door een minnelijk tot een gerechtelijke reorganisatie te komen door een minnelijk
akkoord tussen schuldeisers en schuldenaar - bedoeld in artikel 43 - akkoord tussen schuldeisers en schuldenaar - bedoeld in artikel 43 -
of door een collectief akkoord van de schuldeisers - bedoeld in de of door een collectief akkoord van de schuldeisers - bedoeld in de
artikelen 44 en volgende -, hetzij de overdracht toe te staan, aan artikelen 44 en volgende -, hetzij de overdracht toe te staan, aan
derden, van het geheel of een gedeelte van de onderneming of haar derden, van het geheel of een gedeelte van de onderneming of haar
activiteiten, bedoeld in de artikelen 59 en volgende (artikel 16, activiteiten, bedoeld in de artikelen 59 en volgende (artikel 16,
tweede lid, van de WCO). tweede lid, van de WCO).
Naast het door de in het geding zijnde bepaling vastgelegde verbod om Naast het door de in het geding zijnde bepaling vastgelegde verbod om
de middelen tot tenuitvoerlegging voort te zetten, bepaalt de wet dat de middelen tot tenuitvoerlegging voort te zetten, bepaalt de wet dat
tijdens de opschorting, voor schuldeisers in de opschorting, geen tijdens de opschorting, voor schuldeisers in de opschorting, geen
enkel ander beslag dan een bewarend beslag kan worden gelegd (artikel enkel ander beslag dan een bewarend beslag kan worden gelegd (artikel
31 van de WCO). Zij doet evenwel geen afbreuk aan de rechten van de 31 van de WCO). Zij doet evenwel geen afbreuk aan de rechten van de
pandhoudende schuldeiser wanneer het gaat om specifiek in pand gegeven pandhoudende schuldeiser wanneer het gaat om specifiek in pand gegeven
schuldvorderingen (artikel 32 van de WCO), staat een vrijwillige schuldvorderingen (artikel 32 van de WCO), staat een vrijwillige
betaling door de schuldenaar van schuldvorderingen in de opschorting betaling door de schuldenaar van schuldvorderingen in de opschorting
niet in de weg, noch een rechtstreekse vordering (artikel 33 van de niet in de weg, noch een rechtstreekse vordering (artikel 33 van de
WCO), noch een schuldvergelijking van verknochte schuldvorderingen WCO), noch een schuldvergelijking van verknochte schuldvorderingen
(artikel 34 van de WCO), noch de mogelijkheid om de schuldenaar (artikel 34 van de WCO), noch de mogelijkheid om de schuldenaar
failliet te verklaren of een gerechtelijke ontbinding van de failliet te verklaren of een gerechtelijke ontbinding van de
vennootschap die schuldenaar is teweeg te brengen (artikel 30 van de vennootschap die schuldenaar is teweeg te brengen (artikel 30 van de
WCO), en zij maakt in principe geen einde aan de lopende WCO), en zij maakt in principe geen einde aan de lopende
overeenkomsten (artikel 35, § 1, van de WCO). overeenkomsten (artikel 35, § 1, van de WCO).
Ten aanzien van het verschil in behandeling Ten aanzien van het verschil in behandeling
B.2. De in het geding zijnde bepalingen worden door de verwijzende B.2. De in het geding zijnde bepalingen worden door de verwijzende
rechter in die zin geïnterpreteerd dat zij een verschil in behandeling rechter in die zin geïnterpreteerd dat zij een verschil in behandeling
invoeren tussen een werknemer die is ontslagen vóór de indiening, door invoeren tussen een werknemer die is ontslagen vóór de indiening, door
zijn werkgever, van een verzoekschrift tot gerechtelijke reorganisatie zijn werkgever, van een verzoekschrift tot gerechtelijke reorganisatie
en een werknemer die tijdens de periode van de opschorting is en een werknemer die tijdens de periode van de opschorting is
ontslagen : de schuldvordering met betrekking tot een door de ontslagen : de schuldvordering met betrekking tot een door de
werknemer gevorderde compenserende opzeggingsvergoeding zal in het werknemer gevorderde compenserende opzeggingsvergoeding zal in het
eerste geval in de opschorting zijn, krachtens artikel 2, c) tot e), eerste geval in de opschorting zijn, krachtens artikel 2, c) tot e),
van de WCO, en zal bijgevolg worden onderworpen aan de verminderingen van de WCO, en zal bijgevolg worden onderworpen aan de verminderingen
en modaliteiten van het gehomologeerde reorganisatieplan, en modaliteiten van het gehomologeerde reorganisatieplan,
overeenkomstig artikel 57 van de WCO; in het tweede geval zal de overeenkomstig artikel 57 van de WCO; in het tweede geval zal de
schuldvordering van de werknemer ontsnappen aan de kwalificatie van schuldvordering van de werknemer ontsnappen aan de kwalificatie van
schuldvordering in de opschorting, zodat, volgens de verwijzende schuldvordering in de opschorting, zodat, volgens de verwijzende
rechter, « zij integraal en zonder enige betalingstermijn zal worden rechter, « zij integraal en zonder enige betalingstermijn zal worden
betaald ». betaald ».
Het geschil voor de verwijzende rechter betreft een werknemer die Het geschil voor de verwijzende rechter betreft een werknemer die
enkele dagen vóór de indiening van het verzoekschrift tot enkele dagen vóór de indiening van het verzoekschrift tot
gerechtelijke reorganisatie is ontslagen, ten gevolge van een gerechtelijke reorganisatie is ontslagen, ten gevolge van een
herstructurering van het personeel om economische redenen. herstructurering van het personeel om economische redenen.
B.3. In tegenstelling tot wat de Ministerraad betoogt, vormen de B.3. In tegenstelling tot wat de Ministerraad betoogt, vormen de
situaties waarin beide categorieën van de in B.2 vermelde werknemers situaties waarin beide categorieën van de in B.2 vermelde werknemers
zich bevinden, vergelijkbare categorieën : in beide gevallen vorderen zich bevinden, vergelijkbare categorieën : in beide gevallen vorderen
de werknemers een compenserende opzeggingsvergoeding voor een rechter de werknemers een compenserende opzeggingsvergoeding voor een rechter
die uitspraak moet doen na de homologatie van een door de werkgever die uitspraak moet doen na de homologatie van een door de werkgever
ingediend plan van gerechtelijke reorganisatie en zijn dus ingediend plan van gerechtelijke reorganisatie en zijn dus
schuldeisers van de schuldenaar in de opschorting. schuldeisers van de schuldenaar in de opschorting.
B.4.1. De Ministerraad voert eveneens aan dat de prejudiciële vraag B.4.1. De Ministerraad voert eveneens aan dat de prejudiciële vraag
zonder voorwerp en dus niet ontvankelijk is, aangezien het in het zonder voorwerp en dus niet ontvankelijk is, aangezien het in het
geding zijnde verschil in behandeling niet zou voortvloeien uit de in geding zijnde verschil in behandeling niet zou voortvloeien uit de in
de prejudiciële vraag beoogde bepalingen, maar uit artikel 36 van de de prejudiciële vraag beoogde bepalingen, maar uit artikel 36 van de
in het geding zijnde wet en uit artikel 19, eerste lid, 3°bis, van de in het geding zijnde wet en uit artikel 19, eerste lid, 3°bis, van de
hypotheekwet van 16 december 1851, die de in B.2 vermelde hypotheekwet van 16 december 1851, die de in B.2 vermelde
schuldvorderingen van de werknemers klasseren onder de algemene schuldvorderingen van de werknemers klasseren onder de algemene
voorrechten. voorrechten.
B.4.2. Artikel 2, c) tot e), van de WCO definieert de B.4.2. Artikel 2, c) tot e), van de WCO definieert de
schuldvorderingen in de opschorting, de gewone schuldvorderingen in de schuldvorderingen in de opschorting, de gewone schuldvorderingen in de
opschorting en de buitengewone schuldvorderingen in de opschorting. opschorting en de buitengewone schuldvorderingen in de opschorting.
Door te bepalen dat het reorganisatieplan door de homologatie ervan Door te bepalen dat het reorganisatieplan door de homologatie ervan
voor alle schuldeisers in de opschorting bindend wordt, heeft artikel voor alle schuldeisers in de opschorting bindend wordt, heeft artikel
57 van de WCO tot gevolg dat, wanneer dat plan, overeenkomstig artikel 57 van de WCO tot gevolg dat, wanneer dat plan, overeenkomstig artikel
49 van de WCO, voorziet in een vermindering van sommige 49 van de WCO, voorziet in een vermindering van sommige
schuldvorderingen, de door de rechtbank van koophandel verleende schuldvorderingen, de door de rechtbank van koophandel verleende
homologatie ertoe leidt dat de schuldenaar een vermindering van zijn homologatie ertoe leidt dat de schuldenaar een vermindering van zijn
schuld verkrijgt. Artikel 35, § 2, van de WCO vestigt het beginsel van schuld verkrijgt. Artikel 35, § 2, van de WCO vestigt het beginsel van
de continuïteit van de arbeidsovereenkomsten, zonder de mogelijkheid de continuïteit van de arbeidsovereenkomsten, zonder de mogelijkheid
voor de schuldenaar om de opschorting aan te voeren teneinde de voor de schuldenaar om de opschorting aan te voeren teneinde de
tenuitvoerlegging van die overeenkomsten op te schorten. In tenuitvoerlegging van die overeenkomsten op te schorten. In
tegenstelling tot wat de Ministerraad beweert, staat het onderwerp van tegenstelling tot wat de Ministerraad beweert, staat het onderwerp van
de prejudiciële vraag niet los van de in het geding zijnde bepalingen. de prejudiciële vraag niet los van de in het geding zijnde bepalingen.
B.4.3. De prejudiciële vraag is ontvankelijk. B.4.3. De prejudiciële vraag is ontvankelijk.
B.5. Er dient evenwel te worden onderzocht in welke mate de in het B.5. Er dient evenwel te worden onderzocht in welke mate de in het
geding zijnde bepalingen ten grondslag liggen aan het in B.2 geding zijnde bepalingen ten grondslag liggen aan het in B.2
bekritiseerde verschil in behandeling en of dat verschil in bekritiseerde verschil in behandeling en of dat verschil in
behandeling verantwoord is. behandeling verantwoord is.
B.6. De bij de wet van 31 januari 2009 vastgelegde procedure van B.6. De bij de wet van 31 januari 2009 vastgelegde procedure van
gerechtelijke reorganisatie strekt tot het behouden, onder toezicht gerechtelijke reorganisatie strekt tot het behouden, onder toezicht
van de rechter, van de continuïteit van het geheel of een gedeelte van van de rechter, van de continuïteit van het geheel of een gedeelte van
de onderneming in moeilijkheden of van haar activiteiten. de onderneming in moeilijkheden of van haar activiteiten.
De parlementaire voorbereiding vermeldt daarover : De parlementaire voorbereiding vermeldt daarover :
« 'De continuïteit van de onderneming behouden', verwijst naar de « 'De continuïteit van de onderneming behouden', verwijst naar de
entiteit zelf met haar verschillende componenten. 'De activiteiten entiteit zelf met haar verschillende componenten. 'De activiteiten
behouden' verwijst naar de economische activiteit die gedeeltelijk behouden' verwijst naar de economische activiteit die gedeeltelijk
losstaat van het medium ervan. De formulering is heel ruim bedoeld, losstaat van het medium ervan. De formulering is heel ruim bedoeld,
teneinde te voorkomen dat de wil van de wetgever door interpretaties teneinde te voorkomen dat de wil van de wetgever door interpretaties
wordt vertekend : het is duidelijk de bedoeling ervoor te zorgen dat wordt vertekend : het is duidelijk de bedoeling ervoor te zorgen dat
problemen van structurele of toevallige aard in toereikende problemen van structurele of toevallige aard in toereikende
economische omstandigheden kunnen worden opgelost » (Parl. St., Kamer, economische omstandigheden kunnen worden opgelost » (Parl. St., Kamer,
B.Z. 2007, DOC 52-0160/001, p. 15). B.Z. 2007, DOC 52-0160/001, p. 15).
B.7. De wetgever heeft met die procedure de draagwijdte willen B.7. De wetgever heeft met die procedure de draagwijdte willen
verruimen van de regelgeving op het gerechtelijk akkoord, die zij verruimen van de regelgeving op het gerechtelijk akkoord, die zij
vervangt (ibid., DOC 52-0160/002, pp. 39 en 82). Hij heeft getracht vervangt (ibid., DOC 52-0160/002, pp. 39 en 82). Hij heeft getracht
het doel van behoud van de continuïteit van de onderneming te het doel van behoud van de continuïteit van de onderneming te
verzoenen met dat van vrijwaring van de rechten van de schuldeisers : verzoenen met dat van vrijwaring van de rechten van de schuldeisers :
« [De materie met betrekking tot de gevolgen van de gerechtelijke « [De materie met betrekking tot de gevolgen van de gerechtelijke
reorganisatie] is een van de moeilijkste die er bestaat omdat een reorganisatie] is een van de moeilijkste die er bestaat omdat een
insolventiewetgeving rekening moet houden met zeer uiteenlopende insolventiewetgeving rekening moet houden met zeer uiteenlopende
belangen : de belangen van de schuldeisers die wensen betaald te belangen : de belangen van de schuldeisers die wensen betaald te
worden op zo kort mogelijke tijd en de nood om de reorganisatie een worden op zo kort mogelijke tijd en de nood om de reorganisatie een
kans te geven (met inbegrip van een reorganisatie door overdracht van kans te geven (met inbegrip van een reorganisatie door overdracht van
de onderneming). De regel is dat de continuïteit en van de onderneming de onderneming). De regel is dat de continuïteit en van de onderneming
en van de contracten behouden blijft, maar het is vanzelfsprekend dat en van de contracten behouden blijft, maar het is vanzelfsprekend dat
in een periode van acute betaalmoeilijkheden de handhaving van de in een periode van acute betaalmoeilijkheden de handhaving van de
rechten bedreigd wordt » (ibid., DOC 52-0160/005, p. 10). rechten bedreigd wordt » (ibid., DOC 52-0160/005, p. 10).
B.8.1. Ten aanzien van de schuldvorderingen in de opschorting wordt in B.8.1. Ten aanzien van de schuldvorderingen in de opschorting wordt in
de parlementaire voorbereiding gepreciseerd : de parlementaire voorbereiding gepreciseerd :
« Schuldvorderingen in de opschorting zijn die als bedoeld in de « Schuldvorderingen in de opschorting zijn die als bedoeld in de
aanvraag tot opschorting. Ze gaan noodzakelijkerwijze vooraf aan de aanvraag tot opschorting. Ze gaan noodzakelijkerwijze vooraf aan de
dag waarop de opschorting open is verklaard of is ontstaan uit het dag waarop de opschorting open is verklaard of is ontstaan uit het
vonnis zelf (bijvoorbeeld een schuld die ontstaat wegens de toepassing vonnis zelf (bijvoorbeeld een schuld die ontstaat wegens de toepassing
van een ontbindende voorwaarde in geval van reorganisatie). Het van een ontbindende voorwaarde in geval van reorganisatie). Het
betreft twee soorten schulden : gewone schuldvorderingen in de betreft twee soorten schulden : gewone schuldvorderingen in de
opschorting en buitengewone schuldvorderingen in de opschorting. opschorting en buitengewone schuldvorderingen in de opschorting.
Laatstgenoemde schuldvorderingen krijgen een bijzondere behandeling en Laatstgenoemde schuldvorderingen krijgen een bijzondere behandeling en
zijn zeker gesteld door een zakelijke zekerheid, dus een waarborg of zijn zeker gesteld door een zakelijke zekerheid, dus een waarborg of
een hypotheek, dan wel komen in aanmerking voor een waarborg verstrekt een hypotheek, dan wel komen in aanmerking voor een waarborg verstrekt
door de retentie van een eigendomsrecht of via een bijzonder voorrecht door de retentie van een eigendomsrecht of via een bijzonder voorrecht
» (Parl. St., Kamer, B.Z. 2007, DOC 52-0160/001, p. 9). » (Parl. St., Kamer, B.Z. 2007, DOC 52-0160/001, p. 9).
De kwalificatie van schuldvorderingen al dan niet in de opschorting De kwalificatie van schuldvorderingen al dan niet in de opschorting
berust dus op een objectief criterium, in beginsel gekoppeld aan het berust dus op een objectief criterium, in beginsel gekoppeld aan het
onderwerp zelf van de opschortingsaanvraag of aan het verband tussen onderwerp zelf van de opschortingsaanvraag of aan het verband tussen
de schuldvordering en de indiening van het verzoekschrift of tussen de de schuldvordering en de indiening van het verzoekschrift of tussen de
schuldvordering en de beslissingen genomen in het kader van de schuldvordering en de beslissingen genomen in het kader van de
reorganisatieprocedure. reorganisatieprocedure.
B.8.2. Wanneer het, zoals te dezen, gaat om een gerechtelijke B.8.2. Wanneer het, zoals te dezen, gaat om een gerechtelijke
reorganisatie door middel van een collectief akkoord, voorziet de reorganisatie door middel van een collectief akkoord, voorziet de
procedure erin dat, nadat de rechtbank van koophandel de procedure erin dat, nadat de rechtbank van koophandel de
reorganisatieprocedure open heeft verklaard, de schuldenaar een reorganisatieprocedure open heeft verklaard, de schuldenaar een
reorganisatieplan ter griffie dient neer te leggen (artikel 44 van de reorganisatieplan ter griffie dient neer te leggen (artikel 44 van de
WCO), waarvan de inhoud wordt geregeld door de artikelen 47 tot 52 van WCO), waarvan de inhoud wordt geregeld door de artikelen 47 tot 52 van
de WCO en waarover de schuldeisers in de opschorting dienen te de WCO en waarover de schuldeisers in de opschorting dienen te
stemmen. De schuldeisers in de opschorting worden ingelicht over de stemmen. De schuldeisers in de opschorting worden ingelicht over de
procedure van gerechtelijke reorganisatie (artikel 53 van de WCO), procedure van gerechtelijke reorganisatie (artikel 53 van de WCO),
worden gehoord voor de rechtbank en moeten het plan van gerechtelijke worden gehoord voor de rechtbank en moeten het plan van gerechtelijke
reorganisatie goedkeuren (artikel 54 van de WCO). reorganisatie goedkeuren (artikel 54 van de WCO).
Wanneer het reorganisatieplan wordt goedgekeurd door de schuldeisers, Wanneer het reorganisatieplan wordt goedgekeurd door de schuldeisers,
dient de rechtbank van koophandel zich uit te spreken over de dient de rechtbank van koophandel zich uit te spreken over de
homologatie ervan (artikel 55 van de WCO). Door de homologatie wordt homologatie ervan (artikel 55 van de WCO). Door de homologatie wordt
het plan bindend voor alle schuldeisers in de opschorting (artikel 57, het plan bindend voor alle schuldeisers in de opschorting (artikel 57,
eerste lid, van de WCO). eerste lid, van de WCO).
De schuldeisers in de opschorting beschikken dus, in die hoedanigheid, De schuldeisers in de opschorting beschikken dus, in die hoedanigheid,
over de mogelijkheid om tussen te komen in de procedure voor de over de mogelijkheid om tussen te komen in de procedure voor de
homologatie van het plan van gerechtelijke reorganisatie. homologatie van het plan van gerechtelijke reorganisatie.
B.8.3. De werknemer die wegens een herstructurering van het personeel B.8.3. De werknemer die wegens een herstructurering van het personeel
om economische redenen wordt ontslagen vóór het vonnis tot opening van om economische redenen wordt ontslagen vóór het vonnis tot opening van
de procedure van gerechtelijke reorganisatie, beschikt, op grond van de procedure van gerechtelijke reorganisatie, beschikt, op grond van
de in artikel 2 van de in het geding zijnde wet gegeven definities, de in artikel 2 van de in het geding zijnde wet gegeven definities,
over een schuldvordering in de opschorting; bij ontstentenis van een over een schuldvordering in de opschorting; bij ontstentenis van een
bijzonder voorrecht is die schuldvordering een gewone schuldvordering bijzonder voorrecht is die schuldvordering een gewone schuldvordering
in de opschorting. in de opschorting.
Het gegeven dat die schuldvordering gewoon is, heeft evenwel geen Het gegeven dat die schuldvordering gewoon is, heeft evenwel geen
gevolgen voor het dwingende karakter van het gehomologeerde plan van gevolgen voor het dwingende karakter van het gehomologeerde plan van
gerechtelijke reorganisatie; artikel 57 van de in het geding zijnde gerechtelijke reorganisatie; artikel 57 van de in het geding zijnde
wet bepaalt immers dat de homologatie van dat plan een dwingend wet bepaalt immers dat de homologatie van dat plan een dwingend
karakter heeft ten aanzien van alle schuldeisers in de opschorting, karakter heeft ten aanzien van alle schuldeisers in de opschorting,
ongeacht of die al dan niet gewoon zijn. ongeacht of die al dan niet gewoon zijn.
B.8.4. In tegenstelling tot wat de Ministerraad aanvoert, is het dus B.8.4. In tegenstelling tot wat de Ministerraad aanvoert, is het dus
niet artikel 19, eerste lid, 3°bis, van de hypotheekwet van 16 niet artikel 19, eerste lid, 3°bis, van de hypotheekwet van 16
december 1851 dat ten grondslag ligt aan het bekritiseerde verschil in december 1851 dat ten grondslag ligt aan het bekritiseerde verschil in
behandeling ten aanzien van het dwingende karakter van het behandeling ten aanzien van het dwingende karakter van het
reorganisatieplan. reorganisatieplan.
B.9.1. Het feit dat de schuldvordering al dan niet wordt onderworpen B.9.1. Het feit dat de schuldvordering al dan niet wordt onderworpen
aan mogelijke verminderingen en in de tijd gespreide aan mogelijke verminderingen en in de tijd gespreide
betalingsmodaliteiten waarin het plan van gerechtelijke reorganisatie betalingsmodaliteiten waarin het plan van gerechtelijke reorganisatie
voorziet, houdt zijnerzijds verband met de inhoud van het voorziet, houdt zijnerzijds verband met de inhoud van het
reorganisatieplan. reorganisatieplan.
Het reorganisatieplan geeft de betalingstermijnen en de verminderingen Het reorganisatieplan geeft de betalingstermijnen en de verminderingen
op de schuldvorderingen in de opschorting aan, onverminderd de op de schuldvorderingen in de opschorting aan, onverminderd de
mogelijkheid te voorzien in een gedifferentieerde regeling voor mogelijkheid te voorzien in een gedifferentieerde regeling voor
bepaalde categorieën van schuldvorderingen, op grond van de omvang of bepaalde categorieën van schuldvorderingen, op grond van de omvang of
de aard ervan (artikel 49, eerste lid, van de WCO). de aard ervan (artikel 49, eerste lid, van de WCO).
De schuldvorderingen in de opschorting die hun grondslag vinden in een De schuldvorderingen in de opschorting die hun grondslag vinden in een
arbeidsovereenkomst, waaronder die gekoppeld aan een compenserende arbeidsovereenkomst, waaronder die gekoppeld aan een compenserende
opzeggingsvergoeding, kunnen dus, wegens de aard ervan, het voorwerp opzeggingsvergoeding, kunnen dus, wegens de aard ervan, het voorwerp
uitmaken van een bijzondere regeling in het plan van gerechtelijke uitmaken van een bijzondere regeling in het plan van gerechtelijke
reorganisatie. reorganisatie.
B.9.2. Wanneer de compenserende opzeggingsvergoeding van de werknemer B.9.2. Wanneer de compenserende opzeggingsvergoeding van de werknemer
die is ontslagen vóór het vonnis tot opening van de procedure van die is ontslagen vóór het vonnis tot opening van de procedure van
gerechtelijke reorganisatie een gewone schuldvordering in de gerechtelijke reorganisatie een gewone schuldvordering in de
opschorting is, betekent die kwalificatie dus niet dat de belangen van opschorting is, betekent die kwalificatie dus niet dat de belangen van
de werknemers niet in aanmerking zullen worden genomen in de de werknemers niet in aanmerking zullen worden genomen in de
modaliteiten van het plan van gerechtelijke reorganisatie, in het modaliteiten van het plan van gerechtelijke reorganisatie, in het
licht van het door de in het geding zijnde wet nagestreefde doel van licht van het door de in het geding zijnde wet nagestreefde doel van
continuïteit. continuïteit.
B.9.3. Het feit dat de schuldvordering in de opschorting van een B.9.3. Het feit dat de schuldvordering in de opschorting van een
werknemer die is ontslagen vóór het vonnis tot opening van de werknemer die is ontslagen vóór het vonnis tot opening van de
reorganisatieprocedure kan worden verminderd of onderworpen aan reorganisatieprocedure kan worden verminderd of onderworpen aan
betalingstermijnen, vindt zijn oorsprong dus in de mogelijkheid, betalingstermijnen, vindt zijn oorsprong dus in de mogelijkheid,
bepaald in artikel 49 van de WCO, om te voorzien in een vermindering bepaald in artikel 49 van de WCO, om te voorzien in een vermindering
van alle schuldvorderingen in de opschorting, zonder dat de van alle schuldvorderingen in de opschorting, zonder dat de
schuldvorderingen in de opschorting die voortvloeien uit een schuldvorderingen in de opschorting die voortvloeien uit een
arbeidsovereenkomst aan die mogelijkheid van vermindering ontsnappen. arbeidsovereenkomst aan die mogelijkheid van vermindering ontsnappen.
Hiermee heeft de wetgever gekozen voor een principiële gelijkheid Hiermee heeft de wetgever gekozen voor een principiële gelijkheid
onder schuldeisers in de opschorting. onder schuldeisers in de opschorting.
Het Hof moet zich niet uitspreken over de vraag of de ontstentenis van Het Hof moet zich niet uitspreken over de vraag of de ontstentenis van
een onderscheid onder bepaalde schuldvorderingen in de opschorting een onderscheid onder bepaalde schuldvorderingen in de opschorting
bestaanbaar is met de artikelen 10 en 11 van de Grondwet. bestaanbaar is met de artikelen 10 en 11 van de Grondwet.
B.9.4. De wet van 27 mei 2013 heeft in de WCO een artikel 49/1, vierde B.9.4. De wet van 27 mei 2013 heeft in de WCO een artikel 49/1, vierde
lid, ingevoegd, dat bepaalt : lid, ingevoegd, dat bepaalt :
« Het plan kan geen vermindering of kwijtschelding bevatten van « Het plan kan geen vermindering of kwijtschelding bevatten van
schuldvorderingen die zijn ontstaan uit vóór de opening van de schuldvorderingen die zijn ontstaan uit vóór de opening van de
procedure verrichte arbeidsprestaties ». procedure verrichte arbeidsprestaties ».
Het feit dat die bepaling, vanaf de inwerkingtreding van de wet van 27 Het feit dat die bepaling, vanaf de inwerkingtreding van de wet van 27
mei 2013, voorziet in een bijzondere bescherming ten aanzien van mei 2013, voorziet in een bijzondere bescherming ten aanzien van
sommige schuldvorderingen in de opschorting, in de context van een sommige schuldvorderingen in de opschorting, in de context van een
algemene aanpassing van de WCO, maakt het evenmin mogelijk te algemene aanpassing van de WCO, maakt het evenmin mogelijk te
besluiten dat de in het geding zijnde bepalingen, in de versie ervan besluiten dat de in het geding zijnde bepalingen, in de versie ervan
die van toepassing is voor de verwijzende rechter, de artikelen 10 en die van toepassing is voor de verwijzende rechter, de artikelen 10 en
11 van de Grondwet schenden. 11 van de Grondwet schenden.
B.10.1. Artikel 35, § 2, voorziet in de mogelijkheid voor de B.10.1. Artikel 35, § 2, voorziet in de mogelijkheid voor de
schuldenaar om te beslissen de lopende overeenkomsten niet langer uit schuldenaar om te beslissen de lopende overeenkomsten niet langer uit
te voeren voor de duur van de opschorting; artikel 35, § 2, derde lid, te voeren voor de duur van de opschorting; artikel 35, § 2, derde lid,
in de versie die van toepassing is voor de verwijzende rechter, in de versie die van toepassing is voor de verwijzende rechter,
voorziet evenwel erin dat de mogelijkheid voor de schuldenaar om de voorziet evenwel erin dat de mogelijkheid voor de schuldenaar om de
lopende overeenkomsten niet langer uit te voeren voor de duur van de lopende overeenkomsten niet langer uit te voeren voor de duur van de
opschorting, niet van toepassing is op de arbeidsovereenkomsten. opschorting, niet van toepassing is op de arbeidsovereenkomsten.
In de parlementaire voorbereiding wordt in dat verband uiteengezet : In de parlementaire voorbereiding wordt in dat verband uiteengezet :
« Vooreerst is te wijzen op de mogelijkheid voor de onderneming in « Vooreerst is te wijzen op de mogelijkheid voor de onderneming in
moeilijkheden, voorzien in artikel 26 van het wetsvoorstel, om lopende moeilijkheden, voorzien in artikel 26 van het wetsvoorstel, om lopende
overeenkomsten te beëindigen, zelfs bij gebreke van wanprestatie van overeenkomsten te beëindigen, zelfs bij gebreke van wanprestatie van
zijn kant. Deze mogelijkheid, die bestaat ongeacht de hoedanigheid van zijn kant. Deze mogelijkheid, die bestaat ongeacht de hoedanigheid van
de ondernemer als schuldenaar of schuldeiser, moet de reorganiserende de ondernemer als schuldenaar of schuldeiser, moet de reorganiserende
onderneming toelaten zich te ontdoen van onrendabele of verlieslatende onderneming toelaten zich te ontdoen van onrendabele of verlieslatende
overeenkomsten en de continuïteit van de activiteit te vrijwaren. De overeenkomsten en de continuïteit van de activiteit te vrijwaren. De
schadevergoeding waartoe de beëindiging ten gunste van de tegenpartij schadevergoeding waartoe de beëindiging ten gunste van de tegenpartij
aanleiding geeft, valt binnen de opschorting, en kan bijgevolg het aanleiding geeft, valt binnen de opschorting, en kan bijgevolg het
voorwerp uitmaken van een onderhandelde reductie in herstelplan. De voorwerp uitmaken van een onderhandelde reductie in herstelplan. De
uitzondering hierop ten voordele van arbeidsovereenkomsten is uitzondering hierop ten voordele van arbeidsovereenkomsten is
gerechtvaardigd in een perspectief van sociale bescherming » (Parl. gerechtvaardigd in een perspectief van sociale bescherming » (Parl.
St., Kamer, 2008-2009, DOC 52-0160/005, p. 90). St., Kamer, 2008-2009, DOC 52-0160/005, p. 90).
Uit de beoogde bepaling vloeit voort dat de opschorting geen motief Uit de beoogde bepaling vloeit voort dat de opschorting geen motief
vormt dat het mogelijk maakt de uitvoering van een arbeidsovereenkomst vormt dat het mogelijk maakt de uitvoering van een arbeidsovereenkomst
op te schorten, zodat die onderworpen blijft aan de regels van het op te schorten, zodat die onderworpen blijft aan de regels van het
gemeen recht. gemeen recht.
B.10.2. Hoewel, zoals de verzoekende rechter oordeelt, een B.10.2. Hoewel, zoals de verzoekende rechter oordeelt, een
compenserende opzeggingsvergoeding wegens een ontslag waartoe de compenserende opzeggingsvergoeding wegens een ontslag waartoe de
werkgever tijdens de opschorting heeft beslist geen schuldvordering in werkgever tijdens de opschorting heeft beslist geen schuldvordering in
de opschorting vormt, aangezien zij niet kon worden beoogd door de de opschorting vormt, aangezien zij niet kon worden beoogd door de
opschorting en haar grondslag niet vindt in de procedure van opschorting en haar grondslag niet vindt in de procedure van
gerechtelijke reorganisatie, betekent het feit dat die schuldvordering gerechtelijke reorganisatie, betekent het feit dat die schuldvordering
niet in de opschorting is dat de houder ervan niet zal worden niet in de opschorting is dat de houder ervan niet zal worden
belemmerd in de uitoefening van zijn middelen tot tenuitvoerlegging belemmerd in de uitoefening van zijn middelen tot tenuitvoerlegging
tegen de schuldenaar, of zal zijn gebonden door de modaliteiten van tegen de schuldenaar, of zal zijn gebonden door de modaliteiten van
het gehomologeerde plan van gerechtelijke reorganisatie; die het gehomologeerde plan van gerechtelijke reorganisatie; die
kwalificatie betekent evenwel niet dat de houder van die kwalificatie betekent evenwel niet dat de houder van die
schuldvordering noodzakelijkerwijs integraal en zonder schuldvordering noodzakelijkerwijs integraal en zonder
betalingstermijn door de onderneming in moeilijkheden zal worden betalingstermijn door de onderneming in moeilijkheden zal worden
betaald. betaald.
B.11. De prejudiciële vraag dient ontkennend te worden beantwoord. B.11. De prejudiciële vraag dient ontkennend te worden beantwoord.
Om die redenen, Om die redenen,
het Hof het Hof
zegt voor recht : zegt voor recht :
De artikelen 2, c) tot e), 35, § 2, en 57 van de wet van 31 januari De artikelen 2, c) tot e), 35, § 2, en 57 van de wet van 31 januari
2009 betreffende de continuïteit van de ondernemingen, vóór de 2009 betreffende de continuïteit van de ondernemingen, vóór de
wijziging ervan bij de wet van 27 mei 2013 tot wijziging van wijziging ervan bij de wet van 27 mei 2013 tot wijziging van
verschillende wetgevingen inzake de continuïteit van de ondernemingen, verschillende wetgevingen inzake de continuïteit van de ondernemingen,
schenden de artikelen 10 en 11 van de Grondwet niet. schenden de artikelen 10 en 11 van de Grondwet niet.
Aldus uitgesproken in het Frans en het Nederlands, overeenkomstig Aldus uitgesproken in het Frans en het Nederlands, overeenkomstig
artikel 65 van de bijzondere wet van 6 januari 1989 op het artikel 65 van de bijzondere wet van 6 januari 1989 op het
Grondwettelijk Hof, op de openbare terechtzitting van 21 november Grondwettelijk Hof, op de openbare terechtzitting van 21 november
2013. 2013.
De griffier, De griffier,
P.-Y. Dutilleux P.-Y. Dutilleux
De voorzitter, De voorzitter,
J. Spreutels J. Spreutels
^