Etaamb.openjustice.be
Ministerieel Besluit van 21 november 2005
gepubliceerd op 19 december 2005

Ministerieel besluit tot benoeming van de leden en tot wijziging van het huishoudelijk reglement van de Raad voor Dierenwelzijn

bron
federale overheidsdienst volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu
numac
2005023053
pub.
19/12/2005
prom.
21/11/2005
ELI
eli/besluit/2005/11/21/2005023053/staatsblad
staatsblad
http://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body.(...)
Document Qrcode

21 NOVEMBER 2005. - Ministerieel besluit tot benoeming van de leden en tot wijziging van het huishoudelijk reglement van de Raad voor Dierenwelzijn


De Minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid, Gelet op de wet van 14 augustus 1986 betreffende de bescherming en het welzijn der dieren, inzonderheid op artikel 31 gewijzigd bij de wet van 22 december 2003;

Gelet op het koninklijk besluit van 7 oktober 2002 tot regeling van de samenstelling en de werking van de Raad door Dierenwelzijn, inzonderheid op de artikelen 2, 3 en 4, Besluit :

Artikel 1.Worden benoemd tot leden van de Raad voor Dierenwelzijn : 1° als vertegenwoordiger van de v.z.w. « Nationale Raad voor Dierenbescherming » : de heer Raoul HENS 2° als vertegenwoordiger van de v.z.w. « Nationale Vereniging voor Dierenbescherming » : de heer Georges POTELLE 3° als vertegenwoordiger van de v.z.w. « GAIA » : de heer Michel VANDENBOSCH 4° als vertegenwoordiger van de v.z.w. « Koninklijk Belgisch Verbond voor de Bescherming van de Vogels » : Mevr. Jacqueline VANDERVELDEN 5° als vertegenwoordiger van de Stichting Prins Laurent » : barones Janine DELRUELLE 6° als vertegenwoordiger van de v.z.w. « Animaux en péril » : de heer Jean-Marc MONTEGNIES 7° als vertegenwoordiger van de v.z.w. « Dieren in Nood » : Mevr. Sonia VAN TICHELEN 8° als vertegenwoordiger van de v.z.w. « Belgische beroepsfederatie van handelaars in vogels, gezelschapsdieren en toebehoren » (ANDIBEL) : de heer Léonard MONAMI 9° als vertegenwoordiger van de v.z.w. « Nationale Raad voor Dierenkwekers en liefhebbers » : de heer Roger VANLOOK 10° als vertegenwoordiger van v.z.w. « Koninklijke Maatschappij Sint-Hubertus » : de heer Fred DENAYER 11° als vertegenwoordiger van de Nationale Landbouwraad : de heer Paul DE WINTER 12° als vertegenwoordiger van het Onderzoeks-en Informatiecentrum van de Verbruikersorganisaties (OIVO) : Mevr.Muriel PIAZZA 13° als vertegenwoordiger van de V.Z.W. « Union Professionnelle Vétérinaire » : de heer Philippe BOGAERTS in afwisseling met de v.z.w « Vlaamse Dierenartsen Vereniging » : Mevr. Sylvia. GOFFIN 14° als vertegenwoordiger van de V.Z.W. « Dierenartsen Belangen - Interêts Vétérinaires » : de heer Miguel STEVENS

Art. 2.Worden benoemd tot plaatsvervangende leden van de Raad voor Dierenwelzijn : 1° als vertegenwoordiger van de v.z.w. « Nationale Raad voor Dierenbescherming » : de heer Marc BOUSSY 2° als vertegenwoordiger van de v.z.w. « Nationale Vereniging voor Dierenbescherming » : de heer Karel VOGELAAR 3° als vertegenwoordiger van de v.z.w. « GAIA » : Mevr. Ann DE GREEF 4° als vertegenwoordiger van de v.z.w. « Koninklijk Belgisch Verbond voor de Bescherming van de Vogels » : de heer André MARDULYN 5° als vertegenwoordiger van de « Stichting Prins Laurent » : de heer Renaud KLEE 6° als vertegenwoordiger van de v.z.w. « Animaux en péril » : Mevr. Véronique GOETHALS 7° als vertegenwoordiger van de v.z.w. « Dieren in Nood » : de heer Patrick VERBELEN 8° als vertegenwoordiger van de v.z.w. « Belgische beroepsfederatie van handelaars in vogels, gezelschapsdieren en toebehoren » (ANDIBEL) : de heer Johan VAN DER HEYDEN 9° als vertegenwoordiger van de v.z.w. « Nationale Raad voor Dierenkwekers en liefhebbers » : Mevr. Sonja SAUWENS 10° als vertegenwoordiger van v.z.w. « Koninklijke Maatschappij Sint-Hubertus » : de heer Norman DESCHUIMERE 11° als vertegenwoordiger van de Nationale Landbouwraad : de heer Alain DE BRUYN 12° als vertegenwoordiger van het Onderzoeks- en Informatiecentrum van de Verbruikersorganisaties (OIVO) : de heer Rob RENAERTS 13° als vertegenwoordiger van de v.z.w. « Union Professionnelle Vétérinaire » : de heer Olivier BERTRAND 14° als vertegenwoordiger van de V.Z.W. « Dierenartsen Belangen - Interêts Vétérinaires » : Mevr. Catherine MARICQ

Art. 3.Worden benoemd als wetenschappelijke deskundigen en leden van de stuurgroep : de heer Jean-Marie GIFFROY de heer Frank ÖDBERG de heer Rony GEERS de heer Dirk LIPS de heer Marc VANDENHEEDE

Art. 4.De heer J.-M. Giffroy wordt benoemd tot voorzitter van de Raad. De heren Frank ÖDBERG en Dirk LIPS worden benoemd tot ondervoorzitters van de Raad.

Art. 5.De bijlage bij het koninklijk besluit van 7 oktober 2002 tot regeling van de samenstelling en de werking van de Raad voor Dierenwelzijn wordt vervangen door de bijlage bij dit besluit.

Art. 6.Het ministerieel besluit van 5 maart 2003 tot benoeming van de leden van de Raad voor Dierenwelzijn wordt opgeheven.

Brussel, 21 november 2005.

Bijlage tot vervanging van bijlage van het koninklijk besluit van 7 oktober 2002 gewijzigd door het koninklijk besluit van 20 juli 2004 tot regeling van de samenstelling en de werking van de Raad voor Dierenwelzijn Huishoudelijk reglement van de Raad voor Dierenwelzijn

Artikel 1.De Raad wordt belast met het geven van advies aangaande de zaken waarvan het onderzoek aan hem werd toevertrouwd door de Minister of de Dienst en kan aan deze voorstellen doen.

Art. 2.§ 1. De stuurgroep van de Raad staat in voor het dagelijks bestuur van de Raad. Hij onderzoekt de vragen die hem voorgelegd worden. Hij mag deze vragen onmiddellijk beantwoorden wanneer hem dat uitdrukkelijk gevraagd wordt, zoniet plaatst hij ze op de dagorde van de Raad. Hij stelt de plaats, de dag en het uur van de vergadering vast. Hij stelt eveneens de dagorde vast. § 2. Wanneer ten minste één vierde van de leden van de Raad erom verzoekt, is hij gehouden de Raad binnen de dertig dagen bijeen te roepen en de punten die in het verzoek tot bijeenroeping zijn opgegeven op de dagorde te plaatsen.

Art. 3.De voorzitter of in opdracht, de ondervoorzitter of de Dienst, roept de leden van de Raad ten minste veertien dagen vóór de vergadering op per gewone brief, per telefax of per elektronische post met ontvangstmelding.

De uitnodiging vermeldt de punten die op de dagorde staan. De leden mogen vragen bijkomende punten op de dagorde te plaatsen op voorwaarde dat deze, minstens acht dagen vóór de dag van de vergadering, bezorgd worden aan de voorzitter, met een toegevoegde nota met toelichting.

Het voorstel van aanpassing van de dagorde wordt daarop door de voorzitter verstuurd naar de leden.

Art. 4.In dringende gevallen wordt de termijn van oproeping bedoeld bij artikel 3 verminderd tot vijf dagen. In dit geval worden de oproeping en de dagorde telefonisch medegedeeld aan de leden door de voorzitter of, in opdracht, door de ondervoorzitter of de Dienst. De oproeping moet bevestigd worden per brief, per fax of per elektronische post.

Art. 5.De voorzitter opent en sluit de vergaderingen van de Raad en van de stuurgroep. Hij leidt de besprekingen.

Art. 6.De beslissingen van de stuurgroep worden genomen in onderlinge overeenkomst.

Wanneer de stuurgroep, overeenkomstig artikel 2 van dit reglement, een advies geeft zonder hierover de Raad te consulteren, zal duidelijk aangegeven worden dat het gaat om een advies van de stuurgroep en niet van de Raad. Verder zal de stuurgroep de Raad achteraf inlichten over het gegeven advies.

Art. 7.De Raad beraadslaagt op geldige wijze als de meerderheid van zijn leden aanwezig is. Is die meerderheid niet aanwezig dan kan de Raad na een nieuwe bijeenroeping op geldige wijze over hetzelfde onderwerp beraadslagen, ongeacht het aantal aanwezige leden.

Art. 8.Van de beraadslagingen van de Raad wordt door de Dienst een verslag gemaakt. De Raad probeert zijn adviezen bij consensus te beslissen, anders worden meerderheid- en minderheidstandpunten in de notulen opgenomen.

Art. 9.De Dienst staat de stuurgroep bij in zijn administratieve taken. Hij wijst de vertegenwoordigers aan om deel te nemen aan de stuurgroep en de werkgroepen en het secretariaat te verzekeren.

Art. 10.§ 1. De stuurgroep evalueert de relevantie om een werkgroep samen te stellen om een bepaald probleem te bestuderen. Hij wijst onder zijn leden of de leden van de Raad, een coördinator voor deze werkgroep aan. Deze kan noch vóór noch tijdens zijn mandaat standpunten innemen die onverenigbaar zijn met de objectiviteit die nodig is voor de leiding van de werkgroep. § 2. Een dergelijke werkgroep bestaat met inbegrip van de coördinator, uit ten hoogste 10 personen al dan niet lid van de Raad. § 3. Bij de samenstelling van de werkgroepen, zal de coördinator ervoor zorgen dat de deelnemers, voorgedragen door de verenigingen voor dierenbescherming en deze voorgedragen door de verenigingen voor de gebruikers en fokkers van dieren, niet onevenredig vertegenwoordigd zijn. § 4. Deze werkgroep moet vertegenwoordigers omvatten van het geheel van de personen die bij de door de werkgroep behandelde problematiek betrokken zijn en moet evenveel Nederlandstalige als Franstalige leden omvatten. § 5. De coördinator legt zijn voorstel van samenstelling van een werkgroep voor aan de stuurgroep ter goedkeuring. § 6. De voorzitter van de Raad kan alle werkgroepen bijwonen. § 7. Iedere werkgroep kan ook deskundigen die geen lid van de raad zijn, raadplegen. De coördinator kijkt toe op de vertrouwelijkheid van de bespreking ook in deze omstandigheden. § 8. De werkgroep tracht tot besluiten te komen bij consensus van al zijn leden. Als dit resultaat kan niet bereikt worden, stelt de coördinator de conclusies van de werkzaamheden op; dit is het standpunt dat hem het best lijkt het welzijn van de dieren en de bezorgdheid van de maatschappij te beantwoorden. Hij verplicht de leden van de werkgroep die deze conclusies niet goedvinden, om een gemotiveerd aanvullend advies op te stellen wie in bijlage zal samengevoegd worden. § 9. Die besluiten worden door de coördinator voorgesteld aan de stuurgroep die het goedkeurt of beslist dat bijkomende adviezen nodig zijn. Zodra goedgekeurd, wordt het verslag door de Voorzitter aan de Raad voorgelegd. § 10. In zoverre de Raad kan gebruik maken van de hulp van wetenschappelijke adviseurs die onderzoek verrichten, kan de stuurgroep deze personen inzetten voor de voorbereiding van dossiers die als basis voor de discussie van de werkgroepen zullen dienen. Deze dossiers die onder de supervisie van de coördinator worden voorbereid, zullen de beschikbare wetenschappelijke kennis en het overzicht van de wetgevingen in toepassing in andere landen omvatten. Deze dossiers zullen dan door de adviseur aan de werkgroep voorgelegd worden. De coördinator kan hem uitnodigen om in de vergaderingen van de werkgroep te zetelen.

Art. 11.Bij het begin van elke vergadering keurt de Raad de dagorde en de notulen van de vorige vergadering goed.

De Raad kan niet beraadslagen over punten die niet voorkomen op de goedgekeurde dagorde.

Art. 12.De Raad, de stuurgroep en de werkgroepen vergaderen met gesloten deuren in de lokalen van de zetel van de Raad. De besprekingen en de verslagen zijn vertrouwelijk.

Art. 13.Teneinde de sereniteit van de debatten te waarborgen, moeten de leden en de verenigingen die in een werkgroep vertegenwoordigd zijn, vermijden om de overheid te bevragen over een onderwerp dat binnen de groep wordt besproken. In geval van niet-naleving van deze clausule, kan de stuurgroep het lid uitsluiten en tot zijn vervanging overgaan.

Art. 14.Voor alles wat niet in dit reglement is bepaald, past de Raad de gewone voor beraadslagende vergadering geldende regels toe.

Art. 15.Wanneer de Raad voor dierenwelzijn wordt verzocht om vertegenwoordigd te worden in andere comités of raadgevende organen, legt de stuurgroep een voorstel voor aan de Raad die het met meerderheid van stemmen goedkeurt. In geval van niet goedkeuring, dient de stuurgroep een nieuw voorstel in.

Gezien om te worden gevoegd bij Ons besluit van 21 november 2005.

De Minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid, R. DEMOTTE

^