Etaamb.openjustice.be
Ministerieel Besluit van 10 oktober 2006
gepubliceerd op 13 november 2006

Ministerieel besluit tot goedkeuring van het huishoudelijk reglement van de Hoge Raad voor Normalisatie

bron
federale overheidsdienst economie, k.m.o., middenstand en energie
numac
2006011450
pub.
13/11/2006
prom.
10/10/2006
ELI
eli/besluit/2006/10/10/2006011450/staatsblad
staatsblad
https://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body(...)
Document Qrcode

10 OKTOBER 2006. - Ministerieel besluit tot goedkeuring van het huishoudelijk reglement van de Hoge Raad voor Normalisatie


De Minister van Economie, Gelet op de wet van 3 april 2003 betreffende de normalisatie, inzonderheid op het artikel 28;

Overwegende dat de Hoge Raad voor Normalisatie zijn huishoudelijk reglement heeft goedgekeurd op 12 september 2006, Besluit :

Artikel 1.Het huishoudelijk reglement van de Hoge Raad voor Normalisatie, toegevoegd in de bijlage van dit besluit, wordt goedgekeurd.

Art. 2.Dit besluit heeft uitwerking met ingang van 12 september 2006.

Brussel, 10 oktober 2006.

M. VERWILGHEN

Bijlage HOGE RAAD VOOR NORMALISATIE Huishoudelijk reglement HOOFDSTUK I. - Definities

Artikel 1.In de zin van dit reglement wordt verstaan onder : De wet : de wet van 3 april 2003 betreffende de normalisatie.

De Raad : De Hoge Raad voor Normalisatie opgericht krachtens hoofdstuk IV van de wet.

De effectieve en plaatsvervangende leden : de effectieve en de plaatsvervangende leden zoals beoogd in artikel 22 van de wet.

De FOD Economie : de Federale Overheidsdienst Economie, K.M.O., Middenstand en Energie.

Het secretariaat : het secretariaat van de Raad dat door de FOD Economie wordt waargenomen overeenkomstig het artikel 27 van de wet. HOOFDSTUK II. - Voorzitter en vice-voorzitter

Art. 2.De voorzitter wordt door de Koning benoemd overeenkomstig het art. 23 van de wet.

Art. 3.De leden kiezen een vice-voorzitter onder hun effectieve leden die tot de wetenschappelijke middens behoren.

Art. 4.Bij verhindering van de voorzitter wordt de Raad voorgezeten door de vice-voorzitter of bij diens afwezigheid vervangen door het oudste aanwezige effectieve lid.

Art. 5.De voorzitter vertegenwoordigt de Raad met betrekking tot zijn externe relaties. Hij kan zich in deze taak door één of meerdere leden laten bijstaan of vervangen.

De effectieve leden en de plaatsvervangende leden hebben de morele plicht zich naar de buitenwereld te onthouden van alle mededelingen die de werking van de Raad schade zouden kunnen berokkenen. Zonder de toestemming van de voorzitter kunnen zij namens de Raad geen mededelingen doen. HOOFDSTUK III. - Vergaderingen en uitnodigingen voor de vergaderingen

Art. 6.De voorzitter roept de Raad bij elkaar, hetzij uit eigen initiatief, hetzij op vraag van de Minister van Economie, hetzij wanneer vier effectieve leden die minstens tot twee verschillende groepen behoren daarom verzoeken.

Art. 7.De Raad komt minstens drie keer per jaar bij elkaar.

Art. 8.De uitnodiging wordt minstens tien dagen vóór de vergadering van de Raad toegestuurd. De datum van een vergadering wordt zoveel mogelijk vastgelegd tijdens de voorafgaande vergadering. De uitnodiging vermeldt de plaats, de datum en het uur van de vergadering, alsook de diverse punten die op de dagorde staan.

Behoudens dringende gevallen waarvan de beoordeling aan de voorzitter wordt overgelaten, worden de eventuele werkdocumenten met betrekking tot de punten van de dagorde samen met de uitnodiging toegestuurd.

Art. 9.De voorzitter stelt de agenda vast. Een punt kan op vraag van één of meerdere leden op de agenda van de volgende vergadering worden geplaatst.

Niettemin kan de Raad, in geval van hoogdringendheid en op voorstel van de voorzitter, beraadslagen over punten die niet op de dagorde voorkomen.

Art. 10.De uitnodigingen en de begeleidende documenten worden aan de leden en de plaatsvervangende leden toegestuurd.

De plaatsvervangende leden worden uitgenodigd aan de vergaderingen van de Raad deel te nemen, onverminderd de bepalingen voorzien in de artikelen 11 en 12. HOOFDSTUK IV. - Plaatsvervanging

Art. 11.Ieder effectief lid van de Raad kan zich laten vervangen door een plaatsvervangend lid dat behoort tot de groep waarvan hij deel uitmaakt. In dat geval deelt het effectief lid voor de vergadering het secretariaat de naam mee van de persoon die hem vervangt. Dit plaatsvervangend lid heeft op dat ogenblik en alleen in dat geval stemrecht.

Art. 12.Een plaatsvervangend lid kan in geen enkel geval tijdens dezelfde vergadering meerdere effectieve leden vervangen. HOOFDSTUK V. - Aanwezigheid op de zittingen

Art. 13.De Raad kan alleen geldig beraadslagen indien ten minste de helft van de stemgerechtigde leden aanwezig zijn.

Art. 14.Indien de helft van de stemgerechtigde leden niet aanwezig zijn, kan de voorzitter een nieuwe vergadering vaststellen zonder rekening te houden met de in artikel 8 vastgestelde termijnen.

Na deze tweede oproeping kan de Raad geldig beraadslagen ongeacht het aantal aanwezige leden. HOOFDSTUK VI. - Wijze van vergaderen

Art. 15.De voorzitter waakt over de organisatie van de vergaderingen en over het goede verloop ervan. Hij kan deze schorsen voor zover hij dit noodzakelijk acht.

De voorzitter is verantwoordelijk voor de regelmatigheid van de stemming. De stemming gebeurt bij handopsteken. Op verzoek van een lid kan overgegaan worden tot een geheime stemming.

Art. 16.Indien de meerderheid van de aanwezige leden daarom verzoekt of op initiatief van de voorzitter kan de stemming eveneens schriftelijk en op naam worden uitgevoerd.

Art. 17.De stemming gebeurt bij enkelvoudige meerderheid van het aantal aanwezige leden. De stem van de Voorzitter is beslissend in geval van gelijkheid van stemmen.

Art. 18.Op voorstel van de voorzitter kan de Raad de bespreking van sommige punten van de dagorde uitstellen, de spreektijd beperken of de vergadering besluiten zonder alle punten van de dagorde te hebben behandeld.

Art. 19.De voorzitter kan op eigen of op gemotiveerd verzoek externe experten uitnodigen om aan de besprekingen van een punt van de dagorde deel te nemen. Zij zijn voor dat punt van de dagorde als waarnemer aanwezig. HOOFDSTUK VII. - Secretariaat

Art. 20.Het secretariaat is belast met het intern beheer en de administratieve taken van de Raad.

Het waakt over het meedelen en het toezenden van de uitnodigingen, van de verslagen en de adviezen.

Art. 21.Het secretariaat neemt op vraag van de voorzitter aan de vergaderingen deel en maakt onder de verantwoordelijkheid van de voorzitter de notulen van de vergaderingen op.

Art. 22.Het secretariaat is belast met de vertaling in het Frans en het Nederlands van de notulen van de vergaderingen en van de adviezen van de Raad.

Gezien om te worden gevoegd bij het ministerieel besluit van 10 oktober 2006 tot goedkeuring van het huishoudelijk reglement van de Hoge Raad voor Normalisatie.

De Minister van Economie, M. VERWILGHEN

^