Etaamb.openjustice.be
Ministerieel Besluit van 04 februari 2004
gepubliceerd op 12 maart 2004

Ministerieel besluit tot wijziging van het ministerieel besluit van 31 augustus 1993 tot vaststelling van de veterinairrechtelijke voorschriften voor het handelsverkeer en de invoer van dieren, sperma, eicellen en embryo's, van soorten waarvoor ten aanzien van de veterinairrechtelijke voorschriften geen specifieke reglementering is opgesteld, als bedoeld in bijlage III, A, van het koninklijk besluit van 31 december 1992 betreffende de veterinaire en zoötechnische controles, die van toepassing zijn op het intracommunautaire handelsverkeer van sommige levende dieren en producten

bron
federale overheidsdienst volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu
numac
2004022131
pub.
12/03/2004
prom.
04/02/2004
ELI
eli/besluit/2004/02/04/2004022131/staatsblad
staatsblad
https://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body(...)
Document Qrcode

4 FEBRUARI 2004. - Ministerieel besluit tot wijziging van het ministerieel besluit van 31 augustus 1993 tot vaststelling van de veterinairrechtelijke voorschriften voor het handelsverkeer en de invoer van dieren, sperma, eicellen en embryo's, van soorten waarvoor ten aanzien van de veterinairrechtelijke voorschriften geen specifieke reglementering is opgesteld, als bedoeld in bijlage III, A, van het koninklijk besluit van 31 december 1992 betreffende de veterinaire en zoötechnische controles, die van toepassing zijn op het intracommunautaire handelsverkeer van sommige levende dieren en producten


De Minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid, Gelet op de dierengezondheidswet van 24 maart 1987, gewijzigd bij de wetten van 29 december 1990, 20 juli 1991, 6 augustus 1993, 21 december 1994, 20 december 1995, 23 maart 1998 en 5 februari 1999;

Gelet op de wet van 14 augustus 1986 betreffende de bescherming en het welzijn der dieren, gewijzigd door de wetten van 26 maart 1993 en 4 mei 1995;

Gelet op de wet van 28 maart 1975 inzake de handel in landbouw-, tuinbouw- en zeevisserijproducten, gewijzigd bij de wetten van 11 april 1983, 29 december 1990, 5 februari 1999 en door het koninklijk besluit van 25 oktober 1995;

Gelet op de wet van 4 februari 2000 houdende oprichting van het Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen, gewijzigd bij de wet van 13 juli 2001, en zijn toepassingsbesluiten;

Gelet op het koninklijk besluit van 23 mei 2001 houdende oprichting van de Federale Overheidsdienst Volksgezondheid, Veiligheid van de Voedselketen en Leefmilieu, gewijzigd bij het koninklijk besluit van 5 september 2002;

Gelet op de Richtlijn 92/65/EEG van de Raad van 13 juli 1992 tot vaststelling van de veterinairrechtelijke voorschriften voor het handelsverkeer en de invoer in de Gemeenschap van dieren, sperma, eicellen en embryo's waarvoor ten aanzien van de veterinairrechtelijke voorschriften geen specifieke communautaire regelgeving als bedoeld in bijlage A, onder I, van Richtlijn 90/425/EEG, geldt;

Gelet op de Verordening 1282/2002 van de Commissie van 15 juli 2002 houdende wijziging van de bijlagen bij Richtlijn 92/65/EEG van de Raad tot vaststelling van de veterinairrechtelijke voorschriften voor het handelsverkeer en de invoer inde Gemeenschap van dieren, sperma, eicellen en embryo's waarvoor ten aanzien van de veterinairrechtelijke voorschriften geen specifieke communautaire regelgeving als bedoeld in bijlage A, onder I, van Richtlijn 90/425/EEG, verbeterd door de Verordening 1802/2002;

Gelet op de Verordening 1398/2003 van de Commissie van 5 augustus 2003 tot wijziging van bijlage A bij Richtlijn 92/65/EEG van de Raad, teneinde hierin de kleine bijenkastkever (Aethina tumida), de tropilaelapsmijt (Tropilaelaps spp.), Ebola en apenpokken op te nemen;

Gelet op het ministerieel besluit van 31 augustus 1993 tot vaststelling van de veterinairrechtelijke voorschriften voor het handelsverkeer en de invoer van dieren, sperma, eicellen en embryo's, van soorten waarvoor ten aanzien van de veterinairrechtelijke voorschriften geen specifieke reglementering is opgesteld, als bedoeld in bijlage III, A, van het koninklijk besluit van 31 december 1992 betreffende de veterinaire en zootechnische controles, die van toepassing zijn op het intracommunautaire handelsverkeer van sommige levende dieren en producten, gewijzigd bij het ministerieel besluit van 25 juli 1995, inzonderheid artikel 12;

Gelet op de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, inzonderheid op artikel 3, § 1 vervangen bij de wet van 4 juli 1989 en gewijzigd bij de wet van 4 augustus 1996;

Gelet op de dringende noodzakelijkheid;

Overwegende dat bij Verordening 1282/2002/EG gewijzigd bij Verordening 1802/2002/EG,de voorwaarden voor de erkenning van instellingen, instituten of centra werden verduidelijkt en in deze voorwaarden quarantainevoorschriften werden opgenomen;

Overwegende dat in deze verordeningen tevens een certificaat voor de handel in betrokken dieren werd vastgesteld en de lijst van de ziekten waarvoor een aangifteplicht geldt werd verduidelijkt;

Overwegende dat de Verordening 1398/2003/EG op haar beurt de lijst van de verplicht aan te geven ziekten wijzigt;

Overwegende dat het noodzakelijk is onverwijld de wetgeving aan te passen, Besluit :

Artikel 1.Artikel 2, punt 2 van het ministerieel besluit van 31 augustus 1993, tot vaststelling van de veterinairrechtelijke voorschriften voor het handelsverkeer en de invoer van dieren, sperma, eicellen en embryo's, van soorten waarvoor ten aanzien van de veterinairrechtelijke voorschriften geen specifieke reglementering is opgesteld, als bedoeld in bijlage III, A, van het koninklijk besluit van 31 december 1992 betreffende de veterinaire en zootechnische controles, die van toepassing zijn op het intracommunautaire handelsverkeer van sommige levende dieren en producten, wordt vervangen door de volgende bepaling : « 2. Erkende Instelling, Instituut of Centrum : - elke dierentuin, erkend overeenkomstig de bepalingen van het koninklijk besluit van 10 augustus 1998 betreffende de erkenning van dierentuinen, - elk laboratorium, elke toeleverende instelling en fokinstelling waar dieren worden gehouden en erkend overeenkomstig de bepalingen van het koninklijk besluit van 14 november 1993 betreffende de bescherming van proefdieren, - elke permanente installatie geografisch begrensd en erkend door de Dienst overeenkomstig de bepalingen van artikel 15, § 2 van dit besluit en die deelneemt aan een, door de Dienst erkend kweekprogramma, instandhoudings-programma of enig ander verantwoord gebruik. ».

Art. 2.Bijlage II van hetzelfde besluit wordt vervangen door bijlage I van dit besluit.

Art. 3.Bijlage IV van hetzelfde besluit wordt vervangen door bijlage II van dit besluit.

Art. 4.Bijlage VIII van hetzelfde besluit wordt vervangen door bijlage III. van dit besluit.

Art. 5.Dit besluit treedt in werking de dag waarop het in het Belgisch Staatsblad wordt bekendgemaakt.

Brussel, 4 februari 2004.

R. DEMOTTE

Bijlage I bij het ministerieel besluit van 4 februari 2004 tot wijziging van het ministerieel besluit van 31 augustus 1993 tot vaststelling van de veterinairrechtelijke voorschriften voor het handelsverkeer en de invoer van dieren, sperma, eicellen en embryo's, van soorten waarvoor ten aanzien van de veterinairrechtelijke voorschriften geen specifieke reglementering is opgesteld, als bedoeld in bijlage III, A, van het koninklijk besluit van 31 december 1992 betreffende de veterinaire en zootechnische controles, die van toepassing zijn op het intracommunautaire handelsverkeer van sommige levende dieren en producten. « Bijlage II bij het ministerieel besluit van 31 augustus 1993 tot vaststelling van de veterinairrechtelijke voorschriften voor het handelsverkeer en de invoer van dieren, sperma, eicellen en embryo's, van soorten waarvoor ten aanzien van de veterinairrechtelijke voorschriften geen specifieke reglementering is opgesteld, als bedoeld in bijlage III, A, van het koninklijk besluit van 31 december 1992 betreffende de veterinaire en zootechnische controles, die van toepassing zijn op het intracommunautaire handelsverkeer van sommige levende dieren en producten.

Op basis van dit huidige besluit, verplicht aan te geven ziekten, zonder afbreuk te doen aan de bepalingen van het koninklijk besluit van 25 april 1988 en van ket koninklijk besluit van 15 maart 1995 tot aanwijzing van de dierenziekten die vallen onder de toepassing van hoofdstuk III van de dierengezondheidswet van 24 maart 1987.

Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld Gezien om te worden gevoegd bij het ministerieel besluit van 4 februari 2004.

De Minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid, R. DEMOTTE

Bijlage II bij het ministerieel besluit van 4 februari 2004 tot wijziging van het ministerieel besluit van 31 augustus 1993 tot vaststelling van de veterinairrechtelijke voorschriften voor het handelsverkeer en de invoer van dieren, sperma, eicellen en embryo's, van soorten waarvoor ten aanzien van de veterinairrechtelijke voorschriften geen specifieke reglementering is opgesteld, als bedoeld in bijlage III, A, van het koninklijk besluit van 31 december 1992 betreffende de veterinaire en zootechnische controles, die van toepassing zijn op het intracommunautaire handelsverkeer van sommige levende dieren en producten. « Bijlage IV bij het ministerieel besluit van 31 augustus 1993 tot vaststelling van de veterinairrechtelijke voorschriften voor het handelsverkeer en de invoer van dieren, sperma, eicellen en embryo's, van soorten waarvoor ten aanzien van de veterinairrechtelijke voorschriften geen specifieke reglementering is opgesteld, als bedoeld in bijlage III, A, van het koninklijk besluit van 31 december 1992 betreffende de veterinaire en zootechnische controles, die van toepassing zijn op het intracommunautaire handelsverkeer van sommige levende dieren en producten.

Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld Gezien om te worden gevoegd bij het ministerieel besluit van 4 februari 2004.

De Minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid, R. DEMOTTE

Bijlage III bij het ministerieel besluit van 4 februari 2004 tot wijziging van het ministerieel besluit van 31 augustus 1993 tot vaststelling van de veterinairrechtelijke voorschriften voor het handelsverkeer en de invoer van dieren, sperma, eicellen en embryo's, van soorten waarvoor ten aanzien van de veterinairrechtelijke voorschriften geen specifieke reglementering is opgesteld, als bedoeld in bijlage III, A, van het koninklijk besluit van 31 december 1992 betreffende de veterinaire en zootechnische controles, die van toepassing zijn op het intracommunautaire handelsverkeer van sommige levende dieren en producten. « Bijlage VIII bij het ministerieel besluit van 31 augustus 1993 tot vaststelling van de veterinairrechtelijke voorschriften voor het handelsverkeer en de invoer van dieren, sperma, eicellen en embryo's, van soorten waarvoor ten aanzien van de veterinairrechtelijke voorschriften geen specifieke reglementering is opgesteld, als bedoeld in bijlage III, A, van het koninklijk besluit van 31 december 1992 betreffende de veterinaire en zootechnische controles, die van toepassing zijn op het intracommunautaire handelsverkeer van sommige levende dieren en producten.

VOORWAARDEN VOOR DE ERKENNING VAN INSTELLINGEN, INSTITUTEN EN CENTRA 1. Om op grond van artikel 15, lid 2, 1° van dit besluit officieel te worden erkend, moet een instelling, instituut of centrum als omschreven in artikel 2, punt 2 : a) Duidelijk afgebakend en van de omgeving gescheiden zijn of moeten de dieren opgesloten zitten of zo gehuisvest zijn dat er geen enkel risico is voor landbouwbedrijven waarvan de gezondheidsstatus in het gedrang zou kunnen komen;b) beschikken over de nodige voorzieningen om dieren te vangen, op te sluiten en te isoleren, alsmede over quarantainevoorzieningen en erkende procedures voor dieren uit niet-erkende plaatsen van herkomst;c) vrij zijn van de in bijlage II genoemde ziekten en van de in bijlage III genoemde ziekten van dit besluit.Teneinde een instelling, instituut of centrum ziektevrij te kunnen verklaren,dient de bevoegde autoriteit de met betrekking tot de dierengezondheidsstatus geregistreerde gegevens over ten minste de voorbije drie jaar en de resultaten van de klinische onderzoeken en de laboratoriumtests die zijn verricht bij de dieren in de instelling,het instituut of het centrum, te evalueren. In afwijking hiervan kunnen evenwel nieuwe inrichtingen worden erkend wanneer de dieren die er verblijven, komen uit erkende inrichtingen; d) bijgewerkte gegevens registreren met betrekking tot : (i) het aantal en de identiteit (leeftijd, geslacht, soort en individuele identificatie voorzover dat mogelijk is) van alle dieren in de inrichting, per soort; (ii) het aantal en de identiteit van de dieren die in de inrichting worden binnengebracht of die de inrichting verlaten, samen met informatie over herkomst en bestemming, het vervoer van en naar de inrichting en de gezondheidsstatus van de dieren; (iii) de resultaten van bloedtests of van andere diagnostische procedures; (iv) ziektegevallen en, in voorkomend geval,de toegepaste behandeling; (v) de resultaten van de postmortem keuringen die zijn verricht bij dieren die in de inrichting zijn gestorven, met inbegrip van doodgeboren dieren; (vi) tijdens de isolatie- of quarantaineperiode gedane observaties; e) een overeenkomst hebben met een bevoegd laboratorium voor het verrichten van de postmortem keuringen, dan wel beschikken over één of meer daarvoor geschikte gebouwen waar de postmortem keuringen kunnen worden uitgevoerd door een bevoegd persoon onder de verantwoordelijkheid van de erkende dierenarts;f) de nodige afspraken hebben gemaakt of ter plaatse over de nodige voorzieningen beschikken voor het wegwerken van de karkassen van dieren die zijn gestorven als gevolg van een ziekte of die zijn geëuthanasieerd;g) ervoor zorgen dat, op grond van een contract of een ander rechtsgeldig instrument, een beroep kan worden gedaan op de diensten van een dierenarts die is erkend door en wordt gecontroleerd door de bevoegde autoriteit en die : (i) mutatis mutandis voldoet aan de eisen die zijn vastgesteld in artikel 14,lid 3,onder b), van Richtlijn 64/432/EEG; (ii) er op toeziet dat adequate maatregelen inzake toezicht en controle op ziekten worden goedgekeurd door de bevoegde autoriteit en worden toegepast in de instelling, het instituut of het centrum. Deze maatregelen omvatten : - een jaarprogramma inzake ziektebewaking,in het kader waarvan de dieren onder meer op adequate wijze worden gecontroleerd op zoönosen, - klinisch onderzoek,laboratoriumtests en postmortem keuringen bij dieren waarvan vermoed wordt dat ze met een overdraagbare ziekte zijn besmet - indien nodig, vaccinatie van gevoelige dieren tegen besmettelijke ziekten, overeenkomstig de communautaire regelgeving; (iii) er op toeziet dat elk verdacht overlijden of de aanwezigheid van enig ander symptoom waaruit zou kunnen blijken dat dieren met één of meer van de in de bijlagen II en III genoemde ziekten (*) zijn besmet,onverwijld bij de bevoegde autoriteit wordt gemeld; (iv) er op toeziet dat alle binnengebrachte dieren indien nodig worden geïsoleerd overeenkomstig de bepalingen van deze richtlijn en de eventueel door de bevoegde autoriteit gegeven instructies; (v) verantwoordelijk is voor de dagelijkse naleving van de veterinairrechtelijke voorschriften van dit besluit en van alle communautaire regelgeving inzake het welzijn van dieren tijdens vervoer en het wegwerken van dierlijke afvallen;h) wanneer er proefdieren worden gehouden,voldoen aan het bepaalde in artikel 5 van het koninklijk besluit van 14 november 1993 betreffende de bescherming van de proefdieren.2. De erkenning blijft behouden als aan de volgende eisen wordt voldaan : a) de inrichting staat onder de controle van een officiële dierenarts van de bevoegde autoriteit, die : (i) de instelling, het instituut of het centrum ten minste eens per jaar bezoekt; (ii) een audit instelt naar de werkzaamheden van de erkende dierenarts en naar de toepassing van het jaarprogramma inzake ziektebewaking; (iii) erop toeziet dat aan de bepalingen van dit besluit wordt voldaan; b) de binnengebrachte dieren zijn afkomstig uit andere erkende instellingen, instituten of centra, overeenkomstig het bepaalde in dit besluit;c) de officiële dierenarts ziet erop toe dat : - aan het bepaalde in dit besluit is voldaan, - uit de resultaten van het klinisch onderzoek, de postmortem keuring en de laboratoriumtests die bij de dieren zijn verricht, geen besmetting met één van de in de bijlagen II en III genoemde ziekten is gebleken (*);d) de instelling, het instituut of het centrum bewaart de in punt 1, onder d), genoemde gegevens, na goedkeuring, gedurende ten minste tien jaar.3. In afwijking van het bepaalde in artikel 7, lid 1,van dit besluit en punt 2, onder b), van deze bijlage, mogen dieren, met inbegrip van apen (simiae en prosimiae), die niet afkomstig zijn uit een erkende instelling,een erkend instituut of een erkend centrum,toch worden binnengebracht in een erkende instelling, een erkend instituut of een erkend centrum, op voorwaarde dat de dieren onder officiële controle en volgens de instructies van de bevoegde autoriteit in quarantaine worden geplaatst voordat zij aan het bestaande dierenbestand worden toegevoegd. Met betrekking tot apen (simiae en prosimiae) moeten de in de Internationale Diergezondheidscode van het OIE (hoofdstuk 2.10.1 en aanhangsel 3.5.1) vastgestelde quarantainevoorschriften in acht worden genomen.

Voor andere dieren die in quarantaine worden geplaatst overeenkomstig het bepaalde in dit punt, bedraagt de quarantaineperiode ten minste 30 dagen voor de in bijlage II (*) genoemde ziekten. 4. Dieren die in een erkende instelling, een erkend instituut of een erkend centrum worden gehouden, mogen die inrichting slechts verlaten indien zij bestemd zijn voor een erkende instelling,een erkend instituut of een erkend centrum in die lidstaat of in een andere lidstaat;indien zij niet bestemd zijn voor een erkende instelling, een erkend instituut of een erkend centrum, mogen zij die inrichting slechts verlaten met inachtneming van de voorschriften van de bevoegde autoriteit, teneinde elk risico voor mogelijke verspreiding van een ziekte te vermijden. 5. Voor het geheel of gedeeltelijk schorsen, het intrekken of het opnieuw verlenen van de erkenning gelden de volgende procedures : a) wanneer de bevoegde autoriteit van oordeel is dat niet aan het bepaalde in punt 2 is voldaan of dat het gebruiksdoel is gewijzigd waardoor het niet langer onder toepassing valt van artikel 2 van dit besluit,wordt de erkenning geschorst of ingetrokken;b) wanneer aangifte wordt gedaan van een vermoedelijke besmetting met een van de in de bijlagen II en III genoemde ziekten (*), schorst de bevoegde autoriteit de erkenning van de instelling, het instituut of het centrum totdat het vermoeden officieel is weerlegd.Naar gelang van de betrokken ziekte en het risico voor verspreiding ervan, kan de schorsing betrekking hebben op de inrichting als geheel, dan wel op bepaalde categorieën dieren die gevoelig zijn voor de betrokken ziekte. De bevoegde autoriteit ziet erop toe dat de nodige maatregelen worden getroffen om het vermoeden te bevestigen of te weerleggen en om verspreiding van de ziekte tegen te gaan, overeenkomstig de communautaire regelgeving inzake maatregelen die moeten worden genomen tegen de betrokken ziekte en inzake het handelsverkeer van dieren; c) wanneer het vermoeden wordt bevestigd, kan de instelling, het instituut of het centrum pas opnieuw worden erkend zodra, nadat de ziekte en de besmettingsbron zijn uitgeroeid en de nodige reinigings- en ontsmettingswerkzaamheden zijn verricht, weer wordt voldaan aan de voorwaarden die zijn vastgelegd in punt 1 van deze bijlage, met uitzondering van het bepaalde onder c) ;d) de bevoegde autoriteit stelt de Commissie in kennis van de schorsing,de intrekking of het opnieuw verlenen van de erkenning van een instelling,een instituut of een centrum.» Gezien om te worden gevoegd bij het ministerieel besluit van 4 maart 2004.

De Minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid, R. DEMOTTE _______ Nota's (*) Voor de ziekten in bijlage III bedoeld in het koninklijk besluit van 25 april 1988 tot aanwijziging van de dierenziekten die vallen onder de toepassing van hoofdstuk III van de dierengezondheidswet van 24 maart 1987.

^