Etaamb.openjustice.be
Koninklijk Besluit van 22 april 1999
gepubliceerd op 04 mei 1999

Koninklijk besluit tot vaststelling van het bedrag van de presentiegelden die kunnen worden toegekend aan de raadsheren en rechters sociale zaken en aan de rechters in handelszaken

bron
ministerie van justitie
numac
1999009511
pub.
04/05/1999
prom.
22/04/1999
ELI
eli/besluit/1999/04/22/1999009511/staatsblad
staatsblad
https://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body(...)
links
Raad van State (chrono)
Document Qrcode

22 APRIL 1999. - Koninklijk besluit tot vaststelling van het bedrag van de presentiegelden die kunnen worden toegekend aan de raadsheren en rechters sociale zaken en aan de rechters in handelszaken


ALBERT II, Koning der Belgen, Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.

Gelet op artikel 356 van het Gerechtelijk Wetboek;

Gelet op het advies van de Inspectie van Financiën, gegeven op 21 april 1998;

Gelet op het akkoord van Onze Minister van Ambtenarenzaken, gegeven op 1 april 1999;

Gelet op het akkoord van Onze Minister van Begroting, gegeven op 1 april 1999;

Gelet op de wetten op de Raad van State, gecoördinneerd op 12 januari 1973, inzonderheid op artikel 3, § 1, vervangen door de wet van 4 juli 1989 en gewijzigd bij de wet van 4 augustus 1996;

Gelet op de dringende noodzakelijkheid;

Overwegende dat het noodzakelijk is onverwijld de bedragen van de presentiegelden van de raadsheren en de rechters in sociale zaken en de rechters in handelszaken, die sinds 1970 niet werden aangepast aan de levensduurte, te herwaarderen;

Overwegende dat de eruit voortvloeiende aanpassingen absoluut noodzakelijk zijn om de normale werking van de betreffende gerechten niet in het gedrang te brengen;

Op de voordracht van Onze Minister van Justitie en Onze Minister van Tewerkstelling en Arbeid, Hebben Wij besloten en besluiten Wij :

Artikel 1.Overeenkomstig artikel 356 van het Gerechtelijk Wetboek wordt aan de raadsheer in sociale zaken, de rechter in sociale zaken en de rechter in handelszaken een presentiegeld toegekend vastgesteld als volgt : - raadsheer in sociale zaken : 2 461 frank; - rechter in sociale zaken : 1 644 frank; - rechter in handelszaken : 1 644 frank.

Art. 2.De bedragen bedoeld in artikel 1 worden toegekend per terechtzittingsdag of per terechtzitting van ten minste drie uren.

Art. 3.De mobiliteitsregeling die geldt voor de wedden van het personeel der ministeries, geldt ook voor de presentiegelden bedoeld in artikel 1. Ze worden aan het spilindexcijfer 138,01 gekoppeld.

Art. 4.Het koninklijk besluit van 29 oktober 1970 tot vaststelling van het presentiegeld toe te kennen aan de raadsheren en rechters in sociale zaken en aan de rechters in handelszaken wordt opgeheven met ingang van 1 december 1998.

Art. 5.Dit besluit heeft uitwerking met ingang van 1 december 1998.

Art. 6.Onze Minister van Justitie is belast met de uitvoering van dit besluit.

Gegeven te Brussel, 22 april 1999.

ALBERT Van Koningswege : De Minister van Tewerkstelling en Arbeid, Mevr. M. SMET De Minister van Justitie, T. VAN PARYS

^