Etaamb.openjustice.be
Koninklijk Besluit van 20 januari 2019
gepubliceerd op 04 februari 2019

Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 108/2 van 24 juli 2018, gesloten in de Nationale Arbeidsraad, tot aanpassing van de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 108 van 16 juli 2013 betreffende de tijdelijk arbeid en de uitzendarbeid

bron
federale overheidsdienst werkgelegenheid, arbeid en sociaal overleg
numac
2018015419
pub.
04/02/2019
prom.
20/01/2019
ELI
eli/besluit/2019/01/20/2018015419/staatsblad
staatsblad
https://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body(...)
links
Raad van State (chrono)
Document Qrcode

20 JANUARI 2019. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 108/2 van 24 juli 2018, gesloten in de Nationale Arbeidsraad, tot aanpassing van de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 108 van 16 juli 2013 betreffende de tijdelijk arbeid en de uitzendarbeid (1)


FILIP, Koning der Belgen, Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.

Gelet op de wet van 5 december 1968Relevante gevonden documenten type wet prom. 05/12/1968 pub. 22/05/2009 numac 2009000346 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de collectieve arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten betreffende de collectieve arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel 28;

Gelet op het verzoek van de Nationale Arbeidsraad;

Op de voordracht van de Minister van Werk, Hebben Wij besloten en besluiten Wij :

Artikel 1.Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst 108/2 van 24 juli 2018, gesloten in de Nationale Arbeidsraad, tot aanpassing van de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 108 van 16 juli 2013 betreffende de tijdelijk arbeid en de uitzendarbeid.

Art. 2.De minister bevoegd voor Werk is belast met de uitvoering van dit besluit.

Gegeven te Brussel, 20 januari 2019.

FILIP Van Koningswege : De Minister van Werk, K. PEETERS _______ Nota (1) Verwijzing naar het Belgisch Staatsblad : Wet van 5 december 1968Relevante gevonden documenten type wet prom. 05/12/1968 pub. 22/05/2009 numac 2009000346 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de collectieve arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969. Bijlage Nationale Arbeidsraad Collectieve arbeidsovereenkomst nr. 108/2 van 24 juli 2018 Aanpassing van de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 108 van 16 juli 2013 betreffende de tijdelijk arbeid en de uitzendarbeid (Overeenkomst geregistreerd op 7 november 2018 onder het nummer 148640/CO/300) Gelet op de wet van 5 december 1968Relevante gevonden documenten type wet prom. 05/12/1968 pub. 22/05/2009 numac 2009000346 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de collectieve arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités. - Officieuze coördinatie in het Duits sluiten betreffende de collectieve arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités;

Gelet op de wet van 3 juli 1978Relevante gevonden documenten type wet prom. 03/07/1978 pub. 03/07/2008 numac 2008000527 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de arbeidsovereenkomsten type wet prom. 03/07/1978 pub. 12/03/2009 numac 2009000158 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de arbeidsovereenkomsten sluiten betreffende de arbeidsovereenkomsten;

Gelet op de wet van 24 juli 1987Relevante gevonden documenten type wet prom. 24/07/1987 pub. 13/02/2007 numac 2007000038 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Wet betreffende de tijdelijke arbeid, de uitzendarbeid en het ter beschikking stellen van werknemers ten behoeve van gebruikers. - Duitse vertaling sluiten betreffende de tijdelijke arbeid, de uitzendarbeid en het ter beschikking stellen van werknemers ten behoeve van gebruikers;

Gelet op de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 108 van 16 juli 2013 betreffende de tijdelijke arbeid en de uitzendarbeid geregistreerd op 25 juli 2013 onder het nummer 116317/CO/300;

Overwegende dat de sociale partners overgegaan zijn tot de evaluatie van het gebruik van opeenvolgende dagcontracten voor uitzendarbeid overeenkomstig artikel 40 van de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 108 van 16 juli 2013;

Overwegende het advies nr. 2.091 van 24 juli 2018 betreffende de evaluatie van het gebruik van opeenvolgende dagcontracten voor uitzendarbeid;

Overwegende dat de sociale partners zich in het advies nr. 2.091 engageren om het oneigenlijk gebruik van opeenvolgende dagcontracten te bestrijden en vanaf 2018 te komen tot een aanzienlijke vermindering van het aandeel opeenvolgende dagcontracten in het totaal aantal uitzendcontracten. Daartoe wordt een globale, macro-economische vermindering van dit aandeel met 20 pct. gespreid over 2 jaar in 2018 en 2019 vooropgesteld en volgt er vanaf het 4de kwartaal 2018 een trimestriële schriftelijke rapportering van de RSZ-gegevens aan de sociale partners.

Overwegende dat de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 108 van 16 juli 2013 moet worden aangepast om de verwezenlijking van dit engagement mogelijk te maken;

Hebben de navolgende interprofessionele organisaties van werkgevers en van werknemers : - het Verbond van Belgische Ondernemingen; - de organisaties die de zelfstandigen en de kmo's vertegenwoordigen, die zijn erkend overeenkomstig de wet van 24 april 2014Relevante gevonden documenten type wet prom. 24/04/2014 pub. 10/06/2014 numac 2014011363 bron federale overheidsdienst economie, k.m.o., middenstand en energie Wet betreffende de organisatie van de vertegenwoordiging van de zelfstandigen en de kmo's sluiten betreffende de organisatie van de vertegenwoordiging van de zelfstandigen en de kmo's; - de Boerenbond; - "la Fédération wallonne de l'Agriculture"; - de Unie van de socialprofitondernemingen; - het Algemeen Christelijk Vakverbond van België; - het Algemeen Belgisch Vakverbond; - de Algemene Centrale der Liberale Vakbonden van België; op 24 juli 2018 in de Nationale Arbeidsraad de volgende collectieve arbeidsovereenkomst gesloten. HOOFDSTUK I. - Opeenvolgende dagcontracten voor uitzendarbeid

Artikel 1.In artikel 33 van de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 108 van 16 juli 2013 betreffende de tijdelijke arbeid en de uitzendarbeid wordt § 3 vervangen als volgt : " § 3. De nood aan flexibiliteit wordt door de gebruiker bewezen voor zover en in de mate dat het werkvolume bij de gebruiker afhankelijk is van externe factoren of het werkvolume sterk fluctueert of gekoppeld is aan de aard van de opdracht.".

Art. 2.Artikel 34 van dezelfde overeenkomst wordt vervangen als volgt : "

Art. 34.§ 1. De ondernemingsraad of, bij ontstentenis van een ondernemingsraad, de vakbondsafvaardiging, wordt elk semester door de gebruiker geïnformeerd over het gebruik van opeenvolgende dagcontracten voor uitzendarbeid.

In dit kader wordt één keer bij het begin van elk semester volgende informatie van het afgelopen semester ter beschikking gesteld van de ondernemingsraad of, bij ontstentenis van een ondernemingsraad, de vakbondsafvaardiging, ongeacht de concrete datum van het sociaal overleg : 1° Gedetailleerde informatie over het gebruik van opeenvolgende dagcontracten : - Het aantal opeenvolgende dagcontracten in voorgaand semester - Het aantal uitzendkrachten dat in voorgaand semester met een opeenvolgend dagcontract werd tewerkgesteld.2° Het door de gebruiker volgens artikel 33 aan te leveren bewijs voor de nood aan flexibiliteit om gebruik te maken van opeenvolgende dagcontracten, wordt statistisch onderbouwd en kan aangevuld worden met elementen die aantonen dat de gebruiker alternatieven heeft onderzocht voor het gebruik van opeenvolgende dagcontracten.3° Op uitdrukkelijk verzoek van de werknemersvertegenwoordigers van de ondernemingsraad, of bij ontstentenis, de vakbondsafvaardiging, worden deze geïnformeerd over het aantal uitzendkrachten per schijf van opeenvolgende dagcontracten. § 2. De ondernemingsraad of, bij ontstentenis van een ondernemingsraad, de vakbondsafvaardiging, wordt jaarlijks geraadpleegd over het gebruik van opeenvolgende dagcontracten voor uitzendarbeid en de motivatie om blijvend gebruik te maken van opeenvolgende dagcontracten. Deze informatie- en raadplegingsverplichting moet samenvallen met één van de twee semestriële informatieverstrekkingen zoals voorzien in § 1.

Commentaar Het aantal opeenvolgende dagcontracten moet proportioneel zijn ten opzichte van de aangetoonde nood aan flexibiliteit.

Het aantal uitzendkrachten per schijf van opeenvolgende dagcontracten wordt collectief en niet-nominatief meegedeeld. Het indicatief modelformulier dat als bijlage bij deze overeenkomst is gevoegd, kan hiervoor gebruikt worden. Indien gebruik wordt gemaakt van een bedrijfseigen systeem van informatieverstrekking moeten minstens de in het modelformulier opgenomen rubrieken worden weergegeven.

De informatie- en raadplegingsverplichting opgenomen in § 1 en § 2 heeft de bedoeling om het oneigenlijk gebruik van opeenvolgende dagcontracten te bestrijden.".

Art. 3.In artikel 36 van dezelfde overeenkomst worden volgende wijzigingen aangebracht : 1. § 1 wordt vervangen als volgt : " § 1 Dezelfde informatie zoals bepaald in artikel 34 van deze overeenkomst wordt voor elke betrokken gebruiker en volgens dezelfde periodiciteit door het Fonds voor bestaanszekerheid voor de uitzendkrachten ter beschikking gesteld van de representatieve werknemersorganisaties. Daartoe bezorgt elk uitzendkantoor de nodige gegevens aan het Fonds voor bestaanszekerheid voor de uitzendkrachten."; 2. § 2 wordt opgeheven;3. § 3 wordt § 2.

Art. 4.In artikel 40 van dezelfde overeenkomst wordt een tweede alinea ingevoegd, luidende : "Deze evaluatie gebeurt op basis van onder meer de trimestriële schriftelijke rapportering van de RSZ-gegevens aan de Nationale Arbeidsraad.".

Commentaar Om de naleving van het engagement van de sociale partners te beoordelen wordt voorzien in een trimestriële schriftelijke rapportering van de RSZ-gegevens aan de Nationale Arbeidsraad. HOOFDSTUK II. - Bijzondere bepaling

Art. 5.In afwijking van artikel 2 van deze overeenkomst, heeft de eerste informatieverstrekking vanaf de inwerkingtreding van deze overeenkomst betrekking op het vierde kwartaal van 2018.

Commentaar Wat betreft het ter beschikking stellen van informatie zoals bepaald in § 1 van het nieuwe artikel 34 van deze overeenkomst, heeft de eerste informatieverstrekking vanaf de inwerkingtreding van deze overeenkomst betrekking op het vierde kwartaal van 2018, gelet op de datum van inwerkingtreding van deze overeenkomst. HOOFDSTUK III. - Slotbepalingen

Art. 6.Deze overeenkomst is gesloten voor onbepaalde tijd. Zij treedt in werking op 1 oktober 2018.

Ze heeft dezelfde geldigheidsduur en kan volgens dezelfde termijnen en nadere regels worden herzien of opgezegd als de collectieve arbeidsovereenkomst die ze wijzigt. Zij kan op verzoek van de meest gerede ondertekenende partij geheel of gedeeltelijk worden herzien of opgezegd, met inachtneming van een opzeggingstermijn van zes maanden.

De organisatie die het initiatief tot herziening of opzegging neemt, moet in een gewone brief aan de voorzitter van de Nationale Arbeidsraad de redenen ervan aangeven en amendementsvoorstellen indienen. De andere organisaties verbinden er zich toe deze binnen een maand na ontvangst ervan in de Nationale Arbeidsraad te bespreken.

Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 20 januari 2019.

De Minister van Werk, K. PEETERS

Bijlage aan de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 108/2 van 24 juli 2018, gesloten in de Nationale Arbeidsraad, tot aanpassing van de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 108 van 16 juli 2013 betreffende de tijdelijk arbeid en de uitzendarbeid Indicatief modelformulier opeenvolgende dagcontracten per schijf (uitvoering artikel 34, § 1, 3° van de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 108)

Naam onderneming (gebruiker) :

Ondernemingsnummer :

Paritair comité(s) :

Periode (semester) :

Naam uitzendkantoor :

Erkenningsnummer :

Aantal uitzendkrachten met opeenvolgende dagcontracten (ODC) :

2 tot 15 ODC :

16 tot 30 ODC :

31 tot 45 ODC :

Meer dan 45 ODC :

In voorkomend geval :

Naam uitzendkantoor 2 :

Erkenningsnummer :

Aantal uitzendkrachten met opeenvolgende dagcontracten (ODC) :

2 tot 15 ODC :

16 tot 30 ODC :

31 tot 45 ODC :

Meer dan 45 ODC :


(...) Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 20 januari 2019.

De Minister van Werk, K. PEETERS

^