Etaamb.openjustice.be
Koninklijk Besluit van 17 september 2026
gepubliceerd op 30 september 2026

Koninklijk besluit tot vaststelling van de voorwaarden waaronder het Verzekeringscomité overeenkomsten kan sluiten met toepassing van artikel 56, § 2, 3° van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen gecoördineerd op 14 juli 1994 voor de tenlasteneming van de kosten voor de Belgische cartografie van de expertise in zeldzame ziekten en de zorgcoördinatie

bron
federale overheidsdienst sociale zekerheid
numac
2026006963
pub.
30/09/2026
prom.
17/09/2026
staatsblad
https://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body(...)
Document Qrcode

17 SEPTEMBER 2026. - Koninklijk besluit tot vaststelling van de voorwaarden waaronder het Verzekeringscomité overeenkomsten kan sluiten met toepassing van artikel 56, § 2, 3° van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen gecoördineerd op 14 juli 1994 voor de tenlasteneming van de kosten voor de Belgische cartografie van de expertise in zeldzame ziekten en de zorgcoördinatie


FILIP, Koning der Belgen, Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.

Gelet op de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen, gecoördineerd op 14 juli 1994, artikel 56, § 2, eerste lid, 3°, vervangen bij de wet van 10 augustus 2001Relevante gevonden documenten type wet prom. 10/08/2001 pub. 01/09/2001 numac 2001022579 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu Wet houdende maatregelen inzake gezondheidszorg type wet prom. 10/08/2001 pub. 07/09/2001 numac 2001022618 bron ministerie van sociale zaken, volksgezondheid en leefmilieu en ministerie van economische zaken Wet houdende de aanpassing van de arbeidsongevallenverzekering aan de Europese richtlijnen betreffende de directe verzekering met uitzondering van de levensverzekering sluiten en gewijzigd bij de wet van 7 februari 2014;

Gelet op het advies van de Commissie voor Begrotingscontrole, gegeven op 4 maart 2026;

Gelet op het advies van het Comité van de verzekering voor geneeskundige verzorging, gegeven op 9 maart 2026;

Gelet op het advies van de inspecteur van Financiën, gegeven op 8 juni 2026;

Gelet op de akkoordbevinding van de Minister van Begroting, gegeven op 17 juni 2026;

Gelet op het advies nr. 79.679/2/V van de Raad van State gegeven op 12 augustus 2026 met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 2°, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973.

Op de voordracht van de Minister van Sociale Zaken,

HOOFDSTUK I. - ALGEMENE BEPALINGEN

Artikel 1.Onder de voorwaarden van dit besluit kunnen overeenkomsten worden gesloten tussen het Comité van de verzekering voor geneeskundige verzorging ingesteld bij de Dienst voor geneeskundige verzorging van het Rijksinstituut voor ziekte- en invaliditeitsverzekering (hierna Verzekeringscomité genoemd) en de verplegingsinrichtingen erkend als functie zeldzame ziekten met het oog op de tenlasteneming van de kosten voor het opstellen en up-to-date houden van de Belgische cartografie van de expertise in zeldzame ziekten en van de functie van zorgcoördinator voor personen met een zeldzame ziekte.

Art. 2.Om in aanmerking te komen voor het sluiten van een overeenkomst moet een verplegingsinrichting erkend zijn als functie zeldzame ziekte in toepassing van het koninklijk besluit van 25 april 2014Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 25/04/2014 pub. 08/08/2014 numac 2014024248 bron federale overheidsdienst volksgezondheid, veiligheid van de voedselketen en leefmilieu Koninklijk besluit houdende vaststelling van de normen waaraan een functie `zeldzame ziekten' moet voldoen om te worden erkend en erkend te blijven sluiten houdende vaststelling van de normen waaraan een functie zeldzame ziekten moet voldoen om te worden erkend en erkend te blijven.

HOOFDSTUK II. - VERGOEDINGSVOORWAARDEN EN PROCEDURE

Art. 3.§ 1. De overeenkomst bedoeld in artikel 1 laat de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging toe om aan een verplegingsinrichting tegemoetkomingen te verlenen die betrekking hebben op: 1° het opstellen en up-to-date houden van een Belgische cartografie van de expertise in zeldzame ziekten;2° toegang te bieden tot zorgcoördinatie specifiek voor mensen met zeldzame ziekten, om zo de last voor mensen met een zeldzame ziekte en hun naasten te verlichten en een optimale tenlasteneming te garanderen. § 2. De overeenkomst bedoeld in artikel 1 bepaalt de nadere voorwaarden voor de uitvoering van de activiteiten vermeld in § 1. Zij omvat minstens bepalingen over de concrete opdrachten van de verplegingsinrichting, de organisatie van deze opdrachten, de wijze waarop de Belgische cartografie van de expertise in zeldzame ziekten wordt uitgewerkt, de wijze waarop de zorgcoördinatie voor personen met een zeldzame ziekte wordt georganiseerd en toegankelijk gemaakt, de rapportering over de uitgevoerde activiteiten, de bewijsstukken die de uitgaven staven en de modaliteiten voor opvolging en evaluatie.

Art. 4.§ 1. De uitgaven die voortvloeien uit de uitvoering van dit besluit worden aangerekend op de begroting van het Rijksinstituut voor Ziekte- en Invaliditeitsverzekering (RIZIV) en integraal ten laste genomen door de tak geneeskundige verzorging overeenkomstig artikel 56, § 2, tweede lid, van de wet betreffende de verplichte verzekering voor geneeskundige verzorging en uitkeringen gecoördineerd op 14 juli 1994. § 2. Het maximale jaarbudget voor de financiering van de zorgcoördinatie bedraagt 2.469.000 euro voor alle verplegingsinrichtingen samen die een overeenkomst hebben gesloten.

Dit bedrag wordt jaarlijks geïndexeerd overeenkomstig de indexeringsregeling betreffende de afgevlakte gezondheidsindex bepaald krachtens artikel 207bis van dezelfde wet.

Het budget bestemd voor de zorgcoördinatie zal worden verdeeld onder de verplegingsinrichtingen erkend als "functie zeldzame ziekten" volgens de verdeling bepaald in artikel 74 decies van het koninklijk besluit van 25 april 2002 betreffende de vaststelling en de vereffening van het budget van financiële middelen van de ziekenhuizen. § 3. In 2026 en 2027 is een bijkomende financiële tegemoetkoming voorzien van 200.000 euro per toegetreden verplegingsinrichting, als tegemoetkoming in de kosten voor de cartografie. Deze bedragen zijn niet indexeerbaar. § 4. De financiële tegemoetkomingen worden aan de toegetreden verplegingsinrichting toegekend binnen de grenzen van de beschikbare begrotingsmiddelen en volgens de bepalingen in de overeenkomst. Deze bepalingen omvatten onder meer de berekeningswijze van de tegemoetkoming, de betalingsschijven, de verantwoordingsstukken, de rapportering, de opvolging, de evaluatie, de controle op het gebruik van de middelen, de afrekening en de eventuele terugvordering van niet-verantwoorde bedragen. De naleving van deze bepalingen is vereist voor de uitbetaling en de afrekening van de tegemoetkoming.

Art. 5.Een verplegingsinrichting factureert noch aan de rechthebbende, noch aan de verzekeringsinstellingen of aan enige andere instantie, op basis van een andere reglementering dan dit besluit, de tegemoetkomingen en verstrekkingen die in het kader van of krachtens dit besluit worden vergoed.

Art. 6.§ 1. Voor de algemene opvolging van de uitvoering van de overeenkomsten bedoeld in artikel 1 wordt een Begeleidingscomité opgericht. Dit Begeleidingscomité is minstens samengesteld uit vertegenwoordigers van het Verzekeringscomité, van de Dienst voor geneeskundige verzorging van het RIZIV en van de verplegingsinrichtingen die een overeenkomst hebben gesloten overeenkomstig artikel 1. § 2. Het Begeleidingscomité ziet toe op de algemene uitvoering van de overeenkomsten en op de naleving van de voorwaarden bepaald in dit besluit, onder meer door het opvolgen van het jaarlijks activiteitenrapport en de financiële verslagen, onverminderd de specifieke rapporteringsverplichtingen bedoeld in artikel 7. § 3. Het Begeleidingscomité kan aanbevelingen formuleren aan het Verzekeringscomité over de uitvoering van de overeenkomst en over de opvolging van de naleving van de voorwaarden bedoeld in dit besluit.

De nadere regels inzake de samenstelling en de werking van het Begeleidingscomité worden bepaald in de overeenkomst, binnen de grenzen van dit besluit.

Art. 7.§ 1. De verplegingsinrichting verbindt er zich toe om een jaarlijks activiteitenrapport aan te leveren uiterlijk één maand na het verstrijken van een periode van één jaar vanaf de inwerkingtreding van de overeenkomst.

Dit rapport bevat minstens gegevens over de algemene organisatie en werking, de uitvoering van de opdrachten inzake cartografie en zorgcoördinatie, het aantal personen dat zorgcoördinatie ontvangt, de betrokken zeldzame ziekte of groep van zeldzame ziekten, de gerealiseerde uitgaven en de verantwoording ervan, met een onderscheid tussen cartografie en zorgcoördinatie, evenals een toelichting bij eventuele moeilijkheden, knelpunten en verbetermaatregelen bij de uitvoering van de overeenkomst.

De overeenkomst bepaalt de nadere inhoud van het activiteitenrapport, de vorm waarin het wordt bezorgd, de stukken die het rapport moeten staven en de termijnen waarbinnen het aan het Begeleidingscomité moet worden bezorgd. § 2. Het Begeleidingscomité onderzoekt het jaarlijks activiteitenrapport en kan de verplegingsinrichting om aanvullende informatie of verduidelijkingen verzoeken wanneer dit nodig is voor de opvolging van de uitvoering van de overeenkomst, de naleving van de voorwaarden van deze overeenkomst of de budgettaire opvolging. De Dienst voor geneeskundige verzorging legt het jaarlijks activiteitenrapport, in voorkomend geval samen met de aanbevelingen van het Begeleidingscomité, voor aan het Verzekeringscomité.

HOOFDSTUK III. - DUUR EN OPZEGBAARHEID

Art. 8.De overeenkomsten afgesloten in het kader van dit Besluit zullen afgesloten worden voor een periode van 2 werkingsjaren, één of meerdere keren verlengbaar.

Art. 9.De overeenkomst bevat een bepaling volgens welke elk van de ondertekende partijen van de overeenkomst de overeenkomst op elk moment kan opzeggen, mits inachtneming van een opzeggingstermijn van drie maanden.

HOOFDSTUK IV. - SLOTBEPALINGEN

Art. 10.Dit besluit treedt in werking de dag volgend op de bekendmaking ervan in het Belgisch Staatsblad.

Art. 11.De minister bevoegd voor Sociale Zaken is belast met de uitvoering van dit besluit.

Gegeven te Brussel, 17 september 2026.

FILIP Van Koningswege : De Minister van Sociale Zaken, F. VANDENBROUCKE


^