Etaamb.openjustice.be
Koninklijk Besluit van 12 maart 2000
gepubliceerd op 27 juni 2000

Koninklijk besluit houdende toekenning van de waardigheid van Eredeken van de Arbeid - België in het buitenland

bron
ministerie van tewerkstelling en arbeid, ministerie van buitenlandse zaken, buitenlandse handel en internationale samenwerking en ministerie van economische zaken
numac
2000011138
pub.
27/06/2000
prom.
12/03/2000
staatsblad
https://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body(...)
Document Qrcode

12 MAART 2000. - Koninklijk besluit houdende toekenning van de waardigheid van Eredeken van de Arbeid - België in het buitenland


ALBERT II, Koning der Belgen, Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.

Gelet op het besluit van de Regent van 12 november 1948, houdende nadere omschrijving van de officiële modellen der erekentekens van de Arbeid;

Gelet op het koninklijk besluit van 31 juli 1954, houdende goedkeuring der statuten van de Instelling van openbaar nut genoemd "Koninklijk Instituut der Eliten van de Arbeid van België, Albert I - Nationale Arbeidstentoonstellingen";

Gelet op het advies van het bevoegd Nationaal Comité, gegeven op 3 augustus 1999;

Gelet op het advies van de Commissaris-generaal der Regering bij het Koninklijk Instituut der Eliten van de Arbeid van België, gegeven op 11 oktober 1999;

Op de voordracht van Onze Vice-Eerste Minister en Minister van Werkgelegenheid, van Onze Vice-Eerste Minister en Minister van Buitenlandse Zaken en van Onze Minister van Economie, Hebben Wij besloten en besluiten Wij :

Artikel 1.De waardigheid van Eredeken van de Arbeid wordt toegekend aan de hieronder vermelde persoon, die geacht wordt de nodige hoedanigheden te bezitten om de tradities, alsmede het moreel en het sociaal aanzien van zijn beroep of functie te verpersoonlijken : Bamelis Pol, Leverkusen (Deutschland)

Art. 2.Deze opdracht wordt hem gegeven voor een termijn van vijf jaar. Zij kan een einde nemen vóór het verstrijken van die termijn, indien de titularis ophoudt zijn beroepsactiviteiten uit te oefenen.

Art. 3.Onze Minister tot wiens bevoegdheid Werkgelegenheid behoort, Onze Minister tot wiens bevoegdheid de Buitenlandse Zaken behoren en Onze Minister tot wiens bevoegdheid de Economische Zaken behoren zijn, ieder wat hem betreft, belast met de uitvoering van dit besluit.

Gegeven te Brussel, 12 maart 2000.

ALBERT Van Koningswege : De Vice-Eerste Minister en Minister van Werkgelegenheid, Mevr. L. ONKELINX De Vice-Eerste Minister en Minister van Buitenlandse Zaken, L. MICHEL De Minister van Economie en Wetenschappelijk Onderzoek, R. DEMOTTE

^