Etaamb.openjustice.be
Koninklijk Besluit van 12 december 2021
gepubliceerd op 21 december 2021

Koninklijk besluit tot wijziging van artikel 133 van het KB/WIB 92

bron
federale overheidsdienst financien
numac
2021043386
pub.
21/12/2021
prom.
12/12/2021
staatsblad
https://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body(...)
Document Qrcode

12 DECEMBER 2021. - Koninklijk besluit tot wijziging van artikel 133 van het KB/WIB 92


VERSLAG AAN DE KONING Sire, De belastingadministratie ziet zich regelmatig geconfronteerd met een problematische situatie waarbij zij een aanslag ten kohiere moeten brengen ten laste van een vennootschap, een vereniging of een stichting waarvan de vereffening gesloten is.

Sinds een arrest van het Hof van beroep van Antwerpen van 27 juni 2017, is onduidelijkheid ontstaan omtrent de vraag op wiens naam de aanslag ten kohiere moet worden gebracht in toepassing van art. 133, § 1, KB/WIB 92 wanneer deze aanslag: - betrekking heeft op een belastbaar tijdperk voorafgaand aan de sluiting van de vereffening van de vennootschap, de vereniging of de stichting; - maar nog moet gevestigd worden eens de vereffening van de vennootschap, de vereniging of de stichting zijnde de belastingplichtige, al is afgesloten.

Om deze onduidelijkheid te verhelpen, voegt dit koninklijk besluit een paragraaf 4 toe aan artikel 133 KB/WIB 92, waarin specifiek bepaald wordt op welke naam de aanslag in dat geval ten kohiere moet gebracht worden.

Door het sluiten van de vereffening houdt de vennootschap, de vereniging of de stichting in principe op te bestaan wat onder andere betekent dat ze geen vermogen en geen organen meer heeft.

Teneinde de rechten van de schuldeisers van de vereffende vennootschap, vereniging of stichting te beschermen, bepalen artikel 2:143, § 1, vijfde streepje en art. 2:143, § 2, tweede streepje, van het Wetboek van Vennootschappen en Verenigingen respectievelijk dat de vennootschap enerzijds en de vereniging en de stichting anderzijds nog gedurende vijf jaar na de bekendmaking van de sluiting van de vereffening in de bijlagen bij het Belgisch Staatsblad door haar schuldeisers kunnen worden aangesproken in de persoon van hun vereffenaar.

De vereffenaar kan krachtens die bepalingen door de schuldeisers van de vennootschap, de vereniging of de stichting slechts aangesproken worden in zijn hoedanigheid van vereffenaar, dat wil zeggen in zijn hoedanigheid van orgaan van de vennootschap, vereniging of stichting.

Dat de vereffenaar nog gedurende vijf jaar na de bekendmaking van de sluiting van de vereffening kan aangesproken worden als orgaan van de vennootschap, de vereniging of de stichting, impliceert dat de verdwijning van de rechtspersoon met de sluiting van de vereffening niet absoluut is. Gedurende deze periode van vijf jaar blijft de vennootschap, vereniging of stichting nog passief voortbestaan om te antwoorden op de vorderingen die de schuldeisers van de vennootschap, de vereniging of de stichting tegen haar instellen in de persoon van haar vereffenaar(s), en dit zolang de verjaring niet is bereikt door het verstrijken van vijf jaar, te rekenen vanaf de bekendmaking van de sluiting van de vereffening.

De nieuwe paragraaf 4, die toegevoegd wordt aan art. 133 KB/WIB 92 door dit koninklijk besluit, voorziet dan ook specifiek voor de aanslagen die nog moeten gevestigd worden ten laste van de belastingplichtige vennootschap, vereniging of stichting na de sluiting van haar vereffening dat deze ten kohiere gebracht worden op naam van de vennootschap, de vereniging of de stichting, zij het vertegenwoordigd door de vereffenaar(s) in die hoedanigheid, met andere woorden `qualitate qua'(q.q.).

Verder wordt de aandacht nog gevestigd op de volgende punten: Krachtens voormelde bepalingen uit het vennootschapsrecht kan de vereffenaar slechts in zijn hoedanigheid van vereffenaar van de vennootschap, de vereniging of de stichting worden aangesproken.

Aangezien het gaat om aanslagen gevestigd ten laste van de vennootschap, vereniging of stichting met betrekking tot belastbare tijdperken die de sluiting van de vereffening voorafgaan, staat de vereffenaar niet met zijn persoonlijke vermogen voor die schulden in, tenzij hij daarvoor aansprakelijk wordt gesteld. Deze formulering verandert de aansprakelijkheid van de vereffenaar niet.

Deze wijziging creëert geen enkele nieuwe verplichting in hoofde van de vereffenaar, zij preciseert enkel dat deze laatste vermeld wordt als vertegenwoordiger en dat de belastingadministratie zich tot hem richt wanneer de vereffening van de vennootschap, de vereniging of de stichting gesloten is.

Ik heb de eer te zijn, Sire, Van Uwe Majesteit, de zeer eerbiedige en zeer getrouwe dienaar, De Minister van Financiën, V. VAN PETEGHEM

ADVIES 70.288/3 VAN 8 NOVEMBER 2021 EEN ONTWERP VAN KONINKLIJK BESLUIT `TOT WIJZIGING VAN ARTIKEL 133 VAN HET KB/WIB 92' Op 11 oktober 2021 is de Raad van State, afdeling Wetgeving, door Minister van Financiën verzocht binnen een termijn van dertig dagen een advies te verstrekken over een ontwerp van koninklijk besluit `tot wijziging van artikel 133 van het KB/WIB 92'.

Het ontwerp is door de derde kamer onderzocht op 26 oktober 2021 . De kamer was samengesteld uit Wilfried Van Vaerenbergh, kamervoorzitter, Jeroen Van Nieuwenhove en Koen Muylle, staatsraden, Jan Velaers en Bruno Peeters, assessoren, en Astrid Truyens, griffier.

Het verslag is uitgebracht door Frédéric Vanneste, eerste auditeur.

De overeenstemming tussen de Franse en de Nederlandse tekst van het advies is nagezien onder toezicht van Wilfried Van Vaerenbergh, kamervoorzitter .

Het advies, waarvan de tekst hierna volgt, is gegeven op 8 november 2021. 1. Met toepassing van artikel 84, § 3, eerste lid, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, heeft de afdeling Wetgeving zich toegespitst op het onderzoek van de bevoegdheid van de steller van de handeling, van de rechtsgrond, alsmede van de vraag of aan de te vervullen vormvereisten is voldaan. Strekking en rechtsgrond van het ontwerp 2. Het voor advies voorgelegde ontwerp van koninklijk besluit strekt ertoe in artikel 133 van het koninklijk besluit van 27 augustus 1993Relevante gevonden documenten type koninklijk besluit prom. 27/08/1993 pub. 27/07/2015 numac 2015000371 bron federale overheidsdienst financien Koninklijk besluit tot uitvoering van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992. - Officieuze coördinatie in het Duits - Deel I sluiten `tot uitvoering van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992' (hierna: KB/WIB 92) een paragraaf 4 in te voegen die luidt: "Aanslagen ten laste van vereffende vennootschappen, vereffende verenigingen of vereffende stichtingen worden ten kohiere gebracht op naam van de vennootschap, vereniging of stichting, gevolgd door de woorden `vereffend, vertegenwoordigd door de vereffenaar(s) q.q.'." Op die wijze wordt een onduidelijkheid weggewerkt omtrent de vraag op wiens naam de aanslag ten kohiere moet worden gebracht met toepassing van artikel 133, § 1, van het KB/WIB 92, wanneer deze aanslag betrekking heeft op een belastbaar tijdperk voorafgaand aan de sluiting van de vereffening van de vennootschap, de vereniging of de stichting maar nog moet worden gevestigd wanneer de vereffening van de vennootschap, de vereniging of de stichting, zijnde de belastingplichtige, al is afgesloten.(1) Volgens het bij het ontwerp gevoegde verslag aan de Koning heeft deze wijziging geen gevolgen voor de aansprakelijkheid van de vereffenaar. 3. Rechtsgrond voor het ontwerp wordt geboden door artikel 300, § 1, van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992.Overeenkomstig deze bepaling regelt de Koning de wijze waarop men dient te handelen voor de aangiften, de opmaking en de kennisgeving van de kohieren, de betalingen en de kwijtschriften.

Vormvereisten 4. De ontworpen maatregel beoogt betwistingen omtrent de fiscale aanslag uit te sluiten door meer rechtszekerheid te creëren omtrent de wijze van inkohiering.Het ontworpen besluit kan bijgevolg worden beschouwd als een besluit waardoor rechtstreeks of onrechtstreeks de ontvangsten kunnen worden beïnvloed, in de zin van artikel 5, 2°, van het koninklijk besluit van 16 november 1994 `betreffende de administratieve en begrotingscontrole'. Bijgevolg dient overeenkomstig die bepaling met betrekking tot het ontworpen besluit het begrotingsakkoord te worden ingewonnen en dient overeenkomstig artikel 14, 1°, b), van hetzelfde besluit voorafgaandelijk het advies van de inspecteur van Financiën te worden ingewonnen.

Indien de aan de Raad van State voorgelegde tekst ten gevolge van het voormelde advies of akkoord nog wijzigingen zou ondergaan, (2) moeten de gewijzigde of toegevoegde bepalingen, ter inachtneming van het voorschrift van artikel 3, § 1, eerste lid, van de wetten op de Raad van State, aan de afdeling Wetgeving worden voorgelegd.

Onderzoek van de tekst Aanhef 5. Na het eerste lid dient een nieuw tweede lid te worden ingevoegd waarin wordt verwezen naar het te wijzigen KB/WIB 92.6. In de aanhef zal nog melding moeten worden gemaakt van het vervuld zijn van de hiervoor vermelde vormvereisten. De griffier, A. Truyens De voorzitter, W. Van Vaerenbergh _______ Nota's (1) Zie in dat verband: Antwerpen (burg.) (6e k.), arrest nr. 2015/AR/2498, 27 juni 2017. (2) Namelijk andere wijzigingen dan diegene waarvan in dit advies melding wordt gemaakt of wijzigingen die ertoe strekken tegemoet te komen aan hetgeen in dit advies wordt opgemerkt. 12 DECEMBER 2021. - Koninklijk besluit tot wijziging van artikel 133 van het KB/WIB 92 FILIP, Koning der Belgen, Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.

Gelet op het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992, artikel 300, § 1;

Gelet op het koninklijk besluit tot uitvoering van het Wetboek van de inkomstenbelastingen 1992, artikel 133;

Gelet op advies nr. 70.288/3 van de Raad van State, gegeven op 8 november 2021, met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 2°, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973;

Gelet op het advies van de Inspecteur van Financiën, gegeven op 16 november 2021;

Gelet op de akkoordbevinding van de Staatssecretaris voor Begroting, d.d. 3 december 2021;

Op de voordracht van de minister van Financiën, Hebben Wij besloten en besluiten Wij :

Artikel 1.In artikel 133 van het KB/WIB 92, wordt een paragraaf 4 ingevoegd, luidende: " § 4. Aanslagen ten laste van vereffende vennootschappen, vereffende verenigingen of vereffende stichtingen worden ten kohiere gebracht op naam van de vennootschap, vereniging of stichting, gevolgd door de woorden "vereffend, vertegenwoordigd door de vereffenaar(s) q.q.".".

Art. 2.De minister bevoegd voor Financiën is belast met de uitvoering van dit besluit.

Gegeven te Brussel, 12 december 2021.

FILIP Van Koningswege : De Minister van Financiën, V. VAN PETEGHEM

^