Etaamb.openjustice.be
Document van 03 maart 2001
gepubliceerd op 06 maart 2001

Beslissing van het Hoofd van de Veterinaire Diensten van het Ministerie van Middenstand en Landbouw houdende tijdelijke maatregelen ter bestrijding van mond- en klauwzeer

bron
ministerie van middenstand en landbouw
numac
2001016064
pub.
06/03/2001
prom.
03/03/2001
staatsblad
https://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body(...)
Document Qrcode

3 MAART 2001. - Beslissing van het Hoofd van de Veterinaire Diensten van het Ministerie van Middenstand en Landbouw houdende tijdelijke maatregelen ter bestrijding van mond- en klauwzeer


Het Hoofd van de Veterinaire Diensten, Gelet op de dieren gezondheidswet van 24 maart 1987, gewijzigd bij de wetten van 29 december 1990, 20 juli 1991, 6 augustus 1993, 21 december 1994, 20 december 1995, 23 maart 1998 en 5 februari 1999, inzonderheid op artikel 6, § 2;

Gelet op de aangifte op 2 maart 2001 van een klinische verdenking van mond- en klauwzeer bij varkens in een bedrijf gelegen in de gemeente Diksmuide;

Gelet op het dreigend gevaar voor verspreiding van het mond- en klauwzeervirus naar andere bedrijven waar dieren van vatbare soorten worden gehouden, Beslist :

Artikel 1.§ 1. Op geheel het grondgebied van het Rijk zijn de volgende maatregelen van kracht : - elk vervoer of verplaatsen van landbouwhuisdieren op de openbare weg is verboden; - de toegang tot de bedrijven waar runderen, varkens, schapen, geiten of andere tweehoevigen worden gehouden, is verboden voor personen of voertuigen die niet behoren tot het bedrijf; - alle varkens moeten worden binnengehouden in de bedrijfsgebouwen; - aan de ingang van elk bedrijf waar tweehoevigen worden gehouden en aan de ingang van de stallen wordt een ontsmettingsvoetbad geplaatst; - honden, katten en loslopend pluimvee op bedrijven waar tweehoevigen worden gehouden, moeten worden opgesloten; - alle paardensportwedstrijden worden afgelast. § 2. In afwijking van het verbod bedoeld in § 1, eerste gedachtenstreepje, is het berijden van paarden voor recreatie wel toegelaten. § 3. Het verbod bedoeld in § 1, tweede gedachtenstreepje, is niet van toepassing voor : - het overheidspersoneel bedoeld in artikel 20 van de dierengezondheidswet van 24 maart 1987; - de bedrijfsdierenarts; - het personeel nodig voor de verzorging van de dieren en voor de noodzakelijke bevoorrading of dienstverlening van het bedrijf.

Al deze personen zijn verplicht de nodige hygiënische voorzorgen te nemen bij het betreden en verlaten van het bedrijf. § 4. Van elk vervoermiddel dat het bedrijf verlaat waar tweehoevigen worden gehouden, worden de wielen en de banden ontsmet.

Art. 2.Voor de toepassing van deze beslissing wordt een gebied afgebakend, hierna genoemd de bufferzone, omvattende : Het gedeelte van de provincie West-Vlaanderen gelegen : - ten zuiden van de lijn gevormd door de A10 van Oostende tot de E40, de E40 tot de A17; - ten westen van de lijn gevormd door de A17 tot de E17, de E17 tot de grensovergang met Frankrijk te Rekkem.

Het grondgebied van de gemeente Komen.

Art. 3.Onverminderd de bepalingen van artikel 1, zijn in de bufferzone volgende bijkomende maatregelen van toepassing : - de toegang tot elk bedrijf waar tweehoevigen worden gehouden, wordt afgesloten met een rood-witte ketting met een waarschuwingsbord waarop duidelijk leesbaar de vermelding : « TOEGANG VERBODEN »; - het vervoer van vers vlees van tweehoevigen, melk en andere dierlijke producten die het virus kunnen overdragen van binnen de bufferzone naar een bestemming buiten de bufferzone, is verboden; - het ophalen van melk van bedrijven is verboden; - het ophalen van vers vlees van tweehoevigen van slachthuizen of uitsnijderijen is verboden.

Art. 4.Deze beslissing is onmiddellijk van kracht en houdt op van kracht te zijn vanaf 3 april 2001.

Brussel, 3 maart 2001.

De adviseur-generaal, Dr. L. HALLET

^