Etaamb.openjustice.be
Besluit Van De Waalse Regering van 12 mei 2005
gepubliceerd op 01 juni 2005

Besluit van de Waalse Regering houdende uitvoering van artikel 11 van het Waalse Wetboek van Ruimtelijke Ordening, Stedenbouw en Patrimonium voorzover de Regering daarbij wordt gemachtigd om de privaat- of publiekrechtelijke natuurlijke of rechtspersonen die belast kunnen worden met de opmaak of de herziening van de verkavelingsplannen, te erkennen

bron
ministerie van het waalse gewest
numac
2005201482
pub.
01/06/2005
prom.
12/05/2005
ELI
eli/besluit/2005/05/12/2005201482/staatsblad
staatsblad
http://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body.(...)
Document Qrcode

12 MEI 2005. - Besluit van de Waalse Regering houdende uitvoering van artikel 11 van het Waalse Wetboek van Ruimtelijke Ordening, Stedenbouw en Patrimonium voorzover de Regering daarbij wordt gemachtigd om de privaat- of publiekrechtelijke natuurlijke of rechtspersonen die belast kunnen worden met de opmaak of de herziening van de verkavelingsplannen, te erkennen


De Waalse Regering, Gelet op het Waalse Wetboek van Ruimtelijke Ordening, Stedenbouw en Patrimonium, inzonderheid op artikel 11 en de artikelen 280 en volgende;

Gelet op het advies van de Gewestelijke Commissie voor Ruimtelijke Ordening, gegeven op 3 mei 2005;

Gelet op het advies van de Raad van State;

Op de voordracht van de Minister van Huisvesting, Vervoer en Ruimtelijke Ontwikkeling, Besluit :

Artikel 1.De titel van hoofdstuk VIbis van titel I van boek IV van het Waalse Wetboek van Ruimtelijke Ordening, Stedenbouw en Patrimonium wordt vervangen als volgt : "HOOFDSTUK VIbis. - Voorwaarden waaronder een privaat- of publiekrechtelijke natuurlijke of rechtspersoon of een vereniging van natuurlijke personen belast kan worden met de opmaak, de herziening of de wijziging van de ruimtelijke plannen, plannen van aanleg, plannen of stedenbouwkundige reglementen."

Art. 2.In artikel 280, eerste lid, van hetzelfde Wetboek worden de volgende woorden ingevoegd tussen de woorden "van een gemeentelijk plan van aanleg" en de woorden "een gemeentelijk structuurplan" : "een verkavelingsplan".

In het derde lid van hetzelfde artikel wordt punt 1° aangevuld als volgt : "en verdelingsplannen".

Hetzelfde lid wordt als volgt aangevuld : "3° voor verkavelingsplannen".

Art. 3.In artikel 282, § 1, eerste lid, van hetzelfde Wetboek worden de woorden "de herziening of de wijziging van gemeentelijke plannen van aanleg" vervangen als volgt : "of de herziening van ofwel gemeentelijke plannen van aanleg en verkavelingsplannen, ofwel van verkavelingsplannen".

Art. 4.In artikel 283, § 1, eerste lid, 1°, van hetzelfde Wetboek worden de woorden "voor gemeentelijke plannen van aanleg" vervangen als volgt : "voor gemeentelijke plannen van aanleg en verkavelingsplannen of voor verkavelingsplannen".

Art. 5.In artikel 283/2, § 2, eerste lid, van hetzelfde Wetboek worden de volgende woorden ingevoegd tussen de woorden "een gemeentelijk plan van aanleg" en de woorden "een gemeentelijk structuurplan" : "een verdelingsplan".

Art. 6.Hoofdstuk VIbis van titel I van boek IV van hetzelfde Wetboek wordt aangevuld als volgt : "

Art. 283/5.§ 1. In afwijking van de artikelen 280, 282 en 283/1 tot 283/4 kunnen de volgende personen belast worden met de opmaak of de herziening van verkavelingsplannen met een oppervlakte van minder dan 2 ha bestemd voor de bebouwing op voorwaarde dat deze personen eerst erkend zijn : 1° elke natuurlijke persoon die houder is van ofwel een diploma ruimtelijke ordening en stedenbouw, ofwel een diploma burgerlijk ingenieur-architect, architect, industrieel bouwkundig ingenieur optie landmeetkunde, licentiaat in de geometrologie optie landmeetkunde, licentiaat in de landschaparchitectuur, landmeter, landmeter-vastgoedexpert of gegradueerde in tuin- en landschaparchitectuur;2° elke rechtspersoon die onder zijn personeel of zijn medewerkers minstens een natuurlijke persoon houder van minstens één van de in punt 1 bedoelde diploma's heeft. De in het eerste lid bedoelde natuurlijke of rechtspersoon mag noch rechtstreeks noch onrechtstreeks een persoonlijk belang hebben bij de uitvoering van de verkaveling. § 2. De aanvraag om erkenning of verlenging van de erkenning wordt gericht aan de gemachtigd ambtenaar voor het deel van het grondgebied waarvan de gemeente deel uitmaakt, waar de in § 1 bedoelde natuurlijke of rechtspersoon woonachtig is.

De aanvraag wordt bij ter post aangetekend schrijven met ontvangstbericht ingediend en gaat vergezeld van de in § 1 bedoelde titel of referentie die voor eensluidend verklaard zijn. § 3. De beslissing van de gemachtigde ambtenaar wordt gezonden aan de in § 1 bedoelde natuurlijke of rechtspersoon binnen dertig dagen na ontvangst van de aanvraag.

Indien er geen beslissing wordt opgestuurd binnen bedoelde termijn, staat dit gelijk met het weigeren van de vergunning. § 4. De in § 1 bedoelde natuurlijke of rechtspersoon kan bij ter post aangetekende brief met ontvangstbewijs een beroep instellen bij de Minister van Ruimtelijke Ontwikkeling : 1° ofwel binnen vijtien dagen na ontvangst van de in § 3 bedoelde beslissing van de gemachtigde ambtenaar;2° ofwel na vijfenveertig dagen na de in § 2 bedoelde zending en indien hij geen zending ontvangt, waarbij de gemachtigde ambtenaar hem zijn beslissing betekent. § 5. Binnen dertig dagen na ontvangst van het beroep betekent de Minister van Ruimtelijke Ontwikkling zijn beslissing aan de in § 1 bedoelde natuurlijke of rechtspersoon. § 6. De erkenning wordt voor een termijn van vier jaar met ingang van de datum van kennisgeving van de erkenning toegekend".

Art. 7.Bij de datum van inwerkingtreding van dit besluit wordt de natuurlijke of rechtspersoon die de erkenning voor de opmaak of de herziening van gemeentelijke plannen van aanleg geniet, geacht in aanmerking te komen voor de erkenning voor de opmaak of de herziening van gemeentelijke plannen van aanleg en van verkavelingsplannen bedoeld in artikel 280, derde lid, van hetzelfde Wetboek.

Art. 8.Dit besluit treedt in werking de dag waarop het in het Belgisch Staatsblad wordt bekendgemaakt.

Art. 9.De Minister van Ruimtelijke Ontwikkeling is belast met de uitvoering van dit besluit.

Namen, 12 mei 2005.

De Minister-President, J.-Cl. VAN CAUWENBERGHE De Minister van Huisvesting, Vervoer en Ruimtelijke Ontwikkeling, A. ANTOINE

^