Etaamb.openjustice.be
Besluit Van De Waalse Regering van 03 juni 1999
gepubliceerd op 05 augustus 1999

Besluit van de Waalse Regering tot wijziging van het besluit van de Waalse Regering van 13 juli 1995 waarbij de bestrijding van sommige soorten wild wordt toegelaten en de voorwaarden worden bepaald tot bestrijding van grof wild binnen de afgesloten gebieden bedoeld bij artikel 2ter, 1e lid van de jachtwet van 28 februari 1882

bron
ministerie van het waalse gewest
numac
1999027609
pub.
05/08/1999
prom.
03/06/1999
ELI
eli/besluit/1999/06/03/1999027609/staatsblad
staatsblad
https://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body(...)
links
Raad van State (chrono)
Document Qrcode

3 JUNI 1999. - Besluit van de Waalse Regering tot wijziging van het besluit van de Waalse Regering van 13 juli 1995 waarbij de bestrijding van sommige soorten wild wordt toegelaten en de voorwaarden worden bepaald tot bestrijding van grof wild binnen de afgesloten gebieden bedoeld bij artikel 2ter, 1e lid van de jachtwet van 28 februari 1882


De Waalse Regering, Gelet op de jachtwet van 28 februari 1882, inzonderheid op artikel 7, ingevoegd bij het decreet van 14 juli 1994;

Gelet op het besluit van de Waalse Regering van 13 juli 1995 tot machtiging van de bestrijding van sommige soorten wild;

Gelet op het advies van de "Conseil supérieur wallon de la Chasse" (Waalse Hoge Jachtraad), gegeven op 27 augustus 1998;

Gelet op het advies van de Raad van State, gegeven op 12 mei 1999, overeenkomstig artikel 84, 1e lid, 2° van de gecoördineerde wetten op de Raad van State;

Overwegende dat het noodzakelijk is om de bestrijding van grof wild toe te staan in voor de jacht onbruikbare gebieden die men wenst afgesloten te houden zodat aanzienlijke schade aan gewassen, vee en bossen voorkomen kan worden en overwegende dat geen enkele andere oplossing voldoening schenkt;

Overwegende dat de jachtrechthouders in de afgesloten gebieden er belang bij hebben om al bij aanvang van het volgend jachtseizoen, dat op 1 juli 1999 begint, de voorwaarden te kennen waaronder de bestrijding van wild toegelaten is indien bedoelde gebieden na 30 juni 1999 afgesloten blijven, zodat ze vóór bedoelde einddatum de omvang van hun wildpopulaties kunnen aanpassen of kunnen kiezen voor het verlagen of wegnemen van bedoelde afsluitingen;

Op de voordracht van de Minister van Leefmilieu, Natuurlijke Hulpbronnen en Landbouw, Besluit :

Artikel 1.Er wordt een als volgt opgesteld hoofdstuk VIbis gevoegd in het besluit van de Waalse Regering van 13 juli 1995 tot machtiging van de bestrijding van sommige soorten wild : « Hoofdstuk VIbis - Het voorkomen van aanzienlijke schade aan gewassen, vee en bossen in de gebieden bedoeld bij artikel 2ter, 1e lid van de jachtwet van 28 februari 1882 Afdeling 1. - Omstandigheden van tijd en plaats

Art. 19.Indien bomen en planten in het algemeen, evenals het vee, aanzienlijke schade ondervinden of indien wild aanwezig is binnen een volledig afgesloten gebied waarin dringende tussenkomst vereist is, is de bestrijding van grof wild op de afgesloten gebieden bedoeld bij artikel 2ter, 1e lid van de jachtwet van 28 februari 1882 zowel `s nachts als overdag tijdens het hele jaar in het hele Waalse Gewest toegelaten. Afdeling 2. - Aan te wenden methodes

Art. 20.In alle gevallen mogen de dieren enkel met kogels gedood worden, met of zonder behulp van honden. Afdeling 3. - Personen die het wild mogen bestrijden en voorwaarden

die zij moeten vervullen

Art. 21.Er mag enkel overgegaan worden tot de bestrijding van het grof wild in de afgesloten gebieden bedoeld bij artikel 2ter, 1e lid van de jachtwet van 28 februari 1882 na toestemming van de desbetreffende Bosdirecteur op advies van de houtvester.

Art. 22.Het grof wild kan enkel kan enkel geschoten worden door één of meerdere Waalse jachtverlofhouders die een geldig verlof voor het lopend jaar hebben en die erkend zijn door de eigenaar van het betrokken gebied of door zijn rechthebbende.

Art. 23.De aanvraag moet ingediend worden bij een aangetekende brief of tegen ontvangstbewijs bij de desbetreffende houtvester en moet : 1° gemotiveerd zijn door de omvang van de bestaande of dreigende schade;2° het betrokken soort wild nader bepalen en het approximatief aantal dieren waarvan de bestrijding gewenst is en onderverdeeld in voorkomend geval in geweide en niet-geweide dieren;3° de naam, voornaam, het adres van de personen vermelden, die tot de bestrijding zullen overgaan en voor ieder van hen het nummer van hun jachtverlof;4° bewijzen niet te zijn overgegaan tot bijvoeding en zich verbinden dit niet te doen in de toekomst;5° op straffe van niet-ontvankelijkheid, de formele verbintenis van de belanghebbende inhouden dat hij de aanwezigheid van de Bosdienst aanvaardt ten alle tijde om de bestaande wildpopulaties en de wettelijke aard van de handelingen te controleren;6° ingediend worden bij middel van het formulier waarvan het model opgenomen is in bijlage II bij dit besluit a rato van een formulier per wildsoort. De machtiging bepaalt : 1° de dag of de opeenvolgende dagen tijdens welke de bestrijding zal plaatsvinden;2° het maximaal aantal te bestrijden dieren en in voorkomend geval een minimum aantal; de bestrijdingswijze(n).

Art. 24.De houder van de machtiging beschikt over het wildbraad en, in voorkomend geval, de trofee van het bestreden wild zoals het hem past.

Wanneer het wildbraad buiten het bestrijdingsgebied vervoerd wordt moet het noodzakelijkerwijs vervoerd worden met de in artikel 21 bedoelde machtiging. »

Art. 2.De nummering van de artikelen 19 en 20 van het besluit van de Waalse Regering van 13 juli 1995 tot machtiging van de bestrijding van sommige soorten wild wordt gewijzigd als volgt : - artikel 19 wordt artikel 25; - artikel 20 wordt artikel 26.

Art. 3.§ 1. De titel van de bijlage bedoeld in het vorige artikel wordt « bijlage I". Bovendien wordt er een bijlage II bij dit besluit gevoegd waarvan de tekst in bijlage bij dit besluit staat. § 2. In artikel 8, 2de lid van het in het vorige artikel bedoelde besluit wordt het cijfer I gevoegd tussen het woord "bijlage" en het voorzetsel "bij".

Art. 4.De Minister tot wiens bevoegdheden de jacht behoort is belast met de uitvoering van dit besluit.

Namen, 3 juni 1999.

De Minister-President van de Waalse Regering, belast met Economie, Buitenlandse Handel, K.M.O.'s, Toerisme en Patrimonium, R. COLLIGNON De Minister van Leefmilieu, Natuurlijke Hulpbronnen en Landbouw, G. LUTGEN

Bijlage Machtigingsaanvraag om over te gaan tot het schieten met scherp op grof wild in een afgesloten gebied bedoeld in artikel 2ter, 1e lid van de jachtwet.

Ondergetekende.................................... wonende te...............................................................

Eigenaar of rechthebbende van het afgesloten gebied gelegen te............................................

Met een oppervlakte van................ ha, vraagt hierbij de machtiging tot bestrijding van minimum.... (*) en maximum....... (*) stuks van het soort (edelhert, ree, wild zwijn, damhert, moeflon) onderverdeeld in..................... met gewei en.............................. zonder gewei (**).

Deze bestrijding bij klop- en/of drijfjacht, bij loer- en bersjacht (**) zal plaatsvinden op volgende dagen en uren................................................................................

In bijlage voeg ik de motivering waarmee ik mijn aanvraag staaf, en de lijst van de jagers die deelnemen aan het bestrijden van het wild en die over een jachtverlof beschikken. In die lijst worden opgenomen naam, voornaam, woonplaats en telkens het nummer van het jachtverlof.

Hierbij verzeker ik dat ik het wild niet gevoederd heb en verbind ik mij er formeel toe om daar ook in de toekomst van af te zien en de aanwezigheid van de Bosdienst te allen tijde toe te laten, om de toestand van de bestaande wildpopulaties en het wettelijke karakter van de uitgevoerde handelingen na te gaan.

Datum en handtekening (*) Het aantal bij benadering aangeven. (**) Schrappen wat niet past en één formulier per wildsoort gebruiken.

Gezien om gevoegd te worden bij het Besluit van de Waalse Regering tot wijziging van het besluit van de Waalse Regering van 13 juli 1995 tot machtiging van de bestrijding van sommige soorten wild en tot bepaling van de voorwaarden tot bestrijding van grof wild binnen de afgesloten gebieden bedoeld bij artikel 2ter, 1e lid van de jachtwet van 28 februari 1882.

Namen, 3 juni 1999.

De Minister-President van de Waalse Regering, belast met Economie, Buitenlandse Handel, K.M.O.'s, Toerisme en Patrimonium, R. COLLIGNON De Minister van Leefmilieu, Natuurlijke Hulpbronnen en Landbouw, G. LUTGEN

^