Etaamb.openjustice.be
Besluit Van De Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie van 28 januari 2021
gepubliceerd op 01 maart 2021

Besluit van het Verenigd College van de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie van 28 januari 2021 tot wijziging van het besluit van het Verenigd College van 25 oktober 2007 betreffende de erkenning en de subsidiëringswijze van de diensten voor thuiszorg

bron
gemeenschappelijke gemeenschapscommissie van brussel-hoofdstad
numac
2021020323
pub.
01/03/2021
prom.
28/01/2021
ELI
eli/besluit/2021/01/28/2021020323/staatsblad
staatsblad
https://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body(...)
links
Raad van State (chrono)
Document Qrcode

GEMEENSCHAPPELIJKE GEMEENSCHAPSCOMMISSIE VAN BRUSSEL-HOOFDSTAD


28 JANUARI 2021. - Besluit van het Verenigd College van de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie van 28 januari 2021 tot wijziging van het besluit van het Verenigd College van 25 oktober 2007 betreffende de erkenning en de subsidiëringswijze van de diensten voor thuiszorg


Het Verenigd College van de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie, Gelet op de ordonnantie van 7 november 2002 betreffende de centra en diensten voor bijstand aan personen, artikel 14, tweede lid, en 19;

Gelet op het besluit van het Verenigd College van 25 oktober 2007 betreffende de erkenning en de subsidiëringswijze van de diensten voor thuiszorg, artikelen 39 en 41, §§ 1 en 2;

Gelet op de voorstellen van de Beheerraad voor Gezondheid en Bijstand aan Personen van de bicommunautaire Dienst voor Gezondheid, Bijstand aan Personen en Gezinsbijslag, gegeven op 28 april 2020 en op 22 september 2020;

Gelet op de advies van de Inspecteur van Financiën, gegeven op 17 juni 2020 en op 5 november 2020;

Gelet op het akkoord van de leden van het Verenigd College bevoegd voor de Begroting, gegeven op 14 december 2020;

Gelet op de evaluatie van de impact op de respectieve situatie van vrouwen en mannen, uitgevoerd op 17 december 2020;

Gelet op de evaluatie vanuit het oogpunt van handistreaming, uitgevoerd op 17 december 2020;

Gelet op de adviesaanvraag binnen 30 dagen, die op 21 december 2020 bij de Raad van State is ingediend, met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 2°, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973;

Overwegende dat het advies niet is meegedeeld binnen die termijn;

Gelet op artikel 84, § 4, tweede lid, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973;

Op voorstel van de leden van het Verenigd College bevoegd voor Welzijn en Gezondheid, Besluit :

Artikel 1.In artikel 1 van het besluit van het Verenigd College van 25 oktober 2007 betreffende de erkenning en de subsidiëringswijze van de diensten voor thuiszorg, worden de bepalingen onder 4°, 5° en 6° vervangen als volgt : "4° "administratie" : de bicommunautaire Dienst voor Gezondheid, Bijstand aan Personen en Gezinsbijslag, zoals bedoeld in artikel 2 van de ordonnantie van 23 maart 2017 houdende de oprichting van de bicommunautaire Dienst voor Gezondheid, Bijstand aan Personen en Gezinsbijslag; 5° "ambtenaren" : de personeelsleden van de diensten van het Verenigd College aangesteld bij de inspectiedienst; 6° "afdeling" : de Beheerraad voor gezondheid en bijstand aan personen van de bicommunautaire Dienst voor Gezondheid, Bijstand aan Personen en Gezinsbijslag, zoals bedoeld in artikel 21 van de ordonnantie van 23 maart 2017 houdende de oprichting van de bicommunautaire Dienst voor Gezondheid, Bijstand aan Personen en Gezinsbijslag;"

Art. 2.Artikel 39 van hetzelfde besluit wordt aangevuld met een lid, luidende: "De Ministers bepalen het forfait per niet-gepresteerd uur door de gezins- of bejaardenhelpers en de poetshulpen die een vermindering van de arbeidstijd genieten voor de compenserende aanwerving. Dat forfaitair bedrag wordt aan de werkgever toegekend met het oog op de aanwerving van een nieuw personeelslid of de uitbreiding van de arbeidsduur van een al aangeworven werknemer met een identiek aantal uren. Na de wettelijke pensioenleeftijd genereert de vermindering van de arbeidsduur deze subsidie niet langer."

Art. 3.In artikel 41 van hetzelfde besluit worden de volgende wijzigingen aangebracht: 1° In § 1, eerste lid, worden de woorden "en niet-gepresteerde uren" ingevoegd tussen de woorden "subsidieerbare prestatie-uren" en de woorden "het zogenaamde urenquotum"; 2° § 2 wordt aangevuld met een lid, luidende: "In afwijking van het vorige lid, kunnen de Ministers voor de begrotingsjaren 2020 en 2021, na advies van de afdeling, elk van deze urenquota tijdens het respectieve lopende jaar herzien."

Art. 4.Dit besluit heeft uitwerking met ingang van 1 januari 2021.

In afwijking van het vorige lid, heeft artikel 3, 2°, uitwerking met ingang van 1 januari 2020.

Art. 5.De Leden van het Verenigd College bevoegd voor Welzijn en Gezondheid worden belast met de uitvoering van dit besluit.

Brussel, 28 januari 2021.

Het lid van het Verenigd College, bevoegd voor Welzijn en Gezondheid, E. VAN DEN BRANDT

^