Etaamb.openjustice.be
Arrest Van Het Grondwettelijk Hof
gepubliceerd op 20 maart 2014

Bericht voorgeschreven bij artikel 74 van de bijzondere wet van 6 januari 1989 Bij arrest van 30 januari 2014 in zake Sonja Vansteene en Adel Belal tegen de ambtenaar van de burgerlijke stand van de stad Oostende, waarvan de expeditie ter griff « Schendt de bepaling van artikel 1017, eerste lid Ger. W., gelezen in samenhang met de artikelen 1(...)

bron
grondwettelijk hof
numac
2014201780
pub.
20/03/2014
prom.
--
staatsblad
https://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body(...)
Document Qrcode

GRONDWETTELIJK HOF


Bericht voorgeschreven bij artikel 74 van de bijzondere wet van 6 januari 1989Relevante gevonden documenten type wet prom. 06/01/1989 pub. 18/02/2008 numac 2008000108 bron federale overheidsdienst binnenlandse zaken Bijzondere wet op het Arbitragehof sluiten Bij arrest van 30 januari 2014 in zake Sonja Vansteene en Adel Belal tegen de ambtenaar van de burgerlijke stand van de stad Oostende, waarvan de expeditie ter griffie van het Hof is ingekomen op 12 februari 2014, heeft het Hof van Beroep te Gent de volgende prejudiciële vraag gesteld : « Schendt de bepaling van artikel 1017, eerste lid Ger. W., gelezen in samenhang met de artikelen 1018 en artikel 1022 Ger. W., en geïnterpreteerd zoals in de arresten van 25 april 2013 (nr. 57/2013) en 26 september 2013 (nr. 132/2013), de artikelen 10 en 11 van de Grondwet, in de interpretatie dat in een geschil voor de burgerlijke rechter op basis van artikel 146bis juncto 167 B.W., de ambtenaar van de burgerlijke stand die verweer voert tegen het beroep dat tegen zijn weigeringsbeslissing is ingesteld, als de in het ongelijk gestelde partij in de zin van artikel 1017, eerste lid Ger. W. niet kan worden verwezen in een rechtsplegingsvergoeding, terwijl de particulieren die beroep aantekenen tegen de weigeringsbeslissing als de in het ongelijk gestelde partij in de zin van artikel 1017, eerste lid Ger. W. wel dienen verwezen te worden in een rechtsplegingsvergoeding, daar waar : - artikel 1017, eerste lid Ger. W. het enkel heeft over ' de in het ongelijk gestelde partij ' zonder dat daarbij een onderscheid wordt gemaakt of deze in het ongelijk gestelde partij al dan niet optreedt in het algemeen belang; - in stedenbouwzaken, meer bepaald bij procedures over herstelvorderingen en stakingsbevelen de particulier die opzichtens hem een vordering van de overheid gegrond ziet verklaard worden, niet gehouden is tot het betalen van een rechtsplegingsvergoeding aan de overheid ? ».

Die zaak is ingeschreven onder nummer 5841 van de rol van het Hof.

De griffier, F. Meersschaut

^