Etaamb.openjustice.be
Arrest Van Het Grondwettelijk Hof
gepubliceerd op 25 mei 2009

Bericht voorgeschreven bij artikel 74 van de bijzondere wet van 6 januari 1989 Bij arrest nr. 192.198 van 2 april 2009 in zake Christian Simons tegen de Belgische Staat, waarvan de expeditie ter griffie van het Hof is ingekomen op 7 april 2009, « Schendt artikel 11, §§ 2 en 3, tweede lid, van de wet van 20 mei 1994 houdende de gelde(...)

bron
grondwettelijk hof
numac
2009202275
pub.
25/05/2009
prom.
--
staatsblad
https://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body(...)
Document Qrcode

GRONDWETTELIJK HOF


Bericht voorgeschreven bij artikel 74 van de bijzondere wet van 6 januari 1989 Bij arrest nr. 192.198 van 2 april 2009 in zake Christian Simons tegen de Belgische Staat, waarvan de expeditie ter griffie van het Hof is ingekomen op 7 april 2009, heeft de Raad van State de volgende prejudiciële vraag gesteld : « Schendt artikel 11, §§ 2 en 3, tweede lid, van de wet van 20 mei 1994 houdende de geldelijke rechten van de militairen, vóór de wijziging ervan bij de wet van 27 maart 2003, de artikelen 10 en 11 van de Grondwet, in zoverre het aan de Koning de bevoegdheid toevertrouwt om ten gunste van de militairen toelagen, vergoedingen en andere geldelijke voordelen of voordelen in natura in het leven te roepen en, in de gevallen die Hij bepaalt, de minister van Landsverdediging ermee te belasten de tarieven en de regels van de toekenning ervan te bepalen, met als gevolg dat de rechten van sommige militairen volledig worden bepaald door de wet en dat die van andere militairen gedeeltelijk door de Koning of door de Koning en de minister worden bepaald, terwijl artikel 182 van de Grondwet aan de wetgever de bevoegdheid voorbehoudt om de rechten en de verplichtingen van de militairen te regelen ? ».

Die zaak is ingeschreven onder nummer 4681 van de rol van het Hof.

De griffier, P.-Y. Dutilleux.

^