Etaamb.openjustice.be
Wet van 29 juni 2014
gepubliceerd op 27 december 2016

29 JUNI 2014 - Wet houdende instemming met het Zetelakkoord tussen het Koninkrijk België en het Internationaal Centrum voor de Ontwikkeling van het Migratiebeleid, ondertekend te Brussel op 21 mei 2008 (2) (3)

bron
federale overheidsdienst buitenlandse zaken, buitenlandse handel en ontwikkelingssamenwerking
numac
2014015237
pub.
27/12/2016
prom.
29/06/2014
ELI
eli/wet/2014/06/29/2014015237/staatsblad
staatsblad
https://www.ejustice.just.fgov.be/cgi/article_body(...)
links
Raad van State (chrono)Kamer (parl. doc.)Senaat (fiche)
Document Qrcode

29 JUNI 2014 - Wet houdende instemming met het Zetelakkoord tussen het Koninkrijk België en het Internationaal Centrum voor de Ontwikkeling van het Migratiebeleid, ondertekend te Brussel op 21 mei 2008 (1) (2) (3)


FILIP, Koning der Belgen, Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.

De Kamers hebben aangenomen en Wij bekrachtigen hetgeen volgt :

Artikel 1.Deze wet regelt een aangelegenheid als bedoeld in artikel 77 van de Grondwet.

Art. 2.Het Zetelakkoord tussen het Koninkrijk België en het Internationaal Centrum voor de Ontwikkeling van het Migratiebeleid, ondertekend te Brussel op 21 mei 2008, zal volkomen gevolg hebben.

Art. 3.Deze wet heeft uitwerking met ingang van 21 mei 2008.

Kondigen deze wet af, bevelen dat zij met 's Lands zegel zal worden bekleed en door het Belgisch Staatsblad zal worden bekendgemaakt.

Gegeven te Brussel, 29 juni 2014.

FILIP Van Koningswege : De vice-eersteminister en Minister van Buitenlandse Zaken, D. REYNDERS De vice-eersteminister en Minister van Binnenlandse Zaken, Mevr. J. MILQUET De vice-eersteminister en Minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid, Mevr. L. ONKELINX. De Minister van Justitie, Mevr. A. TURTELBOOM De Minister van Financiën, K. GEENS De Staatssecretaris voor Asiel en Migratie, Mevr. M. DE BLOCK Met 's Lands zegel gezegeld : De Minister van Justitie, Mevr. A. TURTELBOOM _______ Nota's (1) Senaat (www.senate.be): Stukken: 5-2803 - Handelingen van de Senaat: 03/04/2014 Kamer van volksvertegenwoordigers (www.dekamer.be): Stukken: 53-3550 - Integraal verslag: 23/04/2014 (2) Zie het Decreet van de Vlaamse Gemeenschap/het Vlaamse Gewest van 3 april 2009 (Belgisch Staatsblad van 4 mei 2009), het Decreet van de Franse gemeenschap van 21 april 2016 (Belgisch Staatsblad 4 mei 2016), het Decreet van de Duitstalige Gemeenschap van 30 mei 2016 (Belgisch Staatsblad van 23 juni 2016), het Decreet van het Waalse Gewest van 9 juni 2016 (Belgisch Staatsblad van 17 juni 2016) en de Ordonnantie van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest van 4 februari 2010 (Belgisch Staatsblad van 17 februari 2010 - Ed.2). (3) Inwerkingtreding: 01/01/2017

ZETELAKKOORD TUSSEN HET KONINKRIJK BELGI" EN HET INTERNATIONAAL CENTRUM VOOR DE ONTWIKKELING VAN HET MIGRATIEBELEID HET KONINKRIJK BELGI", hierna genoemd "België", en HET INTERNATIONAAL CENTRUM VOOR DE ONTWIKKELING VAN HET MIGRATIEBELEID, hierna genoemd "het ICOM", GELET op het Akkoord tussen de Zwitserse Confederatie en de Republiek Oostenrijk inzake de vestiging en de werking van het ICOM te Wenen, ondertekend te Wenen op 1 juni 1993, en gewijzigd door de akkoorden van 27 maart 1996, 26 april 1996 en 25 juni 2003, hierna genoemd "het Akkoord"; TEGEMOETKOMEND aan de wens van het ICOM om in Brussel een Vertegenwoordiging bij de Europese Unie te vestigen, hierna genoemd "de Vertegenwoordiging";

VERLANGEND een overeenkomst te sluiten teneinde de voorrechten en immuniteiten nader te bepalen die vereist zijn voor het functioneren van de Vertegenwoordiging en voor de goede uitvoering door het personeel van zijn opdracht, ZIJN OVEREENGEKOMEN ALS VOLGT: HOOFDSTUK I RECHTSPERSOONLIJKHEID, VOORRECHTEN EN IMMUNITEITEN VAN DE VERTEGENWOORDIGING Artikel 1 De internationale rechtspersoonlijkheid en rechtsmacht worden toegekend aan de Vertegenwoordiging.

Artikel 2 De Vertegenwoordiging, evenals de goederen en bezittingen van het ICOM die worden gebruikt voor de uitoefening van de officiële werkzaamheden van de Vertegenwoordiging genieten immuniteit van rechtsmacht, behalve in de mate dat de Vertegenwoordiging er uitdrukkelijk aan verzaakt.

Artikel 3 1. De goederen en bezittingen van het ICOM die worden gebruikt voor de uitoefening van de officiële werkzaamheden van de Vertegenwoordiging kunnen niet het voorwerp uitmaken van enige vorm van opvordering, verbeurdverklaring, inbewaringstelling of een andere vorm van beslaglegging of dwang.2. Indien een onteigening mocht nodig zijn, worden alle gepaste schikkingen getroffen om te verhinderen dat de uitoefening van de werkzaamheden van de Vertegenwoordiging in het gedrang komt.In zodanig geval zou België zijn medewerking verlenen aan de wederinstallatie van de Vertegenwoordiging.

Artikel 4 Het archief van de Vertegenwoordiging en, in het algemeen, alle documenten die aan de Vertegenwoordiging toebehoren of door de Vertegenwoordiging of door één van haar personeelsleden worden bijgehouden, zijn onschendbaar.

Artikel 5 1. De lokalen die uitsluitend worden gebruikt voor de uitoefening van de werkzaamheden van de Vertegenwoordiging zijn onschendbaar.De instemming van het Hoofd van de Vertegenwoordiging is vereist voor de toegang tot zijn lokalen. 2. Deze toestemming wordt evenwel geacht verkregen te zijn in gevallen van nood die onmiddellijke beschermingsmaatregelen vergen.3. België zal alle gepaste maatregelen nemen om de lokalen van de Vertegenwoordiging te beschermen tegen indringers of tegen het toebrengen van schade en om te vermijden dat de rust van de Vertegenwoordiging wordt verstoord of haar waardigheid wordt aangetast. Artikel 6 1. Onverminderd de toepasselijke internationale en Europese Communautaire bepalingen mag de Vertegenwoordiging in België om het even welke valuta in bezit hebben en rekeningen hebben in welke munteenheid ook voor zover dit nodig is voor verrichtingen die aan het doel van de Vertegenwoordiging beantwoorden.2. België verbindt er zich toe de nodige toelatingen te verlenen om volgens het bepaalde in de toepasselijke nationale reglementen en internationale overeenkomsten, het fondsenverkeer te verzekeren dat nodig is voor de werkzaamheden van de Vertegenwoordiging. Artikel 7 1. De Vertegenwoordiging, haar bezittingen, inkomsten en andere goederen, bestemd voor haar officieel gebruik, zijn vrijgesteld van alle directe belastingen.2. Geen enkele vrijstelling van directe belasting wordt verleend voor de inkomsten van de Vertegenwoordiging die afkomstig zijn van een industriële of handelsactiviteit die wordt uitgeoefend door de Vertegenwoordiging of door een lid van de Vertegenwoordiging dat voor haar rekening handelt. Artikel 8 Wanneer de Vertegenwoordiging aanzienlijke aankopen van roerend of onroerend goed doet of belangrijke diensten laat uitvoeren die strikt noodzakelijk zijn voor de uitoefening van haar officiële werkzaamheden en waarvan de prijs indirecte rechten of BTW bevat, worden, telkens wanneer mogelijk de nodige schikkingen getroffen met het oog op de kwijtschelding of terugbetaling van het bedrag van deze rechten en belastingen.

Artikel 9 De Vertegenwoordiging is vrijgesteld van alle indirecte belastingen op goederen die zij invoert of die in haar naam worden ingevoerd, verworven of uitgevoerd voor haar officieel gebruik.

Artikel 10 Onverminderd de verplichtingen die voor België voortvloeien uit de verdragen betreffende de Europese Unie en uit de toepassing van de wetten en voorschriften inzake de openbare orde en veiligheid, volksgezondheid of openbare zeden, kan de Vertegenwoordiging alle goederen en publicaties invoeren die bestemd zijn voor haar officieel gebruik.

Artikel 11 De Vertegenwoordiging is vrijgesteld van alle indirecte belastingen op de officiële publicaties die voor haar bestemd zijn of die zij naar het buitenland verstuurt.

Artikel 12 De goederen die eigendom zijn van de Vertegenwoordiging kunnen in België niet worden vervreemd, tenzij dit gebeurt onder de in de Belgische wetten en voorschriften bepaalde voorwaarden.

Artikel 13 De Vertegenwoordiging is niet vrijgesteld van belastingen, heffingen en rechten die alleen de vergoeding van diensten van openbaar nut betreffen.

Artikel 14 Het recht van de Vertegenwoordiging om voor officiële doeleinden verbindingen te onderhouden is gewaarborgd. De officiële briefwisseling van de Vertegenwoordiging is onschendbaar.

Artikel 15 Onverminderd de verplichtingen die voor België voortvloeien uit de verdragen betreffende de Europese Unie en de toepassing van de wetten en voorschriften, worden de voorwaarden en toepassingsregelingen van de artikelen 7, 8, 9, 10, 11 en 12 en van de vrijstellingen die voortvloeien uit Artikel 18.1 a) vastgelegd door de bevoegde Minister van Financiën. HOOFDSTUK II STATUUT VAN HET PERSONEEL Artikel 16 Het Hoofd van de Vertegenwoordiging en diens adjunct genieten dezelfde voorrechten, immuniteiten en faciliteiten als de diplomatieke personeelsleden van de diplomatieke missies. Hun inwonende wettelijke echtgeno(o)t(e) en inwonende kinderen ten laste genieten dezelfde voordelen als de echtgeno(o)t(e) en de minderjarige kinderen van de leden van het diplomatiek personeel.

Artikel 17 1. De vertegenwoordigers van de Verdragsluitende Staten bij het Akkoord die de ICOM-vergaderingen bijwonen, evenals hun plaatsvervangers, adviseurs en experts, genieten bij de uitoefening van hun taken en tijdens de reizen van en naar de vergaderplaats, naast de andere voorrechten en immuniteiten waarop ze desgevallend aanspraak kunnen maken, de volgende voorrechten en immuniteiten: a) immuniteit van arrestatie of gevangenhouding;b) immuniteit van enige rechtsvervolging met betrekking tot alle door hen tijdens de vervulling van hun functies gesproken of geschreven woorden en verrichte handelingen;deze immuniteit blijft ook gelden nadat de betrokkenen hun functies hebben beëindigd; c) onschendbaarheid van alle papieren, documenten en officiële stukken;d) het recht codes te gebruiken en papieren, briefwisseling of officiële stukken te versturen of te ontvangen per koerier of in verzegelde tassen;e) vrijstelling met betrekking tot henzelf en hun echtgenoten van immigratiebeperkingen, van vreemdelingenregistratie en van alle verplichtingen van nationale dienstplicht gedurende hun verblijf op het grondgebied van België of wanneer ze er op doorreis zijn in de uitoefening van hun functies;f) dezelfde faciliteiten met betrekking tot valuta- en wisselbeperkingen als deze die worden toegekend aan vertegenwoordigers van buitenlandse regeringen op tijdelijke officiële zending;g) dezelfde immuniteiten en faciliteiten met betrekking tot hun persoonlijke bezittingen als deze die worden toegekend aan de leden van diplomatieke zendingen van een vergelijkbare rang.2. Voor zover de vaststelling van enige vorm van belasting wordt gebaseerd op het feit dat de belastingplichtige in het land verblijft, worden periodes gedurende welke de personen zoals vermeld in lid 1 van dit Artikel voor de uitoefening van hun functies in België aanwezig zijn, niet aangemerkt als periodes van verblijf.3. De voorrechten en immuniteiten worden aan de in lid 1 van dit Artikel vermelde personen niet toegekend voor hun persoonlijk voordeel, maar met het doel de onafhankelijke uitoefening van hun functies in verband met de ICOM te verzekeren.Daarom hebben alle personen die de voornoemde voorrechten en immuniteiten genieten, de plicht in alle andere opzichten de Belgische wetten en reglementen na te komen. 4. Het bepaalde in de leden 1 en 2 van dit Artikel is niet van toepassing op Belgische onderdanen of permanente verblijfshouders in België. Artikel 18 1. Alle ambtenaren en personeelsleden van de Vertegenwoordiging genieten: a) vrijstelling van belastingen op de salarissen, emolumenten en vergoedingen die hen door het ICOM worden gestort, met ingang van de dag waarop deze inkomsten onderworpen zijn aan een belasting ten voordele van het ICOM, onder voorbehoud dat België het intern belastingstelsel erkent;België behoudt zich het recht voor deze salarissen, emolumenten en vergoedingen in aanmerking te nemen voor de berekening van de belasting die moet worden geheven op uit andere bronnen afkomstige belastbare inkomsten; b) wat de monetaire of wisselreglementeringen betreft, de faciliteiten die worden toegekend aan ambtenaren van internationale organisaties.2. De ambtenaren van de Vertegenwoordiging genieten: a) vrijstelling van rechtsvervolging voor daden die ze in hun officiële hoedanigheid hebben verricht, met inbegrip van hun woorden en geschriften;deze immuniteit blijft van kracht na de beëindiging van hun functies; b) onschendbaarheid voor al hun officiële papieren en documenten.3. Alle ambtenaren van de Vertegenwoordiging, hun samenwonende wettelijke echtgeno(o)t(e) en inwonende kinderen ten laste, zijn niet onderworpen aan de maatregelen tot beperking van de immigratie of aan de registratieformaliteiten voor vreemdelingen.Deze afwijking wordt toegekend overeenkomstig de Belgische wetgeving ter zake. 4. De Vertegenwoordiging stelt de Directie Protocol van de Federale Overheidsdienst Buitenlandse Zaken in kennis van de aankomst en het vertrek van haar ambtenaren en doet mededeling van alle hierna nader omschreven gegevens betreffende haar ambtenaren: a) naam en voornaam b) geboorteplaats en -datum c) geslacht d) nationaliteit e) hoofdverblijfplaats (gemeente, straat, nummer) f) burgerlijke staat g) samenstelling van het gezin h) het stelsel van sociale zekerheid gekozen door het personeelslid Elke wijziging van de bovenstaande gegevens moet binnen twee weken ter kennis worden gebracht van de directie Protocol van de Federale Overheidsdienst Buitenlandse Zaken. Artikel 19 Het bepaalde in Artikel 18.1 a) is niet van toepassing op de pensioenen en rentes die het ICOM betaalt aan haar vroegere ambtenaren en personeelsleden in België of aan hun rechthebbenden, noch op de salarissen, emolumenten en vergoedingen die het ICOM of de Vertegenwoordiging betaald heeft aan haar personeelsleden die werden aangeworven voor de duur van minder dan een jaar, of die bij het ICOM geen vaste betrekking bekleden gelet op de opdracht en de statutaire regels van deze Organisatie.

Artikel 20 1. Onverminderd de verplichtingen die voor België voortvloeien uit de verdragen betreffende de Europese Unie en de toepassing van de wetten en voorschriften, genieten de ambtenaren en personeelsleden van de Vertegenwoordiging, behalve die als vermeld in Artikel 16, het recht om tijdens een periode van twaalf maanden volgend op het tijdstip waarop zij voor de eerste maal hun functie hebben opgenomen, hun meubelen en een motorvoertuig voor persoonlijk gebruik vrij van douanerechten en belasting over de toegevoegde waarde in te voeren of aan te kopen.2. De bevoegde Minister van Financiën legt de beperkingen en toepassingsvoorwaarden van dit artikel vast. Artikel 21 België is niet verplicht de in dit Akkoord vastgelegde voordelen, voorrechten en immuniteiten, behalve die waarin Artikel 18.1 a) voorziet, aan eigen onderdanen of vaste ingezetenen toe te kennen.

Artikel 22 Voor de uitoefening van hun officiële functies bij de Vertegenwoordiging zijn de ambtenaren en personeelsleden van de Vertegenwoordiging niet onderworpen aan de Belgische wetgeving inzake tewerkstelling van buitenlandse arbeidskrachten en inzake de uitoefening door buitenlanders van zelfstandige beroepsactiviteiten.

Artikel 23 Voor 1 maart van elk jaar zal de Vertegenwoordiging aan alle begunstigden een fiche overhandigen waarop hun naam en adres, het bedrag van de salarissen, emolumenten, vergoedingen, pensioenen of rentes staan vermeld die hen gedurende het voorgaande jaar door het ICOM of door de Vertegenwoordiging werden gestort.

Wat de lonen, emolumenten en vergoedingen betreft die zijn onderworpen aan een belasting ten voordele van het ICOM, vermeldt deze fiche eveneens het bedrag van deze belasting.

Het dubbel van de fiches zal door de Vertegenwoordiging vóór voornoemde datum rechtstreeks aan de bevoegde Belgische fiscale administratie worden doorgestuurd.

Artikel 24 1. De ambtenaren en personeelsleden van de Vertegenwoordiging die geen Belgisch onderdaan of permanent verblijfshouder in België zijn en er geen enkele andere winstgevende activiteit uitoefenen dan die welke door hun officiële functies is vereist, kunnen kiezen voor aansluiting bij de sociale zekerheidsstelsels die van toepassing zijn op de ambtenaren en personeelsleden van het ICOM, overeenkomstig de voorschriften van deze stelsels.Dit keuzerecht dient te worden uitgeoefend binnen de twee weken volgend op de indiensttreding van de ambtenaar. Het moet, binnen dezelfde termijn, worden medegedeeld overeenkomstig Artikel 18.4. 2. De Vertegenwoordiging dient ervoor te zorgen dat de Belgische ambtenaren en personeelsleden en de permanente verblijfshouders evenals de ambtenaren en personeelsleden die niet gedekt zijn door, of niet gekozen hebben voor, de sociale bescherming van het ICOM, gedekt worden door het Belgische sociale zekerheidsstelsel. 3. Het ICOM verbindt zich ertoe haar ambtenaren die een functie uitoefenen in België en die aangesloten zijn bij haar sociale zekerheidstelsels, evenals aan hun samenwonende wettelijke echtgeno(o)t(e) en inwonende kinderen ten laste zoals vermeld onder Artikel 18.3, voordelen te garanderen die gelijk zijn aan die waarin het Belgische sociale zekerheidsstelsel voorziet. 4. De personeelsleden, aangeworven door de Vertegenwoordiging, die bij het ICOM geen vaste betrekking bekleden gelet op de opdracht en de statutaire regels van deze Organisatie, worden aangesloten bij het Belgische sociale zekerheidsstelsel.5. België kan van de Vertegenwoordiging of van het ICOM de kosten terugbetaald krijgen van elke bijstand van sociale aard die het mocht hebben verleend aan de ambtenaren of personeelsleden van het ICOM, tewerkgesteld bij de Vertegenwoordiging, die aangesloten zijn bij de sociale zekerheidsstelsels die op de ambtenaren van het ICOM van toepassing zijn. HOOFDSTUK III ALGEMENE BEPALINGEN Artikel 25 De voorrechten en immuniteiten worden uitsluitend toegekend aan de ambtenaren en personeelsleden van de Vertegenwoordiging in het belang van het ICOM en niet tot hun persoonlijk voordeel. Het Hoofd van de Vertegenwoordiging dient de immuniteit op te heffen in alle gevallen waarin ze een belemmering kan vormen voor de rechtsbedeling en voor zover ze kan worden opgeheven zonder de goede werking van de Vertegenwoordiging in gevaar te brengen.

Artikel 26 Onverminderd de door dit Akkoord aan de Vertegenwoordiging en aan haar ambtenaren en personeelsleden verleende rechten, behoudt België het recht om alle nuttige voorzorgen te nemen in het belang van zijn veiligheid.

Artikel 27 1. De personen vermeld in de Artikelen 16, 17 en 18, genieten geen enkele immuniteit van rechtsmacht voor de gevallen van inbreuk op de reglementering betreffende het zich in het verkeer begeven van voertuigen of schade berokkend door een motorvoertuig.2. De Vertegenwoordiging en haar ambtenaren en personeelsleden dienen zich te houden aan alle verplichtingen die de Belgische wetgeving op het gebied van wettelijke-aansprakelijkheidsverzekering voor het gebruik van een motorvoertuig oplegt. Artikel 28 De Vertegenwoordiging en al haar ambtenaren en personeelsleden werken te allen tijde samen met de bevoegde Belgische autoriteiten om de goede rechtsbedeling te vergemakkelijken, de naleving van het politiereglement te waarborgen en elk misbruik te vermijden waartoe de voorrechten, immuniteiten en faciliteiten waarin dit Akkoord voorziet, kunnen aanleiding geven.

Artikel 29 Het ICOM, de Vertegenwoordiging en al hun ambtenaren en personeelsleden dienen zich te houden aan de Belgische wetten en voorschriften en aan de te hunnen opzichte gedane uitspraken.

Artikel 30 België draagt ten aanzien van de werkzaamheden van de Vertegenwoordiging op zijn grondgebied generlei internationale aansprakelijkheid voor een daad of nalatigheid van de Vertegenwoordiging dan wel voor een daad of nalatigheid van haar ambtenaren die in het kader van hun functie een daad stellen of nalaten te stellen.

Artikel 31 1. Alle uiteenlopende standpunten aangaande de toepassing of interpretatie van dit Akkoord die niet geregeld konden worden middels rechtstreeks overleg tussen de Partijen, kunnen door één van de Partijen worden voorgelegd aan een scheidsgerecht, bestaande uit drie leden.2. De Partijen benoemen elk een lid van het scheidsgerecht.3. Het derde lid van het scheidsgerecht wordt benoemd door beide Partijen na overleg.4. Het derde lid wordt Voorzitter van het scheidsgerecht.5. Ingeval geen overeenstemming kan worden bereikt aangaande de persoon van het derde lid van het scheidsgerecht, wordt deze laatste op verzoek van de Partijen benoemd door de Voorzitter van het Internationaal Gerechtshof.6. Een Partij maakt een zaak bij het scheidsgerecht aanhangig door middel van een verzoekschrift.7. Het scheidsgerecht legt zijn eigen procedure vast. HOOFDSTUK IV SLOTBEPALINGEN Artikel 32 Elke Partij stelt de andere Partij ervan in kennis dat aan de voor de inwerkingtreding van dit Akkoord vereiste interne grondwettelijke en wettelijke procedures is voldaan.

Het Akkoord treedt in werking op de eerste dag van de tweede maand die volgt op de datum van de laatste kennisgeving.

Dit Akkoord kan op verzoek van een Partij worden herzien.

TEN BLIJKE WAARVAN de vertegenwoordigers van het Koninkrijk België en van het Internationaal Centrum voor de Ontwikkeling van het Migratiebeleid dit Akkoord hebben ondertekend.

GEDAAN te Brussel, in tweevoud, in de Nederlandse, de Franse en de Engelse taal, zijnde de drie teksten rechtsgeldig, op 21 mei 2008.

^