Ordonnantie ertoe strekkend een hoofdstuk V toe te voegen aan titel III van de huisvestingscode betreffende de straffen in geval van woningleegstand, tot wijziging van de ordonnantie van 12 december 1991 houdende oprichting van begrotingsfondsen en tot wijziging van het Gerechtelijke Wetboek | Ordonnantie ertoe strekkend een hoofdstuk V toe te voegen aan titel III van de huisvestingscode betreffende de straffen in geval van woningleegstand, tot wijziging van de ordonnantie van 12 december 1991 houdende oprichting van begrotingsfondsen en tot wijziging van het Gerechtelijke Wetboek |
---|---|
MINISTERIE VAN HET BRUSSELS HOOFDSTEDELIJK GEWEST | MINISTERIE VAN HET BRUSSELS HOOFDSTEDELIJK GEWEST |
30 APRIL 2009. - Ordonnantie ertoe strekkend een hoofdstuk V toe te | 30 APRIL 2009. - Ordonnantie ertoe strekkend een hoofdstuk V toe te |
voegen aan titel III van de huisvestingscode betreffende de straffen | voegen aan titel III van de huisvestingscode betreffende de straffen |
in geval van woningleegstand, tot wijziging van de ordonnantie van 12 | in geval van woningleegstand, tot wijziging van de ordonnantie van 12 |
december 1991 houdende oprichting van begrotingsfondsen en tot | december 1991 houdende oprichting van begrotingsfondsen en tot |
wijziging van het Gerechtelijke Wetboek (1) | wijziging van het Gerechtelijke Wetboek (1) |
Artikel 1.Deze ordonnantie regelt een aangelegenheid als bedoeld in |
Artikel 1.Deze ordonnantie regelt een aangelegenheid als bedoeld in |
artikel 39 van de Grondwet. | artikel 39 van de Grondwet. |
HOOFDSTUK I. - Wijzigingen in de Brusselse Huisvestingscode | HOOFDSTUK I. - Wijzigingen in de Brusselse Huisvestingscode |
Art. 2.In titel III van de Brusselse Huisvestingscode, wordt een |
Art. 2.In titel III van de Brusselse Huisvestingscode, wordt een |
hoofdstuk V, met als opschrift « Hoofdstuk V - Straffen voor | hoofdstuk V, met als opschrift « Hoofdstuk V - Straffen voor |
leegstaande woningen », toegevoegd, houdende een artikel 23duodecies, | leegstaande woningen », toegevoegd, houdende een artikel 23duodecies, |
luidende : | luidende : |
« § 1. De eigenaar, de vruchtgebruiker, de houder van een recht van | « § 1. De eigenaar, de vruchtgebruiker, de houder van een recht van |
opstal of van erfpacht van het gebouw, die een gebouw dat bestemd is | opstal of van erfpacht van het gebouw, die een gebouw dat bestemd is |
voor de huisvesting van een of meer gezinnen of een deel ervan laat | voor de huisvesting van een of meer gezinnen of een deel ervan laat |
leegstaan, zoals bepaald in artikel 18, § 2 en § 3 van deze Code, | leegstaan, zoals bepaald in artikel 18, § 2 en § 3 van deze Code, |
begaat een administratieve overtreding. | begaat een administratieve overtreding. |
§ 2. De Regering richt binnen het Ministerie van het Brussels | § 2. De Regering richt binnen het Ministerie van het Brussels |
Hoofdstedelijk Gewest een dienst op belast met de controle van de | Hoofdstedelijk Gewest een dienst op belast met de controle van de |
naleving van dit hoofdstuk. Onverminderd artikel 135 van de nieuwe | naleving van dit hoofdstuk. Onverminderd artikel 135 van de nieuwe |
gemeentewet, zijn de agenten ervan bevoegd om de in § 1 omschreven | gemeentewet, zijn de agenten ervan bevoegd om de in § 1 omschreven |
overtredingen op te sporen en een tot bewijs van het tegendeel geldend | overtredingen op te sporen en een tot bewijs van het tegendeel geldend |
proces-verbaal van vaststelling van de overtreding op te maken. Ze | proces-verbaal van vaststelling van de overtreding op te maken. Ze |
doen dat uit eigen beweging of na klacht van het College van | doen dat uit eigen beweging of na klacht van het College van |
burgemeester en schepenen of van verenigingen die opkomen voor het | burgemeester en schepenen of van verenigingen die opkomen voor het |
recht op huisvesting en die rechtspersoonlijkheid hebben op voorwaarde | recht op huisvesting en die rechtspersoonlijkheid hebben op voorwaarde |
dat ze erkend zijn door de regering volgens de criteria die ze daartoe | dat ze erkend zijn door de regering volgens de criteria die ze daartoe |
heeft vastgesteld. Ze mogen de woningen bezoeken tussen 8 en 20 uur na | heeft vastgesteld. Ze mogen de woningen bezoeken tussen 8 en 20 uur na |
voorafgaande waarschuwing van de in § 1 bedoelde personen, bij | voorafgaande waarschuwing van de in § 1 bedoelde personen, bij |
aangetekende brief, ten minste één week vóór de datum van het bezoek | aangetekende brief, ten minste één week vóór de datum van het bezoek |
ter plaatse. | ter plaatse. |
Een afschrift van het proces-verbaal van vaststelling van de | Een afschrift van het proces-verbaal van vaststelling van de |
overtreding wordt bezorgd aan de leidend ambtenaar van de dienst. | overtreding wordt bezorgd aan de leidend ambtenaar van de dienst. |
§ 3. Wanneer een dergelijke overtreding wordt vastgesteld, stuurt de | § 3. Wanneer een dergelijke overtreding wordt vastgesteld, stuurt de |
in § 2 bedoelde dienst een waarschuwing aan de vermoedelijke | in § 2 bedoelde dienst een waarschuwing aan de vermoedelijke |
overtreder met de aanmaning om binnen drie maanden een einde te maken | overtreder met de aanmaning om binnen drie maanden een einde te maken |
aan de overtreding. Het bewijs dat er een einde is gemaakt aan de | aan de overtreding. Het bewijs dat er een einde is gemaakt aan de |
overtreding kan worden geleverd met alle rechtsmiddelen. | overtreding kan worden geleverd met alle rechtsmiddelen. |
De waarschuwing wordt gegeven bij een ter post aangetekende brief, met | De waarschuwing wordt gegeven bij een ter post aangetekende brief, met |
ontvangstbewijs. Die brief bevat de volgende vermeldingen : | ontvangstbewijs. Die brief bevat de volgende vermeldingen : |
a) het ten laste gelegde feit en de overtreden wetsbepaling; | a) het ten laste gelegde feit en de overtreden wetsbepaling; |
b) de termijn waarbinnen een einde moet worden gemaakt aan de | b) de termijn waarbinnen een einde moet worden gemaakt aan de |
vastgestelde overtreding; | vastgestelde overtreding; |
c) de opgelopen administratieve straf; | c) de opgelopen administratieve straf; |
d) de mededeling dat, ingeval de opgelegde boeten niet worden betaald, | d) de mededeling dat, ingeval de opgelegde boeten niet worden betaald, |
de woning openbaar kan worden verkocht; | de woning openbaar kan worden verkocht; |
e) de gegevens en een korte beschrijving van de rol van het | e) de gegevens en een korte beschrijving van de rol van het |
WoonInformatieCentrum; | WoonInformatieCentrum; |
f) een bondige uitleg over de regelingen van het openbaarbeheersrecht | f) een bondige uitleg over de regelingen van het openbaarbeheersrecht |
en het in beheer nemen door een sociaal verhuurkantoor, zoals bepaald | en het in beheer nemen door een sociaal verhuurkantoor, zoals bepaald |
door dit wetboek. | door dit wetboek. |
§ 4. De in § 1 bedoelde overtreding wordt bestraft met een | § 4. De in § 1 bedoelde overtreding wordt bestraft met een |
administratieve geldboete die 500 EUR bedraagt per strekkende meter | administratieve geldboete die 500 EUR bedraagt per strekkende meter |
van de langste gevel vermenigvuldigd met het aantal verdiepingen van | van de langste gevel vermenigvuldigd met het aantal verdiepingen van |
de woning, de niet-ingerichte kelderverdieping en zolderverdieping | de woning, de niet-ingerichte kelderverdieping en zolderverdieping |
niet meegerekend. | niet meegerekend. |
Ingeval van een gedeeltelijk leegstaand gebouw, wordt de boete zo | Ingeval van een gedeeltelijk leegstaand gebouw, wordt de boete zo |
berekend dat de boete die verschuldigd zou zijn voor het hele gebouw | berekend dat de boete die verschuldigd zou zijn voor het hele gebouw |
gedeeld wordt door het aantal verdiepingen, zonder rekening te houden | gedeeld wordt door het aantal verdiepingen, zonder rekening te houden |
met de niet-ingerichte kelderverdiepingen en zolderverdiepingen, en | met de niet-ingerichte kelderverdiepingen en zolderverdiepingen, en |
het verkregen resultaat wordt vermenigvuldigd met het aantal | het verkregen resultaat wordt vermenigvuldigd met het aantal |
verdiepingen met leegstand. | verdiepingen met leegstand. |
De regering indexeert de voornoemde bedragen jaarlijks. | De regering indexeert de voornoemde bedragen jaarlijks. |
Tenzij de overtreder bewijst dat het gebouw niet continu heeft | Tenzij de overtreder bewijst dat het gebouw niet continu heeft |
leeggestaan, wordt het bedrag van de boete vermenigvuldigd met het | leeggestaan, wordt het bedrag van de boete vermenigvuldigd met het |
aantal jaren waarin de overtreding bestond, te rekenen vanaf de datum | aantal jaren waarin de overtreding bestond, te rekenen vanaf de datum |
van het proces-verbaal van eerste vaststelling. | van het proces-verbaal van eerste vaststelling. |
De administratieve geldboete wordt opgelegd nadat de leidend ambtenaar | De administratieve geldboete wordt opgelegd nadat de leidend ambtenaar |
van de in § 2 bedoelde dienst de vermoedelijke overtreder in staat | van de in § 2 bedoelde dienst de vermoedelijke overtreder in staat |
heeft gesteld om zijn verdedigingsmiddelen aan te voeren. | heeft gesteld om zijn verdedigingsmiddelen aan te voeren. |
§ 5. De administratieve geldboete moet worden betaald binnen zestig | § 5. De administratieve geldboete moet worden betaald binnen zestig |
dagen na de kennisgeving van de beslissing, niettegenstaande elk | dagen na de kennisgeving van de beslissing, niettegenstaande elk |
beroep. | beroep. |
Het verzoek tot betaling van de administratieve geldboete verjaart | Het verzoek tot betaling van de administratieve geldboete verjaart |
vijf jaar na de kennisgeving van de definitieve beslissing. De | vijf jaar na de kennisgeving van de definitieve beslissing. De |
verjaring wordt gestuit volgens de wijze en voorwaarden bepaald in de | verjaring wordt gestuit volgens de wijze en voorwaarden bepaald in de |
artikelen 2244 en volgende van het Burgerlijk Wetboek. | artikelen 2244 en volgende van het Burgerlijk Wetboek. |
Het Ministerie van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest wordt belast met | Het Ministerie van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest wordt belast met |
het innen, via dwangbevel, van de administratieve geldboete die bij | het innen, via dwangbevel, van de administratieve geldboete die bij |
aangetekende brief met betalingsbevel ter kennis van de overtreder | aangetekende brief met betalingsbevel ter kennis van de overtreder |
wordt gebracht. | wordt gebracht. |
De betaling van de administratieve geldboete wordt gewaarborgd met een | De betaling van de administratieve geldboete wordt gewaarborgd met een |
wettelijke hypotheek die ten gunste van het Ministerie van het | wettelijke hypotheek die ten gunste van het Ministerie van het |
Brussels Hoofdstedelijk Gewest wordt gevestigd op de woning waar de | Brussels Hoofdstedelijk Gewest wordt gevestigd op de woning waar de |
overtreding werd vastgesteld. Die waarborg geldt ook voor de | overtreding werd vastgesteld. Die waarborg geldt ook voor de |
schuldvordering die ontstaat door het voorschieten van de kosten voor | schuldvordering die ontstaat door het voorschieten van de kosten voor |
de hypothecaire formaliteiten. De inschrijving, hernieuwing, | de hypothecaire formaliteiten. De inschrijving, hernieuwing, |
vermindering en volledige of gedeeltelijke doorhaling worden | vermindering en volledige of gedeeltelijke doorhaling worden |
uitgevoerd overeenkomstig de bepalingen van de hypotheekwetgeving. | uitgevoerd overeenkomstig de bepalingen van de hypotheekwetgeving. |
Wanneer de overtreder de boete niet uit eigen beweging betaalt, doet | Wanneer de overtreder de boete niet uit eigen beweging betaalt, doet |
het Ministerie van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest de woning waar | het Ministerie van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest de woning waar |
de overtreding is vastgesteld, openbaar verkopen, met voorrang op | de overtreding is vastgesteld, openbaar verkopen, met voorrang op |
andere middelen tot gedwongen tenuitvoerlegging. | andere middelen tot gedwongen tenuitvoerlegging. |
§ 6. Beroep kan worden ingesteld, bij wege van verzoekschrift, bij de | § 6. Beroep kan worden ingesteld, bij wege van verzoekschrift, bij de |
rechtbank van eerste aanleg tegen de beslissing om een administratieve | rechtbank van eerste aanleg tegen de beslissing om een administratieve |
boete op te leggen. Dat moet gebeuren binnen dertig dagen na de | boete op te leggen. Dat moet gebeuren binnen dertig dagen na de |
kennisgeving van de beslissing. | kennisgeving van de beslissing. |
De bepaling van het eerste lid wordt opgenomen in de beslissing | De bepaling van het eerste lid wordt opgenomen in de beslissing |
waarbij de administratieve boete wordt opgelegd. | waarbij de administratieve boete wordt opgelegd. |
De rechtbank moet uitspraak doen binnen drie maanden na de indiening | De rechtbank moet uitspraak doen binnen drie maanden na de indiening |
van het in het eerste lid bedoelde verzoekschrift. | van het in het eerste lid bedoelde verzoekschrift. |
§ 7. De voorzitter van de rechtbank van eerste aanleg doet uitspraak | § 7. De voorzitter van de rechtbank van eerste aanleg doet uitspraak |
als in kort geding en kan, op verzoek van de administratieve overheden | als in kort geding en kan, op verzoek van de administratieve overheden |
of van een vereniging die opkomt voor het recht op huisvesting en die | of van een vereniging die opkomt voor het recht op huisvesting en die |
rechtspersoonlijkheid heeft op voorwaarde dat ze erkend is door de | rechtspersoonlijkheid heeft op voorwaarde dat ze erkend is door de |
regering volgens de criteria die ze daartoe heeft vastgesteld, bevelen | regering volgens de criteria die ze daartoe heeft vastgesteld, bevelen |
dat de eigenaar, de vruchtgebruiker, de houder van een recht van | dat de eigenaar, de vruchtgebruiker, de houder van een recht van |
opstal of van erfpacht op de woning gepaste maatregelen neemt om | opstal of van erfpacht op de woning gepaste maatregelen neemt om |
ervoor te zorgen dat de woning binnen een redelijke termijn wordt | ervoor te zorgen dat de woning binnen een redelijke termijn wordt |
bewoond. | bewoond. |
§ 8. Vijf procent van de opbrengst van de geldboeten wordt gestort in | § 8. Vijf procent van de opbrengst van de geldboeten wordt gestort in |
het « Fonds openbaar beheersrecht » dat opgericht werd bij de | het « Fonds openbaar beheersrecht » dat opgericht werd bij de |
ordonnantie van 20 juli 2006 houdende wijziging van de ordonnantie van | ordonnantie van 20 juli 2006 houdende wijziging van de ordonnantie van |
12 december 1991 houdende oprichting van begrotingsfondsen. | 12 december 1991 houdende oprichting van begrotingsfondsen. |
Vijfentachtig procent van de opbrengst wordt gestort aan de gemeente | Vijfentachtig procent van de opbrengst wordt gestort aan de gemeente |
waar de leegstaande woning zich bevindt voor zover ze uitdrukkelijk de | waar de leegstaande woning zich bevindt voor zover ze uitdrukkelijk de |
onbewoonde woningen geweerd heeft uit het toepassingsgebied van haar | onbewoonde woningen geweerd heeft uit het toepassingsgebied van haar |
belastingreglement betreffende de verlaten, onbewoonde of onafgewerkte | belastingreglement betreffende de verlaten, onbewoonde of onafgewerkte |
woningen. De gemeente wendt de opbrengst aan voor haar | woningen. De gemeente wendt de opbrengst aan voor haar |
huisvestingsbeleid. ». | huisvestingsbeleid. ». |
HOOFDSTUK II. - Bepalingen tot wijziging van de ordonnantie van 12 | HOOFDSTUK II. - Bepalingen tot wijziging van de ordonnantie van 12 |
december 1991 houdende oprichting van begrotingsfondsen | december 1991 houdende oprichting van begrotingsfondsen |
Art. 3.In artikel 2, 14°, van de ordonnantie van 12 december 1991 |
Art. 3.In artikel 2, 14°, van de ordonnantie van 12 december 1991 |
houdende oprichting van begrotingsfondsen, wordt het eerste lid | houdende oprichting van begrotingsfondsen, wordt het eerste lid |
aangevuld met de woorden : | aangevuld met de woorden : |
« De opbrengst van de boetes ontvangen krachtens hoofdstuk V van titel | « De opbrengst van de boetes ontvangen krachtens hoofdstuk V van titel |
III van de Huisvestingscode. ». | III van de Huisvestingscode. ». |
HOOFDSTUK III. - Bepalingen tot wijziging van het Gerechtelijk Wetboek | HOOFDSTUK III. - Bepalingen tot wijziging van het Gerechtelijk Wetboek |
Art. 4.§ 1. Artikel 569 van het Gerechtelijk Wetboek wordt met een |
Art. 4.§ 1. Artikel 569 van het Gerechtelijk Wetboek wordt met een |
punt 36° aangevuld, luidend : | punt 36° aangevuld, luidend : |
« 36° de beroepen tegen de beslissingen om een administratieve boete | « 36° de beroepen tegen de beslissingen om een administratieve boete |
op te leggen krachtens artikel 23/12, § 6 van de Brusselse | op te leggen krachtens artikel 23/12, § 6 van de Brusselse |
Huisvestingscode. ». | Huisvestingscode. ». |
§ 2. Artikel 585 van hetzelfde Wetboek wordt aangevuld met een punt | § 2. Artikel 585 van hetzelfde Wetboek wordt aangevuld met een punt |
13°, luidend : | 13°, luidend : |
« 13° over de verzoeken tot staking opgesteld krachtens artikel 23/12, | « 13° over de verzoeken tot staking opgesteld krachtens artikel 23/12, |
§ 7 van de Brusselse Huisvestingscode. ». | § 7 van de Brusselse Huisvestingscode. ». |
HOOFDSTUK IV. - Inwerkingtreding | HOOFDSTUK IV. - Inwerkingtreding |
Art. 5.Deze ordonnantie treedt in werking op 1 januari 2010. |
Art. 5.Deze ordonnantie treedt in werking op 1 januari 2010. |
Kondigen deze ordonnantie af, bevelen dat ze in het Belgisch | Kondigen deze ordonnantie af, bevelen dat ze in het Belgisch |
Staatsblad zal worden bekendgemaakt. | Staatsblad zal worden bekendgemaakt. |
Gegeven te Brussel, 30 april 2009. | Gegeven te Brussel, 30 april 2009. |
De Minister-President van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, | De Minister-President van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, |
belast met Plaatselijke Besturen, Ruimtelijke Ordening, Monumenten en | belast met Plaatselijke Besturen, Ruimtelijke Ordening, Monumenten en |
Landschappen, Stadsvernieuwing, Huisvesting, Openbare Netheid en | Landschappen, Stadsvernieuwing, Huisvesting, Openbare Netheid en |
Ontwikkelingssamenwerking, | Ontwikkelingssamenwerking, |
Ch. PICQUE | Ch. PICQUE |
De Minister van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, belast met | De Minister van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, belast met |
Financiën, Begroting, Openbaar Ambt en Externe Betrekkingen, | Financiën, Begroting, Openbaar Ambt en Externe Betrekkingen, |
G. VANHENGEL | G. VANHENGEL |
De Minister van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, belast met | De Minister van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, belast met |
Tewerkstelling, Economie, Wetenschappelijk Onderzoek, Brandbestrijding | Tewerkstelling, Economie, Wetenschappelijk Onderzoek, Brandbestrijding |
en Dringende Medische Hulp, | en Dringende Medische Hulp, |
B. CEREXHE | B. CEREXHE |
De Minister van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, belast met | De Minister van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, belast met |
Mobiliteit en Openbare Werken, | Mobiliteit en Openbare Werken, |
P. SMET | P. SMET |
De Minister van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, belast met | De Minister van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, belast met |
Leefmilieu, Energie en Waterbeleid, | Leefmilieu, Energie en Waterbeleid, |
Mevr. E. HUYTEBROECK | Mevr. E. HUYTEBROECK |
Nota | Nota |
(1) Gewone zitting 2007-2008-2009 : | (1) Gewone zitting 2007-2008-2009 : |
Documenten van het Parlement. - A-497/1 : Voorstel van ordonnantie. | Documenten van het Parlement. - A-497/1 : Voorstel van ordonnantie. |
A-497/2 : Verslag. - A-497/3 : Amendement na verslag. | A-497/2 : Verslag. - A-497/3 : Amendement na verslag. |
Integraal verslag. - Bespreking en aanneming : vergadering van vrijdag | Integraal verslag. - Bespreking en aanneming : vergadering van vrijdag |
3 april 2009. | 3 april 2009. |