Etaamb.openjustice.be
Meertalige weergave van Beschikking van 24/02/2005
← Terug naar "Ordonnantie tot wijziging van het Wetboek van successierechten "
Ordonnantie tot wijziging van het Wetboek van successierechten Ordonnantie tot wijziging van het Wetboek van successierechten
FEDERALE OVERHEIDSDIENST WERKGELEGENHEID, ARBEID EN SOCIAAL OVERLEG FEDERALE OVERHEIDSDIENST WERKGELEGENHEID, ARBEID EN SOCIAAL OVERLEG
17 FEBRUARI 2005. - Ordonnantie tot wijziging van het Wetboek van 17 FEBRUARI 2005. - Ordonnantie tot wijziging van het Wetboek van
successierechten successierechten
Het Brussels Hoofdstedelijk Parlement heeft aangenomen en Wij, Het Brussels Hoofdstedelijk Parlement heeft aangenomen en Wij,
Regering, bekrachtigen hetgeen volgt : Regering, bekrachtigen hetgeen volgt :

Artikel 1.Deze ordonnantie regelt een aangelegenheid als bedoeld in

Artikel 1.Deze ordonnantie regelt een aangelegenheid als bedoeld in

artikel 39 van de Grondwet. artikel 39 van de Grondwet.

Art. 2.Artikel 4 van het Wetboek van successierechten wordt aangevuld

Art. 2.Artikel 4 van het Wetboek van successierechten wordt aangevuld

als volgt : als volgt :
« 3° alle schenkingen onder de levenden van roerende goederen die de « 3° alle schenkingen onder de levenden van roerende goederen die de
overledene heeft gedaan onder een opschortende voorwaarde die vervuld overledene heeft gedaan onder een opschortende voorwaarde die vervuld
wordt ingevolge het overlijden van de schenker, wanneer de schenker wordt ingevolge het overlijden van de schenker, wanneer de schenker
zowel op het ogenblik van de schenking als op het ogenblik van zijn zowel op het ogenblik van de schenking als op het ogenblik van zijn
overlijden gewestinwoner van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest was. overlijden gewestinwoner van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest was.
Voor de toepassing van deze bepaling wordt onder gewestinwoner van het Voor de toepassing van deze bepaling wordt onder gewestinwoner van het
Brussels Hoofdstedelijk Gewest verstaan : Brussels Hoofdstedelijk Gewest verstaan :
a) op het ogenblik van de schenking : de persoon die op dat ogenblik a) op het ogenblik van de schenking : de persoon die op dat ogenblik
zijn fiscale woonplaats had in dat Gewest; als hij zijn fiscale zijn fiscale woonplaats had in dat Gewest; als hij zijn fiscale
woonplaats op meer dan één plaats in België heeft gehad tijdens de woonplaats op meer dan één plaats in België heeft gehad tijdens de
vijf jaar vóór de schenking, de persoon die zijn fiscale woonplaants vijf jaar vóór de schenking, de persoon die zijn fiscale woonplaants
in de voormelde periode het langst in dat Gewest had; in de voormelde periode het langst in dat Gewest had;
b) op het ogenblik van ijn overlijden : de persoon die op dat ogenblik b) op het ogenblik van ijn overlijden : de persoon die op dat ogenblik
zijn fiscale woonplaats had in dat Gewest; als hij zijn fiscale zijn fiscale woonplaats had in dat Gewest; als hij zijn fiscale
woonplaats op meer dan één plaats in België heeft gehad tijdens de woonplaats op meer dan één plaats in België heeft gehad tijdens de
vijf jaar vóór zijn overlijden, de persoon die zijn fiscale woonplaats vijf jaar vóór zijn overlijden, de persoon die zijn fiscale woonplaats
in de voormelde periode het langst in dat Gewest had. » in de voormelde periode het langst in dat Gewest had. »

Art. 3.Artikel 59 van hetzelfde Wetboek, gewijzigd bij ordonantie van

Art. 3.Artikel 59 van hetzelfde Wetboek, gewijzigd bij ordonantie van

20 december 2002 en bij ordonnantie van 29 april 2004, wordt vervangen 20 december 2002 en bij ordonnantie van 29 april 2004, wordt vervangen
als volgt : als volgt :
«

Art. 59.De rechten van successie en van overgang bij overlijden

«

Art. 59.De rechten van successie en van overgang bij overlijden

worden verlaagd : worden verlaagd :
1° tot 6,6 % voor de legaten aan gemeenten gelegen in het Brussels 1° tot 6,6 % voor de legaten aan gemeenten gelegen in het Brussels
Hoofdstedelijk Gewest en hun openbare instellingen, aan de door de Hoofdstedelijk Gewest en hun openbare instellingen, aan de door de
Brusselse Gewestelijke Huisvestingsmaatschappij erkende Brusselse Gewestelijke Huisvestingsmaatschappij erkende
maatschappijen, aan de coöperatieve vennootschap met beperkte maatschappijen, aan de coöperatieve vennootschap met beperkte
aansprakelijkheid Woningfonds van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, aansprakelijkheid Woningfonds van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest,
aan de intercommunales van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en aan aan de intercommunales van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en aan
de stichtingen van openbaar nut; de stichtingen van openbaar nut;
tot 6,6 % voor de legaten aan de Vlaamse Gemeenschap, de Franse tot 6,6 % voor de legaten aan de Vlaamse Gemeenschap, de Franse
Gemeenschap, de Duitstalige Gemeenschap, hun openbare instellingen en Gemeenschap, de Duitstalige Gemeenschap, hun openbare instellingen en
de openbare wetenschappelijke en culturele instellingen van de de openbare wetenschappelijke en culturele instellingen van de
federale Staat bedoeld in artikel 6bis, § 2, 4°, van de bijzondere wet federale Staat bedoeld in artikel 6bis, § 2, 4°, van de bijzondere wet
van 8 augustus1980 tot hervorming van de instellingen; van 8 augustus1980 tot hervorming van de instellingen;
2° tot 25 % voor de legaten aan verenigingen zonder winstoogmerk, aan 2° tot 25 % voor de legaten aan verenigingen zonder winstoogmerk, aan
ziekenfondsen en landsbonden van ziekenfondsen, aan ziekenfondsen en landsbonden van ziekenfondsen, aan
beroepsverenigingen, aan internationale verenigingen zonder beroepsverenigingen, aan internationale verenigingen zonder
winstoogmerk en aan private stichtingen; winstoogmerk en aan private stichtingen;
3° tot 12,5 % voor de legaten aan verenigingen zonder winstoogmerk en 3° tot 12,5 % voor de legaten aan verenigingen zonder winstoogmerk en
andere rechtspersonen zonder winstoogmerk die de federale erkenning andere rechtspersonen zonder winstoogmerk die de federale erkenning
kregen bedoeld in artikelen 104 en 110 van het Wetboek der kregen bedoeld in artikelen 104 en 110 van het Wetboek der
Inkomstenbelastingen, tenzij ze een voordeliger tarief genieten Inkomstenbelastingen, tenzij ze een voordeliger tarief genieten
overeenkomstig dit Wetboek. » overeenkomstig dit Wetboek. »

Art. 4.Artikel 66bis van hetzelfde Wetboek wordt aangevuld met een

Art. 4.Artikel 66bis van hetzelfde Wetboek wordt aangevuld met een

tweede lid, luidend als volgt : tweede lid, luidend als volgt :
« Het in het eerste lid bepaalde geldt niet voor schenkingen van « Het in het eerste lid bepaalde geldt niet voor schenkingen van
roerende goederen waarop het in artikel 131, § 2, van het Wetboek van roerende goederen waarop het in artikel 131, § 2, van het Wetboek van
registratie-, griffie- en hypotheekrechten bepaalde evenredig recht registratie-, griffie- en hypotheekrechten bepaalde evenredig recht
werd geheven. » werd geheven. »

Art. 5.Deze ordonnantie treedt in werking op de dag van de

Art. 5.Deze ordonnantie treedt in werking op de dag van de

bekendmaking in het Belgisch Staatsblad. bekendmaking in het Belgisch Staatsblad.
Kondigen deze ordonnantie af, bevelen dat ze in het Belgisch Kondigen deze ordonnantie af, bevelen dat ze in het Belgisch
Staatsblad zal worden bekendgemaakt. Staatsblad zal worden bekendgemaakt.
De Minister-President van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, De Minister-President van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering,
belast met Plaatselijke Besturen, Ruimtelijke Ordening, Monumenten en belast met Plaatselijke Besturen, Ruimtelijke Ordening, Monumenten en
Landschappen, Stadsvernieuwing, Huisvesting, Openbare Netheid en Landschappen, Stadsvernieuwing, Huisvesting, Openbare Netheid en
Ontwikkelingssamenwerking, Ontwikkelingssamenwerking,
Ch. PICQUE Ch. PICQUE
De Minister van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, belast met De Minister van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, belast met
Financiën, Begroting, Openbaar Ambt en Externe Betrekkingen, Financiën, Begroting, Openbaar Ambt en Externe Betrekkingen,
G. VANHENGEL G. VANHENGEL
De Minister van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, belast met De Minister van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, belast met
Tewerkstelling, Economie, Wetenschappelijk Onderzoek, Brandbestrijding Tewerkstelling, Economie, Wetenschappelijk Onderzoek, Brandbestrijding
en Dringende Medische Hulp, en Dringende Medische Hulp,
B. CEREXHE B. CEREXHE
De Minister van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, De Minister van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering,
belast met Mobiliteit en Openbare Werken, belast met Mobiliteit en Openbare Werken,
P. SMET P. SMET
De Minister van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, De Minister van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering,
belast met Leefmilieu, Energie en Waterbeleid, belast met Leefmilieu, Energie en Waterbeleid,
Mevr. E. HUYTEBROECK Mevr. E. HUYTEBROECK
^