Etaamb.openjustice.be
Meertalige weergave van Beschikking van 23/02/2006
← Terug naar "Ordonnantie houdende instemming wordt betuigd met het Samenwerkingsakkoord van 30 mei 2005 betreffende de meerwaardeneconomie gesloten tussen de Federale Staat, het Vlaams, het Waals en het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en de Duistalige Gemeenschap "
Ordonnantie houdende instemming wordt betuigd met het Samenwerkingsakkoord van 30 mei 2005 betreffende de meerwaardeneconomie gesloten tussen de Federale Staat, het Vlaams, het Waals en het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en de Duistalige Gemeenschap Ordonnantie houdende instemming wordt betuigd met het Samenwerkingsakkoord van 30 mei 2005 betreffende de meerwaardeneconomie gesloten tussen de Federale Staat, het Vlaams, het Waals en het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en de Duistalige Gemeenschap
MINISTERIE VAN HET BRUSSELS HOOFDSTEDELIJK GEWEST MINISTERIE VAN HET BRUSSELS HOOFDSTEDELIJK GEWEST
23 FEBRUARI 2006. - Ordonnantie houdende instemming wordt betuigd met 23 FEBRUARI 2006. - Ordonnantie houdende instemming wordt betuigd met
het Samenwerkingsakkoord van 30 mei 2005 betreffende de het Samenwerkingsakkoord van 30 mei 2005 betreffende de
meerwaardeneconomie gesloten tussen de Federale Staat, het Vlaams, het meerwaardeneconomie gesloten tussen de Federale Staat, het Vlaams, het
Waals en het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en de Duistalige Waals en het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en de Duistalige
Gemeenschap (1) Gemeenschap (1)

Artikel 1.Deze ordonnantie regelt een aangelegenheid zoals bedoeld in

Artikel 1.Deze ordonnantie regelt een aangelegenheid zoals bedoeld in

artikel 39 van de Grondwet. artikel 39 van de Grondwet.

Art. 2.Instemming wordt betuigd met het Samenwerkingsakkoord van 30

Art. 2.Instemming wordt betuigd met het Samenwerkingsakkoord van 30

mei 2005 betreffende de meerwaardeneconomie gesloten tussen de mei 2005 betreffende de meerwaardeneconomie gesloten tussen de
Federale Staat, het Vlaams, het Waals en het Brussels Hoofdstedelijk Federale Staat, het Vlaams, het Waals en het Brussels Hoofdstedelijk
Gewest en de Duistalige Gemeenschap. Gewest en de Duistalige Gemeenschap.
Samenwerkingsakkoord tussen de Federale Staat, het Vlaams, het Waals Samenwerkingsakkoord tussen de Federale Staat, het Vlaams, het Waals
en het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en de Duitstalige Gemeenschap en het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en de Duitstalige Gemeenschap
betreffende de meerwaardeneconomie betreffende de meerwaardeneconomie
Gelet op het artikel 35 van de Grondwet; Gelet op het artikel 35 van de Grondwet;
Gelet op de bijzondere wet van 8 augustus 1980 tot hervorming der Gelet op de bijzondere wet van 8 augustus 1980 tot hervorming der
instellingen, inzonderheid artikel 4, 6 en 92bis, § 1, ingevoegd bij instellingen, inzonderheid artikel 4, 6 en 92bis, § 1, ingevoegd bij
de bijzondere wet van 8 augustus 1988, en gewijzigd bij de bijzondere de bijzondere wet van 8 augustus 1988, en gewijzigd bij de bijzondere
wet van 16 juli 1993; wet van 16 juli 1993;
Gelet op de bijzondere wet van 12 januari 1989 met betrekking tot de Gelet op de bijzondere wet van 12 januari 1989 met betrekking tot de
Brusselse instellingen, inzonderheid op artikel 42; Brusselse instellingen, inzonderheid op artikel 42;
Gelet op de wet van 31 december 1983 tot hervorming van de Gelet op de wet van 31 december 1983 tot hervorming van de
instellingen voor de Duitstalige Gemeenschap, inzonderheid op artikel instellingen voor de Duitstalige Gemeenschap, inzonderheid op artikel
55bis; 55bis;
Gelet op het decreet van de Waalse Gewestraad van 6 mei 1999 en het Gelet op het decreet van de Waalse Gewestraad van 6 mei 1999 en het
decreet van de Duitstalige Gemeenschapsraad van 10 mei 1999 houdende decreet van de Duitstalige Gemeenschapsraad van 10 mei 1999 houdende
de uitoefening door de Duitstalige Gemeenschap van de bevoegdheden van de uitoefening door de Duitstalige Gemeenschap van de bevoegdheden van
het Waalse Gewest inzake Tewerkstelling en Opgravingen; het Waalse Gewest inzake Tewerkstelling en Opgravingen;
Gelet op de wetten op de Rijkscomptabiliteit, gecoördineerd bij het Gelet op de wetten op de Rijkscomptabiliteit, gecoördineerd bij het
koninklijk besluit van 17 juli 1991, inzonderheid op de artikelen 55 koninklijk besluit van 17 juli 1991, inzonderheid op de artikelen 55
en 58; en 58;
Gelet op de wet van 26 juni 2001 betreffende de instemming met het Gelet op de wet van 26 juni 2001 betreffende de instemming met het
samenwerkingsakkoord tussen de Federale Staat, het Vlaams, het Waals samenwerkingsakkoord tussen de Federale Staat, het Vlaams, het Waals
en het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en de Duitstalige Gemeenschap en het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en de Duitstalige Gemeenschap
betreffende de sociale economie van 4 juli 2000; betreffende de sociale economie van 4 juli 2000;
Gelet op Europese werkgelegenheidsrichtlijnen van 2003, bevestigd door Gelet op Europese werkgelegenheidsrichtlijnen van 2003, bevestigd door
de Europese Raad van 22 juli 2003 en herbevestigd door de Europese de Europese Raad van 22 juli 2003 en herbevestigd door de Europese
Raad van Brussel van 18 juni 2004, in het bijzonder de richtlijnen 7 Raad van Brussel van 18 juni 2004, in het bijzonder de richtlijnen 7
en 10; en 10;
Gelet op het federaal regeerakkoord van 8 juli 2003; Gelet op het federaal regeerakkoord van 8 juli 2003;
Gelet op de regeringsverklaring van de Duitstalige Gemeenschap van 13 Gelet op de regeringsverklaring van de Duitstalige Gemeenschap van 13
september 2004; september 2004;
Gelet op het Vlaamse regeerakkoord van 20 juli 2004; Gelet op het Vlaamse regeerakkoord van 20 juli 2004;
Gelet op het Waalse regeerakkoord van 19 juli 2004; Gelet op het Waalse regeerakkoord van 19 juli 2004;
Gelet op het Brussels regeerakkoord van 10 juli 2004; Gelet op het Brussels regeerakkoord van 10 juli 2004;
Gelet op het advies van de Raad van State nummer 30.431/1 van 4 Gelet op het advies van de Raad van State nummer 30.431/1 van 4
oktober 2000; oktober 2000;
Gelet op het advies van de Raad van State nummer 38.873/1/V van 18 Gelet op het advies van de Raad van State nummer 38.873/1/V van 18
augustus 2005; augustus 2005;
Overwegende dat de Federale Staat, de Duitstalige Gemeenschap en de Overwegende dat de Federale Staat, de Duitstalige Gemeenschap en de
Gewesten van oordeel zijn dat de uitbouw van een sociale economie in Gewesten van oordeel zijn dat de uitbouw van een sociale economie in
het perspectief dient geplaatst van de uitbouw van een het perspectief dient geplaatst van de uitbouw van een
meerwaardeneconomie; meerwaardeneconomie;
Overwegende dat de Federale Staat, de Duitstalige Gemeenschap en de Overwegende dat de Federale Staat, de Duitstalige Gemeenschap en de
Gewesten hun gezamenlijk verbintenissen en ambities als bedoeld in het Gewesten hun gezamenlijk verbintenissen en ambities als bedoeld in het
samenwerkingsakkoord voor sociale economie van 4 juli 2000, met het samenwerkingsakkoord voor sociale economie van 4 juli 2000, met het
oog op een verdere versterking en uitbouw van de sociale economie en oog op een verdere versterking en uitbouw van de sociale economie en
de meerwaardeneconomie wensen te herbevestigen en verder uit te de meerwaardeneconomie wensen te herbevestigen en verder uit te
bouwen; bouwen;
Overwegende dat het belangrijk is de economie in haar globaliteit te Overwegende dat het belangrijk is de economie in haar globaliteit te
beschouwen waarbij niet alleen economische maar ook sociale, beschouwen waarbij niet alleen economische maar ook sociale,
ecologische en ethische doelstellingen worden geïntegreerd. Ervan ecologische en ethische doelstellingen worden geïntegreerd. Ervan
uitgaande dat men er ook voor moet zorgen dat er projecten ontwikkeld uitgaande dat men er ook voor moet zorgen dat er projecten ontwikkeld
worden die de sociale objectieven zoals begeleiding, vorming of worden die de sociale objectieven zoals begeleiding, vorming of
integratie van kansengroepen in de maatschappij meer beklemtonen. De integratie van kansengroepen in de maatschappij meer beklemtonen. De
contracterende partijen onderstrepen de noodzaak van nieuwe contracterende partijen onderstrepen de noodzaak van nieuwe
constructieve partnerships en een maatschappelijke dialoog voor de constructieve partnerships en een maatschappelijke dialoog voor de
ontwikkeling van een zogenaamde meerwaardeneconomie; ontwikkeling van een zogenaamde meerwaardeneconomie;
Overwegende dat dit samenwerkingsakkoord de waarde beklemtoont van Overwegende dat dit samenwerkingsakkoord de waarde beklemtoont van
initiatieven die maatschappelijke doelstellingen combineren met een initiatieven die maatschappelijke doelstellingen combineren met een
economische dynamiek. Deze maatschappelijke doelstellingen situeren economische dynamiek. Deze maatschappelijke doelstellingen situeren
zich zowel op het vlak van de socio-professionele integratie van zich zowel op het vlak van de socio-professionele integratie van
kansengroepen als op het vlak van het behoud of het herstel van de kansengroepen als op het vlak van het behoud of het herstel van de
sociale cohesie, het bevorderen van gelijke kansen, het streven naar sociale cohesie, het bevorderen van gelijke kansen, het streven naar
een interculturele samenleving, het duurzaam omgaan met het een interculturele samenleving, het duurzaam omgaan met het
leefmilieu, het versterken van de banden tussen Noord en Zuid, enz.; leefmilieu, het versterken van de banden tussen Noord en Zuid, enz.;
Overwegende dat deze doelstellingen ook kunnen beschouwd worden als Overwegende dat deze doelstellingen ook kunnen beschouwd worden als
een belangrijke uitdaging voor de economie in haar totaliteit en dat een belangrijke uitdaging voor de economie in haar totaliteit en dat
ondernemingen een belangrijke rol en verantwoordelijkheid te vervullen ondernemingen een belangrijke rol en verantwoordelijkheid te vervullen
hebben in het streven naar een meer duurzame ontwikkeling; hebben in het streven naar een meer duurzame ontwikkeling;
Overwegende de synergieën tussen principes uit de reguliere en de Overwegende de synergieën tussen principes uit de reguliere en de
sociale economie beter dienen te worden onderzocht, gesteund en sociale economie beter dienen te worden onderzocht, gesteund en
gestimuleerd; gestimuleerd;
Overwegende dat er nood bestaat aan modellen en instrumenten die zowel Overwegende dat er nood bestaat aan modellen en instrumenten die zowel
de maatschappelijke als de economische meerwaarde van initiatieven de maatschappelijke als de economische meerwaarde van initiatieven
binnen de sociale economie en binnen de reguliere economie op binnen de sociale economie en binnen de reguliere economie op
objectieve wijze in kaart brengen; objectieve wijze in kaart brengen;
Overwegende dat de diverse overheden hun ondersteuningsbeleid moeten Overwegende dat de diverse overheden hun ondersteuningsbeleid moeten
oriënteren rekening houdend met de resultaten van de hierboven oriënteren rekening houdend met de resultaten van de hierboven
vermelde analyses; vermelde analyses;
Overwegende dat het naleven van de concurrentieregels ook vanuit deze Overwegende dat het naleven van de concurrentieregels ook vanuit deze
invalshoek dient belicht te worden; invalshoek dient belicht te worden;
Overwegende dat de verdere uitbouw en structurele verankering van Overwegende dat de verdere uitbouw en structurele verankering van
buurt- en nabijheidsdiensten met het oog op het invullen van buurt- en nabijheidsdiensten met het oog op het invullen van
collectieve of individuele behoeften op lokaal vlak belangrijke collectieve of individuele behoeften op lokaal vlak belangrijke
groeikansen op het vlak van werkgelegenheid bieden, en tevens een groeikansen op het vlak van werkgelegenheid bieden, en tevens een
belangrijke bijdrage leveren in het versterken van de sociale cohesie, belangrijke bijdrage leveren in het versterken van de sociale cohesie,
voornamelijk door hun kenmerkende participatieve aanpak; voornamelijk door hun kenmerkende participatieve aanpak;
Overwegende dat de Federale Staat, de Duitstalige Gemeenschap en de Overwegende dat de Federale Staat, de Duitstalige Gemeenschap en de
Gewesten vanuit hun respectievelijke bevoegdheden initiatieven in die Gewesten vanuit hun respectievelijke bevoegdheden initiatieven in die
zin kunnen en moeten ondersteunen; zin kunnen en moeten ondersteunen;
Overwegende dat het derhalve wenselijk is dat de Federale Staat, de Overwegende dat het derhalve wenselijk is dat de Federale Staat, de
Duitstalige Gemeenschap en de Gewesten in het kader van een Duitstalige Gemeenschap en de Gewesten in het kader van een
wederzijdse afstemming van de beleidsmaatregelen, een gecoördineerde wederzijdse afstemming van de beleidsmaatregelen, een gecoördineerde
inzet van budget-taire middelen en een nauwgezette monitoring van de inzet van budget-taire middelen en een nauwgezette monitoring van de
vooropgestelde doelstellingen, een samenwerkingsakkoord sluiten; vooropgestelde doelstellingen, een samenwerkingsakkoord sluiten;
De Federale Staat, vertegenwoordigd door de Vice-eerste Minister, De Federale Staat, vertegenwoordigd door de Vice-eerste Minister,
minister van Begroting en Overheidsbedrijven, de minister bevoegd voor minister van Begroting en Overheidsbedrijven, de minister bevoegd voor
Economie, de minister bevoegd voor Werk, de minister bevoegd voor Economie, de minister bevoegd voor Werk, de minister bevoegd voor
Maatschappelijke Integratie en de staatssecretaris bevoegd voor Maatschappelijke Integratie en de staatssecretaris bevoegd voor
Sociale Economie; Sociale Economie;
De Duitstalige Gemeenschap, vertegenwoordigd door haar Regering, in de De Duitstalige Gemeenschap, vertegenwoordigd door haar Regering, in de
persoon van de Minister-President, en van de Duitstalige minister persoon van de Minister-President, en van de Duitstalige minister
bevoegd voor Werkgelegenheid; bevoegd voor Werkgelegenheid;
De Vlaamse Gemeenschap, vertegenwoordigd door de Vlaamse Regering, in De Vlaamse Gemeenschap, vertegenwoordigd door de Vlaamse Regering, in
de persoon van haar Minister-Presi-dent en van de Vlaamse minister de persoon van haar Minister-Presi-dent en van de Vlaamse minister
bevoegd voor Sociale Economie; bevoegd voor Sociale Economie;
Het Waalse Gewest, vertegenwoordigd door de Waalse Regering, in de Het Waalse Gewest, vertegenwoordigd door de Waalse Regering, in de
persoon van de Minister-President en van de minister bevoegd voor persoon van de Minister-President en van de minister bevoegd voor
Sociale Economie; Sociale Economie;
Het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, vertegenwoordigd door de Brusselse Het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, vertegenwoordigd door de Brusselse
Hoofdstedelijke Regering, in de persoon van haar Minister-Voorzitter Hoofdstedelijke Regering, in de persoon van haar Minister-Voorzitter
en van de Brusselse minister bevoegd voor Economie en Tewerkstelling; en van de Brusselse minister bevoegd voor Economie en Tewerkstelling;
Zijn het volgende overeengekomen : Zijn het volgende overeengekomen :
HOOFDSTUK I. - Algemene doelstellingen en toepassingsgebied HOOFDSTUK I. - Algemene doelstellingen en toepassingsgebied
Artikel 1 Artikel 1
§ 1. De meerwaardeneconomie beschouwt de economie in haar globaliteit. § 1. De meerwaardeneconomie beschouwt de economie in haar globaliteit.
Zij streeft niet alleen zuiver economische doelstellingen na, maar ook Zij streeft niet alleen zuiver economische doelstellingen na, maar ook
sociale, ecologische en ethische. Dit samenwerkingsakkoord is sociale, ecologische en ethische. Dit samenwerkingsakkoord is
gebaseerd op twee pijlers van de meerwaardeneconomie: sociale economie gebaseerd op twee pijlers van de meerwaardeneconomie: sociale economie
en maatschappelijk verantwoord ondernemen. en maatschappelijk verantwoord ondernemen.
§ 2. De Federale staat, de Duitstalige Gemeenschap en de Gewesten § 2. De Federale staat, de Duitstalige Gemeenschap en de Gewesten
verbinden zich ertoe om samen inspanningen te leveren op het vlak van verbinden zich ertoe om samen inspanningen te leveren op het vlak van
onderzoek, informatieverzameling en bevordering van de onderzoek, informatieverzameling en bevordering van de
meerwaardeneconomie, dit teneinde : meerwaardeneconomie, dit teneinde :
1° de ontwikkeling van sociale-economie-initiatieven en bedrijven 1° de ontwikkeling van sociale-economie-initiatieven en bedrijven
verder te ondersteunen; verder te ondersteunen;
Sociale-economie-initiatieven en -bedrijven produceren goederen of Sociale-economie-initiatieven en -bedrijven produceren goederen of
leveren diensten die op de markt worden aangeboden, waarvoor een prijs leveren diensten die op de markt worden aangeboden, waarvoor een prijs
wordt betaald en waarvoor een behoefte en cliënteel bestaat. Zij wordt betaald en waarvoor een behoefte en cliënteel bestaat. Zij
beogen continuïteit, rentabiliteit en duurzame ontwikkeling. Deze beogen continuïteit, rentabiliteit en duurzame ontwikkeling. Deze
initiatieven en bedrijven eerbiedigen de volgende basisprincipes : initiatieven en bedrijven eerbiedigen de volgende basisprincipes :
voorrang van arbeid op kapitaal, beheersautonomie, dienstverlening aan voorrang van arbeid op kapitaal, beheersautonomie, dienstverlening aan
de leden, aan de gemeenschap en aan de stakeholders, democratische de leden, aan de gemeenschap en aan de stakeholders, democratische
besluitvorming, duurzame ontwikkeling met respect voor het leefmilieu. besluitvorming, duurzame ontwikkeling met respect voor het leefmilieu.
Binnen deze sociale-economie-initiatieven nemen de buurt- en Binnen deze sociale-economie-initiatieven nemen de buurt- en
nabijheidsdiensten een belangrijke plaats in; nabijheidsdiensten een belangrijke plaats in;
2° de ondersteuning van het maatschappelijk verantwoord ondernemen, 2° de ondersteuning van het maatschappelijk verantwoord ondernemen,
dit is een wijze van bedrijfsvoering waarbij in individuele dit is een wijze van bedrijfsvoering waarbij in individuele
ondernemingen en organisaties gestreefd wordt naar een duurzaam ondernemingen en organisaties gestreefd wordt naar een duurzaam
evenwicht tussen economisch succes en de sociale, ecologische en evenwicht tussen economisch succes en de sociale, ecologische en
ethische aspecten waarmee ondernemingen in de sociale en reguliere ethische aspecten waarmee ondernemingen in de sociale en reguliere
economie geconfronteerd worden. economie geconfronteerd worden.
§ 3. De Federale staat, de Gewesten en de Duitstalige Gemeenschap § 3. De Federale staat, de Gewesten en de Duitstalige Gemeenschap
verbinden zich er toe de synergieën tussen de sociale economie en het verbinden zich er toe de synergieën tussen de sociale economie en het
maatschappelijk verantwoord ondernemen zo veel mogelijk te stimuleren maatschappelijk verantwoord ondernemen zo veel mogelijk te stimuleren
en te bewerkstelligen. en te bewerkstelligen.
HOOFDSTUK 2. - Gezamenlijke verbintenissen HOOFDSTUK 2. - Gezamenlijke verbintenissen
Artikel 2 Artikel 2
§ 1. De contracterende partijen verbinden zich ertoe, elk binnen hun § 1. De contracterende partijen verbinden zich ertoe, elk binnen hun
bevoegdheid, de nodige maatregelen te nemen en middelen vrij te maken bevoegdheid, de nodige maatregelen te nemen en middelen vrij te maken
met het oog op de ont wikkeling van de twee pijlers van de met het oog op de ont wikkeling van de twee pijlers van de
meerwaardeneconomie zoals bedoeld in artikel 1 van dit meerwaardeneconomie zoals bedoeld in artikel 1 van dit
Samenwerkingsakkoord. Samenwerkingsakkoord.
§ 2. De contracterende partijen verbinden zich ertoe volwaardige en § 2. De contracterende partijen verbinden zich ertoe volwaardige en
duurzame werkgelegenheid en maximale kansen voor de kansengroepen duurzame werkgelegenheid en maximale kansen voor de kansengroepen
voorop te stellen in de verdere ontwikkeling van deze twee pijlers. voorop te stellen in de verdere ontwikkeling van deze twee pijlers.
Hierbij zal behalve aan de langdurig werkzoekenden, specifiek aandacht Hierbij zal behalve aan de langdurig werkzoekenden, specifiek aandacht
worden besteed aan de duurzame integratie van de groep van worden besteed aan de duurzame integratie van de groep van
leefloongerechtigden en de gerechtigden op financiële steun vanuit een leefloongerechtigden en de gerechtigden op financiële steun vanuit een
loopbaanperspectief. Daarom verbinden de contracterende partijen zich loopbaanperspectief. Daarom verbinden de contracterende partijen zich
ertoe om in de globaliteit van alle werkgelegenheidsmaatregelen een ertoe om in de globaliteit van alle werkgelegenheidsmaatregelen een
evenredige vertegenwoordiging van de groep van leefloongerechtigden en evenredige vertegenwoordiging van de groep van leefloongerechtigden en
gerechtigden op financiële steun als objectief voorop te stellen en gerechtigden op financiële steun als objectief voorop te stellen en
daarvoor maximale inspanningen te doen om dit te bereiken. De daarvoor maximale inspanningen te doen om dit te bereiken. De
evenredigheid betreft het proportioneel aandeel van deze groep in de evenredigheid betreft het proportioneel aandeel van deze groep in de
globale populatie van werkzoekenden. globale populatie van werkzoekenden.
Er zal een opvolgingssysteem worden opgezet dat halfjaarlijks de Er zal een opvolgingssysteem worden opgezet dat halfjaarlijks de
precieze aard van de tewerkstellingsplaatsen die door de precieze aard van de tewerkstellingsplaatsen die door de
leefloongerechtigden en gerechtigden op financiële steun worden leefloongerechtigden en gerechtigden op financiële steun worden
ingenomen, in kaart brengt, evenals de verschillende ingenomen, in kaart brengt, evenals de verschillende
tewerkstellingsmogelijkheden die via de sociale economie worden tewerkstellingsmogelijkheden die via de sociale economie worden
geboden. Dit opvolgingssysteem zal gecontroleerd worden in het kader geboden. Dit opvolgingssysteem zal gecontroleerd worden in het kader
van de informatieuitwisseling die zal gebeuren binnen het netwerk van van de informatieuitwisseling die zal gebeuren binnen het netwerk van
de administraties, als bedoeld in artikel 5, § 6, van dit de administraties, als bedoeld in artikel 5, § 6, van dit
samenwerkingsakkoord. samenwerkingsakkoord.
§ 3. De contracterende partijen herbevestigen hun gezamenlijke § 3. De contracterende partijen herbevestigen hun gezamenlijke
verbintenissen aangegaan in het kader van de nationale verbintenissen aangegaan in het kader van de nationale
werkgelegenheidsconferentie van oktober 2003 om 12.000 bijkomende werkgelegenheidsconferentie van oktober 2003 om 12.000 bijkomende
arbeidsplaatsen te creëren voor oktober 2007. arbeidsplaatsen te creëren voor oktober 2007.
Artikel 3 Artikel 3
§ 1. De contracterende partijen verbinden zich ertoe om zowel § 1. De contracterende partijen verbinden zich ertoe om zowel
kwantitatieve als kwalitatieve operationele doelstellingen vast te kwantitatieve als kwalitatieve operationele doelstellingen vast te
stellen voor de twee pijlers van de meerwaardeneconomie Voor elk van stellen voor de twee pijlers van de meerwaardeneconomie Voor elk van
de twee verbintenissen zoals bedoeld in artikel 2 van dit de twee verbintenissen zoals bedoeld in artikel 2 van dit
samenwerkingsakkoord zullen in overleg tussen de Federale Staat, samenwerkingsakkoord zullen in overleg tussen de Federale Staat,
enerzijds, en één of meerdere Gewesten en/of de Duitstalige enerzijds, en één of meerdere Gewesten en/of de Duitstalige
Gemeenschap, anderzijds, zowel kwantitatieve als kwalitatieve Gemeenschap, anderzijds, zowel kwantitatieve als kwalitatieve
operationele doelstellingen worden vastgesteld. Er zal een systeem operationele doelstellingen worden vastgesteld. Er zal een systeem
worden opgezet om het naleven van de wederzijdse verbintenissen en het worden opgezet om het naleven van de wederzijdse verbintenissen en het
behalen van de door de contracterende partijen vooropgestelde behalen van de door de contracterende partijen vooropgestelde
doelstellingen op regelmatige tijdstippen op te volgen, evalueren en doelstellingen op regelmatige tijdstippen op te volgen, evalueren en
controleren. Dit systeem zal binnen het overlegcomité, zoals bedoeld controleren. Dit systeem zal binnen het overlegcomité, zoals bedoeld
in artikel 5 van het samenwerkingsakkoord, worden vastgelegd. in artikel 5 van het samenwerkingsakkoord, worden vastgelegd.
§ 2. Elke overheid organiseert in haar schoot overleg met de § 2. Elke overheid organiseert in haar schoot overleg met de
verschillende stakeholders betreffende de meerwaardeneconomie. verschillende stakeholders betreffende de meerwaardeneconomie.
Artikel 4 Artikel 4
Om de vermelde doelstellingen zoals bedoeld in artikel 3, § 1, van dit Om de vermelde doelstellingen zoals bedoeld in artikel 3, § 1, van dit
samenwerkingsakkoord, te realiseren, verbinden de contracterende samenwerkingsakkoord, te realiseren, verbinden de contracterende
partijen zich ertoe de federale en de gewestelijke en partijen zich ertoe de federale en de gewestelijke en
gemeenschapsmaatregelen maximaal op elkaar af te stemmen zodat ze gemeenschapsmaatregelen maximaal op elkaar af te stemmen zodat ze
elkaar aanvullen en elkaar versterken. Hierbij zullen de volgende elkaar aanvullen en elkaar versterken. Hierbij zullen de volgende
principes gehanteerd worden : principes gehanteerd worden :
1° effectiviteit of het streven naar een effectief bereik van de 1° effectiviteit of het streven naar een effectief bereik van de
beoogde doelgroepen en invulling van de doelstelling; beoogde doelgroepen en invulling van de doelstelling;
2° efficiëntie of het hanteren van een kosten-baten analyse op basis 2° efficiëntie of het hanteren van een kosten-baten analyse op basis
van zowel economische als maatschappelijke realisaties; van zowel economische als maatschappelijke realisaties;
3° eenvoud of het vereenvoudigen en verduidelijken van onder meer 3° eenvoud of het vereenvoudigen en verduidelijken van onder meer
administratieve procedures, maatregelen, wettelijke bepalingen, administratieve procedures, maatregelen, wettelijke bepalingen,
formaliteiten en uitbetalingmodaliteiten en dit zowel voor de formaliteiten en uitbetalingmodaliteiten en dit zowel voor de
gebruikers als voor bedrijven en de overheidsinstanties; gebruikers als voor bedrijven en de overheidsinstanties;
4° transparantie, hiermee informeren de contracterende partijen elkaar 4° transparantie, hiermee informeren de contracterende partijen elkaar
onderling en regelmatig, via de ingevolge artikel 5 opgezette onderling en regelmatig, via de ingevolge artikel 5 opgezette
structuren, over hun beslissingen en activiteiten; structuren, over hun beslissingen en activiteiten;
5° zekerheid waarmee onder meer duidelijke interpretaties en zekere 5° zekerheid waarmee onder meer duidelijke interpretaties en zekere
toepassingsperiodes worden nagestreefd; toepassingsperiodes worden nagestreefd;
6° opvolgingsmogelijkheden of duidelijke monitoring; 6° opvolgingsmogelijkheden of duidelijke monitoring;
7° eenduidigheid in de terminologie en dit zowel in het beleid als in 7° eenduidigheid in de terminologie en dit zowel in het beleid als in
de communicatie inzake meerwaardeneconomie; de communicatie inzake meerwaardeneconomie;
8° complementariteit of het onderling aanvullen en/of versterken van 8° complementariteit of het onderling aanvullen en/of versterken van
de verschillende maatregelen; de verschillende maatregelen;
9° gerichte communicatie en waar mogelijk afstemming en geïntegreerde 9° gerichte communicatie en waar mogelijk afstemming en geïntegreerde
inzet van middelen; inzet van middelen;
10° participatie of het actief betrekken van alle stakeholders bij het 10° participatie of het actief betrekken van alle stakeholders bij het
uitstippelen van beleid en dit zowel op het niveau van de projecten uitstippelen van beleid en dit zowel op het niveau van de projecten
als op beleidsniveau. als op beleidsniveau.
Artikel 5 Artikel 5
§ 1. De ondertekenende partijen verbinden zich om bij de ondertekening § 1. De ondertekenende partijen verbinden zich om bij de ondertekening
van dit akkoord over te gaan tot de onmiddellijke oprichting van het van dit akkoord over te gaan tot de onmiddellijke oprichting van het
Interministerieel Overlegcomité Meerwaardeneconomie, hierna genoemd Interministerieel Overlegcomité Meerwaardeneconomie, hierna genoemd
het « Overlegcomité ». het « Overlegcomité ».
§ 2. Het Overlegcomité functioneert in een geest van federale § 2. Het Overlegcomité functioneert in een geest van federale
loyauteit en constructieve dialoog. Het is belast met : loyauteit en constructieve dialoog. Het is belast met :
1° de uitvoering en de opvolging van het samenwerkingsakkoord, 1° de uitvoering en de opvolging van het samenwerkingsakkoord,
inzonderheid het uitvaardigen en opvolgen van kwalitatieve en inzonderheid het uitvaardigen en opvolgen van kwalitatieve en
kwantitatieve doelstellingen; kwantitatieve doelstellingen;
2° het evalueren en omzetten in uitvoeringsmodaliteiten van de 2° het evalueren en omzetten in uitvoeringsmodaliteiten van de
principes zoals bedoeld in artikel 4 van dit samenwerkingsakkoord; principes zoals bedoeld in artikel 4 van dit samenwerkingsakkoord;
3° de evaluatie van de uitvoering van het samenwerkingsakkoord en het 3° de evaluatie van de uitvoering van het samenwerkingsakkoord en het
geven van adviezen met betrekking tot de uitvoering van het geven van adviezen met betrekking tot de uitvoering van het
samenwerkingsakkoord. samenwerkingsakkoord.
§ 3. In het Overlegcomité zetelen : § 3. In het Overlegcomité zetelen :
- Voor de federale overheid : de minister bevoegd voor sociale - Voor de federale overheid : de minister bevoegd voor sociale
economie, de minister bevoegd voor werk, de minister bevoegd voor economie, de minister bevoegd voor werk, de minister bevoegd voor
economie, de minister bevoegd voor maatschappelijke integratie, de economie, de minister bevoegd voor maatschappelijke integratie, de
minister bevoegd voor personen met een handicap; minister bevoegd voor personen met een handicap;
- Voor de Vlaamse overheid : de minister bevoegd voor sociale - Voor de Vlaamse overheid : de minister bevoegd voor sociale
economie; economie;
- Voor de Waalse overheid : de minister bevoegd voor sociale economie; - Voor de Waalse overheid : de minister bevoegd voor sociale economie;
- Voor de Brusselse overheid : de ministers bevoegd voor sociale - Voor de Brusselse overheid : de ministers bevoegd voor sociale
economie; economie;
- Voor de Duitstalige overheid : de minister bevoegd voor - Voor de Duitstalige overheid : de minister bevoegd voor
werkgelegenheid. werkgelegenheid.
§ 4. Het secretariaat en de ermee verbonden werkingskosten van het § 4. Het secretariaat en de ermee verbonden werkingskosten van het
Overlegcomité zijn ten laste van de federale Staat. Overlegcomité zijn ten laste van de federale Staat.
§ 5. 1° Het Overlegcomité komt minstens viermaal per jaar samen en § 5. 1° Het Overlegcomité komt minstens viermaal per jaar samen en
rapporteert rechtstreeks aan de bevoegde regeringen. rapporteert rechtstreeks aan de bevoegde regeringen.
2° Het Overlegcomité kan werkgroepen oprichten om de verbintenissen 2° Het Overlegcomité kan werkgroepen oprichten om de verbintenissen
aangegaan in het kader van het huidige samenwerkingsakkoord, na te aangegaan in het kader van het huidige samenwerkingsakkoord, na te
komen. komen.
§ 6. Het Overlegcomité wordt bijgestaan door de federale cel sociale § 6. Het Overlegcomité wordt bijgestaan door de federale cel sociale
economie en door een op te richten werkgroep van de betrokken economie en door een op te richten werkgroep van de betrokken
administraties, waar de in het kader van dit samenwerkingsakkoord administraties, waar de in het kader van dit samenwerkingsakkoord
noodzakelijke voorbereidingen, informatie-uitwisseling en noodzakelijke voorbereidingen, informatie-uitwisseling en
administratieve stroomlijning kan gebeuren. administratieve stroomlijning kan gebeuren.
Artikel 6 Artikel 6
§ 1. De contracterende partijen verbinden zich ertoe samen te werken § 1. De contracterende partijen verbinden zich ertoe samen te werken
op het vlak van de verzameling en de verwerking van relevante op het vlak van de verzameling en de verwerking van relevante
statistische informatie met het oog op een beter inzicht in de statistische informatie met het oog op een beter inzicht in de
meerwaardeneconomie. meerwaardeneconomie.
§ 2. De contracterende partijen verbinden zich ertoe gezamenlijke § 2. De contracterende partijen verbinden zich ertoe gezamenlijke
initiatieven te nemen om wetenschappelijke modellen en instrumenten initiatieven te nemen om wetenschappelijke modellen en instrumenten
uit te werken die op basis van feitelijke gegevens zowel de uit te werken die op basis van feitelijke gegevens zowel de
economische als bredere maatschappelijke meerwaarde van initiatieven economische als bredere maatschappelijke meerwaarde van initiatieven
binnen de reguliere en sociale economie in kaart brengen. binnen de reguliere en sociale economie in kaart brengen.
Artikel 7 Artikel 7
§ 1. De Federale Staat, enerzijds, en één of meerdere Gewesten en/of § 1. De Federale Staat, enerzijds, en één of meerdere Gewesten en/of
de Duitstalige Gemeenschap, anderzijds, verbinden zich ertoe om samen de Duitstalige Gemeenschap, anderzijds, verbinden zich ertoe om samen
inspanningen te leveren ter versterking van inspanningen te leveren ter versterking van
sociale-economie-initiatieven. Hierbij zal aandacht gaan naar sociale-economie-initiatieven. Hierbij zal aandacht gaan naar
pro-actieve, indien mogelijk tijdelijke ondersteuning van startende pro-actieve, indien mogelijk tijdelijke ondersteuning van startende
sociale-economiebedrijven, naar de managementondersteuning en naar de sociale-economiebedrijven, naar de managementondersteuning en naar de
informatieverstrekking. informatieverstrekking.
§ 2. De contracterende partijen verbinden zich ertoe om samen § 2. De contracterende partijen verbinden zich ertoe om samen
inspanningen te leveren ter versterking van de meerwaardeneconomie in inspanningen te leveren ter versterking van de meerwaardeneconomie in
het bedrijfsleven. Hiertoe zullen onder andere impulsacties worden het bedrijfsleven. Hiertoe zullen onder andere impulsacties worden
opgezet ter ondersteuning van vrijwillige innovaties inzake opgezet ter ondersteuning van vrijwillige innovaties inzake
maatschappelijk verantwoord ondernemerschap. maatschappelijk verantwoord ondernemerschap.
§ 3. De contracterende partijen verbinden zich ertoe overleg te plegen § 3. De contracterende partijen verbinden zich ertoe overleg te plegen
omtrent de verdere uitbouw en afstemming van de omtrent de verdere uitbouw en afstemming van de
ondersteuningsmechanismen ten behoeve van de in §§ 1 en 2 van dit ondersteuningsmechanismen ten behoeve van de in §§ 1 en 2 van dit
artikel bedoelde projecten. Deze ondersteuningsmechanismen zullen artikel bedoelde projecten. Deze ondersteuningsmechanismen zullen
verder de professionalisering van de sector van de sociale economie verder de professionalisering van de sector van de sociale economie
beogen. beogen.
§ 4. De contracterende partijen verbinden zich er toe bij te dragen § 4. De contracterende partijen verbinden zich er toe bij te dragen
tot een betere stroomlijning van de communicatie inzake tot een betere stroomlijning van de communicatie inzake
meerwaardeneconomie, teneinde de meerwaardeneconomie in al haar meerwaardeneconomie, teneinde de meerwaardeneconomie in al haar
facetten bij een ruimer publiek bekend te maken. Op basis van een facetten bij een ruimer publiek bekend te maken. Op basis van een
onderbouwde strategie worden de sectormiddelen bestemd voor onderbouwde strategie worden de sectormiddelen bestemd voor
communicatie meer gericht en geïntegreerd ingezet. Weloverwogen en communicatie meer gericht en geïntegreerd ingezet. Weloverwogen en
planmatig voorbereide sensibiliserings- en promotieacties zullen in planmatig voorbereide sensibiliserings- en promotieacties zullen in
overleg worden opgezet. overleg worden opgezet.
§ 5. De ondertekenende partijen verbinden er zich toe, daar waar § 5. De ondertekenende partijen verbinden er zich toe, daar waar
mogelijk, de in artikel 1 van dit samenwerkingsakkoord vermelde mogelijk, de in artikel 1 van dit samenwerkingsakkoord vermelde
domeinen te promoten in het kader van overheidsopdrachten en dit domeinen te promoten in het kader van overheidsopdrachten en dit
binnen de mogelijkheden geboden door de Belgische en Europese binnen de mogelijkheden geboden door de Belgische en Europese
wetgeving terzake. Deze mogelijkheden zullen door de ondertekenende wetgeving terzake. Deze mogelijkheden zullen door de ondertekenende
partijen gezamenlijk worden gepromoot. partijen gezamenlijk worden gepromoot.
§ 6. 1° De contracterende partijen verbinden zich ertoe om op § 6. 1° De contracterende partijen verbinden zich ertoe om op
regelmatige tijdstippen hun verschillende respectievelijke regelmatige tijdstippen hun verschillende respectievelijke
reglementeringen te actualiseren, zodat onderlinge afstemming maximaal reglementeringen te actualiseren, zodat onderlinge afstemming maximaal
kan worden bewerkstelligd, onderlinge tegenspraak wordt tegengegaan en kan worden bewerkstelligd, onderlinge tegenspraak wordt tegengegaan en
deze reglementeringen ondubbelzinnig en ononderbroken hun effect deze reglementeringen ondubbelzinnig en ononderbroken hun effect
kunnen ressorteren; kunnen ressorteren;
2° De contracterende partijen verbinden zich tot het aanpassen van hun 2° De contracterende partijen verbinden zich tot het aanpassen van hun
reglementeringen voor zover er tegenspraak zou ontstaan. reglementeringen voor zover er tegenspraak zou ontstaan.
§ 7. De contracterende partijen verbinden zich tot een versterking van § 7. De contracterende partijen verbinden zich tot een versterking van
de structurele samenwerking tussen de lokale werkgelegenheidsactoren. de structurele samenwerking tussen de lokale werkgelegenheidsactoren.
§ 8. De contracterende partijen verbinden zich ertoe het aantal § 8. De contracterende partijen verbinden zich ertoe het aantal
activiteitencoöperatieven tot minimaal 1 per provincie uit te breiden. activiteitencoöperatieven tot minimaal 1 per provincie uit te breiden.
Een structurele erkenningsregeling voor de activiteitencoöperatieven Een structurele erkenningsregeling voor de activiteitencoöperatieven
zal worden uitgewerkt. zal worden uitgewerkt.
§ 9. De contracterende partijen verbinden zich tot het uitwerken van § 9. De contracterende partijen verbinden zich tot het uitwerken van
een actieplan ter bevordering, ondersteuning en promotie van het een actieplan ter bevordering, ondersteuning en promotie van het
maatschappelijk verantwoord ondernemen. maatschappelijk verantwoord ondernemen.
Artikel 8 Artikel 8
§ 1. Onder de voorwaarden bepaald in artikel 9 van dit § 1. Onder de voorwaarden bepaald in artikel 9 van dit
samenwerkingsakkoord wordt voor het begrotingsjaar 2005 door de samenwerkingsakkoord wordt voor het begrotingsjaar 2005 door de
federale overheid een bedrag van 13.117.000,00 EUR voorzien ter federale overheid een bedrag van 13.117.000,00 EUR voorzien ter
cofinanciering van gezamenlijke inspanningen te leveren met de cofinanciering van gezamenlijke inspanningen te leveren met de
betrokken Gewesten en de Duitstalige Gemeenschap volgens de volgende betrokken Gewesten en de Duitstalige Gemeenschap volgens de volgende
verdeling : verdeling :
1° 55,7 % van deze federale middelen ter beschikking voor gezamenlijke 1° 55,7 % van deze federale middelen ter beschikking voor gezamenlijke
initiatieven met het Vlaamse Gewest; initiatieven met het Vlaamse Gewest;
2° 33 % van deze federale middelen ter beschikking voor gezamenlijke 2° 33 % van deze federale middelen ter beschikking voor gezamenlijke
initiatieven met het Waalse Gewest; initiatieven met het Waalse Gewest;
3° 10 % van deze federale middelen ter beschikking voor gezamenlijke 3° 10 % van deze federale middelen ter beschikking voor gezamenlijke
initiatieven met het Brussels Hoofdstedelijk gewest; initiatieven met het Brussels Hoofdstedelijk gewest;
4° 1,3 % van deze federale middelen ter beschikking voor gezamenlijke 4° 1,3 % van deze federale middelen ter beschikking voor gezamenlijke
initiatieven met de Duitstalige Gemeenschap. initiatieven met de Duitstalige Gemeenschap.
§ 2. Onder de voorwaarden bepaald in artikel 9 van dit § 2. Onder de voorwaarden bepaald in artikel 9 van dit
samenwerkingsakkoord wordt voor het begrotingsjaar 2005 door de samenwerkingsakkoord wordt voor het begrotingsjaar 2005 door de
federale overheid bijkomend een bedrag van 2 miljoen EUR voorzien ter federale overheid bijkomend een bedrag van 2 miljoen EUR voorzien ter
cofinanciering van gezamenlijke inspanningen te leveren in het kader cofinanciering van gezamenlijke inspanningen te leveren in het kader
van de buurt- en nabijheidsdiensten met de betrokken Gewesten en de van de buurt- en nabijheidsdiensten met de betrokken Gewesten en de
Duitstalige Gemeenschap volgens de volgende verdeling : Duitstalige Gemeenschap volgens de volgende verdeling :
1° 55,7 % van deze federale middelen ter beschikking voor gezamenlijke 1° 55,7 % van deze federale middelen ter beschikking voor gezamenlijke
initiatieven met het Vlaamse Gewest; initiatieven met het Vlaamse Gewest;
2° 33 % van deze federale middelen ter beschikking voor gezamenlijke 2° 33 % van deze federale middelen ter beschikking voor gezamenlijke
initiatieven met het Waalse Gewest; initiatieven met het Waalse Gewest;
3° 10 % van deze federale middelen ter beschikking voor gezamenlijke 3° 10 % van deze federale middelen ter beschikking voor gezamenlijke
initiatieven met het Brussels Hoofdstedelijk gewest; initiatieven met het Brussels Hoofdstedelijk gewest;
4° 1,3 % van deze federale middelen ter beschikking voor gezamenlijke 4° 1,3 % van deze federale middelen ter beschikking voor gezamenlijke
initiatieven met de Duitstalige Gemeenschap. initiatieven met de Duitstalige Gemeenschap.
§ 3. Vertrekkend vanuit de middelen zoals vastgelegd in het § 3. Vertrekkend vanuit de middelen zoals vastgelegd in het
begrotingsjaar 2005 wordt voor de periode 2006-2008 in functie van de begrotingsjaar 2005 wordt voor de periode 2006-2008 in functie van de
beschikbare begrotingsmiddelen een financieel schema vastgelegd. De beschikbare begrotingsmiddelen een financieel schema vastgelegd. De
effecten van dit samenwerkingsakkoord zullen worden geëvalueerd effecten van dit samenwerkingsakkoord zullen worden geëvalueerd
vooraleer de begrotingsbesprekingen 2006, 2007 en 2008 worden vooraleer de begrotingsbesprekingen 2006, 2007 en 2008 worden
aangevat. aangevat.
§ 4. 1° Onverminderd artikel 9, § 3, van dit samenwerkingsakkoord, § 4. 1° Onverminderd artikel 9, § 3, van dit samenwerkingsakkoord,
worden de bedragen als bedoeld in artikel 8, §§ 1 en 2 van hetzelfde worden de bedragen als bedoeld in artikel 8, §§ 1 en 2 van hetzelfde
samenwerkingsakkoord bij koninklijk besluit aan de betrokken overheden samenwerkingsakkoord bij koninklijk besluit aan de betrokken overheden
overgemaakt op basis van afzonderlijke conventies, die jaarlijks overgemaakt op basis van afzonderlijke conventies, die jaarlijks
uiterlijk voor eind maart worden afgesloten. Deze overheden zijn met uiterlijk voor eind maart worden afgesloten. Deze overheden zijn met
het beheer en de verdere toewijzing van deze middelen belast, teneinde het beheer en de verdere toewijzing van deze middelen belast, teneinde
een correcte uitvoering van de jaarlijks afgesloten conventies te een correcte uitvoering van de jaarlijks afgesloten conventies te
waarborgen en voor zover de middelen worden gebruikt voor initiatieven waarborgen en voor zover de middelen worden gebruikt voor initiatieven
die zowel bij federale als bij gewestelijke bevoegdheden aansluiten; die zowel bij federale als bij gewestelijke bevoegdheden aansluiten;
2° de subsidieperiode voor projecten gefinancierd in 2005 in het kader 2° de subsidieperiode voor projecten gefinancierd in 2005 in het kader
van het onderhavig samenwerkingsakkoord kan van start gaan op 1 van het onderhavig samenwerkingsakkoord kan van start gaan op 1
januari 2005 of op een latere datum, zonder afbreuk te doen aan de januari 2005 of op een latere datum, zonder afbreuk te doen aan de
andere beschikkingen van onderhavig samenwerkingsakkoord en wetgeving andere beschikkingen van onderhavig samenwerkingsakkoord en wetgeving
op het toekennen van subsidies. op het toekennen van subsidies.
§ 5. De in artikel 8, §§ 1 en 2, bedoelde bedragen zijn ten laste van § 5. De in artikel 8, §§ 1 en 2, bedoelde bedragen zijn ten laste van
de Rijksdienst voor Arbeidsbemiddeling, die overeenkomstig het artikel de Rijksdienst voor Arbeidsbemiddeling, die overeenkomstig het artikel
7, § 1, litera u), van de besluitwet van 28 december 1944 betreffende 7, § 1, litera u), van de besluitwet van 28 december 1944 betreffende
de maatschappelijke zekerheid der arbeiders de opdracht heeft deze, de maatschappelijke zekerheid der arbeiders de opdracht heeft deze,
overeenkomstig de bepalingen opgenomen in het in artikel 8, § 4, als overeenkomstig de bepalingen opgenomen in het in artikel 8, § 4, als
bedoeld koninklijk besluit, te verdelen over de Gewesten. bedoeld koninklijk besluit, te verdelen over de Gewesten.
§ 6. De verdeling van de middelen over bedoelde acties is indicatief § 6. De verdeling van de middelen over bedoelde acties is indicatief
en kan mits akkoord van de federale minister bevoegd voor sociale en kan mits akkoord van de federale minister bevoegd voor sociale
economie, door het betrokken Gewest of Duitstalige Gemeenschap worden economie, door het betrokken Gewest of Duitstalige Gemeenschap worden
herschikt indien kan worden aangetoond dat dit de realisatie van de in herschikt indien kan worden aangetoond dat dit de realisatie van de in
artikel 2, §§ 2 en 3 bedoelde doelstellingen dichterbij brengt. artikel 2, §§ 2 en 3 bedoelde doelstellingen dichterbij brengt.
In voorkomend geval lichten de betrokken Gewesten of de Duitstalige In voorkomend geval lichten de betrokken Gewesten of de Duitstalige
Gemeenschap de federale overheid voorafgaandelijk in over de geplande Gemeenschap de federale overheid voorafgaandelijk in over de geplande
herschikkingen. herschikkingen.
Artikel 9 Artikel 9
§ 1. Over de periode 2005-2008 voorzien de betrokken Gewesten en de § 1. Over de periode 2005-2008 voorzien de betrokken Gewesten en de
Duitstalige Gemeenschap ter cofinanciering van de gezamenlijke Duitstalige Gemeenschap ter cofinanciering van de gezamenlijke
inspanningen vermeld in het artikel 8, § 1, van dit inspanningen vermeld in het artikel 8, § 1, van dit
samenwerkingsakkoord, jaarlijks een ten opzichte van de begroting 1999 samenwerkingsakkoord, jaarlijks een ten opzichte van de begroting 1999
bijkomende financiële inspanning die minstens gelijk is aan het bedrag bijkomende financiële inspanning die minstens gelijk is aan het bedrag
dat de federale overheid volgens de in artikel 8 van hetzelfde dat de federale overheid volgens de in artikel 8 van hetzelfde
samenwerkingsakkoord bepaalde verdeelsleutel jaarlijks voorziet voor samenwerkingsakkoord bepaalde verdeelsleutel jaarlijks voorziet voor
het in artikel 8, § 4, van hetzelfde samenwerkingsakkoord vermelde het in artikel 8, § 4, van hetzelfde samenwerkingsakkoord vermelde
gezamenlijk programma in bedoelde periode. gezamenlijk programma in bedoelde periode.
§ 2. Voor het begrotingsjaar 2005 voorzien de Gewesten en de § 2. Voor het begrotingsjaar 2005 voorzien de Gewesten en de
Duitstalige gemeenschap gezamenlijk een bijkomende financiële Duitstalige gemeenschap gezamenlijk een bijkomende financiële
inspanning met betrekking tot de buurt- en nabijheidsdiensten ten inspanning met betrekking tot de buurt- en nabijheidsdiensten ten
opzichte van de voor het begrotingsjaar 2004 ingebrachte middelen in opzichte van de voor het begrotingsjaar 2004 ingebrachte middelen in
het samenwerkingsakkoord tussen de Federale Staat, de Gewesten en de het samenwerkingsakkoord tussen de Federale Staat, de Gewesten en de
Duitstalige Gemeenschap betreffende de sociale economie van 4 juli Duitstalige Gemeenschap betreffende de sociale economie van 4 juli
2000, bekrachtigd door de wet van 26 juni 2001, ter cofinanciering van 2000, bekrachtigd door de wet van 26 juni 2001, ter cofinanciering van
het in artikel 8, § 2, van dit samenwerkingsakkoord vermelde bedrag. het in artikel 8, § 2, van dit samenwerkingsakkoord vermelde bedrag.
§ 3. Het bedrag dat de federale overheid volgens de in artikel 8 van § 3. Het bedrag dat de federale overheid volgens de in artikel 8 van
dit samenwerkingsakkoord bepaalde verdeelsleutel voor cofinanciering dit samenwerkingsakkoord bepaalde verdeelsleutel voor cofinanciering
van de in artikel 8, § 4, van hetzelfde samenwerkingsakkoord, bedoelde van de in artikel 8, § 4, van hetzelfde samenwerkingsakkoord, bedoelde
gezamenlijke acties in de betrokken Gewesten of de Duitstalige gezamenlijke acties in de betrokken Gewesten of de Duitstalige
gemeenschap in een gegeven begrotingsjaar van de periode 2005-2008 gemeenschap in een gegeven begrotingsjaar van de periode 2005-2008
inzet, kan nooit groter zijn dan de door het betrokken Gewest of de inzet, kan nooit groter zijn dan de door het betrokken Gewest of de
Duitstalige gemeenschap feitelijk gerealiseerde bedrag in dit Duitstalige gemeenschap feitelijk gerealiseerde bedrag in dit
begrotingsjaar. begrotingsjaar.
Uiterlijk op 31 oktober van ieder jaar leggen de Gewesten en de Uiterlijk op 31 oktober van ieder jaar leggen de Gewesten en de
Duitstalige gemeenschap aan de federale overheid een raming voor van Duitstalige gemeenschap aan de federale overheid een raming voor van
de financiële middelen, in functie van de initiatieven die zij wenst de financiële middelen, in functie van de initiatieven die zij wenst
te besteden aan de uitvoering van het samenwerkingsakkoord tijdens het te besteden aan de uitvoering van het samenwerkingsakkoord tijdens het
volgend begrotingsjaar. volgend begrotingsjaar.
§ 4. Uiterlijk op 28 februari van ieder jaar wordt door de Gewesten en § 4. Uiterlijk op 28 februari van ieder jaar wordt door de Gewesten en
de Duitstalige gemeenschap aan de federale overheid een verslag en een de Duitstalige gemeenschap aan de federale overheid een verslag en een
overzicht bezorgd van de middelen vastgelegd in het afgelopen overzicht bezorgd van de middelen vastgelegd in het afgelopen
begrotingsjaar. Het verslag moet op een omstandige manier voor elk begrotingsjaar. Het verslag moet op een omstandige manier voor elk
initiatief de tot stand gebrachte realisaties toelichten, alsook de initiatief de tot stand gebrachte realisaties toelichten, alsook de
graad waarin de vastgelegde doelstellingen werden bereikt en de graad waarin de vastgelegde doelstellingen werden bereikt en de
resultaten die dankzij de uitwerking van het initiatief werden resultaten die dankzij de uitwerking van het initiatief werden
behaald. behaald.
§ 5. De federale overheid kan voorschotten toekennen aan de Gewesten § 5. De federale overheid kan voorschotten toekennen aan de Gewesten
en aan de Duitstalige gemeenschap. Deze voorschotten kunnen niet hoger en aan de Duitstalige gemeenschap. Deze voorschotten kunnen niet hoger
zijn dan de 80 % van de in artikel 8, van dit samenwerkingsakkoord, zijn dan de 80 % van de in artikel 8, van dit samenwerkingsakkoord,
vermelde bedragen en conform de in artikel 8, §§ 1 en 2, van hetzelfde vermelde bedragen en conform de in artikel 8, §§ 1 en 2, van hetzelfde
samenwerkingsakkoord, bedoelde verdeelsleutel. De niettoegewezen samenwerkingsakkoord, bedoelde verdeelsleutel. De niettoegewezen
bedragen zullen door de federale overheid worden teruggevorderd. De bedragen zullen door de federale overheid worden teruggevorderd. De
overige 20 % zal worden uitgekeerd na voorlegging van het in artikel overige 20 % zal worden uitgekeerd na voorlegging van het in artikel
9, § 4, van dit samenwerkingsakkoord, bedoelde verslag en overzicht. 9, § 4, van dit samenwerkingsakkoord, bedoelde verslag en overzicht.
Artikel 10 Artikel 10
De contracterende partijen verbinden zich ertoe om met betrekking tot De contracterende partijen verbinden zich ertoe om met betrekking tot
de overige financiële middelen die door hen worden ingezet ter de overige financiële middelen die door hen worden ingezet ter
ondersteuning van de in artikel 1, § 2, van dit samenwerkingsakkoord, ondersteuning van de in artikel 1, § 2, van dit samenwerkingsakkoord,
bedoelde domeinen elkaar binnen het Overlegcomité te informeren bedoelde domeinen elkaar binnen het Overlegcomité te informeren
teneinde de in artikel 4, van hetzelfde samenwerkingsakkoord, bedoelde teneinde de in artikel 4, van hetzelfde samenwerkingsakkoord, bedoelde
principes te respecteren. principes te respecteren.
HOOFDSTUK 3. - Verbintenissen van de Federale Staat HOOFDSTUK 3. - Verbintenissen van de Federale Staat
Artikel 11 Artikel 11
De Federale Staat verbindt er zich toe om zijn verbintenissen van de De Federale Staat verbindt er zich toe om zijn verbintenissen van de
Federale Staat, als bedoeld in hoofdstuk 3 van het Federale Staat, als bedoeld in hoofdstuk 3 van het
samenwerkingsakkoord tussen de Federale Staat, de Gewesten en de samenwerkingsakkoord tussen de Federale Staat, de Gewesten en de
Duitstalige Gemeenschap betreffende de sociale economie van 4 juli Duitstalige Gemeenschap betreffende de sociale economie van 4 juli
2000, bekrachtigd door de wet van 26 juni 2001, verder in te vullen, 2000, bekrachtigd door de wet van 26 juni 2001, verder in te vullen,
voor zover deze nog niet werden ingevuld, en indien nodig te voor zover deze nog niet werden ingevuld, en indien nodig te
actualiseren. actualiseren.
Artikel 12 Artikel 12
De federale overheid verbindt zich er toe een structureel De federale overheid verbindt zich er toe een structureel
overlegorgaan te creëren waarin de sector, de betrokken overheden en overlegorgaan te creëren waarin de sector, de betrokken overheden en
andere stakeholders van de sociale economie op formele wijze kunnen andere stakeholders van de sociale economie op formele wijze kunnen
overleggen. Dit orgaan zal de sec-tor en andere betrokken stakeholders overleggen. Dit orgaan zal de sec-tor en andere betrokken stakeholders
tegenover de federale overheid vertegenwoordigen en in die tegenover de federale overheid vertegenwoordigen en in die
hoedanigheid advies verlenen met betrekking tot het federale beleid hoedanigheid advies verlenen met betrekking tot het federale beleid
inzake sociale economie. De Koning bepaalt de samenstelling van dit inzake sociale economie. De Koning bepaalt de samenstelling van dit
overlegorgaan. overlegorgaan.
Artikel 13 Artikel 13
§ 1. De Federale Staat zal instaan voor de financiering van de in § 1. De Federale Staat zal instaan voor de financiering van de in
artikel 7, § 8, van dit samenwerkingsakkoord, bedoelde artikel 7, § 8, van dit samenwerkingsakkoord, bedoelde
activiteitencoöperatieven gedurende een opstartfase van één jaar. De activiteitencoöperatieven gedurende een opstartfase van één jaar. De
Federale Staat overlegt met de respectievelijke deelstaat over de op Federale Staat overlegt met de respectievelijke deelstaat over de op
te starten initiatieven. te starten initiatieven.
§ 2. De Federale Staat verbindt zich ertoe een wettelijk kader voor § 2. De Federale Staat verbindt zich ertoe een wettelijk kader voor
het statuut van de « ondernemer in loondienst » uit te werken. het statuut van de « ondernemer in loondienst » uit te werken.
Artikel 14 Artikel 14
De Federale Staat verbindt zich ertoe om in overleg met de deelstaten De Federale Staat verbindt zich ertoe om in overleg met de deelstaten
het statuut van de vennootschap met sociaal oogmerk te wijzigen. De het statuut van de vennootschap met sociaal oogmerk te wijzigen. De
federale overheid engageert zich eveneens tot het ontwikkelen van federale overheid engageert zich eveneens tot het ontwikkelen van
specifieke ondersteunende maatregelen voor dit soort vennootschap specifieke ondersteunende maatregelen voor dit soort vennootschap
teneinde de sociale en maatschappelijke meerwaarde die zij genereren, teneinde de sociale en maatschappelijke meerwaarde die zij genereren,
te bezoldigen. te bezoldigen.
Artikel 15 Artikel 15
De Federale Staat engageert zich tot het actualiseren van de definitie De Federale Staat engageert zich tot het actualiseren van de definitie
van sociale inschakelingseconomie zoals opgenomen in artikel 59 van de van sociale inschakelingseconomie zoals opgenomen in artikel 59 van de
wet van 26 maart 1999, om te komen tot een effectieve weerspiegeling wet van 26 maart 1999, om te komen tot een effectieve weerspiegeling
van de realiteit van de sociale economie in België. van de realiteit van de sociale economie in België.
Artikel 16 Artikel 16
De federale overheid engageert zich tot het oprichten van een De federale overheid engageert zich tot het oprichten van een
steunpunt Overheidsopdrachten. Dit steunpunt wordt belast met het steunpunt Overheidsopdrachten. Dit steunpunt wordt belast met het
informeren van de sociale-economie-ondernemingen over de mogelijkheden informeren van de sociale-economie-ondernemingen over de mogelijkheden
die geboden worden door overheidsopdrachten, en informeert de diverse die geboden worden door overheidsopdrachten, en informeert de diverse
overheden over de mogelijkheden die hen geboden worden om rekening te overheden over de mogelijkheden die hen geboden worden om rekening te
houden met het algemeen belang binnen hun openbare aanbestedingen. houden met het algemeen belang binnen hun openbare aanbestedingen.
HOOFDSTUK 4. - Gezamenlijke verbintenissen van de Gewesten en de HOOFDSTUK 4. - Gezamenlijke verbintenissen van de Gewesten en de
Duitstalige Gemeenschap Duitstalige Gemeenschap
Artikel 17 Artikel 17
De Gewesten en de Duitstalige gemeenschap verbinden zich ertoe om hun De Gewesten en de Duitstalige gemeenschap verbinden zich ertoe om hun
respectievelijke verbintenissen, zoals opgenomen in hoofdstuk 4 van respectievelijke verbintenissen, zoals opgenomen in hoofdstuk 4 van
het samenwerkingsakkoord tussen de Staat, de Gewesten en de het samenwerkingsakkoord tussen de Staat, de Gewesten en de
Duitstalige Gemeenschap betreffende de sociale economie van 4 juli Duitstalige Gemeenschap betreffende de sociale economie van 4 juli
2000, bekrachtigd door de wet van 26 juni 2001, verder in te vullen, 2000, bekrachtigd door de wet van 26 juni 2001, verder in te vullen,
voor zover deze nog niet werden ingevuld, en indien nodig te voor zover deze nog niet werden ingevuld, en indien nodig te
actualiseren. actualiseren.
Artikel 18 Artikel 18
De Gewesten en de Duitstalige gemeenschap verbinden zich ertoe om in De Gewesten en de Duitstalige gemeenschap verbinden zich ertoe om in
het kader van hun bevoegdheden de voortzetting van de in artikel 7, § het kader van hun bevoegdheden de voortzetting van de in artikel 7, §
8, van dit samenwerkingsakkoord, beoogde activiteitencoöperatieven te 8, van dit samenwerkingsakkoord, beoogde activiteitencoöperatieven te
garanderen na afloop van de in artikel 13, § 1, van hetzelfde garanderen na afloop van de in artikel 13, § 1, van hetzelfde
samenwerkingsakkoord, bedoelde periode van 1 jaar. samenwerkingsakkoord, bedoelde periode van 1 jaar.
Artikel 19 Artikel 19
De gewesten en de Duitstalige gemeenschap verbinden er zich toe om een De gewesten en de Duitstalige gemeenschap verbinden er zich toe om een
structurele oplossing te zoeken voor de problematiek van de buurt- en structurele oplossing te zoeken voor de problematiek van de buurt- en
nabijheidsdiensten. Het karakter van buurt- en nabijheidsdiensten als nabijheidsdiensten. Het karakter van buurt- en nabijheidsdiensten als
dienstverlenende voorzieningen die de leefkwaliteit van de gebruikers dienstverlenende voorzieningen die de leefkwaliteit van de gebruikers
verhogen door in te spelen op relevante collectieve en persoonlijke verhogen door in te spelen op relevante collectieve en persoonlijke
behoeften, die duurzame arbeidsplaatsen creëren voor alle medewerkers, behoeften, die duurzame arbeidsplaatsen creëren voor alle medewerkers,
en die medewerkers en belanghebbenden op participatieve wijze en die medewerkers en belanghebbenden op participatieve wijze
betrekken bij de interne organisatie en de externe dienstverlening, betrekken bij de interne organisatie en de externe dienstverlening,
moet bewaard blijven. moet bewaard blijven.
Artikel 20 Artikel 20
De Gewesten en de Duitstalige gemeenschap verbinden zich ertoe om mee De Gewesten en de Duitstalige gemeenschap verbinden zich ertoe om mee
te werken aan het actieplan betreffende maatschappelijk verantwoord te werken aan het actieplan betreffende maatschappelijk verantwoord
ondernemen, zoals bedoeld in artikel 7, § 9, van dit ondernemen, zoals bedoeld in artikel 7, § 9, van dit
samenwerkingsakkoord, alsook in de eigen Gewest een actieplan samenwerkingsakkoord, alsook in de eigen Gewest een actieplan
betreffende de ondersteuning en promotie van het maatschappelijk betreffende de ondersteuning en promotie van het maatschappelijk
verantwoord ondernemen op te stellen. verantwoord ondernemen op te stellen.
Artikel 21 Artikel 21
De budgettaire inspanningen die door de contracterende partijen in het De budgettaire inspanningen die door de contracterende partijen in het
kader van de artikelen 8 en 9 van dit samenwerkingsakkoord worden kader van de artikelen 8 en 9 van dit samenwerkingsakkoord worden
gedaan kunnen tevens worden beschouwd als publieke cofinanciering in gedaan kunnen tevens worden beschouwd als publieke cofinanciering in
het kader van het Europees Sociaal Fonds en het Europees Fonds voor het kader van het Europees Sociaal Fonds en het Europees Fonds voor
Regionale Ontwikkeling. Regionale Ontwikkeling.
Artikel 22 Artikel 22
De staatssecretaris voor Sociale Economie is belast met de coördinatie De staatssecretaris voor Sociale Economie is belast met de coördinatie
en het beheer van onderhavig samenwerkingsakkoord. en het beheer van onderhavig samenwerkingsakkoord.
Artikel 23 Artikel 23
Dit Samenwerkingsakkoord treedt in werking op 1 januari 2005. Dit Samenwerkingsakkoord treedt in werking op 1 januari 2005.
Opgemaakt te Brussel, op........ in.... origine(e)l(e) exempla(a)r(en) Opgemaakt te Brussel, op........ in.... origine(e)l(e) exempla(a)r(en)
(Nederlands, Frans, Duits) (Nederlands, Frans, Duits)
Voor de Federale Staat : Voor de Federale Staat :
De Vice-Eerste Minister, Minister van Begroting en Overheidsbedrijven, De Vice-Eerste Minister, Minister van Begroting en Overheidsbedrijven,
J. VANDE LANOTTE J. VANDE LANOTTE
De Minister van Economie, De Minister van Economie,
M. VERWILGHEN M. VERWILGHEN
De Minister van Werk, De Minister van Werk,
Mevr. F. VAN DEN BOSSCHE Mevr. F. VAN DEN BOSSCHE
De Minister van Maatschappelijke Integratie, De Minister van Maatschappelijke Integratie,
C. DUPONT C. DUPONT
De staatssecretaris voor Sociale Economie, De staatssecretaris voor Sociale Economie,
Mevr. E. VAN WEERT Mevr. E. VAN WEERT
Voor de Duitstalige Gemeenschap : Voor de Duitstalige Gemeenschap :
De Minister-President van de Regering van de Duitstalige Gemeenschap, De Minister-President van de Regering van de Duitstalige Gemeenschap,
K.-H. LAMBERTZ K.-H. LAMBERTZ
Vice-Minister-president, Minister voor Tewerkstelling, Vice-Minister-president, Minister voor Tewerkstelling,
B. GENTGES B. GENTGES
Voor het Vlaamse Gewest : Voor het Vlaamse Gewest :
De Minister-president van de Vlaamse Regering, De Minister-president van de Vlaamse Regering,
Y. LETERME Y. LETERME
De Vlaamse Minister van Sociale Economie, De Vlaamse Minister van Sociale Economie,
Mevr. K. VAN BREMPT Mevr. K. VAN BREMPT
Voor het Waalse Gewest : Voor het Waalse Gewest :
De Minister-President van de Waalse Regering, De Minister-President van de Waalse Regering,
J.-Cl. VAN CAUWENBERGHE J.-Cl. VAN CAUWENBERGHE
De Minister van Economie en Werk, De Minister van Economie en Werk,
J.-C. MARCOURT J.-C. MARCOURT
Voor het Brussels Hoofdstedelijk Gewest : Voor het Brussels Hoofdstedelijk Gewest :
De Minister-President van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, De Minister-President van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest,
C. PICQUE C. PICQUE
De Minister van Tewerkstelling en Economie, De Minister van Tewerkstelling en Economie,
B. CEREXHE B. CEREXHE
Kondigen deze ordonnantie af, bevelen dat ze in het Belgisch Kondigen deze ordonnantie af, bevelen dat ze in het Belgisch
Staatsblad zal worden bekendgemaakt. Staatsblad zal worden bekendgemaakt.
Brussel, 23 februari 2006. Brussel, 23 februari 2006.
De Minister-President van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, De Minister-President van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering,
belast met Plaatselijke Besturen, Ruimtelijke Ordening, Monumenten en belast met Plaatselijke Besturen, Ruimtelijke Ordening, Monumenten en
Landschappen, Stadsvernieuwing, Huisvesting, Openbare Netheid en Landschappen, Stadsvernieuwing, Huisvesting, Openbare Netheid en
Ontwikkelingssamenwerking, Ontwikkelingssamenwerking,
C. PICQUE C. PICQUE
De Minister van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, De Minister van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering,
belast met Financiën, Begroting, belast met Financiën, Begroting,
Openbaar Ambt en Externe Betrekkingen, Openbaar Ambt en Externe Betrekkingen,
G. VANHENGEL G. VANHENGEL
De Minister van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, belast met De Minister van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, belast met
Tewerkstelling, Economie, Wetenschappelijk Onderzoek, Brandbestrijding Tewerkstelling, Economie, Wetenschappelijk Onderzoek, Brandbestrijding
en Dringende Medische Hulp, en Dringende Medische Hulp,
B. CEREXHE B. CEREXHE
De Minister van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, De Minister van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering,
belast met Mobiliteit en Openbare Werken, belast met Mobiliteit en Openbare Werken,
P. SMET P. SMET
De Minister van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering, De Minister van de Brusselse Hoofdstedelijke Regering,
belast met Leefmilieu, Energie en Waterbeleid, belast met Leefmilieu, Energie en Waterbeleid,
Mevr. E. HUYTEBROECK Mevr. E. HUYTEBROECK
_______ _______
Nota's Nota's
(1) Gewone zitting 2005-2006. (1) Gewone zitting 2005-2006.
Documenten van het Parlement Documenten van het Parlement
A-218/1. Ontwerp van ordonantie. A-218/1. Ontwerp van ordonantie.
A)218/2. Verslag A)218/2. Verslag
Integraal verslag : Integraal verslag :
Bespreking, vergadering van woensdag 22 februari 2006. Bespreking, vergadering van woensdag 22 februari 2006.
Aaneming, vergadering van donderdag 23 februari 2006. Aaneming, vergadering van donderdag 23 februari 2006.
^