Etaamb.openjustice.be
Meertalige weergave van Wet van 22/07/2009
← Terug naar "Wet houdende verplichting tot bijmenging van biobrandstof in de tot verbruik uitgeslagen fossiele motorbrandstoffen "
Wet houdende verplichting tot bijmenging van biobrandstof in de tot verbruik uitgeslagen fossiele motorbrandstoffen Wet houdende verplichting tot bijmenging van biobrandstof in de tot verbruik uitgeslagen fossiele motorbrandstoffen
FEDERALE OVERHEIDSDIENST ECONOMIE, K.M.O., MIDDENSTAND EN ENERGIE FEDERALE OVERHEIDSDIENST ECONOMIE, K.M.O., MIDDENSTAND EN ENERGIE
22 JULI 2009. - Wet houdende verplichting tot bijmenging van 22 JULI 2009. - Wet houdende verplichting tot bijmenging van
biobrandstof in de tot verbruik uitgeslagen fossiele motorbrandstoffen biobrandstof in de tot verbruik uitgeslagen fossiele motorbrandstoffen
ALBERT II, Koning der Belgen, ALBERT II, Koning der Belgen,
Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.
De Kamers hebben aangenomen en Wij bekrachtigen, hetgeen volgt : De Kamers hebben aangenomen en Wij bekrachtigen, hetgeen volgt :
HOOFDSTUK 1. - Algemene bepalingen HOOFDSTUK 1. - Algemene bepalingen

Artikel 1.Deze wet regelt een aangelegenheid als bedoeld in artikel

Artikel 1.Deze wet regelt een aangelegenheid als bedoeld in artikel

78 van de Grondwet. 78 van de Grondwet.

Art. 2.Voor de toepassing van deze wet wordt verstaan onder :

Art. 2.Voor de toepassing van deze wet wordt verstaan onder :

1°« geregistreerde aardoliemaatschappij » : elke natuurlijke of 1°« geregistreerde aardoliemaatschappij » : elke natuurlijke of
rechtspersoon die voor eigen rekening, voor rekening van derden of rechtspersoon die voor eigen rekening, voor rekening van derden of
voor eigen behoeften benzineproducten en/of dieselproducten voor eigen behoeften benzineproducten en/of dieselproducten
produceert, aankoopt, invoert of binnenbrengt, uitslaat, raffineert, produceert, aankoopt, invoert of binnenbrengt, uitslaat, raffineert,
in opslag houdt, verwerkt, aanwendt, verdeelt, te koop aanbiedt, in opslag houdt, verwerkt, aanwendt, verdeelt, te koop aanbiedt,
verkoopt, levert of vervoert en die deze producten tot verbruik verkoopt, levert of vervoert en die deze producten tot verbruik
uitslaat; uitslaat;
2° « benzineproducten » : ongelode benzine van de GN-codes 2710 11 49 2° « benzineproducten » : ongelode benzine van de GN-codes 2710 11 49
met een laag zwavelgehalte en aromatische verbindingen en van de met een laag zwavelgehalte en aromatische verbindingen en van de
GN-codes 2710 11 41 en 2710 11 45 gebruikt als motorbrandstof die niet GN-codes 2710 11 41 en 2710 11 45 gebruikt als motorbrandstof die niet
van accijnzen is vrijgesteld; van accijnzen is vrijgesteld;
3° « dieselproducten » : gasolie van de GN-code 2710 19 41 met een 3° « dieselproducten » : gasolie van de GN-code 2710 19 41 met een
zwavelgehalte van niet meer dan 10 mg/kg gebruikt als motorbrandstof zwavelgehalte van niet meer dan 10 mg/kg gebruikt als motorbrandstof
die niet van accijnzen is vrijgesteld; die niet van accijnzen is vrijgesteld;
4° « biobrandstof » : FAME, bio-ethanol en bio-ETBE zoals ze 4° « biobrandstof » : FAME, bio-ethanol en bio-ETBE zoals ze
gedefinieerd worden in de punten 5°, 6° en 7°; gedefinieerd worden in de punten 5°, 6° en 7°;
5° « FAME » : fatty acid methyl ester van de GN-code 3824 90 99 en dat 5° « FAME » : fatty acid methyl ester van de GN-code 3824 90 99 en dat
beantwoordt aan de specificaties van de norm NBN-EN 14214; beantwoordt aan de specificaties van de norm NBN-EN 14214;
6° « bio-ethanol » : ethanol geproduceerd uit biomassa en/of uit de 6° « bio-ethanol » : ethanol geproduceerd uit biomassa en/of uit de
biologisch afbreekbare fractie van afval van de GN-code 2207 10 00 met biologisch afbreekbare fractie van afval van de GN-code 2207 10 00 met
een alcoholvolumegehalte van ten minste 99 % vol en dat beantwoordt een alcoholvolumegehalte van ten minste 99 % vol en dat beantwoordt
aan de specificaties van de norm NBN-EN 15376; aan de specificaties van de norm NBN-EN 15376;
7° « bio-ETBE » : ethyl-tertiair-butylether van de GN-code 2909 19 00 7° « bio-ETBE » : ethyl-tertiair-butylether van de GN-code 2909 19 00
die niet van synthetische oorsprong is en die 47 % van het volume die niet van synthetische oorsprong is en die 47 % van het volume
bio-ethanol bevat; bio-ethanol bevat;
8° « duurzame biobrandstoffen » : biobrandstoffen geproduceerd in de 8° « duurzame biobrandstoffen » : biobrandstoffen geproduceerd in de
Europese Gemeenschap (EG) die aan volgende duurzaamheidscriteria Europese Gemeenschap (EG) die aan volgende duurzaamheidscriteria
voldoen : voldoen :
- de grondstoffen moeten uit de landbouw afkomstig zijn. Deze - de grondstoffen moeten uit de landbouw afkomstig zijn. Deze
grondstoffen moeten geteeld worden met gebruikmaking van zo weinig grondstoffen moeten geteeld worden met gebruikmaking van zo weinig
mogelijk meststoffen en pesticiden en de productie moet minimaal mogelijk meststoffen en pesticiden en de productie moet minimaal
voldoen aan de uit de regelgeving voortvloeiende beheerseisen die voldoen aan de uit de regelgeving voortvloeiende beheerseisen die
vermeld worden on de titel « Milieu » van het punt A en onder punt 9 vermeld worden on de titel « Milieu » van het punt A en onder punt 9
van bijlage II, en de beheerseisen voortvloeiende uit de goede van bijlage II, en de beheerseisen voortvloeiende uit de goede
landbouw- en milieuconditie van bijlage III van verordening (EG) nr. landbouw- en milieuconditie van bijlage III van verordening (EG) nr.
73/2009 van de Raad van 19 januari 2009 tot vaststelling van 73/2009 van de Raad van 19 januari 2009 tot vaststelling van
gemeenschappelijke voorschriften voor regelingen inzake rechtstreekse gemeenschappelijke voorschriften voor regelingen inzake rechtstreekse
steunverlening aan landbouwers in het kader van het gemeenschappelijk steunverlening aan landbouwers in het kader van het gemeenschappelijk
landbouwbeleid en tot vaststelling van bepaalde steunregelingen voor landbouwbeleid en tot vaststelling van bepaalde steunregelingen voor
landbouwers, tot wijziging van verordeningen (EG) nr. 1290/2005, (EG) landbouwers, tot wijziging van verordeningen (EG) nr. 1290/2005, (EG)
nr. 247/2006, (EG) nr. 378/2007 en tot intrekking van verordening (EG) nr. 247/2006, (EG) nr. 378/2007 en tot intrekking van verordening (EG)
nr. 1782/2003; nr. 1782/2003;
- de grondstoffen mogen niet afkomstig zijn van landbouwareaal buiten - de grondstoffen mogen niet afkomstig zijn van landbouwareaal buiten
de EG die onlangs voorwerp is geweest van ontbossing; de EG die onlangs voorwerp is geweest van ontbossing;
- de geproduceerde biobrandstoffen moeten een substantiële reductie - de geproduceerde biobrandstoffen moeten een substantiële reductie
van CO2-emissie bewerkstelligen; van CO2-emissie bewerkstelligen;
- de productie van de biobrandstoffen moeten voldoen aan de door de EU - de productie van de biobrandstoffen moeten voldoen aan de door de EU
opgelegde technische specificaties voor de naleving van de sociale en opgelegde technische specificaties voor de naleving van de sociale en
milieuregelgeving. milieuregelgeving.
De Koning stelt, bij een besluit vastgesteld na overleg in de De Koning stelt, bij een besluit vastgesteld na overleg in de
Ministerraad, de bewijsmiddelen en, in voorkomend geval, de kalender Ministerraad, de bewijsmiddelen en, in voorkomend geval, de kalender
en de methode van berekening vast van de hierboven vermelde criteria; en de methode van berekening vast van de hierboven vermelde criteria;
9° « uitslag tot verbruik » : het in verbruik stellen van 9° « uitslag tot verbruik » : het in verbruik stellen van
benzineproducten en/of dieselproducten, in de betekenis van de benzineproducten en/of dieselproducten, in de betekenis van de
artikelen 6, 7, 10 en 11 van de wet van 10 juni 1997 betreffende de artikelen 6, 7, 10 en 11 van de wet van 10 juni 1997 betreffende de
algemene regeling voor accijnsproducten, het voorhanden hebben, en het algemene regeling voor accijnsproducten, het voorhanden hebben, en het
verkeer daarvan en de controles daarop; verkeer daarvan en de controles daarop;
10° « erkende productie-eenheid » : erkende productie-eenheid in de 10° « erkende productie-eenheid » : erkende productie-eenheid in de
zin van de wet van 10 juni 2006 betreffende de biobrandstoffen; zin van de wet van 10 juni 2006 betreffende de biobrandstoffen;
11° « Algemene Directie Energie » : de Algemene Directie Energie van 11° « Algemene Directie Energie » : de Algemene Directie Energie van
de FOD Economie, K.M.O., Middenstand en Energie. de FOD Economie, K.M.O., Middenstand en Energie.

Art. 3.§ 1. De in deze wet vervatte verwijzingen naar codes van de

Art. 3.§ 1. De in deze wet vervatte verwijzingen naar codes van de

gecombineerde nomenclatuur zijn deze bedoeld in artikel 414, § 2, van gecombineerde nomenclatuur zijn deze bedoeld in artikel 414, § 2, van
de programmawet van 27 december 2004. de programmawet van 27 december 2004.
§ 2. De productnormen waarnaar verwezen wordt in deze wet zijn de § 2. De productnormen waarnaar verwezen wordt in deze wet zijn de
laatste versies van de normen vastgesteld door het CEN (Comité laatste versies van de normen vastgesteld door het CEN (Comité
européen de Normalisation). européen de Normalisation).
HOOFDSTUK 2. - Verplichting van bijmenging van biobrandstof in de HOOFDSTUK 2. - Verplichting van bijmenging van biobrandstof in de
fossiele motorbrandstoffen fossiele motorbrandstoffen

Art. 4.§ 1. Elke geregistreerde aardoliemaatschappij die

Art. 4.§ 1. Elke geregistreerde aardoliemaatschappij die

benzineproducten en/of dieselproducten uitslaat tot verbruik, is benzineproducten en/of dieselproducten uitslaat tot verbruik, is
verplicht in hetzelfde kalenderjaar eveneens een hoeveelheid duurzame verplicht in hetzelfde kalenderjaar eveneens een hoeveelheid duurzame
biobrandstoffen in verbruik te stellen, als volgt : biobrandstoffen in verbruik te stellen, als volgt :
- FAME ten belope van minstens 4 v/v % van de tot verbruik uitgeslagen - FAME ten belope van minstens 4 v/v % van de tot verbruik uitgeslagen
hoeveelheid dieselproducten; hoeveelheid dieselproducten;
- bio-ethanol, zuiver of in de vorm van bio-ETBE, ten belope van - bio-ethanol, zuiver of in de vorm van bio-ETBE, ten belope van
minstens 4 v/v % van de tot verbruik uitgeslagen hoeveelheid minstens 4 v/v % van de tot verbruik uitgeslagen hoeveelheid
benzineproducten. benzineproducten.
§ 2. De verplichting bedoeld in § 1 rust niet op de hoeveelheden § 2. De verplichting bedoeld in § 1 rust niet op de hoeveelheden
benzineproducten en/of dieselproducten die een geregistreerde benzineproducten en/of dieselproducten die een geregistreerde
aardoliemaatschappij in verbruik stelt vanuit de verplichte voorraden aardoliemaatschappij in verbruik stelt vanuit de verplichte voorraden
bedoeld in artikel 2, 4°, van de wet van 26 januari 2006 betreffende bedoeld in artikel 2, 4°, van de wet van 26 januari 2006 betreffende
de aanhouding van een verplichte voorraad aardolie en de aanhouding van een verplichte voorraad aardolie en
aardolieproducten en de oprichting van een agentschap voor het beheer aardolieproducten en de oprichting van een agentschap voor het beheer
van een deel van deze voorraad en tot wijziging van de wet van 10 juni van een deel van deze voorraad en tot wijziging van de wet van 10 juni
1997 betreffende de algemene regeling voor accijnsproducten, het 1997 betreffende de algemene regeling voor accijnsproducten, het
voorhanden hebben, en het verkeer daarvan en de controles daarop, in voorhanden hebben, en het verkeer daarvan en de controles daarop, in
zoverre deze verplichte voorraden die onvermengd met biobrandstoffen zoverre deze verplichte voorraden die onvermengd met biobrandstoffen
door APETRA in volle eigendom worden aangehouden en beheerd, in door APETRA in volle eigendom worden aangehouden en beheerd, in
verbruik worden gesteld bij de eerste verwerving door een koper zonder verbruik worden gesteld bij de eerste verwerving door een koper zonder
een accijnsnummer. een accijnsnummer.

Art. 5.De uitslag tot verbruik van duurzame biobrandstoffen zoals

Art. 5.De uitslag tot verbruik van duurzame biobrandstoffen zoals

bedoeld in artikel 4 gebeurt door vermenging met de tot verbruik uit bedoeld in artikel 4 gebeurt door vermenging met de tot verbruik uit
te slagen benzineproducten en/of dieselproducten, met naleving van de te slagen benzineproducten en/of dieselproducten, met naleving van de
productnormen NBN EN 590 voor dieselproducten en NBN EN 228 voor productnormen NBN EN 590 voor dieselproducten en NBN EN 228 voor
benzineproducten. benzineproducten.
HOOFDSTUK 3. - Informatie- en administratieve verplichtingen HOOFDSTUK 3. - Informatie- en administratieve verplichtingen

Art. 6.§ 1. Teneinde de gegevens in verband met de uitslag tot

Art. 6.§ 1. Teneinde de gegevens in verband met de uitslag tot

verbruik te bekomen deelt de Administratie der Douane en Accijnzen van verbruik te bekomen deelt de Administratie der Douane en Accijnzen van
de Federale Overheidsdienst Financiën, uiterlijk op de laatste werkdag de Federale Overheidsdienst Financiën, uiterlijk op de laatste werkdag
van de maand die volgt op elk kwartaal aan de Algemene Directie van de maand die volgt op elk kwartaal aan de Algemene Directie
Energie mee : Energie mee :
- de hoeveelheden benzineproducten en/of dieselproducten die door elke - de hoeveelheden benzineproducten en/of dieselproducten die door elke
geregistreerde aardoliemaatschappij tijdens dit kwartaal tot verbruik geregistreerde aardoliemaatschappij tijdens dit kwartaal tot verbruik
werden uitgeslagen; werden uitgeslagen;
- de hoeveelheden biobrandstoffen, die door elke geregistreerde - de hoeveelheden biobrandstoffen, die door elke geregistreerde
aardoliemaatschappij tijdens dit kwartaal tot verbruik werden aardoliemaatschappij tijdens dit kwartaal tot verbruik werden
uitgeslagen; uitgeslagen;
- elk beschikbaar gegeven in verband met de oorsprong van de - elk beschikbaar gegeven in verband met de oorsprong van de
biobrandstoffen die gedurende dit kwartaal bij de tot verbruik biobrandstoffen die gedurende dit kwartaal bij de tot verbruik
uitgeslagen benzineproducten en/of dieselproducten werden bijgemengd. uitgeslagen benzineproducten en/of dieselproducten werden bijgemengd.
§ 2. De geregistreerde aardoliemaatschappijen zijn gehouden om § 2. De geregistreerde aardoliemaatschappijen zijn gehouden om
uiterlijk op de laatste werkdag van de maand die volgt op elk kwartaal uiterlijk op de laatste werkdag van de maand die volgt op elk kwartaal
aan de Algemene Directie Energie mede te delen de hoeveelheden aan de Algemene Directie Energie mede te delen de hoeveelheden
benzineproducten en/of dieselproducten die tot verbruik zijn benzineproducten en/of dieselproducten die tot verbruik zijn
uitgeslagen met vermelding van de tot verbruik uitgeslagen uitgeslagen met vermelding van de tot verbruik uitgeslagen
hoeveelheden fossiele brandstoffen en de corresponderend uitgeslagen hoeveelheden fossiele brandstoffen en de corresponderend uitgeslagen
hoeveelheden duurzame biobrandstoffen. hoeveelheden duurzame biobrandstoffen.
Deze gegevens kunnen ook op elektronische wijze aan de Algemene Deze gegevens kunnen ook op elektronische wijze aan de Algemene
Directie Energie meegedeeld worden. Directie Energie meegedeeld worden.
§ 3. De Koning stelt, bij een besluit vastgesteld na overleg in de § 3. De Koning stelt, bij een besluit vastgesteld na overleg in de
Ministerraad, de verdere regels met betrekking tot de informatie- en Ministerraad, de verdere regels met betrekking tot de informatie- en
administratieverplichtingen vast. administratieverplichtingen vast.
Hij kan aan de voormelde aardoliemaatschappijen opleggen om een Hij kan aan de voormelde aardoliemaatschappijen opleggen om een
boekhouding te voeren volgens de modellen die Hij bepaalt. boekhouding te voeren volgens de modellen die Hij bepaalt.
HOOFDSTUK 4. - Toezicht HOOFDSTUK 4. - Toezicht

Art. 7.§ 1. Het toezicht betreffende de verplichtingen die

Art. 7.§ 1. Het toezicht betreffende de verplichtingen die

voortvloeien uit deze wet en haar uitvoeringsbesluiten geschiedt door voortvloeien uit deze wet en haar uitvoeringsbesluiten geschiedt door
de daartoe door de minister gemachtigde ambtenaren van de Algemene de daartoe door de minister gemachtigde ambtenaren van de Algemene
Directie Energie en van de Algemene Directie Controle en bemiddeling Directie Energie en van de Algemene Directie Controle en bemiddeling
van de Federale Overheidsdienst Economie, K.M.O., Middenstand en van de Federale Overheidsdienst Economie, K.M.O., Middenstand en
Energie. Energie.
§ 2. De Algemene Directie Energie stelt elk jaar een lijst op van de § 2. De Algemene Directie Energie stelt elk jaar een lijst op van de
geregistreerde aardoliemaatschappijen die in het voorgaande geregistreerde aardoliemaatschappijen die in het voorgaande
kalenderjaar benzineproducten en/of dieselproducten tot verbruik kalenderjaar benzineproducten en/of dieselproducten tot verbruik
hebben uitgeslagen, met vermelding van de in het kalenderjaar hebben uitgeslagen, met vermelding van de in het kalenderjaar
uitgeslagen hoeveelheden fossiele brandstoffen en de corresponderend uitgeslagen hoeveelheden fossiele brandstoffen en de corresponderend
uitgeslagen hoeveelheden duurzame biobrandstoffen. uitgeslagen hoeveelheden duurzame biobrandstoffen.
§ 3. Elk kwartaal, na ontvangst van de gegevens bedoeld in artikel 6, § 3. Elk kwartaal, na ontvangst van de gegevens bedoeld in artikel 6,
§ 1 en § 2, verifieert de Algemene Directie Energie deze gegevens voor § 1 en § 2, verifieert de Algemene Directie Energie deze gegevens voor
elke geregistreerde aardoliemaatschappij die benzineproducten en/of elke geregistreerde aardoliemaatschappij die benzineproducten en/of
dieselproducten heeft uitgeslagen. Indien zij meent dat er dieselproducten heeft uitgeslagen. Indien zij meent dat er
aanwijzingen zijn dat de naleving van artikel 4 voor het betrokken aanwijzingen zijn dat de naleving van artikel 4 voor het betrokken
jaar in gevaar komt, meldt zij dit bij een ter post aangetekende brief jaar in gevaar komt, meldt zij dit bij een ter post aangetekende brief
aan de betrokken maatschappij. aan de betrokken maatschappij.
§ 4. De Koning stelt, bij een besluit vastgesteld na overleg in de § 4. De Koning stelt, bij een besluit vastgesteld na overleg in de
Ministerraad, de wijze vast waarop dit toezicht wordt uitgeoefend. Ministerraad, de wijze vast waarop dit toezicht wordt uitgeoefend.

Art. 8.§ 1. Elke geregistreerde aardoliemaatschappij dient het bewijs

Art. 8.§ 1. Elke geregistreerde aardoliemaatschappij dient het bewijs

te leveren dat de gebruikte biobrandstoffen die in aanmerking worden te leveren dat de gebruikte biobrandstoffen die in aanmerking worden
genomen voor het behalen van het percentage zoals vastgesteld in genomen voor het behalen van het percentage zoals vastgesteld in
artikel 4 duurzaam zijn in de zin van artikel 2, 8°. artikel 4 duurzaam zijn in de zin van artikel 2, 8°.
§ 2. Voor biobrandstoffen afkomstig van erkende productie-eenheden, § 2. Voor biobrandstoffen afkomstig van erkende productie-eenheden,
wordt dit bewijs geacht geleverd te zijn. wordt dit bewijs geacht geleverd te zijn.
§ 3. Indien een geregistreerde aardoliemaatschappij benzineproducten § 3. Indien een geregistreerde aardoliemaatschappij benzineproducten
of dieselproducten tot verbruik wenst uit te slagen waarvan ze van of dieselproducten tot verbruik wenst uit te slagen waarvan ze van
oordeel is dat ze reeds biobrandstoffen bevatten dan dient ze zelf het oordeel is dat ze reeds biobrandstoffen bevatten dan dient ze zelf het
percentage aan biobrandstof op te geven en dient ze het bewijs te percentage aan biobrandstof op te geven en dient ze het bewijs te
leveren dat de gebruikte biobrandstoffen duurzaam zijn in de zin van leveren dat de gebruikte biobrandstoffen duurzaam zijn in de zin van
artikel 2, 8°. artikel 2, 8°.
§ 4. In voorkomend geval gaat de Algemene Directie Energie over tot § 4. In voorkomend geval gaat de Algemene Directie Energie over tot
een fysische controle van de producten die tot verbruik worden een fysische controle van de producten die tot verbruik worden
uitgeslagen. uitgeslagen.
De modaliteiten van deze controle worden door de Koning vastgesteld. De modaliteiten van deze controle worden door de Koning vastgesteld.
HOOFDSTUK 5. - Verslag HOOFDSTUK 5. - Verslag

Art. 9.De uitvoering en de effecten, met inbegrip van het

Art. 9.De uitvoering en de effecten, met inbegrip van het

duurzaamheidskarakter van de biobrandstoffen, van deze wet worden duurzaamheidskarakter van de biobrandstoffen, van deze wet worden
jaarlijks, en voor een eerste maal in maart 2010 op basis van de jaarlijks, en voor een eerste maal in maart 2010 op basis van de
gegevens verkregen tot 31 december 2009, geëvalueerd door de Algemene gegevens verkregen tot 31 december 2009, geëvalueerd door de Algemene
Directie Energie in samenwerking met de Administratie der Douane en Directie Energie in samenwerking met de Administratie der Douane en
Accijnzen van de FOD Financiën en de Algemene Directie Leefmilieu van Accijnzen van de FOD Financiën en de Algemene Directie Leefmilieu van
de FOD Volksgezondheid, Veiligheid van de Voedselketen en Leefmilieu. de FOD Volksgezondheid, Veiligheid van de Voedselketen en Leefmilieu.
HOOFDSTUK 6. - Administratieve boetes HOOFDSTUK 6. - Administratieve boetes

Art. 10.§ 1. Worden bestraft met een administratieve boete van

Art. 10.§ 1. Worden bestraft met een administratieve boete van

honderd tot tienduizend euro, degene die de verplichtingen en de honderd tot tienduizend euro, degene die de verplichtingen en de
controles voorzien in de artikelen 6, § 2, 7 en 8 niet naleven of controles voorzien in de artikelen 6, § 2, 7 en 8 niet naleven of
verhinderen. In geval van herhaling wordt de geldboete verdubbeld. verhinderen. In geval van herhaling wordt de geldboete verdubbeld.
§ 2. Elke geregistreerde aardoliemaatschappij die het percentage zoals § 2. Elke geregistreerde aardoliemaatschappij die het percentage zoals
vastgelegd in artikel 4 niet naleeft wordt gestraft met een vastgelegd in artikel 4 niet naleeft wordt gestraft met een
administratieve boete gelijk aan 900 euro per 1 000 liter bij 15° C administratieve boete gelijk aan 900 euro per 1 000 liter bij 15° C
ontbrekende biobrandstof, die niet bijgemengd werd bij de tot verbruik ontbrekende biobrandstof, die niet bijgemengd werd bij de tot verbruik
uitgeslagen jaarlijkse hoeveelheid dieselproducten of benzineproducten uitgeslagen jaarlijkse hoeveelheid dieselproducten of benzineproducten
overeenkomstig artikel 4, § 1, en op voorwaarde dat zij werd gehoord overeenkomstig artikel 4, § 1, en op voorwaarde dat zij werd gehoord
of naar behoren werd opgeroepen. of naar behoren werd opgeroepen.
De Algemene Directie Energie baseert zich hiervoor op de gegevens die De Algemene Directie Energie baseert zich hiervoor op de gegevens die
ze ontvangt van de Administratie der Douane en Accijnzen van de FOD ze ontvangt van de Administratie der Douane en Accijnzen van de FOD
Financiën en van de geregistreerde aardoliemaatschappijen. Financiën en van de geregistreerde aardoliemaatschappijen.
§ 3. De administratieve boete wordt geïnd ten gunste van de Schatkist § 3. De administratieve boete wordt geïnd ten gunste van de Schatkist
door de Algemene Directie Energie. door de Algemene Directie Energie.
De regels voor de inning worden bepaald door de Koning, bij een De regels voor de inning worden bepaald door de Koning, bij een
besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad. besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad.
§ 4. De geregistreerde aardoliemaatschappij waaraan een § 4. De geregistreerde aardoliemaatschappij waaraan een
administratieve boete is opgelegd, kan binnen de door de Koning administratieve boete is opgelegd, kan binnen de door de Koning
bepaalde termijn voor betaling van de boete, bij de rechtbank van bepaalde termijn voor betaling van de boete, bij de rechtbank van
eerste aanleg van Brussel een beroep indienen tegen de beslissing om eerste aanleg van Brussel een beroep indienen tegen de beslissing om
een boete op te leggen. Het beroep wordt bij verzoekschrift op een boete op te leggen. Het beroep wordt bij verzoekschrift op
tegenspraak ingediend op basis van artikel 1034bis en volgende van het tegenspraak ingediend op basis van artikel 1034bis en volgende van het
Gerechtelijk Wetboek. Dit beroep schorst de uitvoering van de Gerechtelijk Wetboek. Dit beroep schorst de uitvoering van de
beslissing. beslissing.
HOOFDSTUK 7. - Slotbepalingen HOOFDSTUK 7. - Slotbepalingen

Art. 11.Artikel 183 van de programmawet van 27 april 2007 wordt

Art. 11.Artikel 183 van de programmawet van 27 april 2007 wordt

opgeheven. opgeheven.

Art. 12.Voor de kalenderjaren waarin de artikelen 2 tot en met 9 niet

Art. 12.Voor de kalenderjaren waarin de artikelen 2 tot en met 9 niet

voor een volledig kalenderjaar van kracht zijn, wordt de naleving van voor een volledig kalenderjaar van kracht zijn, wordt de naleving van
de in artikel 4 vastgestelde percentages uitsluitend gecontroleerd met de in artikel 4 vastgestelde percentages uitsluitend gecontroleerd met
betrekking tot de benzineproducten of dieselproducten die tot verbruik betrekking tot de benzineproducten of dieselproducten die tot verbruik
zijn uitgeslagen in de kwartalen waarin de wet van kracht is. zijn uitgeslagen in de kwartalen waarin de wet van kracht is.

Art. 13.Deze wet treedt in werking op 1 juli 2009 en treedt buiten

Art. 13.Deze wet treedt in werking op 1 juli 2009 en treedt buiten

werking op 30 juni 2011, behoudens verlenging met 24 maanden bij een werking op 30 juni 2011, behoudens verlenging met 24 maanden bij een
besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad. besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad.
Gegeven te Brussel, 22 juli 2009. Gegeven te Brussel, 22 juli 2009.
ALBERT ALBERT
Van Koningswege : Van Koningswege :
Eerste Minister, Eerste Minister,
H. VAN ROMPUY H. VAN ROMPUY
Vice-Eerste Minister en Minister van Financiën, Vice-Eerste Minister en Minister van Financiën,
D. REYNDERS D. REYNDERS
Minister van Landbouw, Minister van Landbouw,
Mevr. S. LARUELLE Mevr. S. LARUELLE
Minister van Klimaat en Energie, Minister van Klimaat en Energie,
P. MAGNETTE P. MAGNETTE
Minister voor Ondernemen en Vereenvoudigen, Minister voor Ondernemen en Vereenvoudigen,
V. QUICKENBORNE V. QUICKENBORNE
Staatssecretaris voor Mobiliteit, Staatssecretaris voor Mobiliteit,
E. SCHOUPPE E. SCHOUPPE
Met 's Lands zegel gezegeld : Met 's Lands zegel gezegeld :
Voor de Minister van Justitie, afwezig : Voor de Minister van Justitie, afwezig :
Vice-Eerste Minister en Minister van Ambtenarenzaken, Vice-Eerste Minister en Minister van Ambtenarenzaken,
Overheidsbedrijven en Institutionele Hervormingen, Overheidsbedrijven en Institutionele Hervormingen,
S. VANACKERE S. VANACKERE
Nota Nota
Stukken van de Kamer van volksvertegenwoordigers : Stukken van de Kamer van volksvertegenwoordigers :
52-2037 - 2008/2009 : 52-2037 - 2008/2009 :
Nr. 1 : Wetsontwerp Nr. 1 : Wetsontwerp
Nr. 2 : Erratum Nr. 2 : Erratum
Nr. 3 : Amendementen Nr. 3 : Amendementen
Nr. 4 : Verslag Nr. 4 : Verslag
Nr. 5 : Tekst aangenomen door de commissie Nr. 5 : Tekst aangenomen door de commissie
Nr. 6 : Tekst aangenomen in plenaire vergadering en overgezonden aan Nr. 6 : Tekst aangenomen in plenaire vergadering en overgezonden aan
de Senaat de Senaat
Integraal verslag : 25 juni en 2 juli 2009. Integraal verslag : 25 juni en 2 juli 2009.
Stukken van de Senaat : Stukken van de Senaat :
4-1386 - 2008/2009 : 4-1386 - 2008/2009 :
Nr. 1 : Ontwerp niet geëvoceerd door de Senaat. Nr. 1 : Ontwerp niet geëvoceerd door de Senaat.
^