Wet houdende verplichting tot bijmenging van biobrandstof in de tot verbruik uitgeslagen fossiele motorbrandstoffen | Wet houdende verplichting tot bijmenging van biobrandstof in de tot verbruik uitgeslagen fossiele motorbrandstoffen |
---|---|
FEDERALE OVERHEIDSDIENST ECONOMIE, K.M.O., MIDDENSTAND EN ENERGIE | FEDERALE OVERHEIDSDIENST ECONOMIE, K.M.O., MIDDENSTAND EN ENERGIE |
22 JULI 2009. - Wet houdende verplichting tot bijmenging van | 22 JULI 2009. - Wet houdende verplichting tot bijmenging van |
biobrandstof in de tot verbruik uitgeslagen fossiele motorbrandstoffen | biobrandstof in de tot verbruik uitgeslagen fossiele motorbrandstoffen |
ALBERT II, Koning der Belgen, | ALBERT II, Koning der Belgen, |
Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. | Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. |
De Kamers hebben aangenomen en Wij bekrachtigen, hetgeen volgt : | De Kamers hebben aangenomen en Wij bekrachtigen, hetgeen volgt : |
HOOFDSTUK 1. - Algemene bepalingen | HOOFDSTUK 1. - Algemene bepalingen |
Artikel 1.Deze wet regelt een aangelegenheid als bedoeld in artikel |
Artikel 1.Deze wet regelt een aangelegenheid als bedoeld in artikel |
78 van de Grondwet. | 78 van de Grondwet. |
Art. 2.Voor de toepassing van deze wet wordt verstaan onder : |
Art. 2.Voor de toepassing van deze wet wordt verstaan onder : |
1°« geregistreerde aardoliemaatschappij » : elke natuurlijke of | 1°« geregistreerde aardoliemaatschappij » : elke natuurlijke of |
rechtspersoon die voor eigen rekening, voor rekening van derden of | rechtspersoon die voor eigen rekening, voor rekening van derden of |
voor eigen behoeften benzineproducten en/of dieselproducten | voor eigen behoeften benzineproducten en/of dieselproducten |
produceert, aankoopt, invoert of binnenbrengt, uitslaat, raffineert, | produceert, aankoopt, invoert of binnenbrengt, uitslaat, raffineert, |
in opslag houdt, verwerkt, aanwendt, verdeelt, te koop aanbiedt, | in opslag houdt, verwerkt, aanwendt, verdeelt, te koop aanbiedt, |
verkoopt, levert of vervoert en die deze producten tot verbruik | verkoopt, levert of vervoert en die deze producten tot verbruik |
uitslaat; | uitslaat; |
2° « benzineproducten » : ongelode benzine van de GN-codes 2710 11 49 | 2° « benzineproducten » : ongelode benzine van de GN-codes 2710 11 49 |
met een laag zwavelgehalte en aromatische verbindingen en van de | met een laag zwavelgehalte en aromatische verbindingen en van de |
GN-codes 2710 11 41 en 2710 11 45 gebruikt als motorbrandstof die niet | GN-codes 2710 11 41 en 2710 11 45 gebruikt als motorbrandstof die niet |
van accijnzen is vrijgesteld; | van accijnzen is vrijgesteld; |
3° « dieselproducten » : gasolie van de GN-code 2710 19 41 met een | 3° « dieselproducten » : gasolie van de GN-code 2710 19 41 met een |
zwavelgehalte van niet meer dan 10 mg/kg gebruikt als motorbrandstof | zwavelgehalte van niet meer dan 10 mg/kg gebruikt als motorbrandstof |
die niet van accijnzen is vrijgesteld; | die niet van accijnzen is vrijgesteld; |
4° « biobrandstof » : FAME, bio-ethanol en bio-ETBE zoals ze | 4° « biobrandstof » : FAME, bio-ethanol en bio-ETBE zoals ze |
gedefinieerd worden in de punten 5°, 6° en 7°; | gedefinieerd worden in de punten 5°, 6° en 7°; |
5° « FAME » : fatty acid methyl ester van de GN-code 3824 90 99 en dat | 5° « FAME » : fatty acid methyl ester van de GN-code 3824 90 99 en dat |
beantwoordt aan de specificaties van de norm NBN-EN 14214; | beantwoordt aan de specificaties van de norm NBN-EN 14214; |
6° « bio-ethanol » : ethanol geproduceerd uit biomassa en/of uit de | 6° « bio-ethanol » : ethanol geproduceerd uit biomassa en/of uit de |
biologisch afbreekbare fractie van afval van de GN-code 2207 10 00 met | biologisch afbreekbare fractie van afval van de GN-code 2207 10 00 met |
een alcoholvolumegehalte van ten minste 99 % vol en dat beantwoordt | een alcoholvolumegehalte van ten minste 99 % vol en dat beantwoordt |
aan de specificaties van de norm NBN-EN 15376; | aan de specificaties van de norm NBN-EN 15376; |
7° « bio-ETBE » : ethyl-tertiair-butylether van de GN-code 2909 19 00 | 7° « bio-ETBE » : ethyl-tertiair-butylether van de GN-code 2909 19 00 |
die niet van synthetische oorsprong is en die 47 % van het volume | die niet van synthetische oorsprong is en die 47 % van het volume |
bio-ethanol bevat; | bio-ethanol bevat; |
8° « duurzame biobrandstoffen » : biobrandstoffen geproduceerd in de | 8° « duurzame biobrandstoffen » : biobrandstoffen geproduceerd in de |
Europese Gemeenschap (EG) die aan volgende duurzaamheidscriteria | Europese Gemeenschap (EG) die aan volgende duurzaamheidscriteria |
voldoen : | voldoen : |
- de grondstoffen moeten uit de landbouw afkomstig zijn. Deze | - de grondstoffen moeten uit de landbouw afkomstig zijn. Deze |
grondstoffen moeten geteeld worden met gebruikmaking van zo weinig | grondstoffen moeten geteeld worden met gebruikmaking van zo weinig |
mogelijk meststoffen en pesticiden en de productie moet minimaal | mogelijk meststoffen en pesticiden en de productie moet minimaal |
voldoen aan de uit de regelgeving voortvloeiende beheerseisen die | voldoen aan de uit de regelgeving voortvloeiende beheerseisen die |
vermeld worden on de titel « Milieu » van het punt A en onder punt 9 | vermeld worden on de titel « Milieu » van het punt A en onder punt 9 |
van bijlage II, en de beheerseisen voortvloeiende uit de goede | van bijlage II, en de beheerseisen voortvloeiende uit de goede |
landbouw- en milieuconditie van bijlage III van verordening (EG) nr. | landbouw- en milieuconditie van bijlage III van verordening (EG) nr. |
73/2009 van de Raad van 19 januari 2009 tot vaststelling van | 73/2009 van de Raad van 19 januari 2009 tot vaststelling van |
gemeenschappelijke voorschriften voor regelingen inzake rechtstreekse | gemeenschappelijke voorschriften voor regelingen inzake rechtstreekse |
steunverlening aan landbouwers in het kader van het gemeenschappelijk | steunverlening aan landbouwers in het kader van het gemeenschappelijk |
landbouwbeleid en tot vaststelling van bepaalde steunregelingen voor | landbouwbeleid en tot vaststelling van bepaalde steunregelingen voor |
landbouwers, tot wijziging van verordeningen (EG) nr. 1290/2005, (EG) | landbouwers, tot wijziging van verordeningen (EG) nr. 1290/2005, (EG) |
nr. 247/2006, (EG) nr. 378/2007 en tot intrekking van verordening (EG) | nr. 247/2006, (EG) nr. 378/2007 en tot intrekking van verordening (EG) |
nr. 1782/2003; | nr. 1782/2003; |
- de grondstoffen mogen niet afkomstig zijn van landbouwareaal buiten | - de grondstoffen mogen niet afkomstig zijn van landbouwareaal buiten |
de EG die onlangs voorwerp is geweest van ontbossing; | de EG die onlangs voorwerp is geweest van ontbossing; |
- de geproduceerde biobrandstoffen moeten een substantiële reductie | - de geproduceerde biobrandstoffen moeten een substantiële reductie |
van CO2-emissie bewerkstelligen; | van CO2-emissie bewerkstelligen; |
- de productie van de biobrandstoffen moeten voldoen aan de door de EU | - de productie van de biobrandstoffen moeten voldoen aan de door de EU |
opgelegde technische specificaties voor de naleving van de sociale en | opgelegde technische specificaties voor de naleving van de sociale en |
milieuregelgeving. | milieuregelgeving. |
De Koning stelt, bij een besluit vastgesteld na overleg in de | De Koning stelt, bij een besluit vastgesteld na overleg in de |
Ministerraad, de bewijsmiddelen en, in voorkomend geval, de kalender | Ministerraad, de bewijsmiddelen en, in voorkomend geval, de kalender |
en de methode van berekening vast van de hierboven vermelde criteria; | en de methode van berekening vast van de hierboven vermelde criteria; |
9° « uitslag tot verbruik » : het in verbruik stellen van | 9° « uitslag tot verbruik » : het in verbruik stellen van |
benzineproducten en/of dieselproducten, in de betekenis van de | benzineproducten en/of dieselproducten, in de betekenis van de |
artikelen 6, 7, 10 en 11 van de wet van 10 juni 1997 betreffende de | artikelen 6, 7, 10 en 11 van de wet van 10 juni 1997 betreffende de |
algemene regeling voor accijnsproducten, het voorhanden hebben, en het | algemene regeling voor accijnsproducten, het voorhanden hebben, en het |
verkeer daarvan en de controles daarop; | verkeer daarvan en de controles daarop; |
10° « erkende productie-eenheid » : erkende productie-eenheid in de | 10° « erkende productie-eenheid » : erkende productie-eenheid in de |
zin van de wet van 10 juni 2006 betreffende de biobrandstoffen; | zin van de wet van 10 juni 2006 betreffende de biobrandstoffen; |
11° « Algemene Directie Energie » : de Algemene Directie Energie van | 11° « Algemene Directie Energie » : de Algemene Directie Energie van |
de FOD Economie, K.M.O., Middenstand en Energie. | de FOD Economie, K.M.O., Middenstand en Energie. |
Art. 3.§ 1. De in deze wet vervatte verwijzingen naar codes van de |
Art. 3.§ 1. De in deze wet vervatte verwijzingen naar codes van de |
gecombineerde nomenclatuur zijn deze bedoeld in artikel 414, § 2, van | gecombineerde nomenclatuur zijn deze bedoeld in artikel 414, § 2, van |
de programmawet van 27 december 2004. | de programmawet van 27 december 2004. |
§ 2. De productnormen waarnaar verwezen wordt in deze wet zijn de | § 2. De productnormen waarnaar verwezen wordt in deze wet zijn de |
laatste versies van de normen vastgesteld door het CEN (Comité | laatste versies van de normen vastgesteld door het CEN (Comité |
européen de Normalisation). | européen de Normalisation). |
HOOFDSTUK 2. - Verplichting van bijmenging van biobrandstof in de | HOOFDSTUK 2. - Verplichting van bijmenging van biobrandstof in de |
fossiele motorbrandstoffen | fossiele motorbrandstoffen |
Art. 4.§ 1. Elke geregistreerde aardoliemaatschappij die |
Art. 4.§ 1. Elke geregistreerde aardoliemaatschappij die |
benzineproducten en/of dieselproducten uitslaat tot verbruik, is | benzineproducten en/of dieselproducten uitslaat tot verbruik, is |
verplicht in hetzelfde kalenderjaar eveneens een hoeveelheid duurzame | verplicht in hetzelfde kalenderjaar eveneens een hoeveelheid duurzame |
biobrandstoffen in verbruik te stellen, als volgt : | biobrandstoffen in verbruik te stellen, als volgt : |
- FAME ten belope van minstens 4 v/v % van de tot verbruik uitgeslagen | - FAME ten belope van minstens 4 v/v % van de tot verbruik uitgeslagen |
hoeveelheid dieselproducten; | hoeveelheid dieselproducten; |
- bio-ethanol, zuiver of in de vorm van bio-ETBE, ten belope van | - bio-ethanol, zuiver of in de vorm van bio-ETBE, ten belope van |
minstens 4 v/v % van de tot verbruik uitgeslagen hoeveelheid | minstens 4 v/v % van de tot verbruik uitgeslagen hoeveelheid |
benzineproducten. | benzineproducten. |
§ 2. De verplichting bedoeld in § 1 rust niet op de hoeveelheden | § 2. De verplichting bedoeld in § 1 rust niet op de hoeveelheden |
benzineproducten en/of dieselproducten die een geregistreerde | benzineproducten en/of dieselproducten die een geregistreerde |
aardoliemaatschappij in verbruik stelt vanuit de verplichte voorraden | aardoliemaatschappij in verbruik stelt vanuit de verplichte voorraden |
bedoeld in artikel 2, 4°, van de wet van 26 januari 2006 betreffende | bedoeld in artikel 2, 4°, van de wet van 26 januari 2006 betreffende |
de aanhouding van een verplichte voorraad aardolie en | de aanhouding van een verplichte voorraad aardolie en |
aardolieproducten en de oprichting van een agentschap voor het beheer | aardolieproducten en de oprichting van een agentschap voor het beheer |
van een deel van deze voorraad en tot wijziging van de wet van 10 juni | van een deel van deze voorraad en tot wijziging van de wet van 10 juni |
1997 betreffende de algemene regeling voor accijnsproducten, het | 1997 betreffende de algemene regeling voor accijnsproducten, het |
voorhanden hebben, en het verkeer daarvan en de controles daarop, in | voorhanden hebben, en het verkeer daarvan en de controles daarop, in |
zoverre deze verplichte voorraden die onvermengd met biobrandstoffen | zoverre deze verplichte voorraden die onvermengd met biobrandstoffen |
door APETRA in volle eigendom worden aangehouden en beheerd, in | door APETRA in volle eigendom worden aangehouden en beheerd, in |
verbruik worden gesteld bij de eerste verwerving door een koper zonder | verbruik worden gesteld bij de eerste verwerving door een koper zonder |
een accijnsnummer. | een accijnsnummer. |
Art. 5.De uitslag tot verbruik van duurzame biobrandstoffen zoals |
Art. 5.De uitslag tot verbruik van duurzame biobrandstoffen zoals |
bedoeld in artikel 4 gebeurt door vermenging met de tot verbruik uit | bedoeld in artikel 4 gebeurt door vermenging met de tot verbruik uit |
te slagen benzineproducten en/of dieselproducten, met naleving van de | te slagen benzineproducten en/of dieselproducten, met naleving van de |
productnormen NBN EN 590 voor dieselproducten en NBN EN 228 voor | productnormen NBN EN 590 voor dieselproducten en NBN EN 228 voor |
benzineproducten. | benzineproducten. |
HOOFDSTUK 3. - Informatie- en administratieve verplichtingen | HOOFDSTUK 3. - Informatie- en administratieve verplichtingen |
Art. 6.§ 1. Teneinde de gegevens in verband met de uitslag tot |
Art. 6.§ 1. Teneinde de gegevens in verband met de uitslag tot |
verbruik te bekomen deelt de Administratie der Douane en Accijnzen van | verbruik te bekomen deelt de Administratie der Douane en Accijnzen van |
de Federale Overheidsdienst Financiën, uiterlijk op de laatste werkdag | de Federale Overheidsdienst Financiën, uiterlijk op de laatste werkdag |
van de maand die volgt op elk kwartaal aan de Algemene Directie | van de maand die volgt op elk kwartaal aan de Algemene Directie |
Energie mee : | Energie mee : |
- de hoeveelheden benzineproducten en/of dieselproducten die door elke | - de hoeveelheden benzineproducten en/of dieselproducten die door elke |
geregistreerde aardoliemaatschappij tijdens dit kwartaal tot verbruik | geregistreerde aardoliemaatschappij tijdens dit kwartaal tot verbruik |
werden uitgeslagen; | werden uitgeslagen; |
- de hoeveelheden biobrandstoffen, die door elke geregistreerde | - de hoeveelheden biobrandstoffen, die door elke geregistreerde |
aardoliemaatschappij tijdens dit kwartaal tot verbruik werden | aardoliemaatschappij tijdens dit kwartaal tot verbruik werden |
uitgeslagen; | uitgeslagen; |
- elk beschikbaar gegeven in verband met de oorsprong van de | - elk beschikbaar gegeven in verband met de oorsprong van de |
biobrandstoffen die gedurende dit kwartaal bij de tot verbruik | biobrandstoffen die gedurende dit kwartaal bij de tot verbruik |
uitgeslagen benzineproducten en/of dieselproducten werden bijgemengd. | uitgeslagen benzineproducten en/of dieselproducten werden bijgemengd. |
§ 2. De geregistreerde aardoliemaatschappijen zijn gehouden om | § 2. De geregistreerde aardoliemaatschappijen zijn gehouden om |
uiterlijk op de laatste werkdag van de maand die volgt op elk kwartaal | uiterlijk op de laatste werkdag van de maand die volgt op elk kwartaal |
aan de Algemene Directie Energie mede te delen de hoeveelheden | aan de Algemene Directie Energie mede te delen de hoeveelheden |
benzineproducten en/of dieselproducten die tot verbruik zijn | benzineproducten en/of dieselproducten die tot verbruik zijn |
uitgeslagen met vermelding van de tot verbruik uitgeslagen | uitgeslagen met vermelding van de tot verbruik uitgeslagen |
hoeveelheden fossiele brandstoffen en de corresponderend uitgeslagen | hoeveelheden fossiele brandstoffen en de corresponderend uitgeslagen |
hoeveelheden duurzame biobrandstoffen. | hoeveelheden duurzame biobrandstoffen. |
Deze gegevens kunnen ook op elektronische wijze aan de Algemene | Deze gegevens kunnen ook op elektronische wijze aan de Algemene |
Directie Energie meegedeeld worden. | Directie Energie meegedeeld worden. |
§ 3. De Koning stelt, bij een besluit vastgesteld na overleg in de | § 3. De Koning stelt, bij een besluit vastgesteld na overleg in de |
Ministerraad, de verdere regels met betrekking tot de informatie- en | Ministerraad, de verdere regels met betrekking tot de informatie- en |
administratieverplichtingen vast. | administratieverplichtingen vast. |
Hij kan aan de voormelde aardoliemaatschappijen opleggen om een | Hij kan aan de voormelde aardoliemaatschappijen opleggen om een |
boekhouding te voeren volgens de modellen die Hij bepaalt. | boekhouding te voeren volgens de modellen die Hij bepaalt. |
HOOFDSTUK 4. - Toezicht | HOOFDSTUK 4. - Toezicht |
Art. 7.§ 1. Het toezicht betreffende de verplichtingen die |
Art. 7.§ 1. Het toezicht betreffende de verplichtingen die |
voortvloeien uit deze wet en haar uitvoeringsbesluiten geschiedt door | voortvloeien uit deze wet en haar uitvoeringsbesluiten geschiedt door |
de daartoe door de minister gemachtigde ambtenaren van de Algemene | de daartoe door de minister gemachtigde ambtenaren van de Algemene |
Directie Energie en van de Algemene Directie Controle en bemiddeling | Directie Energie en van de Algemene Directie Controle en bemiddeling |
van de Federale Overheidsdienst Economie, K.M.O., Middenstand en | van de Federale Overheidsdienst Economie, K.M.O., Middenstand en |
Energie. | Energie. |
§ 2. De Algemene Directie Energie stelt elk jaar een lijst op van de | § 2. De Algemene Directie Energie stelt elk jaar een lijst op van de |
geregistreerde aardoliemaatschappijen die in het voorgaande | geregistreerde aardoliemaatschappijen die in het voorgaande |
kalenderjaar benzineproducten en/of dieselproducten tot verbruik | kalenderjaar benzineproducten en/of dieselproducten tot verbruik |
hebben uitgeslagen, met vermelding van de in het kalenderjaar | hebben uitgeslagen, met vermelding van de in het kalenderjaar |
uitgeslagen hoeveelheden fossiele brandstoffen en de corresponderend | uitgeslagen hoeveelheden fossiele brandstoffen en de corresponderend |
uitgeslagen hoeveelheden duurzame biobrandstoffen. | uitgeslagen hoeveelheden duurzame biobrandstoffen. |
§ 3. Elk kwartaal, na ontvangst van de gegevens bedoeld in artikel 6, | § 3. Elk kwartaal, na ontvangst van de gegevens bedoeld in artikel 6, |
§ 1 en § 2, verifieert de Algemene Directie Energie deze gegevens voor | § 1 en § 2, verifieert de Algemene Directie Energie deze gegevens voor |
elke geregistreerde aardoliemaatschappij die benzineproducten en/of | elke geregistreerde aardoliemaatschappij die benzineproducten en/of |
dieselproducten heeft uitgeslagen. Indien zij meent dat er | dieselproducten heeft uitgeslagen. Indien zij meent dat er |
aanwijzingen zijn dat de naleving van artikel 4 voor het betrokken | aanwijzingen zijn dat de naleving van artikel 4 voor het betrokken |
jaar in gevaar komt, meldt zij dit bij een ter post aangetekende brief | jaar in gevaar komt, meldt zij dit bij een ter post aangetekende brief |
aan de betrokken maatschappij. | aan de betrokken maatschappij. |
§ 4. De Koning stelt, bij een besluit vastgesteld na overleg in de | § 4. De Koning stelt, bij een besluit vastgesteld na overleg in de |
Ministerraad, de wijze vast waarop dit toezicht wordt uitgeoefend. | Ministerraad, de wijze vast waarop dit toezicht wordt uitgeoefend. |
Art. 8.§ 1. Elke geregistreerde aardoliemaatschappij dient het bewijs |
Art. 8.§ 1. Elke geregistreerde aardoliemaatschappij dient het bewijs |
te leveren dat de gebruikte biobrandstoffen die in aanmerking worden | te leveren dat de gebruikte biobrandstoffen die in aanmerking worden |
genomen voor het behalen van het percentage zoals vastgesteld in | genomen voor het behalen van het percentage zoals vastgesteld in |
artikel 4 duurzaam zijn in de zin van artikel 2, 8°. | artikel 4 duurzaam zijn in de zin van artikel 2, 8°. |
§ 2. Voor biobrandstoffen afkomstig van erkende productie-eenheden, | § 2. Voor biobrandstoffen afkomstig van erkende productie-eenheden, |
wordt dit bewijs geacht geleverd te zijn. | wordt dit bewijs geacht geleverd te zijn. |
§ 3. Indien een geregistreerde aardoliemaatschappij benzineproducten | § 3. Indien een geregistreerde aardoliemaatschappij benzineproducten |
of dieselproducten tot verbruik wenst uit te slagen waarvan ze van | of dieselproducten tot verbruik wenst uit te slagen waarvan ze van |
oordeel is dat ze reeds biobrandstoffen bevatten dan dient ze zelf het | oordeel is dat ze reeds biobrandstoffen bevatten dan dient ze zelf het |
percentage aan biobrandstof op te geven en dient ze het bewijs te | percentage aan biobrandstof op te geven en dient ze het bewijs te |
leveren dat de gebruikte biobrandstoffen duurzaam zijn in de zin van | leveren dat de gebruikte biobrandstoffen duurzaam zijn in de zin van |
artikel 2, 8°. | artikel 2, 8°. |
§ 4. In voorkomend geval gaat de Algemene Directie Energie over tot | § 4. In voorkomend geval gaat de Algemene Directie Energie over tot |
een fysische controle van de producten die tot verbruik worden | een fysische controle van de producten die tot verbruik worden |
uitgeslagen. | uitgeslagen. |
De modaliteiten van deze controle worden door de Koning vastgesteld. | De modaliteiten van deze controle worden door de Koning vastgesteld. |
HOOFDSTUK 5. - Verslag | HOOFDSTUK 5. - Verslag |
Art. 9.De uitvoering en de effecten, met inbegrip van het |
Art. 9.De uitvoering en de effecten, met inbegrip van het |
duurzaamheidskarakter van de biobrandstoffen, van deze wet worden | duurzaamheidskarakter van de biobrandstoffen, van deze wet worden |
jaarlijks, en voor een eerste maal in maart 2010 op basis van de | jaarlijks, en voor een eerste maal in maart 2010 op basis van de |
gegevens verkregen tot 31 december 2009, geëvalueerd door de Algemene | gegevens verkregen tot 31 december 2009, geëvalueerd door de Algemene |
Directie Energie in samenwerking met de Administratie der Douane en | Directie Energie in samenwerking met de Administratie der Douane en |
Accijnzen van de FOD Financiën en de Algemene Directie Leefmilieu van | Accijnzen van de FOD Financiën en de Algemene Directie Leefmilieu van |
de FOD Volksgezondheid, Veiligheid van de Voedselketen en Leefmilieu. | de FOD Volksgezondheid, Veiligheid van de Voedselketen en Leefmilieu. |
HOOFDSTUK 6. - Administratieve boetes | HOOFDSTUK 6. - Administratieve boetes |
Art. 10.§ 1. Worden bestraft met een administratieve boete van |
Art. 10.§ 1. Worden bestraft met een administratieve boete van |
honderd tot tienduizend euro, degene die de verplichtingen en de | honderd tot tienduizend euro, degene die de verplichtingen en de |
controles voorzien in de artikelen 6, § 2, 7 en 8 niet naleven of | controles voorzien in de artikelen 6, § 2, 7 en 8 niet naleven of |
verhinderen. In geval van herhaling wordt de geldboete verdubbeld. | verhinderen. In geval van herhaling wordt de geldboete verdubbeld. |
§ 2. Elke geregistreerde aardoliemaatschappij die het percentage zoals | § 2. Elke geregistreerde aardoliemaatschappij die het percentage zoals |
vastgelegd in artikel 4 niet naleeft wordt gestraft met een | vastgelegd in artikel 4 niet naleeft wordt gestraft met een |
administratieve boete gelijk aan 900 euro per 1 000 liter bij 15° C | administratieve boete gelijk aan 900 euro per 1 000 liter bij 15° C |
ontbrekende biobrandstof, die niet bijgemengd werd bij de tot verbruik | ontbrekende biobrandstof, die niet bijgemengd werd bij de tot verbruik |
uitgeslagen jaarlijkse hoeveelheid dieselproducten of benzineproducten | uitgeslagen jaarlijkse hoeveelheid dieselproducten of benzineproducten |
overeenkomstig artikel 4, § 1, en op voorwaarde dat zij werd gehoord | overeenkomstig artikel 4, § 1, en op voorwaarde dat zij werd gehoord |
of naar behoren werd opgeroepen. | of naar behoren werd opgeroepen. |
De Algemene Directie Energie baseert zich hiervoor op de gegevens die | De Algemene Directie Energie baseert zich hiervoor op de gegevens die |
ze ontvangt van de Administratie der Douane en Accijnzen van de FOD | ze ontvangt van de Administratie der Douane en Accijnzen van de FOD |
Financiën en van de geregistreerde aardoliemaatschappijen. | Financiën en van de geregistreerde aardoliemaatschappijen. |
§ 3. De administratieve boete wordt geïnd ten gunste van de Schatkist | § 3. De administratieve boete wordt geïnd ten gunste van de Schatkist |
door de Algemene Directie Energie. | door de Algemene Directie Energie. |
De regels voor de inning worden bepaald door de Koning, bij een | De regels voor de inning worden bepaald door de Koning, bij een |
besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad. | besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad. |
§ 4. De geregistreerde aardoliemaatschappij waaraan een | § 4. De geregistreerde aardoliemaatschappij waaraan een |
administratieve boete is opgelegd, kan binnen de door de Koning | administratieve boete is opgelegd, kan binnen de door de Koning |
bepaalde termijn voor betaling van de boete, bij de rechtbank van | bepaalde termijn voor betaling van de boete, bij de rechtbank van |
eerste aanleg van Brussel een beroep indienen tegen de beslissing om | eerste aanleg van Brussel een beroep indienen tegen de beslissing om |
een boete op te leggen. Het beroep wordt bij verzoekschrift op | een boete op te leggen. Het beroep wordt bij verzoekschrift op |
tegenspraak ingediend op basis van artikel 1034bis en volgende van het | tegenspraak ingediend op basis van artikel 1034bis en volgende van het |
Gerechtelijk Wetboek. Dit beroep schorst de uitvoering van de | Gerechtelijk Wetboek. Dit beroep schorst de uitvoering van de |
beslissing. | beslissing. |
HOOFDSTUK 7. - Slotbepalingen | HOOFDSTUK 7. - Slotbepalingen |
Art. 11.Artikel 183 van de programmawet van 27 april 2007 wordt |
Art. 11.Artikel 183 van de programmawet van 27 april 2007 wordt |
opgeheven. | opgeheven. |
Art. 12.Voor de kalenderjaren waarin de artikelen 2 tot en met 9 niet |
Art. 12.Voor de kalenderjaren waarin de artikelen 2 tot en met 9 niet |
voor een volledig kalenderjaar van kracht zijn, wordt de naleving van | voor een volledig kalenderjaar van kracht zijn, wordt de naleving van |
de in artikel 4 vastgestelde percentages uitsluitend gecontroleerd met | de in artikel 4 vastgestelde percentages uitsluitend gecontroleerd met |
betrekking tot de benzineproducten of dieselproducten die tot verbruik | betrekking tot de benzineproducten of dieselproducten die tot verbruik |
zijn uitgeslagen in de kwartalen waarin de wet van kracht is. | zijn uitgeslagen in de kwartalen waarin de wet van kracht is. |
Art. 13.Deze wet treedt in werking op 1 juli 2009 en treedt buiten |
Art. 13.Deze wet treedt in werking op 1 juli 2009 en treedt buiten |
werking op 30 juni 2011, behoudens verlenging met 24 maanden bij een | werking op 30 juni 2011, behoudens verlenging met 24 maanden bij een |
besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad. | besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad. |
Gegeven te Brussel, 22 juli 2009. | Gegeven te Brussel, 22 juli 2009. |
ALBERT | ALBERT |
Van Koningswege : | Van Koningswege : |
Eerste Minister, | Eerste Minister, |
H. VAN ROMPUY | H. VAN ROMPUY |
Vice-Eerste Minister en Minister van Financiën, | Vice-Eerste Minister en Minister van Financiën, |
D. REYNDERS | D. REYNDERS |
Minister van Landbouw, | Minister van Landbouw, |
Mevr. S. LARUELLE | Mevr. S. LARUELLE |
Minister van Klimaat en Energie, | Minister van Klimaat en Energie, |
P. MAGNETTE | P. MAGNETTE |
Minister voor Ondernemen en Vereenvoudigen, | Minister voor Ondernemen en Vereenvoudigen, |
V. QUICKENBORNE | V. QUICKENBORNE |
Staatssecretaris voor Mobiliteit, | Staatssecretaris voor Mobiliteit, |
E. SCHOUPPE | E. SCHOUPPE |
Met 's Lands zegel gezegeld : | Met 's Lands zegel gezegeld : |
Voor de Minister van Justitie, afwezig : | Voor de Minister van Justitie, afwezig : |
Vice-Eerste Minister en Minister van Ambtenarenzaken, | Vice-Eerste Minister en Minister van Ambtenarenzaken, |
Overheidsbedrijven en Institutionele Hervormingen, | Overheidsbedrijven en Institutionele Hervormingen, |
S. VANACKERE | S. VANACKERE |
Nota | Nota |
Stukken van de Kamer van volksvertegenwoordigers : | Stukken van de Kamer van volksvertegenwoordigers : |
52-2037 - 2008/2009 : | 52-2037 - 2008/2009 : |
Nr. 1 : Wetsontwerp | Nr. 1 : Wetsontwerp |
Nr. 2 : Erratum | Nr. 2 : Erratum |
Nr. 3 : Amendementen | Nr. 3 : Amendementen |
Nr. 4 : Verslag | Nr. 4 : Verslag |
Nr. 5 : Tekst aangenomen door de commissie | Nr. 5 : Tekst aangenomen door de commissie |
Nr. 6 : Tekst aangenomen in plenaire vergadering en overgezonden aan | Nr. 6 : Tekst aangenomen in plenaire vergadering en overgezonden aan |
de Senaat | de Senaat |
Integraal verslag : 25 juni en 2 juli 2009. | Integraal verslag : 25 juni en 2 juli 2009. |
Stukken van de Senaat : | Stukken van de Senaat : |
4-1386 - 2008/2009 : | 4-1386 - 2008/2009 : |
Nr. 1 : Ontwerp niet geëvoceerd door de Senaat. | Nr. 1 : Ontwerp niet geëvoceerd door de Senaat. |