← Terug naar "Wet tot wijziging van de wet van 20 mei 1994 betreffende de geldelijke rechten van de militairen "
Wet tot wijziging van de wet van 20 mei 1994 betreffende de geldelijke rechten van de militairen | Wet tot wijziging van de wet van 20 mei 1994 betreffende de geldelijke rechten van de militairen |
---|---|
MINISTERIE VAN LANDSVERDEDIGING | MINISTERIE VAN LANDSVERDEDIGING |
19 JUNI 2018. - Wet tot wijziging van de wet van 20 mei 1994 | 19 JUNI 2018. - Wet tot wijziging van de wet van 20 mei 1994 |
betreffende de geldelijke rechten van de militairen (1) | betreffende de geldelijke rechten van de militairen (1) |
FILIP, Koning der Belgen, | FILIP, Koning der Belgen, |
Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. | Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. |
De Kamer van volksvertegenwoordigers heeft aangenomen en Wij | De Kamer van volksvertegenwoordigers heeft aangenomen en Wij |
bekrachtigen, hetgeen volgt : | bekrachtigen, hetgeen volgt : |
Artikel 1.Deze wet regelt een aangelegenheid als bedoeld in artikel |
Artikel 1.Deze wet regelt een aangelegenheid als bedoeld in artikel |
74 van de Grondwet. | 74 van de Grondwet. |
Art. 2.In artikel 3, § 1, van de wet van 20 mei 1994 betreffende de |
Art. 2.In artikel 3, § 1, van de wet van 20 mei 1994 betreffende de |
geldelijke rechten van de militairen, gewijzigd bij de wet van 31 juli | geldelijke rechten van de militairen, gewijzigd bij de wet van 31 juli |
2013, wordt het tweede lid vervangen als volgt: | 2013, wordt het tweede lid vervangen als volgt: |
"De militair van het reservekader die een periode van vorming, een | "De militair van het reservekader die een periode van vorming, een |
wederoproeping of een bijkomende prestatie bedoeld in artikel 38 van | wederoproeping of een bijkomende prestatie bedoeld in artikel 38 van |
de wet van 16 mei 2001 houdende statuut van de militairen van het | de wet van 16 mei 2001 houdende statuut van de militairen van het |
reservekader van de Krijgsmacht, verricht en die een militair | reservekader van de Krijgsmacht, verricht en die een militair |
rustpensioen geniet, heeft recht op een wedde die gelijk is aan het | rustpensioen geniet, heeft recht op een wedde die gelijk is aan het |
verschil tussen de wedde waarop hij aanspraak zou kunnen maken als | verschil tussen de wedde waarop hij aanspraak zou kunnen maken als |
militair van het actief kader enerzijds, en het bedrag van zijn | militair van het actief kader enerzijds, en het bedrag van zijn |
pensioen anderzijds. | pensioen anderzijds. |
In afwijking van het eerste lid, heeft de militair van het | In afwijking van het eerste lid, heeft de militair van het |
reservekader die een periode van vorming, een wederoproeping of een | reservekader die een periode van vorming, een wederoproeping of een |
bijkomende prestatie bedoeld in artikel 38 van de wet van 16 mei 2001 | bijkomende prestatie bedoeld in artikel 38 van de wet van 16 mei 2001 |
houdende statuut van de militairen van het reservekader van de | houdende statuut van de militairen van het reservekader van de |
Krijgsmacht, verricht, en wanneer hij statutair ambtenaar is wiens | Krijgsmacht, verricht, en wanneer hij statutair ambtenaar is wiens |
bezoldiging, krachtens zijn statuut, door de rechtspersoon van publiek | bezoldiging, krachtens zijn statuut, door de rechtspersoon van publiek |
recht of door de gesubsidieerde instelling van het vrij onderwijs, die | recht of door de gesubsidieerde instelling van het vrij onderwijs, die |
zijn werkgever is, niet of slechts na verloop van tijd mag geschorst | zijn werkgever is, niet of slechts na verloop van tijd mag geschorst |
worden, recht op een weddecomplement gelijk aan het verschil tussen de | worden, recht op een weddecomplement gelijk aan het verschil tussen de |
wedde van militair waarop hij aanspraak kan maken enerzijds, en de | wedde van militair waarop hij aanspraak kan maken enerzijds, en de |
wedde waarop hij aanspraak kan maken als statutair ambtenaar | wedde waarop hij aanspraak kan maken als statutair ambtenaar |
anderzijds, op voorwaarde dat de wedde van militair hoger is. | anderzijds, op voorwaarde dat de wedde van militair hoger is. |
Inzake pensioenen, wordt de in het tweede lid bedoelde wedde en het in | Inzake pensioenen, wordt de in het tweede lid bedoelde wedde en het in |
het derde lid bedoelde weddecomplement onderworpen aan de verplichte | het derde lid bedoelde weddecomplement onderworpen aan de verplichte |
afhouding bedoeld in artikel 60 van de wet van 15 mei 1984 houdende | afhouding bedoeld in artikel 60 van de wet van 15 mei 1984 houdende |
maatregelen tot harmonisering in de pensioenregelingen.". | maatregelen tot harmonisering in de pensioenregelingen.". |
Art. 3.Deze wet heeft uitwerking met ingang van 1 januari 2018. |
Art. 3.Deze wet heeft uitwerking met ingang van 1 januari 2018. |
Kondigen deze wet af, bevelen dat zij met 's Lands zegel zal worden | Kondigen deze wet af, bevelen dat zij met 's Lands zegel zal worden |
bekleed en door het Belgisch Staatsblad zal worden bekendgemaakt. | bekleed en door het Belgisch Staatsblad zal worden bekendgemaakt. |
Gegeven te Brussel, 19 juni 2018. | Gegeven te Brussel, 19 juni 2018. |
FILIP | FILIP |
Van Koningswege : | Van Koningswege : |
De Minister van Defensie, | De Minister van Defensie, |
S. VANDEPUT | S. VANDEPUT |
Met 's Lands zegel gezegeld : | Met 's Lands zegel gezegeld : |
De Minister van Justitie, | De Minister van Justitie, |
K. GEENS | K. GEENS |
_______ | _______ |
Nota | Nota |
(1) Kamer van Volksvertegenwoordigers | (1) Kamer van Volksvertegenwoordigers |
(www.dekamer.be) : | (www.dekamer.be) : |
Stukken : 54-3061. | Stukken : 54-3061. |
Integraal verslag : 7 juni 2018. | Integraal verslag : 7 juni 2018. |