← Terug naar "Wet betreffende de toetreding van België : "
Wet betreffende de toetreding van België : | Wet betreffende de toetreding van België : |
---|---|
FEDERALE OVERHEIDSDIENST BUITENLANDSE ZAKEN, BUITENLANDSE HANDEL EN | FEDERALE OVERHEIDSDIENST BUITENLANDSE ZAKEN, BUITENLANDSE HANDEL EN |
ONTWIKKELINGSSAMENWERKING | ONTWIKKELINGSSAMENWERKING |
15 JULI 2008. - Wet betreffende de toetreding van België : | 15 JULI 2008. - Wet betreffende de toetreding van België : |
- tot het Verdrag inzake de verjaring bij internationale koop van | - tot het Verdrag inzake de verjaring bij internationale koop van |
roerende zaken, gedaan te New York op 14 juni 1974, en | roerende zaken, gedaan te New York op 14 juni 1974, en |
- tot het Protocol tot wijziging van het Verdrag inzake de verjaring | - tot het Protocol tot wijziging van het Verdrag inzake de verjaring |
bij internationale koop van roerende zaken, gedaan te Wenen op 11 | bij internationale koop van roerende zaken, gedaan te Wenen op 11 |
april 1980 (1) (2) | april 1980 (1) (2) |
ALBERT II, Koning der Belgen, | ALBERT II, Koning der Belgen, |
Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. | Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. |
De Kamers hebben aangenomen en Wij bekrachtigen hetgeen volgt : | De Kamers hebben aangenomen en Wij bekrachtigen hetgeen volgt : |
Artikel 1.Deze wet regelt een aangelegenheid als bedoeld in artikel |
Artikel 1.Deze wet regelt een aangelegenheid als bedoeld in artikel |
77 van de Grondwet. | 77 van de Grondwet. |
Art. 2.Het Verdrag inzake de verjaring bij internationale koop van |
Art. 2.Het Verdrag inzake de verjaring bij internationale koop van |
roerende zaken, gedaan te New York op 14 juni 1974, zal volkomen | roerende zaken, gedaan te New York op 14 juni 1974, zal volkomen |
gevolg hebben. | gevolg hebben. |
Art. 3.Het Protocol tot wijziging van het Verdrag inzake de verjaring |
Art. 3.Het Protocol tot wijziging van het Verdrag inzake de verjaring |
bij internationale koop van roerende zaken, gedaan te Wenen op 11 | bij internationale koop van roerende zaken, gedaan te Wenen op 11 |
april 1980, zal volkomen gevolg hebben. | april 1980, zal volkomen gevolg hebben. |
Kondigen deze wet af, bevelen dat zij met 's Lands zegel zal worden | Kondigen deze wet af, bevelen dat zij met 's Lands zegel zal worden |
bekleed en door het Belgisch Staatsblad zal worden bekendgemaakt. | bekleed en door het Belgisch Staatsblad zal worden bekendgemaakt. |
Gegeven te Brussel, 15 juli 2008. | Gegeven te Brussel, 15 juli 2008. |
ALBERT | ALBERT |
Van Koningswege : | Van Koningswege : |
De Minister van Buitenlandse Zaken, | De Minister van Buitenlandse Zaken, |
K. DE GUCHT. | K. DE GUCHT. |
De Minister van Justitie, | De Minister van Justitie, |
J. VANDEURZEN. | J. VANDEURZEN. |
Met 's Lands zegel gezegeld : | Met 's Lands zegel gezegeld : |
De Minister van Justitie, | De Minister van Justitie, |
J. VANDEURZEN | J. VANDEURZEN |
_______ | _______ |
Nota's | Nota's |
(1) Zitting 2007-2008. | (1) Zitting 2007-2008. |
Senaat. | Senaat. |
Documenten. - Ontwerp van wet ingediend op 31 januari 2008, nr. | Documenten. - Ontwerp van wet ingediend op 31 januari 2008, nr. |
4-544/1. - Verslag, nr. 4-544/2. | 4-544/1. - Verslag, nr. 4-544/2. |
Parlementaire Handelingen. - Bespreking, vergadering van 8 mei 2008. - | Parlementaire Handelingen. - Bespreking, vergadering van 8 mei 2008. - |
Stemming, vergadering van 8 mei 2008. | Stemming, vergadering van 8 mei 2008. |
Kamer van volksvertegenwoordigers. | Kamer van volksvertegenwoordigers. |
Documenten. - Ontwerp overgezonden door de Senaat, nr. 52-1150/1. - | Documenten. - Ontwerp overgezonden door de Senaat, nr. 52-1150/1. - |
Tekst aangenomen in plenaire vergadering en aan de Koning ter | Tekst aangenomen in plenaire vergadering en aan de Koning ter |
bekrachtiging voorgelegd, nr. 52-1150/2. | bekrachtiging voorgelegd, nr. 52-1150/2. |
Parlementaire Handelingen. - Bespreking, vergadering van 19 juni 2008. | Parlementaire Handelingen. - Bespreking, vergadering van 19 juni 2008. |
- Stemming, vergadering van 19 juni 2008. | - Stemming, vergadering van 19 juni 2008. |
(2) Deze akten treden t.a.v. België in werking op 1 maart 2009. | (2) Deze akten treden t.a.v. België in werking op 1 maart 2009. |
Vertaling | Vertaling |
Verdrag inzake de verjaring bij internationale koop van roerende | Verdrag inzake de verjaring bij internationale koop van roerende |
zaken, gedaan te New York op 14 juni 1974 | zaken, gedaan te New York op 14 juni 1974 |
Preambule | Preambule |
De Staten die Partij zijn bij dit Verdrag, | De Staten die Partij zijn bij dit Verdrag, |
Overwegende dat de internationale handel een belangrijke factor is | Overwegende dat de internationale handel een belangrijke factor is |
voor de bevordering van vriendschappelijke betrekkingen tussen Staten, | voor de bevordering van vriendschappelijke betrekkingen tussen Staten, |
Van oordeel zijnde dat de aanneming van eenvormige regels tot regeling | Van oordeel zijnde dat de aanneming van eenvormige regels tot regeling |
van de verjaringstermijn bij de internationale koop van roerende | van de verjaringstermijn bij de internationale koop van roerende |
lichamelijke zaken de ontwikkeling van de wereldhandel zou bevorderen, | lichamelijke zaken de ontwikkeling van de wereldhandel zou bevorderen, |
Zijn overeengekomen als volgt : | Zijn overeengekomen als volgt : |
TITEL I. - Algemene bepalingen | TITEL I. - Algemene bepalingen |
Toepassingsgebied | Toepassingsgebied |
Artikel 1 | Artikel 1 |
1. Dit Verdrag bepaalt de omstandigheden waarin de wederkerige rechten | 1. Dit Verdrag bepaalt de omstandigheden waarin de wederkerige rechten |
en vorderingen van een koper en een verkoper die voortvloeien uit een | en vorderingen van een koper en een verkoper die voortvloeien uit een |
internationale koopovereenkomst betreffende roerende lichamelijke | internationale koopovereenkomst betreffende roerende lichamelijke |
zaken, of met betrekking tot een tekortkoming in de nakoming van deze | zaken, of met betrekking tot een tekortkoming in de nakoming van deze |
overeenkomst, de ontbinding of de nietigheid ervan, niet meer kunnen | overeenkomst, de ontbinding of de nietigheid ervan, niet meer kunnen |
worden uitgeoefend wegens het verstrijken van een bepaalde periode. | worden uitgeoefend wegens het verstrijken van een bepaalde periode. |
Deze periode wordt in dit Verdrag aangegeven met het begrip « | Deze periode wordt in dit Verdrag aangegeven met het begrip « |
verjaringstermijn ». | verjaringstermijn ». |
2. Dit Verdrag laat een termijn onverlet waarbinnen een partij de | 2. Dit Verdrag laat een termijn onverlet waarbinnen een partij de |
andere partij in kennis moet stellen of enige andere handeling dan de | andere partij in kennis moet stellen of enige andere handeling dan de |
opening van een procedure moet verrichten teneinde haar recht te | opening van een procedure moet verrichten teneinde haar recht te |
kunnen uitoefenen. | kunnen uitoefenen. |
3. In dit Verdrag wordt verstaan onder : | 3. In dit Verdrag wordt verstaan onder : |
a) » koper », « verkoper » en « partij » : de personen die roerende | a) » koper », « verkoper » en « partij » : de personen die roerende |
lichamelijke zaken kopen of verkopen dan wel zich daartoe hebben | lichamelijke zaken kopen of verkopen dan wel zich daartoe hebben |
verbonden, alsmede de personen die hun opvolgers of rechtverkrijgenden | verbonden, alsmede de personen die hun opvolgers of rechtverkrijgenden |
zijn voor de rechten en de verplichtingen die voortvloeien uit de | zijn voor de rechten en de verplichtingen die voortvloeien uit de |
koopovereenkomst; | koopovereenkomst; |
b) » schuldeiser » : iedere partij die een recht doet gelden dat al | b) » schuldeiser » : iedere partij die een recht doet gelden dat al |
dan niet strekt tot betaling van een geldsom; | dan niet strekt tot betaling van een geldsom; |
c) » schuldenaar » : iedere partij tegen wie een schuldeiser een recht | c) » schuldenaar » : iedere partij tegen wie een schuldeiser een recht |
doet gelden; | doet gelden; |
d) » tekortkoming in de nakoming van de overeenkomst » : iedere | d) » tekortkoming in de nakoming van de overeenkomst » : iedere |
tekortkoming in de nakoming door een partij van zijn verplichtingen of | tekortkoming in de nakoming door een partij van zijn verplichtingen of |
iedere nakoming die niet beantwoordt aan de overeenkomst; | iedere nakoming die niet beantwoordt aan de overeenkomst; |
e) » procedure » : iedere gerechtelijke, arbitrale of bestuurlijke | e) » procedure » : iedere gerechtelijke, arbitrale of bestuurlijke |
procedure; | procedure; |
f) de term « persoon » betreft ook iedere, private of publieke, | f) de term « persoon » betreft ook iedere, private of publieke, |
vennootschap, vereniging of entiteit die in rechte kan optreden; | vennootschap, vereniging of entiteit die in rechte kan optreden; |
g) de term « geschreven » betreft ook mededelingen die per telegram of | g) de term « geschreven » betreft ook mededelingen die per telegram of |
per telex worden verstuurd; | per telex worden verstuurd; |
h) » jaar » : een jaar volgens de Gregoriaanse kalender. | h) » jaar » : een jaar volgens de Gregoriaanse kalender. |
Artikel 2 | Artikel 2 |
Voor de toepassing van dit Verdrag : | Voor de toepassing van dit Verdrag : |
a) wordt een koopovereenkomst betreffende roerende lichamelijke zaken | a) wordt een koopovereenkomst betreffende roerende lichamelijke zaken |
geacht een internationaal karakter te hebben indien op het tijdstip | geacht een internationaal karakter te hebben indien op het tijdstip |
van het sluiten van de overeenkomst de koper en de verkoper hun | van het sluiten van de overeenkomst de koper en de verkoper hun |
vestiging in verschillende Staten hebben; | vestiging in verschillende Staten hebben; |
b) kan met het feit dat de partijen hun vestiging in verschillende | b) kan met het feit dat de partijen hun vestiging in verschillende |
Staten hebben alleen rekening worden gehouden indien zulks blijkt uit | Staten hebben alleen rekening worden gehouden indien zulks blijkt uit |
de overeenkomst of uit onderhandelingen tussen de partijen of uit door | de overeenkomst of uit onderhandelingen tussen de partijen of uit door |
hen vóór het sluiten van de overeenkomst of op dat tijdstip verstrekte | hen vóór het sluiten van de overeenkomst of op dat tijdstip verstrekte |
gegevens; | gegevens; |
c) is de vestiging, indien een partij bij een koopovereenkomst | c) is de vestiging, indien een partij bij een koopovereenkomst |
betreffende roeren de lichamelijke zaken vestigingen heeft in meer dan | betreffende roeren de lichamelijke zaken vestigingen heeft in meer dan |
één Staat, die welke de nauwste band heeft met de overeenkomst en de | één Staat, die welke de nauwste band heeft met de overeenkomst en de |
uitvoering hiervan, gelet op de op het tijdstip van het sluiten van de | uitvoering hiervan, gelet op de op het tijdstip van het sluiten van de |
overeenkomst aan partijen bekende of door hen in aanmerking genomen | overeenkomst aan partijen bekende of door hen in aanmerking genomen |
omstandigheden; | omstandigheden; |
d) wordt, indien een partij geen vestiging heeft, rekening gehouden | d) wordt, indien een partij geen vestiging heeft, rekening gehouden |
met haar gewone verblijfplaats; | met haar gewone verblijfplaats; |
e) is zonder belang welke nationaliteit de partijen hebben, welke | e) is zonder belang welke nationaliteit de partijen hebben, welke |
hoedanigheid zij hebben, of zij kooplieden zijn en of de overeenkomst | hoedanigheid zij hebben, of zij kooplieden zijn en of de overeenkomst |
burgerrechtelijk dan wel handelsrechtelijk van aard is. | burgerrechtelijk dan wel handelsrechtelijk van aard is. |
Artikel 3 | Artikel 3 |
1. Dit Verdrag is enkel van toepassing indien de partijen bij een | 1. Dit Verdrag is enkel van toepassing indien de partijen bij een |
internationale koopovereenkomst betreffende roerende lichamelijke | internationale koopovereenkomst betreffende roerende lichamelijke |
zaken op het tijdstip van het sluiten van de overeenkomst hun | zaken op het tijdstip van het sluiten van de overeenkomst hun |
vestigingen in verdragsluitende Staten hebben. | vestigingen in verdragsluitende Staten hebben. |
2. Behoudens voorzover anders is bepaald in dit Verdrag, is het van | 2. Behoudens voorzover anders is bepaald in dit Verdrag, is het van |
toepassing, ongeacht het recht dat krachtens de regels van | toepassing, ongeacht het recht dat krachtens de regels van |
internationaal privaatrecht toepasselijk zou zijn. | internationaal privaatrecht toepasselijk zou zijn. |
3. Dit Verdrag is niet van toepassing wanneer de partijen de | 3. Dit Verdrag is niet van toepassing wanneer de partijen de |
toepassing ervan uitdrukkelijk hebben uitgesloten. | toepassing ervan uitdrukkelijk hebben uitgesloten. |
Artikel 4 | Artikel 4 |
Dit Verdrag is niet van toepassing op : | Dit Verdrag is niet van toepassing op : |
a) de koop van roerende lichamelijke zaken, gekocht voor persoonlijk | a) de koop van roerende lichamelijke zaken, gekocht voor persoonlijk |
gebruik of voor gebruik in gezin of huishouding; | gebruik of voor gebruik in gezin of huishouding; |
b) de koop op een openbare veiling; | b) de koop op een openbare veiling; |
c) een verkoop bij beslag of op welke andere wijze ook op gerechtelijk | c) een verkoop bij beslag of op welke andere wijze ook op gerechtelijk |
bevel; | bevel; |
d) de koop van effecten, waardepapieren en betaalmiddelen; | d) de koop van effecten, waardepapieren en betaalmiddelen; |
e) de koop van zeeschepen, binnenvaartschepen of luchtvaartuigen; | e) de koop van zeeschepen, binnenvaartschepen of luchtvaartuigen; |
f) de koop van elektrische energie. | f) de koop van elektrische energie. |
Artikel 5 | Artikel 5 |
Dit Verdrag is niet van toepassing op rechten gegrond op : | Dit Verdrag is niet van toepassing op rechten gegrond op : |
a) lichamelijke schade of het overlijden van een persoon; | a) lichamelijke schade of het overlijden van een persoon; |
b) kernschade veroorzaakt door de verkochte zaak; | b) kernschade veroorzaakt door de verkochte zaak; |
c) voorrechten, panden en andere zekerheden; | c) voorrechten, panden en andere zekerheden; |
d) iedere arbitrale beslissing of uitspraak gedaan naar aanleiding van | d) iedere arbitrale beslissing of uitspraak gedaan naar aanleiding van |
een procedure; | een procedure; |
e) elke uitvoerbare titel volgens het recht van de plaats waar om de | e) elke uitvoerbare titel volgens het recht van de plaats waar om de |
uitvoering ervan wordt gevraagd; | uitvoering ervan wordt gevraagd; |
f) wisselbrieven, cheques of orderbriefjes. | f) wisselbrieven, cheques of orderbriefjes. |
Artikel 6 | Artikel 6 |
1. Dit Verdrag is niet van toepassing op overeenkomsten waarin het | 1. Dit Verdrag is niet van toepassing op overeenkomsten waarin het |
belangrijkste gedeelte van de verplichtingen van de verkoper bestaat | belangrijkste gedeelte van de verplichtingen van de verkoper bestaat |
in de verstrekking van handenarbeid of andere diensten. | in de verstrekking van handenarbeid of andere diensten. |
2. Met koopovereenkomsten worden gelijkgesteld overeenkomsten tot | 2. Met koopovereenkomsten worden gelijkgesteld overeenkomsten tot |
levering van te vervaardigen of voort te brengen roerende lichamelijke | levering van te vervaardigen of voort te brengen roerende lichamelijke |
zaken, tenzij de partij die de zaak bestelt een wezenlijk deel van de | zaken, tenzij de partij die de zaak bestelt een wezenlijk deel van de |
voor de vervaardiging of voortbrenging benodigde grondstoffen moet | voor de vervaardiging of voortbrenging benodigde grondstoffen moet |
verschaffen. | verschaffen. |
Artikel 7 | Artikel 7 |
Bij de uitleg en de toepassing van dit Verdrag dient rekening te | Bij de uitleg en de toepassing van dit Verdrag dient rekening te |
worden gehouden met het internationale karakter ervan en met de | worden gehouden met het internationale karakter ervan en met de |
noodzaak de eenvormigheid in de uitleg en de toepassing ervan te | noodzaak de eenvormigheid in de uitleg en de toepassing ervan te |
bevorderen. | bevorderen. |
Duur en begin van de verjaringstermijn | Duur en begin van de verjaringstermijn |
Artikel 8 | Artikel 8 |
De verjaringstermijn bedraagt vier jaar. | De verjaringstermijn bedraagt vier jaar. |
Artikel 9 | Artikel 9 |
1. Onder voorbehoud van het bepaalde in de artikelen 10, 11 en 12 | 1. Onder voorbehoud van het bepaalde in de artikelen 10, 11 en 12 |
loopt de verjaringstermijn vanaf de datum waarop de vordering kan | loopt de verjaringstermijn vanaf de datum waarop de vordering kan |
worden ingesteld. | worden ingesteld. |
2. Het begin van de verjaringstermijn wordt niet uitgesteld wanneer : | 2. Het begin van de verjaringstermijn wordt niet uitgesteld wanneer : |
a) een partij de andere partij in kennis stelt in de zin van artikel | a) een partij de andere partij in kennis stelt in de zin van artikel |
1, tweede lid; of | 1, tweede lid; of |
b) de arbitrageovereenkomst erin voorziet dat geen enkel recht | b) de arbitrageovereenkomst erin voorziet dat geen enkel recht |
ontstaat zolang geen arbitrale uitspraak is gegeven. | ontstaat zolang geen arbitrale uitspraak is gegeven. |
Artikel 10 | Artikel 10 |
1. Een vordering die volgt uit een tekortkoming in de nakoming van de | 1. Een vordering die volgt uit een tekortkoming in de nakoming van de |
overeenkomst, kan worden ingesteld vanaf de datum waarop deze | overeenkomst, kan worden ingesteld vanaf de datum waarop deze |
tekortkoming zich voordeed. | tekortkoming zich voordeed. |
2. Een vordering gegrond op een gebrek aan overeenstemming van de zaak | 2. Een vordering gegrond op een gebrek aan overeenstemming van de zaak |
kan worden ingesteld vanaf de datum waarop de zaak feitelijk aan de | kan worden ingesteld vanaf de datum waarop de zaak feitelijk aan de |
koper werd afgegeven of waarop het aanbod tot afgifte van de zaak door | koper werd afgegeven of waarop het aanbod tot afgifte van de zaak door |
de koper werd geweigerd. | de koper werd geweigerd. |
3. Een vordering gegrond op bedrog gepleegd vóór het sluiten van de | 3. Een vordering gegrond op bedrog gepleegd vóór het sluiten van de |
overeenkomst of op het tijdstip van het sluiten, dan wel voortvloeiend | overeenkomst of op het tijdstip van het sluiten, dan wel voortvloeiend |
uit latere frauduleuze handelingen, kan worden ingesteld, met het oog | uit latere frauduleuze handelingen, kan worden ingesteld, met het oog |
op de toepassing van artikel 9, vanaf de datum waarop het feit werd of | op de toepassing van artikel 9, vanaf de datum waarop het feit werd of |
redelijkerwijs behoorde te zijn ontdekt. | redelijkerwijs behoorde te zijn ontdekt. |
Artikel 11 | Artikel 11 |
Indien de verkoper met betrekking tot de verkochte zaak een | Indien de verkoper met betrekking tot de verkochte zaak een |
uitdrukkelijke garantie heeft verleend die gedurende een bepaalde | uitdrukkelijke garantie heeft verleend die gedurende een bepaalde |
periode geldig is of op welke andere wijze ook is bepaald, begint de | periode geldig is of op welke andere wijze ook is bepaald, begint de |
verjaringstermijn van een vordering gegrond op de garantie te lopen | verjaringstermijn van een vordering gegrond op de garantie te lopen |
vanaf de datum waarop de koper de verkoper in kennis stelt van het | vanaf de datum waarop de koper de verkoper in kennis stelt van het |
feit dat ten grondslag ligt aan het instellen van zijn vordering en | feit dat ten grondslag ligt aan het instellen van zijn vordering en |
uiterlijk vanaf de datum waarop de garantie verloopt. | uiterlijk vanaf de datum waarop de garantie verloopt. |
Artikel 12 | Artikel 12 |
1. Wanneer een partij, in de gevallen bedoeld in het op de | 1. Wanneer een partij, in de gevallen bedoeld in het op de |
overeenkomst toepasselijke recht, een verklaring van ontbinding van de | overeenkomst toepasselijke recht, een verklaring van ontbinding van de |
overeenkomst aflegt vóór de datum bepaald voor de uitvoering ervan, | overeenkomst aflegt vóór de datum bepaald voor de uitvoering ervan, |
loopt de verjaringstermijn vanaf de datum waarop de verklaring aan de | loopt de verjaringstermijn vanaf de datum waarop de verklaring aan de |
andere partij is gericht. Indien de overeenkomst niet wordt ontbonden | andere partij is gericht. Indien de overeenkomst niet wordt ontbonden |
verklaard vóór de datum bepaald voor de uitvoering ervan, loopt de | verklaard vóór de datum bepaald voor de uitvoering ervan, loopt de |
verjaringstermijn pas vanaf deze datum. | verjaringstermijn pas vanaf deze datum. |
2. De verjaringstermijn van ieder recht gegrond op de niet-uitvoering | 2. De verjaringstermijn van ieder recht gegrond op de niet-uitvoering |
door een partij van een overeenkomst die voorziet in gespreide | door een partij van een overeenkomst die voorziet in gespreide |
prestaties of in gespreide betalingen, loopt voor elk van de | prestaties of in gespreide betalingen, loopt voor elk van de |
verplichtingen met opeenvolgende uitvoering vanaf de datum waarop de | verplichtingen met opeenvolgende uitvoering vanaf de datum waarop de |
niet-uitvoering die ze treft, zich heeft voorgedaan. Wanneer, | niet-uitvoering die ze treft, zich heeft voorgedaan. Wanneer, |
krachtens het op de overeenkomst toepasselijke recht, een partij | krachtens het op de overeenkomst toepasselijke recht, een partij |
wegens deze niet-uitvoering de overeenkomst ontbonden verklaart, loopt | wegens deze niet-uitvoering de overeenkomst ontbonden verklaart, loopt |
de verjaringstermijn van alle verplichtingen met opeenvolgende | de verjaringstermijn van alle verplichtingen met opeenvolgende |
uitvoeringen vanaf de datum waarop de verklaring aan de andere partij | uitvoeringen vanaf de datum waarop de verklaring aan de andere partij |
is gericht. | is gericht. |
Einde van de loop en verlenging van de oorspronkelijke termijn | Einde van de loop en verlenging van de oorspronkelijke termijn |
Artikel 13 | Artikel 13 |
De verjaringstermijn houdt op te lopen wanneer de schuldeiser enige | De verjaringstermijn houdt op te lopen wanneer de schuldeiser enige |
handeling verricht die, krachtens het recht van het gerecht waarbij de | handeling verricht die, krachtens het recht van het gerecht waarbij de |
zaak aanhangig is gemaakt, wordt beschouwd als de inleiding van een | zaak aanhangig is gemaakt, wordt beschouwd als de inleiding van een |
gerechtelijke procedure tegen de schuldenaar. Hetzelfde geldt wanneer | gerechtelijke procedure tegen de schuldenaar. Hetzelfde geldt wanneer |
de schuldeiser in de loop van een reeds ingezette procedure een | de schuldeiser in de loop van een reeds ingezette procedure een |
vordering instelt waaruit zijn wil blijkt om zijn recht tegen de | vordering instelt waaruit zijn wil blijkt om zijn recht tegen de |
schuldenaar te doen gelden. | schuldenaar te doen gelden. |
Artikel 14 | Artikel 14 |
1. Wanneer de partijen zijn overeengekomen hun geschil aan arbitrage | 1. Wanneer de partijen zijn overeengekomen hun geschil aan arbitrage |
te onderwerpen, houdt de verjaringstermijn op te lopen vanaf de datum | te onderwerpen, houdt de verjaringstermijn op te lopen vanaf de datum |
waarop een van de partijen de arbitrale procedure instelt op de wijze | waarop een van de partijen de arbitrale procedure instelt op de wijze |
bedoeld in de arbitrageovereenkomst of in het op deze procedure | bedoeld in de arbitrageovereenkomst of in het op deze procedure |
toepasselijke recht. | toepasselijke recht. |
2. Bij ontstentenis van enige bepaling in dit verband, wordt de | 2. Bij ontstentenis van enige bepaling in dit verband, wordt de |
arbitrale procedure geacht te zijn ingesteld op de datum waarop van | arbitrale procedure geacht te zijn ingesteld op de datum waarop van |
het verzoek om arbitrage kennis is gegeven op de gewone verblijfplaats | het verzoek om arbitrage kennis is gegeven op de gewone verblijfplaats |
of op de vestiging van de andere partij, of bij ontstentenis daarvan, | of op de vestiging van de andere partij, of bij ontstentenis daarvan, |
op haar laatst bekende verblijfplaats of vestiging. | op haar laatst bekende verblijfplaats of vestiging. |
Artikel 15 | Artikel 15 |
In alle andere procedures dan die bedoeld in de artikelen 13 en 14 | In alle andere procedures dan die bedoeld in de artikelen 13 en 14 |
houdt de verjaringstermijn op te lopen wanneer de schuldeiser zijn | houdt de verjaringstermijn op te lopen wanneer de schuldeiser zijn |
recht doet gelden teneinde de erkenning of de uitvoering ervan te | recht doet gelden teneinde de erkenning of de uitvoering ervan te |
verkrijgen, onder voorbehoud van het bepaalde in het recht dat deze | verkrijgen, onder voorbehoud van het bepaalde in het recht dat deze |
procedure beheerst. | procedure beheerst. |
Zulks geldt inzonderheid voor de procedures die worden ingesteld naar | Zulks geldt inzonderheid voor de procedures die worden ingesteld naar |
aanleiding van : | aanleiding van : |
a) het overlijden of de onbekwaamheid van de schuldenaar, | a) het overlijden of de onbekwaamheid van de schuldenaar, |
b) het faillissement of enige situatie van insolventie met betrekking | b) het faillissement of enige situatie van insolventie met betrekking |
tot alle goederen van de schuldenaar, of | tot alle goederen van de schuldenaar, of |
c) de ontbinding of de vereffening van een vennootschap, vereniging of | c) de ontbinding of de vereffening van een vennootschap, vereniging of |
entiteit wanneer deze de schuldenaar is. | entiteit wanneer deze de schuldenaar is. |
Artikel 16 | Artikel 16 |
Voor de toepassing van de artikelen 13, 14 en 15 wordt een | Voor de toepassing van de artikelen 13, 14 en 15 wordt een |
tegenvordering geacht te zijn ingesteld op dezelfde datum als de akte | tegenvordering geacht te zijn ingesteld op dezelfde datum als de akte |
met betrekking tot het recht waartegen zij is gericht, op voorwaarde | met betrekking tot het recht waartegen zij is gericht, op voorwaarde |
dat zowel de hoofdvordering als de tegenvordering voortvloeien uit | dat zowel de hoofdvordering als de tegenvordering voortvloeien uit |
dezelfde overeenkomst of uit verschillende tijdens dezelfde handeling | dezelfde overeenkomst of uit verschillende tijdens dezelfde handeling |
gesloten overeenkomsten. | gesloten overeenkomsten. |
Artikel 17 | Artikel 17 |
1. Wanneer vóór het verstrijken van de verjaringstermijn een procedure | 1. Wanneer vóór het verstrijken van de verjaringstermijn een procedure |
is ingesteld overeenkomstig de artikelen 13, 14, 15 of 16, wordt deze | is ingesteld overeenkomstig de artikelen 13, 14, 15 of 16, wordt deze |
termijn geacht te zijn blijven verder lopen indien de procedure is | termijn geacht te zijn blijven verder lopen indien de procedure is |
geëindigd zonder dat een beslissing over de grond van de zaak werd | geëindigd zonder dat een beslissing over de grond van de zaak werd |
gegeven. | gegeven. |
2. Wanneer de verjaringstermijn op het einde van deze procedure was | 2. Wanneer de verjaringstermijn op het einde van deze procedure was |
verstreken of over minder dan een jaar ging verstrijken, beschikt de | verstreken of over minder dan een jaar ging verstrijken, beschikt de |
schuldeiser over een termijn van een jaar vanaf het einde van de | schuldeiser over een termijn van een jaar vanaf het einde van de |
procedure. | procedure. |
Artikel 18 | Artikel 18 |
1. Een tegen een schuldenaar ingestelde procedure doet de loop van de | 1. Een tegen een schuldenaar ingestelde procedure doet de loop van de |
verjaring eindigen ten aanzien van een hoofdelijk verbonden | verjaring eindigen ten aanzien van een hoofdelijk verbonden |
medeschuldenaar indien de schuldeiser deze laatste vóór het | medeschuldenaar indien de schuldeiser deze laatste vóór het |
verstrijken van de in dit Verdrag bedoelde verjaringstermijn | verstrijken van de in dit Verdrag bedoelde verjaringstermijn |
schriftelijk in kennis stelt van het instellen van de procedure. | schriftelijk in kennis stelt van het instellen van de procedure. |
2. Wanneer een onderverkrijger een procedure instelt tegen de koper, | 2. Wanneer een onderverkrijger een procedure instelt tegen de koper, |
houdt de in dit Verdrag bedoelde verjaringstermijn op te lopen met | houdt de in dit Verdrag bedoelde verjaringstermijn op te lopen met |
betrekking tot het rechtsmiddel van de koper tegen de verkoper indien | betrekking tot het rechtsmiddel van de koper tegen de verkoper indien |
de koper de verkoper vóór het verstrijken van voornoemde termijn | de koper de verkoper vóór het verstrijken van voornoemde termijn |
schriftelijk in kennis heeft gesteld van het instellen van de | schriftelijk in kennis heeft gesteld van het instellen van de |
procedure. | procedure. |
3. Wanneer de in het eerste en tweede lid van dit artikel bedoelde | 3. Wanneer de in het eerste en tweede lid van dit artikel bedoelde |
procedure is geëindigd, wordt de verjaringstermijn van het | procedure is geëindigd, wordt de verjaringstermijn van het |
rechtsmiddel van de schuldeiser of van de koper tegen de hoofdelijk | rechtsmiddel van de schuldeiser of van de koper tegen de hoofdelijk |
verbonden schuldenaar of tegen de verkoper, geacht niet te zijn | verbonden schuldenaar of tegen de verkoper, geacht niet te zijn |
opgehouden te lopen uit hoofde van het eerste en tweede lid van dit | opgehouden te lopen uit hoofde van het eerste en tweede lid van dit |
artikel; de schuldeiser of de koper beschikt evenwel over een | artikel; de schuldeiser of de koper beschikt evenwel over een |
aanvullende termijn van één jaar vanaf de datum waarop de procedure is | aanvullende termijn van één jaar vanaf de datum waarop de procedure is |
geëindigd indien op dat tijdstip de verjaringstermijn is verstreken of | geëindigd indien op dat tijdstip de verjaringstermijn is verstreken of |
nog minder dan een jaar heeft te lopen. | nog minder dan een jaar heeft te lopen. |
Artikel 19 | Artikel 19 |
Wanneer de schuldeiser in de Staat waar de schuldenaar zijn vestiging | Wanneer de schuldeiser in de Staat waar de schuldenaar zijn vestiging |
heeft vóór het verstrijken van de verjaringstermijn, een andere | heeft vóór het verstrijken van de verjaringstermijn, een andere |
handeling verricht dan die bepaald in de artikelen 13, 14, 15 en 16, | handeling verricht dan die bepaald in de artikelen 13, 14, 15 en 16, |
welke krachtens het recht van deze Staat een verjaringstermijn opnieuw | welke krachtens het recht van deze Staat een verjaringstermijn opnieuw |
doet beginnen, begint een nieuwe termijn van vier jaar te lopen vanaf | doet beginnen, begint een nieuwe termijn van vier jaar te lopen vanaf |
de door dit recht bepaalde datum. | de door dit recht bepaalde datum. |
Artikel 20 | Artikel 20 |
1. Wanneer de schuldenaar vóór het verstrijken van de | 1. Wanneer de schuldenaar vóór het verstrijken van de |
verjaringstermijn schriftelijk zijn verplichting jegens de schuldeiser | verjaringstermijn schriftelijk zijn verplichting jegens de schuldeiser |
erkent, begint een nieuwe verjaringstermijn van vier jaar te lopen | erkent, begint een nieuwe verjaringstermijn van vier jaar te lopen |
vanaf de datum van deze erkenning. | vanaf de datum van deze erkenning. |
2. De betaling van interesten of de gedeeltelijke nakoming van een | 2. De betaling van interesten of de gedeeltelijke nakoming van een |
verbintenis door de schuldenaar heeft voor de toepassing van paragraaf | verbintenis door de schuldenaar heeft voor de toepassing van paragraaf |
1 van dit artikel hetzelfde gevolg als een erkenning, indien uit deze | 1 van dit artikel hetzelfde gevolg als een erkenning, indien uit deze |
betaling of uit deze nakoming redelijkerwijs kan worden afgeleid dat | betaling of uit deze nakoming redelijkerwijs kan worden afgeleid dat |
de schuldenaar zijn verbintenis erkent. | de schuldenaar zijn verbintenis erkent. |
Artikel 21 | Artikel 21 |
Wanneer de schuldeiser wegens omstandigheden die niet aan hem kunnen | Wanneer de schuldeiser wegens omstandigheden die niet aan hem kunnen |
worden toegerekend en die hij niet kan voorkomen, noch overwinnen, | worden toegerekend en die hij niet kan voorkomen, noch overwinnen, |
niet in staat is de loop van de verjaring te doen eindigen, wordt de | niet in staat is de loop van de verjaring te doen eindigen, wordt de |
termijn met één jaar verlengd vanaf het tijdstip waarop deze | termijn met één jaar verlengd vanaf het tijdstip waarop deze |
omstandigheden hebben opgehouden te bestaan. | omstandigheden hebben opgehouden te bestaan. |
Wijziging van de verjaringstermijn door de partijen | Wijziging van de verjaringstermijn door de partijen |
Artikel 22 | Artikel 22 |
1. Noch de verjaringstermijn, noch de loop ervan kunnen worden | 1. Noch de verjaringstermijn, noch de loop ervan kunnen worden |
gewijzigd door een verklaring van de partijen of via een onderling | gewijzigd door een verklaring van de partijen of via een onderling |
akkoord, behalve in de in paragraaf 2 bedoelde gevallen. | akkoord, behalve in de in paragraaf 2 bedoelde gevallen. |
2. De schuldenaar kan te allen tijde, tijdens de loop van de | 2. De schuldenaar kan te allen tijde, tijdens de loop van de |
verjaringstermijn, deze termijn verlengen door een schriftelijke | verjaringstermijn, deze termijn verlengen door een schriftelijke |
verklaring aan de schuldeiser. Deze verklaring kan worden hernieuwd. | verklaring aan de schuldeiser. Deze verklaring kan worden hernieuwd. |
3. Het bepaalde in dit artikel is niet van invloed op de geldigheid | 3. Het bepaalde in dit artikel is niet van invloed op de geldigheid |
van enig beding in de koopovereenkomst op grond waarvan de arbitrale | van enig beding in de koopovereenkomst op grond waarvan de arbitrale |
procedure kan worden gestart binnen een verjaringstermijn die korter | procedure kan worden gestart binnen een verjaringstermijn die korter |
is dan die waarin dit Verdrag voorziet, op voorwaarde dat voornoemd | is dan die waarin dit Verdrag voorziet, op voorwaarde dat voornoemd |
beding geldig is krachtens het op de koopovereenkomst toepasselijke | beding geldig is krachtens het op de koopovereenkomst toepasselijke |
recht. | recht. |
Algemene beperking van de verjaringstermijn | Algemene beperking van de verjaringstermijn |
Artikel 23 | Artikel 23 |
Niettegenstaande het bepaalde in dit Verdrag verstrijkt iedere | Niettegenstaande het bepaalde in dit Verdrag verstrijkt iedere |
verjaringstermijn uiterlijk tien jaar na de datum waarop hij in | verjaringstermijn uiterlijk tien jaar na de datum waarop hij in |
overeenstemming met de artikelen 9, 10, 11 en 12 van dit Verdrag is | overeenstemming met de artikelen 9, 10, 11 en 12 van dit Verdrag is |
beginnen te lopen. | beginnen te lopen. |
Gevolgen van het verstrijken van de verjaringstermijn | Gevolgen van het verstrijken van de verjaringstermijn |
Artikel 24 | Artikel 24 |
Het verstrijken van de verjaringstermijn wordt in iedere procedure | Het verstrijken van de verjaringstermijn wordt in iedere procedure |
alleen in aanmerking genomen indien de belanghebbende partij zich | alleen in aanmerking genomen indien de belanghebbende partij zich |
daarop beroept. | daarop beroept. |
Artikel 25 | Artikel 25 |
1. Onder voorbehoud van het bepaalde in het tweede lid van dit artikel | 1. Onder voorbehoud van het bepaalde in het tweede lid van dit artikel |
en van het bepaalde in artikel 24, wordt geen enkel recht erkend, noch | en van het bepaalde in artikel 24, wordt geen enkel recht erkend, noch |
uitvoerbaar verklaard in enige procedure die aanhangig wordt gemaakt | uitvoerbaar verklaard in enige procedure die aanhangig wordt gemaakt |
na het verstrijken van de verjaringstermijn. | na het verstrijken van de verjaringstermijn. |
2. Niettegenstaande het verstrijken van de verjaringstermijn kan een | 2. Niettegenstaande het verstrijken van de verjaringstermijn kan een |
partij zich beroepen op een recht en het tegen de andere partij | partij zich beroepen op een recht en het tegen de andere partij |
aanvoeren als middel ter verdediging of met het oog op een | aanvoeren als middel ter verdediging of met het oog op een |
schuldvergelijking, op voorwaarde in dit laatste geval dat : | schuldvergelijking, op voorwaarde in dit laatste geval dat : |
a) de twee schuldvorderingen voortvloeien uit dezelfde overeenkomst of | a) de twee schuldvorderingen voortvloeien uit dezelfde overeenkomst of |
uit verschillende tijdens dezelfde transactie gesloten overeenkomsten; | uit verschillende tijdens dezelfde transactie gesloten overeenkomsten; |
of | of |
b) een schuldvergelijking tussen de schuldvorderingen heeft | b) een schuldvergelijking tussen de schuldvorderingen heeft |
plaatsgevonden op enig tijdstip vóór het verstrijken van de | plaatsgevonden op enig tijdstip vóór het verstrijken van de |
verjaringstermijn. | verjaringstermijn. |
Artikel 26 | Artikel 26 |
Indien de schuldenaar zijn verplichting nakomt na het verstrijken van | Indien de schuldenaar zijn verplichting nakomt na het verstrijken van |
de verjaringstermijn, heeft hij niet het recht teruggave te eisen, | de verjaringstermijn, heeft hij niet het recht teruggave te eisen, |
zelfs indien hij op het tijdstip van de nakoming van zijn verplichting | zelfs indien hij op het tijdstip van de nakoming van zijn verplichting |
niet wist dat de verjaringstermijn was verstreken. | niet wist dat de verjaringstermijn was verstreken. |
Artikel 27 | Artikel 27 |
Het verstrijken van de verjaringstermijn met betrekking tot de | Het verstrijken van de verjaringstermijn met betrekking tot de |
hoofdsom van de schuld heeft hetzelfde gevolg voor de interesten van | hoofdsom van de schuld heeft hetzelfde gevolg voor de interesten van |
die schuld. | die schuld. |
Berekening van de verjaringstermijn | Berekening van de verjaringstermijn |
Artikel 28 | Artikel 28 |
1. De verjaringstermijn wordt zo berekend dat hij verstrijkt om | 1. De verjaringstermijn wordt zo berekend dat hij verstrijkt om |
middernacht op de dag waarvan de datum overeenkomt met die waarop de | middernacht op de dag waarvan de datum overeenkomt met die waarop de |
termijn is beginnen te lopen. Bij ontstentenis van een overeenkomende | termijn is beginnen te lopen. Bij ontstentenis van een overeenkomende |
datum verstrijkt de verjaringstermijn om middernacht op de laatste dag | datum verstrijkt de verjaringstermijn om middernacht op de laatste dag |
van de laatste maand van de termijn. | van de laatste maand van de termijn. |
2. De verjaringstermijn wordt berekend op grond van de datum van de | 2. De verjaringstermijn wordt berekend op grond van de datum van de |
plaats waar de procedure is gestart. | plaats waar de procedure is gestart. |
Artikel 29 | Artikel 29 |
Indien de laatste dag van de verjaringstermijn een feestdag of enige | Indien de laatste dag van de verjaringstermijn een feestdag of enige |
andere gerechtelijke vakantiedag is waardoor de procedure niet | andere gerechtelijke vakantiedag is waardoor de procedure niet |
aanhangig kan worden gemaakt bij het gerecht waar de schuldeiser een | aanhangig kan worden gemaakt bij het gerecht waar de schuldeiser een |
gerechtelijke procedure start of een recht opeist als bedoeld in de | gerechtelijke procedure start of een recht opeist als bedoeld in de |
artikelen 13, 14 of 15, wordt de verjaringstermijn zo verlengd dat hij | artikelen 13, 14 of 15, wordt de verjaringstermijn zo verlengd dat hij |
de eerste nuttige dag volgend op voornoemde feestdag of gerechtelijke | de eerste nuttige dag volgend op voornoemde feestdag of gerechtelijke |
vakantiedag omvat. | vakantiedag omvat. |
Internationale gevolgen | Internationale gevolgen |
Artikel 30 | Artikel 30 |
Voor de toepassing van dit Verdrag zullen de in de artikelen 13 tot 19 | Voor de toepassing van dit Verdrag zullen de in de artikelen 13 tot 19 |
bedoelde handelingen en omstandigheden die werden verricht of hebben | bedoelde handelingen en omstandigheden die werden verricht of hebben |
plaatsvonden in een verdragsluitende Staat, volkomen gevolg hebben in | plaatsvonden in een verdragsluitende Staat, volkomen gevolg hebben in |
een andere verdragsluitende Staat, op voorwaarde dat de schuldeiser de | een andere verdragsluitende Staat, op voorwaarde dat de schuldeiser de |
nodige maatregelen heeft genomen opdat de schuldenaar op korte termijn | nodige maatregelen heeft genomen opdat de schuldenaar op korte termijn |
ervan in kennis wordt gesteld. | ervan in kennis wordt gesteld. |
TITEL II. - Toepassingsmaatregelen | TITEL II. - Toepassingsmaatregelen |
Artikel 31 | Artikel 31 |
1. Iedere verdragsluitende Staat die twee of meer gebiedsdelen heeft | 1. Iedere verdragsluitende Staat die twee of meer gebiedsdelen heeft |
waarbinnen, in overeenstemming met zijn grondwet, verschillende | waarbinnen, in overeenstemming met zijn grondwet, verschillende |
rechtsstelsels gelden met betrekking tot de in dit Verdrag behandelde | rechtsstelsels gelden met betrekking tot de in dit Verdrag behandelde |
aangelegenheden, kan op het tijdstip van ondertekening, bekrachtiging | aangelegenheden, kan op het tijdstip van ondertekening, bekrachtiging |
of toetreding verklaren dat dit Verdrag zal gelden voor al zijn | of toetreding verklaren dat dit Verdrag zal gelden voor al zijn |
gebiedsdelen of slechts voor één of meer hiervan, en kan te allen | gebiedsdelen of slechts voor één of meer hiervan, en kan te allen |
tijde zijn verklaring wijzigen door een andere verklaring in te | tijde zijn verklaring wijzigen door een andere verklaring in te |
dienen. | dienen. |
2. Deze verklaringen worden ter kennis gebracht van de | 2. Deze verklaringen worden ter kennis gebracht van de |
Secretaris-generaal van de Verenigde Naties en geven uitdrukkelijk aan | Secretaris-generaal van de Verenigde Naties en geven uitdrukkelijk aan |
op welke gebiedsdelen het Verdrag van toepassing is. | op welke gebiedsdelen het Verdrag van toepassing is. |
3. Indien een in het eerste lid van dit artikel bedoelde | 3. Indien een in het eerste lid van dit artikel bedoelde |
verdragsluitende Staat geen enkele verklaring aflegt op het tijdstip | verdragsluitende Staat geen enkele verklaring aflegt op het tijdstip |
van ondertekening, bekrachtiging of toetreding, is het Verdrag van | van ondertekening, bekrachtiging of toetreding, is het Verdrag van |
toepassing op alle gebiedsdelen van die Staat. | toepassing op alle gebiedsdelen van die Staat. |
Artikel 32 | Artikel 32 |
Wanneer in dit Verdrag wordt verwezen naar het recht van een Staat | Wanneer in dit Verdrag wordt verwezen naar het recht van een Staat |
waarin verschillende rechtsstelsels gelden, wordt deze verwijzing | waarin verschillende rechtsstelsels gelden, wordt deze verwijzing |
uitgelegd als een verwijzing naar het recht van het betrokken | uitgelegd als een verwijzing naar het recht van het betrokken |
rechtsstelsel. | rechtsstelsel. |
Artikel 33 | Artikel 33 |
Iedere verdragsluitende Staat past het bepaalde in dit Verdrag toe op | Iedere verdragsluitende Staat past het bepaalde in dit Verdrag toe op |
de overeenkomsten die zijn gesloten na de inwerkingtreding van het | de overeenkomsten die zijn gesloten na de inwerkingtreding van het |
Verdrag. | Verdrag. |
TITEL III. - Verklaringen en voorbehouden | TITEL III. - Verklaringen en voorbehouden |
Artikel 34 | Artikel 34 |
Twee of meer verdragsluitende Staten kunnen te allen tijde verklaren | Twee of meer verdragsluitende Staten kunnen te allen tijde verklaren |
dat koopovereenkomsten gesloten tussen verkopers die hun vestiging op | dat koopovereenkomsten gesloten tussen verkopers die hun vestiging op |
het grondgebied van een van die Staten hebben en kopers die hun | het grondgebied van een van die Staten hebben en kopers die hun |
vestiging op het grondgebied van een andere van die Staten hebben, | vestiging op het grondgebied van een andere van die Staten hebben, |
niet onder dit Verdrag zullen vallen omdat zij met betrekking tot de | niet onder dit Verdrag zullen vallen omdat zij met betrekking tot de |
aangelegenheden die erin worden behandeld, dezelfde of nauw verwante | aangelegenheden die erin worden behandeld, dezelfde of nauw verwante |
rechtsregels hebben. | rechtsregels hebben. |
Artikel 35 | Artikel 35 |
Iedere verdragsluitende Staat kan op het tijdstip van neerlegging van | Iedere verdragsluitende Staat kan op het tijdstip van neerlegging van |
zijn akte van bekrachtiging of toetreding verklaren dat hij het | zijn akte van bekrachtiging of toetreding verklaren dat hij het |
bepaalde in dit Verdrag niet zal toepassen op de vorderingen tot | bepaalde in dit Verdrag niet zal toepassen op de vorderingen tot |
nietigverklaring van de overeenkomst. | nietigverklaring van de overeenkomst. |
Artikel 36 | Artikel 36 |
Iedere verdragsluitende Staat kan op het tijdstip van neerlegging van | Iedere verdragsluitende Staat kan op het tijdstip van neerlegging van |
zijn akte van bekrachtiging of toetreding verklaren dat hij niet is | zijn akte van bekrachtiging of toetreding verklaren dat hij niet is |
verplicht het bepaalde in artikel 24 van dit Verdrag toe te passen. | verplicht het bepaalde in artikel 24 van dit Verdrag toe te passen. |
Artikel 37 | Artikel 37 |
Dit Verdrag doet geen afbreuk aan de reeds gesloten of nog te sluiten | Dit Verdrag doet geen afbreuk aan de reeds gesloten of nog te sluiten |
Verdragen die bepalingen bevatten inzake de onder dit Verdrag vallende | Verdragen die bepalingen bevatten inzake de onder dit Verdrag vallende |
aangelegenheden, op voorwaarde dat de verkoper en de koper hun | aangelegenheden, op voorwaarde dat de verkoper en de koper hun |
vestiging hebben in Staten die partij zijn bij een van die Verdragen. | vestiging hebben in Staten die partij zijn bij een van die Verdragen. |
Artikel 38 | Artikel 38 |
1. Iedere verdragsluitende Staat die partij is bij een bestaand | 1. Iedere verdragsluitende Staat die partij is bij een bestaand |
Verdrag inzake de internationale koop van roerende lichamelijke zaken | Verdrag inzake de internationale koop van roerende lichamelijke zaken |
kan op het tijdstip van neerlegging van zijn akte van bekrachtiging of | kan op het tijdstip van neerlegging van zijn akte van bekrachtiging of |
toetreding verklaren dat hij dit Verdrag uitsluitend zal toepassen op | toetreding verklaren dat hij dit Verdrag uitsluitend zal toepassen op |
de in dat bestaande Verdrag omschreven internationale | de in dat bestaande Verdrag omschreven internationale |
koopovereenkomsten betreffende roerende lichamelijke zaken. | koopovereenkomsten betreffende roerende lichamelijke zaken. |
2. Deze verklaring houdt op gevolg te hebben op de eerste dag van de | 2. Deze verklaring houdt op gevolg te hebben op de eerste dag van de |
maand volgend op het verstrijken van een periode van twaalf maanden | maand volgend op het verstrijken van een periode van twaalf maanden |
nadat een nieuw Verdrag inzake de internationale koop van roerende | nadat een nieuw Verdrag inzake de internationale koop van roerende |
lichamelijke zaken, gesloten onder auspiciën van de Verenigde Naties, | lichamelijke zaken, gesloten onder auspiciën van de Verenigde Naties, |
in werking is getreden. | in werking is getreden. |
Artikel 39 | Artikel 39 |
Andere voorbehouden dan die gemaakt in overeenstemming met de | Andere voorbehouden dan die gemaakt in overeenstemming met de |
artikelen 34, 35, 36 en 38 van dit Verdrag worden niet toegestaan. | artikelen 34, 35, 36 en 38 van dit Verdrag worden niet toegestaan. |
Artikel 40 | Artikel 40 |
1. Overeenkomstig dit Verdrag afgelegde verklaringen worden gericht | 1. Overeenkomstig dit Verdrag afgelegde verklaringen worden gericht |
aan de Secretaris-generaal van de Verenigde Naties en worden van | aan de Secretaris-generaal van de Verenigde Naties en worden van |
kracht tegelijk met de inwerkingtreding van dit Verdrag ten aanzien | kracht tegelijk met de inwerkingtreding van dit Verdrag ten aanzien |
van de betrokken Staat. Na die inwerkingtreding afgelegde verklaringen | van de betrokken Staat. Na die inwerkingtreding afgelegde verklaringen |
worden van kracht op de eerste dag van de maand volgend op het | worden van kracht op de eerste dag van de maand volgend op het |
verstrijken van een periode van zes maanden na de datum van ontvangst | verstrijken van een periode van zes maanden na de datum van ontvangst |
daarvan door de Secretaris-generaal van de Verenigde Naties. | daarvan door de Secretaris-generaal van de Verenigde Naties. |
2. Iedere Staat die uit hoofde van dit Verdrag een verklaring heeft | 2. Iedere Staat die uit hoofde van dit Verdrag een verklaring heeft |
afgelegd, kan die te allen tijde intrekken door middel van een | afgelegd, kan die te allen tijde intrekken door middel van een |
kennisgeving gericht aan de Secretaris-generaal van de Verenigde | kennisgeving gericht aan de Secretaris-generaal van de Verenigde |
Naties. Deze intrekking wordt van kracht op de eerste dag van de maand | Naties. Deze intrekking wordt van kracht op de eerste dag van de maand |
volgend op het verstrijken van een periode van zes maanden na de datum | volgend op het verstrijken van een periode van zes maanden na de datum |
waarop de Secretaris-generaal van de Verenigde Naties de kennisgeving | waarop de Secretaris-generaal van de Verenigde Naties de kennisgeving |
daarvan heeft ontvangen. In geval van een krachtens artikel 34 | daarvan heeft ontvangen. In geval van een krachtens artikel 34 |
afgelegde verklaring maakt de intrekking tevens vanaf het tijdstip | afgelegde verklaring maakt de intrekking tevens vanaf het tijdstip |
waarop zij van kracht wordt, iedere wederkerige verklaring, door een | waarop zij van kracht wordt, iedere wederkerige verklaring, door een |
andere Staat uit hoofde van dat artikel afgelegd, ongeldig. | andere Staat uit hoofde van dat artikel afgelegd, ongeldig. |
TITEL IV. - Slotbepalingen | TITEL IV. - Slotbepalingen |
Artikel 41 | Artikel 41 |
Dit Verdrag is tot 31 december 1975 opengesteld voor ondertekening | Dit Verdrag is tot 31 december 1975 opengesteld voor ondertekening |
door alle Staten op de Zetel van de Organisatie der Verenigde Naties. | door alle Staten op de Zetel van de Organisatie der Verenigde Naties. |
Artikel 42 | Artikel 42 |
Dit Verdrag moet worden bekrachtigd. De akten van bekrachtiging worden | Dit Verdrag moet worden bekrachtigd. De akten van bekrachtiging worden |
neergelegd bij de Secretaris-generaal van de Verenigde Naties. | neergelegd bij de Secretaris-generaal van de Verenigde Naties. |
Artikel 43 | Artikel 43 |
Dit Verdrag staat open voor toetreding door iedere Staat. De akten van | Dit Verdrag staat open voor toetreding door iedere Staat. De akten van |
toetreding worden neergelegd bij de Secretaris-generaal van de | toetreding worden neergelegd bij de Secretaris-generaal van de |
Verenigde Naties. | Verenigde Naties. |
Artikel 44 | Artikel 44 |
1. Dit Verdrag treedt in werking op de eerste dag van de maand volgend | 1. Dit Verdrag treedt in werking op de eerste dag van de maand volgend |
op het verstrijken van een periode van zes maanden na de datum van | op het verstrijken van een periode van zes maanden na de datum van |
neerlegging van de tiende akte van bekrachtiging of toetreding. | neerlegging van de tiende akte van bekrachtiging of toetreding. |
2. Voor elk van de Staten die het Verdrag bekrachtigen of ertoe | 2. Voor elk van de Staten die het Verdrag bekrachtigen of ertoe |
toetreden na de neerlegging van de tiende akte van bekrachtiging of | toetreden na de neerlegging van de tiende akte van bekrachtiging of |
toetreding treedt dit Verdrag in werking op de eerste dag van de maand | toetreding treedt dit Verdrag in werking op de eerste dag van de maand |
volgend op het verstrijken van een periode van zes maanden na de datum | volgend op het verstrijken van een periode van zes maanden na de datum |
van neerlegging door deze Staat van zijn akte van bekrachtiging of | van neerlegging door deze Staat van zijn akte van bekrachtiging of |
toetreding. | toetreding. |
Artikel 45 | Artikel 45 |
1. Iedere verdragsluitende Staat kan dit Verdrag opzeggen door middel | 1. Iedere verdragsluitende Staat kan dit Verdrag opzeggen door middel |
van een hiertoe strekkende kennisgeving gericht aan de | van een hiertoe strekkende kennisgeving gericht aan de |
Secretaris-generaal van de Verenigde Naties. | Secretaris-generaal van de Verenigde Naties. |
2. De opzegging wordt van kracht op de eerste dag van de maand volgend | 2. De opzegging wordt van kracht op de eerste dag van de maand volgend |
op het verstrijken van een periode van twaalf maanden na de datum | op het verstrijken van een periode van twaalf maanden na de datum |
waarop de Secretaris-generaal van de Verenigde Naties de kennisgeving | waarop de Secretaris-generaal van de Verenigde Naties de kennisgeving |
daarvan heeft ontvangen. | daarvan heeft ontvangen. |
Artikel 46 | Artikel 46 |
Het oorspronkelijke exemplaar van dit Verdrag, waarvan de Chinese, de | Het oorspronkelijke exemplaar van dit Verdrag, waarvan de Chinese, de |
Engelse, de Franse, de Russische en de Spaanse tekst gelijkelijk | Engelse, de Franse, de Russische en de Spaanse tekst gelijkelijk |
authentiek zijn, wordt neergelegd bij de Secretaris-generaal van de | authentiek zijn, wordt neergelegd bij de Secretaris-generaal van de |
Verenigde Naties. | Verenigde Naties. |
Protocol tot wijziging van het Verdrag inzake de verjaring bij | Protocol tot wijziging van het Verdrag inzake de verjaring bij |
internationale koop van roerende zaken, gesloten te Wenen op 11 april | internationale koop van roerende zaken, gesloten te Wenen op 11 april |
1980 | 1980 |
De Staten die partij zijn bij dit Protocol, | De Staten die partij zijn bij dit Protocol, |
Overwegende dat de internationale handel een belangrijke factor is | Overwegende dat de internationale handel een belangrijke factor is |
voor de bevordering van vriendschappelijke betrekkingen tussen Staten, | voor de bevordering van vriendschappelijke betrekkingen tussen Staten, |
Van oordeel zijnde dat de aanneming van eenvormige regels tot regeling | Van oordeel zijnde dat de aanneming van eenvormige regels tot regeling |
van de verjaringstermijn bij de internationale koop van roerende | van de verjaringstermijn bij de internationale koop van roerende |
lichamelijke zaken de ontwikkeling van de wereldhandel zou bevorderen, | lichamelijke zaken de ontwikkeling van de wereldhandel zou bevorderen, |
Tevens overwegende dat een wijziging van het Verdrag inzake de | Tevens overwegende dat een wijziging van het Verdrag inzake de |
verjaring bij internationale koop van roerende zaken, gesloten te New | verjaring bij internationale koop van roerende zaken, gesloten te New |
York op 14 juni 1974 (Verdrag van 1974 inzake de verjaring), teneinde | York op 14 juni 1974 (Verdrag van 1974 inzake de verjaring), teneinde |
de bepalingen ervan te harmoniseren met die van het Verdrag der | de bepalingen ervan te harmoniseren met die van het Verdrag der |
Verenigde Naties inzake internationale koopovereenkomsten betreffende | Verenigde Naties inzake internationale koopovereenkomsten betreffende |
roerende zaken, gesloten te Wenen op 11 april 1980 (Verdrag van 1980 | roerende zaken, gesloten te Wenen op 11 april 1980 (Verdrag van 1980 |
inzake de koop), de aanneming zou vergemakkelijken van eenvormige | inzake de koop), de aanneming zou vergemakkelijken van eenvormige |
regels die van toepassing zijn op de verjaringstermijn opgenomen in | regels die van toepassing zijn op de verjaringstermijn opgenomen in |
het Verdrag inzake de verjaring, | het Verdrag inzake de verjaring, |
Zijn overeengekomen het Verdrag van 1974 inzake de verjaring als volgt | Zijn overeengekomen het Verdrag van 1974 inzake de verjaring als volgt |
te wijzigen : | te wijzigen : |
Artikel I | Artikel I |
1) Het eerste lid van artikel 3 wordt vervangen door volgende bepaling | 1) Het eerste lid van artikel 3 wordt vervangen door volgende bepaling |
: | : |
« 1) Dit Verdrag is enkel van toepassing : | « 1) Dit Verdrag is enkel van toepassing : |
a) indien de partijen bij een internationale koop van lichamelijke | a) indien de partijen bij een internationale koop van lichamelijke |
roerende zaken op het tijdstip van het afsluiten van de overeenkomst | roerende zaken op het tijdstip van het afsluiten van de overeenkomst |
hun vestiging in verdragsluitende Staten hebben; of | hun vestiging in verdragsluitende Staten hebben; of |
b) indien de regels van het internationaal privaatrecht de wetgeving | b) indien de regels van het internationaal privaatrecht de wetgeving |
van een verdragsluitende Staat toepasselijk maken op de | van een verdragsluitende Staat toepasselijk maken op de |
koopovereenkomst. » | koopovereenkomst. » |
2) Het tweede lid van artikel 3 wordt geschrapt. | 2) Het tweede lid van artikel 3 wordt geschrapt. |
3) Derhalve wordt het derde lid van artikel 3 het tweede lid. | 3) Derhalve wordt het derde lid van artikel 3 het tweede lid. |
Artikel II | Artikel II |
1) Artikel 4, punt a, wordt geschrapt en vervangen door volgende | 1) Artikel 4, punt a, wordt geschrapt en vervangen door volgende |
bepaling : | bepaling : |
« a) de koop van lichamelijke roerende zaken, gekocht voor persoonlijk | « a) de koop van lichamelijke roerende zaken, gekocht voor persoonlijk |
gebruik of voor gebruik in gezin of huishouding, tenzij de verkoper, | gebruik of voor gebruik in gezin of huishouding, tenzij de verkoper, |
op een willekeurig tijdstip voor of tijdens het afsluiten van de | op een willekeurig tijdstip voor of tijdens het afsluiten van de |
overeenkomst, niet wist of niet geacht werd te weten dat deze zaken | overeenkomst, niet wist of niet geacht werd te weten dat deze zaken |
waren gekocht voor een dergelijk gebruik; ». | waren gekocht voor een dergelijk gebruik; ». |
2) Artikel 4, punt e, wordt geschrapt en vervangen door volgende | 2) Artikel 4, punt e, wordt geschrapt en vervangen door volgende |
bepaling : | bepaling : |
« e) de koop van zeeschepen, binnenvaartschepen, hovercrafts en | « e) de koop van zeeschepen, binnenvaartschepen, hovercrafts en |
luchtvaartuigen; » | luchtvaartuigen; » |
Artikel III | Artikel III |
Het onderstaande nieuwe vierde lid wordt toegevoegd aan artikel 31 : | Het onderstaande nieuwe vierde lid wordt toegevoegd aan artikel 31 : |
« 4. Indien dit Verdrag krachtens een overeenkomstig dit artikel | « 4. Indien dit Verdrag krachtens een overeenkomstig dit artikel |
afgelegde verklaring van toepassing is op één of meer, maar niet op | afgelegde verklaring van toepassing is op één of meer, maar niet op |
alle gebiedsdelen van een verdragsluitende Staat, en indien de | alle gebiedsdelen van een verdragsluitende Staat, en indien de |
vestiging van een partij bij de overeenkomst in deze Staat gelegen is, | vestiging van een partij bij de overeenkomst in deze Staat gelegen is, |
wordt deze vestiging voor de toepassing van dit Verdrag beschouwd als | wordt deze vestiging voor de toepassing van dit Verdrag beschouwd als |
niet gelegen in een verdragsluitende Staat, tenzij zij gelegen is in | niet gelegen in een verdragsluitende Staat, tenzij zij gelegen is in |
een gebiedsdeel waarop het Verdrag van toepassing is. » | een gebiedsdeel waarop het Verdrag van toepassing is. » |
Artikel IV | Artikel IV |
De bepalingen van artikel 34 worden geschrapt en vervangen door de | De bepalingen van artikel 34 worden geschrapt en vervangen door de |
volgende bepalingen : | volgende bepalingen : |
« 1. Twee of meer verdragsluitende Staten die met betrekking tot de in | « 1. Twee of meer verdragsluitende Staten die met betrekking tot de in |
dit Verdrag behandelde aangelegenheden dezelfde of nauw verwante | dit Verdrag behandelde aangelegenheden dezelfde of nauw verwante |
rechtsregels toepassen, kunnen te allen tijde verklaren dat het | rechtsregels toepassen, kunnen te allen tijde verklaren dat het |
Verdrag niet van toepassing is op internationale koopovereenkomsten | Verdrag niet van toepassing is op internationale koopovereenkomsten |
van roerende zaken ingeval de partijen hun vestiging hebben in deze | van roerende zaken ingeval de partijen hun vestiging hebben in deze |
Staten. Dergelijke verklaringen kunnen gezamenlijk worden afgelegd, | Staten. Dergelijke verklaringen kunnen gezamenlijk worden afgelegd, |
dan wel eenzijdig en wederkerig zijn. | dan wel eenzijdig en wederkerig zijn. |
2. Een verdragsluitende Staat die met betrekking tot de in dit Verdrag | 2. Een verdragsluitende Staat die met betrekking tot de in dit Verdrag |
behandelde aangelegenheden dezelfde of nauw verwante rechtsregels | behandelde aangelegenheden dezelfde of nauw verwante rechtsregels |
toepast als één of meer niet-verdragsluitende Staten, kan te allen | toepast als één of meer niet-verdragsluitende Staten, kan te allen |
tijde verklaren dat het Verdrag niet van toepassing is op | tijde verklaren dat het Verdrag niet van toepassing is op |
internationale koopovereenkomsten van roerende zaken ingeval de | internationale koopovereenkomsten van roerende zaken ingeval de |
partijen hun vestiging hebben in deze Staten. | partijen hun vestiging hebben in deze Staten. |
3. Indien een Staat ten aanzien waarvan een verklaring werd afgelegd | 3. Indien een Staat ten aanzien waarvan een verklaring werd afgelegd |
krachtens het tweede lid van dit artikel later een verdragsluitende | krachtens het tweede lid van dit artikel later een verdragsluitende |
Staat wordt, heeft bovengenoemde verklaring, vanaf de datum dat het | Staat wordt, heeft bovengenoemde verklaring, vanaf de datum dat het |
Verdrag in werking treedt in de nieuwe verdragsluitende Staat het | Verdrag in werking treedt in de nieuwe verdragsluitende Staat het |
gevolg van een verklaring afgelegd krachtens het eerste lid, op | gevolg van een verklaring afgelegd krachtens het eerste lid, op |
voorwaarde dat de nieuwe verdragsluitende Staat zich daarbij aansluit | voorwaarde dat de nieuwe verdragsluitende Staat zich daarbij aansluit |
of een eenzijdige verklaring met wederzijds karakter aflegt. » | of een eenzijdige verklaring met wederzijds karakter aflegt. » |
Artikel V | Artikel V |
De bepalingen van artikel 37 worden geschrapt en vervangen door de | De bepalingen van artikel 37 worden geschrapt en vervangen door de |
volgende bepalingen : | volgende bepalingen : |
« Dit Verdrag doet geen afbreuk aan een reeds gesloten of nog te | « Dit Verdrag doet geen afbreuk aan een reeds gesloten of nog te |
sluiten Verdrag dat bepalingen bevat inzake de onder dit Verdrag | sluiten Verdrag dat bepalingen bevat inzake de onder dit Verdrag |
vallende aangelegenheden, op voorwaarde dat de verkoper en de koper | vallende aangelegenheden, op voorwaarde dat de verkoper en de koper |
hun vestiging hebben in Staten die partij zijn bij dit Verdrag. » | hun vestiging hebben in Staten die partij zijn bij dit Verdrag. » |
Artikel VI | Artikel VI |
De volgende bepaling wordt toegevoegd op het einde van artikel 40, | De volgende bepaling wordt toegevoegd op het einde van artikel 40, |
eerste lid : | eerste lid : |
« De overeenkomstig artikel 34 afgelegde eenzijdige en wederzijdse | « De overeenkomstig artikel 34 afgelegde eenzijdige en wederzijdse |
verklaringen treden in werking de eerste dag van de maand volgend op | verklaringen treden in werking de eerste dag van de maand volgend op |
het verstrijken van een periode van zes maanden na de datum van | het verstrijken van een periode van zes maanden na de datum van |
ontvangst van de laatste verklaring door de Secretaris-generaal van de | ontvangst van de laatste verklaring door de Secretaris-generaal van de |
Verenigde Naties. » | Verenigde Naties. » |
SLOTBEPALINGEN | SLOTBEPALINGEN |
Artikel VII | Artikel VII |
De Secretaris-generaal van de Verenigde Naties wordt aangewezen als | De Secretaris-generaal van de Verenigde Naties wordt aangewezen als |
depositaris van dit Protocol. | depositaris van dit Protocol. |
Artikel VIII | Artikel VIII |
1) Dit Protocol staat open voor toetreding door alle Staten. | 1) Dit Protocol staat open voor toetreding door alle Staten. |
2) De toetreding tot dit Protocol door een Staat die geen | 2) De toetreding tot dit Protocol door een Staat die geen |
verdragsluitende Partij is bij het Verdrag van 1974 over de verjaring, | verdragsluitende Partij is bij het Verdrag van 1974 over de verjaring, |
leidt tot toetreding tot het Verdrag, zoals gewijzigd bij dit | leidt tot toetreding tot het Verdrag, zoals gewijzigd bij dit |
Protocol, onverminderd het bepaalde in artikel XI. | Protocol, onverminderd het bepaalde in artikel XI. |
3) De akten van toetreding worden neergelegd bij de | 3) De akten van toetreding worden neergelegd bij de |
Secretaris-generaal van de Verenigde Naties. | Secretaris-generaal van de Verenigde Naties. |
Artikel IX | Artikel IX |
1) Dit Protocol treedt in werking op de eerste dag van de zesde maand | 1) Dit Protocol treedt in werking op de eerste dag van de zesde maand |
volgend op de neerlegging van de tweede akte van toetreding, op | volgend op de neerlegging van de tweede akte van toetreding, op |
voorwaarde : | voorwaarde : |
a) dat het Verdrag van 1974 inzake de verjaring zelf van kracht is op | a) dat het Verdrag van 1974 inzake de verjaring zelf van kracht is op |
deze datum, en | deze datum, en |
b) het Verdrag van 1980 inzake de koop eveneens van kracht is op deze | b) het Verdrag van 1980 inzake de koop eveneens van kracht is op deze |
datum. | datum. |
Indien deze Verdragen niet beide van kracht zijn op die datum, treedt | Indien deze Verdragen niet beide van kracht zijn op die datum, treedt |
dit Protocol in werking op de dag dat beide Verdragen van kracht zijn. | dit Protocol in werking op de dag dat beide Verdragen van kracht zijn. |
2) Voor elk van de lidstaten die dit Protocol ondertekenden nadat de | 2) Voor elk van de lidstaten die dit Protocol ondertekenden nadat de |
tweede akte van toetreding werd neergelegd, treedt dit Protocol in | tweede akte van toetreding werd neergelegd, treedt dit Protocol in |
werking op de eerste dag van de zesde maand volgend op de neerlegging | werking op de eerste dag van de zesde maand volgend op de neerlegging |
van zijn akte van toetreding, indien het Protocol op dat tijdstip zelf | van zijn akte van toetreding, indien het Protocol op dat tijdstip zelf |
van kracht is. Indien het Protocol zelf op dat tijdstip nog niet van | van kracht is. Indien het Protocol zelf op dat tijdstip nog niet van |
kracht is, zal het ten aanzien van die Staat in werking treden op de | kracht is, zal het ten aanzien van die Staat in werking treden op de |
datum van de inwerkingtreding ervan. | datum van de inwerkingtreding ervan. |
Artikel X | Artikel X |
Indien een Staat het Verdrag van 1974 inzake de verjaring bekrachtigt | Indien een Staat het Verdrag van 1974 inzake de verjaring bekrachtigt |
of ertoe toetreedt na de inwerkingtreding van dit Protocol, stemt deze | of ertoe toetreedt na de inwerkingtreding van dit Protocol, stemt deze |
bekrachtiging of toetreding tevens overeen met een de toetreding tot | bekrachtiging of toetreding tevens overeen met een de toetreding tot |
dit Protocol, op voorwaarde dat de Staat daartoe een kennisgeving tot | dit Protocol, op voorwaarde dat de Staat daartoe een kennisgeving tot |
de depositaris richt. | de depositaris richt. |
Artikel XI | Artikel XI |
Elke Staat die een verdragsluitende Staat wordt bij het Verdrag van | Elke Staat die een verdragsluitende Staat wordt bij het Verdrag van |
1974 inzake de verjaring zoals gewijzigd door dit Protocol, krachtens | 1974 inzake de verjaring zoals gewijzigd door dit Protocol, krachtens |
de artikelen VIII, IX of X van dit Protocol, en die de depositaris | de artikelen VIII, IX of X van dit Protocol, en die de depositaris |
geen kennisgeving in tegengestelde zin stuurt, wordt eveneens | geen kennisgeving in tegengestelde zin stuurt, wordt eveneens |
beschouwd als een verdragsluitende Staat bij het niet-gewijzigde | beschouwd als een verdragsluitende Staat bij het niet-gewijzigde |
Verdrag van 1974 inzake de verjaring voor zijn betrekkingen met elke | Verdrag van 1974 inzake de verjaring voor zijn betrekkingen met elke |
verdragsluitende Staat bij laatstgenoemd Verdrag die geen | verdragsluitende Staat bij laatstgenoemd Verdrag die geen |
verdragsluitende partij bij dit Protocol is geworden. | verdragsluitende partij bij dit Protocol is geworden. |
Artikel XII | Artikel XII |
Elke Staat kan bij neerlegging van zijn akte van toetreding of van | Elke Staat kan bij neerlegging van zijn akte van toetreding of van |
zijn kennisgeving krachtens artikel X verklaren dat hij niet gebonden | zijn kennisgeving krachtens artikel X verklaren dat hij niet gebonden |
is door artikel 1 van dit Protocol. Een verklaring krachtens dit | is door artikel 1 van dit Protocol. Een verklaring krachtens dit |
artikel moet schriftelijk gebeuren en moet formeel ter kennis worden | artikel moet schriftelijk gebeuren en moet formeel ter kennis worden |
gebracht van de depositaris. | gebracht van de depositaris. |
Artikel XIII | Artikel XIII |
1) Elke verdragsluitende Staat kan dit Protocol opzeggen door een | 1) Elke verdragsluitende Staat kan dit Protocol opzeggen door een |
schriftelijke kennisgeving te dien einde aan de depositaris. | schriftelijke kennisgeving te dien einde aan de depositaris. |
2) De opzegging wordt van kracht op de eerste dag van de maand na het | 2) De opzegging wordt van kracht op de eerste dag van de maand na het |
verstrijken van een periode van twaalf maanden na de datum van | verstrijken van een periode van twaalf maanden na de datum van |
ontvangst van de kennisgeving door de depositaris. | ontvangst van de kennisgeving door de depositaris. |
3) Elke verdragsluitende Staat ten aanzien waarvan dit Protocol | 3) Elke verdragsluitende Staat ten aanzien waarvan dit Protocol |
ophoudt gevolgen te hebben krachtens leden 1 en 2 van dit artikel, | ophoudt gevolgen te hebben krachtens leden 1 en 2 van dit artikel, |
blijft verdragsluitende Staat van het niet-gewijzigde Verdrag van 1974 | blijft verdragsluitende Staat van het niet-gewijzigde Verdrag van 1974 |
over de verjaring, behalve indien dit Verdrag werd opgezegd | over de verjaring, behalve indien dit Verdrag werd opgezegd |
overeenkomstig artikel 45. | overeenkomstig artikel 45. |
Artikel XIV | Artikel XIV |
1) De depositaris bezorgt alle staten een eensluidend verklaard | 1) De depositaris bezorgt alle staten een eensluidend verklaard |
exemplaar van dit Protocol. | exemplaar van dit Protocol. |
2) Wanneer dit Protocol in werking treedt overeenkomstig artikel IX, | 2) Wanneer dit Protocol in werking treedt overeenkomstig artikel IX, |
stelt de depositaris de tekst van het Verdrag van 1974 over de | stelt de depositaris de tekst van het Verdrag van 1974 over de |
verjaringstermijn op zoals gewijzigd door dit Protocol, en stuurt hij | verjaringstermijn op zoals gewijzigd door dit Protocol, en stuurt hij |
een eensluidend verklaard exemplaar aan alle staten die partij zijn | een eensluidend verklaard exemplaar aan alle staten die partij zijn |
bij dit Verdrag, zoals gewijzigd door dit Protocol. | bij dit Verdrag, zoals gewijzigd door dit Protocol. |
Gesloten te Wenen op elf april negentienhonderdtachtig, in één | Gesloten te Wenen op elf april negentienhonderdtachtig, in één |
origineel exemplaar, waarvan de Engelse, Arabische, Chinese, Spaanse, | origineel exemplaar, waarvan de Engelse, Arabische, Chinese, Spaanse, |
Frans en Russische tekst eveneens authentiek zijn. | Frans en Russische tekst eveneens authentiek zijn. |
Verdrag inzake de verjaring bij internationale koop van roerende | Verdrag inzake de verjaring bij internationale koop van roerende |
zaken, gedaan te New York op 14 juni 1974 | zaken, gedaan te New York op 14 juni 1974 |
Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld | Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld |
Protocol tot wijziging van het Verdrag inzake de verjaring bij | Protocol tot wijziging van het Verdrag inzake de verjaring bij |
internationale koop van roerende zaken, gedaan te Wenen op 11 april | internationale koop van roerende zaken, gedaan te Wenen op 11 april |
1980 | 1980 |
Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld | Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld |
Verdrag inzake de verjaring bij internationale koop van roerende | Verdrag inzake de verjaring bij internationale koop van roerende |
zaken, | zaken, |
gedaan te New York op 14 juni 1974, zoals gewijzigd bij het Protocol | gedaan te New York op 14 juni 1974, zoals gewijzigd bij het Protocol |
van 11 april 1980 | van 11 april 1980 |
Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld | Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld |