Decreet houdende een vermindering van de onroerende voorheffing ter stimulering van tewerkstellingsbevorderende investeringen | Decreet houdende een vermindering van de onroerende voorheffing ter stimulering van tewerkstellingsbevorderende investeringen |
---|---|
MINISTERIE VAN DE VLAAMSE GEMEENSCHAP | MINISTERIE VAN DE VLAAMSE GEMEENSCHAP |
19 DECEMBER 1997. Decreet houdende een vermindering van de onroerende | 19 DECEMBER 1997. Decreet houdende een vermindering van de onroerende |
voorheffing ter stimulering van tewerkstellingsbevorderende | voorheffing ter stimulering van tewerkstellingsbevorderende |
investeringen (1) | investeringen (1) |
Het Vlaams Parlement heeft aangenomen en Wij, Regering, bekrachtigen | Het Vlaams Parlement heeft aangenomen en Wij, Regering, bekrachtigen |
hetgeen volgt : | hetgeen volgt : |
Artikel 1.Dit decreet regelt een gewestaangelegenheid. |
Artikel 1.Dit decreet regelt een gewestaangelegenheid. |
Art. 2.§ 1. In dit decreet wordt onder onroerende voorheffing het |
Art. 2.§ 1. In dit decreet wordt onder onroerende voorheffing het |
totale bedrag aan onroerende voorheffing en provinciale en | totale bedrag aan onroerende voorheffing en provinciale en |
gemeentelijke opcentiemen verstaan dat ten laste van de | gemeentelijke opcentiemen verstaan dat ten laste van de |
belastingplichtige met betrekking tot het aanslagjaar 1998 werd | belastingplichtige met betrekking tot het aanslagjaar 1998 werd |
ingekohierd. | ingekohierd. |
§ 2. Aan ondernemingen actief in de sectoren van de bewerkende en de | § 2. Aan ondernemingen actief in de sectoren van de bewerkende en de |
verwerkende nijverheid, de bouwnijverheid en het wegtransport wordt op | verwerkende nijverheid, de bouwnijverheid en het wegtransport wordt op |
hun verzoek, dat uiterlijk op 30 juni 1998 het ministerie van de | hun verzoek, dat uiterlijk op 30 juni 1998 het ministerie van de |
Vlaamse Gemeenschap dient te bereiken, een investeringstegemoetkoming | Vlaamse Gemeenschap dient te bereiken, een investeringstegemoetkoming |
verleend die in mindering komt van de onroerende voorheffing op | verleend die in mindering komt van de onroerende voorheffing op |
onroerende goederen, met inbegrip van materieel en outillage, die door | onroerende goederen, met inbegrip van materieel en outillage, die door |
de belastingplichtige in het Vlaamse Gewest zijn belegd en die door | de belastingplichtige in het Vlaamse Gewest zijn belegd en die door |
deze ondernemingen voor de uitoefening van beroepswerkzaamheden worden | deze ondernemingen voor de uitoefening van beroepswerkzaamheden worden |
aangewend. | aangewend. |
Art. 3.§ 1. Deze investeringstegemoetkoming wordt toegekend : |
Art. 3.§ 1. Deze investeringstegemoetkoming wordt toegekend : |
1° in de mate dat de belastingplichtige tijdens het kalenderjaar 1997 | 1° in de mate dat de belastingplichtige tijdens het kalenderjaar 1997 |
het bedrag van de investeringstegemoetkoming waarop hij overeenkomstig | het bedrag van de investeringstegemoetkoming waarop hij overeenkomstig |
§§ 2, 3 en 4 kan aanspraak maken, heeft geïnvesteerd in nieuwe | §§ 2, 3 en 4 kan aanspraak maken, heeft geïnvesteerd in nieuwe |
materiële en/of immateriële vaste activa; | materiële en/of immateriële vaste activa; |
2° indien de tewerkstelling van de belastingplichtige in het Vlaamse | 2° indien de tewerkstelling van de belastingplichtige in het Vlaamse |
Gewest in het kalenderjaar 1997 toegenomen of minstens behouden is in | Gewest in het kalenderjaar 1997 toegenomen of minstens behouden is in |
vergelijking met het kalenderjaar 1996. | vergelijking met het kalenderjaar 1996. |
§ 2. De investeringstegemoetkoming bedraagt : | § 2. De investeringstegemoetkoming bedraagt : |
1° 20 000 BEF per personeelseenheid tewerkgesteld in het Vlaamse | 1° 20 000 BEF per personeelseenheid tewerkgesteld in het Vlaamse |
Gewest voor kleine ondernemingen die voldoen aan de voorwaarden inzake | Gewest voor kleine ondernemingen die voldoen aan de voorwaarden inzake |
personeelsbestand, jaaromzet en balanstotaal, en samenstelling van | personeelsbestand, jaaromzet en balanstotaal, en samenstelling van |
kapitaal voor kleine ondernemingen in toepassing van de wet van 4 | kapitaal voor kleine ondernemingen in toepassing van de wet van 4 |
augustus 1978 inzake economische expansie en zoals omschreven in de | augustus 1978 inzake economische expansie en zoals omschreven in de |
communautaire kaderregeling van 16 juli 1996 inzake overheidssteun | communautaire kaderregeling van 16 juli 1996 inzake overheidssteun |
voor kleine en middelgrote ondernemingen; | voor kleine en middelgrote ondernemingen; |
2° 10 000 BEF per personeelseenheid tewerkgesteld in het Vlaamse | 2° 10 000 BEF per personeelseenheid tewerkgesteld in het Vlaamse |
Gewest voor de overige belastingplichtigen. | Gewest voor de overige belastingplichtigen. |
§ 3. De investeringstegemoetkoming wordt verhoogd met : | § 3. De investeringstegemoetkoming wordt verhoogd met : |
1° ofwel 5 000 BEF per bijkomend gecreëerde arbeidsplaats in het | 1° ofwel 5 000 BEF per bijkomend gecreëerde arbeidsplaats in het |
Vlaamse Gewest in de loop van het kalenderjaar 1997; | Vlaamse Gewest in de loop van het kalenderjaar 1997; |
2° ofwel 10 000 BEF per bijkomend gecreëerde arbeidsplaats in het | 2° ofwel 10 000 BEF per bijkomend gecreëerde arbeidsplaats in het |
Vlaamse Gewest voor een laaggeschoolde langdurig werkloze in de loop | Vlaamse Gewest voor een laaggeschoolde langdurig werkloze in de loop |
van het kalenderjaar 1997. | van het kalenderjaar 1997. |
§ 4. Het totale bedrag van de investeringstegemoetkoming kan per | § 4. Het totale bedrag van de investeringstegemoetkoming kan per |
belastingplichtige nooit meer bedragen dan de onroerende voorhefing te | belastingplichtige nooit meer bedragen dan de onroerende voorhefing te |
zijnen laste ingekohierd, met een absoluut maximum van 100 000 ECU. | zijnen laste ingekohierd, met een absoluut maximum van 100 000 ECU. |
§ 5. Het verkrijgen en behouden van het voordeel van de | § 5. Het verkrijgen en behouden van het voordeel van de |
investeringstegemoetkoming is onderworpen aan de voorwaarde dat de | investeringstegemoetkoming is onderworpen aan de voorwaarde dat de |
onderneming de volgende verbintenis aangaat en naleeft : dat zij geen | onderneming de volgende verbintenis aangaat en naleeft : dat zij geen |
steunmaatregelen zal aanvragen of genieten die ertoe zouden leiden dat | steunmaatregelen zal aanvragen of genieten die ertoe zouden leiden dat |
wat deze steun betreft de « de minimis » regel vervat in de Mededeling | wat deze steun betreft de « de minimis » regel vervat in de Mededeling |
van de Europese Commissie 96/C 68/06 niet van toepassing zou zijn. | van de Europese Commissie 96/C 68/06 niet van toepassing zou zijn. |
§ 6. De investeringstegemoetkoming betreft eveneens de onroerende | § 6. De investeringstegemoetkoming betreft eveneens de onroerende |
voorheffing verschuldigd door belastingplichtigen die de betreffende | voorheffing verschuldigd door belastingplichtigen die de betreffende |
onroerende goederen verhuren of in financiële leasing geven aan | onroerende goederen verhuren of in financiële leasing geven aan |
ondernemingen die de goederen aanwenden in de be- of verwerkende | ondernemingen die de goederen aanwenden in de be- of verwerkende |
nijverheid, de bouwnijverheid en het wegtransport in het Vlaamse | nijverheid, de bouwnijverheid en het wegtransport in het Vlaamse |
Gewest, en waarbij de huurder of leasingnemer aan de vereisten inzake | Gewest, en waarbij de huurder of leasingnemer aan de vereisten inzake |
toename of behoud van de tewerkstelling en investeringen, zoals | toename of behoud van de tewerkstelling en investeringen, zoals |
omschreven in artikel 3, § 1, voldoet. In dat geval is de | omschreven in artikel 3, § 1, voldoet. In dat geval is de |
investeringstegemoetkoming onderworpen aan de voorwaarde dat de | investeringstegemoetkoming onderworpen aan de voorwaarde dat de |
investeringstegemoetkoming volledig wordt overgedragen ten gunste van | investeringstegemoetkoming volledig wordt overgedragen ten gunste van |
deze huurder of leasingnemer. | deze huurder of leasingnemer. |
Art. 4.De Vlaamse regering omschrijft de begrippen been verwerkende |
Art. 4.De Vlaamse regering omschrijft de begrippen been verwerkende |
nijverheid, bouwnijverheid, wegtransport en laaggeschoolde langdrurig | nijverheid, bouwnijverheid, wegtransport en laaggeschoolde langdrurig |
werkloze, bepaalt wat onder personeelseenheid wordt verstaan, alsook | werkloze, bepaalt wat onder personeelseenheid wordt verstaan, alsook |
de criteria voor de vaststelling van de toename of het behoud van de | de criteria voor de vaststelling van de toename of het behoud van de |
tewerkstelling, stelt bijzondere regels vast ten aanzien van | tewerkstelling, stelt bijzondere regels vast ten aanzien van |
ondernemingen die niet per kalenderjaar boekhouden en stelt nadere | ondernemingen die niet per kalenderjaar boekhouden en stelt nadere |
regelen vast inzake aanvraag en controle. | regelen vast inzake aanvraag en controle. |
Art. 5.De Vlaamse regering bepaalt de datum waarop dit decreet in |
Art. 5.De Vlaamse regering bepaalt de datum waarop dit decreet in |
werking treedt. | werking treedt. |
Kondigen dit decreet af, bevelen dat het in het Belgisch Staatsblad | Kondigen dit decreet af, bevelen dat het in het Belgisch Staatsblad |
zal worden bekendgemaakt. | zal worden bekendgemaakt. |
Brussel, 19 december 1997. | Brussel, 19 december 1997. |
De minister-president van de Vlaamse regering, | De minister-president van de Vlaamse regering, |
L. VAN DEN BRANDE | L. VAN DEN BRANDE |
De Vlaamse minister van Financiën, Begroting en Gezondheidsbeleid, | De Vlaamse minister van Financiën, Begroting en Gezondheidsbeleid, |
Mevr. W. DEMEESTER-DE MEYER | Mevr. W. DEMEESTER-DE MEYER |
De Vlaamse minister van Economie, K.M.O., Landbouw en Media, | De Vlaamse minister van Economie, K.M.O., Landbouw en Media, |
E. VAN ROMPUY | E. VAN ROMPUY |
Voor de raadpleging van de voetnoot, zie beeld | Voor de raadpleging van de voetnoot, zie beeld |