Etaamb.openjustice.be
Meertalige weergave van Decreet van 11/12/2013
← Terug naar "Decreet houdende de algemene ontvangstenbegroting van het Waalse Gewest voor het begrotingsjaar 2014 "
Decreet houdende de algemene ontvangstenbegroting van het Waalse Gewest voor het begrotingsjaar 2014 Decreet houdende de algemene ontvangstenbegroting van het Waalse Gewest voor het begrotingsjaar 2014
WAALSE OVERHEIDSDIENST WAALSE OVERHEIDSDIENST
11 DECEMBER 2013. - Decreet houdende de algemene ontvangstenbegroting 11 DECEMBER 2013. - Decreet houdende de algemene ontvangstenbegroting
van het Waalse Gewest voor het begrotingsjaar 2014 (1) van het Waalse Gewest voor het begrotingsjaar 2014 (1)
Het Waals Parlement heeft aangenomen en Wij, Regering, bekrachtigen Het Waals Parlement heeft aangenomen en Wij, Regering, bekrachtigen
hetgeen volgt : hetgeen volgt :
HOOFDSTUK I. - Algemene bepalingen HOOFDSTUK I. - Algemene bepalingen

Artikel 1.Voor het begrotingsjaar 2014, worden de lopende ontvangsten

Artikel 1.Voor het begrotingsjaar 2014, worden de lopende ontvangsten

van het Waalse Gewest geraamd op 6.577.182.000 euro, overeenkomstig van het Waalse Gewest geraamd op 6.577.182.000 euro, overeenkomstig
Titel I van de bij dit decreet gevoegde tabel. Titel I van de bij dit decreet gevoegde tabel.

Art. 2.Voor het begrotingsjaar 2014, worden de kapitaalontvangsten

Art. 2.Voor het begrotingsjaar 2014, worden de kapitaalontvangsten

van het Waalse Gewest geraamd op 776.711.000 euro, overeenkomstig van het Waalse Gewest geraamd op 776.711.000 euro, overeenkomstig
Titel II van de bij dit decreet gevoegde tabel. Titel II van de bij dit decreet gevoegde tabel.

Art. 3.De belastingen en taksen geïnd ten bate van het Gewest die op

Art. 3.De belastingen en taksen geïnd ten bate van het Gewest die op

31 december 2013 bestaan, zullen worden ingevorderd tijdens het jaar 31 december 2013 bestaan, zullen worden ingevorderd tijdens het jaar
2014, overeenkomstig de wetten, decreten en tarieven die de grondslag 2014, overeenkomstig de wetten, decreten en tarieven die de grondslag
en de inning daarvan regelen. en de inning daarvan regelen.

Art. 4.§ 1. De Minister van Begroting en Financiën wordt gemachtigd

Art. 4.§ 1. De Minister van Begroting en Financiën wordt gemachtigd

tot dekking, door leningen die zowel in België als in het buitenland tot dekking, door leningen die zowel in België als in het buitenland
mogen worden uitgegeven, in euro of in vreemde valuta : mogen worden uitgegeven, in euro of in vreemde valuta :
1° van de financiering van de begrotingsuitgaven niet gedekt door de 1° van de financiering van de begrotingsuitgaven niet gedekt door de
begrotingsontvangsten; begrotingsontvangsten;
2° van de terugbetaling van de nog niet afgeschreven leningen en 2° van de terugbetaling van de nog niet afgeschreven leningen en
obligaties van in Belgische frank of in vreemde valuta uitgeschreven obligaties van in Belgische frank of in vreemde valuta uitgeschreven
leningen waarvan de eindtermijn in 2014 is vastgesteld; leningen waarvan de eindtermijn in 2014 is vastgesteld;
3° van de vervroegde gehele of gedeeltelijke terugbetaling van in euro 3° van de vervroegde gehele of gedeeltelijke terugbetaling van in euro
of in vreemde valuta uitgeschreven leningen, overeenkomstig de of in vreemde valuta uitgeschreven leningen, overeenkomstig de
bepalingen van de ministeriële emissiebesluiten of bepalingen van de ministeriële emissiebesluiten of
leningsovereenkomsten; leningsovereenkomsten;
4° van de verrichtingen van dagelijks beheer van de Schatkist of van 4° van de verrichtingen van dagelijks beheer van de Schatkist of van
de in het belang van de Schatkist verwezenlijkte verrichtingen van de in het belang van de Schatkist verwezenlijkte verrichtingen van
financieel beheer, met inbegrip van de voor hun goede afloop nodige financieel beheer, met inbegrip van de voor hun goede afloop nodige
beleggingen. beleggingen.
§ 2. De Minister van Begroting en Financiën wordt ertoe gemachtigd, § 2. De Minister van Begroting en Financiën wordt ertoe gemachtigd,
met instemming van de houders en overeenkomstig de marktvoorwaarden, met instemming van de houders en overeenkomstig de marktvoorwaarden,
bestaande leningen geheel of ten dele om te zetten in leningen van het bestaande leningen geheel of ten dele om te zetten in leningen van het
type "Thesauriebewijzen op lange termijn" en de termijn ervan aan te type "Thesauriebewijzen op lange termijn" en de termijn ervan aan te
passen. passen.

Art. 5.De Minister van Begroting en Financiën is gemachtigd :

Art. 5.De Minister van Begroting en Financiën is gemachtigd :

1° tot het scheppen van thesauriebewijzen of van andere 1° tot het scheppen van thesauriebewijzen of van andere
financieringsmiddelen die interest opbrengen, ten belope van het financieringsmiddelen die interest opbrengen, ten belope van het
bedrag van de af te sluiten leningen, zowel in België als in het bedrag van de af te sluiten leningen, zowel in België als in het
buitenland, in euro of in vreemde valuta; buitenland, in euro of in vreemde valuta;
2° tot uitvoering van elke verrichting van dagelijks beheer van de 2° tot uitvoering van elke verrichting van dagelijks beheer van de
Schatkist of van elke verrichting van financieel beheer die Schatkist of van elke verrichting van financieel beheer die
verwezenlijkt wordt in het algemeen belang van de Schatkist, met verwezenlijkt wordt in het algemeen belang van de Schatkist, met
inbegrip van het afsluiten van beleggingsovereenkomsten die voor hun inbegrip van het afsluiten van beleggingsovereenkomsten die voor hun
goede afloop noodzakelijk zijn en met inachtneming van het goede afloop noodzakelijk zijn en met inachtneming van het
voorzichtigheidsprincipe; voorzichtigheidsprincipe;
3° tot aanpassing van de terugbetalingsvoorwaarden en -termijnen, met 3° tot aanpassing van de terugbetalingsvoorwaarden en -termijnen, met
instemming van de uitleners, wat betreft de door het Waalse Gewest in instemming van de uitleners, wat betreft de door het Waalse Gewest in
België of in het buitenland uitgeschreven privé-leningen; België of in het buitenland uitgeschreven privé-leningen;
4° tot uitvoering van de in artikel 7, tweede lid, bepaalde financiële 4° tot uitvoering van de in artikel 7, tweede lid, bepaalde financiële
beheersverrichtingen wat betreft de door het Waalse Gewest in België beheersverrichtingen wat betreft de door het Waalse Gewest in België
of in het buitenland uitgeschreven leningen. of in het buitenland uitgeschreven leningen.

Art. 6.De voorlopige uitgaven inzake de samenstelling van activa

Art. 6.De voorlopige uitgaven inzake de samenstelling van activa

(openbare leningen en thesauriebewijzen op lange termijn) en de (openbare leningen en thesauriebewijzen op lange termijn) en de
bijkomende kosten, alsook de ontvangsten voortvloeiend uit de bijkomende kosten, alsook de ontvangsten voortvloeiend uit de
tegeldemaking van deze samengestelde activa, de bijkomende uitgaven en tegeldemaking van deze samengestelde activa, de bijkomende uitgaven en
de ontvangsten die eruit voortvloeien kunnen geboekt worden op de ontvangsten die eruit voortvloeien kunnen geboekt worden op
speciaal daartoe geopende bankrekeningen bij een in België gevestigde speciaal daartoe geopende bankrekeningen bij een in België gevestigde
financiële instelling naar Belgisch recht, waarmee het Waalse Gewest financiële instelling naar Belgisch recht, waarmee het Waalse Gewest
een overeenkomst van financieel agent gesloten heeft, als wettelijk een overeenkomst van financieel agent gesloten heeft, als wettelijk
gevolg van het gebruik van de in artikel 6, 1°, bedoelde financiële gevolg van het gebruik van de in artikel 6, 1°, bedoelde financiële
middelen, inzonderheid de bepalingen van het koninklijk besluit van 22 middelen, inzonderheid de bepalingen van het koninklijk besluit van 22
december 1995 betreffende het toezicht op de instellingen die erkend december 1995 betreffende het toezicht op de instellingen die erkend
zijn om rekeningen van gedematerialiseerde effecten van de Staat, de zijn om rekeningen van gedematerialiseerde effecten van de Staat, de
Gemeenschappen, de Gewesten, de provincies, de plaatselijke overheden Gemeenschappen, de Gewesten, de provincies, de plaatselijke overheden
of de openbare instellingen bij te houden. of de openbare instellingen bij te houden.
De samengestelde activa kunnen ook ingeschreven worden op bijzondere De samengestelde activa kunnen ook ingeschreven worden op bijzondere
effectenrekeningen die daartoe namens de Waalse Schatkist geopend zijn effectenrekeningen die daartoe namens de Waalse Schatkist geopend zijn
bij een in België gevestigde financiële instelling naar Belgisch bij een in België gevestigde financiële instelling naar Belgisch
recht, waarmee het Waalse Gewest een overeenkomst van financieel agent recht, waarmee het Waalse Gewest een overeenkomst van financieel agent
gesloten heeft, die wettelijk voortkomt uit het gebruik van de in gesloten heeft, die wettelijk voortkomt uit het gebruik van de in
artikel 6, 1°, bedoelde financiële middelen, inzonderheid de artikel 6, 1°, bedoelde financiële middelen, inzonderheid de
bepalingen van het koninklijk besluit van 22 december 1995 betreffende bepalingen van het koninklijk besluit van 22 december 1995 betreffende
het toezicht op de instellingen die erkend zijn om rekeningen van het toezicht op de instellingen die erkend zijn om rekeningen van
gedematerialiseerde effecten van de Staat, de Gemeenschappen, de gedematerialiseerde effecten van de Staat, de Gemeenschappen, de
Gewesten, de provincies, de plaatselijke overheden of de openbare Gewesten, de provincies, de plaatselijke overheden of de openbare
instellingen bij te houden. instellingen bij te houden.

Art. 7.De Minister van Begroting en Financiën is ertoe gemachtigd

Art. 7.De Minister van Begroting en Financiën is ertoe gemachtigd

volgende inkomsten af te trekken van de leningslasten van Wallonië : volgende inkomsten af te trekken van de leningslasten van Wallonië :
1° de inkomsten van de in het kader van de beheersverrichtingen van de 1° de inkomsten van de in het kader van de beheersverrichtingen van de
Schatkist waarvan sprake in artikel 5, 1° en 2°, belegde opbrengsten Schatkist waarvan sprake in artikel 5, 1° en 2°, belegde opbrengsten
van leningen in euro; van leningen in euro;
2° de aan het Waalse Gewest toegewezen inkomsten of kapitalen ten 2° de aan het Waalse Gewest toegewezen inkomsten of kapitalen ten
gevolge van beheersverrichtingen van de Schatkist inzake gevolge van beheersverrichtingen van de Schatkist inzake
interestenswap, arbitrages, risicodekkingen zoals de opties of andere interestenswap, arbitrages, risicodekkingen zoals de opties of andere
verrichtingen verwezenlijkt door middel van leningen van Wallonië en verrichtingen verwezenlijkt door middel van leningen van Wallonië en
om de financiële lasten ervan te verlagen. om de financiële lasten ervan te verlagen.

Art. 8.De thesauriesaldi van de vorige "OWDR" kunnen bestemd worden

Art. 8.De thesauriesaldi van de vorige "OWDR" kunnen bestemd worden

voor artikel 76.02 van afdeling 15 (Fonds inzake grondbeleid). voor artikel 76.02 van afdeling 15 (Fonds inzake grondbeleid).

Art. 9.§ 1. Er wordt een heffing afgenomen voor de financiering van

Art. 9.§ 1. Er wordt een heffing afgenomen voor de financiering van

de kosten opgelopen door de " CWaPE " voor de uitvoering van het de kosten opgelopen door de " CWaPE " voor de uitvoering van het
mechanisme van groene certificaten bedoeld in artikel 37 van het mechanisme van groene certificaten bedoeld in artikel 37 van het
decreet van 12 april 2001 betreffende de organisatie van de decreet van 12 april 2001 betreffende de organisatie van de
gewestelijke elektriciteitsmarkt. gewestelijke elektriciteitsmarkt.
§ 2. De heffing is verschuldigd door de producenten van elektriciteit § 2. De heffing is verschuldigd door de producenten van elektriciteit
uit hernieuwbare energiebronnen en/of kwalitatieve uit hernieuwbare energiebronnen en/of kwalitatieve
warmtekrachtkoppeling die bij de " CWaPE " een verzoek indienen voor warmtekrachtkoppeling die bij de " CWaPE " een verzoek indienen voor
de toekenning van groene certificaten voor installaties met een de toekenning van groene certificaten voor installaties met een
nominaal vermogen hoger dan 10 kilowatts (kW). nominaal vermogen hoger dan 10 kilowatts (kW).
§ 3. De heffing is verschuldigd per megawattuur (MWh) waarvan een § 3. De heffing is verschuldigd per megawattuur (MWh) waarvan een
indexmeting, meegedeeld aan de " CWaPE " vanaf 1 januari 2014, de indexmeting, meegedeeld aan de " CWaPE " vanaf 1 januari 2014, de
productie bevestigt en die in aanmerking komt voor de toekenning van productie bevestigt en die in aanmerking komt voor de toekenning van
de groene certificaten. Het tarief per eenheid van de heffing, in euro de groene certificaten. Het tarief per eenheid van de heffing, in euro
per megawattuur (euro/MWh), is gelijk aan de waarde van een breuk, per megawattuur (euro/MWh), is gelijk aan de waarde van een breuk,
waarvan de teller gelijk is aan 1.800.000 euro en de noemer het waarvan de teller gelijk is aan 1.800.000 euro en de noemer het
geschatte aantal MWh is, die door de verschuldigde producenten tussen geschatte aantal MWh is, die door de verschuldigde producenten tussen
1 januari 2014 en 31 december 2014 worden gegenereerd. 1 januari 2014 en 31 december 2014 worden gegenereerd.

Art. 10.§ 1. De "CWaPE" schat de elektriciteitsproducties uit

Art. 10.§ 1. De "CWaPE" schat de elektriciteitsproducties uit

hernieuwbare energiebronnen en/of kwalitatieve warmtekrachtkoppeling hernieuwbare energiebronnen en/of kwalitatieve warmtekrachtkoppeling
van de verschuldigden, in functie van de technische kenmerken van de van de verschuldigden, in functie van de technische kenmerken van de
installaties, van de historische gegevens en van externe elementen die installaties, van de historische gegevens en van externe elementen die
de productie beïnvloeden. de productie beïnvloeden.
De "CWaPE" berekent het tarief per eenheid van de heffing voor 2014 op De "CWaPE" berekent het tarief per eenheid van de heffing voor 2014 op
basis van de aldus geraamde totale productie. Dit tarief is van basis van de aldus geraamde totale productie. Dit tarief is van
toepassing op alle verschuldigden op een eenvormige wijze. toepassing op alle verschuldigden op een eenvormige wijze.
De "CWaPE" maakt het tarief van de heffing bekend. De "CWaPE" maakt het tarief van de heffing bekend.

Art. 11.De producent betaalt de heffing binnen de twee maanden na het

Art. 11.De producent betaalt de heffing binnen de twee maanden na het

versturen van de facturen. Onder voorbehoud van materiële fouten, versturen van de facturen. Onder voorbehoud van materiële fouten,
maakt het uitstel van de betaling de tegoeden op een effectenrekening maakt het uitstel van de betaling de tegoeden op een effectenrekening
van deze producent bij de "CWaPE" van rechtswege onbeschikbaar. De van deze producent bij de "CWaPE" van rechtswege onbeschikbaar. De
"CWaPE" wordt ertoe gemachtigd om de terugvordering van de heffing bij "CWaPE" wordt ertoe gemachtigd om de terugvordering van de heffing bij
wanbetalende schuldenaars verder te zetten. wanbetalende schuldenaars verder te zetten.
Deze heffing is ten laste van de verschuldigde producenten van groene Deze heffing is ten laste van de verschuldigde producenten van groene
elektriciteit in de zin van artikel 9 en mag niet worden verhaald op elektriciteit in de zin van artikel 9 en mag niet worden verhaald op
de consumenten. de consumenten.

Art. 12.In artikel 97 van het Wetboek van de met inkomstenbelastingen

Art. 12.In artikel 97 van het Wetboek van de met inkomstenbelastingen

gelijkgestelde belastingen, wordt het tweede lid, ingevoegd bij het gelijkgestelde belastingen, wordt het tweede lid, ingevoegd bij het
decreet van 5 maart 2008, respectievelijk gewijzigd bij de decreten decreet van 5 maart 2008, respectievelijk gewijzigd bij de decreten
van 19 december 2012 en 19 september 2013, vervangen als volgt: van 19 december 2012 en 19 september 2013, vervangen als volgt:
"In afwijking van het eerste lid, wordt de belasting verschuldigd voor "In afwijking van het eerste lid, wordt de belasting verschuldigd voor
de personenauto's en de auto's voor dubbel gebruik die in het Waalse de personenauto's en de auto's voor dubbel gebruik die in het Waalse
Gewest in gebruik worden genomen, met uitzondering van degenen die in Gewest in gebruik worden genomen, met uitzondering van degenen die in
hetzelfde Gewest in gebruik worden genomen door maatschappijen, hetzelfde Gewest in gebruik worden genomen door maatschappijen,
autonome overheidsbedrijven en verenigingen zonder winstgevend doel autonome overheidsbedrijven en verenigingen zonder winstgevend doel
met leasingactiviteiten, bedoeld bij artikel 94, 1°, wegens twee met leasingactiviteiten, bedoeld bij artikel 94, 1°, wegens twee
bestanddelen: bestanddelen:
- de eerste op grond van het vermogen van de motor uitgedrukt, hetzij - de eerste op grond van het vermogen van de motor uitgedrukt, hetzij
in fiscale paardenkracht, hetzij in kilowatt; in fiscale paardenkracht, hetzij in kilowatt;
- de tweede, "ecomalus" genoemd, naar gelang van de categorie - de tweede, "ecomalus" genoemd, naar gelang van de categorie
CO2-emissies van het autovoertuig dat in gebruik wordt genomen.". CO2-emissies van het autovoertuig dat in gebruik wordt genomen.".

Art. 13.In Titel V, hoofdstuk IV, Afdeling I, van hetzelfde Wetboek,

Art. 13.In Titel V, hoofdstuk IV, Afdeling I, van hetzelfde Wetboek,

ingevoegd bij het decreet van 5 maart 2008, wordt de titel vervangen ingevoegd bij het decreet van 5 maart 2008, wordt de titel vervangen
door wat volgt: door wat volgt:
"Afdeling I - Bedrag van de belasting voor de personenauto's en de "Afdeling I - Bedrag van de belasting voor de personenauto's en de
auto's die in het Waalse Gewest in gebruik worden genomen, met auto's die in het Waalse Gewest in gebruik worden genomen, met
uitzondering van die welke in hetzelfde Gewest in gebruik worden uitzondering van die welke in hetzelfde Gewest in gebruik worden
genomen door maatschappijen, autonome overheidsbedrijven en genomen door maatschappijen, autonome overheidsbedrijven en
verenigingen zonder winstgevend doel met leasingactiviteiten, bedoeld verenigingen zonder winstgevend doel met leasingactiviteiten, bedoeld
bij artikel 94, 1°. ". bij artikel 94, 1°. ".

Art. 14.Artikel 97bis van hetzelfde Wetboek, ingevoegd bij het

Art. 14.Artikel 97bis van hetzelfde Wetboek, ingevoegd bij het

decreet van 5 maart 2008 en respectievelijk gewijzigd bij de decreten decreet van 5 maart 2008 en respectievelijk gewijzigd bij de decreten
van 19 december 2012 en 19 september 2013, wordt vervangen als volgt: van 19 december 2012 en 19 september 2013, wordt vervangen als volgt:
"

Art. 97bis.§ 1. Voor de personenauto's en de auto's die in het

"

Art. 97bis.§ 1. Voor de personenauto's en de auto's die in het

Waalse Gewest in gebruik worden genomen, met uitzondering van degenen Waalse Gewest in gebruik worden genomen, met uitzondering van degenen
die in hetzelfde Gewest in gebruik worden genomen door maatschappijen, die in hetzelfde Gewest in gebruik worden genomen door maatschappijen,
autonome overheidsbedrijven en verenigingen zonder winstgevend doel autonome overheidsbedrijven en verenigingen zonder winstgevend doel
met leasingactiviteiten, bedoeld bij artikel 94, 1°, in deze afdeling met leasingactiviteiten, bedoeld bij artikel 94, 1°, in deze afdeling
"autovoertuigen" genoemd, bestaat het bedrag van de belasting uit het "autovoertuigen" genoemd, bestaat het bedrag van de belasting uit het
totaalbedrag van de twee bestanddelen genoemd in artikel 97, tweede totaalbedrag van de twee bestanddelen genoemd in artikel 97, tweede
lid. lid.
§ 2. Het eerste bestanddeel van de belasting verschuldigd voor de § 2. Het eerste bestanddeel van de belasting verschuldigd voor de
autovoertuigen wordt berekend overeenkomstig artikel 98. autovoertuigen wordt berekend overeenkomstig artikel 98.
§ 3. Het tweede bestanddeel van de belasting verschuldigd voor de § 3. Het tweede bestanddeel van de belasting verschuldigd voor de
autovoertuigen, "ecomalus" genoemd, wordt berekend overeenkomstig de autovoertuigen, "ecomalus" genoemd, wordt berekend overeenkomstig de
artikelen 97quater en 97 quinquies.". artikelen 97quater en 97 quinquies.".

Art. 15.In artikel 97ter van hetzelfde Wetboek, ingevoegd bij het

Art. 15.In artikel 97ter van hetzelfde Wetboek, ingevoegd bij het

decreet van 5 maart 2008, gewijzigd bij het besluit van de Regering decreet van 5 maart 2008, gewijzigd bij het besluit van de Regering
van 1 juli 2010, bevestigd bij decreet van 10 november 2010, worden de van 1 juli 2010, bevestigd bij decreet van 10 november 2010, worden de
volgende wijzigingen aangebracht: volgende wijzigingen aangebracht:
a) in 1°, derde lid, eerste streepje, wordt het bedrag "195" vervangen a) in 1°, derde lid, eerste streepje, wordt het bedrag "195" vervangen
door het bedrag "205"; door het bedrag "205";
b) in 1°, derde lid, tweede streepje, wordt het bedrag "186" vervangen b) in 1°, derde lid, tweede streepje, wordt het bedrag "186" vervangen
door het bedrag "196"; door het bedrag "196";
c) in 2°, eerste lid, wordt het bedrag "150" vervangen door het bedrag c) in 2°, eerste lid, wordt het bedrag "150" vervangen door het bedrag
"140". "140".

Art. 16.In artikel 53ter, in paragraaf 1, van het Wetboek der

Art. 16.In artikel 53ter, in paragraaf 1, van het Wetboek der

registratie-, hypotheek- en griffierechten, gewijzigd bij de decreten registratie-, hypotheek- en griffierechten, gewijzigd bij de decreten
van 10 december 2009, 10 mei 2012 en 19 september 2013, worden de van 10 december 2009, 10 mei 2012 en 19 september 2013, worden de
volgende wijzigingen aangebracht: volgende wijzigingen aangebracht:
a) in het eerste lid, worden de bedragen "200.000 EUR" en "191.000 a) in het eerste lid, worden de bedragen "200.000 EUR" en "191.000
EUR" respectievelijk vervangen door de bedragen "160.000" en EUR" respectievelijk vervangen door de bedragen "160.000" en
"150.000"; "150.000";
b) in het tweede lid, wordt het jaar "2011" vervangen door het jaar b) in het tweede lid, wordt het jaar "2011" vervangen door het jaar
"2015"; "2015";
c) in het derde lid, wordt het jaar "2010" vervangen door het jaar c) in het derde lid, wordt het jaar "2010" vervangen door het jaar
"2014". "2014".

Art. 17.Overeenkomstig artikel 6, 3° van het decreet van 15 december

Art. 17.Overeenkomstig artikel 6, 3° van het decreet van 15 december

2011 houdende organisatie van de begroting en van de boekhouding van 2011 houdende organisatie van de begroting en van de boekhouding van
de diensten van de Waalse Regering, kan de invordering van de de diensten van de Waalse Regering, kan de invordering van de
niet-fiscale ontvangsten door de ontvanger opgegeven worden wanneer de niet-fiscale ontvangsten door de ontvanger opgegeven worden wanneer de
kosten van de invordering hoger is dan het bedrag van het vastgestelde kosten van de invordering hoger is dan het bedrag van het vastgestelde
recht. recht.

Art. 18.Artikel 253, 5°, van het Wetboek van de inkomstenbelastingen

Art. 18.Artikel 253, 5°, van het Wetboek van de inkomstenbelastingen

1992, vervangen bij de wet van 6 juli 1994 en gewijzigd bij de 1992, vervangen bij de wet van 6 juli 1994 en gewijzigd bij de
decreten van 6 december 2001 en 22 oktober 2003, wordt vervangen door decreten van 6 december 2001 en 22 oktober 2003, wordt vervangen door
wat volgt: wat volgt:
« 5° de onroerende goederen gelegen in het Waalse Gewest en opgenomen « 5° de onroerende goederen gelegen in het Waalse Gewest en opgenomen
in de omtrek van een Natura 2000-gebied, van een natuurreservaat of in de omtrek van een Natura 2000-gebied, van een natuurreservaat of
een bosreservaat of opgenomen in de omtrek van een gebied dat in een bosreservaat of opgenomen in de omtrek van een gebied dat in
aanmerking komt voor het Natura 2000-netwerk en onderworpen is aan de aanmerking komt voor het Natura 2000-netwerk en onderworpen is aan de
primaire beschermingsregeling; ». primaire beschermingsregeling; ».

Art. 19.Artikel L4211-3 van het Wetboek van de plaatselijke

Art. 19.Artikel L4211-3 van het Wetboek van de plaatselijke

democratie en de decentralisatie wordt aangevuld als volgt: democratie en de decentralisatie wordt aangevuld als volgt:
" § 5. Vanaf de gemeente- en provincieraadsverkiezingen van 2012, " § 5. Vanaf de gemeente- en provincieraadsverkiezingen van 2012,
zullen de uitgaven die bij de paragrafen 2 en 4 ten laste van Wallonië zullen de uitgaven die bij de paragrafen 2 en 4 ten laste van Wallonië
worden gebracht, alsook de uitgaven in verband met de technische worden gebracht, alsook de uitgaven in verband met de technische
upgrading van de toestellen en de administratieve kosten eigen aan de upgrading van de toestellen en de administratieve kosten eigen aan de
begeleiding gedurende het verkiezingsproces, door de gemeenten die begeleiding gedurende het verkiezingsproces, door de gemeenten die
ervan gebruik hebben gemaakt, worden terugbetaald na het afsluiten van ervan gebruik hebben gemaakt, worden terugbetaald na het afsluiten van
de verkiezingen overeenkomstig de modaliteiten bepaald door de de verkiezingen overeenkomstig de modaliteiten bepaald door de
Regering, ten belope van het bedrag dat de kosten van de manuele Regering, ten belope van het bedrag dat de kosten van de manuele
stemming overschrijdt.". stemming overschrijdt.".
HOOFDSTUK II. - Bepalingen betreffende afval HOOFDSTUK II. - Bepalingen betreffende afval

Art. 20.Artikel 5 van het fiscaal decreet van 22 maart 2007 tot

Art. 20.Artikel 5 van het fiscaal decreet van 22 maart 2007 tot

bevordering van afvalpreventie en -valorisatie in het Waalse Gewest en bevordering van afvalpreventie en -valorisatie in het Waalse Gewest en
tot wijziging van het decreet van 6 mei 1999 betreffende de vestiging, tot wijziging van het decreet van 6 mei 1999 betreffende de vestiging,
de invordering en de geschillen inzake de directe gewestelijke de invordering en de geschillen inzake de directe gewestelijke
belastingen wordt vervangen door wat volgt: belastingen wordt vervangen door wat volgt:
« § 1. Het bedrag van de belasting op het storten van huisafval in « § 1. Het bedrag van de belasting op het storten van huisafval in
"C.E.T." wordt vastgelegd op 68,82 euro/ton voor ongevaarlijke afval "C.E.T." wordt vastgelegd op 68,82 euro/ton voor ongevaarlijke afval
en op 74,37 euro/ton voor gevaarlijke afval. en op 74,37 euro/ton voor gevaarlijke afval.
§ 2. Als afvalstorting in "C.E.T." niet toegelaten is door de § 2. Als afvalstorting in "C.E.T." niet toegelaten is door de
regelgeving of door een administratieve machtiging, wordt het bedrag regelgeving of door een administratieve machtiging, wordt het bedrag
van de belasting vastgelegd op 166,50 euro/ton, met een minimum van van de belasting vastgelegd op 166,50 euro/ton, met een minimum van
166,50 euro voor ongevaarlijke afval en op 666 euro/ton, met een 166,50 euro voor ongevaarlijke afval en op 666 euro/ton, met een
minimum van 666 euro voor gevaarlijke afval.". minimum van 666 euro voor gevaarlijke afval.".

Art. 21.In artikel 6 van hetzelfde decreet wordt paragraaf 1

Art. 21.In artikel 6 van hetzelfde decreet wordt paragraaf 1

vervangen door wat volgt: vervangen door wat volgt:
"Het bedrag van de belasting wordt verminderd als volgt : "Het bedrag van de belasting wordt verminderd als volgt :
1° 25 euro/ton als het gaat om resten van behandeling door 1° 25 euro/ton als het gaat om resten van behandeling door
verbranding, om vliegas uit thermische centrales, niet inert gietzand verbranding, om vliegas uit thermische centrales, niet inert gietzand
en resten van de behandeling van afval uit de productie of de en resten van de behandeling van afval uit de productie of de
vervaardiging van gietijzer en staal; vervaardiging van gietijzer en staal;
2° 18 euro/ton als het gaat om afval uit de behandeling door inertage 2° 18 euro/ton als het gaat om afval uit de behandeling door inertage
of stabilisering; of stabilisering;
3° 16 euro/ton als het gaat om niet inerte resten van 3° 16 euro/ton als het gaat om niet inerte resten van
glasrecyclingseenheden die gebruik maken van selectief ingezameld glas glasrecyclingseenheden die gebruik maken van selectief ingezameld glas
voor de productie van nieuw glas; voor de productie van nieuw glas;
4° 15 euro/ton als het gaat om afval uit de afbraak van autowrakken en 4° 15 euro/ton als het gaat om afval uit de afbraak van autowrakken en
schroot schroot
5° 3 euro/ton als het gaat om andere afval dan die bedoeld in 10°, 5° 3 euro/ton als het gaat om andere afval dan die bedoeld in 10°,
voortgebracht door grondsaneringsverrichtingen goedgekeurd door de voortgebracht door grondsaneringsverrichtingen goedgekeurd door de
ambtenaren die de Regering aanwijst of door de Regering zelf wanneer ambtenaren die de Regering aanwijst of door de Regering zelf wanneer
andere beheersprocessen dan uitgraving en storting in centra voor andere beheersprocessen dan uitgraving en storting in centra voor
technische ingraving volgens de Dienst enorme uitgaven zouden technische ingraving volgens de Dienst enorme uitgaven zouden
teweegbrengen of niet toegepast zouden kunnen worden; teweegbrengen of niet toegepast zouden kunnen worden;
6° 3 euro/ton als het gaat om resten en andere verontreinigde gronden 6° 3 euro/ton als het gaat om resten en andere verontreinigde gronden
uit vergunde grondsaneringscentra dan die bedoeld in 10° ; uit vergunde grondsaneringscentra dan die bedoeld in 10° ;
7° 3 euro/ton als het gaat om afval uit de vervaardiging van 7° 3 euro/ton als het gaat om afval uit de vervaardiging van
glasvezels, stoffen uit de bedding, oevers en bijbehorende kunstwerken glasvezels, stoffen uit de bedding, oevers en bijbehorende kunstwerken
van waterlopen en -vlakken, afval uit de behandeling van water om het van waterlopen en -vlakken, afval uit de behandeling van water om het
drinkbaar te maken, afval van ijzeroxide uit de zinkproductie, gekend drinkbaar te maken, afval van ijzeroxide uit de zinkproductie, gekend
onder de naam jarosiet en goethiet, en ganggesteente van mangaanerts onder de naam jarosiet en goethiet, en ganggesteente van mangaanerts
uit de productie van mangaanzouten en -oxiden; uit de productie van mangaanzouten en -oxiden;
8° 3 euro/ton als het gaat om afval die fosfogips, slib van 8° 3 euro/ton als het gaat om afval die fosfogips, slib van
sodafabrieken, slib van de zuivering van zoutoplossingen van minerale sodafabrieken, slib van de zuivering van zoutoplossingen van minerale
stoffen en mijnafval bevat; stoffen en mijnafval bevat;
9° 3 euro/ton als het gaat om slib of vaste resten van de 9° 3 euro/ton als het gaat om slib of vaste resten van de
vervaardiging van gerecycleerde papierbrij uit bedrijven die papier- vervaardiging van gerecycleerde papierbrij uit bedrijven die papier-
en kartonafval gedeeltelijk of geheel als grondstof gebruiken voor de en kartonafval gedeeltelijk of geheel als grondstof gebruiken voor de
productie van nieuw papier en karton; productie van nieuw papier en karton;
10° 0,25 euro/ton als het gaat om : 10° 0,25 euro/ton als het gaat om :
- gronden die in aanmerking komen voor "C.E.T." van klasse 3 of klasse - gronden die in aanmerking komen voor "C.E.T." van klasse 3 of klasse
5.3; 5.3;
- inert afval uit kringloopcentra, met inbegrip van gezeefd afval die - inert afval uit kringloopcentra, met inbegrip van gezeefd afval die
in aanmerking komen voor "C.E.T." van klasse 3 met een granulometrie in aanmerking komen voor "C.E.T." van klasse 3 met een granulometrie
van hoogstens 40 mm voor zover ze minder dan: van hoogstens 40 mm voor zover ze minder dan:
a) 1% niet-steenachtige stoffen bevatten, zoals gips, rubber, a) 1% niet-steenachtige stoffen bevatten, zoals gips, rubber,
isolatiemateriaal, dakbedekkingsmateriaal; isolatiemateriaal, dakbedekkingsmateriaal;
b) 5% organisch materiaal bevatten, zoals hout, plantenresten; b) 5% organisch materiaal bevatten, zoals hout, plantenresten;
c) 15% niet-natuurlijke steenachtige stoffen bevatten met afmetingen c) 15% niet-natuurlijke steenachtige stoffen bevatten met afmetingen
tussen 2 en 40 mm; tussen 2 en 40 mm;
11° 0 euro/ton als het gaat om : 11° 0 euro/ton als het gaat om :
- afval die asbestvezels bevat; - afval die asbestvezels bevat;
- gronden die in aanmerking komen voor "C.E.T." van klasse 3 of klasse - gronden die in aanmerking komen voor "C.E.T." van klasse 3 of klasse
5.3 die worden gebruikt als eindafdekking en voor het herstel van de 5.3 die worden gebruikt als eindafdekking en voor het herstel van de
centra voor technische ingraving; centra voor technische ingraving;
- valoriseerbare afval gebruikt in "C.E.T." als vervangingsmiddelen - valoriseerbare afval gebruikt in "C.E.T." als vervangingsmiddelen
voor producten of uitrustingen die nodig zijn voor de exploitatie en voor producten of uitrustingen die nodig zijn voor de exploitatie en
de sanering van een "C.E.T.", overeenkomstig de exploitatievergunning de sanering van een "C.E.T.", overeenkomstig de exploitatievergunning
of de milieuvergunning. of de milieuvergunning.

Art. 22.Artikel 10 van hetzelfde decreet wordt vervangen als volgt:

Art. 22.Artikel 10 van hetzelfde decreet wordt vervangen als volgt:

« § 1. Het bedrag van de belasting op verbranding van ongevaarlijke « § 1. Het bedrag van de belasting op verbranding van ongevaarlijke
afval met warmteterugwinning wordt op 8,99 euro/ton vastgelegd. afval met warmteterugwinning wordt op 8,99 euro/ton vastgelegd.
Bij verbranding zonder warmteterugwinning wordt het bedrag bedoeld in Bij verbranding zonder warmteterugwinning wordt het bedrag bedoeld in
het vorige lid op 55,50 euro/ton vastgelegd. het vorige lid op 55,50 euro/ton vastgelegd.
§ 2. Als de afvalverbranding niet gedekt is door een milieu- of § 2. Als de afvalverbranding niet gedekt is door een milieu- of
exploitatievergunning overeenkomstig de geldende wetgeving, wordt het exploitatievergunning overeenkomstig de geldende wetgeving, wordt het
bedrag van de belasting op 166,50 euro/ton vastgelegd, met een minimum bedrag van de belasting op 166,50 euro/ton vastgelegd, met een minimum
van 166,50 euro.". van 166,50 euro.".

Art. 23.Artikel 11 van hetzelfde decreet wordt vervangen als volgt:

Art. 23.Artikel 11 van hetzelfde decreet wordt vervangen als volgt:

« § 1. Het bedrag van de belasting op verbranding van ongevaarlijke « § 1. Het bedrag van de belasting op verbranding van ongevaarlijke
afval met warmteterugwinning wordt op 26,64 euro/ton vastgelegd. afval met warmteterugwinning wordt op 26,64 euro/ton vastgelegd.
Bij verbranding zonder warmteterugwinning wordt het bedrag bedoeld in Bij verbranding zonder warmteterugwinning wordt het bedrag bedoeld in
het vorige lid op 66,60 euro/ton vastgelegd. het vorige lid op 66,60 euro/ton vastgelegd.
§ 2. Als de afvalverbranding niet gedekt is door een milieu- of § 2. Als de afvalverbranding niet gedekt is door een milieu- of
exploitatievergunning overeenkomstig de geldende wetgeving, wordt het exploitatievergunning overeenkomstig de geldende wetgeving, wordt het
bedrag van de belasting op 666 euro/ton vastgelegd, met een minimum bedrag van de belasting op 666 euro/ton vastgelegd, met een minimum
van 666 euro.". van 666 euro.".

Art. 24.In artikel 12 van hetzelfde decreet wordt het tweede lid

Art. 24.In artikel 12 van hetzelfde decreet wordt het tweede lid

vervangen door wat volgt: vervangen door wat volgt:
In afwijking van de artikelen 10, § 1, en 11, § 1, wordt het bedrag In afwijking van de artikelen 10, § 1, en 11, § 1, wordt het bedrag
van de belasting op verbranding van afval uit van de belasting op verbranding van afval uit
grondsaneringshandelingen die zijn goedgekeurd door de ambtenaren die grondsaneringshandelingen die zijn goedgekeurd door de ambtenaren die
de Regering aanwijst of door de Regering zelf op 2 euro/ton vastgelegd de Regering aanwijst of door de Regering zelf op 2 euro/ton vastgelegd
in geval van warmteterugwinning en op 3 euro/ton zonder in geval van warmteterugwinning en op 3 euro/ton zonder
warmteterugwinning.". warmteterugwinning.".

Art. 25.In artikel 16 van hetzelfde decreet, wordt paragraaf 1,

Art. 25.In artikel 16 van hetzelfde decreet, wordt paragraaf 1,

eerste lid, vervangen als volgt: eerste lid, vervangen als volgt:
" § 1. Het bedrag van de belasting op coverbranding van gevaarlijke " § 1. Het bedrag van de belasting op coverbranding van gevaarlijke
afval wordt op 7,49 euro/ton vastgelegd. afval wordt op 7,49 euro/ton vastgelegd.
In afwijking van het vorige lid, wordt het bedrag van de belasting op In afwijking van het vorige lid, wordt het bedrag van de belasting op
coverbranding van gevaarlijke afval uit grondsaneringshandelingen die coverbranding van gevaarlijke afval uit grondsaneringshandelingen die
zijn goedgekeurd door de ambtenaren die de Regering aanwijst of door zijn goedgekeurd door de ambtenaren die de Regering aanwijst of door
de Regering zelf op 0,50 euro/ton vastgelegd. de Regering zelf op 0,50 euro/ton vastgelegd.
Het bedrag van de belasting verschuldigd overeenkomstig het eerste lid Het bedrag van de belasting verschuldigd overeenkomstig het eerste lid
wordt met 30% verminderd voor afvalstoffen die medeverbrand worden op wordt met 30% verminderd voor afvalstoffen die medeverbrand worden op
de plaats waar ze geproduceerd worden als de volgende cumulatieve de plaats waar ze geproduceerd worden als de volgende cumulatieve
voorwaarden vervuld zijn: voorwaarden vervuld zijn:
1° de afvalstoffen worden door hun producent medeverbrand in een 1° de afvalstoffen worden door hun producent medeverbrand in een
installatie die voldoet aan de geldende milieuvoorschriften installatie die voldoet aan de geldende milieuvoorschriften
betreffende coverbranding van afval; betreffende coverbranding van afval;
2° de coverbrandingsinstallatie is hoofdzakelijk bestemd voor het 2° de coverbrandingsinstallatie is hoofdzakelijk bestemd voor het
beheer van die afvalstoffen. beheer van die afvalstoffen.
§ 2. Als de coverbranding van gevaarlijke afvalstoffen niet gedekt is § 2. Als de coverbranding van gevaarlijke afvalstoffen niet gedekt is
door een milieu- of exploitatievergunning overeenkomstig de geldende door een milieu- of exploitatievergunning overeenkomstig de geldende
wetgeving, wordt het bedrag van de belasting op 666 euro/ton wetgeving, wordt het bedrag van de belasting op 666 euro/ton
vastgelegd, met een minimum van 666 euro.". vastgelegd, met een minimum van 666 euro.".

Art. 26.Artikel 25 van hetzelfde decreet wordt vervangen als volgt :

Art. 26.Artikel 25 van hetzelfde decreet wordt vervangen als volgt :

"Het bedrag van de belasting wordt vastgelegd op 166,50 euro/ton "Het bedrag van de belasting wordt vastgelegd op 166,50 euro/ton
afval.". afval.".

Art. 27.Artikel 30 van hetzelfde decreet wordt vervangen als volgt :

Art. 27.Artikel 30 van hetzelfde decreet wordt vervangen als volgt :

"Het bedrag van de belasting wordt vastgelegd op 38,85 euro/ton "Het bedrag van de belasting wordt vastgelegd op 38,85 euro/ton
afval.". afval.".

Art. 28.Artikel 38 van hetzelfde decreet wordt vervangen als volgt :

Art. 28.Artikel 38 van hetzelfde decreet wordt vervangen als volgt :

"Het bedrag van de belasting wordt vastgelegd op 55,50 euro/m® voor "Het bedrag van de belasting wordt vastgelegd op 55,50 euro/m® voor
ongevaarlijke afvalstoffen, op 222 euro/m® voor gevaarlijke ongevaarlijke afvalstoffen, op 222 euro/m® voor gevaarlijke
afvalstoffen en op 222 euro/m® voor gemengde gevaarlijke en afvalstoffen en op 222 euro/m® voor gemengde gevaarlijke en
ongevaarlijke afvalstoffen. ongevaarlijke afvalstoffen.
Het bedrag van de belasting wordt beperkt tot 500.000 euro.". Het bedrag van de belasting wordt beperkt tot 500.000 euro.".

Art. 29.Artikel 40 van hetzelfde decreet wordt vervangen als volgt :

Art. 29.Artikel 40 van hetzelfde decreet wordt vervangen als volgt :

Het bedrag van de belasting wordt vastgelegd op 166,50 euro/m® Het bedrag van de belasting wordt vastgelegd op 166,50 euro/m®
achtergelaten afval, met een minimum van 166,50 euro. achtergelaten afval, met een minimum van 166,50 euro.
Het bedrag van de belasting wordt vastgelegd op 666 euro/m® Het bedrag van de belasting wordt vastgelegd op 666 euro/m®
achtergelaten afval, voor ongevaarlijke afvalstoffen, met een minimum achtergelaten afval, voor ongevaarlijke afvalstoffen, met een minimum
van 666 euro.". van 666 euro.".

Art. 30.Artikel 70, § 1, van hetzelfde decreet wordt vervangen als

Art. 30.Artikel 70, § 1, van hetzelfde decreet wordt vervangen als

volgt: volgt:
"Voor de belastingplichtigen onderworpen aan de belasting van "Voor de belastingplichtigen onderworpen aan de belasting van
vennootschappen worden de belastingen bedoeld in de hoofdstukken II vennootschappen worden de belastingen bedoeld in de hoofdstukken II
tot V voorzien van een coëfficiënt 0.7 voor de boekjaren 2008, 2009, tot V voorzien van een coëfficiënt 0.7 voor de boekjaren 2008, 2009,
2010, 2011, 2012, 2013 en 2014.". 2010, 2011, 2012, 2013 en 2014.".
HOOFDSTUK III. - Bepalingen betreffende afgedankte bedrijfsruimten HOOFDSTUK III. - Bepalingen betreffende afgedankte bedrijfsruimten

Art. 31.In artikel 2 van het decreet van 27 mei tot invoering van een

Art. 31.In artikel 2 van het decreet van 27 mei tot invoering van een

belasting op de afgedankte bedrijfsruimten: belasting op de afgedankte bedrijfsruimten:
- wordt het getal 5.000 vervangen door het getal 1.000; - wordt het getal 5.000 vervangen door het getal 1.000;
- wordt het getal 50 vervangen door het getal 25. - wordt het getal 50 vervangen door het getal 25.

Art. 32.In artikel 5 van hetzelfde decreet, worden de woorden "of van

Art. 32.In artikel 5 van hetzelfde decreet, worden de woorden "of van

elke zoals in artikel 7, § 3, tweede lid, bedoelde jaarlijkse elke zoals in artikel 7, § 3, tweede lid, bedoelde jaarlijkse
vaststelling die later dan eerstgenoemde vaststelling plaatsvindt" vaststelling die later dan eerstgenoemde vaststelling plaatsvindt"
vervangen door de woorden "of van de latere vaststellingen bedoeld in vervangen door de woorden "of van de latere vaststellingen bedoeld in
artikel 7, § 3, tweede lid, of, bij gebrek aan vaststelling, op de artikel 7, § 3, tweede lid, of, bij gebrek aan vaststelling, op de
verjaardagdatum van de tweede vaststelling". verjaardagdatum van de tweede vaststelling".

Art. 33.In artikel 6 van hetzelfde decreet wordt het eerste lid

Art. 33.In artikel 6 van hetzelfde decreet wordt het eerste lid

vervangen als volgt : vervangen als volgt :
" Het belastbare tijdperk is het jaar waarin een tweede vaststelling " Het belastbare tijdperk is het jaar waarin een tweede vaststelling
bedoeld in artikel 7, § 2, tweede lid, wordt opgemaakt, waarbij het bedoeld in artikel 7, § 2, tweede lid, wordt opgemaakt, waarbij het
bestaan van een in stand gehouden afgedankte bedrijfsruimte wordt bestaan van een in stand gehouden afgedankte bedrijfsruimte wordt
vastgesteld, of de latere jaren waarin de ruimte in stand wordt vastgesteld, of de latere jaren waarin de ruimte in stand wordt
gehouden, in de zin van artikel 2. ». gehouden, in de zin van artikel 2. ».
Het derde lid wordt vervangen als volgt : Het derde lid wordt vervangen als volgt :
"De belasting kan ingekohierd worden tot op 30 juni van het jaar "De belasting kan ingekohierd worden tot op 30 juni van het jaar
volgend op het aanslagjaar. ». volgend op het aanslagjaar. ».

Art. 34.In artikel 7, § 2, van hetzelfde decreet, wordt het getal

Art. 34.In artikel 7, § 2, van hetzelfde decreet, wordt het getal

twaalf vervangen door het getal negen. twaalf vervangen door het getal negen.
Er wordt een derde lid toegevoegd, luidend als volgt: Er wordt een derde lid toegevoegd, luidend als volgt:
"Deze tweede vaststelling wordt bekendgemaakt overeenkomstig § 1, "Deze tweede vaststelling wordt bekendgemaakt overeenkomstig § 1,
tweede lid". tweede lid".
Het eerste lid van § 3 wordt vervangen als volgt : Het eerste lid van § 3 wordt vervangen als volgt :
" § 3. Vanaf de verjaardagdatum van de tweede vaststelling, wordt de " § 3. Vanaf de verjaardagdatum van de tweede vaststelling, wordt de
ruimte geacht in stand gehouden te zijn in de zin van artikel 2. De ruimte geacht in stand gehouden te zijn in de zin van artikel 2. De
verschuldigde kan de ambtenaren bedoeld in § 1, eerste lid, echter verschuldigde kan de ambtenaren bedoeld in § 1, eerste lid, echter
verzoeken een controle uit te voeren. ». verzoeken een controle uit te voeren. ».

Art. 35.In artikel 9 van hetzelfde decreet worden de eerste drie

Art. 35.In artikel 9 van hetzelfde decreet worden de eerste drie

paragrafen vervangen door wat volgt: paragrafen vervangen door wat volgt:
« § 1. De opeisbaarheid van de belasting alsmede de looptijd van de « § 1. De opeisbaarheid van de belasting alsmede de looptijd van de
verjaring van de invordering ervan worden opgeschort voor de gebieden verjaring van de invordering ervan worden opgeschort voor de gebieden
bedoeld in § 2 en § 3. bedoeld in § 2 en § 3.
§ § 2. De gebieden onderworpen aan de bepalingen van hoofdstuk IV van § § 2. De gebieden onderworpen aan de bepalingen van hoofdstuk IV van
het decreet van 5 december 2008 betreffende het bodembeheer, zolang de het decreet van 5 december 2008 betreffende het bodembeheer, zolang de
houder van de verplichtingen, die hem overeenkomstig dit decreet zijn houder van de verplichtingen, die hem overeenkomstig dit decreet zijn
opgelegd, zijn verplichtingen nakomt. opgelegd, zijn verplichtingen nakomt.
De opschorting begint te lopen vanaf het jaar waarin deze De opschorting begint te lopen vanaf het jaar waarin deze
verplichtingen ontstaan. verplichtingen ontstaan.
Ze heeft betrekking op de belastingen betreffende de jaren waarin deze Ze heeft betrekking op de belastingen betreffende de jaren waarin deze
verplichtingen lopen. verplichtingen lopen.
De belastingen worden ontheven wanneer het bestuur een De belastingen worden ontheven wanneer het bestuur een
bodemcontrolecertificaat afgeeft overeenkomstig artikel 67 van dit bodemcontrolecertificaat afgeeft overeenkomstig artikel 67 van dit
decreet. decreet.
§ 3. De gebieden waarvoor een heraanleg nodig is, die het voorwerp § 3. De gebieden waarvoor een heraanleg nodig is, die het voorwerp
uitmaken van het besluit bedoeld in artikel 169, § 1, van het Waalse uitmaken van het besluit bedoeld in artikel 169, § 1, van het Waalse
Wetboek van Ruimtelijke Ordening, Stedenbouw, Patrimonium en Energie. Wetboek van Ruimtelijke Ordening, Stedenbouw, Patrimonium en Energie.
De opschorting begint te lopen vanaf het jaar van dit besluit. De opschorting begint te lopen vanaf het jaar van dit besluit.
Ze heeft betrekking op de belastingen die verschuldigd zijn op het Ze heeft betrekking op de belastingen die verschuldigd zijn op het
moment van het besluit bedoeld in het eerste lid, voor de vanaf het moment van het besluit bedoeld in het eerste lid, voor de vanaf het
jaar van de aanvraag invorderbare belastingen. jaar van de aanvraag invorderbare belastingen.
De belastingen worden ontheven wanneer de herinrichting van de locatie De belastingen worden ontheven wanneer de herinrichting van de locatie
bij het besluit bedoeld in artikel 169, § 7, van hetzelfde Wetboek bij het besluit bedoeld in artikel 169, § 7, van hetzelfde Wetboek
wordt vastgesteld". wordt vastgesteld".
Er wordt een § 6 toegevoegd, luidend als volgt: Er wordt een § 6 toegevoegd, luidend als volgt:
" § 6. De opschorting bedoeld in § 2 en § 3 is vaststaand, zelfs als " § 6. De opschorting bedoeld in § 2 en § 3 is vaststaand, zelfs als
de naleving van de verplichtingen die uit de twee bedoelde wetgevingen de naleving van de verplichtingen die uit de twee bedoelde wetgevingen
voortvloeien, de afschaffing van de belastbare aard van het gebied in voortvloeien, de afschaffing van de belastbare aard van het gebied in
de zin van dit decreet niet tot gevolg heeft gehad.". de zin van dit decreet niet tot gevolg heeft gehad.".
Er wordt een § 7 toegevoegd, luidend als volgt: Er wordt een § 7 toegevoegd, luidend als volgt:
" § 7. De vaststelling, door de ambtenaar aangewezen door de Regering, " § 7. De vaststelling, door de ambtenaar aangewezen door de Regering,
van de niet-belastbare aard van een gebied in de zin van dit decreet, van de niet-belastbare aard van een gebied in de zin van dit decreet,
heeft tot gevolg de ontheffing van de opgeschorte belastingen.". heeft tot gevolg de ontheffing van de opgeschorte belastingen.".

Art. 36.Hetzelfde decreet wordt aangevuld met een artikel 9bis,

Art. 36.Hetzelfde decreet wordt aangevuld met een artikel 9bis,

luidend als volgt: luidend als volgt:
"

Art. 9bis.De gemeenten kunnen opcentiemen heffen op de gewestelijke

"

Art. 9bis.De gemeenten kunnen opcentiemen heffen op de gewestelijke

belasting. belasting.
Enkel de gemeenten die jaarlijks aan de telling deelnemen alsook aan Enkel de gemeenten die jaarlijks aan de telling deelnemen alsook aan
de bijwerking van de lijst van de ruimten die kunnen betrokken zijn de bijwerking van de lijst van de ruimten die kunnen betrokken zijn
bij deze belasting, kunnen opcentiemen heffen.". bij deze belasting, kunnen opcentiemen heffen.".
HOOFDSTUK IV. - Bepalingen betreffende de belastingen op masten, HOOFDSTUK IV. - Bepalingen betreffende de belastingen op masten,
pylonen en antennen pylonen en antennen

Art. 37.Er wordt in het Waalse Gewest een jaarlijkse belasting

Art. 37.Er wordt in het Waalse Gewest een jaarlijkse belasting

gevestigd op masten, pylonen of antennen bestemd voor de uitvoering, gevestigd op masten, pylonen of antennen bestemd voor de uitvoering,
rechstreeks met het publiek, van een mobiele rechstreeks met het publiek, van een mobiele
telecommunicatieverrichting door de operator van een openbaar telecommunicatieverrichting door de operator van een openbaar
telecommunicatienet. telecommunicatienet.

Art. 38.De belasting is verschuldigd door de operator van de mast, de

Art. 38.De belasting is verschuldigd door de operator van de mast, de

pyloon of de antenne op 1 januari van het aanslagjaar. pyloon of de antenne op 1 januari van het aanslagjaar.
Als de operator niet eigenaar is van de mast, de pyloon of de antenne, Als de operator niet eigenaar is van de mast, de pyloon of de antenne,
wordt hij hoofdelijk gehouden tot de betaling van de belasting. wordt hij hoofdelijk gehouden tot de betaling van de belasting.

Art. 39.Het jaarlijks basisbedrag van de belasting wordt vastgesteld

Art. 39.Het jaarlijks basisbedrag van de belasting wordt vastgesteld

op 8000 euro per site. Dit bedrag wordt, vanaf het aanslagjaar 2015, op 8000 euro per site. Dit bedrag wordt, vanaf het aanslagjaar 2015,
geïndexeerd volgens de volgende formule: geïndexeerd volgens de volgende formule:
Geïndexeerd bedrag = Basisbedrag * (indexcijfer van de Geïndexeerd bedrag = Basisbedrag * (indexcijfer van de
consumptieprijzen van de maand januari van het aanslagjaar/indexcijfer consumptieprijzen van de maand januari van het aanslagjaar/indexcijfer
van de consumptieprijzen van de maand januari van 2014). van de consumptieprijzen van de maand januari van 2014).
Onder site wordt verstaan het geheel, onlosmakelijk verbonden zonder Onder site wordt verstaan het geheel, onlosmakelijk verbonden zonder
substantiële werkzaamheden, gevormd door de mast, de pyloon of de substantiële werkzaamheden, gevormd door de mast, de pyloon of de
antenne(n) en bijbehorende uitrustingen, die door één of verschillende antenne(n) en bijbehorende uitrustingen, die door één of verschillende
operatoren zijn geïnstalleerd. operatoren zijn geïnstalleerd.
De operatoren die een site bedoeld bij deze belasting gezamenlijk De operatoren die een site bedoeld bij deze belasting gezamenlijk
gebruiken, worden hoofdelijk gehouden tot de betaling van de gebruiken, worden hoofdelijk gehouden tot de betaling van de
belasting. belasting.
Het bedrag van de belasting wordt geannuleerd in geval van een Het bedrag van de belasting wordt geannuleerd in geval van een
ingerichte site die effectief niet wordt gebruikt. ingerichte site die effectief niet wordt gebruikt.

Art. 40.Elke belastingplichtige moet jaarlijks aangifte doen bij het

Art. 40.Elke belastingplichtige moet jaarlijks aangifte doen bij het

belastingsorgaan opgericht door de Waalse Regering, van het aantal belastingsorgaan opgericht door de Waalse Regering, van het aantal
sites die per gemeente alleen of gezamenlijk worden ingericht of sites die per gemeente alleen of gezamenlijk worden ingericht of
gebruikt. gebruikt.

Art. 41.De aangifte, de procedure tot aanslag, de aanslag- en

Art. 41.De aangifte, de procedure tot aanslag, de aanslag- en

opeisbaarheidstermijnen, de vordering en de beroepsmiddelen worden opeisbaarheidstermijnen, de vordering en de beroepsmiddelen worden
opgesteld overeenkomstig het decreet van 6 mei 1999 betreffende de opgesteld overeenkomstig het decreet van 6 mei 1999 betreffende de
vestiging, de invordering en de geschillen inzake de directe vestiging, de invordering en de geschillen inzake de directe
gewestelijke belastingen en de uitvoeringsbesluiten ervan. gewestelijke belastingen en de uitvoeringsbesluiten ervan.

Art. 42.De gemeenten mogen geen belasting heffen met eenzelfde

Art. 42.De gemeenten mogen geen belasting heffen met eenzelfde

voorwerp. voorwerp.
De gemeentelijke reglementen met betrekking tot een belasting met De gemeentelijke reglementen met betrekking tot een belasting met
hetzelfde voorwerp worden opgeheven. hetzelfde voorwerp worden opgeheven.

Art. 43.§ 1. In afwijking van artikel 42, kunnen de gemeenten een

Art. 43.§ 1. In afwijking van artikel 42, kunnen de gemeenten een

aanvullende belasting vestigen van hoogstens honderd opcentiemen op de aanvullende belasting vestigen van hoogstens honderd opcentiemen op de
belasting gevestigd in artikel 37 op de masten, pylonen of antennen belasting gevestigd in artikel 37 op de masten, pylonen of antennen
bedoeld in artikel 37 die voornamelijk op hun grondgebied worden bedoeld in artikel 37 die voornamelijk op hun grondgebied worden
opgesteld. opgesteld.
§ 2. De aanvullende belasting kan niet het voorwerp uitmaken van een § 2. De aanvullende belasting kan niet het voorwerp uitmaken van een
vermindering, vrijstelling of uitzondering. vermindering, vrijstelling of uitzondering.

Art. 44.§ 1. Een procent van de opbrengst van de aanvullende

Art. 44.§ 1. Een procent van de opbrengst van de aanvullende

belasting wordt afgehouden voor administratieve kosten vóór de belasting wordt afgehouden voor administratieve kosten vóór de
toewijzing van het saldo aan de gemeenten. toewijzing van het saldo aan de gemeenten.
§ 2. De Regering bepaalt de bijzondere modaliteiten voor de toewijzing § 2. De Regering bepaalt de bijzondere modaliteiten voor de toewijzing
van de opbrengst van de aanvullende belasting aan de gemeenten. van de opbrengst van de aanvullende belasting aan de gemeenten.
HOOFDSTUK V. - Slotbepalingen HOOFDSTUK V. - Slotbepalingen

Art. 45.Dit decreet treedt in werking op 1 januari 2014.

Art. 45.Dit decreet treedt in werking op 1 januari 2014.

Artikel 16 zal van toepassing zijn op alle verkoopakten verleden vanaf Artikel 16 zal van toepassing zijn op alle verkoopakten verleden vanaf
die datum. die datum.
Kondigen dit decreet af, bevelen dat het in het Belgisch Staatsblad Kondigen dit decreet af, bevelen dat het in het Belgisch Staatsblad
zal worden bekendgemaakt. zal worden bekendgemaakt.
Namen, 11 december 2013. Namen, 11 december 2013.
De Minister-President, De Minister-President,
R. DEMOTTE R. DEMOTTE
De Minister van Duurzame Ontwikkeling en Ambtenarenzaken, De Minister van Duurzame Ontwikkeling en Ambtenarenzaken,
J.-M. NOLLET J.-M. NOLLET
De Minister van Begroting, Financiën, Tewerkstelling, Vorming en De Minister van Begroting, Financiën, Tewerkstelling, Vorming en
Sport, Sport,
A. ANTOINE A. ANTOINE
Minister van Economie, K.M.O.'s, Buitenlandse Handel en Nieuwe Minister van Economie, K.M.O.'s, Buitenlandse Handel en Nieuwe
Technologieën, Technologieën,
J.-Cl. MARCOURT J.-Cl. MARCOURT
De Minister van Plaatselijke Besturen en de Stad, De Minister van Plaatselijke Besturen en de Stad,
P. FURLAN P. FURLAN
De Minister van Gezondheid, Sociale Actie en Gelijke Kansen, De Minister van Gezondheid, Sociale Actie en Gelijke Kansen,
Mevr. E. TILLIEUX Mevr. E. TILLIEUX
De Minister van Leefmilieu, Ruimtelijke Ordening en Mobiliteit, De Minister van Leefmilieu, Ruimtelijke Ordening en Mobiliteit,
Ph. HENRY Ph. HENRY
De Minister van Openbare Werken, Landbouw, Landelijke Aangelegenheden, De Minister van Openbare Werken, Landbouw, Landelijke Aangelegenheden,
Natuur, Bossen en Erfgoed, Natuur, Bossen en Erfgoed,
C. DI ANTONIO C. DI ANTONIO
_______ _______
Nota Nota
(1) Zitting 2013-2014. (1) Zitting 2013-2014.
Stukken van het Waals Parlement, 4-V a (2013-2014) Nrs 1 tot 6. Stukken van het Waals Parlement, 4-V a (2013-2014) Nrs 1 tot 6.
Volledig verslag, plenaire vergadering van 11 december 2013. Volledig verslag, plenaire vergadering van 11 december 2013.
Bespreking. Bespreking.
Stemming. Stemming.
Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld
^