Etaamb.openjustice.be
Meertalige weergave van Koninklijk Besluit van --
← Terug naar "Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 1 september 2015, gesloten in het Paritair Comité voor de bedienden van het kleding- en confectiebedrijf, betreffende de vorming en de tewerkstelling "
Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 1 september 2015, gesloten in het Paritair Comité voor de bedienden van het kleding- en confectiebedrijf, betreffende de vorming en de tewerkstelling Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 1 september 2015, gesloten in het Paritair Comité voor de bedienden van het kleding- en confectiebedrijf, betreffende de vorming en de tewerkstelling
FEDERALE OVERHEIDSDIENST WERKGELEGENHEID, ARBEID EN SOCIAAL OVERLEG FEDERALE OVERHEIDSDIENST WERKGELEGENHEID, ARBEID EN SOCIAAL OVERLEG
1 APRIL 2016. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt 1 APRIL 2016. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt
verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 1 september 2015, verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 1 september 2015,
gesloten in het Paritair Comité voor de bedienden van het kleding- en gesloten in het Paritair Comité voor de bedienden van het kleding- en
confectiebedrijf, betreffende de vorming en de tewerkstelling (1) confectiebedrijf, betreffende de vorming en de tewerkstelling (1)
FILIP, Koning der Belgen, FILIP, Koning der Belgen,
Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.
Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve
arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel
28; 28;
Gelet op het verzoek van het Paritair Comité voor de bedienden van het Gelet op het verzoek van het Paritair Comité voor de bedienden van het
kleding- en confectiebedrijf; kleding- en confectiebedrijf;
Op de voordracht van de Minister van Werk, Op de voordracht van de Minister van Werk,
Hebben Wij besloten en besluiten Wij : Hebben Wij besloten en besluiten Wij :

Artikel 1.Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage

Artikel 1.Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage

overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst van 1 september 2015, overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst van 1 september 2015,
gesloten in het Paritair Comité voor de bedienden van het kleding- en gesloten in het Paritair Comité voor de bedienden van het kleding- en
confectiebedrijf, betreffende de vorming en de tewerkstelling. confectiebedrijf, betreffende de vorming en de tewerkstelling.

Art. 2.De minister bevoegd voor Werk is belast met de uitvoering van

Art. 2.De minister bevoegd voor Werk is belast met de uitvoering van

dit besluit. dit besluit.
Gegeven te Brussel, 1 april 2016. Gegeven te Brussel, 1 april 2016.
FILIP FILIP
Van Koningswege : Van Koningswege :
De Minister van Werk, De Minister van Werk,
K. PEETERS K. PEETERS
_______ _______
Nota Nota
(1) Verwijzing naar het Belgisch Staatsblad : (1) Verwijzing naar het Belgisch Staatsblad :
Wet van 5 december 1968, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969. Wet van 5 december 1968, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969.
Bijlage Bijlage
Paritair Comité voor de bedienden van het kleding- en confectiebedrijf Paritair Comité voor de bedienden van het kleding- en confectiebedrijf
Collectieve arbeidsovereenkomst van 1 september 2015 Collectieve arbeidsovereenkomst van 1 september 2015
Vorming en tewerkstelling (Overeenkomst geregistreerd op 29 september Vorming en tewerkstelling (Overeenkomst geregistreerd op 29 september
2015 onder het nummer 129446/CO/215) 2015 onder het nummer 129446/CO/215)

Artikel 1.Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing op

Artikel 1.Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing op

de werkgevers en op de bedienden van de ondernemingen die onder het de werkgevers en op de bedienden van de ondernemingen die onder het
Paritair Comité voor de bedienden van het kleding- en confectiebedrijf Paritair Comité voor de bedienden van het kleding- en confectiebedrijf
ressorteren. ressorteren.

Art. 2.De inspanningen, bedoeld in de collectieve arbeidsovereenkomst

Art. 2.De inspanningen, bedoeld in de collectieve arbeidsovereenkomst

van 15 juli 2005 betreffende vorming en tewerkstelling worden van 15 juli 2005 betreffende vorming en tewerkstelling worden
voortgezet tot 31 december 2016 en voortdurend aangepast om deze in voortgezet tot 31 december 2016 en voortdurend aangepast om deze in
overeenstemming te brengen met de doelstellingen, bedoeld in artikel overeenstemming te brengen met de doelstellingen, bedoeld in artikel
30 van de wet van 23 december 2005 betreffende het Generatiepact, 30 van de wet van 23 december 2005 betreffende het Generatiepact,
vervangen door artikel 24 van de wet van 17 mei 2007 houdende vervangen door artikel 24 van de wet van 17 mei 2007 houdende
uitvoering van het interprofessioneel akkoord voor de periode uitvoering van het interprofessioneel akkoord voor de periode
2007-2008 en in afdeling 1 van hoofdstuk VIII van titel XIII van de 2007-2008 en in afdeling 1 van hoofdstuk VIII van titel XIII van de
wet van 27 december 2006 houdende diverse bepalingen (I). wet van 27 december 2006 houdende diverse bepalingen (I).
Hierbij worden, gelet op het "Uitzonderlijk akkoord voor de Hierbij worden, gelet op het "Uitzonderlijk akkoord voor de
onderhandelingen op sector- en ondernemingsvlak in de periode onderhandelingen op sector- en ondernemingsvlak in de periode
2009-2010" en in overeenstemming met deel II, punt 3 betreffende de 2009-2010" en in overeenstemming met deel II, punt 3 betreffende de
vorming en het betaald educatief verlof van het interprofessioneel vorming en het betaald educatief verlof van het interprofessioneel
akkoord 2007-2008, de inspanningen, bedoeld in de collectieve akkoord 2007-2008, de inspanningen, bedoeld in de collectieve
arbeidsovereenkomst van 15 juli 2005 en die voor de jaren 2007 tot en arbeidsovereenkomst van 15 juli 2005 en die voor de jaren 2007 tot en
met 2014 werden aangevuld met bijkomende opleidingsinspanningen, met 2014 werden aangevuld met bijkomende opleidingsinspanningen,
onverminderd voortgezet. onverminderd voortgezet.
In de schoot van het Instituut voor Vorming en Onderzoek in de In de schoot van het Instituut voor Vorming en Onderzoek in de
Confectie (IVOC) zullen de maatregelen worden overlegd die hiertoe Confectie (IVOC) zullen de maatregelen worden overlegd die hiertoe
nodig zijn. nodig zijn.
Hiertoe zullen onder meer de IVOC-faciliteiten verder worden bekend Hiertoe zullen onder meer de IVOC-faciliteiten verder worden bekend
gemaakt, beheerd en uitgebouwd. Deze faciliteiten hebben onder meer gemaakt, beheerd en uitgebouwd. Deze faciliteiten hebben onder meer
betrekking op promotie en steun voor bedrijfopleidingsplannen in de betrekking op promotie en steun voor bedrijfopleidingsplannen in de
ondernemingen, gekend onder de benaming "ondernemingsportefeuille" en ondernemingen, gekend onder de benaming "ondernemingsportefeuille" en
op promotie en steun van individuele vorming van de werknemers, gekend op promotie en steun van individuele vorming van de werknemers, gekend
onder de benaming "leerrekening". onder de benaming "leerrekening".

Art. 3.De werkgevers bedoeld in artikel 1 van onderhavige collectieve

Art. 3.De werkgevers bedoeld in artikel 1 van onderhavige collectieve

arbeidsovereenkomst zijn ook voor de jaren 2015 en 2016 een inspanning arbeidsovereenkomst zijn ook voor de jaren 2015 en 2016 een inspanning
van 0,10 pct. verschuldigd berekend op grond van het volledige loon van 0,10 pct. verschuldigd berekend op grond van het volledige loon
van de bedienden, zoals bedoeld in artikel 23 van de wet van 29 juni van de bedienden, zoals bedoeld in artikel 23 van de wet van 29 juni
1981 houdende de algemene beginselen van de sociale zekerheid voor 1981 houdende de algemene beginselen van de sociale zekerheid voor
werknemers en de uitvoeringsbesluiten van deze wet. werknemers en de uitvoeringsbesluiten van deze wet.
Deze inspanning is bestemd ten voordele van personen die behoren tot Deze inspanning is bestemd ten voordele van personen die behoren tot
de risicogroepen, in overeenstemming met titel XIII, hoofdstuk VIII de risicogroepen, in overeenstemming met titel XIII, hoofdstuk VIII
van de wet van 27 december 2006 houdende diverse bepalingen (I), in van de wet van 27 december 2006 houdende diverse bepalingen (I), in
overeenkomst met het koninklijk besluit van 29 mei 2015 ter activering overeenkomst met het koninklijk besluit van 29 mei 2015 ter activering
van de inspanning ten voordele van personen die tot de risicogroepen van de inspanning ten voordele van personen die tot de risicogroepen
behoren en van de inspanning ten bate van de actieve begeleiding van behoren en van de inspanning ten bate van de actieve begeleiding van
werklozen voor de periode 2015-2016. werklozen voor de periode 2015-2016.
Van deze inspanning is 0,05 pct. te besteden in overeenstemming met Van deze inspanning is 0,05 pct. te besteden in overeenstemming met
het koninklijk besluit van 19 februari 2013 tot uitvoering van artikel het koninklijk besluit van 19 februari 2013 tot uitvoering van artikel
189, 4de lid van de wet van 27 december 2012 houdende diverse 189, 4de lid van de wet van 27 december 2012 houdende diverse
bepalingen (I), gewijzigd door het koninklijk besluit van 19 april bepalingen (I), gewijzigd door het koninklijk besluit van 19 april
2014 tot wijziging van het voornoemde koninklijk besluit van 19 2014 tot wijziging van het voornoemde koninklijk besluit van 19
februari 2013. februari 2013.
De betaling wordt verricht aan het "Sociaal Waarborgfonds voor de De betaling wordt verricht aan het "Sociaal Waarborgfonds voor de
bedienden van het kleding- en confectiebedrijf", zoals voorzien in bedienden van het kleding- en confectiebedrijf", zoals voorzien in
artikel 3, 7° van de statuten van dit fonds. Het sociaal waarborgfonds artikel 3, 7° van de statuten van dit fonds. Het sociaal waarborgfonds
draagt deze bedragen over aan het Instituut voor Vorming en Onderzoek draagt deze bedragen over aan het Instituut voor Vorming en Onderzoek
in de Confectie (IVOC). in de Confectie (IVOC).

Art. 4.Binnen het Instituut voor Vorming en Onderzoek in de Confectie

Art. 4.Binnen het Instituut voor Vorming en Onderzoek in de Confectie

(IVOC) wordt door de ondertekenende organisaties beslist welke (IVOC) wordt door de ondertekenende organisaties beslist welke
vormings- en opleidingsinitiatieven verder ontwikkeld worden ten vormings- en opleidingsinitiatieven verder ontwikkeld worden ten
gunste van de personen die behoren tot de risicogroepen of op wie een gunste van de personen die behoren tot de risicogroepen of op wie een
begeleidingsplan van toepassing is. begeleidingsplan van toepassing is.
Personen die behoren tot de risicogroepen zijn werkzoekenden en Personen die behoren tot de risicogroepen zijn werkzoekenden en
werknemers die door opleidingsinitiatieven hun werkgelegenheid kunnen werknemers die door opleidingsinitiatieven hun werkgelegenheid kunnen
behouden of hun kansen op de arbeidsmarkt kunnen verhogen. behouden of hun kansen op de arbeidsmarkt kunnen verhogen.
Met betrekking tot de 0,05 pct. bedoeld in artikel 3 wordt binnen het Met betrekking tot de 0,05 pct. bedoeld in artikel 3 wordt binnen het
Instituut voor Vorming en Onderzoek in de Confectie (IVOC) op Instituut voor Vorming en Onderzoek in de Confectie (IVOC) op
sectoraal vlak onderzoek verricht naar de promotie van banen voor sectoraal vlak onderzoek verricht naar de promotie van banen voor
jongeren met vorming op de werkvloer. De bedoeling daarbij is om jongeren met vorming op de werkvloer. De bedoeling daarbij is om
maximaal ingroeibanen voor jongeren te realiseren. Diverse pistes maximaal ingroeibanen voor jongeren te realiseren. Diverse pistes
kunnen daartoe worden uitgewerkt en toegepast, zoals onder meer het kunnen daartoe worden uitgewerkt en toegepast, zoals onder meer het
bijstellen van specifieke arbeidsvoorwaarden, specifieke doelgroepen, bijstellen van specifieke arbeidsvoorwaarden, specifieke doelgroepen,
specifieke functies, inschakelen van oudere werknemers voor de specifieke functies, inschakelen van oudere werknemers voor de
opvolging, het samenwerken met onderwijsinstellingen en met de opvolging, het samenwerken met onderwijsinstellingen en met de
gewestelijke diensten voor arbeidsbemiddeling. gewestelijke diensten voor arbeidsbemiddeling.

Art. 5.In uitvoering van het interprofessioneel akkoord 1999/2000 van

Art. 5.In uitvoering van het interprofessioneel akkoord 1999/2000 van

8 december 1998 hebben de ondernemingen een bijkomende inspanning 8 december 1998 hebben de ondernemingen een bijkomende inspanning
gedaan op het vlak van vorming en opleiding. gedaan op het vlak van vorming en opleiding.
Deze bijkomende inspanning wordt voortgezet door een sectorale Deze bijkomende inspanning wordt voortgezet door een sectorale
bijdrage van 0,20 pct. op de wedden van 1 januari 2015 tot 31 december bijdrage van 0,20 pct. op de wedden van 1 januari 2015 tot 31 december
2016. 2016.
Aldus levert de sector verder zijn aandeel tot de uitvoering van het Aldus levert de sector verder zijn aandeel tot de uitvoering van het
engagement om bijkomende inspanningen op het vlak van permanente engagement om bijkomende inspanningen op het vlak van permanente
vorming te doen. vorming te doen.
Binnen het Instituut voor Vorming en Onderzoek in de Confectie wordt Binnen het Instituut voor Vorming en Onderzoek in de Confectie wordt
door de ondertekenende organisaties beslist welke vormings- en door de ondertekenende organisaties beslist welke vormings- en
opleidingsinitiatieven zullen ontwikkeld worden met deze middelen. opleidingsinitiatieven zullen ontwikkeld worden met deze middelen.

Art. 6.Gelet op de wet van 23 december 2006, gewijzigd bij artikel 24

Art. 6.Gelet op de wet van 23 december 2006, gewijzigd bij artikel 24

van de wet van 17 mei 2007 houdende uitvoering van het van de wet van 17 mei 2007 houdende uitvoering van het
interprofessioneel akkoord en in overeenstemming met deel II, punt 3 interprofessioneel akkoord en in overeenstemming met deel II, punt 3
betreffende de vorming en het betaald educatief verlof van het betreffende de vorming en het betaald educatief verlof van het
interprofessioneel akkoord 2007-2008 worden tevens in de schoot van interprofessioneel akkoord 2007-2008 worden tevens in de schoot van
het Instituut voor Vorming en Onderzoek in de Confectie (IVOC) het Instituut voor Vorming en Onderzoek in de Confectie (IVOC)
bijkomende opleidingsinspanningen voortgezet. bijkomende opleidingsinspanningen voortgezet.
De sociale partners stellen zich tot doel binnen de duurtijd van De sociale partners stellen zich tot doel binnen de duurtijd van
onderhavige collectieve arbeidsovereenkomst ernaar te streven iedere onderhavige collectieve arbeidsovereenkomst ernaar te streven iedere
bediende tewerkgesteld in de sector, minstens één dag professionele bediende tewerkgesteld in de sector, minstens één dag professionele
opleiding te laten volgen. opleiding te laten volgen.

Art. 7.Deze collectieve arbeidsovereenkomst treedt in werking op 1

Art. 7.Deze collectieve arbeidsovereenkomst treedt in werking op 1

januari 2015 en houdt op van kracht te zijn op 31 december 2016. januari 2015 en houdt op van kracht te zijn op 31 december 2016.
Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 1 april Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 1 april
2016. 2016.
De Minister van Werk, De Minister van Werk,
K. PEETERS K. PEETERS
^