Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 26 oktober 2005, gesloten in het Paritair Comité voor de gezondheidsdiensten, betreffende de vrijstelling van arbeidsprestaties in het kader van de eindeloopbaanproblematiek en de toekenning van bijkomende verloven ten voordele van bepaalde categorieën personeelsleden | Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 26 oktober 2005, gesloten in het Paritair Comité voor de gezondheidsdiensten, betreffende de vrijstelling van arbeidsprestaties in het kader van de eindeloopbaanproblematiek en de toekenning van bijkomende verloven ten voordele van bepaalde categorieën personeelsleden |
---|---|
FEDERALE OVERHEIDSDIENST WERKGELEGENHEID, ARBEID EN SOCIAAL OVERLEG | FEDERALE OVERHEIDSDIENST WERKGELEGENHEID, ARBEID EN SOCIAAL OVERLEG |
1 OKTOBER 2008. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt | 1 OKTOBER 2008. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt |
verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 26 oktober 2005, | verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 26 oktober 2005, |
gesloten in het Paritair Comité voor de gezondheidsdiensten, | gesloten in het Paritair Comité voor de gezondheidsdiensten, |
betreffende de vrijstelling van arbeidsprestaties in het kader van de | betreffende de vrijstelling van arbeidsprestaties in het kader van de |
eindeloopbaanproblematiek en de toekenning van bijkomende verloven ten | eindeloopbaanproblematiek en de toekenning van bijkomende verloven ten |
voordele van bepaalde categorieën personeelsleden (1) | voordele van bepaalde categorieën personeelsleden (1) |
ALBERT II, Koning der Belgen, | ALBERT II, Koning der Belgen, |
Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. | Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. |
Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve | Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve |
arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel | arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel |
28; | 28; |
Gelet op het verzoek van het Paritair Comité voor de | Gelet op het verzoek van het Paritair Comité voor de |
gezondheidsdiensten; | gezondheidsdiensten; |
Op de voordracht van De Minister van Werk, | Op de voordracht van De Minister van Werk, |
Hebben Wij besloten en besluiten Wij : | Hebben Wij besloten en besluiten Wij : |
Artikel 1.Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage |
Artikel 1.Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage |
overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst van 26 oktober 2005, | overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst van 26 oktober 2005, |
gesloten in het Paritair Comité voor de gezondheidsdiensten, | gesloten in het Paritair Comité voor de gezondheidsdiensten, |
betreffende de vrijstelling van arbeidsprestaties in het kader van de | betreffende de vrijstelling van arbeidsprestaties in het kader van de |
eindeloopbaanproblematiek en de toekenning van bijkomende verloven ten | eindeloopbaanproblematiek en de toekenning van bijkomende verloven ten |
voordele van bepaalde categorieën personeelsleden. | voordele van bepaalde categorieën personeelsleden. |
Art. 2.De Minister bevoegd voor Werk is belast met de uitvoering van |
Art. 2.De Minister bevoegd voor Werk is belast met de uitvoering van |
dit besluit. | dit besluit. |
Gegeven te Brussel, 1 oktober 2008. | Gegeven te Brussel, 1 oktober 2008. |
ALBERT | ALBERT |
Van Koningswege : | Van Koningswege : |
De Vice-Eerste Minister | De Vice-Eerste Minister |
en Minister van Werk en Gelijke Kansen, | en Minister van Werk en Gelijke Kansen, |
Mevr. J. MILQUET | Mevr. J. MILQUET |
_______ | _______ |
Nota | Nota |
(1) Verwijzing naar het Belgisch Staatsblad : | (1) Verwijzing naar het Belgisch Staatsblad : |
Wet van 5 december 1968, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969. | Wet van 5 december 1968, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969. |
Bijlage | Bijlage |
Paritair Comité voor de gezondheidsdiensten | Paritair Comité voor de gezondheidsdiensten |
Collectieve arbeidsovereenkomst van 26 oktober 2005 | Collectieve arbeidsovereenkomst van 26 oktober 2005 |
Vrijstelling van arbeidsprestaties in het kader van de | Vrijstelling van arbeidsprestaties in het kader van de |
eindeloopbaanproblematiek en de toekenning van bijkomende verloven ten | eindeloopbaanproblematiek en de toekenning van bijkomende verloven ten |
voordele van bepaalde categorieën personeelsleden (Overeenkomst | voordele van bepaalde categorieën personeelsleden (Overeenkomst |
geregistreerd op 24 januari 2006 onder het nummer 78221/CO/305) | geregistreerd op 24 januari 2006 onder het nummer 78221/CO/305) |
HOOFDSTUK I. - Algemene bepalingen | HOOFDSTUK I. - Algemene bepalingen |
Artikel 1.Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing op |
Artikel 1.Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing op |
de werkgevers en werknemers, met uitzondering van de artsen, van : | de werkgevers en werknemers, met uitzondering van de artsen, van : |
- de inrichtingen die aan de wet op de ziekenhuizen onderworpen zijn; | - de inrichtingen die aan de wet op de ziekenhuizen onderworpen zijn; |
- de psychiatrische verzorgingstehuizen; | - de psychiatrische verzorgingstehuizen; |
- de samenwerkingsverbanden voor de oprichting en het beheer van | - de samenwerkingsverbanden voor de oprichting en het beheer van |
initiatieven van beschut wonen; | initiatieven van beschut wonen; |
- de rustthuizen voor bejaarden, de rust- en verzorgingstehuizen en de | - de rustthuizen voor bejaarden, de rust- en verzorgingstehuizen en de |
dagverzorgingscentra; | dagverzorgingscentra; |
- de revalidatiecentra; | - de revalidatiecentra; |
- de thuisverpleging; | - de thuisverpleging; |
- de geïntegreerde diensten voor thuisverzorging; | - de geïntegreerde diensten voor thuisverzorging; |
- de diensten voor het bloed van het Rode Kruis van België; | - de diensten voor het bloed van het Rode Kruis van België; |
- de medisch-pediatrische centra; | - de medisch-pediatrische centra; |
- de wijkgezondheidscentra. | - de wijkgezondheidscentra. |
Onder "werknemers" wordt verstaan : het mannelijk en vrouwelijk | Onder "werknemers" wordt verstaan : het mannelijk en vrouwelijk |
werklieden- en bediendepersoneel. | werklieden- en bediendepersoneel. |
Art. 2.Deze collectieve arbeidsovereenkomst geeft uitvoering aan de |
Art. 2.Deze collectieve arbeidsovereenkomst geeft uitvoering aan de |
punten 3, 4 en 5 van het sociaal akkoord betreffende de federale | punten 3, 4 en 5 van het sociaal akkoord betreffende de federale |
gezondheidssectoren (privésector) van 26 april 2005. | gezondheidssectoren (privésector) van 26 april 2005. |
HOOFDSTUK II. - Vrijstelling van arbeidsprestaties | HOOFDSTUK II. - Vrijstelling van arbeidsprestaties |
Art. 3.Vallen onder de toepassing van de regeling vrijstelling van |
Art. 3.Vallen onder de toepassing van de regeling vrijstelling van |
arbeidsprestaties : | arbeidsprestaties : |
§ 1. Personeel behorend tot volgende groepen heeft ambtshalve recht op | § 1. Personeel behorend tot volgende groepen heeft ambtshalve recht op |
vrijstelling van arbeidsprestaties zoals omschreven in de artikelen 4 | vrijstelling van arbeidsprestaties zoals omschreven in de artikelen 4 |
tot en met 6, op voorwaarde dat ze effectief de vermelde functie | tot en met 6, op voorwaarde dat ze effectief de vermelde functie |
uitoefenen : | uitoefenen : |
- het verplegend personeel (inbegrepen de sociaal verpleegkundigen en | - het verplegend personeel (inbegrepen de sociaal verpleegkundigen en |
"gradués en santé communautaires"); | "gradués en santé communautaires"); |
- het verzorgend personeel; | - het verzorgend personeel; |
- de ambulanciers van de spoeddiensten; | - de ambulanciers van de spoeddiensten; |
- de laboratoriumtechnologen en -technici; | - de laboratoriumtechnologen en -technici; |
- de technologen en technici medische beeldvorming; | - de technologen en technici medische beeldvorming; |
- de bedieners van medisch materiaal, onder andere het personeel | - de bedieners van medisch materiaal, onder andere het personeel |
tewerkgesteld in de sterilisatiediensten, de apothekers en | tewerkgesteld in de sterilisatiediensten, de apothekers en |
apotheekassistenten; | apotheekassistenten; |
- de medewerkers patiëntenvervoer; | - de medewerkers patiëntenvervoer; |
- de werknemers die morele, filosofische of godsdienstige bijstand | - de werknemers die morele, filosofische of godsdienstige bijstand |
verlenen; | verlenen; |
- de opvoeders en begeleidend personeel geïntegreerd in de zorgteams; | - de opvoeders en begeleidend personeel geïntegreerd in de zorgteams; |
- de logistieke medewerkers geïntegreerd in de zorgteams; | - de logistieke medewerkers geïntegreerd in de zorgteams; |
- de maatschappelijk assistenten en psychologisch assistenten | - de maatschappelijk assistenten en psychologisch assistenten |
tewerkgesteld in de zorgteams of geïntegreerd in het therapeutisch | tewerkgesteld in de zorgteams of geïntegreerd in het therapeutisch |
programma; | programma; |
- de werknemers bedoeld in artikel 54bis en artikel 54ter van het | - de werknemers bedoeld in artikel 54bis en artikel 54ter van het |
koninklijk besluit nr. 78; | koninklijk besluit nr. 78; |
- de kinesitherapeuten, ergotherapeuten, logopedisten, audiologen, | - de kinesitherapeuten, ergotherapeuten, logopedisten, audiologen, |
diëtisten, psychologen, orthopedagogen en pedagogen, animatoren en | diëtisten, psychologen, orthopedagogen en pedagogen, animatoren en |
alle andere personeelsleden tewerkgesteld in de zorgteams of | alle andere personeelsleden tewerkgesteld in de zorgteams of |
geïntegreerd in het therapeutisch programma. | geïntegreerd in het therapeutisch programma. |
De diensthoofden en adjunct-diensthoofden die rechtstreeks | De diensthoofden en adjunct-diensthoofden die rechtstreeks |
bovenstaande personeelsgroepen omkaderen, genieten eveneens ambtshalve | bovenstaande personeelsgroepen omkaderen, genieten eveneens ambtshalve |
van de vrijstelling van arbeidsprestaties. | van de vrijstelling van arbeidsprestaties. |
§ 2. Het gelijkgesteld personeel | § 2. Het gelijkgesteld personeel |
Onder "gelijkgesteld personeel" wordt verstaan : de werknemers die | Onder "gelijkgesteld personeel" wordt verstaan : de werknemers die |
niet behoren tot bovenstaande lijst en gedurende de referentieperiode | niet behoren tot bovenstaande lijst en gedurende de referentieperiode |
van 24 maanden die voorafgaan aan de maand waarop de werknemer de | van 24 maanden die voorafgaan aan de maand waarop de werknemer de |
leeftijd van 45, 50 en 55 jaar bereikt, minstens 200 uren prestaties | leeftijd van 45, 50 en 55 jaar bereikt, minstens 200 uren prestaties |
hebben verricht bij dezelfde werkgever, in één of meerdere functies, | hebben verricht bij dezelfde werkgever, in één of meerdere functies, |
waarvoor een vergoeding voor onregelmatige prestaties (zondag, | waarvoor een vergoeding voor onregelmatige prestaties (zondag, |
zaterdag, feestdag, nachtdienst of onderbroken diensten), het zij een | zaterdag, feestdag, nachtdienst of onderbroken diensten), het zij een |
andere bij collectieve arbeidsovereenkomst vastgelegde vergoeding werd | andere bij collectieve arbeidsovereenkomst vastgelegde vergoeding werd |
betaald of de overeenstemmende compensatierust werd toegekend. | betaald of de overeenstemmende compensatierust werd toegekend. |
De werknemer die geen 200 uren onregelmatige prestaties heeft verricht | De werknemer die geen 200 uren onregelmatige prestaties heeft verricht |
bij dezelfde werkgever, op het ogenblik dat hij/zij 45, 50 en 55 jaar | bij dezelfde werkgever, op het ogenblik dat hij/zij 45, 50 en 55 jaar |
is, verwerft het statuut van gelijkgesteld personeel en dus de | is, verwerft het statuut van gelijkgesteld personeel en dus de |
vrijstelling van arbeidsprestaties, van zodra hij alsnog binnen elke | vrijstelling van arbeidsprestaties, van zodra hij alsnog binnen elke |
periode van 24 maanden deze 200 uren heeft verricht, volgens de | periode van 24 maanden deze 200 uren heeft verricht, volgens de |
modaliteiten bepaald in artikel 7, § 3, infra. | modaliteiten bepaald in artikel 7, § 3, infra. |
Voor de deeltijds tewerkgestelde werknemers moeten deze 200 uren | Voor de deeltijds tewerkgestelde werknemers moeten deze 200 uren |
onregelmatige prestaties berekend worden pro rata de contractuele | onregelmatige prestaties berekend worden pro rata de contractuele |
arbeidstijd op het moment dat het recht geopend wordt. | arbeidstijd op het moment dat het recht geopend wordt. |
Voor de berekening van het aantal uren onregelmatige prestaties zoals | Voor de berekening van het aantal uren onregelmatige prestaties zoals |
bedoeld in de voorgaande alinea's, worden de periodes van | bedoeld in de voorgaande alinea's, worden de periodes van |
arbeidsonderbreking zoals bedoeld in het koninklijk besluit van 30 | arbeidsonderbreking zoals bedoeld in het koninklijk besluit van 30 |
maart 1967 tot bepaling van de algemeen uitvoeringsmodaliteiten van de | maart 1967 tot bepaling van de algemeen uitvoeringsmodaliteiten van de |
wetten betreffende de jaarlijkse vakantie van de werknemers, omgezet | wetten betreffende de jaarlijkse vakantie van de werknemers, omgezet |
in een fictief aantal uren (Y) onregelmatige prestaties dat aan het | in een fictief aantal uren (Y) onregelmatige prestaties dat aan het |
aantal werkelijk gepresteerde uren dient toegevoegd en verrekend | aantal werkelijk gepresteerde uren dient toegevoegd en verrekend |
volgens volgende formule : | volgens volgende formule : |
Y = A/B x C | Y = A/B x C |
waarbij : | waarbij : |
A = het aantal uren effectief verrichte onregelmatige prestaties | A = het aantal uren effectief verrichte onregelmatige prestaties |
B = het aantal effectief gepresteerde uren gedurende de in alinea 1 | B = het aantal effectief gepresteerde uren gedurende de in alinea 1 |
hierboven vastgestelde referentieperiode | hierboven vastgestelde referentieperiode |
C = het aantal uren schorsing van het arbeidscontract | C = het aantal uren schorsing van het arbeidscontract |
Art. 4.§ 1. Het voltijds personeel, bedoeld in artikel 3, dat de |
Art. 4.§ 1. Het voltijds personeel, bedoeld in artikel 3, dat de |
leeftijd van 45 jaar heeft bereikt, heeft recht op toekenning van | leeftijd van 45 jaar heeft bereikt, heeft recht op toekenning van |
vrijstelling van prestaties van zijn gemiddelde wekelijkse arbeidstijd | vrijstelling van prestaties van zijn gemiddelde wekelijkse arbeidstijd |
onder de vorm van 96 betaalde uren van vrijstelling van prestaties per | onder de vorm van 96 betaalde uren van vrijstelling van prestaties per |
jaar, toegekend volgens de modaliteiten van artikel 9. | jaar, toegekend volgens de modaliteiten van artikel 9. |
Voor de deeltijdse werknemers wordt het aantal uren vrijstelling van | Voor de deeltijdse werknemers wordt het aantal uren vrijstelling van |
prestaties berekend volgens de formule : | prestaties berekend volgens de formule : |
X = 96 x Y/Z | X = 96 x Y/Z |
waarbij : | waarbij : |
X = aantal uren vrijstelling van prestaties | X = aantal uren vrijstelling van prestaties |
Y = contractuele wekelijkse arbeidsduur van de werknemer | Y = contractuele wekelijkse arbeidsduur van de werknemer |
Z = de sectorale of instellingsconventionele wekelijkse arbeidsduur | Z = de sectorale of instellingsconventionele wekelijkse arbeidsduur |
voor een voltijdse werknemer | voor een voltijdse werknemer |
§ 2. Het personeel, bedoeld in artikel 3, kan evenwel opteren voor het | § 2. Het personeel, bedoeld in artikel 3, kan evenwel opteren voor het |
behoud van prestaties conform zijn contractuele wekelijkse | behoud van prestaties conform zijn contractuele wekelijkse |
arbeidstijd. Als tegenwaarde hiervan heeft het personeelslid recht op | arbeidstijd. Als tegenwaarde hiervan heeft het personeelslid recht op |
een premie, gelijk aan 5,26 pct., berekend op zijn loon. Vanaf 1 | een premie, gelijk aan 5,26 pct., berekend op zijn loon. Vanaf 1 |
oktober 2005 hebben de werknemers geen mogelijkheid meer om te opteren | oktober 2005 hebben de werknemers geen mogelijkheid meer om te opteren |
voor de premie van 5,26 pct. en het behoud van prestaties, met | voor de premie van 5,26 pct. en het behoud van prestaties, met |
uitzondering van het verpleegkundig personeel, evenals de | uitzondering van het verpleegkundig personeel, evenals de |
verpleegkundige diensthoofden en adjunct-diensthoofden, zoals bedoeld | verpleegkundige diensthoofden en adjunct-diensthoofden, zoals bedoeld |
in artikel 3. | in artikel 3. |
Evenwel behoudt het personeel dat voor 1 oktober 2005 ressorteerde | Evenwel behoudt het personeel dat voor 1 oktober 2005 ressorteerde |
onder het toepassingsgebied van de collectieve arbeidsovereenkomst van | onder het toepassingsgebied van de collectieve arbeidsovereenkomst van |
21 mei 2001 inzake vrijstelling van arbeidsprestaties in het kader van | 21 mei 2001 inzake vrijstelling van arbeidsprestaties in het kader van |
de eindeloopbaanproblematiek en dat heeft gekozen voor de premie | de eindeloopbaanproblematiek en dat heeft gekozen voor de premie |
bedoeld in voormelde overeenkomst, het recht op deze premie. | bedoeld in voormelde overeenkomst, het recht op deze premie. |
In de loop van het eerste semester van 2008 zullen de ondertekenende | In de loop van het eerste semester van 2008 zullen de ondertekenende |
partijen onderzoeken of het gepast is het recht op keuze voor het | partijen onderzoeken of het gepast is het recht op keuze voor het |
verpleegkundig personeel te behouden. | verpleegkundig personeel te behouden. |
§ 3. De voltijdse werknemers die in uitvoering van deze overeenkomst | § 3. De voltijdse werknemers die in uitvoering van deze overeenkomst |
vrijgesteld zijn van prestaties, blijven steeds beschouwd als | vrijgesteld zijn van prestaties, blijven steeds beschouwd als |
werknemers met een voltijdse arbeidsovereenkomst. | werknemers met een voltijdse arbeidsovereenkomst. |
De deeltijdse werknemers die in uitvoering van deze overeenkomst | De deeltijdse werknemers die in uitvoering van deze overeenkomst |
vrijgesteld zijn van prestaties, blijven beschouwd als werknemers die | vrijgesteld zijn van prestaties, blijven beschouwd als werknemers die |
hun contractuele arbeidstijd behouden. | hun contractuele arbeidstijd behouden. |
§ 4. In onderling akkoord tussen de werknemer en de werkgever kan voor | § 4. In onderling akkoord tussen de werknemer en de werkgever kan voor |
de deeltijds tewerkgestelde werknemer de contractueel vastgelegde | de deeltijds tewerkgestelde werknemer de contractueel vastgelegde |
arbeidsduur worden verhoogd met het aantal uren vrijstelling van | arbeidsduur worden verhoogd met het aantal uren vrijstelling van |
prestaties waarvan de deeltijdse werknemer kan genieten op basis van | prestaties waarvan de deeltijdse werknemer kan genieten op basis van |
de oorspronkelijke contractuele arbeidstijd. | de oorspronkelijke contractuele arbeidstijd. |
Art. 5.§ 1. Het voltijds personeel, bedoeld in artikel 3, dat de |
Art. 5.§ 1. Het voltijds personeel, bedoeld in artikel 3, dat de |
leeftijd van 50 jaar heeft bereikt, heeft recht op toekenning van | leeftijd van 50 jaar heeft bereikt, heeft recht op toekenning van |
vrijstelling van prestaties van zijn gemiddelde wekelijkse arbeidstijd | vrijstelling van prestaties van zijn gemiddelde wekelijkse arbeidstijd |
onder de vorm van 192 betaalde uren van vrijstelling van prestaties | onder de vorm van 192 betaalde uren van vrijstelling van prestaties |
per jaar, hierbij inbegrepen de uren vrijstelling van prestaties | per jaar, hierbij inbegrepen de uren vrijstelling van prestaties |
bedoeld in artikel 4 en toegekend volgens de modaliteiten van artikel | bedoeld in artikel 4 en toegekend volgens de modaliteiten van artikel |
9. | 9. |
Voor de deeltijdse werknemers wordt het aantal uren vrijstelling van | Voor de deeltijdse werknemers wordt het aantal uren vrijstelling van |
prestaties berekend volgens de formule : | prestaties berekend volgens de formule : |
X = 192 x Y/Z | X = 192 x Y/Z |
waarbij : | waarbij : |
X = aantal uren vrijstelling van prestaties | X = aantal uren vrijstelling van prestaties |
Y = contractuele wekelijkse arbeidsduur van de werknemer | Y = contractuele wekelijkse arbeidsduur van de werknemer |
Z = de sectorale of instellingsconventionele wekelijkse arbeidsduur | Z = de sectorale of instellingsconventionele wekelijkse arbeidsduur |
voor een voltijdse werknemer | voor een voltijdse werknemer |
§ 2. Het personeel, bedoeld in artikel 3, kan evenwel opteren voor het | § 2. Het personeel, bedoeld in artikel 3, kan evenwel opteren voor het |
behoud van prestaties conform zijn contractuele wekelijkse | behoud van prestaties conform zijn contractuele wekelijkse |
arbeidstijd. Als tegenwaarde hiervan heeft het personeelslid recht op | arbeidstijd. Als tegenwaarde hiervan heeft het personeelslid recht op |
een premie, gelijk aan 10,52 pct., berekend op zijn loon. Vanaf 1 | een premie, gelijk aan 10,52 pct., berekend op zijn loon. Vanaf 1 |
oktober 2005 hebben de werknemers geen mogelijkheid meer om te opteren | oktober 2005 hebben de werknemers geen mogelijkheid meer om te opteren |
voor de premie van 10,52 pct. en het behoud van prestaties, met | voor de premie van 10,52 pct. en het behoud van prestaties, met |
uitzondering van het verpleegkundig personeel, evenals de | uitzondering van het verpleegkundig personeel, evenals de |
verpleegkundige diensthoofden en adjunct-diensthoofden, zoals bedoeld | verpleegkundige diensthoofden en adjunct-diensthoofden, zoals bedoeld |
in artikel 3. | in artikel 3. |
Evenwel behoudt het personeel dat voor 1 oktober 2005 ressorteerde | Evenwel behoudt het personeel dat voor 1 oktober 2005 ressorteerde |
onder het toepassingsgebied van de collectieve arbeidsovereenkomst van | onder het toepassingsgebied van de collectieve arbeidsovereenkomst van |
21 mei 2001 inzake vrijstelling van arbeidsprestaties in het kader van | 21 mei 2001 inzake vrijstelling van arbeidsprestaties in het kader van |
de eindeloopbaanproblematiek en dat heeft gekozen voor de premie | de eindeloopbaanproblematiek en dat heeft gekozen voor de premie |
bedoeld in voormelde overeenkomst, het recht op deze premie. | bedoeld in voormelde overeenkomst, het recht op deze premie. |
In de loop van het eerste semester van 2008 zullen de ondertekenende | In de loop van het eerste semester van 2008 zullen de ondertekenende |
partijen onderzoeken of het gepast is het recht op keuze voor het | partijen onderzoeken of het gepast is het recht op keuze voor het |
verpleegkundig personeel te behouden. | verpleegkundig personeel te behouden. |
§ 3. De voltijdse werknemers die in uitvoering van deze overeenkomst | § 3. De voltijdse werknemers die in uitvoering van deze overeenkomst |
vrijgesteld zijn van prestaties, blijven steeds beschouwd als | vrijgesteld zijn van prestaties, blijven steeds beschouwd als |
werknemers met een voltijdse arbeidsovereenkomst. | werknemers met een voltijdse arbeidsovereenkomst. |
De deeltijdse werknemers die in uitvoering van deze overeenkomst | De deeltijdse werknemers die in uitvoering van deze overeenkomst |
vrijgesteld zijn van prestaties, blijven beschouwd als werknemers die | vrijgesteld zijn van prestaties, blijven beschouwd als werknemers die |
hun contractuele arbeidstijd behouden. | hun contractuele arbeidstijd behouden. |
§ 4. In onderling akkoord tussen de werknemer en de werkgever kan voor | § 4. In onderling akkoord tussen de werknemer en de werkgever kan voor |
de deeltijds tewerkgestelde werknemer de contractueel vastgelegde | de deeltijds tewerkgestelde werknemer de contractueel vastgelegde |
arbeidsduur worden verhoogd met het aantal uren vrijstelling van | arbeidsduur worden verhoogd met het aantal uren vrijstelling van |
prestaties die de deeltijdse werknemer kan genieten op basis van de | prestaties die de deeltijdse werknemer kan genieten op basis van de |
oorspronkelijke contractuele arbeidstijd. | oorspronkelijke contractuele arbeidstijd. |
Art. 6.§ 1. Het voltijds personeel, bedoeld in artikel 3, dat de |
Art. 6.§ 1. Het voltijds personeel, bedoeld in artikel 3, dat de |
leeftijd van 55 jaar heeft bereikt, heeft recht op toekenning van | leeftijd van 55 jaar heeft bereikt, heeft recht op toekenning van |
vrijstelling van prestaties van zijn gemiddelde wekelijkse arbeidstijd | vrijstelling van prestaties van zijn gemiddelde wekelijkse arbeidstijd |
onder de vorm van 288 betaalde uren van vrijstelling van prestaties | onder de vorm van 288 betaalde uren van vrijstelling van prestaties |
per jaar hierbij inbegrepen de uren vrijstelling van prestaties | per jaar hierbij inbegrepen de uren vrijstelling van prestaties |
bedoeld in artikelen 4 en 5 en toegekend volgens de modaliteiten van | bedoeld in artikelen 4 en 5 en toegekend volgens de modaliteiten van |
artikel 9. | artikel 9. |
X = 288 x Y/Z | X = 288 x Y/Z |
waarbij : | waarbij : |
X = aantal uren vrijstelling van prestaties | X = aantal uren vrijstelling van prestaties |
Y = contractuele wekelijkse arbeidsduur van de werknemer | Y = contractuele wekelijkse arbeidsduur van de werknemer |
Z = de sectorale of instellingsconventionele wekelijkse arbeidsduur | Z = de sectorale of instellingsconventionele wekelijkse arbeidsduur |
voor een voltijdse werknemer | voor een voltijdse werknemer |
§ 2. Het personeel, bedoeld in artikel 3, kan evenwel opteren voor het | § 2. Het personeel, bedoeld in artikel 3, kan evenwel opteren voor het |
behoud van prestaties conform zijn contractuele wekelijkse | behoud van prestaties conform zijn contractuele wekelijkse |
arbeidstijd. Als tegenwaarde hiervan heeft het personeelslid recht op | arbeidstijd. Als tegenwaarde hiervan heeft het personeelslid recht op |
een premie, gelijk aan 15,78 pct., berekend op zijn loon. Vanaf 1 | een premie, gelijk aan 15,78 pct., berekend op zijn loon. Vanaf 1 |
oktober 2005 hebben de werknemers geen mogelijkheid meer om te opteren | oktober 2005 hebben de werknemers geen mogelijkheid meer om te opteren |
voor de premie van 15,78 pct. en het behoud van prestaties, met | voor de premie van 15,78 pct. en het behoud van prestaties, met |
uitzondering van het verpleegkundig personeel, evenals de | uitzondering van het verpleegkundig personeel, evenals de |
verpleegkundige diensthoofden en adjunct-diensthoofden, zoals bedoeld | verpleegkundige diensthoofden en adjunct-diensthoofden, zoals bedoeld |
in artikel 3. | in artikel 3. |
Evenwel behoudt het personeel dat voor 1 oktober 2005 ressorteerde | Evenwel behoudt het personeel dat voor 1 oktober 2005 ressorteerde |
onder het toepassingsgebied van de collectieve arbeidsovereenkomst van | onder het toepassingsgebied van de collectieve arbeidsovereenkomst van |
21 mei 2001 inzake vrijstelling van arbeidsprestaties in het kader van | 21 mei 2001 inzake vrijstelling van arbeidsprestaties in het kader van |
de eindeloopbaanproblematiek en dat heeft gekozen voor de premie | de eindeloopbaanproblematiek en dat heeft gekozen voor de premie |
bedoeld in voormelde overeenkomst, het recht op deze premie. | bedoeld in voormelde overeenkomst, het recht op deze premie. |
In de loop van het eerste semester van 2008 zullen de ondertekende | In de loop van het eerste semester van 2008 zullen de ondertekende |
partijen onderzoeken of het gepast is het recht op keuze voor het | partijen onderzoeken of het gepast is het recht op keuze voor het |
verpleegkundig personeel te behouden. | verpleegkundig personeel te behouden. |
§ 3. De voltijdse werknemers die in uitvoering van deze overeenkomst | § 3. De voltijdse werknemers die in uitvoering van deze overeenkomst |
vrijgesteld zijn van prestaties, blijven steeds beschouwd als | vrijgesteld zijn van prestaties, blijven steeds beschouwd als |
werknemers met een voltijdse arbeidsovereenkomst. | werknemers met een voltijdse arbeidsovereenkomst. |
De deeltijdse werknemers die in uitvoering van deze overeenkomst | De deeltijdse werknemers die in uitvoering van deze overeenkomst |
vrijgesteld zijn van prestaties, blijven beschouwd als werknemers die | vrijgesteld zijn van prestaties, blijven beschouwd als werknemers die |
hun contractuele arbeidstijd behouden. | hun contractuele arbeidstijd behouden. |
§ 4. In onderling akkoord tussen de werknemer en de werkgever kan voor | § 4. In onderling akkoord tussen de werknemer en de werkgever kan voor |
de deeltijds tewerkgestelde werknemer de contractueel vastgelegde | de deeltijds tewerkgestelde werknemer de contractueel vastgelegde |
arbeidsduur worden verhoogd met het aantal uren vrijstelling van | arbeidsduur worden verhoogd met het aantal uren vrijstelling van |
prestaties die de deeltijdse werknemer kan genieten op basis van de | prestaties die de deeltijdse werknemer kan genieten op basis van de |
oorspronkelijke contractuele arbeidstijd. | oorspronkelijke contractuele arbeidstijd. |
Art. 7.§ 1. De werkgever moet aan het verpleegkundig personeel |
Art. 7.§ 1. De werkgever moet aan het verpleegkundig personeel |
evenals de verpleegkundige diensthoofden en adjunct-diensthoofden die | evenals de verpleegkundige diensthoofden en adjunct-diensthoofden die |
hen omkaderen, zoals bedoeld in artikel 3, in de loop van de 3e maand | hen omkaderen, zoals bedoeld in artikel 3, in de loop van de 3e maand |
voorafgaand aan de maand waarin de werknemer de leeftijd van | voorafgaand aan de maand waarin de werknemer de leeftijd van |
respectievelijk 45, 50 of 55 jaar bereikt, de keuze, zoals voorzien in | respectievelijk 45, 50 of 55 jaar bereikt, de keuze, zoals voorzien in |
de artikelen 4, § 2, 5, § 2 en 6, § 2 voorleggen. | de artikelen 4, § 2, 5, § 2 en 6, § 2 voorleggen. |
De werknemer heeft één maand om zijn keuze aan zijn werkgever mede te | De werknemer heeft één maand om zijn keuze aan zijn werkgever mede te |
delen. De vrijstelling van prestaties of de toekenning van de premie | delen. De vrijstelling van prestaties of de toekenning van de premie |
gaat in vanaf de 1e dag van de maand waarin de voornoemde leeftijden | gaat in vanaf de 1e dag van de maand waarin de voornoemde leeftijden |
worden bereikt. De werknemer heeft het recht om bij elke | worden bereikt. De werknemer heeft het recht om bij elke |
leeftijdssprong (50 en 55 jaar) zijn keuze te bepalen. De optie | leeftijdssprong (50 en 55 jaar) zijn keuze te bepalen. De optie |
vrijstelling van prestaties is steeds definitief. De optie uitkering | vrijstelling van prestaties is steeds definitief. De optie uitkering |
van een premie kan ten allen tijde omgezet worden in vrijstelling van | van een premie kan ten allen tijde omgezet worden in vrijstelling van |
prestaties. | prestaties. |
Vanaf 50 jaar is een combinatie van vrijstelling van prestaties en | Vanaf 50 jaar is een combinatie van vrijstelling van prestaties en |
uitkering van een premie mogelijk. | uitkering van een premie mogelijk. |
Voor de werknemers op een tussentijdse leeftijd, dient de keuze te | Voor de werknemers op een tussentijdse leeftijd, dient de keuze te |
worden voorgelegd door de werkgever van zodra de werknemer aan alle | worden voorgelegd door de werkgever van zodra de werknemer aan alle |
voorwaarden voldoet. De werknemer heeft één maand de tijd om zijn | voorwaarden voldoet. De werknemer heeft één maand de tijd om zijn |
keuze mee te delen. De vrijstelling of premie dient toegekend vanaf de | keuze mee te delen. De vrijstelling of premie dient toegekend vanaf de |
eerste dag van de maand volgend op de bekendmaking van de keuze. | eerste dag van de maand volgend op de bekendmaking van de keuze. |
§ 2. Voor alle andere personeelsgroepen gaat de vrijstelling van | § 2. Voor alle andere personeelsgroepen gaat de vrijstelling van |
arbeidsprestaties automatisch in de eerste van de maand waarin de | arbeidsprestaties automatisch in de eerste van de maand waarin de |
werknemer 45, 50 of 55 jaar wordt. | werknemer 45, 50 of 55 jaar wordt. |
Voor de werknemer bedoeld in artikel 3, § 1, op een tussenliggende | Voor de werknemer bedoeld in artikel 3, § 1, op een tussenliggende |
leeftijd gaat de vrijstelling in de eerste dag van de maand volgend op | leeftijd gaat de vrijstelling in de eerste dag van de maand volgend op |
deze waarin de werknemer aan alle voorwaarden voldoet. | deze waarin de werknemer aan alle voorwaarden voldoet. |
De optie uitkering van een premie kan te allen tijde omgezet worden in | De optie uitkering van een premie kan te allen tijde omgezet worden in |
vrijstelling van prestaties. | vrijstelling van prestaties. |
§ 3. De werknemer die geen 200 uren onregelmatige prestaties heeft | § 3. De werknemer die geen 200 uren onregelmatige prestaties heeft |
verricht, op het ogenblik waarop hij 45, 50 of 55 jaar is, verwerft | verricht, op het ogenblik waarop hij 45, 50 of 55 jaar is, verwerft |
het statuut van gelijkgesteld personeel en geniet dus van de | het statuut van gelijkgesteld personeel en geniet dus van de |
vrijstelling van arbeidsprestaties, van zodra hij alsnog binnen elke | vrijstelling van arbeidsprestaties, van zodra hij alsnog binnen elke |
periode van 24 maanden bedoelde 200 uren heeft verricht. De werkgever | periode van 24 maanden bedoelde 200 uren heeft verricht. De werkgever |
verwittigt de werknemer van zodra de werknemer het quotum van 200 uren | verwittigt de werknemer van zodra de werknemer het quotum van 200 uren |
heeft bereikt. De vrijstelling van de arbeidsprestaties gaat in de | heeft bereikt. De vrijstelling van de arbeidsprestaties gaat in de |
eerste dag van de 2de maand volgend op de maand waarin de werknemer | eerste dag van de 2de maand volgend op de maand waarin de werknemer |
voldoet aan de gestelde voorwaarde. | voldoet aan de gestelde voorwaarde. |
HOOFDSTUK III. - De toekenning van bijkomend verlof | HOOFDSTUK III. - De toekenning van bijkomend verlof |
ten voordele van bepaalde categorieën personeelsleden | ten voordele van bepaalde categorieën personeelsleden |
Art. 8.§ 1. De werknemers die niet behoren tot het toepassingsgebied |
Art. 8.§ 1. De werknemers die niet behoren tot het toepassingsgebied |
zoals omschreven in artikel 3 hebben, vanaf 1 oktober 2005, jaarlijks | zoals omschreven in artikel 3 hebben, vanaf 1 oktober 2005, jaarlijks |
recht op : | recht op : |
- 38 uren vrijstelling van arbeidsprestaties vanaf 50 jaar; | - 38 uren vrijstelling van arbeidsprestaties vanaf 50 jaar; |
- 38 bijkomende uren vrijstelling van arbeidsprestaties vanaf 52 jaar. | - 38 bijkomende uren vrijstelling van arbeidsprestaties vanaf 52 jaar. |
Vanaf 1 oktober 2007 hebben deze werknemers jaarlijks recht op : | Vanaf 1 oktober 2007 hebben deze werknemers jaarlijks recht op : |
- 76 bijkomende uren vrijstelling van arbeidsprestaties vanaf 55 jaar. | - 76 bijkomende uren vrijstelling van arbeidsprestaties vanaf 55 jaar. |
§ 2. Voor de deeltijdse werknemers wordt het aantal uren vrijstelling | § 2. Voor de deeltijdse werknemers wordt het aantal uren vrijstelling |
van prestaties berekend volgens de formule : | van prestaties berekend volgens de formule : |
X = het aantal uren vrijstelling bepaald in § 1 hierboven x Y/Z | X = het aantal uren vrijstelling bepaald in § 1 hierboven x Y/Z |
waarbij : | waarbij : |
X = aantal uren vrijstelling van prestaties | X = aantal uren vrijstelling van prestaties |
Y = contractuele wekelijkse arbeidsduur van de werknemer | Y = contractuele wekelijkse arbeidsduur van de werknemer |
Z = de sectorale of instellingsconventionele wekelijkse arbeidsduur | Z = de sectorale of instellingsconventionele wekelijkse arbeidsduur |
voor een voltijdse werknemer | voor een voltijdse werknemer |
§ 3. De voltijdse werknemers die in uitvoering van deze overeenkomst | § 3. De voltijdse werknemers die in uitvoering van deze overeenkomst |
vrijgesteld zijn van prestaties, blijven steeds beschouwd als | vrijgesteld zijn van prestaties, blijven steeds beschouwd als |
werknemers met een voltijdse arbeidsovereenkomst. | werknemers met een voltijdse arbeidsovereenkomst. |
De deeltijdse werknemers die in uitvoering van deze overeenkomst | De deeltijdse werknemers die in uitvoering van deze overeenkomst |
vrijgesteld zijn van prestaties, blijven beschouwd als werknemers die | vrijgesteld zijn van prestaties, blijven beschouwd als werknemers die |
hun contractuele arbeidstijd behouden. | hun contractuele arbeidstijd behouden. |
HOOFDSTUK IV. - Toepassingsmodaliteiten | HOOFDSTUK IV. - Toepassingsmodaliteiten |
Art. 9.§ 1. De vrijstelling van prestaties, voortvloeiend uit deze |
Art. 9.§ 1. De vrijstelling van prestaties, voortvloeiend uit deze |
collectieve arbeidsovereenkomst wordt gerealiseerd onder de vorm van | collectieve arbeidsovereenkomst wordt gerealiseerd onder de vorm van |
volle dagen. | volle dagen. |
§ 2. Op ondernemingsniveau kan de modaliteit van toekenning van | § 2. Op ondernemingsniveau kan de modaliteit van toekenning van |
vrijstelling van prestaties onder de vorm van volle dagen gewijzigd | vrijstelling van prestaties onder de vorm van volle dagen gewijzigd |
worden door middel van wijziging van het arbeidsreglement in de | worden door middel van wijziging van het arbeidsreglement in de |
instellingen met een ondernemingsraad of een vakbondsafvaardiging. | instellingen met een ondernemingsraad of een vakbondsafvaardiging. |
Bij ontstentenis van ondernemingsraad of een vakbondsafvaardiging kan | Bij ontstentenis van ondernemingsraad of een vakbondsafvaardiging kan |
enkel worden afgeweken bij collectieve arbeidsovereenkomst. | enkel worden afgeweken bij collectieve arbeidsovereenkomst. |
Modaliteiten waarbij vrijstelling van prestaties gegeven wordt in | Modaliteiten waarbij vrijstelling van prestaties gegeven wordt in |
kleinere eenheden dan een volledig uur zijn evenwel niet toegelaten. | kleinere eenheden dan een volledig uur zijn evenwel niet toegelaten. |
Art. 10.De vrijstelling van prestaties toegekend overeenkomstig |
Art. 10.De vrijstelling van prestaties toegekend overeenkomstig |
artikel 9 wordt per kalendermaand genomen en op voorhand vastgelegd in | artikel 9 wordt per kalendermaand genomen en op voorhand vastgelegd in |
het werkrooster. Op ondernemingsniveau kunnen in het arbeidsreglement | het werkrooster. Op ondernemingsniveau kunnen in het arbeidsreglement |
andere modaliteiten terzake bedongen worden. | andere modaliteiten terzake bedongen worden. |
Art. 11.Alle rechten worden toegekend pro rata de contractuele |
Art. 11.Alle rechten worden toegekend pro rata de contractuele |
jobtime en pro rata het aantal maanden van het jaar waarin het recht | jobtime en pro rata het aantal maanden van het jaar waarin het recht |
van toepassing is. | van toepassing is. |
Art. 12.De regeling inzake de vrijstelling van arbeidsprestaties |
Art. 12.De regeling inzake de vrijstelling van arbeidsprestaties |
zoals hierboven bepaald, wordt niet cumulatief toegepast voor de | zoals hierboven bepaald, wordt niet cumulatief toegepast voor de |
werknemers die reeds genieten van compensatiedagen ingevolge een | werknemers die reeds genieten van compensatiedagen ingevolge een |
collectieve arbeidsuurvermindering beneden de sectorale arbeidsduur | collectieve arbeidsuurvermindering beneden de sectorale arbeidsduur |
per week, voor het equivalent bedoeld in de artikelen 4, 5 en 6 van | per week, voor het equivalent bedoeld in de artikelen 4, 5 en 6 van |
onderhavige overeenkomst, en dit voor maximaal het aantal dagen van | onderhavige overeenkomst, en dit voor maximaal het aantal dagen van |
onderhavige overeenkomst. | onderhavige overeenkomst. |
Art. 13.Indien echter binnen de onderneming, in toevoeging op de |
Art. 13.Indien echter binnen de onderneming, in toevoeging op de |
collectieve arbeidsovereenkomst van 21 mei 2001 inzake vrijstelling | collectieve arbeidsovereenkomst van 21 mei 2001 inzake vrijstelling |
van arbeidsprestaties in het kader van de eindeloopbaanproblematiek, | van arbeidsprestaties in het kader van de eindeloopbaanproblematiek, |
een vrijstelling van arbeidsprestaties zoals voorzien voor het | een vrijstelling van arbeidsprestaties zoals voorzien voor het |
verpleegkundig en verzorgend of gelijkgesteld personeel, bij | verpleegkundig en verzorgend of gelijkgesteld personeel, bij |
collectieve arbeidsovereenkomst geheel of gedeeltelijk ook werd | collectieve arbeidsovereenkomst geheel of gedeeltelijk ook werd |
toegekend aan sommige andere personeelsgroepen, kunnen in geen geval | toegekend aan sommige andere personeelsgroepen, kunnen in geen geval |
meer dagen vrijstelling van arbeidsprestaties worden toegekend dan | meer dagen vrijstelling van arbeidsprestaties worden toegekend dan |
bepaald in de artikelen 4, 5 of 6. | bepaald in de artikelen 4, 5 of 6. |
Art. 14.§ 1. Indien aan een werknemer vrijstelling van |
Art. 14.§ 1. Indien aan een werknemer vrijstelling van |
arbeidsprestaties wordt toegekend volgens artikelen 4, 5 of 6 dan | arbeidsprestaties wordt toegekend volgens artikelen 4, 5 of 6 dan |
behoudt de werknemer de hem toegekende vrijstelling voor de volledige | behoudt de werknemer de hem toegekende vrijstelling voor de volledige |
resterende duur van de arbeidsovereenkomst. | resterende duur van de arbeidsovereenkomst. |
§ 2. Voldoet deze werknemer niet meer aan de voorwaarden voorzien in | § 2. Voldoet deze werknemer niet meer aan de voorwaarden voorzien in |
artikel 3 dan kan deze geen bijkomende vrijstelling van | artikel 3 dan kan deze geen bijkomende vrijstelling van |
arbeidsprestaties meer verwerven zoals voorzien in artikel 5 of 6. | arbeidsprestaties meer verwerven zoals voorzien in artikel 5 of 6. |
Indien een werknemer overgaat van het toepassingsgebied van artikel 3 | Indien een werknemer overgaat van het toepassingsgebied van artikel 3 |
naar het toepassingsgebied van artikel 8, dan wordt een vergelijking | naar het toepassingsgebied van artikel 8, dan wordt een vergelijking |
gemaakt tussen de reeds verworven vrijstelling van arbeidsprestaties | gemaakt tussen de reeds verworven vrijstelling van arbeidsprestaties |
en de toepassing van artikel 8, waarbij de meest gunstige vrijstelling | en de toepassing van artikel 8, waarbij de meest gunstige vrijstelling |
van arbeidsprestaties zal worden toegepast. | van arbeidsprestaties zal worden toegepast. |
§ 3. In afwijking op § 1 hierboven zal, indien de werknemer, op zijn | § 3. In afwijking op § 1 hierboven zal, indien de werknemer, op zijn |
verzoek, van functie wijzigt via een bijlage bij de | verzoek, van functie wijzigt via een bijlage bij de |
arbeidsovereenkomst en hierdoor niet meer onder het toepassingsgebied | arbeidsovereenkomst en hierdoor niet meer onder het toepassingsgebied |
van artikel 3 ressorteert, verliest hij de rechten verworven op basis | van artikel 3 ressorteert, verliest hij de rechten verworven op basis |
van de artikelen 4, 5 of 6. De werknemer geniet dan de uren | van de artikelen 4, 5 of 6. De werknemer geniet dan de uren |
vrijstelling bedoeld in artikel 8 van onderhavige overeenkomst. | vrijstelling bedoeld in artikel 8 van onderhavige overeenkomst. |
HOOFDSTUK V. - Slotbepalingen | HOOFDSTUK V. - Slotbepalingen |
Art. 15.Deze collectieve arbeidsovereenkomst treedt in werking op 1 |
Art. 15.Deze collectieve arbeidsovereenkomst treedt in werking op 1 |
oktober 2005. | oktober 2005. |
Zij is gesloten voor onbepaalde duur. | Zij is gesloten voor onbepaalde duur. |
Zij kan worden opgezegd door elk der partijen, mits een | Zij kan worden opgezegd door elk der partijen, mits een |
opzeggingstermijn van drie maanden, gericht bij een ter post | opzeggingstermijn van drie maanden, gericht bij een ter post |
aangetekende brief aan de voorzitter van het Paritair Comité voor de | aangetekende brief aan de voorzitter van het Paritair Comité voor de |
gezondheidsdiensten. | gezondheidsdiensten. |
Deze collectieve arbeidsovereenkomst vervangt de collectieve | Deze collectieve arbeidsovereenkomst vervangt de collectieve |
arbeidsovereenkomst van 21 mei 2001, gesloten in het Paritair Comité | arbeidsovereenkomst van 21 mei 2001, gesloten in het Paritair Comité |
voor de gezondheidsdiensten tot vrijstelling van arbeidsprestaties in | voor de gezondheidsdiensten tot vrijstelling van arbeidsprestaties in |
het kader van de eindeloopbaanproblematiek, enkel voor de instellingen | het kader van de eindeloopbaanproblematiek, enkel voor de instellingen |
die ressorteren onder het toepassingsgebied bepaald in artikel 1. | die ressorteren onder het toepassingsgebied bepaald in artikel 1. |
Art. 16.Partijen komen uitdrukkelijk overeen dat de voordelen |
Art. 16.Partijen komen uitdrukkelijk overeen dat de voordelen |
bedongen in onderhavige overeenkomst slechts effectief zullen | bedongen in onderhavige overeenkomst slechts effectief zullen |
toegekend worden aan de werknemers, voor zover de regering de | toegekend worden aan de werknemers, voor zover de regering de |
tenlasteneming van de kost verzekert volgens de bepalingen van de | tenlasteneming van de kost verzekert volgens de bepalingen van de |
punten 3, 4 en 5 van het sociaal akkoord betreffende de federale | punten 3, 4 en 5 van het sociaal akkoord betreffende de federale |
gezondheidssectoren (privésector) van 26 april 2005. | gezondheidssectoren (privésector) van 26 april 2005. |
Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 1 oktober | Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 1 oktober |
2008. | 2008. |
De Vice-Eerste Minister | De Vice-Eerste Minister |
en Minister van Werk en Gelijke Kansen, | en Minister van Werk en Gelijke Kansen, |
Mevr. J. MILQUET | Mevr. J. MILQUET |