Koninklijk besluit betreffende de zondagsrust en de arbeidsduur van sommige werklieden tewerkgesteld in de ondernemingen die ressorteren onder het Paritair Comité voor de metaal-, machine- en elektrische bouw , met uitzondering van de ondernemingen welke bruggen en metalen gebinten monteren (1) | Koninklijk besluit betreffende de zondagsrust en de arbeidsduur van sommige werklieden tewerkgesteld in de ondernemingen die ressorteren onder het Paritair Comité voor de metaal-, machine- en elektrische bouw , met uitzondering van de ondernemingen welke bruggen en metalen gebinten monteren (1) |
---|---|
FEDERALE OVERHEIDSDIENST WERKGELEGENHEID, ARBEID EN SOCIAAL OVERLEG | FEDERALE OVERHEIDSDIENST WERKGELEGENHEID, ARBEID EN SOCIAAL OVERLEG |
30 NOVEMBER 2011. - Koninklijk besluit betreffende de zondagsrust en | 30 NOVEMBER 2011. - Koninklijk besluit betreffende de zondagsrust en |
de arbeidsduur van sommige werklieden tewerkgesteld in de | de arbeidsduur van sommige werklieden tewerkgesteld in de |
ondernemingen die ressorteren onder het Paritair Comité voor de | ondernemingen die ressorteren onder het Paritair Comité voor de |
metaal-, machine- en elektrische bouw (PC 111), met uitzondering van | metaal-, machine- en elektrische bouw (PC 111), met uitzondering van |
de ondernemingen welke bruggen en metalen gebinten monteren (1) | de ondernemingen welke bruggen en metalen gebinten monteren (1) |
ALBERT II, Koning der Belgen, | ALBERT II, Koning der Belgen, |
Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. | Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. |
Gelet op de arbeidswet van 16 maart 1971, artikel 16, derde lid en | Gelet op de arbeidswet van 16 maart 1971, artikel 16, derde lid en |
artikel 26bis, ingevoegd bij het koninklijk besluit nr. 225 van 7 | artikel 26bis, ingevoegd bij het koninklijk besluit nr. 225 van 7 |
december 1983, § 1, derde lid, gewijzigd bij wet van 26 juli 1996 en § | december 1983, § 1, derde lid, gewijzigd bij wet van 26 juli 1996 en § |
3, eerste lid, gewijzigd bij wet van 22 januari 1985 en tweede lid, | 3, eerste lid, gewijzigd bij wet van 22 januari 1985 en tweede lid, |
gewijzigd bij wet van 4 december 1998; | gewijzigd bij wet van 4 december 1998; |
Gelet op het advies van het Paritair Comité voor de metaal-, machine- | Gelet op het advies van het Paritair Comité voor de metaal-, machine- |
en elektrische bouw, gegeven op 11 juli 2011; | en elektrische bouw, gegeven op 11 juli 2011; |
Gelet op de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari | Gelet op de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari |
1973, artikel 3, § 1; | 1973, artikel 3, § 1; |
Gelet op de dringende noodzakelijkheid; | Gelet op de dringende noodzakelijkheid; |
Overwegende dat omwille van de vereisten inzake arbeidsorganisatie in | Overwegende dat omwille van de vereisten inzake arbeidsorganisatie in |
de sector van de metaal-, machine- en elektrische bouw, de | de sector van de metaal-, machine- en elektrische bouw, de |
ondernemingen onverwijld moeten kunnen genieten van afwijkingen inzake | ondernemingen onverwijld moeten kunnen genieten van afwijkingen inzake |
de toekenning van inhaalrust betreffende zondagsarbeid en arbeidsduur; | de toekenning van inhaalrust betreffende zondagsarbeid en arbeidsduur; |
Op de voordracht van de Minister van Werk, | Op de voordracht van de Minister van Werk, |
Hebben Wij besloten en besluiten Wij : | Hebben Wij besloten en besluiten Wij : |
Artikel 1.Dit besluit is van toepassing op de werklieden die |
Artikel 1.Dit besluit is van toepassing op de werklieden die |
tewerkgesteld zijn in de ondernemingen die ressorteren onder het | tewerkgesteld zijn in de ondernemingen die ressorteren onder het |
Paritair Comité voor de metaal-, machine- en elektrische bouw, met | Paritair Comité voor de metaal-, machine- en elektrische bouw, met |
uitzondering van de ondernemingen welke bruggen en metalen gebinten | uitzondering van de ondernemingen welke bruggen en metalen gebinten |
monteren. | monteren. |
Art. 2.De inhaalrust waarop de werklieden die op zondag worden |
Art. 2.De inhaalrust waarop de werklieden die op zondag worden |
tewerkgesteld, recht hebben, wordt toegekend binnen dertien weken die | tewerkgesteld, recht hebben, wordt toegekend binnen dertien weken die |
volgen op de zondag waarop zij tewerkgesteld werden. | volgen op de zondag waarop zij tewerkgesteld werden. |
Art. 3.In geval van toepassing van de artikelen 25 en 26, § 1, 3°, |
Art. 3.In geval van toepassing van de artikelen 25 en 26, § 1, 3°, |
van de arbeidswet van 16 maart 1971, wordt de duur van de periode van | van de arbeidswet van 16 maart 1971, wordt de duur van de periode van |
een trimester, vastgesteld bij artikel 26bis, § 1, van dezelfde wet, | een trimester, vastgesteld bij artikel 26bis, § 1, van dezelfde wet, |
op twaalf maanden gebracht. | op twaalf maanden gebracht. |
In geval van toepassing van artikel 25 van dezelfde wet, wordt de duur | In geval van toepassing van artikel 25 van dezelfde wet, wordt de duur |
van de periode van drie maanden, vastgesteld bij artikel 26bis, § 3, | van de periode van drie maanden, vastgesteld bij artikel 26bis, § 3, |
van dezelfde wet, eveneens op twaalf maanden gebracht. | van dezelfde wet, eveneens op twaalf maanden gebracht. |
Art. 4.In geval van toepassing van artikel 25 van dezelfde wet, wordt |
Art. 4.In geval van toepassing van artikel 25 van dezelfde wet, wordt |
de grens van vijfenzestig uren, vastgesteld bij artikel 26bis, § 3, | de grens van vijfenzestig uren, vastgesteld bij artikel 26bis, § 3, |
eerste lid, van dezelfde wet, op honderddertig uren gebracht. | eerste lid, van dezelfde wet, op honderddertig uren gebracht. |
Bijgevolg wordt de grens van vijfenzestig uren, vastgesteld bij | Bijgevolg wordt de grens van vijfenzestig uren, vastgesteld bij |
artikel 26bis, § 1, achtste lid, van dezelfde wet, eveneens op honderd | artikel 26bis, § 1, achtste lid, van dezelfde wet, eveneens op honderd |
dertig uren gebracht. | dertig uren gebracht. |
Art. 5.Dit besluit treedt in werking op 1 januari 2012 en treedt |
Art. 5.Dit besluit treedt in werking op 1 januari 2012 en treedt |
buiten werking op 31 december 2013. | buiten werking op 31 december 2013. |
Art. 6.De Minister bevoegd voor Werk is belast met de uitvoering van |
Art. 6.De Minister bevoegd voor Werk is belast met de uitvoering van |
dit besluit. | dit besluit. |
Gegeven te Brussel, 30 november 2011. | Gegeven te Brussel, 30 november 2011. |
ALBERT | ALBERT |
Van Koningswege : | Van Koningswege : |
De Vice-Eerste Minister en Minister van Werk en Gelijke Kansen, belast | De Vice-Eerste Minister en Minister van Werk en Gelijke Kansen, belast |
met het Migratie- en asielbeleid, | met het Migratie- en asielbeleid, |
Mevr. J. MILQUET | Mevr. J. MILQUET |
_______ | _______ |
Nota | Nota |
(1) Verwijzingen naar het Belgisch Staatsblad : | (1) Verwijzingen naar het Belgisch Staatsblad : |
Wet van 16 maart 1971, Belgisch Staatsblad van 30 maart 1971. | Wet van 16 maart 1971, Belgisch Staatsblad van 30 maart 1971. |
Wet van 22 januari 1985, Belgisch Staatsblad van 24 januari 1985. | Wet van 22 januari 1985, Belgisch Staatsblad van 24 januari 1985. |
Wet van 10 juni 1993, Belgisch Staatsblad van 30 juni 1993. | Wet van 10 juni 1993, Belgisch Staatsblad van 30 juni 1993. |
Wet van 21 december 1994, Belgisch Staatsblad van 23 december 1994. | Wet van 21 december 1994, Belgisch Staatsblad van 23 december 1994. |
Wet van 26 juli 1996, Belgisch Staatsblad van 1 augustus 1996. | Wet van 26 juli 1996, Belgisch Staatsblad van 1 augustus 1996. |
Wet van 4 december 1998, Belgisch Staatsblad van 17 december 1998. | Wet van 4 december 1998, Belgisch Staatsblad van 17 december 1998. |
Wet van 3 juli 2005, Belgisch Staatsblad van 19 juli 2005. | Wet van 3 juli 2005, Belgisch Staatsblad van 19 juli 2005. |
Koninklijk besluit nr. 225 van 7 december 1983, Belgisch Staatsblad | Koninklijk besluit nr. 225 van 7 december 1983, Belgisch Staatsblad |
van 15 december 1983. | van 15 december 1983. |