Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 20 augustus 1999, gesloten in het Paritair Comité voor het hotelbedrijf, betreffende de uitvoering van het protocol akkoord van 24 juni 1999, - toekenning van het conventioneel brugpensioen op 56 jaar | Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 20 augustus 1999, gesloten in het Paritair Comité voor het hotelbedrijf, betreffende de uitvoering van het protocol akkoord van 24 juni 1999, - toekenning van het conventioneel brugpensioen op 56 jaar |
---|---|
MINISTERIE VAN TEWERKSTELLING EN ARBEID | MINISTERIE VAN TEWERKSTELLING EN ARBEID |
30 APRIL 2001. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt | 30 APRIL 2001. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt |
verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 20 augustus 1999, | verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 20 augustus 1999, |
gesloten in het Paritair Comité voor het hotelbedrijf, betreffende de | gesloten in het Paritair Comité voor het hotelbedrijf, betreffende de |
uitvoering van het protocol akkoord van 24 juni 1999, - toekenning van | uitvoering van het protocol akkoord van 24 juni 1999, - toekenning van |
het conventioneel brugpensioen op 56 jaar (1) | het conventioneel brugpensioen op 56 jaar (1) |
ALBERT II, Koning der Belgen, | ALBERT II, Koning der Belgen, |
Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. | Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. |
Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve | Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve |
arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel | arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel |
28; | 28; |
Gelet op de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 17, gesloten op 19 | Gelet op de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 17, gesloten op 19 |
december 1974 in de Nationale Arbeidsraad, tot invoering van een | december 1974 in de Nationale Arbeidsraad, tot invoering van een |
regeling van aanvullende vergoeding ten gunste van sommige bejaarde | regeling van aanvullende vergoeding ten gunste van sommige bejaarde |
werknemers indien zij worden ontslagen, algemeen verbindend verklaard | werknemers indien zij worden ontslagen, algemeen verbindend verklaard |
bij koninklijk besluit van 16 januari 1975; | bij koninklijk besluit van 16 januari 1975; |
Gelet op het verzoek van het Paritair Comité voor het hotelbedrijf; | Gelet op het verzoek van het Paritair Comité voor het hotelbedrijf; |
Op de voordracht van Onze Minister van Werkgelegenheid, | Op de voordracht van Onze Minister van Werkgelegenheid, |
Hebben Wij besloten en besluiten Wij : | Hebben Wij besloten en besluiten Wij : |
Artikel 1.Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage |
Artikel 1.Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage |
overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst van 20 augustus 1999, | overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst van 20 augustus 1999, |
gesloten in het Paritair Comité voor het hotelbedrijf, betreffende de | gesloten in het Paritair Comité voor het hotelbedrijf, betreffende de |
uitvoering van het protocol akkoord van 24 juni 1999, - toekenning van | uitvoering van het protocol akkoord van 24 juni 1999, - toekenning van |
het conventioneel brugpensioen op 56 jaar. | het conventioneel brugpensioen op 56 jaar. |
Art. 2.Onze Minister van Werkgelegenheid is belast met de uitvoering |
Art. 2.Onze Minister van Werkgelegenheid is belast met de uitvoering |
van dit besluit. | van dit besluit. |
Gegeven te Brussel, 30 april 2001. | Gegeven te Brussel, 30 april 2001. |
ALBERT | ALBERT |
Van Koningswege : | Van Koningswege : |
De Minister van Werkgelegenheid, | De Minister van Werkgelegenheid, |
Mevr. L. ONKELINX | Mevr. L. ONKELINX |
_______ | _______ |
Nota | Nota |
(1) Verwijzingen naar het Belgisch Staatsblad : | (1) Verwijzingen naar het Belgisch Staatsblad : |
Wet van 5 december 1968, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969. | Wet van 5 december 1968, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969. |
Koninklijk besluit van 16 januari 1975, Belgisch Staatsblad van 31 | Koninklijk besluit van 16 januari 1975, Belgisch Staatsblad van 31 |
januari 1975. | januari 1975. |
Bijlage | Bijlage |
Paritair Comité voor het hotelbedrijf | Paritair Comité voor het hotelbedrijf |
Collectieve arbeidsovereenkomst van 20 augustus 1999 | Collectieve arbeidsovereenkomst van 20 augustus 1999 |
Uitvoering van het protocol akkoord van 24 juni 1999, - toekenning van | Uitvoering van het protocol akkoord van 24 juni 1999, - toekenning van |
het conventioneel brugpensioen op 56 jaar (Overeenkomst geregistreerd | het conventioneel brugpensioen op 56 jaar (Overeenkomst geregistreerd |
op 2 december 1999 onder het nummer 53173/CO/302) | op 2 december 1999 onder het nummer 53173/CO/302) |
Artikel 1.Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing op |
Artikel 1.Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing op |
de werkgevers en werknemers van de ondernemingen die ressorteren onder | de werkgevers en werknemers van de ondernemingen die ressorteren onder |
het Paritair Comité voor het hotelbedrijf. | het Paritair Comité voor het hotelbedrijf. |
Voor de toepassing van deze collectieve arbeidsovereenkomst wordt | Voor de toepassing van deze collectieve arbeidsovereenkomst wordt |
verstaan onder "werknemers" de mannelijke en vrouwelijke werknemers. | verstaan onder "werknemers" de mannelijke en vrouwelijke werknemers. |
Art. 2.In uitvoering van artikel 110, § 1 van de wet van 26 maart |
Art. 2.In uitvoering van artikel 110, § 1 van de wet van 26 maart |
1999 betreffende het Belgisch actieplan voor de werkgelegenheid 1998 | 1999 betreffende het Belgisch actieplan voor de werkgelegenheid 1998 |
en houdende diverse bepalingen, wordt aan de ontslagen werknemers, | en houdende diverse bepalingen, wordt aan de ontslagen werknemers, |
gebonden door een arbeidsovereenkomst van onbepaalde duur, die in de | gebonden door een arbeidsovereenkomst van onbepaalde duur, die in de |
periode 1 januari 1999 tot 31 december 2000, 56 jaar of ouder zijn op | periode 1 januari 1999 tot 31 december 2000, 56 jaar of ouder zijn op |
het ogenblik van de beëindiging van de arbeidsovereenkomst en tijdens | het ogenblik van de beëindiging van de arbeidsovereenkomst en tijdens |
de looptijd van deze collectieve arbeidsovereenkomst, het voordeel van | de looptijd van deze collectieve arbeidsovereenkomst, het voordeel van |
het conventioneel brugpensioen toegekend in uitvoering van de | het conventioneel brugpensioen toegekend in uitvoering van de |
collectieve arbeidsovereenkomst nr. 17, gesloten op 19 december 1974 | collectieve arbeidsovereenkomst nr. 17, gesloten op 19 december 1974 |
in de Nationale Arbeidsraad, tot invoering van een regeling van | in de Nationale Arbeidsraad, tot invoering van een regeling van |
aanvullende vergoeding ten gunste van sommige bejaarde werknemers | aanvullende vergoeding ten gunste van sommige bejaarde werknemers |
indien zij worden ontslagen, algemeen verbindend verklaard bij | indien zij worden ontslagen, algemeen verbindend verklaard bij |
koninklijk besluit van 16 januari 1975. | koninklijk besluit van 16 januari 1975. |
Art. 3.De werknemers, bedoeld in artikel 2 van onderhavige |
Art. 3.De werknemers, bedoeld in artikel 2 van onderhavige |
overeenkomst, moeten op het ogenblik van de beëindiging van de | overeenkomst, moeten op het ogenblik van de beëindiging van de |
arbeidsovereenkomst 33 jaar beroepsverleden als loontrekkende kunnen | arbeidsovereenkomst 33 jaar beroepsverleden als loontrekkende kunnen |
rechtvaardigen in de zin van artikel 114, § 4 van het koninklijk | rechtvaardigen in de zin van artikel 114, § 4 van het koninklijk |
besluit van 25 november 1991 houdende de werkloosheidsreglementering. | besluit van 25 november 1991 houdende de werkloosheidsreglementering. |
Bovendien moeten zij kunnen aantonen dat zij op het ogenblik van de | Bovendien moeten zij kunnen aantonen dat zij op het ogenblik van de |
beëindiging van de arbeidsovereenkomst minimaal 20 jaar gewerkt hebben | beëindiging van de arbeidsovereenkomst minimaal 20 jaar gewerkt hebben |
in een arbeidsregime zoals bedoeld in artikel 1 van de collectieve | in een arbeidsregime zoals bedoeld in artikel 1 van de collectieve |
arbeidsovereenkomst nr 46 gesloten op 23 maart 1990 en algemeen | arbeidsovereenkomst nr 46 gesloten op 23 maart 1990 en algemeen |
verbindend verklaard bij koninklijk besluit van 10 mei 1990. | verbindend verklaard bij koninklijk besluit van 10 mei 1990. |
Art. 4.Aan de werknemers die voldoen aan de voorwaarden bepaald in |
Art. 4.Aan de werknemers die voldoen aan de voorwaarden bepaald in |
artikel 110, § 1 van voormelde wet van 26 maart 1999, zal de | artikel 110, § 1 van voormelde wet van 26 maart 1999, zal de |
aanvullende vergoeding betaald worden door het "Waarborg- en Sociaal | aanvullende vergoeding betaald worden door het "Waarborg- en Sociaal |
Fonds voor de hotel-, restaurant-, café- en aanverwante bedrijven" | Fonds voor de hotel-, restaurant-, café- en aanverwante bedrijven" |
volgens de modaliteiten bepaald door de raad van bestuur. | volgens de modaliteiten bepaald door de raad van bestuur. |
Art. 5.Het bedrag van de bijzondere compenserende maandelijkse |
Art. 5.Het bedrag van de bijzondere compenserende maandelijkse |
werkgeversbijdrage, bedoeld in artikel 111, §§ 1 en 2 van voormelde | werkgeversbijdrage, bedoeld in artikel 111, §§ 1 en 2 van voormelde |
wet van 26 maart 1999, evenals de bijzondere maandelijkse | wet van 26 maart 1999, evenals de bijzondere maandelijkse |
werkgeversbijdragen per bruggepensioneerde blijven ten laste van de | werkgeversbijdragen per bruggepensioneerde blijven ten laste van de |
werkgever. | werkgever. |
Art. 6.Deze collectieve arbeidsovereenkomst treedt in werking op 1 |
Art. 6.Deze collectieve arbeidsovereenkomst treedt in werking op 1 |
januari 1999 en houdt op van kracht te zijn op 31 december 2000. | januari 1999 en houdt op van kracht te zijn op 31 december 2000. |
Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 30 april | Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 30 april |
2001. | 2001. |
De Minister van Werkgelegenheid, | De Minister van Werkgelegenheid, |
Mevr. L. ONKELINX | Mevr. L. ONKELINX |