Etaamb.openjustice.be
Meertalige weergave van Koninklijk Besluit van 30/08/2017
← Terug naar "Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 19 april 2016, gesloten in het Paritair Comité voor de uitzendarbeid en de erkende ondernemingen die buurtwerken of -diensten leveren, betreffende de eindejaarspremie van de uitzendkrachten "
Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 19 april 2016, gesloten in het Paritair Comité voor de uitzendarbeid en de erkende ondernemingen die buurtwerken of -diensten leveren, betreffende de eindejaarspremie van de uitzendkrachten Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 19 april 2016, gesloten in het Paritair Comité voor de uitzendarbeid en de erkende ondernemingen die buurtwerken of -diensten leveren, betreffende de eindejaarspremie van de uitzendkrachten
FEDERALE OVERHEIDSDIENST WERKGELEGENHEID, ARBEID EN SOCIAAL OVERLEG FEDERALE OVERHEIDSDIENST WERKGELEGENHEID, ARBEID EN SOCIAAL OVERLEG
30 AUGUSTUS 2017. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend 30 AUGUSTUS 2017. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend
wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 19 april 2016, wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 19 april 2016,
gesloten in het Paritair Comité voor de uitzendarbeid en de erkende gesloten in het Paritair Comité voor de uitzendarbeid en de erkende
ondernemingen die buurtwerken of -diensten leveren, betreffende de ondernemingen die buurtwerken of -diensten leveren, betreffende de
eindejaarspremie van de uitzendkrachten (1) eindejaarspremie van de uitzendkrachten (1)
FILIP, Koning der Belgen, FILIP, Koning der Belgen,
Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.
Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve
arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel
28; 28;
Gelet op het verzoek van het Paritair Comité voor de uitzendarbeid en Gelet op het verzoek van het Paritair Comité voor de uitzendarbeid en
de erkende ondernemingen die buurtwerken of -diensten leveren; de erkende ondernemingen die buurtwerken of -diensten leveren;
Op de voordracht van de Minister van Werk, Op de voordracht van de Minister van Werk,
Hebben Wij besloten en besluiten Wij : Hebben Wij besloten en besluiten Wij :

Artikel 1.Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage

Artikel 1.Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage

overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst van 19 april 2016, overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst van 19 april 2016,
gesloten in het Paritair Comité voor de uitzendarbeid en de erkende gesloten in het Paritair Comité voor de uitzendarbeid en de erkende
ondernemingen die buurtwerken of -diensten leveren, betreffende de ondernemingen die buurtwerken of -diensten leveren, betreffende de
eindejaarspremie van de uitzendkrachten. eindejaarspremie van de uitzendkrachten.

Art. 2.De minister bevoegd voor Werk is belast met de uitvoering van

Art. 2.De minister bevoegd voor Werk is belast met de uitvoering van

dit besluit. dit besluit.
Gegeven te Brussel, 30 augustus 2017. Gegeven te Brussel, 30 augustus 2017.
FILIP FILIP
Van Koningswege : Van Koningswege :
De Minister van Werk, De Minister van Werk,
K. PEETERS K. PEETERS
_______ _______
Nota Nota
(1) Verwijzing naar het Belgisch Staatsblad : (1) Verwijzing naar het Belgisch Staatsblad :
Wet van 5 december 1968, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969. Wet van 5 december 1968, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969.
Bijlage Bijlage
Paritair Comité voor de uitzendarbeid en de erkende ondernemingen die Paritair Comité voor de uitzendarbeid en de erkende ondernemingen die
buurtwerken of -diensten leveren buurtwerken of -diensten leveren
Collectieve arbeidsovereenkomst van 19 april 2016 Collectieve arbeidsovereenkomst van 19 april 2016
Eindejaarspremie van de uitzendkrachten Eindejaarspremie van de uitzendkrachten
(Overeenkomst geregistreerd op 25 juli 2016 onder het nummer (Overeenkomst geregistreerd op 25 juli 2016 onder het nummer
134118/CO/322) 134118/CO/322)
HOOFDSTUK I. - Toepassingsgebied HOOFDSTUK I. - Toepassingsgebied

Artikel 1.Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing op :

Artikel 1.Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing op :

l° de uitzendbureaus, bedoeld bij artikel 7, 1° van de wet van 24 juli l° de uitzendbureaus, bedoeld bij artikel 7, 1° van de wet van 24 juli
1987 betreffende de tijdelijke arbeid, de uitzendarbeid en het ter 1987 betreffende de tijdelijke arbeid, de uitzendarbeid en het ter
beschikking stellen van werknemers ten behoeve van gebruikers; beschikking stellen van werknemers ten behoeve van gebruikers;
2° de uitzendkrachten, bedoeld bij artikel 7, 3° van genoemde wet van 2° de uitzendkrachten, bedoeld bij artikel 7, 3° van genoemde wet van
24 juli 1987, die door de uitzendbureaus worden tewerkgesteld. 24 juli 1987, die door de uitzendbureaus worden tewerkgesteld.
HOOFDSTUK II. - Bepalingen HOOFDSTUK II. - Bepalingen

Art. 2.Deze overeenkomst strekt ertoe een regeling op te zetten

Art. 2.Deze overeenkomst strekt ertoe een regeling op te zetten

waarbij aan de uitzendkrachten een eindejaarspremie wordt toegekend waarbij aan de uitzendkrachten een eindejaarspremie wordt toegekend
ten laste van het "Sociaal Fonds voor de uitzendkrachten" dat werd ten laste van het "Sociaal Fonds voor de uitzendkrachten" dat werd
opgericht bij de collectieve arbeidsovereenkomst van 19 april 2016, opgericht bij de collectieve arbeidsovereenkomst van 19 april 2016,
afgesloten in de Paritair Comité voor de uitzendarbeid en de erkende afgesloten in de Paritair Comité voor de uitzendarbeid en de erkende
ondernemingen die buurtwerken of -diensten leveren, betreffende de ondernemingen die buurtwerken of -diensten leveren, betreffende de
oprichting van een fonds voor bestaanszekerheid voor de oprichting van een fonds voor bestaanszekerheid voor de
uitzendkrachten en vaststelling van zijn statuten. uitzendkrachten en vaststelling van zijn statuten.
Die premie vervangt integraal de voordelen of vergoedingen die als Die premie vervangt integraal de voordelen of vergoedingen die als
eindejaarspremie aan het vast personeel van de gebruiker worden eindejaarspremie aan het vast personeel van de gebruiker worden
toegekend. toegekend.
Commentaar Commentaar
De conventionele of contractuele eindejaarspremies, waarop het vast De conventionele of contractuele eindejaarspremies, waarop het vast
personeel van de gebruiker recht heeft, waren, vóór de personeel van de gebruiker recht heeft, waren, vóór de
inwerkingtreding van de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 36decies inwerkingtreding van de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 36decies
van 4 maart 1986, afgesloten in de Nationale Arbeidsraad, betreffende van 4 maart 1986, afgesloten in de Nationale Arbeidsraad, betreffende
de eindejaarspremie van uitzendkrachten, normaal verschuldigd aan de de eindejaarspremie van uitzendkrachten, normaal verschuldigd aan de
uitzendkrachten, voor zover zij de daartoe gestelde voorwaarden uitzendkrachten, voor zover zij de daartoe gestelde voorwaarden
vervulden. vervulden.
Nochtans waren er uitzendkrachten die, hoewel zij deze voorwaarden Nochtans waren er uitzendkrachten die, hoewel zij deze voorwaarden
vervulden, de premie niet ontvingen, hetzij omdat ze die voorwaarden vervulden, de premie niet ontvingen, hetzij omdat ze die voorwaarden
niet kenden, hetzij omdat ze vergaten hun rechten te doen gelden, niet kenden, hetzij omdat ze vergaten hun rechten te doen gelden,
terwijl de uitzendbureaus met de betrokken werknemers dikwijls geen terwijl de uitzendbureaus met de betrokken werknemers dikwijls geen
contact meer hadden. contact meer hadden.
Gezien deze omstandigheden, heeft de collectieve arbeidsovereenkomst Gezien deze omstandigheden, heeft de collectieve arbeidsovereenkomst
nr. 36decies, vervangen door de collectieve arbeidsovereenkomst van 10 nr. 36decies, vervangen door de collectieve arbeidsovereenkomst van 10
december 2001, in een regeling voorzien waarbij aan de uitzendkrachten december 2001, in een regeling voorzien waarbij aan de uitzendkrachten
ten laste van het "Sociaal Fonds voor de uitzendkrachten" een ten laste van het "Sociaal Fonds voor de uitzendkrachten" een
eindejaarspremie werd toegekend die als systeem in de plaats komt van eindejaarspremie werd toegekend die als systeem in de plaats komt van
de voordelen of vergoedingen die als eindejaarspremie aan het vast de voordelen of vergoedingen die als eindejaarspremie aan het vast
personeel van de gebruiker worden toegekend. personeel van de gebruiker worden toegekend.

Art. 3.De uitzendkrachten hebben ten laste van het sociaal fonds

Art. 3.De uitzendkrachten hebben ten laste van het sociaal fonds

recht op een eindejaarspremie in de hierna bepaalde voorwaarden en recht op een eindejaarspremie in de hierna bepaalde voorwaarden en
formaliteiten. formaliteiten.

Art. 4.De referteperiode voor de eindejaarspremie vangt aan op 1 juli

Art. 4.De referteperiode voor de eindejaarspremie vangt aan op 1 juli

en eindigt op 30 juni van het volgende jaar. en eindigt op 30 juni van het volgende jaar.
Om recht te hebben op de eindejaarspremie moet de uitzendkracht, Om recht te hebben op de eindejaarspremie moet de uitzendkracht,
tijdens deze referteperiode, in het stelsel van de vijfdaagse tijdens deze referteperiode, in het stelsel van de vijfdaagse
werkweek, ten minste 65 dagen tellen (of ten minste 78 dagen in het werkweek, ten minste 65 dagen tellen (of ten minste 78 dagen in het
stelsel van de zesdaagse werkweek), ofwel ten minste 494 uren die in stelsel van de zesdaagse werkweek), ofwel ten minste 494 uren die in
aanmerking komen voor de onderwerping aan de sociale zekerheid als aanmerking komen voor de onderwerping aan de sociale zekerheid als
uitzendkracht. Hoogstens 5 dagen waarvoor de werknemer, in de uitzendkracht. Hoogstens 5 dagen waarvoor de werknemer, in de
hoedanigheid van uitzendkracht, werkloosheidsuitkeringen ontving omdat hoedanigheid van uitzendkracht, werkloosheidsuitkeringen ontving omdat
ze niet werden gepresteerd wegens economische of technische ze niet werden gepresteerd wegens economische of technische
werkloosheid of wegens crisiswerkloosheid voor bedienden, worden werkloosheid of wegens crisiswerkloosheid voor bedienden, worden
eveneens in aanmerking genomen. eveneens in aanmerking genomen.
In afwijking van de regel van 65 (78) dagen ofwel van 494 uren hebben In afwijking van de regel van 65 (78) dagen ofwel van 494 uren hebben
de uitzendkrachten die tijdens de referteperiode in vaste dienst de uitzendkrachten die tijdens de referteperiode in vaste dienst
treden bij de gebruiker waarbij zij onmiddellijk daarvoor als treden bij de gebruiker waarbij zij onmiddellijk daarvoor als
uitzendkracht waren tewerkgesteld, recht op een eindejaarspremie als uitzendkracht waren tewerkgesteld, recht op een eindejaarspremie als
zij in deze referteperiode minstens 60 (72) dagen ofwel 456 uren zij in deze referteperiode minstens 60 (72) dagen ofwel 456 uren
tellen. tellen.

Art. 5.De dagen waarop de uitzendkracht tewerkgesteld wordt in het

Art. 5.De dagen waarop de uitzendkracht tewerkgesteld wordt in het

kader van een arbeidsovereenkomst voor de tewerkstelling van kader van een arbeidsovereenkomst voor de tewerkstelling van
studenten, die enkel aanleiding geven tot het betalen van studenten, die enkel aanleiding geven tot het betalen van
solidariteitsbijdragen, komen niet in aanmerking voor de berekening solidariteitsbijdragen, komen niet in aanmerking voor de berekening
van het aantal dagen. van het aantal dagen.

Art. 6.De raad van beheer van het "Sociaal Fonds voor de

Art. 6.De raad van beheer van het "Sociaal Fonds voor de

uitzendkrachten" neemt de maatregelen die nodig zijn voor het in uitzendkrachten" neemt de maatregelen die nodig zijn voor het in
aanmerking nemen van de gelijkgestelde dagen tijdens de duur van een aanmerking nemen van de gelijkgestelde dagen tijdens de duur van een
arbeidsovereenkomst voor uitzendarbeid, alsmede de maatregelen die arbeidsovereenkomst voor uitzendarbeid, alsmede de maatregelen die
nodig zijn voor het in aanmerking nemen van de compensatiedagen die nodig zijn voor het in aanmerking nemen van de compensatiedagen die
worden toegekend ter toepassing van de wet betreffende de arbeidsduur. worden toegekend ter toepassing van de wet betreffende de arbeidsduur.

Art. 7.De premie wordt in de loop van de maand december toegekend

Art. 7.De premie wordt in de loop van de maand december toegekend

volgens de door de raad van beheer van het sociaal fonds vastgestelde volgens de door de raad van beheer van het sociaal fonds vastgestelde
modaliteiten. modaliteiten.

Art. 8.De periode voor de verjaring van nietbetaalde premies bedraagt

Art. 8.De periode voor de verjaring van nietbetaalde premies bedraagt

3 jaar. 3 jaar.

Art. 9.Vanaf de eindejaarspremie 2016 (referteperiode van 1 juli 2015

Art. 9.Vanaf de eindejaarspremie 2016 (referteperiode van 1 juli 2015

tot 30 juni 2016) bedraagt de premie 8,33 pct. van het tijdens de tot 30 juni 2016) bedraagt de premie 8,33 pct. van het tijdens de
referteperiode verdiende brutoloon. referteperiode verdiende brutoloon.
De lonen die voor de berekening van de premie in aanmerking komen, De lonen die voor de berekening van de premie in aanmerking komen,
zijn de lonen, onderworpen aan RSZ-bijdragen, die voor de zijn de lonen, onderworpen aan RSZ-bijdragen, die voor de
referteperiode vermeld zijn op de RSZ-aangiften van de uitzendbureaus referteperiode vermeld zijn op de RSZ-aangiften van de uitzendbureaus
voor hun uitzendkrachten, met uitzondering van die vermeld op de voor hun uitzendkrachten, met uitzondering van die vermeld op de
RSZ-aangiften van de uitzendbureaus die erkend zijn om activiteiten RSZ-aangiften van de uitzendbureaus die erkend zijn om activiteiten
uit te oefenen in het Paritair Comité voor het bouwbedrijf (P.C. 124). uit te oefenen in het Paritair Comité voor het bouwbedrijf (P.C. 124).
De modaliteiten voor het in aanmerking nemen van het loon van de De modaliteiten voor het in aanmerking nemen van het loon van de
gelijkgestelde dagen worden vastgesteld door de raad van beheer van gelijkgestelde dagen worden vastgesteld door de raad van beheer van
het sociaal fonds. het sociaal fonds.
HOOFDSTUK III. - Opheffingsbepalingen HOOFDSTUK III. - Opheffingsbepalingen

Art. 10.Onderhavige collectieve arbeidsovereenkomst herroept en

Art. 10.Onderhavige collectieve arbeidsovereenkomst herroept en

vervangt de collectieve arbeidsovereenkomst van 5 december 2013, vervangt de collectieve arbeidsovereenkomst van 5 december 2013,
gesloten in het Paritair Comité voor de uitzendarbeid en de erkende gesloten in het Paritair Comité voor de uitzendarbeid en de erkende
ondernemingen die buurtwerken of -diensten leveren, betreffende de ondernemingen die buurtwerken of -diensten leveren, betreffende de
eindejaarspremie van de uitzendkrachten (geregistreerd op 18 februari eindejaarspremie van de uitzendkrachten (geregistreerd op 18 februari
2014 onder het nummer 119443/CO/322). 2014 onder het nummer 119443/CO/322).
HOOFDSTUK IV. - Duur HOOFDSTUK IV. - Duur

Art. 11.Onderhavige collectieve arbeidsovereenkomst treedt in werking

Art. 11.Onderhavige collectieve arbeidsovereenkomst treedt in werking

op 1 januari 2016. op 1 januari 2016.
Zij is gesloten voor onbepaalde duur. Zij is gesloten voor onbepaalde duur.
Zij kan op verzoek van de meest gerede ondertekenende organisatie Zij kan op verzoek van de meest gerede ondertekenende organisatie
herzien of beëindigd worden mits een opzeggingstermijn van drie herzien of beëindigd worden mits een opzeggingstermijn van drie
maanden bij een ter post aangetekend schrijven, gericht aan de maanden bij een ter post aangetekend schrijven, gericht aan de
voorzitter van het Paritair Comité voor de uitzendarbeid en de erkende voorzitter van het Paritair Comité voor de uitzendarbeid en de erkende
ondernemingen die buurtwerken of -diensten leveren. ondernemingen die buurtwerken of -diensten leveren.
Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 30 augustus Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 30 augustus
2017. 2017.
De Minister van Werk, De Minister van Werk,
K. PEETERS K. PEETERS
^