Etaamb.openjustice.be
Meertalige weergave van Koninklijk Besluit van 29/01/2023
← Terug naar "Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 25 november 1991 houdende de werkloosheids-reglementering en tot wijziging van het koninklijk besluit van 26 maart 2003 tot uitvoering van artikel 7, § 1, derde lid, q, van de besluitwet van 28 december 1944 betreffende de maatschappelijke zekerheid der arbeiders, betreffende de onthaalouders, houdende de aanpassing van sommige bedragen in het kader van het gebruik van de welvaartsenveloppe 2023-2024 "
Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 25 november 1991 houdende de werkloosheids-reglementering en tot wijziging van het koninklijk besluit van 26 maart 2003 tot uitvoering van artikel 7, § 1, derde lid, q, van de besluitwet van 28 december 1944 betreffende de maatschappelijke zekerheid der arbeiders, betreffende de onthaalouders, houdende de aanpassing van sommige bedragen in het kader van het gebruik van de welvaartsenveloppe 2023-2024 Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 25 november 1991 houdende de werkloosheids-reglementering en tot wijziging van het koninklijk besluit van 26 maart 2003 tot uitvoering van artikel 7, § 1, derde lid, q, van de besluitwet van 28 december 1944 betreffende de maatschappelijke zekerheid der arbeiders, betreffende de onthaalouders, houdende de aanpassing van sommige bedragen in het kader van het gebruik van de welvaartsenveloppe 2023-2024
FEDERALE OVERHEIDSDIENST WERKGELEGENHEID, ARBEID EN SOCIAAL OVERLEG FEDERALE OVERHEIDSDIENST WERKGELEGENHEID, ARBEID EN SOCIAAL OVERLEG
29 JANUARI 2023. - Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk 29 JANUARI 2023. - Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk
besluit van 25 november 1991 houdende de werkloosheids-reglementering besluit van 25 november 1991 houdende de werkloosheids-reglementering
en tot wijziging van het koninklijk besluit van 26 maart 2003 tot en tot wijziging van het koninklijk besluit van 26 maart 2003 tot
uitvoering van artikel 7, § 1, derde lid, q, van de besluitwet van 28 uitvoering van artikel 7, § 1, derde lid, q, van de besluitwet van 28
december 1944 betreffende de maatschappelijke zekerheid der arbeiders, december 1944 betreffende de maatschappelijke zekerheid der arbeiders,
betreffende de onthaalouders, houdende de aanpassing van sommige betreffende de onthaalouders, houdende de aanpassing van sommige
bedragen in het kader van het gebruik van de welvaartsenveloppe bedragen in het kader van het gebruik van de welvaartsenveloppe
2023-2024 2023-2024
FILIP, Koning der Belgen, FILIP, Koning der Belgen,
Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.
Gelet op de besluitwet van 28 december 1944 betreffende de Gelet op de besluitwet van 28 december 1944 betreffende de
maatschappelijke zekerheid der arbeiders, artikel 7, § 1, derde lid, maatschappelijke zekerheid der arbeiders, artikel 7, § 1, derde lid,
i, vervangen bij de wet van 14 februari 1961, § 1ter, ingevoegd bij de i, vervangen bij de wet van 14 februari 1961, § 1ter, ingevoegd bij de
wet van 22 mei 2001, § 1quater, ingevoegd bij de wet van 23 december wet van 22 mei 2001, § 1quater, ingevoegd bij de wet van 23 december
2005, en § 1octies, derde en vierde lid, ingevoegd bij de wet van 25 2005, en § 1octies, derde en vierde lid, ingevoegd bij de wet van 25
april 2014; april 2014;
Gelet op het koninklijk besluit van 25 november 1991 houdende de Gelet op het koninklijk besluit van 25 november 1991 houdende de
werkloosheidsreglementering; werkloosheidsreglementering;
Gelet op het koninklijk besluit van 26 maart 2003 tot uitvoering van Gelet op het koninklijk besluit van 26 maart 2003 tot uitvoering van
artikel 7, § 1, derde lid, q, van de besluitwet van 28 december 1944 artikel 7, § 1, derde lid, q, van de besluitwet van 28 december 1944
betreffende de maatschappelijke zekerheid der arbeiders, betreffende betreffende de maatschappelijke zekerheid der arbeiders, betreffende
de onthaalouders; de onthaalouders;
Gelet op het advies van het Beheerscomité van de Rijksdienst voor Gelet op het advies van het Beheerscomité van de Rijksdienst voor
Arbeidsvoorziening, gegeven op 15 december 2022; Arbeidsvoorziening, gegeven op 15 december 2022;
Gelet op het advies van de inspecteur van Financiën, gegeven op 16 Gelet op het advies van de inspecteur van Financiën, gegeven op 16
december 2022; december 2022;
Gelet op de akkoordbevinding van de Staatssecretaris voor Begroting Gelet op de akkoordbevinding van de Staatssecretaris voor Begroting
gegeven op 22 december 2022; gegeven op 22 december 2022;
Gelet op de adviesaanvraag binnen 30 dagen, die op 27 december 2022 Gelet op de adviesaanvraag binnen 30 dagen, die op 27 december 2022
bij de Raad van State is ingediend, met toepassing van artikel 84, § bij de Raad van State is ingediend, met toepassing van artikel 84, §
1, eerste lid, 2°, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd 1, eerste lid, 2°, van de wetten op de Raad van State, gecoördineerd
op 12 januari 1973; op 12 januari 1973;
Overwegende dat het advies niet is meegedeeld binnen die termijn; Overwegende dat het advies niet is meegedeeld binnen die termijn;
Gelet op artikel 84, § 4, tweede lid, van de wetten op de Raad van Gelet op artikel 84, § 4, tweede lid, van de wetten op de Raad van
State, gecoördineerd op 12 januari 1973; State, gecoördineerd op 12 januari 1973;
Op de voordracht van de Minister van Werk, Op de voordracht van de Minister van Werk,
Hebben Wij besloten en besluiten Wij : Hebben Wij besloten en besluiten Wij :

Artikel 1.In artikel 111, tweede lid, van het koninklijk besluit van

Artikel 1.In artikel 111, tweede lid, van het koninklijk besluit van

25 november 1991 houdende de werkloosheids-reglementering, vervangen 25 november 1991 houdende de werkloosheids-reglementering, vervangen
bij het koninklijk besluit van 3 september 2017 en gewijzigd bij de bij het koninklijk besluit van 3 september 2017 en gewijzigd bij de
koninklijke besluiten van 2 juni 2019 en 14 juli 2021, worden de koninklijke besluiten van 2 juni 2019 en 14 juli 2021, worden de
volgende wijzigingen aangebracht: volgende wijzigingen aangebracht:
1° in de bepalingen onder 1° wordt het bedrag van "65,3228 euro" 1° in de bepalingen onder 1° wordt het bedrag van "65,3228 euro"
vervangen door het bedrag van "66,0414 euro"; vervangen door het bedrag van "66,0414 euro";
2° in de bepalingen onder 2° wordt het bedrag van "69,9032 euro" 2° in de bepalingen onder 2° wordt het bedrag van "69,9032 euro"
vervangen door het bedrag van "70,6721 euro"; vervangen door het bedrag van "70,6721 euro";
3° in de bepalingen onder 3° wordt het bedrag van "75,0020 euro" 3° in de bepalingen onder 3° wordt het bedrag van "75,0020 euro"
vervangen door het bedrag van "75,8270 euro"; vervangen door het bedrag van "75,8270 euro";
4° in de bepalingen onder 4° wordt het bedrag van "64,5165 euro" 4° in de bepalingen onder 4° wordt het bedrag van "64,5165 euro"
vervangen door het bedrag van "65,2262 euro"; vervangen door het bedrag van "65,2262 euro";
5° in de bepalingen onder 5° wordt het bedrag van "63,9013 euro" 5° in de bepalingen onder 5° wordt het bedrag van "63,9013 euro"
vervangen door het bedrag van "64,6042 euro"; vervangen door het bedrag van "64,6042 euro";
6° in de bepalingen onder 6° wordt het bedrag van "62,9385 euro" 6° in de bepalingen onder 6° wordt het bedrag van "62,9385 euro"
vervangen door het bedrag van "63,5679 euro". vervangen door het bedrag van "63,5679 euro".

Art. 2.In artikel 114 van hetzelfde besluit, vervangen bij het

Art. 2.In artikel 114 van hetzelfde besluit, vervangen bij het

koninklijk besluit van 23 juli 2012 en gewijzigd bij de koninklijke koninklijk besluit van 23 juli 2012 en gewijzigd bij de koninklijke
besluiten van 3 september 2017, 2 juni 2019, 22 december 2020, 14 juli besluiten van 3 september 2017, 2 juni 2019, 22 december 2020, 14 juli
2021 en 17 juni 2022, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 2021 en 17 juni 2022, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° in paragraaf, 3, 3° wordt het bedrag van "16,27 euro" vervangen 1° in paragraaf, 3, 3° wordt het bedrag van "16,27 euro" vervangen
door het bedrag van "16,48 euro"; door het bedrag van "16,48 euro";
2° in paragraaf 4, eerste lid wordt het bedrag van "22,54 euro" 2° in paragraaf 4, eerste lid wordt het bedrag van "22,54 euro"
tweemaal vervangen door het bedrag van "22,83 euro"; tweemaal vervangen door het bedrag van "22,83 euro";
3° in paragraaf 5 wordt het bedrag van "8,42 euro" tweemaal vervangen 3° in paragraaf 5 wordt het bedrag van "8,42 euro" tweemaal vervangen
door het bedrag van "8,62 euro" en wordt het bedrag van "6,84 euro" door het bedrag van "8,62 euro" en wordt het bedrag van "6,84 euro"
vervangen door het bedrag van "7,00 euro". vervangen door het bedrag van "7,00 euro".

Art. 3.In artikel 115 van hetzelfde besluit, vervangen bij het

Art. 3.In artikel 115 van hetzelfde besluit, vervangen bij het

koninklijk besluit van 3 september 2017 en gewijzigd bij de koninklijk besluit van 3 september 2017 en gewijzigd bij de
koninklijke besluiten van 2 juni 2019, 22 december 2020, 14 juli 2021 koninklijke besluiten van 2 juni 2019, 22 december 2020, 14 juli 2021
en 17 juni 2022, worden de volgende wijzigingen aangebracht: en 17 juni 2022, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° in paragraaf 1, eerste lid, 1° wordt het bedrag van "38,69 euro" 1° in paragraaf 1, eerste lid, 1° wordt het bedrag van "38,69 euro"
vervangen door het bedrag van "39,19 euro"; vervangen door het bedrag van "39,19 euro";
2° in paragraaf 1, eerste lid, 2° wordt het bedrag van "31,35 euro" 2° in paragraaf 1, eerste lid, 2° wordt het bedrag van "31,35 euro"
vervangen door het bedrag van "31,76 euro"; vervangen door het bedrag van "31,76 euro";
3° in paragraaf 1, tweede lid, 1° wordt het bedrag van "37,41 euro" 3° in paragraaf 1, tweede lid, 1° wordt het bedrag van "37,41 euro"
vervangen door het bedrag van "37,89 euro"; vervangen door het bedrag van "37,89 euro";
4° in paragraaf 1, tweede lid, 2° wordt het bedrag van "30,32 euro" 4° in paragraaf 1, tweede lid, 2° wordt het bedrag van "30,32 euro"
vervangen door het bedrag van "30,71 euro"; vervangen door het bedrag van "30,71 euro";
5° in paragraaf 2, eerste lid, 1° wordt het bedrag van "30,18 euro" 5° in paragraaf 2, eerste lid, 1° wordt het bedrag van "30,18 euro"
vervangen door het bedrag van "30,57 euro"; vervangen door het bedrag van "30,57 euro";
6° in paragraaf 2, eerste lid, 2° wordt het bedrag van "27,86 euro" 6° in paragraaf 2, eerste lid, 2° wordt het bedrag van "27,86 euro"
vervangen door het bedrag van "28,22 euro"; vervangen door het bedrag van "28,22 euro";
7° in paragraaf 2, eerste lid, 3°en 4°, a) wordt het bedrag van "23,09 7° in paragraaf 2, eerste lid, 3°en 4°, a) wordt het bedrag van "23,09
euro" vervangen door het bedrag van "23,39 euro"; euro" vervangen door het bedrag van "23,39 euro";
8° in paragraaf 2, eerste lid, 4°, b) wordt het bedrag van "22,54 8° in paragraaf 2, eerste lid, 4°, b) wordt het bedrag van "22,54
euro" vervangen door het bedrag van "22,83 euro"; euro" vervangen door het bedrag van "22,83 euro";
9° in paragraaf 2, tweede lid wordt het bedrag van "26,94 euro" 9° in paragraaf 2, tweede lid wordt het bedrag van "26,94 euro"
vervangen door het bedrag van "27,29 euro"; vervangen door het bedrag van "27,29 euro";
10° in paragraaf 4 wordt het bedrag van "37,41 euro" vervangen door 10° in paragraaf 4 wordt het bedrag van "37,41 euro" vervangen door
het bedrag van "38,72 euro". het bedrag van "38,72 euro".

Art. 4.In artikel 124 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij de

Art. 4.In artikel 124 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij de

koninklijke besluiten van 23 juli 2012, 20 juli 2015, 3 september koninklijke besluiten van 23 juli 2012, 20 juli 2015, 3 september
2017, 15 oktober 2018, 2 juni 2019, 22 december 2020, 14 juli 2021 en 2017, 15 oktober 2018, 2 juni 2019, 22 december 2020, 14 juli 2021 en
17 juni 2022, worden de volgende wijzigingen aangebracht: 17 juni 2022, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° in het eerste lid, 1° wordt het bedrag van "37,69 euro" vervangen 1° in het eerste lid, 1° wordt het bedrag van "37,69 euro" vervangen
door het bedrag van "39,00 euro"; door het bedrag van "39,00 euro";
2° in het eerste lid, 2°, a) wordt het bedrag van "10,41 euro" 2° in het eerste lid, 2°, a) wordt het bedrag van "10,41 euro"
vervangen door het bedrag van "10,66 euro"; vervangen door het bedrag van "10,66 euro";
3° in het eerste lid, 2°, b) wordt het bedrag van "16,36 euro" 3° in het eerste lid, 2°, b) wordt het bedrag van "16,36 euro"
vervangen door het bedrag van "16,76 euro"; vervangen door het bedrag van "16,76 euro";
4° in het eerste lid, 2°, c) wordt het bedrag van "27,34 euro" 4° in het eerste lid, 2°, c) wordt het bedrag van "27,34 euro"
vervangen door het bedrag van "28,00 euro"; vervangen door het bedrag van "28,00 euro";
5° in het eerste lid, 3°, a) wordt het bedrag van "8,62 euro" 5° in het eerste lid, 3°, a) wordt het bedrag van "8,62 euro"
vervangen door het bedrag van "8,79 euro"; vervangen door het bedrag van "8,79 euro";
6° in het eerste lid, 3°, b) wordt het bedrag van "13,74 euro" 6° in het eerste lid, 3°, b) wordt het bedrag van "13,74 euro"
vervangen door het bedrag van "14,01 euro"; vervangen door het bedrag van "14,01 euro";
7° in het tweede lid wordt het bedrag van "9,62 euro" vervangen door 7° in het tweede lid wordt het bedrag van "9,62 euro" vervangen door
het bedrag van "9,95 euro" en het bedrag van "15,44 euro" door het het bedrag van "9,95 euro" en het bedrag van "15,44 euro" door het
bedrag van "15,98 euro"; bedrag van "15,98 euro";
8° in het derde lid wordt het bedrag van "39,16 euro" vervangen door 8° in het derde lid wordt het bedrag van "39,16 euro" vervangen door
het bedrag van "40,53 euro". het bedrag van "40,53 euro".

Art. 5.In artikel 125 van hetzelfde besluit, vervangen bij het

Art. 5.In artikel 125 van hetzelfde besluit, vervangen bij het

koninklijk besluit van 3 september 2017 en gewijzigd bij de koninklijk besluit van 3 september 2017 en gewijzigd bij de
koninklijke besluiten van 2 juni 2019 en 14 juli 2021, wordt het koninklijke besluiten van 2 juni 2019 en 14 juli 2021, wordt het
bedrag van "8,42 euro" tweemaal vervangen door het bedrag van "8,62 bedrag van "8,42 euro" tweemaal vervangen door het bedrag van "8,62
euro" en wordt het bedrag van "6,84 euro" vervangen door het bedrag euro" en wordt het bedrag van "6,84 euro" vervangen door het bedrag
van "7,00 euro". van "7,00 euro".

Art. 6.In artikel 127, § 2, van hetzelfde besluit, vervangen bij het

Art. 6.In artikel 127, § 2, van hetzelfde besluit, vervangen bij het

koninklijk besluit van 2 juni 2019 en gewijzigd bij het koninklijk koninklijk besluit van 2 juni 2019 en gewijzigd bij het koninklijk
besluit van 14 juli 2021, worden de volgende wijzigingen aangebracht: besluit van 14 juli 2021, worden de volgende wijzigingen aangebracht:
1° in de bepalingen onder 1° wordt het bedrag van "39,20 euro" 1° in de bepalingen onder 1° wordt het bedrag van "39,20 euro"
vervangen door het bedrag van "39,71 euro"; vervangen door het bedrag van "39,71 euro";
2° in de bepalingen onder 2° wordt het bedrag van "34,79 euro" 2° in de bepalingen onder 2° wordt het bedrag van "34,79 euro"
vervangen door het bedrag van "35,24 euro"; vervangen door het bedrag van "35,24 euro";
3° in de bepalingen onder 3° wordt het bedrag van "30,93 euro" 3° in de bepalingen onder 3° wordt het bedrag van "30,93 euro"
vervangen door het bedrag van "31,33 euro"; vervangen door het bedrag van "31,33 euro";
4° in de bepalingen onder 4° wordt het bedrag van "28,15 euro" 4° in de bepalingen onder 4° wordt het bedrag van "28,15 euro"
vervangen door het bedrag van "28,51 euro". vervangen door het bedrag van "28,51 euro".

Art. 7.In artikel 131ter, vierde lid, van hetzelfde besluit,

Art. 7.In artikel 131ter, vierde lid, van hetzelfde besluit,

ingevoegd bij het koninklijk besluit van 3 september 2017 en gewijzigd ingevoegd bij het koninklijk besluit van 3 september 2017 en gewijzigd
bij de koninklijke besluiten van 2 juni 2019 en 14 juli 2021, wordt bij de koninklijke besluiten van 2 juni 2019 en 14 juli 2021, wordt
het bedrag van "30,45 euro" vervangen door het bedrag van "31,18 het bedrag van "30,45 euro" vervangen door het bedrag van "31,18
euro". euro".

Art. 8.In artikel 191 van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het

Art. 8.In artikel 191 van hetzelfde besluit, ingevoegd bij het

koninklijk besluit van 30 juli 2022, worden de volgende wijzigingen koninklijk besluit van 30 juli 2022, worden de volgende wijzigingen
aangebracht: aangebracht:
1° in paragraaf 2, 1° wordt het bedrag van "39,87 euro" vervangen door 1° in paragraaf 2, 1° wordt het bedrag van "39,87 euro" vervangen door
het bedrag van "40,32 euro"; het bedrag van "40,32 euro";
2° in paragraaf 2, 1° wordt het bedrag van "40,32 euro" vervangen door 2° in paragraaf 2, 1° wordt het bedrag van "40,32 euro" vervangen door
het bedrag van "40,84 euro"; het bedrag van "40,84 euro";
3° in paragraaf 2, 2° wordt het bedrag van "35,13 euro" vervangen door 3° in paragraaf 2, 2° wordt het bedrag van "35,13 euro" vervangen door
het bedrag van "35,52 euro"; het bedrag van "35,52 euro";
4° in paragraaf 2, 2° wordt het bedrag van "35,52 euro" vervangen door 4° in paragraaf 2, 2° wordt het bedrag van "35,52 euro" vervangen door
het bedrag van "35,98 euro". het bedrag van "35,98 euro".

Art. 9.In artikel 3, eerste lid, van het koninklijk besluit van 26

Art. 9.In artikel 3, eerste lid, van het koninklijk besluit van 26

maart 2003 tot uitvoering van artikel 7, § 1, derde lid, q, van de maart 2003 tot uitvoering van artikel 7, § 1, derde lid, q, van de
besluitwet van 28 december 1944 betreffende de maatschappelijke besluitwet van 28 december 1944 betreffende de maatschappelijke
zekerheid der arbeiders, betreffende de onthaalouders, vervangen bij zekerheid der arbeiders, betreffende de onthaalouders, vervangen bij
het koninklijk besluit van 11 januari 2009 en gewijzigd bij de het koninklijk besluit van 11 januari 2009 en gewijzigd bij de
koninklijke besluiten van 2 juni 2019 en 14 juli 2021, wordt het koninklijke besluiten van 2 juni 2019 en 14 juli 2021, wordt het
bedrag van "25,16 euro" vervangen door het bedrag van "25,77 euro". bedrag van "25,16 euro" vervangen door het bedrag van "25,77 euro".

Art. 10.§ 1. Dit besluit treedt in werking op 1 juli 2023.

Art. 10.§ 1. Dit besluit treedt in werking op 1 juli 2023.

§ 2. Voor de werknemer wiens gemiddeld dagloon, bedoeld in artikel § 2. Voor de werknemer wiens gemiddeld dagloon, bedoeld in artikel
114, § 1, tweede lid, artikel 114, § 6 en artikel 114, § 7, van het 114, § 1, tweede lid, artikel 114, § 6 en artikel 114, § 7, van het
voormelde koninklijk besluit van 25 november 1991 op 30 juni 2023 voormelde koninklijk besluit van 25 november 1991 op 30 juni 2023
minstens gelijk was aan het toen geldende grensbedrag C, wordt vanaf 1 minstens gelijk was aan het toen geldende grensbedrag C, wordt vanaf 1
juli 2023 rekening gehouden met het gemiddeld dagloon gelijk aan het juli 2023 rekening gehouden met het gemiddeld dagloon gelijk aan het
nieuwe grensbedrag C. nieuwe grensbedrag C.
Voor de werknemer wiens gemiddeld dagloon, bedoeld in artikel 114, § Voor de werknemer wiens gemiddeld dagloon, bedoeld in artikel 114, §
1, tweede lid, van het voormelde koninklijk besluit van 25 november 1, tweede lid, van het voormelde koninklijk besluit van 25 november
1991 op 30 juni 2023 overeenstemde met het toen geldende grensbedrag 1991 op 30 juni 2023 overeenstemde met het toen geldende grensbedrag
B, wordt vanaf 1 juli 2023 rekening gehouden met een gemiddeld dagloon B, wordt vanaf 1 juli 2023 rekening gehouden met een gemiddeld dagloon
gesitueerd in de loonschijf, vastgesteld krachtens artikel 119, 2°, gesitueerd in de loonschijf, vastgesteld krachtens artikel 119, 2°,
waarin het nieuwe grensbedrag B gelegen is. waarin het nieuwe grensbedrag B gelegen is.
Voor de werknemer wiens gemiddeld dagloon bedoeld in artikel 114, § 1, Voor de werknemer wiens gemiddeld dagloon bedoeld in artikel 114, § 1,
tweede lid, van het voormelde koninklijk besluit van 25 november 1991 tweede lid, van het voormelde koninklijk besluit van 25 november 1991
op 30 juni 2023 overeenstemde met het toen geldende grensbedrag A, op 30 juni 2023 overeenstemde met het toen geldende grensbedrag A,
wordt vanaf 1 juli 2023 rekening gehouden met een gemiddeld dagloon wordt vanaf 1 juli 2023 rekening gehouden met een gemiddeld dagloon
gesitueerd in de loonschijf, vastgesteld krachtens artikel 119, 2°, gesitueerd in de loonschijf, vastgesteld krachtens artikel 119, 2°,
waarin het nieuwe grensbedrag A gelegen is. waarin het nieuwe grensbedrag A gelegen is.
Voor de werknemer wiens gemiddeld dagloon, bedoeld in artikel 131ter, Voor de werknemer wiens gemiddeld dagloon, bedoeld in artikel 131ter,
derde lid, van het voormelde koninklijk besluit van 25 november 1991 derde lid, van het voormelde koninklijk besluit van 25 november 1991
op 30 juni 2023 overeenstemde met het toen geldende grensbedrag AX, op 30 juni 2023 overeenstemde met het toen geldende grensbedrag AX,
wordt vanaf 1 juli 2023 rekening gehouden met een gemiddeld dagloon wordt vanaf 1 juli 2023 rekening gehouden met een gemiddeld dagloon
gesitueerd in de loonschijf, vastgesteld krachtens artikel 119, 2°, gesitueerd in de loonschijf, vastgesteld krachtens artikel 119, 2°,
waarin het nieuwe grensbedrag AX gelegen is. waarin het nieuwe grensbedrag AX gelegen is.
Voor de alleenwonende werknemer die zich op 30 juni 2023 bevindt in de Voor de alleenwonende werknemer die zich op 30 juni 2023 bevindt in de
tweede vergoedingsperiode, die geen anciënniteitstoeslag geniet en tweede vergoedingsperiode, die geen anciënniteitstoeslag geniet en
wiens gemiddeld dagloon bedoeld in artikel 114, § 1, tweede lid, van wiens gemiddeld dagloon bedoeld in artikel 114, § 1, tweede lid, van
het voormelde koninklijk besluit van 25 november 1991 op 30 juni 2019 het voormelde koninklijk besluit van 25 november 1991 op 30 juni 2019
overeenstemde met het toen geldende grensbedrag AY, wordt vanaf 1 juli overeenstemde met het toen geldende grensbedrag AY, wordt vanaf 1 juli
2023 rekening gehouden met een gemiddeld dagloon gesitueerd in de 2023 rekening gehouden met een gemiddeld dagloon gesitueerd in de
loonschijf, vastgesteld krachtens artikel 119, 2°, waarin het nieuwe loonschijf, vastgesteld krachtens artikel 119, 2°, waarin het nieuwe
grensbedrag AY gelegen is. grensbedrag AY gelegen is.
Voor de werknemer die het stelsel van werkloosheid met bedrijfstoeslag Voor de werknemer die het stelsel van werkloosheid met bedrijfstoeslag
of de aanvullende vergoeding van ontslagen bejaarde grensarbeiders of de aanvullende vergoeding van ontslagen bejaarde grensarbeiders
geniet en wiens gemiddeld dagloon op 30 juni 2023 overeenstemde met geniet en wiens gemiddeld dagloon op 30 juni 2023 overeenstemde met
het toen geldende grensbedrag AZ, wordt vanaf 1 juli 2023 rekening het toen geldende grensbedrag AZ, wordt vanaf 1 juli 2023 rekening
gehouden met een gemiddeld dagloon gesitueerd in de loonschijf, gehouden met een gemiddeld dagloon gesitueerd in de loonschijf,
vastgesteld krachtens artikel 119, 2°, waarin het nieuwe grensbedrag vastgesteld krachtens artikel 119, 2°, waarin het nieuwe grensbedrag
AZ gelegen is. AZ gelegen is.
§ 3. In afwijking van paragraaf 1, hebben artikel 8, 1° en 3° § 3. In afwijking van paragraaf 1, hebben artikel 8, 1° en 3°
uitwerking vanaf 1 januari 2023. uitwerking vanaf 1 januari 2023.

Art. 11.De minister bevoegd voor Werk is belast met de uitvoering van

Art. 11.De minister bevoegd voor Werk is belast met de uitvoering van

dit besluit. dit besluit.
Gegeven te Brussel, 29 januari 2023. Gegeven te Brussel, 29 januari 2023.
FILIP FILIP
Van Koningswege : Van Koningswege :
De Minister van Werk, De Minister van Werk,
P.-Y. DERMAGNE P.-Y. DERMAGNE
^