Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 22 januari 2019, gesloten in het Paritair Subcomité voor de Vlaamse sector van de beschutte werkplaatsen, de sociale werkplaatsen en de maatwerkbedrijven, betreffende de vrijstelling van arbeidsprestaties met behoud van loon voor oudere werknemers in de sociale werkplaatsen | Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 22 januari 2019, gesloten in het Paritair Subcomité voor de Vlaamse sector van de beschutte werkplaatsen, de sociale werkplaatsen en de maatwerkbedrijven, betreffende de vrijstelling van arbeidsprestaties met behoud van loon voor oudere werknemers in de sociale werkplaatsen |
---|---|
FEDERALE OVERHEIDSDIENST WERKGELEGENHEID, ARBEID EN SOCIAAL OVERLEG | FEDERALE OVERHEIDSDIENST WERKGELEGENHEID, ARBEID EN SOCIAAL OVERLEG |
28 MEI 2019. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt | 28 MEI 2019. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt |
verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 22 januari 2019, | verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 22 januari 2019, |
gesloten in het Paritair Subcomité voor de Vlaamse sector van de | gesloten in het Paritair Subcomité voor de Vlaamse sector van de |
beschutte werkplaatsen, de sociale werkplaatsen en de | beschutte werkplaatsen, de sociale werkplaatsen en de |
maatwerkbedrijven, betreffende de vrijstelling van arbeidsprestaties | maatwerkbedrijven, betreffende de vrijstelling van arbeidsprestaties |
met behoud van loon voor oudere werknemers in de sociale werkplaatsen | met behoud van loon voor oudere werknemers in de sociale werkplaatsen |
(1) | (1) |
FILIP, Koning der Belgen, | FILIP, Koning der Belgen, |
Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. | Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. |
Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve | Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve |
arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel | arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel |
28; | 28; |
Gelet op het verzoek van het Paritair Subcomité voor de Vlaamse sector | Gelet op het verzoek van het Paritair Subcomité voor de Vlaamse sector |
van de beschutte werkplaatsen, de sociale werkplaatsen en de | van de beschutte werkplaatsen, de sociale werkplaatsen en de |
maatwerkbedrijven; | maatwerkbedrijven; |
Op de voordracht van de Minister van Werk, | Op de voordracht van de Minister van Werk, |
Hebben Wij besloten en besluiten Wij : | Hebben Wij besloten en besluiten Wij : |
Artikel 1.Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage |
Artikel 1.Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage |
overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst van 22 januari 2019, | overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst van 22 januari 2019, |
gesloten in het Paritair Subcomité voor de Vlaamse sector van de | gesloten in het Paritair Subcomité voor de Vlaamse sector van de |
beschutte werkplaatsen, de sociale werkplaatsen en de | beschutte werkplaatsen, de sociale werkplaatsen en de |
maatwerkbedrijven, betreffende de vrijstelling van arbeidsprestaties | maatwerkbedrijven, betreffende de vrijstelling van arbeidsprestaties |
met behoud van loon voor oudere werknemers in de sociale werkplaatsen. | met behoud van loon voor oudere werknemers in de sociale werkplaatsen. |
Art. 2.De minister bevoegd voor Werk is belast met de uitvoering van |
Art. 2.De minister bevoegd voor Werk is belast met de uitvoering van |
dit besluit. | dit besluit. |
Gegeven te Brussel, 28 mei 2019. | Gegeven te Brussel, 28 mei 2019. |
FILIP | FILIP |
Van Koningswege : | Van Koningswege : |
De Minister van Werk, | De Minister van Werk, |
K. PEETERS | K. PEETERS |
_______ | _______ |
Nota | Nota |
(1) Verwijzing naar het Belgisch Staatsblad : | (1) Verwijzing naar het Belgisch Staatsblad : |
Wet van 5 december 1968, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969. | Wet van 5 december 1968, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969. |
Bijlage | Bijlage |
Paritair Subcomité voor de Vlaamse sector van de beschutte | Paritair Subcomité voor de Vlaamse sector van de beschutte |
werkplaatsen, de sociale werkplaatsen en de maatwerkbedrijven | werkplaatsen, de sociale werkplaatsen en de maatwerkbedrijven |
Collectieve arbeidsovereenkomst van 22 januari 2019 | Collectieve arbeidsovereenkomst van 22 januari 2019 |
Vrijstelling van arbeidsprestaties met behoud van loon voor oudere | Vrijstelling van arbeidsprestaties met behoud van loon voor oudere |
werknemers in de sociale werkplaatsen (Overeenkomst geregistreerd op | werknemers in de sociale werkplaatsen (Overeenkomst geregistreerd op |
13 maart 2019 onder het nummer 150930/CO/327.01) | 13 maart 2019 onder het nummer 150930/CO/327.01) |
HOOFDSTUK I. - Toepassingsgebied | HOOFDSTUK I. - Toepassingsgebied |
Artikel 1.Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing op |
Artikel 1.Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing op |
de werkgevers en de werknemers van de sociale werkplaatsen die | de werkgevers en de werknemers van de sociale werkplaatsen die |
ressorteren onder het Paritair Subcomité voor de Vlaamse sector van de | ressorteren onder het Paritair Subcomité voor de Vlaamse sector van de |
beschutte werkplaatsen, de sociale werkplaatsen en de | beschutte werkplaatsen, de sociale werkplaatsen en de |
maatwerkbedrijven. | maatwerkbedrijven. |
Onder "werknemers" wordt verstaan : het mannelijk en vrouwelijk | Onder "werknemers" wordt verstaan : het mannelijk en vrouwelijk |
arbeiders- en bediendepersoneel. | arbeiders- en bediendepersoneel. |
Deze collectieve arbeidsovereenkomst wordt afgesloten in toepassing | Deze collectieve arbeidsovereenkomst wordt afgesloten in toepassing |
van het Vlaams Intersectoraal Akkoord voor de social profitsector van | van het Vlaams Intersectoraal Akkoord voor de social profitsector van |
8 juni 2018 en van 29 maart 2000. | 8 juni 2018 en van 29 maart 2000. |
HOOFDSTUK II. - Vrijstelling van arbeidsprestaties voor oudere | HOOFDSTUK II. - Vrijstelling van arbeidsprestaties voor oudere |
werknemers | werknemers |
Art. 2.Vanaf de maand waarin zij de leeftijd van 45 jaar bereiken, |
Art. 2.Vanaf de maand waarin zij de leeftijd van 45 jaar bereiken, |
hebben de voltijdse werknemers recht op een vrijstelling van | hebben de voltijdse werknemers recht op een vrijstelling van |
arbeidsprestaties onder de vorm van 7 compensatiedagen, met behoud van | arbeidsprestaties onder de vorm van 7 compensatiedagen, met behoud van |
loon. De compensatiedagen worden toegekend vanaf het jaar waarin de | loon. De compensatiedagen worden toegekend vanaf het jaar waarin de |
betrokken werknemer de leeftijd van 45 jaar bereikt. | betrokken werknemer de leeftijd van 45 jaar bereikt. |
Art. 3.§ 1. Vanaf de maand waarin zij de leeftijd van 55 jaar |
Art. 3.§ 1. Vanaf de maand waarin zij de leeftijd van 55 jaar |
bereiken, hebben de voltijdse werknemers recht op een vrijstelling van | bereiken, hebben de voltijdse werknemers recht op een vrijstelling van |
arbeidsprestaties onder de vorm van 9 compensatiedagen, met behoud van | arbeidsprestaties onder de vorm van 9 compensatiedagen, met behoud van |
loon. De compensatiedagen worden toegekend vanaf het jaar waarin de | loon. De compensatiedagen worden toegekend vanaf het jaar waarin de |
betrokken werknemer de leeftijd van 55 jaar bereikt. | betrokken werknemer de leeftijd van 55 jaar bereikt. |
§ 2. De werkgevers bekomen bij het sectoraal fonds voor | § 2. De werkgevers bekomen bij het sectoraal fonds voor |
bestaanszekerheid de financiering van één dag op basis van de | bestaanszekerheid de financiering van één dag op basis van de |
gemiddelde loonkost voor doelgroepwerknemers en omkadering. | gemiddelde loonkost voor doelgroepwerknemers en omkadering. |
Art. 4.§ 1. Vanaf de maand waarin zij de leeftijd van 58 jaar |
Art. 4.§ 1. Vanaf de maand waarin zij de leeftijd van 58 jaar |
bereiken, hebben de voltijdse werknemers recht op een vrijstelling van | bereiken, hebben de voltijdse werknemers recht op een vrijstelling van |
arbeidsprestaties onder de vorm van 10 compensatiedagen, met behoud | arbeidsprestaties onder de vorm van 10 compensatiedagen, met behoud |
van loon. De compensatiedagen worden toegekend vanaf het jaar waarin | van loon. De compensatiedagen worden toegekend vanaf het jaar waarin |
de betrokken werknemer de leeftijd van 58 jaar bereikt. | de betrokken werknemer de leeftijd van 58 jaar bereikt. |
§ 2. De werkgevers bekomen bij het sectoraal fonds voor | § 2. De werkgevers bekomen bij het sectoraal fonds voor |
bestaanszekerheid de financiering van 2 dagen op basis van de | bestaanszekerheid de financiering van 2 dagen op basis van de |
gemiddelde loonkost voor doelgroepwerknemers en omkadering. | gemiddelde loonkost voor doelgroepwerknemers en omkadering. |
Art. 5.De conventionele arbeidsduur in de sociale werkplaatsen blijft |
Art. 5.De conventionele arbeidsduur in de sociale werkplaatsen blijft |
behouden op 38 uur gemiddeld per week. | behouden op 38 uur gemiddeld per week. |
Art. 6.De vrijstelling van arbeidsprestaties betreffen afwezigheden |
Art. 6.De vrijstelling van arbeidsprestaties betreffen afwezigheden |
waarvoor de werknemer recht heeft op zijn normale loon. | waarvoor de werknemer recht heeft op zijn normale loon. |
Deeltijdse werknemers hebben recht op een evenredig aantal | Deeltijdse werknemers hebben recht op een evenredig aantal |
compensatiedagen volgens hun contractuele arbeidsduur. | compensatiedagen volgens hun contractuele arbeidsduur. |
Art. 7.Voor de compensatiedagen, vastgelegd in artikelen 2 tot en met |
Art. 7.Voor de compensatiedagen, vastgelegd in artikelen 2 tot en met |
4, geldt een degressieve cumulatie met bestaande extra verlofdagen, | 4, geldt een degressieve cumulatie met bestaande extra verlofdagen, |
volgens de tabel als bijlage, met uitzondering van de dagen vermeld in | volgens de tabel als bijlage, met uitzondering van de dagen vermeld in |
artikel 3, § 2 en artikel 4, § 2. | artikel 3, § 2 en artikel 4, § 2. |
Onder "bestaande extra verlofdagen" wordt verstaan : betaalde | Onder "bestaande extra verlofdagen" wordt verstaan : betaalde |
vakantiedagen bovenop de vier wettelijke vakantieweken, betaalde | vakantiedagen bovenop de vier wettelijke vakantieweken, betaalde |
feestdagen buiten de tien wettelijke feestdagen, | feestdagen buiten de tien wettelijke feestdagen, |
anciënniteitsverlofdagen en compensatiedagen ingevolge een collectieve | anciënniteitsverlofdagen en compensatiedagen ingevolge een collectieve |
arbeidsduurverkorting, van toepassing bij het sluiten van deze | arbeidsduurverkorting, van toepassing bij het sluiten van deze |
collectieve arbeidsovereenkomst, onder de grens van 38 uur per week. | collectieve arbeidsovereenkomst, onder de grens van 38 uur per week. |
Voor de bepaling van deze reeds bestaande extra verlofdagen geldt de | Voor de bepaling van deze reeds bestaande extra verlofdagen geldt de |
toestand in elke sociale werkplaats op 31 december 2001 zoals mogelijk | toestand in elke sociale werkplaats op 31 december 2001 zoals mogelijk |
geobjectiveerd in bijvoorbeeld het arbeidsreglement, collectieve | geobjectiveerd in bijvoorbeeld het arbeidsreglement, collectieve |
arbeidsovereenkomsten of enig andere paritaire collectieve | arbeidsovereenkomsten of enig andere paritaire collectieve |
overeenkomst. | overeenkomst. |
Art. 8.De overblijvende compensatiedagen bij uitdiensttreding of |
Art. 8.De overblijvende compensatiedagen bij uitdiensttreding of |
volledige loopbaanonderbreking worden betaald volgens het normale | volledige loopbaanonderbreking worden betaald volgens het normale |
loon. De werkgever bij wie de werknemer uit dienst gaat, levert de | loon. De werkgever bij wie de werknemer uit dienst gaat, levert de |
werknemer een apart attest af met vermelding van het aantal | werknemer een apart attest af met vermelding van het aantal |
compensatiedagen dat nog niet werd opgenomen. | compensatiedagen dat nog niet werd opgenomen. |
De nieuwe werkgever die onder de toepassing valt van deze collectieve | De nieuwe werkgever die onder de toepassing valt van deze collectieve |
arbeidsovereenkomst, kent overeenkomstig deze collectieve | arbeidsovereenkomst, kent overeenkomstig deze collectieve |
arbeidsovereenkomst de overgedragen compensatiedagen toe, zonder dat | arbeidsovereenkomst de overgedragen compensatiedagen toe, zonder dat |
daardoor evenwel het totale recht voor dat jaar, bepaald op basis van | daardoor evenwel het totale recht voor dat jaar, bepaald op basis van |
artikelen 2 en 3, kan worden overschreden. De werknemer heeft bij het | artikelen 2 en 3, kan worden overschreden. De werknemer heeft bij het |
opnemen van de overgedragen compensatiedagen geen recht op loon. | opnemen van de overgedragen compensatiedagen geen recht op loon. |
Art. 9.De middelen van het "Vlaams Intersectoraal Akkoord voor de |
Art. 9.De middelen van het "Vlaams Intersectoraal Akkoord voor de |
social profitsector 2000-2005" bedoeld voor deze maatregel worden | social profitsector 2000-2005" bedoeld voor deze maatregel worden |
aangewend om compenserende tewerkstelling te realiseren. De | aangewend om compenserende tewerkstelling te realiseren. De |
modaliteiten hiervan worden op een later tijdstip, binnen het | modaliteiten hiervan worden op een later tijdstip, binnen het |
decretaal kader hieromtrent, in een paritair overleg geconcretiseerd. | decretaal kader hieromtrent, in een paritair overleg geconcretiseerd. |
HOOFDSTUK III. - Inwerkingtreding | HOOFDSTUK III. - Inwerkingtreding |
Art. 10.Deze collectieve arbeidsovereenkomst vervangt de collectieve |
Art. 10.Deze collectieve arbeidsovereenkomst vervangt de collectieve |
arbeidsovereenkomst van 26 februari 2002 betreffende de vrijstelling | arbeidsovereenkomst van 26 februari 2002 betreffende de vrijstelling |
van arbeidsprestaties met behoud van loon voor oudere werknemers in de | van arbeidsprestaties met behoud van loon voor oudere werknemers in de |
sociale werkplaatsen, registratienummer 62485/CO/327, en treedt in | sociale werkplaatsen, registratienummer 62485/CO/327, en treedt in |
werking op 1 januari 2019. | werking op 1 januari 2019. |
Zij is gesloten voor onbepaalde duur en kan worden opgezegd door elk | Zij is gesloten voor onbepaalde duur en kan worden opgezegd door elk |
van de partijen met betekening van een opzegtermijn van 6 maanden bij | van de partijen met betekening van een opzegtermijn van 6 maanden bij |
een ter post aangetekende brief gericht aan de voorzitter van het | een ter post aangetekende brief gericht aan de voorzitter van het |
Paritair Subcomité voor de Vlaamse sector van de beschutte | Paritair Subcomité voor de Vlaamse sector van de beschutte |
werkplaatsen, de sociale werkplaatsen en de maatwerkbedrijven. | werkplaatsen, de sociale werkplaatsen en de maatwerkbedrijven. |
Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 28 mei | Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 28 mei |
2019. | 2019. |
De Minister van Werk, | De Minister van Werk, |
K. PEETERS | K. PEETERS |
Bijlage aan de collectieve arbeidsovereenkomst van 22 januari 2019, | Bijlage aan de collectieve arbeidsovereenkomst van 22 januari 2019, |
gesloten in het Paritair Subcomité voor de Vlaamse sector van de | gesloten in het Paritair Subcomité voor de Vlaamse sector van de |
beschutte werkplaatsen, de sociale werkplaatsen en de | beschutte werkplaatsen, de sociale werkplaatsen en de |
maatwerkbedrijven, betreffende de vrijstelling van arbeidsprestaties | maatwerkbedrijven, betreffende de vrijstelling van arbeidsprestaties |
met behoud van loon voor oudere werknemers in de sociale werkplaatsen | met behoud van loon voor oudere werknemers in de sociale werkplaatsen |
Tabel compensatiedagen vanaf 45 jaar | Tabel compensatiedagen vanaf 45 jaar |
Bestaande extra verlofdagen (1) | Bestaande extra verlofdagen (1) |
Compensatiedagen vanaf 45 jaar | Compensatiedagen vanaf 45 jaar |
Totaal compensatiedagen vanaf 45 jaar (2) | Totaal compensatiedagen vanaf 45 jaar (2) |
0 | 0 |
+ 7 | + 7 |
7 | 7 |
1 | 1 |
+ 6,5 | + 6,5 |
7,5 | 7,5 |
2 | 2 |
+ 6 | + 6 |
8 | 8 |
3 | 3 |
+ 5,5 | + 5,5 |
8,5 | 8,5 |
4 | 4 |
+ 5 | + 5 |
9 | 9 |
5 | 5 |
+ 4,5 | + 4,5 |
9,5 | 9,5 |
6 | 6 |
+ 4 | + 4 |
10 | 10 |
7 | 7 |
+ 3,5 | + 3,5 |
10,5 | 10,5 |
8 | 8 |
+ 3 | + 3 |
11 | 11 |
9 | 9 |
+ 2,5 | + 2,5 |
11,5 | 11,5 |
? 10 | ? 10 |
enz. | enz. |
enz. | enz. |
Tabel compensatiedagen vanaf 55 jaar | Tabel compensatiedagen vanaf 55 jaar |
Bestaande extra verlofdagen (1) | Bestaande extra verlofdagen (1) |
Compensatiedagen vanaf 55 jaar | Compensatiedagen vanaf 55 jaar |
Totaal compensatiedagen vanaf 55 jaar (2) | Totaal compensatiedagen vanaf 55 jaar (2) |
0 | 0 |
+ 9 | + 9 |
9 | 9 |
1 | 1 |
+ 8,5 | + 8,5 |
9,5 | 9,5 |
2 | 2 |
+ 8 | + 8 |
10 | 10 |
3 | 3 |
+ 7,5 | + 7,5 |
10,5 | 10,5 |
4 | 4 |
+ 7 | + 7 |
11 | 11 |
5 | 5 |
+ 6,5 | + 6,5 |
11,5 | 11,5 |
6 | 6 |
+ 6 | + 6 |
12 | 12 |
7 | 7 |
+ 5,5 | + 5,5 |
12,5 | 12,5 |
8 | 8 |
+ 5 | + 5 |
13 | 13 |
9 | 9 |
+ 4,5 | + 4,5 |
13,5 | 13,5 |
? 10 | ? 10 |
enz. | enz. |
enz. | enz. |
Tabel compensatiedagen vanaf 58 jaar | Tabel compensatiedagen vanaf 58 jaar |
Bestaande extra verlofdagen (1) | Bestaande extra verlofdagen (1) |
Compensatiedagen vanaf 58 jaar | Compensatiedagen vanaf 58 jaar |
Totaal compensatiedagen vanaf 58 jaar (2) | Totaal compensatiedagen vanaf 58 jaar (2) |
0 | 0 |
+ 10 | + 10 |
10 | 10 |
1 | 1 |
+ 9,5 | + 9,5 |
10,5 | 10,5 |
2 | 2 |
+ 9 | + 9 |
11 | 11 |
3 | 3 |
+ 8,5 | + 8,5 |
11,5 | 11,5 |
4 | 4 |
+ 8 | + 8 |
12 | 12 |
5 | 5 |
+ 7,5 | + 7,5 |
12,5 | 12,5 |
6 | 6 |
+ 7 | + 7 |
13 | 13 |
7 | 7 |
+ 6,5 | + 6,5 |
13,5 | 13,5 |
8 | 8 |
+ 6 | + 6 |
14 | 14 |
9 | 9 |
+ 5,5 | + 5,5 |
14,5 | 14,5 |
? 10 | ? 10 |
enz. | enz. |
enz. | enz. |
(1) Op voltijdse basis gerekend, het aantal extra verlofdagen volgens | (1) Op voltijdse basis gerekend, het aantal extra verlofdagen volgens |
bestaande rechten, waaronder verstaan : | bestaande rechten, waaronder verstaan : |
1. betaalde vakantiedagen bovenop de vier wettelijke weken; | 1. betaalde vakantiedagen bovenop de vier wettelijke weken; |
2. extra feestdagen buiten de tien wettelijke dagen; | 2. extra feestdagen buiten de tien wettelijke dagen; |
3. anciënniteitsverlofdagen; | 3. anciënniteitsverlofdagen; |
4. compensatiedagen voor een arbeidsduurverkorting onder de 38 uur per | 4. compensatiedagen voor een arbeidsduurverkorting onder de 38 uur per |
week. | week. |
(2) Met inbegrip dus van de bestaande extra verlofdagen. | (2) Met inbegrip dus van de bestaande extra verlofdagen. |
Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 28 mei | Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 28 mei |
2019. | 2019. |
De Minister van Werk, | De Minister van Werk, |
K. PEETERS | K. PEETERS |