← Terug naar "Koninklijk besluit tot goedkeuring van het reglement betreffende het verlenen van eervolle onderscheidingen in de Nationale Orden aan de leden van de geïntegreerde politiediensten "
Koninklijk besluit tot goedkeuring van het reglement betreffende het verlenen van eervolle onderscheidingen in de Nationale Orden aan de leden van de geïntegreerde politiediensten | Koninklijk besluit tot goedkeuring van het reglement betreffende het verlenen van eervolle onderscheidingen in de Nationale Orden aan de leden van de geïntegreerde politiediensten |
---|---|
FEDERALE OVERHEIDSDIENST BUITENLANDSE ZAKEN, BUITENLANDSE HANDEL EN | FEDERALE OVERHEIDSDIENST BUITENLANDSE ZAKEN, BUITENLANDSE HANDEL EN |
ONTWIKKELINGSSAMENWERKING | ONTWIKKELINGSSAMENWERKING |
27 JANUARI 2008. - Koninklijk besluit tot goedkeuring van het | 27 JANUARI 2008. - Koninklijk besluit tot goedkeuring van het |
reglement betreffende het verlenen van eervolle onderscheidingen in de | reglement betreffende het verlenen van eervolle onderscheidingen in de |
Nationale Orden aan de leden van de geïntegreerde politiediensten | Nationale Orden aan de leden van de geïntegreerde politiediensten |
ALBERT II, Koning der Belgen, | ALBERT II, Koning der Belgen, |
Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. | Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. |
Gelet op het wet van 1 mei 2006 betreffende de toekenning van eervolle | Gelet op het wet van 1 mei 2006 betreffende de toekenning van eervolle |
onderscheidingen in de Nationale Orden, inzonderheid op artikel 3; | onderscheidingen in de Nationale Orden, inzonderheid op artikel 3; |
Gelet op het koninklijk besluit van 13 oktober 2006 tot vaststelling | Gelet op het koninklijk besluit van 13 oktober 2006 tot vaststelling |
van de regels en de procedure tot toekenning van eervolle | van de regels en de procedure tot toekenning van eervolle |
onderscheidingen in de Nationale Orden, inzonderheid op artikel 2; | onderscheidingen in de Nationale Orden, inzonderheid op artikel 2; |
Gelet op het advies van de Eerste Minister, gegeven op 21 maart 2007; | Gelet op het advies van de Eerste Minister, gegeven op 21 maart 2007; |
Gelet op het advies van de Inspecteur van Financiën, gegeven op 26 | Gelet op het advies van de Inspecteur van Financiën, gegeven op 26 |
april 2007; | april 2007; |
Gelet op het advies 43.270/2 van de Raad van State, gegeven op 4 juli | Gelet op het advies 43.270/2 van de Raad van State, gegeven op 4 juli |
2007, met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 1°, van de | 2007, met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 1°, van de |
gecoördineerde wetten op de Raad van State, vervangen bij de wet van 2 | gecoördineerde wetten op de Raad van State, vervangen bij de wet van 2 |
april 2003; | april 2003; |
Gelet op de voordracht van Onze Minister van Binnenlandse Zaken; | Gelet op de voordracht van Onze Minister van Binnenlandse Zaken; |
Op de voordracht van Onze Minister van Buitenlandse Zaken, | Op de voordracht van Onze Minister van Buitenlandse Zaken, |
Besluit : | Besluit : |
Artikel 1.Het bij dit besluit gevoegde reglement betreffende het |
Artikel 1.Het bij dit besluit gevoegde reglement betreffende het |
verlenen van eervolle onderscheidingen in de Nationale Orden aan de | verlenen van eervolle onderscheidingen in de Nationale Orden aan de |
leden van de geïntegreerde politiediensten wordt goedgekeurd. | leden van de geïntegreerde politiediensten wordt goedgekeurd. |
Art. 2.Dit besluit heeft uitwerking met ingang van 8 april 2001. |
Art. 2.Dit besluit heeft uitwerking met ingang van 8 april 2001. |
Art. 3.Onze Minister van Buitenlandse Zaken is belast met de |
Art. 3.Onze Minister van Buitenlandse Zaken is belast met de |
uitvoering van dit besluit. | uitvoering van dit besluit. |
Gegeven te Brussel, 27 januari 2008. | Gegeven te Brussel, 27 januari 2008. |
ALBERT | ALBERT |
Van Koningswege : | Van Koningswege : |
De Minister van Buitenlandse Zaken, | De Minister van Buitenlandse Zaken, |
K. DE GUCHT | K. DE GUCHT |
Bijlage bij het koninklijk besluit tot goedkeuring van het reglement | Bijlage bij het koninklijk besluit tot goedkeuring van het reglement |
betreffende het verlenen van eervolle onderscheidingen in de Nationale | betreffende het verlenen van eervolle onderscheidingen in de Nationale |
Orden aan de leden van de geïntegreerde politiediensten | Orden aan de leden van de geïntegreerde politiediensten |
Reglement betreffende het verlenen van eervolle onderscheidingen in de | Reglement betreffende het verlenen van eervolle onderscheidingen in de |
nationale orden | nationale orden |
aan de leden van de geïntegreerde politiediensten | aan de leden van de geïntegreerde politiediensten |
1. De tabel in bijlage 1 bij dit reglement, « Tabel van het verlenen | 1. De tabel in bijlage 1 bij dit reglement, « Tabel van het verlenen |
van eervolle onderscheidingen in de Nationale Orden aan de leden van | van eervolle onderscheidingen in de Nationale Orden aan de leden van |
de geïntegreerde politiediensten », geeft de krachtlijnen weer van de | de geïntegreerde politiediensten », geeft de krachtlijnen weer van de |
toekenningen voor het personeel van de Geïntegreerde Politie met als | toekenningen voor het personeel van de Geïntegreerde Politie met als |
verticaal criterium het vereiste minimum aantal jaren anciënniteit en | verticaal criterium het vereiste minimum aantal jaren anciënniteit en |
als horizontaal criterium de groepen van functies, niveaus en graden | als horizontaal criterium de groepen van functies, niveaus en graden |
van de politiediensten die de toekenning van een onderscheiding in de | van de politiediensten die de toekenning van een onderscheiding in de |
Nationale Orden, zoals vermeld in bijlage 2, mogelijk maken. | Nationale Orden, zoals vermeld in bijlage 2, mogelijk maken. |
2. De anciënniteit als bedoeld in de tabel van het verlenen van | 2. De anciënniteit als bedoeld in de tabel van het verlenen van |
eervolle onderscheidingen in de Nationale Orden aan de leden van de | eervolle onderscheidingen in de Nationale Orden aan de leden van de |
geïntegreerde politiediensten (10-20-30 jaar) omvat ook de statutaire | geïntegreerde politiediensten (10-20-30 jaar) omvat ook de statutaire |
anciënniteit bij de (federale, gefedereerde of plaatselijke) overheid. | anciënniteit bij de (federale, gefedereerde of plaatselijke) overheid. |
3. In dit reglement wordt de minimumleeftijd om toegelaten te worden | 3. In dit reglement wordt de minimumleeftijd om toegelaten te worden |
in de nationale orden, vastgelegd op 40 jaar. | in de nationale orden, vastgelegd op 40 jaar. |
Indien een persoon op de leeftijd van 40 jaar voldoet aan de | Indien een persoon op de leeftijd van 40 jaar voldoet aan de |
voorwaarden om 2 onderscheidingen te krijgen, krijgt zij de | voorwaarden om 2 onderscheidingen te krijgen, krijgt zij de |
onderscheiding die het eerst voorzien wordt in de tabel. De andere | onderscheiding die het eerst voorzien wordt in de tabel. De andere |
onderscheidingen worden vervolgens toegekend in de volgorde van de | onderscheidingen worden vervolgens toegekend in de volgorde van de |
tabel, waarbij de in artikel 4 voorziene termijn nageleefd wordt. | tabel, waarbij de in artikel 4 voorziene termijn nageleefd wordt. |
4. Er is een tussentijd van 10 jaar vereist tussen twee toekenningen | 4. Er is een tussentijd van 10 jaar vereist tussen twee toekenningen |
in de nationale orden ten gunste van dezelfde persoon, behalve wanneer | in de nationale orden ten gunste van dezelfde persoon, behalve wanneer |
het gaat om onderscheidingen uitgereikt voor oorlogsdaden. | het gaat om onderscheidingen uitgereikt voor oorlogsdaden. |
5. De functie moet al minstens 2 jaar uitgeoefend worden om de | 5. De functie moet al minstens 2 jaar uitgeoefend worden om de |
toekenning van de voorziene onderscheiding mogelijk te maken. | toekenning van de voorziene onderscheiding mogelijk te maken. |
Bovendien is, voor de personeelsleden van groep A, de toekenning van | Bovendien is, voor de personeelsleden van groep A, de toekenning van |
de laatste onderscheiding die door de tabel voorzien wordt, | de laatste onderscheiding die door de tabel voorzien wordt, |
ondergeschikt aan een niveauanciënniteit van 25 jaar. Indien deze | ondergeschikt aan een niveauanciënniteit van 25 jaar. Indien deze |
anciënniteit niet bereikt is, zal er een onderscheiding van een één | anciënniteit niet bereikt is, zal er een onderscheiding van een één |
graad lager in de gecombineerde hiërarchie van de drie Orden toegekend | graad lager in de gecombineerde hiërarchie van de drie Orden toegekend |
kunnen worden. | kunnen worden. |
6. Voor de toepassing van dit reglement wordt geen rekening gehouden | 6. Voor de toepassing van dit reglement wordt geen rekening gehouden |
met een tijdelijke uitoefening van hogere functies dan de effectieve | met een tijdelijke uitoefening van hogere functies dan de effectieve |
hiërarchische stand. | hiërarchische stand. |
7. De leden van de Geïntegreerde Politie kunnen geen onderscheiding in | 7. De leden van de Geïntegreerde Politie kunnen geen onderscheiding in |
de Nationale oOrden krijgen in een andere hoedanigheid. | de Nationale oOrden krijgen in een andere hoedanigheid. |
Er wordt enkel een uitzondering gemaakt betreffende : | Er wordt enkel een uitzondering gemaakt betreffende : |
1° de onderscheidingen voor oorlogsdaden; | 1° de onderscheidingen voor oorlogsdaden; |
2° de reserveofficieren, die kunnen kiezen tussen het administratief | 2° de reserveofficieren, die kunnen kiezen tussen het administratief |
reglement en het militair reglement; deze keuze geldt verplicht voor | reglement en het militair reglement; deze keuze geldt verplicht voor |
de hele duur van de inschrijving van de betrokkenen in het | de hele duur van de inschrijving van de betrokkenen in het |
reservekader van het Leger. | reservekader van het Leger. |
8. De toekenning van een onderscheiding door een Minister van wie de | 8. De toekenning van een onderscheiding door een Minister van wie de |
persoon in kwestie niet afhangt, is ondergeschikt aan de voorafgaande | persoon in kwestie niet afhangt, is ondergeschikt aan de voorafgaande |
goedkeuring van de toezichthoudende Minister. | goedkeuring van de toezichthoudende Minister. |
Er wordt enkel een uitzondering op deze regel gemaakt in het geval van | Er wordt enkel een uitzondering op deze regel gemaakt in het geval van |
een eventuele aanwezigheid van de betrokkene in de rangen van het | een eventuele aanwezigheid van de betrokkene in de rangen van het |
Leger, in oorlogstijd. | Leger, in oorlogstijd. |
9. De niet-statutaire personeelsleden krijgen geen onderscheiding. Na | 9. De niet-statutaire personeelsleden krijgen geen onderscheiding. Na |
hun benoeming wordt de tijd als niet-statutair personeelslid echter | hun benoeming wordt de tijd als niet-statutair personeelslid echter |
geteld als zijnde uitgeoefend in een definitieve situatie, indien die | geteld als zijnde uitgeoefend in een definitieve situatie, indien die |
termijn een ononderbroken geheel vormt. | termijn een ononderbroken geheel vormt. |
10. De tijd die men in legerdienst doorbrengt tijdens zijn | 10. De tijd die men in legerdienst doorbrengt tijdens zijn |
administratieve loopbaan, wordt hier niet van afgetrokken. | administratieve loopbaan, wordt hier niet van afgetrokken. |
11. Het personeel van de Geïntegreerde Politie zal geen onderscheiding | 11. Het personeel van de Geïntegreerde Politie zal geen onderscheiding |
kunnen krijgen indien de eindvermelding « onvoldoende » werd toegekend | kunnen krijgen indien de eindvermelding « onvoldoende » werd toegekend |
bij de evaluatie. | bij de evaluatie. |
12. Elke toekenning gebeurt in de beweging die voorafgaat aan het | 12. Elke toekenning gebeurt in de beweging die voorafgaat aan het |
moment waarop de betrokken persoon exact aan de voorwaarden voldoet om | moment waarop de betrokken persoon exact aan de voorwaarden voldoet om |
een onderscheiding te krijgen. | een onderscheiding te krijgen. |
13. Er wordt geen enkele termijn opgelegd tussen een toekenning in de | 13. Er wordt geen enkele termijn opgelegd tussen een toekenning in de |
Nationale Orden en de toekenning van een onderscheiding van een andere | Nationale Orden en de toekenning van een onderscheiding van een andere |
aard. | aard. |
14. Bijzondere afwezigheden | 14. Bijzondere afwezigheden |
a. afwezigheid van lange duur wegens persoonlijke aangelegenheden : | a. afwezigheid van lange duur wegens persoonlijke aangelegenheden : |
deze tijd komt niet in aanmerking voor de toekenning van een | deze tijd komt niet in aanmerking voor de toekenning van een |
onderscheiding. | onderscheiding. |
b. verlof voorafgaand aan de pensionering : | b. verlof voorafgaand aan de pensionering : |
deze tijd komt niet in aanmerking voor de toekenning van | deze tijd komt niet in aanmerking voor de toekenning van |
onderscheiding. | onderscheiding. |
c. tijdelijk pensionering om gezondheidsredenen : | c. tijdelijk pensionering om gezondheidsredenen : |
(1) in geval van definitieve opruststelling na verloop van de | (1) in geval van definitieve opruststelling na verloop van de |
tijdelijke pensionering : | tijdelijke pensionering : |
de tijdelijke pensioneringstijd komt niet in aanmerking voor een | de tijdelijke pensioneringstijd komt niet in aanmerking voor een |
onderscheiding; | onderscheiding; |
(2) ingeval van herneming van de dienst : | (2) ingeval van herneming van de dienst : |
de tijdelijke pensioneringstijd komt wel in aanmerking voor een | de tijdelijke pensioneringstijd komt wel in aanmerking voor een |
onderscheiding. | onderscheiding. |
d. andere | d. andere |
bevallingsverlof, vaderschapsverlof, ouderschapsverlof, opvangverlof | bevallingsverlof, vaderschapsverlof, ouderschapsverlof, opvangverlof |
voor adoptie, verlof om dwingende redenen van familiaal belang, | voor adoptie, verlof om dwingende redenen van familiaal belang, |
ziekteverlof, disponibiliteit wegens ziekte, verlof voor het | ziekteverlof, disponibiliteit wegens ziekte, verlof voor het |
uitoefenen van een ambt bij een secretariaat, de cel algemene | uitoefenen van een ambt bij een secretariaat, de cel algemene |
beleidscoördinatie of een cel algemeen beleid, bij een kabinet van een | beleidscoördinatie of een cel algemeen beleid, bij een kabinet van een |
federaal, gemeenschaps-, gewestelijk, provinciaal of lokaal politiek | federaal, gemeenschaps-, gewestelijk, provinciaal of lokaal politiek |
mandataris of bij een kabinet van een politiek mandataris van de | mandataris of bij een kabinet van een politiek mandataris van de |
wetgevende macht, verlof voor opdracht van algemeen belang (indien het | wetgevende macht, verlof voor opdracht van algemeen belang (indien het |
algemeen belang erkend wordt), verlof voor loopbaanonderbreking (met | algemeen belang erkend wordt), verlof voor loopbaanonderbreking (met |
een beperking voor 14 a). | een beperking voor 14 a). |
Deze afwezigheden komen in aanmerking voor de toekenning van een | Deze afwezigheden komen in aanmerking voor de toekenning van een |
onderscheiding. | onderscheiding. |
15. Tuchtstraffen | 15. Tuchtstraffen |
De tuchtstraffen hieronder veroorzaken de volgende vertragingen in de | De tuchtstraffen hieronder veroorzaken de volgende vertragingen in de |
duur : | duur : |
waarschuwing 6 maanden | waarschuwing 6 maanden |
blaam 9 maanden | blaam 9 maanden |
inhouding van wedde 1 jaar | inhouding van wedde 1 jaar |
schorsing bij tuchtmaatregel 2 jaar | schorsing bij tuchtmaatregel 2 jaar |
terugzetting (weddenschaal) 3 jaar | terugzetting (weddenschaal) 3 jaar |
Deze termijnen beginnen te lopen op de datum waarop de straf | Deze termijnen beginnen te lopen op de datum waarop de straf |
uitgesproken werd. In die gevallen gebeurt de toekenning van een | uitgesproken werd. In die gevallen gebeurt de toekenning van een |
onderscheiding tijdens de eerstvolgende beweging na de bovenvermelde | onderscheiding tijdens de eerstvolgende beweging na de bovenvermelde |
termijn. | termijn. |
16. Elke afwijking aan dit reglement wordt onderworpen aan de | 16. Elke afwijking aan dit reglement wordt onderworpen aan de |
procedure voorzien door de wet van 1 mei 2006 betreffende de | procedure voorzien door de wet van 1 mei 2006 betreffende de |
toekenning van eretekens in de Nationale Orden, inzonderheid in de | toekenning van eretekens in de Nationale Orden, inzonderheid in de |
artikelen 6 en 13. | artikelen 6 en 13. |
Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld | Voor de raadpleging van de tabel, zie beeld |
Gezien om te worden gevoegd bij Ons besluit van 27 januari 2008 tot | Gezien om te worden gevoegd bij Ons besluit van 27 januari 2008 tot |
goedkeuring van het reglement betreffende het verlenen van eervolle | goedkeuring van het reglement betreffende het verlenen van eervolle |
onderscheidingen in de nationale orden aan de leden van de | onderscheidingen in de nationale orden aan de leden van de |
geïntegreerde politiediensten. | geïntegreerde politiediensten. |
ALBERT | ALBERT |
Van Koningswege : | Van Koningswege : |
De Minister van Buitenlandse Zaken, | De Minister van Buitenlandse Zaken, |
K. DE GUCHT | K. DE GUCHT |