Etaamb.openjustice.be
Meertalige weergave van Koninklijk Besluit van 26/11/2012
← Terug naar "Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 6 juni 2011, gesloten in het Paritair Subcomité voor het bedrijf der hardsteengroeven en der groeven van uit te houwen kalksteen in de provincie Henegouwen, betreffende het conventioneel brugpensioen op 56 jaar "
Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 6 juni 2011, gesloten in het Paritair Subcomité voor het bedrijf der hardsteengroeven en der groeven van uit te houwen kalksteen in de provincie Henegouwen, betreffende het conventioneel brugpensioen op 56 jaar Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 6 juni 2011, gesloten in het Paritair Subcomité voor het bedrijf der hardsteengroeven en der groeven van uit te houwen kalksteen in de provincie Henegouwen, betreffende het conventioneel brugpensioen op 56 jaar
FEDERALE OVERHEIDSDIENST WERKGELEGENHEID, ARBEID EN SOCIAAL OVERLEG FEDERALE OVERHEIDSDIENST WERKGELEGENHEID, ARBEID EN SOCIAAL OVERLEG
26 NOVEMBER 2012. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend 26 NOVEMBER 2012. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend
wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 6 juni 2011, wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 6 juni 2011,
gesloten in het Paritair Subcomité voor het bedrijf der gesloten in het Paritair Subcomité voor het bedrijf der
hardsteengroeven en der groeven van uit te houwen kalksteen in de hardsteengroeven en der groeven van uit te houwen kalksteen in de
provincie Henegouwen, betreffende het conventioneel brugpensioen op 56 provincie Henegouwen, betreffende het conventioneel brugpensioen op 56
jaar (1) jaar (1)
ALBERT II, Koning der Belgen, ALBERT II, Koning der Belgen,
Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.
Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve
arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel
28; 28;
Gelet op de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 17 gesloten op 19 Gelet op de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 17 gesloten op 19
december 1974 in de Nationale Arbeidsraad, tot invoering van een december 1974 in de Nationale Arbeidsraad, tot invoering van een
regeling van aanvullende vergoeding ten gunste van sommige bejaarde regeling van aanvullende vergoeding ten gunste van sommige bejaarde
werknemers indien zij worden ontslagen, algemeen verbindend verklaard werknemers indien zij worden ontslagen, algemeen verbindend verklaard
bij koninklijk besluit van 16 januari 1975; bij koninklijk besluit van 16 januari 1975;
Gelet op de wet van 26 maart 1999 betreffende het Belgisch actieplan Gelet op de wet van 26 maart 1999 betreffende het Belgisch actieplan
voor de werkgelegenheid 1998 en houdende diverse bepalingen; voor de werkgelegenheid 1998 en houdende diverse bepalingen;
Gelet op het koninklijk besluit van 3 mei 2007 tot regeling van het Gelet op het koninklijk besluit van 3 mei 2007 tot regeling van het
conventioneel brugpensioen in het kader van het Generatiepact; conventioneel brugpensioen in het kader van het Generatiepact;
Gelet op het verzoek van het Paritair Subcomité voor het bedrijf der Gelet op het verzoek van het Paritair Subcomité voor het bedrijf der
hardsteengroeven en der groeven van uit te houwen kalksteen in de hardsteengroeven en der groeven van uit te houwen kalksteen in de
provincie Henegouwen; provincie Henegouwen;
Op de voordracht van de Minister van Werk, Op de voordracht van de Minister van Werk,
Hebben Wij besloten en besluiten Wij : Hebben Wij besloten en besluiten Wij :

Artikel 1.Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend verklaard de

Artikel 1.Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend verklaard de

collectieve arbeidsovereenkomst van 6 juni 2011, gesloten in het collectieve arbeidsovereenkomst van 6 juni 2011, gesloten in het
Paritair Subcomité voor het bedrijf der hardsteengroeven en der Paritair Subcomité voor het bedrijf der hardsteengroeven en der
groeven van uit te houwen kalksteen in de provincie Henegouwen, groeven van uit te houwen kalksteen in de provincie Henegouwen,
betreffende het conventioneel brugpensioen op 56 jaar. betreffende het conventioneel brugpensioen op 56 jaar.

Art. 2.De minister bevoegd voor Werk is belast met de uitvoering van

Art. 2.De minister bevoegd voor Werk is belast met de uitvoering van

dit besluit. dit besluit.
Gegeven te Brussel, 26 november 2012. Gegeven te Brussel, 26 november 2012.
ALBERT ALBERT
Van Koningswege : Van Koningswege :
De Minister van Werk, De Minister van Werk,
Mevr. M. DE CONINCK Mevr. M. DE CONINCK
_______ _______
Nota Nota
(1) Verwijzingen naar het Belgisch Staatsblad : (1) Verwijzingen naar het Belgisch Staatsblad :
Wet van 5 december 1968, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969. Wet van 5 december 1968, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969.
Koninklijk besluit van 16 januari 1975, Belgisch Staatsblad van 31 Koninklijk besluit van 16 januari 1975, Belgisch Staatsblad van 31
januari 1975. januari 1975.
Wet van 26 maart 1999, Belgisch Staatsblad van 1 april 1999. Wet van 26 maart 1999, Belgisch Staatsblad van 1 april 1999.
Koninklijk besluit van 3 mei 2007, Belgisch Staatsblad van 8 juni Koninklijk besluit van 3 mei 2007, Belgisch Staatsblad van 8 juni
2007. 2007.
Koninklijk besluit van 10 september 2010, Belgisch Staatsblad van 14 Koninklijk besluit van 10 september 2010, Belgisch Staatsblad van 14
oktober 2010. oktober 2010.
Bijlage Bijlage
Paritair Subcomité voor het bedrijf der hardsteengroeven en der Paritair Subcomité voor het bedrijf der hardsteengroeven en der
groeven van uit te houwen kalksteen in de provincie Henegouwen groeven van uit te houwen kalksteen in de provincie Henegouwen
Collectieve arbeidsovereenkomst van 6 juni 2011 Collectieve arbeidsovereenkomst van 6 juni 2011
Conventioneel brugpensioen op 56 jaar (Overeenkomst geregistreerd op Conventioneel brugpensioen op 56 jaar (Overeenkomst geregistreerd op
27 juli 2011 onder het nummer 104902/CO/102.01) 27 juli 2011 onder het nummer 104902/CO/102.01)
HOOFDSTUK I. - Toepassingsgebied HOOFDSTUK I. - Toepassingsgebied

Artikel 1.Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing op

Artikel 1.Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing op

de werkgevers en de werknemers van de ondernemingen die ressorteren de werkgevers en de werknemers van de ondernemingen die ressorteren
onder het Paritair Subcomité voor het bedrijf der hardsteengroeven en onder het Paritair Subcomité voor het bedrijf der hardsteengroeven en
der groeven van uit te houwen kalksteen in de provincie Henegouwen. der groeven van uit te houwen kalksteen in de provincie Henegouwen.
Onder "werknemers" verstaat men : de werklieden en werksters. Onder "werknemers" verstaat men : de werklieden en werksters.
HOOFDSTUK II. - Bepalingen HOOFDSTUK II. - Bepalingen

Art. 2.Deze collectieve arbeidsovereenkomst is gesloten in uitvoering

Art. 2.Deze collectieve arbeidsovereenkomst is gesloten in uitvoering

van hoofdstuk VII van de wet van 12 april 2011 houdende aanpassing van van hoofdstuk VII van de wet van 12 april 2011 houdende aanpassing van
de wet van 1 februari 2011 houdende verlenging van de de wet van 1 februari 2011 houdende verlenging van de
crisismaatregelen en uitvoering van het interprofessioneel akkoord, en crisismaatregelen en uitvoering van het interprofessioneel akkoord, en
tot uitvoering van het compromis van de Regering met betrekking tot tot uitvoering van het compromis van de Regering met betrekking tot
het ontwerp van interprofessioneel akkoord (Belgisch Staatsblad van 28 het ontwerp van interprofessioneel akkoord (Belgisch Staatsblad van 28
april 2011). april 2011).

Art. 3.In uitvoering van afdeling VI van hoofdstuk III van de wet van

Art. 3.In uitvoering van afdeling VI van hoofdstuk III van de wet van

26 maart 1999 betreffende het Belgisch actieplan voor de 26 maart 1999 betreffende het Belgisch actieplan voor de
werkgelegenheid 1998 en houdende diverse bepalingen (Belgisch werkgelegenheid 1998 en houdende diverse bepalingen (Belgisch
Staatsblad van 1 april 1999) en onverminderd de bepalingen van het Staatsblad van 1 april 1999) en onverminderd de bepalingen van het
koninklijk besluit van 3 mei 2007 tot regeling van het conventioneel koninklijk besluit van 3 mei 2007 tot regeling van het conventioneel
brugpensioen in het kader van het Generatiepact (Belgisch Staatsblad brugpensioen in het kader van het Generatiepact (Belgisch Staatsblad
van 8 juni 2007), wordt met ingang van 1 januari 1999 het principe van van 8 juni 2007), wordt met ingang van 1 januari 1999 het principe van
de toepassing van een regeling van conventioneel brugpensioen in deze de toepassing van een regeling van conventioneel brugpensioen in deze
sector aanvaard voor het personeel dat voor deze formule opteert en sector aanvaard voor het personeel dat voor deze formule opteert en
tussen 1 januari 2011 en 31 december 2012 de leeftijd van 56 jaar zal tussen 1 januari 2011 en 31 december 2012 de leeftijd van 56 jaar zal
bereiken of reeds bereikt heeft en die 20 jaar arbeid in een stelsel bereiken of reeds bereikt heeft en die 20 jaar arbeid in een stelsel
van ploegenarbeid met nachtprestaties, zoals bepaald in artikel 1 van van ploegenarbeid met nachtprestaties, zoals bepaald in artikel 1 van
collectieve arbeidsovereenkomst nummer 46, gesloten op 23 maart 1990 collectieve arbeidsovereenkomst nummer 46, gesloten op 23 maart 1990
in de Nationale Arbeidsraad, algemeen verbindend verklaard bij in de Nationale Arbeidsraad, algemeen verbindend verklaard bij
koninklijk besluit van 10 mei 1990, hebben. koninklijk besluit van 10 mei 1990, hebben.

Art. 4.a) De leeftijd van het brugpensioen van de werknemers die 33

Art. 4.a) De leeftijd van het brugpensioen van de werknemers die 33

jaar beroepsverleden als loontrekkende kunnen rechtvaardigen, berekend jaar beroepsverleden als loontrekkende kunnen rechtvaardigen, berekend
overeenkomstig artikel 114, § 4, van het koninklijk besluit van 25 overeenkomstig artikel 114, § 4, van het koninklijk besluit van 25
november 1991 houdende de werkloosheidsreglementering, wordt op 56 november 1991 houdende de werkloosheidsreglementering, wordt op 56
jaar gebracht vanaf 1999. jaar gebracht vanaf 1999.
b) Voor de toepassingsmodaliteiten van dit beroepsverleden, wordt de b) Voor de toepassingsmodaliteiten van dit beroepsverleden, wordt de
gelijkstelling voor de dagen van volledige werkloosheid tot een gelijkstelling voor de dagen van volledige werkloosheid tot een
maximum van 5 jaar gedurende de loopbaan beperkt. maximum van 5 jaar gedurende de loopbaan beperkt.

Art. 5.De toepassing van de verschillende bepalingen overeenkomstig

Art. 5.De toepassing van de verschillende bepalingen overeenkomstig

de artikelen 3 en 4 is onderhevig aan volgende regelingen : de artikelen 3 en 4 is onderhevig aan volgende regelingen :
a) het brugpensioen op 56 jaar zal toegestaan worden voor zover de a) het brugpensioen op 56 jaar zal toegestaan worden voor zover de
werknemers die een beroepsverleden van 33 jaar, werknemers die een beroepsverleden van 33 jaar,
gelijkstellingsperiodes inbegrepen, kunnen getuigen; gelijkstellingsperiodes inbegrepen, kunnen getuigen;
b) voor de bruggepensioneerden is er verplichting tot vervanging. b) voor de bruggepensioneerden is er verplichting tot vervanging.

Art. 6.Met toepassing van de artikelen 4bis, 4ter en 4quater van

Art. 6.Met toepassing van de artikelen 4bis, 4ter en 4quater van

collectieve arbeidsovereenkomst nr. 17, zoals gewijzigd door collectieve arbeidsovereenkomst nr. 17, zoals gewijzigd door
collectieve arbeidsovereenkomst nr. 17tricies van 19 december 2006, collectieve arbeidsovereenkomst nr. 17tricies van 19 december 2006,
wordt het recht op de aanvullende vergoeding toegekend aan de wordt het recht op de aanvullende vergoeding toegekend aan de
werknemers die ontslagen werden in het kader van deze collectieve werknemers die ontslagen werden in het kader van deze collectieve
arbeidsovereenkomst behouden ten laste van de vorige werkgever, arbeidsovereenkomst behouden ten laste van de vorige werkgever,
wanneer deze werknemers het werk als loontrekkende hervatten bij een wanneer deze werknemers het werk als loontrekkende hervatten bij een
andere werkgever dan die welke hen ontslagen heeft en die niet behoort andere werkgever dan die welke hen ontslagen heeft en die niet behoort
tot dezelfde technische bedrijfseenheid als de werkgever die hen tot dezelfde technische bedrijfseenheid als de werkgever die hen
ontslagen heeft. ontslagen heeft.
Het recht op de aanvullende vergoeding toegekend aan de werknemers die Het recht op de aanvullende vergoeding toegekend aan de werknemers die
ontslagen zijn in het kader van deze collectieve arbeidsovereenkomst ontslagen zijn in het kader van deze collectieve arbeidsovereenkomst
wordt eveneens behouden ten laste van de vorige werkgever in geval van wordt eveneens behouden ten laste van de vorige werkgever in geval van
uitoefening van een zelfstandige hoofdactiviteit, op voorwaarde dat uitoefening van een zelfstandige hoofdactiviteit, op voorwaarde dat
deze activiteit niet uitgeoefend wordt voor rekening van de werkgever deze activiteit niet uitgeoefend wordt voor rekening van de werkgever
die hen ontslagen heeft of voor rekening van een werkgever die behoort die hen ontslagen heeft of voor rekening van een werkgever die behoort
tot dezelfde technische bedrijfseenheid als de werkgever die hen tot dezelfde technische bedrijfseenheid als de werkgever die hen
ontslagen heeft. ontslagen heeft.
De werknemers beoogd in dit artikel behouden het recht op de De werknemers beoogd in dit artikel behouden het recht op de
aanvullende vergoeding zodra een einde werd gemaakt aan hun aanvullende vergoeding zodra een einde werd gemaakt aan hun
tewerkstelling in het kader van een arbeidsovereenkomst of aan de tewerkstelling in het kader van een arbeidsovereenkomst of aan de
uitoefening van een zelfstandige hoofdactiviteit. Zij leveren in dit uitoefening van een zelfstandige hoofdactiviteit. Zij leveren in dit
geval aan hun vorige werkgever (in de zin van de eerste paragraaf van geval aan hun vorige werkgever (in de zin van de eerste paragraaf van
dit artikel) het bewijs van hun recht op werkloosheidsuitkeringen. dit artikel) het bewijs van hun recht op werkloosheidsuitkeringen.
In het geval beoogd in de vorige paragraaf mogen werknemers geen twee In het geval beoogd in de vorige paragraaf mogen werknemers geen twee
of meer aanvullende stelsels cumuleren. Wanneer zij zich in de of meer aanvullende stelsels cumuleren. Wanneer zij zich in de
omstandigheden bevinden om verscheidene aanvullende stelsels te omstandigheden bevinden om verscheidene aanvullende stelsels te
genieten, behouden zij het recht op het stelsel dat toegekend werd genieten, behouden zij het recht op het stelsel dat toegekend werd
door de werkgever die hen ontslagen heeft (in de zin van de eerste door de werkgever die hen ontslagen heeft (in de zin van de eerste
paragraaf van dit artikel). paragraaf van dit artikel).

Art. 7.Werkgeverstoeslag

Art. 7.Werkgeverstoeslag

Het maandelijks netto referentiebedrag wordt berekend op basis van het Het maandelijks netto referentiebedrag wordt berekend op basis van het
theoretisch maandelijks brutoloon dit wil zeggen 169 uren per maand x theoretisch maandelijks brutoloon dit wil zeggen 169 uren per maand x
het referentie-uurloon x 12 maanden en verminderd met de persoonlijke het referentie-uurloon x 12 maanden en verminderd met de persoonlijke
Rijksdienst voor Sociale Zekerheidsbijdragen en de Rijksdienst voor Sociale Zekerheidsbijdragen en de
bedrijfsvoorheffing, overeenkomstig de collectieve arbeidsovereenkomst bedrijfsvoorheffing, overeenkomstig de collectieve arbeidsovereenkomst
nummer 17, gesloten in de Nationale Arbeidsraad, verhoogd met het nummer 17, gesloten in de Nationale Arbeidsraad, verhoogd met het
maandelijks gemiddeld werkgeversaandeel van de maaltijdcheques en van maandelijks gemiddeld werkgeversaandeel van de maaltijdcheques en van
de eindejaarspremie. de eindejaarspremie.
Voor de werknemers die minder dan 15 jaar anciënniteit hebben in de Voor de werknemers die minder dan 15 jaar anciënniteit hebben in de
sector, bedraagt de werkgeverstoeslag 70 pct. van het verschil tussen sector, bedraagt de werkgeverstoeslag 70 pct. van het verschil tussen
het referentienetto en de werkloosheidsuitkering. het referentienetto en de werkloosheidsuitkering.
Voor de werknemers die 15 jaar anciënniteit of meer hebben in de Voor de werknemers die 15 jaar anciënniteit of meer hebben in de
sector bedraagt de werkgeverstoeslag 80 pct. van het verschil tussen sector bedraagt de werkgeverstoeslag 80 pct. van het verschil tussen
het referentienetto en de werkloosheidsuitkering. het referentienetto en de werkloosheidsuitkering.
Berekening van het referentie-uurloon Berekening van het referentie-uurloon
Dit omvat het basisuurloon, de kwalificatiepremies, de ploegenpremies, Dit omvat het basisuurloon, de kwalificatiepremies, de ploegenpremies,
de smeerpremies, de productiviteitspremies en andere diverse premies de smeerpremies, de productiviteitspremies en andere diverse premies
(zijn niet inbegrepen de overlonen voor overuren, zaterdaguren, (zijn niet inbegrepen de overlonen voor overuren, zaterdaguren,
weerverlet en arbeid tijdens de jaarlijkse sluiting). Zijn bovendien weerverlet en arbeid tijdens de jaarlijkse sluiting). Zijn bovendien
opgenomen in de berekening de eindejaarspremie, het werkgeversaandeel opgenomen in de berekening de eindejaarspremie, het werkgeversaandeel
van de maaltijdtickets, het enkel vakantiegeld en de 1/2 van het van de maaltijdtickets, het enkel vakantiegeld en de 1/2 van het
dubbel vakantiegeld. dubbel vakantiegeld.
HOOFDSTUK III. - Geldigheid HOOFDSTUK III. - Geldigheid

Art. 8.Deze collectieve arbeidsovereenkomst treedt in werking op 1

Art. 8.Deze collectieve arbeidsovereenkomst treedt in werking op 1

januari 2011 en houdt op van kracht te zijn op 31 december 2012. januari 2011 en houdt op van kracht te zijn op 31 december 2012.
Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 26 november Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 26 november
2012. 2012.
De Minister van Werk, De Minister van Werk,
Mevr. M. DE CONINCK Mevr. M. DE CONINCK
^