Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 10 juni 1999, gesloten in het Paritair Subcomité voor het koetswerk, betreffende de meldingsplicht van contracten van bepaalde duur, uitzendarbeid en onderaanneming | Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 10 juni 1999, gesloten in het Paritair Subcomité voor het koetswerk, betreffende de meldingsplicht van contracten van bepaalde duur, uitzendarbeid en onderaanneming |
---|---|
MINISTERIE VAN TEWERKSTELLING EN ARBEID | MINISTERIE VAN TEWERKSTELLING EN ARBEID |
26 FEBRUARI 2002. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend | 26 FEBRUARI 2002. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend |
wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 10 juni 1999, | wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 10 juni 1999, |
gesloten in het Paritair Subcomité voor het koetswerk, betreffende de | gesloten in het Paritair Subcomité voor het koetswerk, betreffende de |
meldingsplicht van contracten van bepaalde duur, uitzendarbeid en | meldingsplicht van contracten van bepaalde duur, uitzendarbeid en |
onderaanneming (1) | onderaanneming (1) |
ALBERT II, Koning der Belgen, | ALBERT II, Koning der Belgen, |
Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. | Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. |
Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve | Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve |
arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel | arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel |
28; | 28; |
Gelet op het verzoek van het Paritair Subcomité voor het koetswerk; | Gelet op het verzoek van het Paritair Subcomité voor het koetswerk; |
Op de voordracht van Onze Minister van Werkgelegenheid, | Op de voordracht van Onze Minister van Werkgelegenheid, |
Hebben Wij besloten en besluiten Wij : | Hebben Wij besloten en besluiten Wij : |
Artikel 1.Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage |
Artikel 1.Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage |
overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst van 10 juni 1999, gesloten | overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst van 10 juni 1999, gesloten |
in het Paritair Subcomité voor het koetswerk, betreffende de | in het Paritair Subcomité voor het koetswerk, betreffende de |
meldingsplicht van contracten van bepaalde duur, uitzendarbeid en | meldingsplicht van contracten van bepaalde duur, uitzendarbeid en |
onderaanneming. | onderaanneming. |
Art. 2.Onze Minister van Werkgelegenheid is belast met de uitvoering |
Art. 2.Onze Minister van Werkgelegenheid is belast met de uitvoering |
van dit besluit. | van dit besluit. |
Gegeven te Brussel, 26 februari 2002. | Gegeven te Brussel, 26 februari 2002. |
ALBERT | ALBERT |
Van Koningswege : | Van Koningswege : |
De Minister van Werkgelegenheid, | De Minister van Werkgelegenheid, |
Mevr. L. ONKELINX | Mevr. L. ONKELINX |
_______ | _______ |
Nota | Nota |
(1) Verwijzingen naar het Belgisch Staatsblad : | (1) Verwijzingen naar het Belgisch Staatsblad : |
Wet van 5 december 1968, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969. | Wet van 5 december 1968, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969. |
Bijlage | Bijlage |
Paritair Subcomité voor het koetswerk | Paritair Subcomité voor het koetswerk |
Collectieve arbeidsovereenkomst van 10 juni 1999 | Collectieve arbeidsovereenkomst van 10 juni 1999 |
Meldingsplicht van contracten van bepaalde duur, uitzendarbeid en | Meldingsplicht van contracten van bepaalde duur, uitzendarbeid en |
onderaanneming (Overeenkomst geregistreerd op 15 september 2000 onder | onderaanneming (Overeenkomst geregistreerd op 15 september 2000 onder |
het nummer 55570/CO/149.02) | het nummer 55570/CO/149.02) |
HOOFDSTUK I. - Toepassingsgebied | HOOFDSTUK I. - Toepassingsgebied |
Artikel 1.Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing op |
Artikel 1.Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing op |
de werkgevers, werklieden en werksters van de ondernemingen die | de werkgevers, werklieden en werksters van de ondernemingen die |
ressorteren onder de bevoegdheid van het Paritair Subcomité voor het | ressorteren onder de bevoegdheid van het Paritair Subcomité voor het |
koetswerk. | koetswerk. |
Voor de toepassing van dit akkoord wordt onder "werklieden" verstaan : | Voor de toepassing van dit akkoord wordt onder "werklieden" verstaan : |
de werklieden en werksters. | de werklieden en werksters. |
HOOFDSTUK II. - Begripsomschrijving | HOOFDSTUK II. - Begripsomschrijving |
Art. 2."Contracten van bepaalde duur" : de arbeidsovereenkomsten |
Art. 2."Contracten van bepaalde duur" : de arbeidsovereenkomsten |
zoals voorzien in artikel 9, 10, 11 en 11bis van de wet van 3 juli | zoals voorzien in artikel 9, 10, 11 en 11bis van de wet van 3 juli |
1978 (gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad op 22 augustus 1978) | 1978 (gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad op 22 augustus 1978) |
betreffende de arbeidsovereenkomsten. | betreffende de arbeidsovereenkomsten. |
"Uitzendarbeid" : arbeid verricht door een uitzendkracht zoals | "Uitzendarbeid" : arbeid verricht door een uitzendkracht zoals |
gedefinieerd en gereglementeerd in de wet van 24 juli 1987 betreffende | gedefinieerd en gereglementeerd in de wet van 24 juli 1987 betreffende |
de tijdelijke arbeid, de uitzendarbeid en het ter beschikking stellen | de tijdelijke arbeid, de uitzendarbeid en het ter beschikking stellen |
van werknemers ten behoeve van gebruikers en alle collectieve | van werknemers ten behoeve van gebruikers en alle collectieve |
arbeidsovereenkomsten in uitvoering van deze wet (gepubliceerd in het | arbeidsovereenkomsten in uitvoering van deze wet (gepubliceerd in het |
Belgisch Staatsblad op 20 augustus 1987). | Belgisch Staatsblad op 20 augustus 1987). |
"Onderaanneming" : werk uitgevoerd enkel op basis van een overeenkomst | "Onderaanneming" : werk uitgevoerd enkel op basis van een overeenkomst |
tussen de opdrachtgever en de onderaannemer, waarbij tussen de | tussen de opdrachtgever en de onderaannemer, waarbij tussen de |
opdrachtgever en het personeel van de onderaannemer geen band van | opdrachtgever en het personeel van de onderaannemer geen band van |
gezag bestaat in de zin van artikel 17, 2° van de wet van 3 juli 1978 | gezag bestaat in de zin van artikel 17, 2° van de wet van 3 juli 1978 |
betreffende de arbeidsovereenkomsten (gepubliceerd in het Belgisch | betreffende de arbeidsovereenkomsten (gepubliceerd in het Belgisch |
Staatsblad op 22 augustus 1978). | Staatsblad op 22 augustus 1978). |
HOOFDSTUK III. - Meldingsplicht | HOOFDSTUK III. - Meldingsplicht |
Art. 3.Behoudens wettelijke of conventionele beschikkingen die andere |
Art. 3.Behoudens wettelijke of conventionele beschikkingen die andere |
verplichtingen opleggen (bijvoorbeeld voorafgaande toestemming) moeten | verplichtingen opleggen (bijvoorbeeld voorafgaande toestemming) moeten |
de ondernemingen die werklieden aanwerven met een arbeidsovereenkomst | de ondernemingen die werklieden aanwerven met een arbeidsovereenkomst |
voor een bepaalde tijd, een beroep doen op uitzendkrachten of een | voor een bepaalde tijd, een beroep doen op uitzendkrachten of een |
beroep doen op onderaanneming, voorafgaandelijk de ondernemingsraad of | beroep doen op onderaanneming, voorafgaandelijk de ondernemingsraad of |
bij ontstentenis daarvan, de syndicale afvaardiging, of, bij | bij ontstentenis daarvan, de syndicale afvaardiging, of, bij |
ontstentenis daarvan de representatieve werknemersorganisaties hiervan | ontstentenis daarvan de representatieve werknemersorganisaties hiervan |
in kennis stellen. | in kennis stellen. |
Art. 4.§ 1. In geval van tewerkstelling van werklieden met een |
Art. 4.§ 1. In geval van tewerkstelling van werklieden met een |
arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd, dienen de ondernemingen de | arbeidsovereenkomst voor bepaalde tijd, dienen de ondernemingen de |
bestaande collectieve arbeidsovereenkomsten inzake loon- en | bestaande collectieve arbeidsovereenkomsten inzake loon- en |
arbeidsvoorwaarden integraal toe te passen. | arbeidsvoorwaarden integraal toe te passen. |
§ 2. In geval van uitzendarbeid, dienen de lonen van toepassing in de | § 2. In geval van uitzendarbeid, dienen de lonen van toepassing in de |
onderneming voor de functie of het werk waarvoor de uitzendkracht | onderneming voor de functie of het werk waarvoor de uitzendkracht |
wordt tewerkgesteld, toegepast te worden en dit onverminderd de | wordt tewerkgesteld, toegepast te worden en dit onverminderd de |
conventionele en wettelijke beschikkingen betreffende bedoelde | conventionele en wettelijke beschikkingen betreffende bedoelde |
contracten. | contracten. |
§ 3. In geval van ongebruikelijke onderaanneming heeft de | § 3. In geval van ongebruikelijke onderaanneming heeft de |
bovengenoemde meldingsplicht inhoudelijk betrekking op : de identiteit | bovengenoemde meldingsplicht inhoudelijk betrekking op : de identiteit |
van de onderaannemer, het paritair (sub)comité waaronder de activiteit | van de onderaannemer, het paritair (sub)comité waaronder de activiteit |
van onderaannemer ressorteert, de aard van de opdracht, de voorziene | van onderaannemer ressorteert, de aard van de opdracht, de voorziene |
periode van onderaanneming, het aantal voor de opdracht ingeschakelde | periode van onderaanneming, het aantal voor de opdracht ingeschakelde |
werklieden van de onderaannemer. | werklieden van de onderaannemer. |
HOOFDSTUK IV. - Geldigheid | HOOFDSTUK IV. - Geldigheid |
Art. 5.Deze collectieve arbeidsovereenkomst heeft uitwerking met |
Art. 5.Deze collectieve arbeidsovereenkomst heeft uitwerking met |
ingang van 1 januari 1999 en treedt buiten werking op 31 december | ingang van 1 januari 1999 en treedt buiten werking op 31 december |
2000. | 2000. |
Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 26 februari | Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 26 februari |
2002. | 2002. |
De Minister van Werkgelegenheid, | De Minister van Werkgelegenheid, |
Mevr. L. ONKELINX | Mevr. L. ONKELINX |