Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 27 juni 2017, gesloten in het Paritair Subcomité voor het koetswerk, betreffende het recht op tijdskrediet en loopbaanvermindering | Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 27 juni 2017, gesloten in het Paritair Subcomité voor het koetswerk, betreffende het recht op tijdskrediet en loopbaanvermindering |
---|---|
FEDERALE OVERHEIDSDIENST WERKGELEGENHEID, ARBEID EN SOCIAAL OVERLEG | FEDERALE OVERHEIDSDIENST WERKGELEGENHEID, ARBEID EN SOCIAAL OVERLEG |
25 MAART 2018. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt | 25 MAART 2018. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt |
verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 27 juni 2017, | verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 27 juni 2017, |
gesloten in het Paritair Subcomité voor het koetswerk, betreffende het | gesloten in het Paritair Subcomité voor het koetswerk, betreffende het |
recht op tijdskrediet en loopbaanvermindering (1) | recht op tijdskrediet en loopbaanvermindering (1) |
FILIP, Koning der Belgen, | FILIP, Koning der Belgen, |
Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. | Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. |
Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve | Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve |
arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel | arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel |
28; | 28; |
Gelet op het verzoek van het Paritair Subcomité voor het koetswerk; | Gelet op het verzoek van het Paritair Subcomité voor het koetswerk; |
Op de voordracht van de Minister van Werk, | Op de voordracht van de Minister van Werk, |
Hebben Wij besloten en besluiten Wij : | Hebben Wij besloten en besluiten Wij : |
Artikel 1.Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage |
Artikel 1.Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage |
overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst van 27 juni 2017, gesloten | overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst van 27 juni 2017, gesloten |
in het Paritair Subcomité voor het koetswerk, betreffende het recht op | in het Paritair Subcomité voor het koetswerk, betreffende het recht op |
tijdskrediet en loopbaanvermindering. | tijdskrediet en loopbaanvermindering. |
Art. 2.De minister bevoegd voor Werk is belast met de uitvoering van |
Art. 2.De minister bevoegd voor Werk is belast met de uitvoering van |
dit besluit. | dit besluit. |
Gegeven te Brussel, 25 maart 2018. | Gegeven te Brussel, 25 maart 2018. |
FILIP | FILIP |
Van Koningswege : | Van Koningswege : |
De Minister van Werk, | De Minister van Werk, |
K. PEETERS | K. PEETERS |
_______ | _______ |
Nota | Nota |
(1) Verwijzing naar het Belgisch Staatsblad : | (1) Verwijzing naar het Belgisch Staatsblad : |
Wet van 5 december 1968, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969. | Wet van 5 december 1968, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969. |
Bijlage | Bijlage |
Paritair Subcomité voor het koetswerk | Paritair Subcomité voor het koetswerk |
Collectieve arbeidsovereenkomst van 27 juni 2017 | Collectieve arbeidsovereenkomst van 27 juni 2017 |
Recht op tijdskrediet en loopbaanvermindering | Recht op tijdskrediet en loopbaanvermindering |
(Overeenkomst geregistreerd op 29 september 2017 onder het nummer | (Overeenkomst geregistreerd op 29 september 2017 onder het nummer |
141626/CO/149.02) | 141626/CO/149.02) |
In uitvoering van artikel 18 van het nationaal akkoord 2017-2018 van | In uitvoering van artikel 18 van het nationaal akkoord 2017-2018 van |
27 juni 2017. | 27 juni 2017. |
HOOFDSTUK I. - Toepassingsgebied | HOOFDSTUK I. - Toepassingsgebied |
Artikel 1.Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing op |
Artikel 1.Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing op |
de werkgevers en arbeiders van de ondernemingen die ressorteren onder | de werkgevers en arbeiders van de ondernemingen die ressorteren onder |
het Paritair Subcomité voor het koetswerk. | het Paritair Subcomité voor het koetswerk. |
Voor de toepassing van deze collectieve arbeidsovereenkomst wordt | Voor de toepassing van deze collectieve arbeidsovereenkomst wordt |
onder "arbeiders" verstaan : de mannelijke en vrouwelijke werklieden. | onder "arbeiders" verstaan : de mannelijke en vrouwelijke werklieden. |
HOOFDSTUK II. - Algemene beschikkingen | HOOFDSTUK II. - Algemene beschikkingen |
Art. 2.Deze collectieve arbeidsovereenkomst wordt gesloten |
Art. 2.Deze collectieve arbeidsovereenkomst wordt gesloten |
overeenkomstig en in uitvoering van : | overeenkomstig en in uitvoering van : |
- de bepalingen opgenomen in de collectieve arbeidsovereenkomst nr. | - de bepalingen opgenomen in de collectieve arbeidsovereenkomst nr. |
103 van 27 juni 2012, gesloten in de Nationale Arbeidsraad, tot | 103 van 27 juni 2012, gesloten in de Nationale Arbeidsraad, tot |
invoering van een stelsel van tijdskrediet, loopbaanvermindering en | invoering van een stelsel van tijdskrediet, loopbaanvermindering en |
landingsbanen, algemeen verbindend verklaard bij koninklijk besluit | landingsbanen, algemeen verbindend verklaard bij koninklijk besluit |
van 25 augustus 2012 en gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad van 31 | van 25 augustus 2012 en gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad van 31 |
augustus 2012, gewijzigd door de collectieve arbeidsovereenkomsten nr. | augustus 2012, gewijzigd door de collectieve arbeidsovereenkomsten nr. |
103bis van 27 april 2015 en nr. 103ter van 20 december 2016; | 103bis van 27 april 2015 en nr. 103ter van 20 december 2016; |
- hoofdstuk IV van de wet van 10 augustus 2001 betreffende de | - hoofdstuk IV van de wet van 10 augustus 2001 betreffende de |
verzoening van werkgelegenheid en kwaliteit van het leven (Belgisch | verzoening van werkgelegenheid en kwaliteit van het leven (Belgisch |
Staatsblad van 15 september 2001). | Staatsblad van 15 september 2001). |
HOOFDSTUK III. - Recht op tijdskrediet met motief | HOOFDSTUK III. - Recht op tijdskrediet met motief |
Art. 3.§ 1. Conform de bepalingen van artikel 4, § 4 van de |
Art. 3.§ 1. Conform de bepalingen van artikel 4, § 4 van de |
collectieve arbeidsovereenkomst nr. 103 wordt de duur van het recht op | collectieve arbeidsovereenkomst nr. 103 wordt de duur van het recht op |
voltijds tijdskrediet of de halftijdse loopbaanvermindering met motief | voltijds tijdskrediet of de halftijdse loopbaanvermindering met motief |
op 24 maanden gebracht. | op 24 maanden gebracht. |
§ 2. Op ondernemingsvlak kan de duur van het recht op | § 2. Op ondernemingsvlak kan de duur van het recht op |
halftijds/voltijds tijdskrediet met motief bij collectieve | halftijds/voltijds tijdskrediet met motief bij collectieve |
arbeidsovereenkomst worden uitgebreid tot 51 maanden. | arbeidsovereenkomst worden uitgebreid tot 51 maanden. |
HOOFDSTUK IV. - Recht op een 1/5de loopbaanvermindering | HOOFDSTUK IV. - Recht op een 1/5de loopbaanvermindering |
Art. 4.§ 1. In uitvoering van artikel 6 en artikel 9 van de |
Art. 4.§ 1. In uitvoering van artikel 6 en artikel 9 van de |
collectieve arbeidsovereenkomst nr. 103 hebben arbeiders die in | collectieve arbeidsovereenkomst nr. 103 hebben arbeiders die in |
ploegen of in cycli werken recht op een 1/5de loopbaanvermindering. | ploegen of in cycli werken recht op een 1/5de loopbaanvermindering. |
§ 2. De nadere regels voor het organiseren van het recht op | § 2. De nadere regels voor het organiseren van het recht op |
loopbaanvermindering met 1/5de worden bepaald op ondernemingsniveau | loopbaanvermindering met 1/5de worden bepaald op ondernemingsniveau |
rekening houdend met de volgende voorwaarden : | rekening houdend met de volgende voorwaarden : |
- De bestaande arbeidsorganisatie moet verder toegepast kunnen worden. | - De bestaande arbeidsorganisatie moet verder toegepast kunnen worden. |
Hiermee wordt bedoeld dat de toepassing van de arbeidscycli en van de | Hiermee wordt bedoeld dat de toepassing van de arbeidscycli en van de |
ploegenstelsels gegarandeerd moeten blijven; | ploegenstelsels gegarandeerd moeten blijven; |
- De loopbaanvermindering moet minstens per volledige dag genomen | - De loopbaanvermindering moet minstens per volledige dag genomen |
worden. | worden. |
§ 3. De afgesproken organisatieregels worden opgenomen in een | § 3. De afgesproken organisatieregels worden opgenomen in een |
collectieve arbeidsovereenkomst gesloten op ondernemingsvlak. | collectieve arbeidsovereenkomst gesloten op ondernemingsvlak. |
HOOFDSTUK V. - Landingsbaan | HOOFDSTUK V. - Landingsbaan |
Art. 5.§ 1. In uitvoering van de collectieve arbeidsovereenkomst nr. |
Art. 5.§ 1. In uitvoering van de collectieve arbeidsovereenkomst nr. |
118 van de Nationale Arbeidsraad van 27 april 2015, wordt de leeftijd | 118 van de Nationale Arbeidsraad van 27 april 2015, wordt de leeftijd |
op 55 jaar gebracht voor de periode 2015-2016 voor arbeiders die hun | op 55 jaar gebracht voor de periode 2015-2016 voor arbeiders die hun |
arbeidsprestaties verminderen met 1/5de of tot een halftijdse | arbeidsprestaties verminderen met 1/5de of tot een halftijdse |
betrekking in het kader van een landingsbaan na 35 jaar loopbaan of in | betrekking in het kader van een landingsbaan na 35 jaar loopbaan of in |
een zwaar beroep. | een zwaar beroep. |
In uitvoering van de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 127 van de | In uitvoering van de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 127 van de |
Nationale Arbeidsraad van 21 maart 2017 (algemeen verbindend verklaard | Nationale Arbeidsraad van 21 maart 2017 (algemeen verbindend verklaard |
bij het koninklijk besluit van 13 mei 2017, gepubliceerd in het | bij het koninklijk besluit van 13 mei 2017, gepubliceerd in het |
Belgisch Staatsblad van 24 mei 2017), wordt de leeftijd op 55 jaar | Belgisch Staatsblad van 24 mei 2017), wordt de leeftijd op 55 jaar |
gebracht voor de periode 2017-2018 voor arbeiders die hun | gebracht voor de periode 2017-2018 voor arbeiders die hun |
arbeidsprestaties verminderen met 1/5de of tot een halftijdse | arbeidsprestaties verminderen met 1/5de of tot een halftijdse |
betrekking in het kader van een landingsbaan na 35 jaar loopbaan of in | betrekking in het kader van een landingsbaan na 35 jaar loopbaan of in |
een zwaar beroep. | een zwaar beroep. |
§ 2. Verdere modaliteiten van uitoefening van de rechten zoals | § 2. Verdere modaliteiten van uitoefening van de rechten zoals |
hierboven omschrijven in § 1 kunnen worden vastgelegd bij collectieve | hierboven omschrijven in § 1 kunnen worden vastgelegd bij collectieve |
arbeidsovereenkomst op ondernemingsvlak. | arbeidsovereenkomst op ondernemingsvlak. |
HOOFDSTUK VI. - Overgangsbepalingen | HOOFDSTUK VI. - Overgangsbepalingen |
Art. 6.Het recht op tijdskrediet, loopbaanvermindering en |
Art. 6.Het recht op tijdskrediet, loopbaanvermindering en |
vermindering van de arbeidsprestaties tot een halftijdse betrekking | vermindering van de arbeidsprestaties tot een halftijdse betrekking |
zoals vastgelegd door collectieve arbeidsovereenkomst nr. 77bis, | zoals vastgelegd door collectieve arbeidsovereenkomst nr. 77bis, |
blijft verder gelden overeenkomstig de voorwaarden vastgelegd in de | blijft verder gelden overeenkomstig de voorwaarden vastgelegd in de |
overgangsbepalingen voorzien in artikel 22 van de collectieve | overgangsbepalingen voorzien in artikel 22 van de collectieve |
arbeidsovereenkomst nr. 103 van 27 juni 2012, gesloten in de Nationale | arbeidsovereenkomst nr. 103 van 27 juni 2012, gesloten in de Nationale |
Arbeidsraad, tot invoering van een stelsel van tijdskrediet, | Arbeidsraad, tot invoering van een stelsel van tijdskrediet, |
loopbaanvermindering en landingsbanen. | loopbaanvermindering en landingsbanen. |
HOOFDSTUK VII. - Organisatieregels | HOOFDSTUK VII. - Organisatieregels |
Art. 7.§ 1. Conform de bepalingen van de collectieve |
Art. 7.§ 1. Conform de bepalingen van de collectieve |
arbeidsovereenkomst nr. 103 bestaat er een onvoorwaardelijk recht op | arbeidsovereenkomst nr. 103 bestaat er een onvoorwaardelijk recht op |
tijdskrediet en loopbaanvermindering voor ondernemingen vanaf 11 | tijdskrediet en loopbaanvermindering voor ondernemingen vanaf 11 |
werknemers. | werknemers. |
§ 2. Indien 5 pct. van de werknemers tegelijkertijd van dit recht | § 2. Indien 5 pct. van de werknemers tegelijkertijd van dit recht |
wensen gebruik te maken, moeten op ondernemingsvlak hieromtrent | wensen gebruik te maken, moeten op ondernemingsvlak hieromtrent |
voorrangsregels worden afgesproken, zoals opgenomen in hoofdstuk IV, | voorrangsregels worden afgesproken, zoals opgenomen in hoofdstuk IV, |
afdeling 4 van de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 103. | afdeling 4 van de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 103. |
§ 3. Arbeiders van 55 jaar en meer die gebruik maken van het recht op | § 3. Arbeiders van 55 jaar en meer die gebruik maken van het recht op |
tijdskrediet of 1/5de loopbaanvermindering uitoefenen of hebben | tijdskrediet of 1/5de loopbaanvermindering uitoefenen of hebben |
aangevraagd, op grond van het artikel 3 dat van toepassing was vóór de | aangevraagd, op grond van het artikel 3 dat van toepassing was vóór de |
inwerkingtreding van de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 103ter en | inwerkingtreding van de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 103ter en |
de artikelen 4 en 8 van de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 103 in | de artikelen 4 en 8 van de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 103 in |
toepassing vanaf 1 april 2017 of ingevolge de artikelen 6 en 9 van de | toepassing vanaf 1 april 2017 of ingevolge de artikelen 6 en 9 van de |
collectieve arbeidsovereenkomst nr. 77bis, mogen niet worden meegeteld | collectieve arbeidsovereenkomst nr. 77bis, mogen niet worden meegeteld |
voor de berekening van de sectorale drempel van 5 pct.. | voor de berekening van de sectorale drempel van 5 pct.. |
Dit houdt in dat de sectorale drempel van 5 pct. berekend wordt op het | Dit houdt in dat de sectorale drempel van 5 pct. berekend wordt op het |
totaal aantal werknemers binnen de onderneming en dat los van dit | totaal aantal werknemers binnen de onderneming en dat los van dit |
percentage arbeiders van 55 jaar en meer zoals beoogd in het vorige | percentage arbeiders van 55 jaar en meer zoals beoogd in het vorige |
lid gebruik kunnen maken van het recht op tijdskrediet en | lid gebruik kunnen maken van het recht op tijdskrediet en |
loopbaanvermindering. | loopbaanvermindering. |
§ 4. Ondernemingen die bij ingang van deze collectieve | § 4. Ondernemingen die bij ingang van deze collectieve |
arbeidsovereenkomst reeds een gunstiger percentage hanteren, kunnen | arbeidsovereenkomst reeds een gunstiger percentage hanteren, kunnen |
dit percentage behouden. Hiertoe moet op ondernemingsvlak een | dit percentage behouden. Hiertoe moet op ondernemingsvlak een |
collectieve arbeidsovereenkomst worden afgesloten. | collectieve arbeidsovereenkomst worden afgesloten. |
§ 5. In ondernemingen met minder dan 11 werknemers zijn de formules | § 5. In ondernemingen met minder dan 11 werknemers zijn de formules |
van tijdskrediet, 1/5de loopbaanvermindering en loopbaanverminderingen | van tijdskrediet, 1/5de loopbaanvermindering en loopbaanverminderingen |
voor de +50-jarigen toegelaten mits individueel akkoord tussen de | voor de +50-jarigen toegelaten mits individueel akkoord tussen de |
werkgever en de arbeider. | werkgever en de arbeider. |
HOOFDSTUK VIII. - Specifieke vormen van loopbaanonderbreking | HOOFDSTUK VIII. - Specifieke vormen van loopbaanonderbreking |
Art. 8.De specifieke regelingen inzake loopbaanonderbreking, met name |
Art. 8.De specifieke regelingen inzake loopbaanonderbreking, met name |
: | : |
- recht op loopbaanonderbreking voor bijstand of verzorging van een | - recht op loopbaanonderbreking voor bijstand of verzorging van een |
zeer zwaar ziek gezins- of familielid, opgenomen in het koninklijk | zeer zwaar ziek gezins- of familielid, opgenomen in het koninklijk |
besluit van 10 augustus 1998 (Belgisch Staatsblad van 8 september | besluit van 10 augustus 1998 (Belgisch Staatsblad van 8 september |
1998), gewijzigd bij koninklijk besluit van 10 oktober 2012 (Belgisch | 1998), gewijzigd bij koninklijk besluit van 10 oktober 2012 (Belgisch |
Staatsblad van 22 oktober 2012); | Staatsblad van 22 oktober 2012); |
- recht op ouderschapsverlof in het kader van loopbaanonderbreking, | - recht op ouderschapsverlof in het kader van loopbaanonderbreking, |
opgenomen in het koninklijk besluit van 31 mei 2012 tot wijziging van | opgenomen in het koninklijk besluit van 31 mei 2012 tot wijziging van |
het koninklijk besluit van 15 juli 2005; | het koninklijk besluit van 15 juli 2005; |
- recht op loopbaanonderbreking in het kader van palliatief verlof, | - recht op loopbaanonderbreking in het kader van palliatief verlof, |
opgenomen in het koninklijk besluit van 22 maart 1995 (Belgisch | opgenomen in het koninklijk besluit van 22 maart 1995 (Belgisch |
Staatsblad van 5 mei 1995), | Staatsblad van 5 mei 1995), |
installeren een apart recht op loopbaanonderbreking en vallen hierdoor | installeren een apart recht op loopbaanonderbreking en vallen hierdoor |
volledig buiten het hierboven vermelde recht. | volledig buiten het hierboven vermelde recht. |
Dit betekent dat deze vormen van loopbaanonderbreking in de | Dit betekent dat deze vormen van loopbaanonderbreking in de |
onderneming niet mee kunnen worden geteld in de berekening van de 5 | onderneming niet mee kunnen worden geteld in de berekening van de 5 |
pct. | pct. |
HOOFDSTUK IX. - Overgang naar het stelsel van werkloosheid met | HOOFDSTUK IX. - Overgang naar het stelsel van werkloosheid met |
bedrijfstoeslag | bedrijfstoeslag |
Art. 9.Bij overgang naar het stelsel van werkloosheid met |
Art. 9.Bij overgang naar het stelsel van werkloosheid met |
bedrijfstoeslag na loopbaanvermindering en na vermindering van de | bedrijfstoeslag na loopbaanvermindering en na vermindering van de |
arbeidsprestaties tot een halftijdse betrekking, wordt de aanvullende | arbeidsprestaties tot een halftijdse betrekking, wordt de aanvullende |
vergoeding bij stelsel van werkloosheid met bedrijfstoeslag berekend | vergoeding bij stelsel van werkloosheid met bedrijfstoeslag berekend |
op grond van het arbeidsregime en de bezoldiging die de arbeider vóór | op grond van het arbeidsregime en de bezoldiging die de arbeider vóór |
de vermindering van zijn prestaties genoot. | de vermindering van zijn prestaties genoot. |
HOOFDSTUK X. - Behoud anciënniteit | HOOFDSTUK X. - Behoud anciënniteit |
Art. 10.Bij loopbaanvermindering en vermindering van de |
Art. 10.Bij loopbaanvermindering en vermindering van de |
arbeidsprestaties tot een halftijdse betrekking blijft de anciënniteit | arbeidsprestaties tot een halftijdse betrekking blijft de anciënniteit |
en functiecategorie waarin de arbeider zich bevond vóór de | en functiecategorie waarin de arbeider zich bevond vóór de |
vermindering van prestaties behouden. | vermindering van prestaties behouden. |
HOOFDSTUK XI. - Slotbepalingen | HOOFDSTUK XI. - Slotbepalingen |
Art. 11.Deze collectieve arbeidsovereenkomst vervangt de collectieve |
Art. 11.Deze collectieve arbeidsovereenkomst vervangt de collectieve |
arbeidsovereenkomst van 9 oktober 2015 betreffende het recht op | arbeidsovereenkomst van 9 oktober 2015 betreffende het recht op |
tijdskrediet en loopbaanvermindering, gesloten in het Paritair | tijdskrediet en loopbaanvermindering, gesloten in het Paritair |
Subcomité voor het koetswerk (registratienummer 131263/CO/149.02) en | Subcomité voor het koetswerk (registratienummer 131263/CO/149.02) en |
algemeen verbindend verklaard bij koninklijk besluit van 13 februari | algemeen verbindend verklaard bij koninklijk besluit van 13 februari |
2017 (Belgisch Staatsblad van 3 maart 2017). | 2017 (Belgisch Staatsblad van 3 maart 2017). |
Art. 12.Deze collectieve arbeidsovereenkomst treedt in werking op 1 |
Art. 12.Deze collectieve arbeidsovereenkomst treedt in werking op 1 |
januari 2017 en wordt gesloten voor onbepaalde duur. | januari 2017 en wordt gesloten voor onbepaalde duur. |
In afwijking van het eerste lid, wordt artikel 3, § 2 van deze | In afwijking van het eerste lid, wordt artikel 3, § 2 van deze |
collectieve arbeidsovereenkomst gesloten voor een bepaalde duur van 1 | collectieve arbeidsovereenkomst gesloten voor een bepaalde duur van 1 |
juli 2017 tot en met 30 juni 2019. | juli 2017 tot en met 30 juni 2019. |
In afwijking van het eerste lid, wordt artikel 5, § 1, 2de lid van | In afwijking van het eerste lid, wordt artikel 5, § 1, 2de lid van |
deze collectieve arbeidsovereenkomst gesloten voor een bepaalde duur | deze collectieve arbeidsovereenkomst gesloten voor een bepaalde duur |
tot en met 31 december 2018. | tot en met 31 december 2018. |
Zij kan door één van de ondertekenende partijen worden opgezegd mits | Zij kan door één van de ondertekenende partijen worden opgezegd mits |
een opzegging van zes maanden, betekend met een ter post aangetekende | een opzegging van zes maanden, betekend met een ter post aangetekende |
brief, gericht aan de voorzitter van het Paritair Subcomité voor het | brief, gericht aan de voorzitter van het Paritair Subcomité voor het |
koetswerk. | koetswerk. |
Deze opzegging kan slechts ingaan ten vroegste vanaf 1 januari 2019. | Deze opzegging kan slechts ingaan ten vroegste vanaf 1 januari 2019. |
Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 25 maart | Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 25 maart |
2018. | 2018. |
De Minister van Werk, | De Minister van Werk, |
K. PEETERS | K. PEETERS |