Etaamb.openjustice.be
Meertalige weergave van Koninklijk Besluit van 24/08/2005
← Terug naar "Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 21 mei 2002, gesloten in het Paritair Subcomité voor de tandprothese, betreffende het brugpensioen "
Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 21 mei 2002, gesloten in het Paritair Subcomité voor de tandprothese, betreffende het brugpensioen Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 21 mei 2002, gesloten in het Paritair Subcomité voor de tandprothese, betreffende het brugpensioen
FEDERALE OVERHEIDSDIENST WERKGELEGENHEID, ARBEID EN SOCIAAL OVERLEG FEDERALE OVERHEIDSDIENST WERKGELEGENHEID, ARBEID EN SOCIAAL OVERLEG
24 AUGUSTUS 2005. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend 24 AUGUSTUS 2005. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend
wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 21 mei 2002, wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 21 mei 2002,
gesloten in het Paritair Subcomité voor de tandprothese, betreffende gesloten in het Paritair Subcomité voor de tandprothese, betreffende
het brugpensioen (1) het brugpensioen (1)
ALBERT II, Koning der Belgen, ALBERT II, Koning der Belgen,
Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.
Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve
arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel
28; 28;
Gelet op de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 17 van 19 december Gelet op de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 17 van 19 december
1974, gesloten in de Nationale Arbeidsraad, tot invoering van een 1974, gesloten in de Nationale Arbeidsraad, tot invoering van een
regeling van aanvullende vergoeding ten gunste van sommige bejaarde regeling van aanvullende vergoeding ten gunste van sommige bejaarde
werknemers indien zij worden ontslagen, algemeen verbindend verklaard werknemers indien zij worden ontslagen, algemeen verbindend verklaard
bij koninklijk besluit van 16 januari 1975; bij koninklijk besluit van 16 januari 1975;
Gelet op het verzoek van het Paritair Subcomité voor de tandprothese; Gelet op het verzoek van het Paritair Subcomité voor de tandprothese;
Op de voordracht van Onze Minister van Werk, Op de voordracht van Onze Minister van Werk,
Hebben Wij besloten en besluiten Wij : Hebben Wij besloten en besluiten Wij :

Artikel 1.Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage

Artikel 1.Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage

overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst van 21 mei 2002, gesloten overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst van 21 mei 2002, gesloten
in het Paritair Subcomité voor de tandprothese, betreffende het in het Paritair Subcomité voor de tandprothese, betreffende het
brugpensioen, met uitzondering van de bepalingen in strijd met artikel brugpensioen, met uitzondering van de bepalingen in strijd met artikel
4, § 2 van de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 17 van 19 december 4, § 2 van de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 17 van 19 december
1974 tot invoering van een regeling van aanvullende vergoeding ten 1974 tot invoering van een regeling van aanvullende vergoeding ten
gunste van sommige bejaarde werknemers indien zij worden ontslagen. gunste van sommige bejaarde werknemers indien zij worden ontslagen.

Art. 2.Onze Minister van Werk is belast met de uitvoering van dit

Art. 2.Onze Minister van Werk is belast met de uitvoering van dit

besluit. besluit.
Gegeven te Châteauneuf-de-Grasse, 24 augustus 2005. Gegeven te Châteauneuf-de-Grasse, 24 augustus 2005.
ALBERT ALBERT
Van Koningswege : Van Koningswege :
Voor de Minister van Werk, afwezig : Voor de Minister van Werk, afwezig :
De Minister van Begroting en Overheidsbedrijven, De Minister van Begroting en Overheidsbedrijven,
J. VANDE LANOTTE J. VANDE LANOTTE
_______ _______
Nota's Nota's
(1) Verwijzingen naar het Belgisch Staatsblad : (1) Verwijzingen naar het Belgisch Staatsblad :
Wet van 5 december 1968, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969. Wet van 5 december 1968, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969.
Koninklijk besluit van 16 januari 1975, Belgisch Staatsblad van 31 Koninklijk besluit van 16 januari 1975, Belgisch Staatsblad van 31
januari 1975. januari 1975.
Bijlage Bijlage
Paritair Subcomité voor de tandprothese Paritair Subcomité voor de tandprothese
Collectieve arbeidsovereenkomst van 21 mei 2002 Collectieve arbeidsovereenkomst van 21 mei 2002
Brugpensioen (Overeenkomst geregistreerd op 15 juli 2002 Brugpensioen (Overeenkomst geregistreerd op 15 juli 2002
onder het nummer 63337/CO/305.03) onder het nummer 63337/CO/305.03)
Deze collectieve arbeidsovereenkomst wordt gesloten in het raam van de Deze collectieve arbeidsovereenkomst wordt gesloten in het raam van de
collectieve arbeidsovereenkomst nr. 17 van de Nationale Arbeidsraad collectieve arbeidsovereenkomst nr. 17 van de Nationale Arbeidsraad
van 19 december 1974 inzake conventioneel brugpensioen. van 19 december 1974 inzake conventioneel brugpensioen.

Artikel 1.Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing op

Artikel 1.Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing op

de werkgevers en op de werknemers van de ondernemingen die onder het de werkgevers en op de werknemers van de ondernemingen die onder het
Paritair Subcomité voor de tandprothese ressorteren. Paritair Subcomité voor de tandprothese ressorteren.
Onder "werknemers" wordt verstaan : het mannelijk en vrouwelijk Onder "werknemers" wordt verstaan : het mannelijk en vrouwelijk
werklieden- en bediendepersoneel. werklieden- en bediendepersoneel.

Art. 2.Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing op de

Art. 2.Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing op de

ontslagen werknemers die een arbeidsovereenkomst hebben van onbepaalde ontslagen werknemers die een arbeidsovereenkomst hebben van onbepaalde
duur voor zover ze van werkloosheidsuitkeringen zullen genieten en aan duur voor zover ze van werkloosheidsuitkeringen zullen genieten en aan
de leeftijdsvoorwaarden voorzien bij artikel 4 en de de leeftijdsvoorwaarden voorzien bij artikel 4 en de
anciënniteitvoorwaarden voldoen zoals voorzien in het koninklijk anciënniteitvoorwaarden voldoen zoals voorzien in het koninklijk
besluit van 7 december 1992, betreffende de toekenning van besluit van 7 december 1992, betreffende de toekenning van
werkloosheidsuitkeringen in geval van conventioneel brugpensioen werkloosheidsuitkeringen in geval van conventioneel brugpensioen
(Belgisch Staatsblad van 11 december 1992). (Belgisch Staatsblad van 11 december 1992).

Art. 3.De regeling van de huidige conventioneel brugpensioen geldt

Art. 3.De regeling van de huidige conventioneel brugpensioen geldt

voor de werknemers van 58 jaar en ouder en die rekening houdend met de voor de werknemers van 58 jaar en ouder en die rekening houdend met de
in de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 17 van de Nationale in de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 17 van de Nationale
Arbeidsraad voorziene overlegprocedure worden ontslagen, behalve om Arbeidsraad voorziene overlegprocedure worden ontslagen, behalve om
dringende redenen. dringende redenen.
De datum die in acht genomen wordt om de leeftijd te bepalen is deze De datum die in acht genomen wordt om de leeftijd te bepalen is deze
waarop de opzeggingstermijn effectief verstrijkt of bij de waarop de opzeggingstermijn effectief verstrijkt of bij de
contractverbreking. Aan de anciënniteitvoorwaarden moet eveneens contractverbreking. Aan de anciënniteitvoorwaarden moet eveneens
voldaan zijn bij het aflopen van de opzeggingstermijn of op het voldaan zijn bij het aflopen van de opzeggingstermijn of op het
ogenblik van de contractverbreking (voorzover de arbeidsovereenkomst ogenblik van de contractverbreking (voorzover de arbeidsovereenkomst
onmiddellijk beëindigd wordt). onmiddellijk beëindigd wordt).
De opzeggingstermijnen zijn deze die bepaald zijn volgens de wet van 3 De opzeggingstermijnen zijn deze die bepaald zijn volgens de wet van 3
juli 1978 betreffende de arbeidsovereenkomsten (Belgisch Staatsblad juli 1978 betreffende de arbeidsovereenkomsten (Belgisch Staatsblad
van 22 augustus 1978). van 22 augustus 1978).
De verlengde opzegtermijnen voor het arbeiderspersoneel, voortvloeiend De verlengde opzegtermijnen voor het arbeiderspersoneel, voortvloeiend
uit de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 75 van 20 december 1999 uit de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 75 van 20 december 1999
gesloten in de Nationale Arbeidsraad (koninklijk besluit van 10 gesloten in de Nationale Arbeidsraad (koninklijk besluit van 10
februari 2000, Belgisch Staatsblad van 26 februari 2000) zijn niet van februari 2000, Belgisch Staatsblad van 26 februari 2000) zijn niet van
toepassing in geval van brugpensioen. toepassing in geval van brugpensioen.

Art. 4.De werknemers bedoeld in artikel 2 kunnen aanspraak maken op

Art. 4.De werknemers bedoeld in artikel 2 kunnen aanspraak maken op

de aanvullende vergoeding ten laste van de werkgever op voorwaarde dat de aanvullende vergoeding ten laste van de werkgever op voorwaarde dat
zij het bewijs leveren dat zij recht hebben op de zij het bewijs leveren dat zij recht hebben op de
werkloosheidsuitkeringen. De aanvullende vergoeding zal door de werkloosheidsuitkeringen. De aanvullende vergoeding zal door de
werkgever niet meer betaald worden vanaf het ogenblik dat de betrokken werkgever niet meer betaald worden vanaf het ogenblik dat de betrokken
werknemer zijn recht op de werkloosheidsvergoedingen verliest. werknemer zijn recht op de werkloosheidsvergoedingen verliest.
In geen geval zal de werkgever de verandering of de afschaffing van de In geen geval zal de werkgever de verandering of de afschaffing van de
werkloosheidsvergoedingen compenseren met een hogere vergoeding. werkloosheidsvergoedingen compenseren met een hogere vergoeding.

Art. 5.De aanvullende vergoeding ten laste van de werkgever is gelijk

Art. 5.De aanvullende vergoeding ten laste van de werkgever is gelijk

aan de helft van het verschil tussen het netto-maandloon en de normale aan de helft van het verschil tussen het netto-maandloon en de normale
werkloosheidsuitkering. werkloosheidsuitkering.
Het laatste bruto-maandloon voor een volledige maand, berekend en Het laatste bruto-maandloon voor een volledige maand, berekend en
geplafonneerd volgens de bepalingen voorzien in de collectieve geplafonneerd volgens de bepalingen voorzien in de collectieve
arbeidsovereenkomst nr. 17 van de Nationale Arbeidsraad wordt als arbeidsovereenkomst nr. 17 van de Nationale Arbeidsraad wordt als
refertemaand genomen voor de berekening van het laatste refertemaand genomen voor de berekening van het laatste
netto-maandloon. Voor de vaststelling van het netto-maandloon wordt netto-maandloon. Voor de vaststelling van het netto-maandloon wordt
voor de werklieden en werksters de inhouding van de sociale zekerheid voor de werklieden en werksters de inhouding van de sociale zekerheid
berekend op 100 pct. van het loon en niet op 108 pct. berekend op 100 pct. van het loon en niet op 108 pct.
Het laatste bruto-maandloon omvat de wedde van de laatste volledige Het laatste bruto-maandloon omvat de wedde van de laatste volledige
kalendermaand en de contractuele premies die rechtstreeks verbonden kalendermaand en de contractuele premies die rechtstreeks verbonden
zijn aan de door de werknemer verrichte prestaties waarop de inhouding zijn aan de door de werknemer verrichte prestaties waarop de inhouding
voor sociale zekerheid worden gedaan en waarvan de periodiciteit van voor sociale zekerheid worden gedaan en waarvan de periodiciteit van
betaling geen maand overschrijdt. De conventionele sectorale betaling geen maand overschrijdt. De conventionele sectorale
eindejaarspremie wordt naar rato van 1/12de geïntegreerd in het eindejaarspremie wordt naar rato van 1/12de geïntegreerd in het
bruto-maandloon. bruto-maandloon.
Op deze bijkomende vergoeding worden desgevallend de wettelijke Op deze bijkomende vergoeding worden desgevallend de wettelijke
inhoudingen verricht. inhoudingen verricht.

Art. 6.De aanvullende vergoeding wordt aan betrokken werknemers

Art. 6.De aanvullende vergoeding wordt aan betrokken werknemers

maandelijks betaald tot zij de wettelijke pensioengerechtigde leeftijd maandelijks betaald tot zij de wettelijke pensioengerechtigde leeftijd
hebben bereikt, tenzij de werknemer voor die tijd zou overlijden. hebben bereikt, tenzij de werknemer voor die tijd zou overlijden.
De aanvullende vergoeding wordt geïndexeerd volgens de bepalingen van De aanvullende vergoeding wordt geïndexeerd volgens de bepalingen van
de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 17 van de Nationale de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 17 van de Nationale
Arbeidsraad. Arbeidsraad.

Art. 7.De bruggepensioneerde jonger dan 60 jaar wordt vervangen door

Art. 7.De bruggepensioneerde jonger dan 60 jaar wordt vervangen door

een uitkeringsgerechtigde werkloze. De vervangingsplicht wordt vervuld een uitkeringsgerechtigde werkloze. De vervangingsplicht wordt vervuld
voor een minimale periode van 36 maanden. Deze vervanging dient niet voor een minimale periode van 36 maanden. Deze vervanging dient niet
te gebeuren in dezelfde dienst of functie als die van de te gebeuren in dezelfde dienst of functie als die van de
bruggepensioneerde. bruggepensioneerde.

Art. 8.Voor alles wat niet uitdrukkelijk in deze overeenkomst is

Art. 8.Voor alles wat niet uitdrukkelijk in deze overeenkomst is

voorzien, gelden de bepalingen van de collectieve arbeidsovereenkomst voorzien, gelden de bepalingen van de collectieve arbeidsovereenkomst
nr. 17 van de Nationale Arbeidsraad van 19 december 1974, evenals alle nr. 17 van de Nationale Arbeidsraad van 19 december 1974, evenals alle
wettelijke en reglementaire bepalingen die hierop van toepassing zijn. wettelijke en reglementaire bepalingen die hierop van toepassing zijn.

Art. 9.Deze collectieve arbeidsovereenkomst heeft uitwerking met

Art. 9.Deze collectieve arbeidsovereenkomst heeft uitwerking met

ingang van 1 januari 2002 en houdt op van kracht te zijn op 31 ingang van 1 januari 2002 en houdt op van kracht te zijn op 31
december 2004. Zij kan niet stilzwijgend worden verlengd. december 2004. Zij kan niet stilzwijgend worden verlengd.
Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 24 augustus Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 24 augustus
2005. 2005.
Voor de Minister van Werk, afwezig : Voor de Minister van Werk, afwezig :
De Minister van Begroting en Overheidsbedrijven, De Minister van Begroting en Overheidsbedrijven,
J. VANDE LANOTTE J. VANDE LANOTTE
^