← Terug naar "Koninklijk besluit tot benoeming van de Regeringscommissaris belast met de dioxineproblematiek en tot bepaling van zijn opdracht "
Koninklijk besluit tot benoeming van de Regeringscommissaris belast met de dioxineproblematiek en tot bepaling van zijn opdracht | Koninklijk besluit tot benoeming van de Regeringscommissaris belast met de dioxineproblematiek en tot bepaling van zijn opdracht |
---|---|
DIENSTEN VAN DE EERSTE MINISTER | DIENSTEN VAN DE EERSTE MINISTER |
20 JULI 1999. - Koninklijk besluit tot benoeming van de | 20 JULI 1999. - Koninklijk besluit tot benoeming van de |
Regeringscommissaris belast met de dioxineproblematiek en tot bepaling | Regeringscommissaris belast met de dioxineproblematiek en tot bepaling |
van zijn opdracht | van zijn opdracht |
ALBERT II, Koning der Belgen, | ALBERT II, Koning der Belgen, |
Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. | Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. |
Gelet op artikel 37 van de Grondwet; | Gelet op artikel 37 van de Grondwet; |
Gelet op de koninklijke besluiten van 12 juli 1999 tot benoeming van | Gelet op de koninklijke besluiten van 12 juli 1999 tot benoeming van |
de Regeringsleden; | de Regeringsleden; |
Gelet op de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari | Gelet op de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari |
1973, inzonderheid artikel 3, § 1, vervangen door de wet van 4 juni | 1973, inzonderheid artikel 3, § 1, vervangen door de wet van 4 juni |
1989 en gewijzigd door de wet van 4 augustus 1996; | 1989 en gewijzigd door de wet van 4 augustus 1996; |
Gelet op de dringende noodzakelijkheid; | Gelet op de dringende noodzakelijkheid; |
Overwegende dat de beheersing van de dioxineproblematiek een zeer | Overwegende dat de beheersing van de dioxineproblematiek een zeer |
belangrijke uitdaging vormt voor de nieuwe Regering; | belangrijke uitdaging vormt voor de nieuwe Regering; |
Overwegende dat het noodzakelijk is om bovendien onverwijld alle | Overwegende dat het noodzakelijk is om bovendien onverwijld alle |
nodige maatregelen te nemen opdat de relaties tussen Ons Land en de | nodige maatregelen te nemen opdat de relaties tussen Ons Land en de |
Europese instanties zouden worden gecoördineerd; | Europese instanties zouden worden gecoördineerd; |
Op de voordracht van Onze Eerste Minister, | Op de voordracht van Onze Eerste Minister, |
Hebben Wij besloten en besluiten Wij : | Hebben Wij besloten en besluiten Wij : |
Artikel 1.De heer F. Willockx, gewezen lid van de Kamer van |
Artikel 1.De heer F. Willockx, gewezen lid van de Kamer van |
volksvertegenwoordigers, gewezen Minister, gewezen Staatssecretaris, | volksvertegenwoordigers, gewezen Minister, gewezen Staatssecretaris, |
wordt benoemd tot Regeringscommissaris belast met de | wordt benoemd tot Regeringscommissaris belast met de |
dioxineproblematiek, toegevoegd aan de Eerste Minister. | dioxineproblematiek, toegevoegd aan de Eerste Minister. |
Hij legt in handen van de Eerste Minister de bij artikel 2 van het | Hij legt in handen van de Eerste Minister de bij artikel 2 van het |
decreet van 20 juli 1831 voorgeschreven eed af. | decreet van 20 juli 1831 voorgeschreven eed af. |
Art. 2.Zijn opdracht bestaat erin om, in al zijn aspecten, de |
Art. 2.Zijn opdracht bestaat erin om, in al zijn aspecten, de |
relaties te organiseren tussen de Regering en de Europese instanties | relaties te organiseren tussen de Regering en de Europese instanties |
in verband met de dioxineproblematiek, onverminderd de bevoegdheden | in verband met de dioxineproblematiek, onverminderd de bevoegdheden |
van de betrokken Regeringsleden en Departementen. | van de betrokken Regeringsleden en Departementen. |
Hij onderhoudt de contacten met de Europese instanties op basis van | Hij onderhoudt de contacten met de Europese instanties op basis van |
instructies van de Eerste Minister en zal verslag uitbrengen aan de | instructies van de Eerste Minister en zal verslag uitbrengen aan de |
Eerste Minister en de Ministers van Buitenlandse Zaken, | Eerste Minister en de Ministers van Buitenlandse Zaken, |
Volksgezondheid, en Landbouw. | Volksgezondheid, en Landbouw. |
Art. 3.Dit besluit treedt heden in werking en houdt op van kracht te |
Art. 3.Dit besluit treedt heden in werking en houdt op van kracht te |
zijn terzelfder tijd als het koninklijk besluit van 12 juli 1999, voor | zijn terzelfder tijd als het koninklijk besluit van 12 juli 1999, voor |
zover het de benoeming betreft van de Eerste Minister. | zover het de benoeming betreft van de Eerste Minister. |
Art. 4.Onze Eerste Minister en Onze Ministers en Staatssecretarissen |
Art. 4.Onze Eerste Minister en Onze Ministers en Staatssecretarissen |
zijn, ieder wat hem betreft, belast met de uitvoering van dit besluit. | zijn, ieder wat hem betreft, belast met de uitvoering van dit besluit. |
Gegeven te Brussel, 20 juli 1999. | Gegeven te Brussel, 20 juli 1999. |
ALBERT | ALBERT |
Van Koningswege : | Van Koningswege : |
De Eerste Minister, | De Eerste Minister, |
G. VERHOFSTADT | G. VERHOFSTADT |