Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 19 december 2012 tot regeling van de zeegewenning aan boord van zeeschepen en tot vaststelling van de uitvoeringsmodaliteiten van de inning en invordering van de solidariteitsbijdrage voor de zeegewenning door de Hulp- en Voorzorgskas voor zeevarenden | Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk besluit van 19 december 2012 tot regeling van de zeegewenning aan boord van zeeschepen en tot vaststelling van de uitvoeringsmodaliteiten van de inning en invordering van de solidariteitsbijdrage voor de zeegewenning door de Hulp- en Voorzorgskas voor zeevarenden |
---|---|
FEDERALE OVERHEIDSDIENST SOCIALE ZEKERHEID | FEDERALE OVERHEIDSDIENST SOCIALE ZEKERHEID |
17 MEI 2017. - Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk | 17 MEI 2017. - Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk |
besluit van 19 december 2012 tot regeling van de zeegewenning aan | besluit van 19 december 2012 tot regeling van de zeegewenning aan |
boord van zeeschepen en tot vaststelling van de | boord van zeeschepen en tot vaststelling van de |
uitvoeringsmodaliteiten van de inning en invordering van de | uitvoeringsmodaliteiten van de inning en invordering van de |
solidariteitsbijdrage voor de zeegewenning door de Hulp- en | solidariteitsbijdrage voor de zeegewenning door de Hulp- en |
Voorzorgskas voor zeevarenden | Voorzorgskas voor zeevarenden |
VERSLAG AAN DE KONING | VERSLAG AAN DE KONING |
Sire, | Sire, |
1. Algemeen | 1. Algemeen |
Onderhavig koninklijk besluit werd opgemaakt naar aanleiding van een | Onderhavig koninklijk besluit werd opgemaakt naar aanleiding van een |
vraag van het Beheerscomité van de Hulp- en Voorzorgskas voor | vraag van het Beheerscomité van de Hulp- en Voorzorgskas voor |
Zeevarenden (HVKZ) om de zeegewenningsreizen te laten plaatsvinden | Zeevarenden (HVKZ) om de zeegewenningsreizen te laten plaatsvinden |
gedurende het hele kalenderjaar i.p.v. alleen in de periode van 15 | gedurende het hele kalenderjaar i.p.v. alleen in de periode van 15 |
juni tot 15 september. | juni tot 15 september. |
In 2012 werd er een wettelijke regeling uitgevaardigd die het mogelijk | In 2012 werd er een wettelijke regeling uitgevaardigd die het mogelijk |
maakte voor studenten aan maritieme instituten om een reis aan boord | maakte voor studenten aan maritieme instituten om een reis aan boord |
van zeeschepen te maken. | van zeeschepen te maken. |
Dit betreft het koninklijk besluit van 19 december 2012 tot regeling | Dit betreft het koninklijk besluit van 19 december 2012 tot regeling |
van de zeegewenning aan boord van zeeschepen en tot vaststelling van | van de zeegewenning aan boord van zeeschepen en tot vaststelling van |
de uitvoeringsmodaliteiten van de inning en invordering van de | de uitvoeringsmodaliteiten van de inning en invordering van de |
solidariteitsbijdrage voor de zeegewenning door de Hulp- en | solidariteitsbijdrage voor de zeegewenning door de Hulp- en |
Voorzorgskas voor Zeevarenden, hierna koninklijk besluit van 19 | Voorzorgskas voor Zeevarenden, hierna koninklijk besluit van 19 |
december 2012 genoemd, gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad van 23 | december 2012 genoemd, gepubliceerd in het Belgisch Staatsblad van 23 |
januari 2013. | januari 2013. |
Het doel van de zeegewenningsreis is om de studenten toe te laten | Het doel van de zeegewenningsreis is om de studenten toe te laten |
voldoende vaarttijd op te bouwen om als wachtoverste te kunnen | voldoende vaarttijd op te bouwen om als wachtoverste te kunnen |
aanmonsteren na hun studies. | aanmonsteren na hun studies. |
Hiervoor hebben zij 12 maanden vaarttijd nodig, terwijl zij in het | Hiervoor hebben zij 12 maanden vaarttijd nodig, terwijl zij in het |
kader van hun studies slechts 7 maanden vaarttijd behalen. | kader van hun studies slechts 7 maanden vaarttijd behalen. |
Hierdoor ondervinden de afgestudeerden van het Belgisch | Hierdoor ondervinden de afgestudeerden van het Belgisch |
zeevaartonderwijs een groot concurrentieel nadeel op de arbeidsmarkt | zeevaartonderwijs een groot concurrentieel nadeel op de arbeidsmarkt |
ten opzichte van hun buitenlandse collega's. | ten opzichte van hun buitenlandse collega's. |
Uit een evaluatie van de huidige regeling is gebleken dat het doel | Uit een evaluatie van de huidige regeling is gebleken dat het doel |
niet voldoende wordt bereikt aangezien geen enkele afgestudeerde | niet voldoende wordt bereikt aangezien geen enkele afgestudeerde |
student sinds 2012 de ontbrekende 5 maanden vaarttijd heeft kunnen | student sinds 2012 de ontbrekende 5 maanden vaarttijd heeft kunnen |
behalen. | behalen. |
Een oorzaak is de beperkte aanmonsteringsperiode van 15 juni tot 15 | Een oorzaak is de beperkte aanmonsteringsperiode van 15 juni tot 15 |
september. | september. |
De huidige invulling van het academiejaar laat een aanmonstering | De huidige invulling van het academiejaar laat een aanmonstering |
gedurende het hele kalenderjaar toe. | gedurende het hele kalenderjaar toe. |
Indien de aanmonsteringsperiode wordt uitgebreid kunnen de rederijen | Indien de aanmonsteringsperiode wordt uitgebreid kunnen de rederijen |
meer plaatsen aanbieden. | meer plaatsen aanbieden. |
Onderhavig koninklijk besluit heeft als doel de nodige wijzigingen aan | Onderhavig koninklijk besluit heeft als doel de nodige wijzigingen aan |
te brengen aan het koninklijk besluit van 19 december 2012, teneinde | te brengen aan het koninklijk besluit van 19 december 2012, teneinde |
gevolg te kunnen geven aan bovenvermelde vraag van het Beheerscomité | gevolg te kunnen geven aan bovenvermelde vraag van het Beheerscomité |
van de HVKZ. | van de HVKZ. |
De Raad van State, afdeling wetgeving, eerste kamer, heeft op 30 maart | De Raad van State, afdeling wetgeving, eerste kamer, heeft op 30 maart |
2017, met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 2°, van de | 2017, met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 2°, van de |
wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, advies | wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, advies |
uitgebracht over onderhavig koninklijk besluit. | uitgebracht over onderhavig koninklijk besluit. |
Het koninklijk besluit werd aangepast aan de opmerkingen van de Raad | Het koninklijk besluit werd aangepast aan de opmerkingen van de Raad |
van State. | van State. |
2. Artikelsgewijze bespreking | 2. Artikelsgewijze bespreking |
Artikel 1 | Artikel 1 |
Artikel 1 wijzigt de periode waarbinnen aan- en afgemonsterd kan | Artikel 1 wijzigt de periode waarbinnen aan- en afgemonsterd kan |
worden, zoals vermeld in artikel 1, tweede lid, van het koninklijk | worden, zoals vermeld in artikel 1, tweede lid, van het koninklijk |
besluit van 19 december 2012. | besluit van 19 december 2012. |
Volgens de nieuwe regeling kan de zeegewennningsreis plaatsvinden | Volgens de nieuwe regeling kan de zeegewennningsreis plaatsvinden |
gedurende het hele kalenderjaar. | gedurende het hele kalenderjaar. |
Er zal bijgevolg gedurende het hele kalenderjaar kunnen aan- en | Er zal bijgevolg gedurende het hele kalenderjaar kunnen aan- en |
afgemonsterd worden in plaats van alleen in de periode van 15 juni tot | afgemonsterd worden in plaats van alleen in de periode van 15 juni tot |
15 september. | 15 september. |
Artikel 2 | Artikel 2 |
Artikel 2, 1°, wijzigt artikel 4, paragraaf 2, van het koninklijk | Artikel 2, 1°, wijzigt artikel 4, paragraaf 2, van het koninklijk |
besluit van 19 december 2012 op twee plaatsen. | besluit van 19 december 2012 op twee plaatsen. |
Ten eerste wijzigt het moment waarop het bedrag van de | Ten eerste wijzigt het moment waarop het bedrag van de |
welvaartstoeslag door het Bedrijfsfonds voor de koopvaardij moet | welvaartstoeslag door het Bedrijfsfonds voor de koopvaardij moet |
meegedeeld worden aan de HVKZ. | meegedeeld worden aan de HVKZ. |
Ten tweede moet iedere wijziging van dit bedrag onmiddellijk | Ten tweede moet iedere wijziging van dit bedrag onmiddellijk |
meegedeeld worden aan de HVKZ. | meegedeeld worden aan de HVKZ. |
Deze wijzigingen zijn het gevolg van het feit dat de zeegewenningsreis | Deze wijzigingen zijn het gevolg van het feit dat de zeegewenningsreis |
nu mogelijk is gedurende het hele kalenderjaar. | nu mogelijk is gedurende het hele kalenderjaar. |
Artikel 2, 2°, bevat een technische wijziging van artikel 4, paragraaf | Artikel 2, 2°, bevat een technische wijziging van artikel 4, paragraaf |
4, van het koninklijk besluit van 19 december 2012. | 4, van het koninklijk besluit van 19 december 2012. |
De totale vergoeding voor de zeegewenningsreizen mag niet hoger zijn | De totale vergoeding voor de zeegewenningsreizen mag niet hoger zijn |
dan 67,92 euro per vergoedbare dag op datum van 1 juni 2012. | dan 67,92 euro per vergoedbare dag op datum van 1 juni 2012. |
Betreffende deze totale vergoeding wordt er enkel verwezen naar de | Betreffende deze totale vergoeding wordt er enkel verwezen naar de |
welvaartstoeslag (artikel 4, § 2, van het koninklijk besluit van 19 | welvaartstoeslag (artikel 4, § 2, van het koninklijk besluit van 19 |
december 2012) en niet naar de uitkering van de HVKZ en het aandeel | december 2012) en niet naar de uitkering van de HVKZ en het aandeel |
van de reder (artikel 4, § § 1 en 3, van het koninklijk besluit van 19 | van de reder (artikel 4, § § 1 en 3, van het koninklijk besluit van 19 |
december 2012). | december 2012). |
Om deze reden moet er in artikel 4, paragraaf 4, van het koninklijk | Om deze reden moet er in artikel 4, paragraaf 4, van het koninklijk |
besluit van 19 december 2012 ook verwezen worden naar de paragrafen 1 | besluit van 19 december 2012 ook verwezen worden naar de paragrafen 1 |
en 3 en niet enkel naar paragraaf 2. | en 3 en niet enkel naar paragraaf 2. |
Artikel 3 | Artikel 3 |
De zeegewennig is het hele kalenderjaar mogelijk. | De zeegewennig is het hele kalenderjaar mogelijk. |
Het eerste lid van het huidige artikel 6 van het koninklijk besluit | Het eerste lid van het huidige artikel 6 van het koninklijk besluit |
van 19 december 2012 bepaalt dat de totale vergoeding voor een | van 19 december 2012 bepaalt dat de totale vergoeding voor een |
zeegewenningsreis beperkt is tot 50 vergoedbare dagen. | zeegewenningsreis beperkt is tot 50 vergoedbare dagen. |
Artikel 3 wijzigt dit naar 50 vergoedbare dagen 'per kalenderjaar'. | Artikel 3 wijzigt dit naar 50 vergoedbare dagen 'per kalenderjaar'. |
Een tweede wijziging door artikel 3 bepaalt dat het totaal aantal | Een tweede wijziging door artikel 3 bepaalt dat het totaal aantal |
vergoedbare dagen per student niet meer mag bedragen dan 150 dagen | vergoedbare dagen per student niet meer mag bedragen dan 150 dagen |
over de gehele studieduur. | over de gehele studieduur. |
Dit komt overeen met het aantal dagen die nodig zijn om als | Dit komt overeen met het aantal dagen die nodig zijn om als |
wachtoverste te kunnen aanmonsteren na de studies. | wachtoverste te kunnen aanmonsteren na de studies. |
Het sluit ook aan bij de doelstelling van de zeegewenning, namelijk de | Het sluit ook aan bij de doelstelling van de zeegewenning, namelijk de |
studenten toelaten voldoende vaarttijd op te bouwen om als | studenten toelaten voldoende vaarttijd op te bouwen om als |
wachtoverste te kunnen aanmonsteren na hun studies. | wachtoverste te kunnen aanmonsteren na hun studies. |
Het Beheerscomité van de HVKZ kan wel bijkomende vergoedingen | Het Beheerscomité van de HVKZ kan wel bijkomende vergoedingen |
toekennen in uitzonderlijke omstandigheden. | toekennen in uitzonderlijke omstandigheden. |
Een derde wijziging door artikel 3 bepaalt dat het Beheerscomité van | Een derde wijziging door artikel 3 bepaalt dat het Beheerscomité van |
de HVKZ de bevoegdheid heeft om de ernst van de uitzonderlijke | de HVKZ de bevoegdheid heeft om de ernst van de uitzonderlijke |
omstandigheden te beoordelen en te beslissen over de toekenning van de | omstandigheden te beoordelen en te beslissen over de toekenning van de |
supplementair vergoedbare dagen, rekening houdend met het maximaal van | supplementair vergoedbare dagen, rekening houdend met het maximaal van |
150 vergoedbare dagen over de gehele studieduur. | 150 vergoedbare dagen over de gehele studieduur. |
Artikel 4 | Artikel 4 |
Artikel 4 wijzigt de eerste zin van de eerste paragraaf van artikel 7 | Artikel 4 wijzigt de eerste zin van de eerste paragraaf van artikel 7 |
van het koninklijk besluit van 19 december 2012. | van het koninklijk besluit van 19 december 2012. |
Door deze wijziging moeten de studenten die in de zomerperiode, dit is | Door deze wijziging moeten de studenten die in de zomerperiode, dit is |
van 15 juni tot en met 30 september, een zeegewennigsreis aanvatten, | van 15 juni tot en met 30 september, een zeegewennigsreis aanvatten, |
een bewijs overmaken aan de HVKZ waaruit blijkt dat zij het | een bewijs overmaken aan de HVKZ waaruit blijkt dat zij het |
academiejaar volgend op de zeegewenningsreis ingeschreven zijn aan een | academiejaar volgend op de zeegewenningsreis ingeschreven zijn aan een |
maritiem instituut zoals bepaald in artikel 1, lid 1, van het | maritiem instituut zoals bepaald in artikel 1, lid 1, van het |
koninklijk besluit van 19 december 2012. | koninklijk besluit van 19 december 2012. |
Het doel van de wijziging is te vermijden dat studenten die reeds | Het doel van de wijziging is te vermijden dat studenten die reeds |
afgestudeerd zijn of hun studies hebben stopgezet, tijdens | afgestudeerd zijn of hun studies hebben stopgezet, tijdens |
bovenvermelde periode, nog een zeegewenningsreis aanvatten. | bovenvermelde periode, nog een zeegewenningsreis aanvatten. |
Artikel 5 | Artikel 5 |
Artikel 5 bepaalt de datum van inwerkingtreding. | Artikel 5 bepaalt de datum van inwerkingtreding. |
Wij hebben de eer te zijn, | Wij hebben de eer te zijn, |
Sire, | Sire, |
van Uwe Majesteit, | van Uwe Majesteit, |
de zeer eerbiedige, | de zeer eerbiedige, |
en zeer getrouwe dienaars, | en zeer getrouwe dienaars, |
De Minister van Werk, | De Minister van Werk, |
K. PEETERS | K. PEETERS |
De Minister van Sociale Zaken, | De Minister van Sociale Zaken, |
M. DE BLOCK | M. DE BLOCK |
ADVIES 61.087/1 VAN 30 MAART 2017 | ADVIES 61.087/1 VAN 30 MAART 2017 |
VAN DE AFDELING WETGEVING VAN DE RAAD VAN STATE | VAN DE AFDELING WETGEVING VAN DE RAAD VAN STATE |
Op 2 maart 2017 is de Raad van State, afdeling Wetgeving, door de | Op 2 maart 2017 is de Raad van State, afdeling Wetgeving, door de |
Minister van Sociale Zaken verzocht binnen een termijn van dertig | Minister van Sociale Zaken verzocht binnen een termijn van dertig |
dagen een advies te verstrekken over een ontwerp van koninklijk | dagen een advies te verstrekken over een ontwerp van koninklijk |
besluit 'tot wijziging van het koninklijk besluit van 19 december 2012 | besluit 'tot wijziging van het koninklijk besluit van 19 december 2012 |
tot regeling van de zeegewenning aan boord van zeeschepen en tot | tot regeling van de zeegewenning aan boord van zeeschepen en tot |
vaststelling van de uitvoeringsmodaliteiten van de inning en | vaststelling van de uitvoeringsmodaliteiten van de inning en |
invordering van de solidariteitsbijdrage voor de zeegewenning door de | invordering van de solidariteitsbijdrage voor de zeegewenning door de |
Hulp- en Voorzorgskas voor Zeevarenden'. | Hulp- en Voorzorgskas voor Zeevarenden'. |
Het ontwerp is door de eerste kamer onderzocht op 21 maart 2017. | Het ontwerp is door de eerste kamer onderzocht op 21 maart 2017. |
Het advies, waarvan de tekst hierna volgt, is gegeven op 30 maart | Het advies, waarvan de tekst hierna volgt, is gegeven op 30 maart |
2017. | 2017. |
STREKKING EN RECHTSGROND VAN HET ONTWERP | STREKKING EN RECHTSGROND VAN HET ONTWERP |
1. Het koninklijk besluit van 19 december 2012 'tot regeling van de | 1. Het koninklijk besluit van 19 december 2012 'tot regeling van de |
zeegewenning aan boord van zeeschepen en tot vaststelling van de | zeegewenning aan boord van zeeschepen en tot vaststelling van de |
uitvoeringsmodaliteiten van de inning en invordering van de | uitvoeringsmodaliteiten van de inning en invordering van de |
solidariteitsbijdrage voor de zeegewenning door de Hulp- en | solidariteitsbijdrage voor de zeegewenning door de Hulp- en |
Voorzorgskas voor Zeevarenden' voorziet in de mogelijkheid voor | Voorzorgskas voor Zeevarenden' voorziet in de mogelijkheid voor |
studenten van maritieme instituten om een "maritieme | studenten van maritieme instituten om een "maritieme |
zeegewenningsreis" te maken. Het doel van de zeegewenningsreis is om | zeegewenningsreis" te maken. Het doel van de zeegewenningsreis is om |
de studenten toe te laten voldoende vaartijd op te bouwen om na hun | de studenten toe te laten voldoende vaartijd op te bouwen om na hun |
studies als wachtoverste te kunnen aanmonsteren. De periode van | studies als wachtoverste te kunnen aanmonsteren. De periode van |
aanmonstering loopt evenwel slechts van 15 juni tot 15 september. Het | aanmonstering loopt evenwel slechts van 15 juni tot 15 september. Het |
om advies voorgelegde ontwerp van koninklijk besluit strekt ertoe om | om advies voorgelegde ontwerp van koninklijk besluit strekt ertoe om |
deze periode uit te breiden tot het gehele kalenderjaar en om de | deze periode uit te breiden tot het gehele kalenderjaar en om de |
totale vergoedbare periode van 50 dagen uit te breiden tot 50 dagen | totale vergoedbare periode van 50 dagen uit te breiden tot 50 dagen |
per kalenderjaar met een maximum van 150 dagen gespreid over de | per kalenderjaar met een maximum van 150 dagen gespreid over de |
volledige studieperiode. Het te nemen besluit treedt in werking op 1 | volledige studieperiode. Het te nemen besluit treedt in werking op 1 |
april 2017. | april 2017. |
2. Rechtsgrond voor het ontwerp wordt geboden door de artikelen | 2. Rechtsgrond voor het ontwerp wordt geboden door de artikelen |
2quinquies en 3, § 3sexies, van de besluitwet van 7 februari 1945 | 2quinquies en 3, § 3sexies, van de besluitwet van 7 februari 1945 |
'betreffende de maatschappelijke veiligheid van de zeelieden ter | 'betreffende de maatschappelijke veiligheid van de zeelieden ter |
koopvaardij'. Artikel 12 van die besluitwet, waaraan eveneens wordt | koopvaardij'. Artikel 12 van die besluitwet, waaraan eveneens wordt |
gerefereerd in het eerste lid van de aanhef van het ontwerp, vormt | gerefereerd in het eerste lid van de aanhef van het ontwerp, vormt |
geen rechtsgrond voor het ontwerp. | geen rechtsgrond voor het ontwerp. |
ONDERZOEK VAN DE TEKST | ONDERZOEK VAN DE TEKST |
Aanhef | Aanhef |
3. In het eerste lid van de aanhef van het ontwerp dienen de woorden | 3. In het eerste lid van de aanhef van het ontwerp dienen de woorden |
"en artikel 12" te worden weggelaten. | "en artikel 12" te worden weggelaten. |
4. In het tweede lid van de aanhef dienen aan het einde de woorden ", | 4. In het tweede lid van de aanhef dienen aan het einde de woorden ", |
de artikelen 1, 4, 6 en 7" om wetgevingstechnische redenen te worden | de artikelen 1, 4, 6 en 7" om wetgevingstechnische redenen te worden |
weggelaten. | weggelaten. |
Artikelen 2, 3 en 4 | Artikelen 2, 3 en 4 |
5. In de Nederlandse tekst van de inleidende zin van de artikelen 2, 3 | 5. In de Nederlandse tekst van de inleidende zin van de artikelen 2, 3 |
en 4 van het ontwerp dienen de woorden "hetzelfde koninklijk besluit", | en 4 van het ontwerp dienen de woorden "hetzelfde koninklijk besluit", |
ter wille van de overeenstemming met de Franse tekst, telkens te | ter wille van de overeenstemming met de Franse tekst, telkens te |
worden vervangen door de woorden "hetzelfde besluit". | worden vervangen door de woorden "hetzelfde besluit". |
Artikel 5 | Artikel 5 |
6. De gemachtigde heeft verklaard dat de initiële datum van | 6. De gemachtigde heeft verklaard dat de initiële datum van |
inwerkingtreding (1 april 2017) niet behouden blijft en dat wordt | inwerkingtreding (1 april 2017) niet behouden blijft en dat wordt |
geopteerd voor een inwerkingtreding op 1 juni 2017, teneinde uit te | geopteerd voor een inwerkingtreding op 1 juni 2017, teneinde uit te |
sluiten dat de ontworpen regeling met terugwerkende kracht in werking | sluiten dat de ontworpen regeling met terugwerkende kracht in werking |
zou treden. Met dit voorstel kan worden ingestemd. In geen geval komt | zou treden. Met dit voorstel kan worden ingestemd. In geen geval komt |
de regeling opgenomen in artikel 2, 2°, van het ontwerp immers in | de regeling opgenomen in artikel 2, 2°, van het ontwerp immers in |
aanmerking voor een retroactieve inwerkingtreding. | aanmerking voor een retroactieve inwerkingtreding. |
De kamer was samengesteld uit : | De kamer was samengesteld uit : |
De heren : | De heren : |
Marnix VAN DAMME, kamervoorzitter; | Marnix VAN DAMME, kamervoorzitter; |
Wilfried VAN VAERENBERGH en Wouter PAS, staatsraden; | Wilfried VAN VAERENBERGH en Wouter PAS, staatsraden; |
Marc RIGAUX en Michel TISON, assessoren; | Marc RIGAUX en Michel TISON, assessoren; |
Wim GEURTS, griffier. | Wim GEURTS, griffier. |
Het verslag is uitgebracht door Wendy DEPESTER, auditeur. | Het verslag is uitgebracht door Wendy DEPESTER, auditeur. |
De overeenstemming tussen de Franse en de Nederlandse tekst van het | De overeenstemming tussen de Franse en de Nederlandse tekst van het |
advies is nagezien onder toezicht van Wilfried VAN VAERENBERGH, | advies is nagezien onder toezicht van Wilfried VAN VAERENBERGH, |
staatsraad. | staatsraad. |
De griffier | De griffier |
Wim GEURTS | Wim GEURTS |
De voorzitter | De voorzitter |
Marnix VAN DAMME | Marnix VAN DAMME |
17 MEI 2017. - Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk | 17 MEI 2017. - Koninklijk besluit tot wijziging van het koninklijk |
besluit van 19 december 2012 tot regeling van de zeegewenning aan | besluit van 19 december 2012 tot regeling van de zeegewenning aan |
boord van zeeschepen en tot vaststelling van de | boord van zeeschepen en tot vaststelling van de |
uitvoeringsmodaliteiten van de inning en invordering van de | uitvoeringsmodaliteiten van de inning en invordering van de |
solidariteitsbijdrage voor de zeegewenning door de Hulp- en | solidariteitsbijdrage voor de zeegewenning door de Hulp- en |
Voorzorgskas voor Zeevarenden | Voorzorgskas voor Zeevarenden |
FILIP, Koning der Belgen, | FILIP, Koning der Belgen, |
Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. | Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. |
Gelet op de besluitwet van 7 februari 1945 betreffende de | Gelet op de besluitwet van 7 februari 1945 betreffende de |
maatschappelijke veiligheid van de zeelieden ter koopvaardij, artikel | maatschappelijke veiligheid van de zeelieden ter koopvaardij, artikel |
2quinquies, ingevoegd bij de wet van 17 juni 2009, en artikel 3, | 2quinquies, ingevoegd bij de wet van 17 juni 2009, en artikel 3, |
paragraaf 3sexies, ingevoegd bij de wet van 29 maart 2012; | paragraaf 3sexies, ingevoegd bij de wet van 29 maart 2012; |
Gelet op het koninklijk besluit van 19 december 2012 tot regeling van | Gelet op het koninklijk besluit van 19 december 2012 tot regeling van |
de zeegewenning aan boord van zeeschepen en tot vaststelling van de | de zeegewenning aan boord van zeeschepen en tot vaststelling van de |
uitvoeringsmodaliteiten van de inning en invordering van de | uitvoeringsmodaliteiten van de inning en invordering van de |
solidariteitsbijdrage voor de zeegewenning door de Hulp- en | solidariteitsbijdrage voor de zeegewenning door de Hulp- en |
Voorzorgskas voor Zeevarenden; | Voorzorgskas voor Zeevarenden; |
Gelet op het advies van de inspecteur van Financiën, gegeven op 6 | Gelet op het advies van de inspecteur van Financiën, gegeven op 6 |
januari 2017 en 11 januari 2017; | januari 2017 en 11 januari 2017; |
Gelet op het advies van het Beheerscomité van de Hulp- en Voorzorgskas | Gelet op het advies van het Beheerscomité van de Hulp- en Voorzorgskas |
voor Zeevarenden, gegeven op 18 januari 2017; | voor Zeevarenden, gegeven op 18 januari 2017; |
Gelet op de akkoordbevinding van de Minister van Begroting d.d. 20 | Gelet op de akkoordbevinding van de Minister van Begroting d.d. 20 |
februari 2017; | februari 2017; |
Gelet op advies 61.087/1 van de Raad van State, gegeven op 30 maart | Gelet op advies 61.087/1 van de Raad van State, gegeven op 30 maart |
2017, met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 2°, van de | 2017, met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 2°, van de |
wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; | wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; |
Op de voordracht van de Minister van Werk en de Minister van Sociale | Op de voordracht van de Minister van Werk en de Minister van Sociale |
Zaken, | Zaken, |
Nous avons arrêté et arrêtons : | Nous avons arrêté et arrêtons : |
Artikel 1.In artikel 1, tweede lid, van het koninklijk besluit van 19 |
Artikel 1.In artikel 1, tweede lid, van het koninklijk besluit van 19 |
december 2012 tot regeling van de zeegewenning aan boord van | december 2012 tot regeling van de zeegewenning aan boord van |
zeeschepen en tot vaststelling van de uitvoeringsmodaliteiten van de | zeeschepen en tot vaststelling van de uitvoeringsmodaliteiten van de |
inning en invordering van de solidariteitsbijdrage voor de | inning en invordering van de solidariteitsbijdrage voor de |
zeegewenning door de Hulp- en Voorzorgskas voor Zeevarenden, wordt de | zeegewenning door de Hulp- en Voorzorgskas voor Zeevarenden, wordt de |
derde zin, die aanvangt met de woorden "Zij kunnen aanmonsteren" en | derde zin, die aanvangt met de woorden "Zij kunnen aanmonsteren" en |
eindigt met de woorden "15 september.", en de vierde zin, die aanvangt | eindigt met de woorden "15 september.", en de vierde zin, die aanvangt |
met de woorden "Indien hun afmonstering" en eindigt met de woorden | met de woorden "Indien hun afmonstering" en eindigt met de woorden |
"van datzelfde jaar." vervangen als volgt : | "van datzelfde jaar." vervangen als volgt : |
"Zij kunnen gedurende het hele kalenderjaar aan- en afmonsteren.". | "Zij kunnen gedurende het hele kalenderjaar aan- en afmonsteren.". |
Art. 2.In artikel 4 van hetzelfde besluit worden de volgende |
Art. 2.In artikel 4 van hetzelfde besluit worden de volgende |
wijzigingen aangebracht : | wijzigingen aangebracht : |
1° paragraaf 2 wordt vervangen als volgt : | 1° paragraaf 2 wordt vervangen als volgt : |
" § 2. Bovenop de uitkering in categorie B1 wordt er ten laste van het | " § 2. Bovenop de uitkering in categorie B1 wordt er ten laste van het |
Bedrijfsfonds voor de koopvaardij een welvaartstoeslag betaald. Het | Bedrijfsfonds voor de koopvaardij een welvaartstoeslag betaald. Het |
bedrag van de welvaartstoeslag wordt jaarlijks, van zodra het bekend | bedrag van de welvaartstoeslag wordt jaarlijks, van zodra het bekend |
is, door het Bedrijfsfonds voor de koopvaardij aan de HVKZ, afdeling | is, door het Bedrijfsfonds voor de koopvaardij aan de HVKZ, afdeling |
Pool meegedeeld. Iedere wijziging van dit bedrag tijdens de periode | Pool meegedeeld. Iedere wijziging van dit bedrag tijdens de periode |
van de zeegewenning wordt onmiddellijk meegedeeld.". | van de zeegewenning wordt onmiddellijk meegedeeld.". |
2° paragraaf 4 wordt vervangen als volgt : | 2° paragraaf 4 wordt vervangen als volgt : |
"De totale vergoeding voor een zeegewenningsreis, met toepassing van | "De totale vergoeding voor een zeegewenningsreis, met toepassing van |
de paragrafen 1, 2 en 3, inclusief de reisdagen, mag niet hoger liggen | de paragrafen 1, 2 en 3, inclusief de reisdagen, mag niet hoger liggen |
dan gemiddeld 67,92 euro per vergoedbare dag op datum van 1 juni 2012. | dan gemiddeld 67,92 euro per vergoedbare dag op datum van 1 juni 2012. |
Indien dit maximumbedrag wordt overschreden zal de uitkering van de | Indien dit maximumbedrag wordt overschreden zal de uitkering van de |
HVKZ, afdeling Pool met het bedrag van de overschrijding worden | HVKZ, afdeling Pool met het bedrag van de overschrijding worden |
verminderd.". | verminderd.". |
Art. 3.Artikel 6, van hetzelfde besluit wordt vervangen als volgt : |
Art. 3.Artikel 6, van hetzelfde besluit wordt vervangen als volgt : |
"Onafhankelijk van de totale duur van de zeegewenningsreis, inclusief | "Onafhankelijk van de totale duur van de zeegewenningsreis, inclusief |
eventuele reisdagen, en onder voorbehoud van uitzonderlijke | eventuele reisdagen, en onder voorbehoud van uitzonderlijke |
omstandigheden, wordt de totale vergoeding voor een zeegewenningsreis | omstandigheden, wordt de totale vergoeding voor een zeegewenningsreis |
beperkt tot 50 vergoedbare dagen per kalenderjaar. | beperkt tot 50 vergoedbare dagen per kalenderjaar. |
Het totaal aantal vergoedbare dagen per student mag niet meer bedragen | Het totaal aantal vergoedbare dagen per student mag niet meer bedragen |
dan 150 dagen over de gehele studieduur. | dan 150 dagen over de gehele studieduur. |
Het beheerscomité van de HVKZ beoordeelt de ernst van de | Het beheerscomité van de HVKZ beoordeelt de ernst van de |
uitzonderlijke omstandigheden en beslist over de toekenning van | uitzonderlijke omstandigheden en beslist over de toekenning van |
supplementair vergoedbare dagen, rekening houdend met het maximum van | supplementair vergoedbare dagen, rekening houdend met het maximum van |
150 vergoedbare dagen over de gehele studieduur.". | 150 vergoedbare dagen over de gehele studieduur.". |
Art. 4.In artikel 7, § 1, van hetzelfde besluit, wordt de zin "Om de |
Art. 4.In artikel 7, § 1, van hetzelfde besluit, wordt de zin "Om de |
totale vergoeding voor een zeegewenningsreis te kunnen behouden dienen | totale vergoeding voor een zeegewenningsreis te kunnen behouden dienen |
de studenten : " vervangen als volgt : | de studenten : " vervangen als volgt : |
"Om de totale vergoeding voor een zeegewenningsreis te kunnen behouden | "Om de totale vergoeding voor een zeegewenningsreis te kunnen behouden |
dienen de studenten die aanmonsteren van 15 juni tot en met 30 | dienen de studenten die aanmonsteren van 15 juni tot en met 30 |
september : ". | september : ". |
Art. 5.Dit besluit treedt in werking op 1 juni 2017. |
Art. 5.Dit besluit treedt in werking op 1 juni 2017. |
Art. 6.De minister bevoegd voor Werk en de minister bevoegd voor |
Art. 6.De minister bevoegd voor Werk en de minister bevoegd voor |
Sociale Zaken zijn, ieder wat hem betreft, belast met de uitvoering | Sociale Zaken zijn, ieder wat hem betreft, belast met de uitvoering |
van dit besluit. | van dit besluit. |
Gegeven te Brussel, 17 mei 2017. | Gegeven te Brussel, 17 mei 2017. |
FILIP | FILIP |
Van Koningswege : | Van Koningswege : |
De Minister van Werk, | De Minister van Werk, |
K. PEETERS | K. PEETERS |
De Minister van Sociale Zaken, | De Minister van Sociale Zaken, |
M. DE BLOCK | M. DE BLOCK |