Etaamb.openjustice.be
Meertalige weergave van Koninklijk Besluit van 15/05/2014
← Terug naar "Koninklijk besluit tot uitvoering, voor de griffiers van de Rechterlijke Orde, de referendarissen bij het Hof van Cassatie en de referendarissen en parketjuristen bij de hoven en rechtbanken, van artikel 15septies van de wet van 8 april 1965 tot instelling van de arbeidsreglementen "
Koninklijk besluit tot uitvoering, voor de griffiers van de Rechterlijke Orde, de referendarissen bij het Hof van Cassatie en de referendarissen en parketjuristen bij de hoven en rechtbanken, van artikel 15septies van de wet van 8 april 1965 tot instelling van de arbeidsreglementen Koninklijk besluit tot uitvoering, voor de griffiers van de Rechterlijke Orde, de referendarissen bij het Hof van Cassatie en de referendarissen en parketjuristen bij de hoven en rechtbanken, van artikel 15septies van de wet van 8 april 1965 tot instelling van de arbeidsreglementen
FEDERALE OVERHEIDSDIENST JUSTITIE FEDERALE OVERHEIDSDIENST JUSTITIE
15 MEI 2014. - Koninklijk besluit tot uitvoering, voor de griffiers 15 MEI 2014. - Koninklijk besluit tot uitvoering, voor de griffiers
van de Rechterlijke Orde, de referendarissen bij het Hof van Cassatie van de Rechterlijke Orde, de referendarissen bij het Hof van Cassatie
en de referendarissen en parketjuristen bij de hoven en rechtbanken, en de referendarissen en parketjuristen bij de hoven en rechtbanken,
van artikel 15septies van de wet van 8 april 1965 tot instelling van van artikel 15septies van de wet van 8 april 1965 tot instelling van
de arbeidsreglementen de arbeidsreglementen
FILIP, Koning der Belgen, FILIP, Koning der Belgen,
Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.
Gelet op de wet van 8 april 1965 tot instelling van de Gelet op de wet van 8 april 1965 tot instelling van de
arbeidsreglementen, artikel 15septies, ingevoegd bij de wet van 18 arbeidsreglementen, artikel 15septies, ingevoegd bij de wet van 18
december 2002; december 2002;
Gelet op de wet van 25 april 2007 tot regeling van de betrekkingen Gelet op de wet van 25 april 2007 tot regeling van de betrekkingen
tussen de overheid en de vakorganisaties van de griffiers van de tussen de overheid en de vakorganisaties van de griffiers van de
Rechterlijke Orde, de referendarissen bij het Hof van Cassatie en de Rechterlijke Orde, de referendarissen bij het Hof van Cassatie en de
referendarissen en parketjuristen bij de hoven en rechtbanken; referendarissen en parketjuristen bij de hoven en rechtbanken;
Gelet op het koninklijk besluit van 8 maart 2009 tot uitvoering van de Gelet op het koninklijk besluit van 8 maart 2009 tot uitvoering van de
wet van 25 april 2007 tot regeling van de betrekkingen tussen de wet van 25 april 2007 tot regeling van de betrekkingen tussen de
overheid en de vakorganisaties van de griffiers van de Rechterlijke overheid en de vakorganisaties van de griffiers van de Rechterlijke
Orde, de referendarissen bij het Hof van Cassatie en de Orde, de referendarissen bij het Hof van Cassatie en de
referendarissen en parketjuristen bij de hoven en rechtbanken; referendarissen en parketjuristen bij de hoven en rechtbanken;
Gelet op het advies van de Inspecteur van Financiën, gegeven op 12 Gelet op het advies van de Inspecteur van Financiën, gegeven op 12
maart 2012; maart 2012;
Gelet op de akkoordbevinding van de Staatssecretaris voor Gelet op de akkoordbevinding van de Staatssecretaris voor
Ambtenarenzaken van 4 juli 2013; Ambtenarenzaken van 4 juli 2013;
Gelet op de akkoordbevinding van de Minister van Begroting van 26 juli Gelet op de akkoordbevinding van de Minister van Begroting van 26 juli
2013; 2013;
Gelet op het protocol nr. 18 van het onderhandelingscomité van de Gelet op het protocol nr. 18 van het onderhandelingscomité van de
griffiers, referendarissen en parketjuristen van de rechterlijke Orde, griffiers, referendarissen en parketjuristen van de rechterlijke Orde,
afgesloten op 14 oktober 2013; afgesloten op 14 oktober 2013;
Gelet op advies nr. 55.845/3 van de Raad van State, gegeven op 18 Gelet op advies nr. 55.845/3 van de Raad van State, gegeven op 18
april 2014, met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 2°, van de april 2014, met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 2°, van de
wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973;
Gezien het artikel 8 van de wet van 15 december 2013 houdende diverse Gezien het artikel 8 van de wet van 15 december 2013 houdende diverse
bepalingen inzake administratieve vereenvoudiging, is dit besluit bepalingen inzake administratieve vereenvoudiging, is dit besluit
vrijgesteld van een regelgevingsimpactanalyse omdat het bepalingen van vrijgesteld van een regelgevingsimpactanalyse omdat het bepalingen van
autoregulering betreft; autoregulering betreft;
Op de voordracht van de Minister van Justitie en de Minister van Werk Op de voordracht van de Minister van Justitie en de Minister van Werk
en het advies van de Ministers die hierover beraadslaagd hebben in de en het advies van de Ministers die hierover beraadslaagd hebben in de
Raad, Raad,
Hebben Wij besloten en besluiten Wij : Hebben Wij besloten en besluiten Wij :

Artikel 1.Dit besluit is van toepassing op de griffiers van de

Artikel 1.Dit besluit is van toepassing op de griffiers van de

Rechterlijke Orde, de referendarissen bij het Hof van Cassatie en de Rechterlijke Orde, de referendarissen bij het Hof van Cassatie en de
referendarissen en parketjuristen bij de hoven en rechtbanken, waarop referendarissen en parketjuristen bij de hoven en rechtbanken, waarop
de wet van 8 april 1965 tot instelling van de arbeidsreglementen van de wet van 8 april 1965 tot instelling van de arbeidsreglementen van
toepassing is krachtens artikel 1 van voormelde wet. toepassing is krachtens artikel 1 van voormelde wet.

Art. 2.Voor de toepassing van dit besluit verstaan we onder:

Art. 2.Voor de toepassing van dit besluit verstaan we onder:

1 ° de wet van 8 april 1965: de wet van 8 april 1965 tot instelling 1 ° de wet van 8 april 1965: de wet van 8 april 1965 tot instelling
van de arbeidsreglementen; van de arbeidsreglementen;
2° de wet van 25 april 2007: de wet van 25 april 2007 tot regeling van 2° de wet van 25 april 2007: de wet van 25 april 2007 tot regeling van
de betrekkingen tussen de overheid en de vakorganisaties van de de betrekkingen tussen de overheid en de vakorganisaties van de
griffiers van de Rechterlijke Orde, de referendarissen bij het Hof van griffiers van de Rechterlijke Orde, de referendarissen bij het Hof van
Cassatie en de referendarissen en parketjuristen bij de hoven en Cassatie en de referendarissen en parketjuristen bij de hoven en
rechtbanken; rechtbanken;
3° het koninklijk besluit van 8 maart 2009: het koninklijk besluit van 3° het koninklijk besluit van 8 maart 2009: het koninklijk besluit van
8 maart 2009 tot uitvoering van de wet van 25 april 2007 tot regeling 8 maart 2009 tot uitvoering van de wet van 25 april 2007 tot regeling
van de betrekkingen tussen de overheid en de vakorganisaties van de van de betrekkingen tussen de overheid en de vakorganisaties van de
griffiers van de Rechterlijke Orde, de referendarissen bij het Hof van griffiers van de Rechterlijke Orde, de referendarissen bij het Hof van
Cassatie en de referendarissen en parketjuristen bij de hoven en Cassatie en de referendarissen en parketjuristen bij de hoven en
rechtbanken; rechtbanken;
4° het onderhandelingscomité: het comité bedoeld in artikel 4, eerste 4° het onderhandelingscomité: het comité bedoeld in artikel 4, eerste
lid, van de wet van 25 april 2007; lid, van de wet van 25 april 2007;
5° het overlegcomité: het comité bedoeld in artikel 8, § 1, eerste 5° het overlegcomité: het comité bedoeld in artikel 8, § 1, eerste
lid, van de wet van 25 april 2007. lid, van de wet van 25 april 2007.

Art. 3.Om de bevoegdheid, bedoeld in artikel 7, eerste lid, van de

Art. 3.Om de bevoegdheid, bedoeld in artikel 7, eerste lid, van de

wet van 8 april 1965, uit te voeren, houdt de Koning rekening met het wet van 8 april 1965, uit te voeren, houdt de Koning rekening met het
gemotiveerd advies van het overlegcomité. gemotiveerd advies van het overlegcomité.

Art. 4.§ 1. Voor de toepassing van hoofdstuk ll, afdeling 3, van de

Art. 4.§ 1. Voor de toepassing van hoofdstuk ll, afdeling 3, van de

wet 8 april 1965, gelden de onderhandelings- en overlegprocedures wet 8 april 1965, gelden de onderhandelings- en overlegprocedures
zoals bedoeld in de wet van 25 april 2007 en in het koninklijk besluit zoals bedoeld in de wet van 25 april 2007 en in het koninklijk besluit
van 8 maart 2009 als de procedures welke doorlopen worden in de van 8 maart 2009 als de procedures welke doorlopen worden in de
paritaire comités en in de ondernemingsraden of welke doorlopen worden paritaire comités en in de ondernemingsraden of welke doorlopen worden
in samenwerking met de personeels- en vakbondsafvaardigingen. in samenwerking met de personeels- en vakbondsafvaardigingen.
§ 2.- De aangelegenheden die niet onderworpen zijn aan de in § 1er § 2.- De aangelegenheden die niet onderworpen zijn aan de in § 1er
vermelde onderhandelings- of overlegprocedures en die in het vermelde onderhandelings- of overlegprocedures en die in het
arbeidsreglement moeten worden opgenomen, worden aan de arbeidsreglement moeten worden opgenomen, worden aan de
overlegprocedure onderworpen. overlegprocedure onderworpen.
Bij gebrek aan een eenparig gemotiveerd advies in het overlegcomité Bij gebrek aan een eenparig gemotiveerd advies in het overlegcomité
over de bepalingen van het reglement, wordt het geschil uiterlijk over de bepalingen van het reglement, wordt het geschil uiterlijk
vijftien dagen na de dag waarop de notulen definitief geworden zijn, vijftien dagen na de dag waarop de notulen definitief geworden zijn,
door de voorzitter ter kennis gebracht van de ambtenaar aangewezen door de voorzitter ter kennis gebracht van de ambtenaar aangewezen
door de Koning krachtens artikel 21 van de wet van 8 april 1965. Deze door de Koning krachtens artikel 21 van de wet van 8 april 1965. Deze
ambtenaar tracht binnen een termijn van dertig dagen de uiteenlopende ambtenaar tracht binnen een termijn van dertig dagen de uiteenlopende
standpunten te verzoenen. Indien hij daarin niet slaagt, wordt het standpunten te verzoenen. Indien hij daarin niet slaagt, wordt het
geschil binnen vijftien dagen na het proces-verbaal van geschil binnen vijftien dagen na het proces-verbaal van
niet-verzoening onderworpen aan de onderhandelingsprocedure. Nadat het niet-verzoening onderworpen aan de onderhandelingsprocedure. Nadat het
protocol definitief is geworden, stelt de overheid het protocol definitief is geworden, stelt de overheid het
arbeidsreglement vast of brengt wijzigingen in het arbeidsreglement arbeidsreglement vast of brengt wijzigingen in het arbeidsreglement
aan. aan.

Art. 5.In de gevallen bedoeld in artikel 15, zevende lid, van de wet

Art. 5.In de gevallen bedoeld in artikel 15, zevende lid, van de wet

van 8 april 1965, wordt de verzending van een kopie aan de voorzitter van 8 april 1965, wordt de verzending van een kopie aan de voorzitter
van het paritair comité vervangen door de verzending van een kopie aan van het paritair comité vervangen door de verzending van een kopie aan
de voorzitter van het onderhandelingscomité. de voorzitter van het onderhandelingscomité.

Art. 6.Dit besluit treedt in werking de dag waarop het in het

Art. 6.Dit besluit treedt in werking de dag waarop het in het

Belgisch Staatsblad wordt bekendgemaakt. Belgisch Staatsblad wordt bekendgemaakt.

Art. 7.De minister bevoegd voor Justitie en de minister bevoegd voor

Art. 7.De minister bevoegd voor Justitie en de minister bevoegd voor

Arbeid zijn, ieder wat hem betreft, belast met de uitvoering van dit Arbeid zijn, ieder wat hem betreft, belast met de uitvoering van dit
besluit. besluit.
Gegeven te Brussel, 15 mei 2014. Gegeven te Brussel, 15 mei 2014.
FILIP FILIP
Van Koningswege : Van Koningswege :
De Minister van Justitie, De Minister van Justitie,
Mevr. A. TURTELBOOM Mevr. A. TURTELBOOM
De Minister van Werk, De Minister van Werk,
Mevr. M. DE CONINCK Mevr. M. DE CONINCK
^