Etaamb.openjustice.be
Meertalige weergave van Koninklijk Besluit van 15/06/2010
← Terug naar "Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 6 oktober 2009, gesloten in het Paritair Comité voor de maatschappijen voor hypothecaire leningen, sparen en kapitalisatie, betreffende het vormingsbeleid 2009-2010 "
Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 6 oktober 2009, gesloten in het Paritair Comité voor de maatschappijen voor hypothecaire leningen, sparen en kapitalisatie, betreffende het vormingsbeleid 2009-2010 Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 6 oktober 2009, gesloten in het Paritair Comité voor de maatschappijen voor hypothecaire leningen, sparen en kapitalisatie, betreffende het vormingsbeleid 2009-2010
FEDERALE OVERHEIDSDIENST WERKGELEGENHEID, ARBEID EN SOCIAAL OVERLEG FEDERALE OVERHEIDSDIENST WERKGELEGENHEID, ARBEID EN SOCIAAL OVERLEG
15 JUNI 2010. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt 15 JUNI 2010. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt
verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 6 oktober 2009, verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 6 oktober 2009,
gesloten in het Paritair Comité voor de maatschappijen voor gesloten in het Paritair Comité voor de maatschappijen voor
hypothecaire leningen, sparen en kapitalisatie, betreffende het hypothecaire leningen, sparen en kapitalisatie, betreffende het
vormingsbeleid 2009-2010 (1) vormingsbeleid 2009-2010 (1)
ALBERT II, Koning der Belgen, ALBERT II, Koning der Belgen,
Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.
Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve
arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel
28; 28;
Gelet op het verzoek van het Paritair Comité voor de maatschappijen Gelet op het verzoek van het Paritair Comité voor de maatschappijen
voor hypothecaire leningen, sparen en kapitalisatie; voor hypothecaire leningen, sparen en kapitalisatie;
Op de voordracht van de Minister van Werk, Op de voordracht van de Minister van Werk,
Hebben Wij besloten en besluiten Wij : Hebben Wij besloten en besluiten Wij :

Artikel 1.Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage

Artikel 1.Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage

overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst van 6 oktober 2009, overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst van 6 oktober 2009,
gesloten in het Paritair Comité voor de maatschappijen voor gesloten in het Paritair Comité voor de maatschappijen voor
hypothecaire leningen, sparen en kapitalisatie, betreffende het hypothecaire leningen, sparen en kapitalisatie, betreffende het
vormingsbeleid 2009-2010. vormingsbeleid 2009-2010.

Art. 2.De Minister bevoegd voor Werk is belast met de uitvoering van

Art. 2.De Minister bevoegd voor Werk is belast met de uitvoering van

dit besluit. dit besluit.
Gegeven te Brussel, 15 juni 2010. Gegeven te Brussel, 15 juni 2010.
ALBERT ALBERT
Van Koningswege : Van Koningswege :
De Vice-Eerste Minister De Vice-Eerste Minister
en Minister van Werk en Gelijke Kansen, belast met het Migratie- en en Minister van Werk en Gelijke Kansen, belast met het Migratie- en
asielbeleid, asielbeleid,
Mevr. J. MILQUET Mevr. J. MILQUET
_______ _______
Nota Nota
(1) Verwijzing naar het Belgisch Staatsblad : (1) Verwijzing naar het Belgisch Staatsblad :
Wet van 5 december 1968, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969. Wet van 5 december 1968, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969.
Bijlage Bijlage
Paritair Comité voor de maatschappijen voor hypothecaire leningen, Paritair Comité voor de maatschappijen voor hypothecaire leningen,
sparen en kapitalisatie sparen en kapitalisatie
Collectieve arbeidsovereenkomst van 6 oktober 2009 Collectieve arbeidsovereenkomst van 6 oktober 2009
Vormingsbeleid 2009-2010 (Overeenkomst geregistreerd op 10 december Vormingsbeleid 2009-2010 (Overeenkomst geregistreerd op 10 december
2009 onder het nummer 96359/CO/308) 2009 onder het nummer 96359/CO/308)
HOOFDSTUK I. - Toepassingsgebied HOOFDSTUK I. - Toepassingsgebied

Artikel 1.Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing op

Artikel 1.Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing op

de werkgevers en de werknemers van de ondernemingen die ressorteren de werkgevers en de werknemers van de ondernemingen die ressorteren
onder het Paritair Comité voor de maatschappijen voor hypothecaire onder het Paritair Comité voor de maatschappijen voor hypothecaire
leningen, sparen en kapitalisatie. leningen, sparen en kapitalisatie.
Onder "werknemers" wordt verstaan : het mannelijk en vrouwelijk Onder "werknemers" wordt verstaan : het mannelijk en vrouwelijk
werklieden-, bediende- en kaderpersoneel. werklieden-, bediende- en kaderpersoneel.
Deze collectieve arbeidsovereenkomst beoogt de uitvoering van titel Deze collectieve arbeidsovereenkomst beoogt de uitvoering van titel
IV, hoofdstuk IV van de wet van 23 december 2005 betreffende het IV, hoofdstuk IV van de wet van 23 december 2005 betreffende het
generatiepact en de sectorale collectieve arbeidsovereenkomst van 6 generatiepact en de sectorale collectieve arbeidsovereenkomst van 6
oktober 2009 houdende het akkoord 2009-2010. oktober 2009 houdende het akkoord 2009-2010.
HOOFDSTUK II. - Algemene principes HOOFDSTUK II. - Algemene principes

Art. 2.In aansluiting met de competitiviteitsverklaring van 27 maart

Art. 2.In aansluiting met de competitiviteitsverklaring van 27 maart

2006 en de besluiten in uitvoering van het generatiepact en van het 2006 en de besluiten in uitvoering van het generatiepact en van het
interprofessioneel akkoord 2007-2008 van 2 februari 2007, wijzen de interprofessioneel akkoord 2007-2008 van 2 februari 2007, wijzen de
ondertekenende sociale partners van deze collectieve ondertekenende sociale partners van deze collectieve
arbeidsovereenkomst op het belang dat zij hechten aan permanente arbeidsovereenkomst op het belang dat zij hechten aan permanente
vorming van de werknemers in de sector en aan het uitwerken van een vorming van de werknemers in de sector en aan het uitwerken van een
doeltreffend opleidings- en ontwikkelingsbeleid dat de mogelijkheid doeltreffend opleidings- en ontwikkelingsbeleid dat de mogelijkheid
biedt aan iedere werknemer om te kunnen blijven beantwoorden aan de biedt aan iedere werknemer om te kunnen blijven beantwoorden aan de
toenemende functiecomplexiteit en de steeds wijzigende competenties toenemende functiecomplexiteit en de steeds wijzigende competenties
die vereist zijn om de functies uit de oefenen. die vereist zijn om de functies uit de oefenen.
De sociale partners bevestigen dat in de sector van de maatschappijen De sociale partners bevestigen dat in de sector van de maatschappijen
voor hypothecaire maatschappijen, sparen en beleggen op het vlak van voor hypothecaire maatschappijen, sparen en beleggen op het vlak van
vorming nu reeds zowel op het vlak van de ondernemingen als op vorming nu reeds zowel op het vlak van de ondernemingen als op
sectorniveau ernstige inspanningen worden geleverd. sectorniveau ernstige inspanningen worden geleverd.
Evenwel kunnen de verdere globalisatie, een voortschrijdende Evenwel kunnen de verdere globalisatie, een voortschrijdende
technologische evolutie en de wijzigende wetgeving en reglementeringen technologische evolutie en de wijzigende wetgeving en reglementeringen
een ingrijpende en voortdurende wijziging van de functies en een ingrijpende en voortdurende wijziging van de functies en
competenties tot gevolg hebben. Derhalve zal in het kader van een competenties tot gevolg hebben. Derhalve zal in het kader van een
eventueel langere loopbaan met een vereiste van ruime inzetbaarheid eventueel langere loopbaan met een vereiste van ruime inzetbaarheid
tot gevolg, het belang van vorming en ontwikkeling van de werknemers tot gevolg, het belang van vorming en ontwikkeling van de werknemers
verder blijven toenemen. verder blijven toenemen.
De werkgevers bevestigen hun engagement en zullen er voor ijveren dat De werkgevers bevestigen hun engagement en zullen er voor ijveren dat
ze nog verdere inspanningen zullen leveren zoals beoogd in de wet van ze nog verdere inspanningen zullen leveren zoals beoogd in de wet van
23 december 2005 betreffende het generatiepact, zodat nog meer 23 december 2005 betreffende het generatiepact, zodat nog meer
werknemers kunnen participeren in de vorming en opleiding die door de werknemers kunnen participeren in de vorming en opleiding die door de
sector en de ondernemingen worden aangereikt. sector en de ondernemingen worden aangereikt.
Deze inspanningen zullen onder meer worden geconcretiseerd in de Deze inspanningen zullen onder meer worden geconcretiseerd in de
verschillende initiatieven die in deze collectieve arbeidsovereenkomst verschillende initiatieven die in deze collectieve arbeidsovereenkomst
zullen worden beschreven. zullen worden beschreven.

Art. 3.De sociale partners zullen zich inzetten om de werknemers te

Art. 3.De sociale partners zullen zich inzetten om de werknemers te

sensibiliseren voor het belang van de professionele vorming, onder sensibiliseren voor het belang van de professionele vorming, onder
andere in het kader van de ruime inzetbaarheid. andere in het kader van de ruime inzetbaarheid.
HOOFDSTUK III. - Vormingsinitiatieven op het niveau van de HOOFDSTUK III. - Vormingsinitiatieven op het niveau van de
ondernemingen ondernemingen
III. 1. Initiatieven tot bevordering van de ruime inzetbaarheid III. 1. Initiatieven tot bevordering van de ruime inzetbaarheid

Art. 4.De werkgevers zullen de nodige initiatieven nemen om de

Art. 4.De werkgevers zullen de nodige initiatieven nemen om de

behoeften aan professionele vorming van hun werknemers te onderzoeken, behoeften aan professionele vorming van hun werknemers te onderzoeken,
de nodige initiatieven inzake vorming te nemen en te ondersteunen, de nodige initiatieven inzake vorming te nemen en te ondersteunen,
teneinde het competentieniveau van het personeel op peil te houden. teneinde het competentieniveau van het personeel op peil te houden.
De werkgevers zullen in dit verband bijzondere aandacht besteden aan De werkgevers zullen in dit verband bijzondere aandacht besteden aan
de vormingsbehoeften en herintegratie in de nieuwe functievereisten de vormingsbehoeften en herintegratie in de nieuwe functievereisten
van werknemers die het werk hervatten, nadat hun arbeidsovereenkomst van werknemers die het werk hervatten, nadat hun arbeidsovereenkomst
gedurende een langere tijd is geschorst. gedurende een langere tijd is geschorst.
Deze werknemers die het werk hervatten na een langdurige schorsing, Deze werknemers die het werk hervatten na een langdurige schorsing,
zoals bedoeld in voorgaande alinea, zullen de nodige inspanningen zoals bedoeld in voorgaande alinea, zullen de nodige inspanningen
leveren om zich onder meer via vorming terug in de nieuwe werksituatie leveren om zich onder meer via vorming terug in de nieuwe werksituatie
in te werken. in te werken.

Art. 5.De werkgevers zullen bijzondere aandacht besteden aan de

Art. 5.De werkgevers zullen bijzondere aandacht besteden aan de

opleidingsbehoefte van werknemers wiens functie dreigt te verdwijnen opleidingsbehoefte van werknemers wiens functie dreigt te verdwijnen
of waarvan de functie-inhoud sterk zal wijzigen, zodat zij hun kansen of waarvan de functie-inhoud sterk zal wijzigen, zodat zij hun kansen
op het behoud van een tewerkstelling kunnen verbeteren. op het behoud van een tewerkstelling kunnen verbeteren.
In dit kader zullen de werkgevers aan de werknemers die een functie In dit kader zullen de werkgevers aan de werknemers die een functie
uitoefenen waarvan het observatorium, zoals bedoeld in artikel 11, uitoefenen waarvan het observatorium, zoals bedoeld in artikel 11,
heeft vastgesteld dat deze zal verdwijnen of ingrijpend zal wijzigen, heeft vastgesteld dat deze zal verdwijnen of ingrijpend zal wijzigen,
de opleiding laten volgen die hiervoor specifiek door EPOS zal worden de opleiding laten volgen die hiervoor specifiek door EPOS zal worden
aangeboden. aangeboden.

Art. 6.Werknemers die een lange tijd in dezelfde functie actief zijn

Art. 6.Werknemers die een lange tijd in dezelfde functie actief zijn

of een lange loopbaan kennen, zullen door de werkgever worden of een lange loopbaan kennen, zullen door de werkgever worden
uitgenodigd om hun sterktes en zwaktes met betrekking tot hun uitgenodigd om hun sterktes en zwaktes met betrekking tot hun
functioneren en inzetbaarheid te onderzoeken. functioneren en inzetbaarheid te onderzoeken.
III. 2. Initiatieven gericht op het verhogen van de participatiegraad III. 2. Initiatieven gericht op het verhogen van de participatiegraad

Art. 7.De werkgevers verbinden zich ertoe om op ondernemingsniveau,

Art. 7.De werkgevers verbinden zich ertoe om op ondernemingsniveau,

maar globaal, minstens driemaal zoveel dagen vorming te organiseren maar globaal, minstens driemaal zoveel dagen vorming te organiseren
als er personeelsleden tewerkgesteld worden (VTE). Vorming wordt als er personeelsleden tewerkgesteld worden (VTE). Vorming wordt
hierbij in ruime zin gedefinieerd en kan onder meer bestaan in een hierbij in ruime zin gedefinieerd en kan onder meer bestaan in een
opleidingscursus buiten de onderneming, een interne opleiding, een opleidingscursus buiten de onderneming, een interne opleiding, een
opleiding op de werkplaats of een opleiding via nieuwe opleiding op de werkplaats of een opleiding via nieuwe
informatietechnologieën. De vorming zal in principe tijdens de informatietechnologieën. De vorming zal in principe tijdens de
werkuren worden aangeboden. werkuren worden aangeboden.
Zij zullen hierover jaarlijks in de ondernemingsraad informatie Zij zullen hierover jaarlijks in de ondernemingsraad informatie
verstrekken over het aantal dagen vorming dat tijdens het jaar werd verstrekken over het aantal dagen vorming dat tijdens het jaar werd
georganiseerd en op hoeveel werknemers dat betrekking had. In deze georganiseerd en op hoeveel werknemers dat betrekking had. In deze
toelichting zal tevens worden meegedeeld hoeveel werknemers die een toelichting zal tevens worden meegedeeld hoeveel werknemers die een
opleiding hebben aangevraagd, de opleiding werd geweigerd. De opleiding hebben aangevraagd, de opleiding werd geweigerd. De
jaarlijkse informatie zal ter gelegenheid van de kwartaal-informatie jaarlijkse informatie zal ter gelegenheid van de kwartaal-informatie
worden geactualiseerd. worden geactualiseerd.
Voor de berekening van dit artikel wordt een dag vorming Voor de berekening van dit artikel wordt een dag vorming
vermenigvuldigd met het aantal werknemers (VTE) dat aan deze dag vermenigvuldigd met het aantal werknemers (VTE) dat aan deze dag
vorming deelnam. vorming deelnam.
De ondernemingen zullen inzake e-learning bepalen op welke manier deze De ondernemingen zullen inzake e-learning bepalen op welke manier deze
opleidingsvorm zal worden gefaciliteerd tijdens de arbeidstijd. opleidingsvorm zal worden gefaciliteerd tijdens de arbeidstijd.

Art. 8.Iedere werknemer heeft het recht om aan de werkgever zijn

Art. 8.Iedere werknemer heeft het recht om aan de werkgever zijn

opleidingsbehoefte te melden conform de in de onderneming bestaande of opleidingsbehoefte te melden conform de in de onderneming bestaande of
in te voeren procedure. in te voeren procedure.

Art. 9.Indien een werknemer, ondanks het feit dat hij opleiding heeft

Art. 9.Indien een werknemer, ondanks het feit dat hij opleiding heeft

gevraagd, gedurende een periode van 12 maanden geen passende vorming gevraagd, gedurende een periode van 12 maanden geen passende vorming
of opleiding heeft kunnen volgen, dan heeft hij het recht om op of opleiding heeft kunnen volgen, dan heeft hij het recht om op
eenvoudige vraag zijn opleidingsbehoefte in een gesprek te formuleren. eenvoudige vraag zijn opleidingsbehoefte in een gesprek te formuleren.
De werkgever en werknemer zullen in onderling overleg de De werkgever en werknemer zullen in onderling overleg de
opleidingsbehoefte schriftelijk vaststellen en een ontwikkelingsplan opleidingsbehoefte schriftelijk vaststellen en een ontwikkelingsplan
afspreken. Elke vormingsweigering zal door de werkgever schriftelijk afspreken. Elke vormingsweigering zal door de werkgever schriftelijk
gemotiveerd worden. gemotiveerd worden.
De werknemer mag beroepshalve geen nadeel ondervinden van het feit dat De werknemer mag beroepshalve geen nadeel ondervinden van het feit dat
hij dit individueel recht ten opzichte van de werkgever uitoefent. hij dit individueel recht ten opzichte van de werkgever uitoefent.
HOOFDSTUK IV. - Initiatieven op het niveau van de sector HOOFDSTUK IV. - Initiatieven op het niveau van de sector

Art. 10.Naast de overeenkomst om bij ongewijzigde regelgeving de

Art. 10.Naast de overeenkomst om bij ongewijzigde regelgeving de

werking van het sectoraal vormingsfonds voor risicogroepen op werking van het sectoraal vormingsfonds voor risicogroepen op
regelmatige basis te verlengen zullen de sociale partners onder meer regelmatige basis te verlengen zullen de sociale partners onder meer
volgende initiatieven op sectorniveau ontwikkelen. volgende initiatieven op sectorniveau ontwikkelen.

Art. 11.§ 1. In de schoot van het sectoraal vormingsfonds zal een cel

Art. 11.§ 1. In de schoot van het sectoraal vormingsfonds zal een cel

worden opgericht die tot taak heeft de eventuele ontwikkelingen in worden opgericht die tot taak heeft de eventuele ontwikkelingen in
beroepen en competenties op te volgen en toekomstgericht na te denken beroepen en competenties op te volgen en toekomstgericht na te denken
over de vereisten inzake opleiding in de sector. over de vereisten inzake opleiding in de sector.
§ 2. Op basis van deze observaties zal de cel mogelijke precaire § 2. Op basis van deze observaties zal de cel mogelijke precaire
functies opsporen die onderhevig zullen zijn aan ingrijpende functies opsporen die onderhevig zullen zijn aan ingrijpende
wijzigingen of die in de toekomst dreigen te verdwijnen. wijzigingen of die in de toekomst dreigen te verdwijnen.
Dit "observatorium" kan hierover adviezen en aanbevelingen formuleren Dit "observatorium" kan hierover adviezen en aanbevelingen formuleren
met betrekking tot het vormingsaanbod van EPOS, zodat aan de met betrekking tot het vormingsaanbod van EPOS, zodat aan de
werknemers wiens functie dreigt te verdwijnen of ingrijpend te werknemers wiens functie dreigt te verdwijnen of ingrijpend te
wijzigen, een adequate opleiding kan worden aangeboden. wijzigen, een adequate opleiding kan worden aangeboden.

Art. 12.Naast de vormingsinitiatieven die door de individuele

Art. 12.Naast de vormingsinitiatieven die door de individuele

werkgevers zullen worden genomen, zullen de sociale partners binnen werkgevers zullen worden genomen, zullen de sociale partners binnen
EPOS volgende initiatieven ontwikkelen : EPOS volgende initiatieven ontwikkelen :
a) een specifiek opleidingsaanbod voor werknemers die na een lange a) een specifiek opleidingsaanbod voor werknemers die na een lange
schorsing het werk hervatten; schorsing het werk hervatten;
b) een specifiek aanbod met betrekking tot loopbaanbegeleiding. b) een specifiek aanbod met betrekking tot loopbaanbegeleiding.
HOOFDSTUK V. - Slotbepalingen HOOFDSTUK V. - Slotbepalingen

Art. 13.Deze collectieve arbeidsovereenkomst wordt gesloten voor de

Art. 13.Deze collectieve arbeidsovereenkomst wordt gesloten voor de

duur van 1 januari 2009 tot en met 31 december 2010. duur van 1 januari 2009 tot en met 31 december 2010.
Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 15 juni Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 15 juni
2010. 2010.
De Vice-Eerste Minister De Vice-Eerste Minister
en Minister van Werk en Gelijke Kansen, belast met het Migratie- en en Minister van Werk en Gelijke Kansen, belast met het Migratie- en
asielbeleid, asielbeleid,
Mevr. J. MILQUET Mevr. J. MILQUET
^