Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 6 juli 2015, gesloten in het Paritair Comité voor de stoffering en de houtbewerking, betreffende het SWT wegens medische redenen op 58 jaar | Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 6 juli 2015, gesloten in het Paritair Comité voor de stoffering en de houtbewerking, betreffende het SWT wegens medische redenen op 58 jaar |
---|---|
FEDERALE OVERHEIDSDIENST WERKGELEGENHEID, ARBEID EN SOCIAAL OVERLEG | FEDERALE OVERHEIDSDIENST WERKGELEGENHEID, ARBEID EN SOCIAAL OVERLEG |
15 JULI 2016. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt | 15 JULI 2016. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt |
verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 6 juli 2015, gesloten | verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 6 juli 2015, gesloten |
in het Paritair Comité voor de stoffering en de houtbewerking, | in het Paritair Comité voor de stoffering en de houtbewerking, |
betreffende het SWT wegens medische redenen op 58 jaar (1) | betreffende het SWT wegens medische redenen op 58 jaar (1) |
FILIP, Koning der Belgen, | FILIP, Koning der Belgen, |
Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. | Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. |
Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve | Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve |
arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel | arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel |
28; | 28; |
Gelet op het verzoek van het Paritair Comité voor de stoffering en de | Gelet op het verzoek van het Paritair Comité voor de stoffering en de |
houtbewerking; | houtbewerking; |
Op de voordracht van de Minister van Werk, | Op de voordracht van de Minister van Werk, |
Hebben Wij besloten en besluiten Wij : | Hebben Wij besloten en besluiten Wij : |
Artikel 1.Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage |
Artikel 1.Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage |
overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst van 6 juli 2015, gesloten | overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst van 6 juli 2015, gesloten |
in het Paritair Comité voor de stoffering en de houtbewerking, | in het Paritair Comité voor de stoffering en de houtbewerking, |
betreffende het SWT wegens medische redenen op 58 jaar. | betreffende het SWT wegens medische redenen op 58 jaar. |
Art. 2.De minister bevoegd voor Werk is belast met de uitvoering van |
Art. 2.De minister bevoegd voor Werk is belast met de uitvoering van |
dit besluit. | dit besluit. |
Gegeven te Brussel, 15 juli 2016. | Gegeven te Brussel, 15 juli 2016. |
FILIP | FILIP |
Van Koningswege : | Van Koningswege : |
De Minister van Werk, | De Minister van Werk, |
K. PEETERS | K. PEETERS |
_______ | _______ |
Nota | Nota |
(1) Verwijzing naar het Belgisch Staatsblad : | (1) Verwijzing naar het Belgisch Staatsblad : |
Wet van 5 december 1968, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969. | Wet van 5 december 1968, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969. |
Bijlage | Bijlage |
Paritair Comité voor de stoffering en de houtbewerking | Paritair Comité voor de stoffering en de houtbewerking |
Collectieve arbeidsovereenkomst van 6 juli 2015 | Collectieve arbeidsovereenkomst van 6 juli 2015 |
SWT wegens medische redenen op 58 jaar | SWT wegens medische redenen op 58 jaar |
(Overeenkomst geregistreerd op 8 september 2015 onder het nummer | (Overeenkomst geregistreerd op 8 september 2015 onder het nummer |
128821/CO/126) | 128821/CO/126) |
HOOFDSTUK I. - Toepassingsgebied | HOOFDSTUK I. - Toepassingsgebied |
Artikel 1.Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing op |
Artikel 1.Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing op |
de werkgevers en arbeiders/sters van de ondernemingen die ressorteren | de werkgevers en arbeiders/sters van de ondernemingen die ressorteren |
onder de bevoegdheid van het Paritair Comité voor de stoffering en de | onder de bevoegdheid van het Paritair Comité voor de stoffering en de |
houtbewerking. | houtbewerking. |
Art. 2.Deze collectieve arbeidsovereenkomst wordt gesloten in het |
Art. 2.Deze collectieve arbeidsovereenkomst wordt gesloten in het |
raam van de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 17 van de Nationale | raam van de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 17 van de Nationale |
Arbeidsraad van 19 december 1974 (Belgisch Staatsblad van 31 januari | Arbeidsraad van 19 december 1974 (Belgisch Staatsblad van 31 januari |
1975), de wet houdende het Generatiepact van 23 december 2005 | 1975), de wet houdende het Generatiepact van 23 december 2005 |
(Belgisch Staatsblad van 30 december 2005), de programmawet van 29 | (Belgisch Staatsblad van 30 december 2005), de programmawet van 29 |
maart 2012 (Belgisch Staatsblad van 6 april 2012) en hun | maart 2012 (Belgisch Staatsblad van 6 april 2012) en hun |
uitvoeringsbesluiten, te weten het koninklijk besluit van 3 mei 2007 | uitvoeringsbesluiten, te weten het koninklijk besluit van 3 mei 2007 |
tot regeling van het stelsel van werkloosheid met bedrijfstoeslag en | tot regeling van het stelsel van werkloosheid met bedrijfstoeslag en |
het koninklijk besluit van 30 december 2014 tot wijziging van het | het koninklijk besluit van 30 december 2014 tot wijziging van het |
koninklijk besluit van 3 mei 2007 tot regeling van het stelsel van | koninklijk besluit van 3 mei 2007 tot regeling van het stelsel van |
werkloosheid met bedrijfstoeslag en collectieve arbeidsovereenkomst | werkloosheid met bedrijfstoeslag en collectieve arbeidsovereenkomst |
nr. 114 tot vaststelling van de voorwaarden voor de toekenning van een | nr. 114 tot vaststelling van de voorwaarden voor de toekenning van een |
bedrijfstoeslag in het kader van de werkloosheid met bedrijfstoeslag | bedrijfstoeslag in het kader van de werkloosheid met bedrijfstoeslag |
voor sommige oudere mindervalide werknemers en werknemers met ernstige | voor sommige oudere mindervalide werknemers en werknemers met ernstige |
lichamelijke problemen, indien zij worden ontslagen. | lichamelijke problemen, indien zij worden ontslagen. |
Art. 3.Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing op alle |
Art. 3.Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing op alle |
arbeiders die door een arbeidsovereenkomst zijn verbonden, voor zover | arbeiders die door een arbeidsovereenkomst zijn verbonden, voor zover |
zij aanspraak kunnen maken op de werkloosheidsvergoeding en voldoen | zij aanspraak kunnen maken op de werkloosheidsvergoeding en voldoen |
aan de leeftijds- en loopbaanvoorwaarden bepaald in de artikelen 4 en | aan de leeftijds- en loopbaanvoorwaarden bepaald in de artikelen 4 en |
5. | 5. |
HOOFDSTUK II. - Leeftijds- en loopbaanvoorwaarden | HOOFDSTUK II. - Leeftijds- en loopbaanvoorwaarden |
Art. 4.Leeftijdsvoorwaarde en algemene loopbaanvoorwaarden |
Art. 4.Leeftijdsvoorwaarde en algemene loopbaanvoorwaarden |
Kunnen aanspraak maken op dit stelsel van werkloosheid met | Kunnen aanspraak maken op dit stelsel van werkloosheid met |
bedrijfstoeslag, de arbeid(st)ers die, behoudens omwille van dringende | bedrijfstoeslag, de arbeid(st)ers die, behoudens omwille van dringende |
reden, ontslagen zijn tijdens de geldigheidsperiode van deze | reden, ontslagen zijn tijdens de geldigheidsperiode van deze |
collectieve arbeidsovereenkomst en gedurende deze periode de leeftijd | collectieve arbeidsovereenkomst en gedurende deze periode de leeftijd |
van 58 jaar hebben bereikt en ten laatste op het ogenblik van de | van 58 jaar hebben bereikt en ten laatste op het ogenblik van de |
beëindiging van de arbeidsovereenkomst een beroepsloopbaan hebben | beëindiging van de arbeidsovereenkomst een beroepsloopbaan hebben |
bereikt van minstens 35 jaar. | bereikt van minstens 35 jaar. |
Bovendien moeten zij volgend bewijs leveren : | Bovendien moeten zij volgend bewijs leveren : |
- voor de mindervalide werknemers, dat zij behoren tot één van de | - voor de mindervalide werknemers, dat zij behoren tot één van de |
categorieën opgenomen in artikel 2, § 2, 1° van de collectieve | categorieën opgenomen in artikel 2, § 2, 1° van de collectieve |
arbeidsovereenkomst nr. 114; | arbeidsovereenkomst nr. 114; |
- voor de werknemers met ernstige lichamelijke problemen, dat zij | - voor de werknemers met ernstige lichamelijke problemen, dat zij |
beschikken over een attest afgegeven door het "Fonds voor | beschikken over een attest afgegeven door het "Fonds voor |
arbeidsongevallen", overeenkomstig artikel 7 van de collectieve | arbeidsongevallen", overeenkomstig artikel 7 van de collectieve |
arbeidsovereenkomst nr. 114; | arbeidsovereenkomst nr. 114; |
- voor de werknemers gelijkgesteld aan werknemers met ernstige | - voor de werknemers gelijkgesteld aan werknemers met ernstige |
lichamelijke problemen, dat zij beschikken over een attest afgegeven | lichamelijke problemen, dat zij beschikken over een attest afgegeven |
door het "Fonds voor beroepsziekten" overeenkomstig artikel 8 van de | door het "Fonds voor beroepsziekten" overeenkomstig artikel 8 van de |
collectieve arbeidsovereenkomst nr. 114. | collectieve arbeidsovereenkomst nr. 114. |
De werknemer die voldoet aan de voorwaarden en wiens opzeggingstermijn | De werknemer die voldoet aan de voorwaarden en wiens opzeggingstermijn |
verstrijkt na 31 december 2016, behoudt het recht op de | verstrijkt na 31 december 2016, behoudt het recht op de |
bedrijfstoeslag. | bedrijfstoeslag. |
De werknemer met ernstige lichamelijke problemen die de voorwaarden | De werknemer met ernstige lichamelijke problemen die de voorwaarden |
inzake leeftijd en beroepsloopbaan vervult, en die zijn aanvraag tot | inzake leeftijd en beroepsloopbaan vervult, en die zijn aanvraag tot |
erkenning als werknemer met ernstige lichamelijke problemen vóór 1 | erkenning als werknemer met ernstige lichamelijke problemen vóór 1 |
juli 2016 bij het "Fonds voor arbeidsongevallen" heeft ingediend, | juli 2016 bij het "Fonds voor arbeidsongevallen" heeft ingediend, |
behoudt het recht op de bedrijfstoeslag, wanneer hij pas na 31 | behoudt het recht op de bedrijfstoeslag, wanneer hij pas na 31 |
december 2016 het bewijs kan leveren te beschikken over een attest | december 2016 het bewijs kan leveren te beschikken over een attest |
afgegeven door het "Fonds voor arbeidsongevallen" en na die datum | afgegeven door het "Fonds voor arbeidsongevallen" en na die datum |
ontslagen wordt, behoudens omwille van dringende reden. | ontslagen wordt, behoudens omwille van dringende reden. |
Art. 5.Bijkomende loopbaanvoorwaarde |
Art. 5.Bijkomende loopbaanvoorwaarde |
§ 1. Om echter recht te kunnen laten gelden op het SWT, dient de | § 1. Om echter recht te kunnen laten gelden op het SWT, dient de |
arbeider/ster niet alleen de door de wetgeving gestelde | arbeider/ster niet alleen de door de wetgeving gestelde |
loopbaanvereiste te vervullen, doch dient hij/zij bovendien een | loopbaanvereiste te vervullen, doch dient hij/zij bovendien een |
loopbaan te kunnen bewijzen van ten minste 15 jaar bij de werkgever | loopbaan te kunnen bewijzen van ten minste 15 jaar bij de werkgever |
die hem/haar ontslaat. Indien de arbeider/ster dit bewijs niet kan | die hem/haar ontslaat. Indien de arbeider/ster dit bewijs niet kan |
leveren, dient hij/zij een loopbaan te bewijzen van minimum 20 jaar in | leveren, dient hij/zij een loopbaan te bewijzen van minimum 20 jaar in |
de sector waarvan minstens 8 jaar bij de werkgever die hem/haar | de sector waarvan minstens 8 jaar bij de werkgever die hem/haar |
ontslaat. De loopbaan dient te worden berekend van datum tot datum. | ontslaat. De loopbaan dient te worden berekend van datum tot datum. |
§ 2. Uitzondering wordt echter gemaakt voor de arbeider die het | § 2. Uitzondering wordt echter gemaakt voor de arbeider die het |
slachtoffer werd van een faillissement, een sluiting of een | slachtoffer werd van een faillissement, een sluiting of een |
herstructurering van een onderneming uit de sector stoffering en | herstructurering van een onderneming uit de sector stoffering en |
houtbewerking, die daarna werd aangeworven door een andere werkgever | houtbewerking, die daarna werd aangeworven door een andere werkgever |
van de sector en op het ogenblik van deze aanwerving 50 jaar of ouder | van de sector en op het ogenblik van deze aanwerving 50 jaar of ouder |
was. Deze werknemer kan op de leeftijd van 58 jaar niet altijd voldoen | was. Deze werknemer kan op de leeftijd van 58 jaar niet altijd voldoen |
aan de vereiste, het bewijs te leveren van 8 jaar loopbaan bij de | aan de vereiste, het bewijs te leveren van 8 jaar loopbaan bij de |
werkgever die ontslaat. Toch zal hij het SWT kunnen genieten indien | werkgever die ontslaat. Toch zal hij het SWT kunnen genieten indien |
hij het bewijs levert van een loopbaan van ten minste 20 jaar in de | hij het bewijs levert van een loopbaan van ten minste 20 jaar in de |
sector. | sector. |
HOOFDSTUK III. - Bedrijfstoeslag | HOOFDSTUK III. - Bedrijfstoeslag |
Art. 6.De arbeiders omschreven in artikel 3 hebben recht op een |
Art. 6.De arbeiders omschreven in artikel 3 hebben recht op een |
bedrijfstoeslag ten laste van de werkgever op voorwaarde dat zij | bedrijfstoeslag ten laste van de werkgever op voorwaarde dat zij |
aanspraak kunnen maken op de werkloosheidsuitkeringen in het kader van | aanspraak kunnen maken op de werkloosheidsuitkeringen in het kader van |
het SWT. Deze bedrijfstoeslag wordt maandelijks uitbetaald. | het SWT. Deze bedrijfstoeslag wordt maandelijks uitbetaald. |
Art. 7.De bedrijfstoeslag, volgens de berekeningsmethode bepaald door |
Art. 7.De bedrijfstoeslag, volgens de berekeningsmethode bepaald door |
het paritair comité, wordt toegekend vanaf het einde van de normale | het paritair comité, wordt toegekend vanaf het einde van de normale |
wettelijke opzeggingstermijn tot de pensioengerechtigde leeftijd. | wettelijke opzeggingstermijn tot de pensioengerechtigde leeftijd. |
De bedrijfstoeslag bestaat uit de helft (50 pct.) van het verschil | De bedrijfstoeslag bestaat uit de helft (50 pct.) van het verschil |
tussen de werkloosheidsvergoeding en het netto refertemaandloon. De | tussen de werkloosheidsvergoeding en het netto refertemaandloon. De |
sociale en/of fiscale afhoudingen op de bedrijfstoeslag vallen ten | sociale en/of fiscale afhoudingen op de bedrijfstoeslag vallen ten |
laste van de arbeider. | laste van de arbeider. |
De bedrijfstoeslag voor SWT van de arbeider die gebruik maakt van een | De bedrijfstoeslag voor SWT van de arbeider die gebruik maakt van een |
landingsbaan in het kader van de collectieve arbeidsovereenkomsten nr. | landingsbaan in het kader van de collectieve arbeidsovereenkomsten nr. |
77 en nr. 103 van de Nationale Arbeidsraad, wordt berekend op basis | 77 en nr. 103 van de Nationale Arbeidsraad, wordt berekend op basis |
van het bruto refertemaandloon, omgerekend naar een voltijdse | van het bruto refertemaandloon, omgerekend naar een voltijdse |
betrekking. | betrekking. |
Het netto refertemaandloon wordt berekend, rekening houdend met de | Het netto refertemaandloon wordt berekend, rekening houdend met de |
werkbonus toegekend aan werknemers met een laag loon. | werkbonus toegekend aan werknemers met een laag loon. |
Art. 8.De bedrijfstoeslag, zoals bepaald in artikel 7, is gekoppeld |
Art. 8.De bedrijfstoeslag, zoals bepaald in artikel 7, is gekoppeld |
aan de evolutie van het indexcijfer, zoals dat is voorzien in de | aan de evolutie van het indexcijfer, zoals dat is voorzien in de |
artikelen 5 tot en met 10 van hoofdstuk IV van de collectieve | artikelen 5 tot en met 10 van hoofdstuk IV van de collectieve |
arbeidsovereenkomst van 29 juni 2015 inzake de loons- en | arbeidsovereenkomst van 29 juni 2015 inzake de loons- en |
arbeidsvoorwaarden. | arbeidsvoorwaarden. |
Art. 9.De bedrijfstoeslag waarvan het bedrag bepaald volgens |
Art. 9.De bedrijfstoeslag waarvan het bedrag bepaald volgens |
artikelen 7 en 8 lager is dan 123,50 EUR per maand, wordt verhoogd tot | artikelen 7 en 8 lager is dan 123,50 EUR per maand, wordt verhoogd tot |
123,50 EUR. | 123,50 EUR. |
Deze verhoging zal evenwel nooit tot gevolg hebben dat het totale | Deze verhoging zal evenwel nooit tot gevolg hebben dat het totale |
bruto maandbedrag van de werkloosheidsuitkering en de aanvullende | bruto maandbedrag van de werkloosheidsuitkering en de aanvullende |
vergoeding samen, hoger ligt dan de toepasselijke inhoudingsgrenzen | vergoeding samen, hoger ligt dan de toepasselijke inhoudingsgrenzen |
zoals bepaald in artikel 130 van de wet van 27 december 2006 (na | zoals bepaald in artikel 130 van de wet van 27 december 2006 (na |
indexering en herwaardering). De verhoging van de aanvullende | indexering en herwaardering). De verhoging van de aanvullende |
vergoeding wordt in voorkomend geval beperkt tot beloop van de | vergoeding wordt in voorkomend geval beperkt tot beloop van de |
toepasselijke inhoudingsgrens. | toepasselijke inhoudingsgrens. |
Art. 10.De werkgever kan de bedrijfstoeslagen die hij betaalde, na |
Art. 10.De werkgever kan de bedrijfstoeslagen die hij betaalde, na |
afloop van elk kalenderjaar terugvorderen bij het "Fonds voor | afloop van elk kalenderjaar terugvorderen bij het "Fonds voor |
bestaanszekerheid voor de stoffering en de houtbewerking" (FBZ). | bestaanszekerheid voor de stoffering en de houtbewerking" (FBZ). |
Hetzelfde geldt voor de eventuele verhoging van de bedrijfstoeslag in | Hetzelfde geldt voor de eventuele verhoging van de bedrijfstoeslag in |
toepassing van artikel 9 van deze collectieve arbeidsovereenkomst. | toepassing van artikel 9 van deze collectieve arbeidsovereenkomst. |
Daarbij zijn de volgende regels van toepassing : | Daarbij zijn de volgende regels van toepassing : |
- de terugvordering moet door de werkgever of zijn gemachtigde worden | - de terugvordering moet door de werkgever of zijn gemachtigde worden |
ingediend met de formulieren die daartoe door het FBZ worden ter | ingediend met de formulieren die daartoe door het FBZ worden ter |
beschikking gesteld; | beschikking gesteld; |
- de terugvordering slaat op de bedrijfstoeslagen die de werkgever | - de terugvordering slaat op de bedrijfstoeslagen die de werkgever |
betaalde in het kalenderjaar X. De terugvorderingen kunnen worden | betaalde in het kalenderjaar X. De terugvorderingen kunnen worden |
ingediend tot het einde van het kalenderjaar X + 1; | ingediend tot het einde van het kalenderjaar X + 1; |
- de terugbetaling door het FBZ is beperkt tot maximaal 94,20 EUR van | - de terugbetaling door het FBZ is beperkt tot maximaal 94,20 EUR van |
de bruto bedrijfstoeslag per maand. Het terugbetaalde bedrag wordt | de bruto bedrijfstoeslag per maand. Het terugbetaalde bedrag wordt |
gekoppeld aan de indexeringen en herwaarderingen zoals die van | gekoppeld aan de indexeringen en herwaarderingen zoals die van |
toepassing zijn op de betaalde bedrijfstoeslagen. De DECAVA-bijdragen | toepassing zijn op de betaalde bedrijfstoeslagen. De DECAVA-bijdragen |
worden niet terugbetaald. Ten aanzien van de eventuele verhoging van | worden niet terugbetaald. Ten aanzien van de eventuele verhoging van |
de bedrijfstoeslag in toepassing van artikel 9 van deze collectieve | de bedrijfstoeslag in toepassing van artikel 9 van deze collectieve |
arbeidsovereenkomst heeft de terugbetaling betrekking op het verschil | arbeidsovereenkomst heeft de terugbetaling betrekking op het verschil |
tussen het verhoogde bedrag en het oorspronkelijk berekende, | tussen het verhoogde bedrag en het oorspronkelijk berekende, |
geïndexeerde en geherwaardeerde bedrag van de bedrijfstoeslag; | geïndexeerde en geherwaardeerde bedrag van de bedrijfstoeslag; |
- de terugbetaling is afhankelijk van het voldoen aan de voorwaarden | - de terugbetaling is afhankelijk van het voldoen aan de voorwaarden |
bepaald in de artikelen 4 en 5 van deze collectieve | bepaald in de artikelen 4 en 5 van deze collectieve |
arbeidsovereenkomst. | arbeidsovereenkomst. |
Art. 11.De bedrijfstoeslag zal door de werkgever worden doorbetaald |
Art. 11.De bedrijfstoeslag zal door de werkgever worden doorbetaald |
bij een eventuele werkhervatting van de ontslagen werknemer, hetzij | bij een eventuele werkhervatting van de ontslagen werknemer, hetzij |
als loontrekkende, hetzij als zelfstandige. | als loontrekkende, hetzij als zelfstandige. |
De ontslagen werknemer zal zijn ex-werkgever vooraf op de hoogte | De ontslagen werknemer zal zijn ex-werkgever vooraf op de hoogte |
brengen van zijn werkhervatting alsook van de stopzetting ervan. | brengen van zijn werkhervatting alsook van de stopzetting ervan. |
Art. 12.De opzegging van de individuele arbeidsovereenkomst van de |
Art. 12.De opzegging van de individuele arbeidsovereenkomst van de |
arbeider zal slechts worden gegeven als blijkt dat de betrokken | arbeider zal slechts worden gegeven als blijkt dat de betrokken |
arbeider in aanmerking komt voor SWT onder meer wat de leeftijds- en | arbeider in aanmerking komt voor SWT onder meer wat de leeftijds- en |
loopbaanvereisten betreft zoals bepaald in de artikelen 4 en 5. | loopbaanvereisten betreft zoals bepaald in de artikelen 4 en 5. |
Art. 13.De werkgever die met het oog op het SWT zijn arbeider |
Art. 13.De werkgever die met het oog op het SWT zijn arbeider |
ontslaat, is - behoudens vrijstelling verplicht deze te vervangen door | ontslaat, is - behoudens vrijstelling verplicht deze te vervangen door |
een volledig uitkeringsgerechtigde werkloze of door een andere | een volledig uitkeringsgerechtigde werkloze of door een andere |
persoon, zoals voorzien bij koninklijk besluit van 3 mei 2007 en | persoon, zoals voorzien bij koninklijk besluit van 3 mei 2007 en |
binnen de termijn in dit koninklijk besluit bepaald. | binnen de termijn in dit koninklijk besluit bepaald. |
In de vervanging moet worden voorzien gedurende ten minste zesendertig | In de vervanging moet worden voorzien gedurende ten minste zesendertig |
maanden. Bij niet-vervanging worden de sancties toegepast voorzien in | maanden. Bij niet-vervanging worden de sancties toegepast voorzien in |
het koninklijk besluit van 3 mei 2007. | het koninklijk besluit van 3 mei 2007. |
HOOFDSTUK IV. - Geldigheidsduur | HOOFDSTUK IV. - Geldigheidsduur |
Art. 14.Deze collectieve arbeidsovereenkomst treedt in werking op 1 |
Art. 14.Deze collectieve arbeidsovereenkomst treedt in werking op 1 |
januari 2015 en houdt op van kracht te zijn op 1 januari 2017. | januari 2015 en houdt op van kracht te zijn op 1 januari 2017. |
Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 15 juli | Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 15 juli |
2016. | 2016. |
De Minister van Werk, | De Minister van Werk, |
K. PEETERS | K. PEETERS |