Koninklijk besluit tot bepaling van de voorwaarden inzake positieve acties | Koninklijk besluit tot bepaling van de voorwaarden inzake positieve acties |
---|---|
FEDERALE OVERHEIDSDIENST WERKGELEGENHEID, ARBEID EN SOCIAAL OVERLEG | FEDERALE OVERHEIDSDIENST WERKGELEGENHEID, ARBEID EN SOCIAAL OVERLEG |
11 FEBRUARI 2019. - Koninklijk besluit tot bepaling van de voorwaarden | 11 FEBRUARI 2019. - Koninklijk besluit tot bepaling van de voorwaarden |
inzake positieve acties | inzake positieve acties |
VERSLAG AAN DE KONING | VERSLAG AAN DE KONING |
Sire, | Sire, |
Positieve actie is een uitzondering op het discriminatieverbod. Bij | Positieve actie is een uitzondering op het discriminatieverbod. Bij |
maatregelen van positieve actie laat men de gelijke behandeling wijken | maatregelen van positieve actie laat men de gelijke behandeling wijken |
voor een hoger maatschappelijk doel, voornamelijk het wegwerken van | voor een hoger maatschappelijk doel, voornamelijk het wegwerken van |
maatschappelijke achterstellingen. Met positieve acties worden dan | maatschappelijke achterstellingen. Met positieve acties worden dan |
maatregelen bedoeld die gericht zijn op een 'achtergestelde' groep, | maatregelen bedoeld die gericht zijn op een 'achtergestelde' groep, |
waarvan de leden drager zijn van een welbepaald beschermd criterium, | waarvan de leden drager zijn van een welbepaald beschermd criterium, |
en die tot doel hebben om de nadelen, geleden door de groep en verband | en die tot doel hebben om de nadelen, geleden door de groep en verband |
houdend met het beschermd criterium, te verminderen, op te heffen of | houdend met het beschermd criterium, te verminderen, op te heffen of |
te compenseren, zodat deze groep ten volle kan participeren aan het | te compenseren, zodat deze groep ten volle kan participeren aan het |
arbeidsproces. Maatregelen van positieve actie zijn er dus op gericht | arbeidsproces. Maatregelen van positieve actie zijn er dus op gericht |
een meer evenwichtige verdeling te verkrijgen over de leden van de | een meer evenwichtige verdeling te verkrijgen over de leden van de |
verschillende bevolkingsgroepen. | verschillende bevolkingsgroepen. |
Artikel 7.1. van richtlijn 2000/78/EG van de Raad van 27 november 2000 | Artikel 7.1. van richtlijn 2000/78/EG van de Raad van 27 november 2000 |
tot instelling van een algemeen kader voor gelijke behandeling in | tot instelling van een algemeen kader voor gelijke behandeling in |
arbeid en beroep bepaalt dat het beginsel van gelijke behandeling niet | arbeid en beroep bepaalt dat het beginsel van gelijke behandeling niet |
belet dat een lidstaat, om volledige gelijkheid in het beroepsleven te | belet dat een lidstaat, om volledige gelijkheid in het beroepsleven te |
waarborgen, specifieke maatregelen handhaaft of treft om de nadelen | waarborgen, specifieke maatregelen handhaaft of treft om de nadelen |
verband houdende met een van de in artikel 1 genoemde gronden te | verband houdende met een van de in artikel 1 genoemde gronden te |
voorkomen of te compenseren. | voorkomen of te compenseren. |
Overwegende 26 van dezelfde richtlijn stelt dat het | Overwegende 26 van dezelfde richtlijn stelt dat het |
discriminatieverbod geen mag afbreuk doen aan de handhaving of | discriminatieverbod geen mag afbreuk doen aan de handhaving of |
vaststelling van maatregelen die zijn bedoeld om de nadelen die een | vaststelling van maatregelen die zijn bedoeld om de nadelen die een |
groep personen ondervindt van haar godsdienst of overtuiging, | groep personen ondervindt van haar godsdienst of overtuiging, |
handicap, leeftijd of seksuele geaardheid, te voorkomen of te | handicap, leeftijd of seksuele geaardheid, te voorkomen of te |
compenseren en deze maatregelen kunnen organisaties van personen met | compenseren en deze maatregelen kunnen organisaties van personen met |
een bepaalde godsdienst of overtuiging, handicap, leeftijd of seksuele | een bepaalde godsdienst of overtuiging, handicap, leeftijd of seksuele |
geaardheid toestaan, mits deze als hoofddoelstelling hebben aan de | geaardheid toestaan, mits deze als hoofddoelstelling hebben aan de |
bijzondere behoefte van deze personen tegemoet te komen. | bijzondere behoefte van deze personen tegemoet te komen. |
Hetzelfde wordt gezegd in artikel 5 van richtlijn 2000/43/EG van de | Hetzelfde wordt gezegd in artikel 5 van richtlijn 2000/43/EG van de |
Raad van 29 juni 2000 houdende toepassing van het beginsel van gelijke | Raad van 29 juni 2000 houdende toepassing van het beginsel van gelijke |
behandeling van personen ongeacht ras of etnische afstamming, voor wat | behandeling van personen ongeacht ras of etnische afstamming, voor wat |
betreft maatregelen die zijn bedoeld om de nadelen van een groep | betreft maatregelen die zijn bedoeld om de nadelen van een groep |
personen van een specifiek ras of een specifieke etnische afstamming | personen van een specifiek ras of een specifieke etnische afstamming |
te voorkomen of te compenseren, alsook in artikel 6 van richtlijn | te voorkomen of te compenseren, alsook in artikel 6 van richtlijn |
2004/113/EG van de Raad van 13 december 2004houdende toepassing van | 2004/113/EG van de Raad van 13 december 2004houdende toepassing van |
het beginsel van gelijke behandeling van mannen en vrouwen bij de | het beginsel van gelijke behandeling van mannen en vrouwen bij de |
toegang tot en het aanbod van goederen en diensten, voor wat betreft | toegang tot en het aanbod van goederen en diensten, voor wat betreft |
maatregelen die zijn bedoeld om de nadelen verband houdende met | maatregelen die zijn bedoeld om de nadelen verband houdende met |
geslacht te voorkomen of te compenseren. | geslacht te voorkomen of te compenseren. |
Deze Europese maatregelen werden omgezet in Belgische wetgeving. | Deze Europese maatregelen werden omgezet in Belgische wetgeving. |
Artikel 10 van de wet van 10 mei 2007 ter bestrijding van bepaalde | Artikel 10 van de wet van 10 mei 2007 ter bestrijding van bepaalde |
vormen van discriminatie stelt dat een direct of indirect onderscheid | vormen van discriminatie stelt dat een direct of indirect onderscheid |
op grond van een van de beschermde criteria nooit aanleiding geeft tot | op grond van een van de beschermde criteria nooit aanleiding geeft tot |
de vaststelling van enige vorm van discriminatie wanneer dit direct of | de vaststelling van enige vorm van discriminatie wanneer dit direct of |
indirect onderscheid een maatregel van positieve actie inhoudt. Een | indirect onderscheid een maatregel van positieve actie inhoudt. Een |
maatregel van positieve actie kan slechts worden uitgevoerd mits | maatregel van positieve actie kan slechts worden uitgevoerd mits |
naleving van de volgende voorwaarden (1) er moet een kennelijke | naleving van de volgende voorwaarden (1) er moet een kennelijke |
ongelijkheid zijn; (2) het verdwijnen van deze ongelijkheid moet | ongelijkheid zijn; (2) het verdwijnen van deze ongelijkheid moet |
worden aangewezen als een te bevorderen doelstelling; (3) de maatregel | worden aangewezen als een te bevorderen doelstelling; (3) de maatregel |
van positieve actie moet van tijdelijke aard zijn en van die aard zijn | van positieve actie moet van tijdelijke aard zijn en van die aard zijn |
dat hij verdwijnt zodra de beoogde doelstelling is bereikt; (4) de | dat hij verdwijnt zodra de beoogde doelstelling is bereikt; (4) de |
maatregel van positieve actie mag andermans rechten niet onnodig | maatregel van positieve actie mag andermans rechten niet onnodig |
beperken. In naleving van deze voorwaarden, bepaalt de Koning bij een | beperken. In naleving van deze voorwaarden, bepaalt de Koning bij een |
besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad, de situaties waarin | besluit vastgesteld na overleg in de Ministerraad, de situaties waarin |
en de voorwaarden waarbij een maatregel van positieve actie getroffen | en de voorwaarden waarbij een maatregel van positieve actie getroffen |
kan worden. Op het vlak van de arbeidsbetrekkingen en de aanvullende | kan worden. Op het vlak van de arbeidsbetrekkingen en de aanvullende |
regelingen voor sociale zekerheid worden deze koninklijke besluiten | regelingen voor sociale zekerheid worden deze koninklijke besluiten |
getroffen, wat de private sector betreft, na raadpleging van de | getroffen, wat de private sector betreft, na raadpleging van de |
Nationale Arbeidsraad. | Nationale Arbeidsraad. |
Een identieke bepaling werd eveneens opgenomen in artikel 10 van de | Een identieke bepaling werd eveneens opgenomen in artikel 10 van de |
wet van 30 juli 1981 tot bestraffing van bepaalde door racisme of | wet van 30 juli 1981 tot bestraffing van bepaalde door racisme of |
xenophobie ingegeven daden en in artikel 16 van de wet van 10 mei 2007 | xenophobie ingegeven daden en in artikel 16 van de wet van 10 mei 2007 |
ter bestrijding van discriminatie tussen vrouwen en mannen. | ter bestrijding van discriminatie tussen vrouwen en mannen. |
Huidig besluit is de uitvoering deze artikelen van de drie federale | Huidig besluit is de uitvoering deze artikelen van de drie federale |
non-discriminatiewetten. | non-discriminatiewetten. |
Artikelsgewijze bespreking | Artikelsgewijze bespreking |
Artikel 1 | Artikel 1 |
Dit artikel bepaalt het toepassingsgebied van het koninklijk besluit. | Dit artikel bepaalt het toepassingsgebied van het koninklijk besluit. |
Het besluit is namelijk alleen van toepassing op de privé-sector | Het besluit is namelijk alleen van toepassing op de privé-sector |
Artikel 2 | Artikel 2 |
In dit artikel wordt een overzicht gegevens van de gedefinieerde | In dit artikel wordt een overzicht gegevens van de gedefinieerde |
begrippen die in het besluit worden gehanteerd. | begrippen die in het besluit worden gehanteerd. |
Artikel 3 | Artikel 3 |
Dit artikel herneemt de definitie van positieve acties, zoals deze | Dit artikel herneemt de definitie van positieve acties, zoals deze |
werd voorzien in de non-discriminatiewetten. Positieve acties worden | werd voorzien in de non-discriminatiewetten. Positieve acties worden |
omschreven als specifieke maatregelen om de nadelen verband houdende | omschreven als specifieke maatregelen om de nadelen verband houdende |
met de beschermde criteria te voorkomen of te compenseren, met het oog | met de beschermde criteria te voorkomen of te compenseren, met het oog |
op het waarborgen van een volledige gelijkheid in de praktijk. | op het waarborgen van een volledige gelijkheid in de praktijk. |
De beschermde criteria zijn eveneens deze die werden opgenomen in de | De beschermde criteria zijn eveneens deze die werden opgenomen in de |
non-discriminatiewetten, namelijk leeftijd, seksuele geaardheid, | non-discriminatiewetten, namelijk leeftijd, seksuele geaardheid, |
burgerlijke staat, geboorte, vermogen, geloof of levensbeschouwing, | burgerlijke staat, geboorte, vermogen, geloof of levensbeschouwing, |
politieke overtuiging, syndicale overtuiging, taal, huidige of | politieke overtuiging, syndicale overtuiging, taal, huidige of |
toekomstige gezondheidstoestand, een handicap, een fysieke of | toekomstige gezondheidstoestand, een handicap, een fysieke of |
genetische eigenschap, sociale afkomst, nationaliteit, een zogenaamd | genetische eigenschap, sociale afkomst, nationaliteit, een zogenaamd |
ras, huidskleur, afkomst of nationale of etnische afstamming en | ras, huidskleur, afkomst of nationale of etnische afstamming en |
geslacht. | geslacht. |
Artikel 4 | Artikel 4 |
Positieve actie-maatregelen dienen tot stand te komen hetzij via een | Positieve actie-maatregelen dienen tot stand te komen hetzij via een |
collectieve arbeidsovereenkomst, hetzij via een toetredingsakte tot | collectieve arbeidsovereenkomst, hetzij via een toetredingsakte tot |
bepaling van de voorwaarden inzake positieve acties. | bepaling van de voorwaarden inzake positieve acties. |
Artikel 5 | Artikel 5 |
Artikel 4 beschrijft de opmaakprocedure van de toetredingsakte. Deze | Artikel 4 beschrijft de opmaakprocedure van de toetredingsakte. Deze |
procedure is identiek aan degene die wordt gebruikt voor de opstelling | procedure is identiek aan degene die wordt gebruikt voor de opstelling |
en wijziging van het arbeidsreglement - bij gebrek aan een | en wijziging van het arbeidsreglement - bij gebrek aan een |
ondernemingsraad - zoals bepaald door artikel 12 van de wet van 8 | ondernemingsraad - zoals bepaald door artikel 12 van de wet van 8 |
april 1965 tot instelling van de arbeidsreglementen, als ook aan | april 1965 tot instelling van de arbeidsreglementen, als ook aan |
degene die wordt gebruikt wanneer niet-recurrente resultaatsgebonden | degene die wordt gebruikt wanneer niet-recurrente resultaatsgebonden |
voordelen via een toetredingsakte worden ingevoerd, zoals bepaald door | voordelen via een toetredingsakte worden ingevoerd, zoals bepaald door |
artikel 7 van de wet van 21 december 2007 betreffende de uitvoering | artikel 7 van de wet van 21 december 2007 betreffende de uitvoering |
van het interprofessioneel akkoord 2007-2008. | van het interprofessioneel akkoord 2007-2008. |
Artikel 6 | Artikel 6 |
Dit artikel bepaalt de inhoud van het positieve actieplan, ongeacht of | Dit artikel bepaalt de inhoud van het positieve actieplan, ongeacht of |
deze in de vorm van een collectieve arbeidsovereenkomst of een | deze in de vorm van een collectieve arbeidsovereenkomst of een |
toetredingsakte tot bepaling van de voorwaarden inzake positieve | toetredingsakte tot bepaling van de voorwaarden inzake positieve |
acties wordt vastgelegd. | acties wordt vastgelegd. |
Er moet vooreerst een kennelijke ongelijkheid zijn tussen de personen | Er moet vooreerst een kennelijke ongelijkheid zijn tussen de personen |
van de beoogde doelgroep, dragers van een beschermd criterium, en de | van de beoogde doelgroep, dragers van een beschermd criterium, en de |
overige personen, die geen drager zijn van hetzelfde criterium. | overige personen, die geen drager zijn van hetzelfde criterium. |
De ongelijkheid tussen beide groepen moet dus duidelijk en | De ongelijkheid tussen beide groepen moet dus duidelijk en |
onmiskenbaar zijn. Het is evenwel aan de onderneming of sector om deze | onmiskenbaar zijn. Het is evenwel aan de onderneming of sector om deze |
ongelijkheid aan te tonen. Hiertoe kunnen alle middelen en data | ongelijkheid aan te tonen. Hiertoe kunnen alle middelen en data |
aangewend worden. | aangewend worden. |
Daarnaast dient ook de doelstelling duidelijk te worden omschreven, | Daarnaast dient ook de doelstelling duidelijk te worden omschreven, |
alsook de manier waarop de positieve actie zal worden uitgewerkt. | alsook de manier waarop de positieve actie zal worden uitgewerkt. |
Voorwaarde is evenwel dat beoogd wordt dat de ongelijkheid wordt | Voorwaarde is evenwel dat beoogd wordt dat de ongelijkheid wordt |
weggewerkt, door de problemen die aan de basis van de ongelijkheid | weggewerkt, door de problemen die aan de basis van de ongelijkheid |
liggen, op te heffen of te verminderen. | liggen, op te heffen of te verminderen. |
Positieve acties kunnen verschillende vormen aannemen. | Positieve acties kunnen verschillende vormen aannemen. |
Hierbij enkele type-voorbeelden ter verduidelijking. Deze voorbeelden | Hierbij enkele type-voorbeelden ter verduidelijking. Deze voorbeelden |
zijn niet exhaustief. | zijn niet exhaustief. |
- wervingscampagnes voor specifieke doelgroepen; | - wervingscampagnes voor specifieke doelgroepen; |
- het gericht promoten van vacatures bij specifieke doelgroepen; | - het gericht promoten van vacatures bij specifieke doelgroepen; |
- ondersteuningsprogramma's voor sollicitanten bij het doorlopen van | - ondersteuningsprogramma's voor sollicitanten bij het doorlopen van |
een sollicitatieprocedure. dit zou bijvoorbeeld kunnen betekenen dat | een sollicitatieprocedure. dit zou bijvoorbeeld kunnen betekenen dat |
een bedrijf de mogelijkheid biedt om voor kandidaten uit een bepaalde | een bedrijf de mogelijkheid biedt om voor kandidaten uit een bepaalde |
doelgroep informatie of vooropleidingen te voorzien met uitleg over | doelgroep informatie of vooropleidingen te voorzien met uitleg over |
hoe ze succesvol kunnen solliciteren bij het bedrijf; | hoe ze succesvol kunnen solliciteren bij het bedrijf; |
- stageplaatsen voorbehouden aan groepen waarvoor positieve acties | - stageplaatsen voorbehouden aan groepen waarvoor positieve acties |
toegelaten zijn. daaraan kan een garantie op een job aan verbonden | toegelaten zijn. daaraan kan een garantie op een job aan verbonden |
worden, bv. bij positieve evaluatie van de stage en bij het | worden, bv. bij positieve evaluatie van de stage en bij het |
uitschrijven van een vacature in een periode van 2 jaar na de stage; | uitschrijven van een vacature in een periode van 2 jaar na de stage; |
- opleidingen stimuleren met het oog op-doorgroeimogelijkheden met het | - opleidingen stimuleren met het oog op-doorgroeimogelijkheden met het |
oog op het doorbreken van een glazen plafond. | oog op het doorbreken van een glazen plafond. |
De maatregel moet tijdelijk zijn in de zin dat hij ophoudt zodra de | De maatregel moet tijdelijk zijn in de zin dat hij ophoudt zodra de |
evenredige arbeidsdeelname bereikt is of de ongelijkheid weggewerkt | evenredige arbeidsdeelname bereikt is of de ongelijkheid weggewerkt |
is. | is. |
Ook moet de maatregel evenredig zijn met het legitieme doel. Indien de | Ook moet de maatregel evenredig zijn met het legitieme doel. Indien de |
legitimiteit van het doel van een positieve actie afdoende werd | legitimiteit van het doel van een positieve actie afdoende werd |
aangetoond door de doelstelling om een manifeste ongelijkheid te doen | aangetoond door de doelstelling om een manifeste ongelijkheid te doen |
verdwijnen, moet ook nog worden nagegaan of de middelen die daarvoor | verdwijnen, moet ook nog worden nagegaan of de middelen die daarvoor |
worden aangewend wel degelijk passend en noodzakelijk zijn. | worden aangewend wel degelijk passend en noodzakelijk zijn. |
Tot slot dient gegarandeerd te worden dat de rechten van derden niet | Tot slot dient gegarandeerd te worden dat de rechten van derden niet |
nodeloos en onterecht worden ingeperkt. | nodeloos en onterecht worden ingeperkt. |
Artikel 7 | Artikel 7 |
Dit artikel bepaalt dat de maatregel pas kan worden uitgevoerd nadat | Dit artikel bepaalt dat de maatregel pas kan worden uitgevoerd nadat |
de Minister van Werk het positieve actieplan heeft goedgekeurd. Deze | de Minister van Werk het positieve actieplan heeft goedgekeurd. Deze |
goedkeuring zal afhangen van het feit of de vijf voorwaarden, opgesomd | goedkeuring zal afhangen van het feit of de vijf voorwaarden, opgesomd |
in artikel 6 zorgvuldig werden nageleefd, alsook van het feit dat de | in artikel 6 zorgvuldig werden nageleefd, alsook van het feit dat de |
positieve actie wel degelijk betrekking heeft op één van de beschermde | positieve actie wel degelijk betrekking heeft op één van de beschermde |
criteria. | criteria. |
Wanneer het positieve actieplan wordt goedgekeurd dient het beschouwd | Wanneer het positieve actieplan wordt goedgekeurd dient het beschouwd |
te worden als conform met de non-discriminatiewetgeving. Het positieve | te worden als conform met de non-discriminatiewetgeving. Het positieve |
actieplan kan bijgevolg niet worden beschouwd als een verboden vorm | actieplan kan bijgevolg niet worden beschouwd als een verboden vorm |
van discriminatie. | van discriminatie. |
Artikel 8 | Artikel 8 |
Deze goedkeuring of afwijzing dient te gebeuren binnen een termijn van | Deze goedkeuring of afwijzing dient te gebeuren binnen een termijn van |
twee maanden vanaf de datum van registratie van de collectieve | twee maanden vanaf de datum van registratie van de collectieve |
arbeidsovereenkomst of vanaf de datum van de | arbeidsovereenkomst of vanaf de datum van de |
ontvankelijkheidsverklaring van de toetredingsakte tot bepaling van de | ontvankelijkheidsverklaring van de toetredingsakte tot bepaling van de |
voorwaarden inzake positieve acties. Indien er geen kennisgeving van | voorwaarden inzake positieve acties. Indien er geen kennisgeving van |
de beslissing wordt gegeven binnen deze periode, wordt het positieve | de beslissing wordt gegeven binnen deze periode, wordt het positieve |
actieplan als goedgekeurd beschouwd. | actieplan als goedgekeurd beschouwd. |
Artikel 9 | Artikel 9 |
Het staat de ondernemingen vrij om positieve acties op andere | Het staat de ondernemingen vrij om positieve acties op andere |
manieren, dan via een collectieve arbeidsovereenkomst of via een | manieren, dan via een collectieve arbeidsovereenkomst of via een |
toetredingsakte tot bepaling van de voorwaarden inzake positieve | toetredingsakte tot bepaling van de voorwaarden inzake positieve |
acties, uit te voeren. | acties, uit te voeren. |
In dit geval kunnen ze hun plan ter informatie meedelen aan de | In dit geval kunnen ze hun plan ter informatie meedelen aan de |
Minister van Werk. | Minister van Werk. |
Arikel 10 | Arikel 10 |
De Federale Overheidsdienst Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg | De Federale Overheidsdienst Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg |
zal in samenwerking met de Nationale Arbeidsraad tweejaarlijks een | zal in samenwerking met de Nationale Arbeidsraad tweejaarlijks een |
evaluatierapport opstellen. Deze evaluatie zal op meta-niveau worden | evaluatierapport opstellen. Deze evaluatie zal op meta-niveau worden |
uitgevoerd. | uitgevoerd. |
Hierdoor zal het mogelijk zijn om te bestuderen welke vormen van | Hierdoor zal het mogelijk zijn om te bestuderen welke vormen van |
positieve actieplannen werden aangewend en of deze al dan niet een | positieve actieplannen werden aangewend en of deze al dan niet een |
positief gevolg hebben gehad. | positief gevolg hebben gehad. |
Artikel 11 | Artikel 11 |
Dit artikel regelt de opheffing en de overgangsmaatregelen van het | Dit artikel regelt de opheffing en de overgangsmaatregelen van het |
koninklijk besluit van 14 juli 1987 houdende maatregelen tot | koninklijk besluit van 14 juli 1987 houdende maatregelen tot |
bevordering van gelijke kansen voor mannen en vrouwen in de | bevordering van gelijke kansen voor mannen en vrouwen in de |
privésector. | privésector. |
Wij hebben de eer te zijn, | Wij hebben de eer te zijn, |
Sire, | Sire, |
Van Uwe Majesteit, | Van Uwe Majesteit, |
de zeer eerbiedige en zeer getrouwe dienaars, | de zeer eerbiedige en zeer getrouwe dienaars, |
De Minister van Werk, belast met Gelijke Kansen, | De Minister van Werk, belast met Gelijke Kansen, |
K. PEETERS | K. PEETERS |
ADVIES 64.406/1 VAN 16 NOVEMBER 2018 VAN DE RAAD VAN STATE, AFDELING | ADVIES 64.406/1 VAN 16 NOVEMBER 2018 VAN DE RAAD VAN STATE, AFDELING |
WETGEVING, OVER EEN ONTWERP VAN KONINKLIJK BESLUIT 'TOT BEPALING VAN | WETGEVING, OVER EEN ONTWERP VAN KONINKLIJK BESLUIT 'TOT BEPALING VAN |
DE VOORWAARDEN INZAKE POSITIEVE ACTIES' | DE VOORWAARDEN INZAKE POSITIEVE ACTIES' |
Op 9 oktober 2018 is de Raad van State, afdeling Wetgeving, door de | Op 9 oktober 2018 is de Raad van State, afdeling Wetgeving, door de |
Minister van Werk, Economie en Consumenten, belast met Buitenlandse | Minister van Werk, Economie en Consumenten, belast met Buitenlandse |
Handel verzocht binnen een termijn van dertig dagen, verlengd tot 16 | Handel verzocht binnen een termijn van dertig dagen, verlengd tot 16 |
november 2018, een advies te verstrekken over een ontwerp van | november 2018, een advies te verstrekken over een ontwerp van |
koninklijk besluit "tot bepaling van de voorwaarden inzake positieve | koninklijk besluit "tot bepaling van de voorwaarden inzake positieve |
acties;. | acties;. |
Het ontwerp is door de eerste kamer onderzocht op 8 november 2018. De | Het ontwerp is door de eerste kamer onderzocht op 8 november 2018. De |
kamer was samengesteld uit Wilfried VAN VAERENBERGH, staatsraad, | kamer was samengesteld uit Wilfried VAN VAERENBERGH, staatsraad, |
voorzitter, Chantal BAMPS en Wouter PAS, staatsraden, Michel TISON en | voorzitter, Chantal BAMPS en Wouter PAS, staatsraden, Michel TISON en |
Johan PUT, assessoren, en Wim GEURTS, griffier. | Johan PUT, assessoren, en Wim GEURTS, griffier. |
Het verslag is uitgebracht door Jonas RIEMSLAGH, auditeur. | Het verslag is uitgebracht door Jonas RIEMSLAGH, auditeur. |
De overeenstemming tussen de Franse en de Nederlandse tekst van het | De overeenstemming tussen de Franse en de Nederlandse tekst van het |
advies is nagezien onder toezicht van Wilfried VAN VAERENBERGH, | advies is nagezien onder toezicht van Wilfried VAN VAERENBERGH, |
staatsraad. | staatsraad. |
Het advies, waarvan de tekst hierna volgt, is gegeven op 16 november | Het advies, waarvan de tekst hierna volgt, is gegeven op 16 november |
2018. | 2018. |
1. Met toepassing van artikel 84, § 3, eerste lid, van de wetten op de | 1. Met toepassing van artikel 84, § 3, eerste lid, van de wetten op de |
Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, heeft de afdeling | Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, heeft de afdeling |
Wetgeving zich toegespitst op het onderzoek van de bevoegdheid van de | Wetgeving zich toegespitst op het onderzoek van de bevoegdheid van de |
steller van de handeling, van de rechtsgrond, alsmede van de vraag of | steller van de handeling, van de rechtsgrond, alsmede van de vraag of |
aan de te vervullen vormvereisten is voldaan. | aan de te vervullen vormvereisten is voldaan. |
Strekking van het ontwerp | Strekking van het ontwerp |
2. Het om advies voorgelegde ontwerp van koninklijk besluit beoogt, | 2. Het om advies voorgelegde ontwerp van koninklijk besluit beoogt, |
luidens artikel 3 ervan, uitvoering te geven artikel 10, § 3, van de | luidens artikel 3 ervan, uitvoering te geven artikel 10, § 3, van de |
wet van 30 juli 1981 "tot bestraffing van bepaalde door racisme of | wet van 30 juli 1981 "tot bestraffing van bepaalde door racisme of |
xenofobie ingegeven daden"; artikel 10, § 3, van de wet van 10 mei | xenofobie ingegeven daden"; artikel 10, § 3, van de wet van 10 mei |
2007 "ter bestrijding van bepaalde vormen van discriminatie"; en | 2007 "ter bestrijding van bepaalde vormen van discriminatie"; en |
artikel 16, § 3, van de wet van 10 mei 2007 "ter bestrijding van | artikel 16, § 3, van de wet van 10 mei 2007 "ter bestrijding van |
discriminatie tussen vrouwen en mannen"; door in een procedure te | discriminatie tussen vrouwen en mannen"; door in een procedure te |
voorzien volgens welke aan ondernemingen de mogelijkheid wordt geboden | voorzien volgens welke aan ondernemingen de mogelijkheid wordt geboden |
om "een goedgekeurd positief actieplan op te stellen, teneinde de | om "een goedgekeurd positief actieplan op te stellen, teneinde de |
rechtszekerheid te garanderen" (artikel 1 van het ontwerp). Positieve | rechtszekerheid te garanderen" (artikel 1 van het ontwerp). Positieve |
acties worden in artikel 2 gedefinieerd als "specifieke maatregelen om | acties worden in artikel 2 gedefinieerd als "specifieke maatregelen om |
de nadelen verband houdend met [bepaalde] beschermde criteria [...] te | de nadelen verband houdend met [bepaalde] beschermde criteria [...] te |
voorkomen of te compenseren, met het oog op het waarborgen van een | voorkomen of te compenseren, met het oog op het waarborgen van een |
volledige gelijkheid in de praktijk". | volledige gelijkheid in de praktijk". |
De ontworpen regeling, die enkel van toepassing is op de private | De ontworpen regeling, die enkel van toepassing is op de private |
sector, voorziet erin dat in elke fase van de arbeidsrelatie een | sector, voorziet erin dat in elke fase van de arbeidsrelatie een |
maatregel van positieve actie kan worden getroffen, hetzij middels het | maatregel van positieve actie kan worden getroffen, hetzij middels het |
sluiten van een collectieve arbeidsovereenkomst, hetzij via het | sluiten van een collectieve arbeidsovereenkomst, hetzij via het |
opstellen van een zogenaamde "toetredingsakte (artikel 3). Artikel 4 | opstellen van een zogenaamde "toetredingsakte (artikel 3). Artikel 4 |
regelt de procedure voor het vastleggen van het positieve actie-plan | regelt de procedure voor het vastleggen van het positieve actie-plan |
via een toetredingsakte. Artikel 5 bepaalt welke gegevens het | via een toetredingsakte. Artikel 5 bepaalt welke gegevens het |
positieve actie-plan moet bevatten dat hetzij bij een collectieve | positieve actie-plan moet bevatten dat hetzij bij een collectieve |
arbeidsovereenkomst, hetzij in een toetredingsakte is vastgesteld. Het | arbeidsovereenkomst, hetzij in een toetredingsakte is vastgesteld. Het |
aldus tot stand gebrachte positieve actie-plan moet ter goedkeuring | aldus tot stand gebrachte positieve actie-plan moet ter goedkeuring |
worden voorgelegd aan de minister bevoegd voor werk (artikel 6). | worden voorgelegd aan de minister bevoegd voor werk (artikel 6). |
Ondernemingen kunnen daarnaast een positieve actie-plan dat niet de | Ondernemingen kunnen daarnaast een positieve actie-plan dat niet de |
vorm aanneemt van een collectieve arbeidsovereenkomst of een | vorm aanneemt van een collectieve arbeidsovereenkomst of een |
toetredingsakte, louter ter informatie meedelen aan de bevoegde | toetredingsakte, louter ter informatie meedelen aan de bevoegde |
minister (artikel 7). | minister (artikel 7). |
Artikel 8 voorziet in het opstellen van een tweejaarlijks | Artikel 8 voorziet in het opstellen van een tweejaarlijks |
evaluatierapport. Artikel 9 heft het koninklijk besluit van 14 juli | evaluatierapport. Artikel 9 heft het koninklijk besluit van 14 juli |
1987 "houdende maatregelen tot bevordering van gelijke kansen voor | 1987 "houdende maatregelen tot bevordering van gelijke kansen voor |
mannen en vrouwen in de privé-sector"; op. | mannen en vrouwen in de privé-sector"; op. |
Het te nemen besluit treedt in werking overeenkomstig de gebruikelijke | Het te nemen besluit treedt in werking overeenkomstig de gebruikelijke |
regels van inwerkingtreding, zijnde de tiende dag volgend op de dag | regels van inwerkingtreding, zijnde de tiende dag volgend op de dag |
van bekendmaking ervan in het Belgisch Staatsblad. | van bekendmaking ervan in het Belgisch Staatsblad. |
Rechtsgrond | Rechtsgrond |
3.1. Luidens de aanhef van het ontworpen besluit, wordt voor de | 3.1. Luidens de aanhef van het ontworpen besluit, wordt voor de |
ontworpen regeling rechtsgrond gezocht in de hiervoor vermelde | ontworpen regeling rechtsgrond gezocht in de hiervoor vermelde |
bepalingen van de wetten van 30 juli 1981 en 10 mei 2007. Op grond van | bepalingen van de wetten van 30 juli 1981 en 10 mei 2007. Op grond van |
die bepalingen bepaalt de Koning bij een besluit vastgesteld na | die bepalingen bepaalt de Koning bij een besluit vastgesteld na |
overleg in de Ministerraad, de situaties waarin en de voorwaarden | overleg in de Ministerraad, de situaties waarin en de voorwaarden |
waarbij een maatregel van positieve actie getroffen kunnen worden, | waarbij een maatregel van positieve actie getroffen kunnen worden, |
waarbij de voorwaarden bepaald in paragraaf 2 van elk van de betrokken | waarbij de voorwaarden bepaald in paragraaf 2 van elk van de betrokken |
artikelen moeten worden nageleefd. | artikelen moeten worden nageleefd. |
3.2. Uit artikel 3 van het ontwerp kan worden afgeleid dat het wel | 3.2. Uit artikel 3 van het ontwerp kan worden afgeleid dat het wel |
degelijk de bedoeling van de steller van het ontwerp is om met de | degelijk de bedoeling van de steller van het ontwerp is om met de |
ontworpen regeling "de situaties te bepalen waarin en de voorwaarden | ontworpen regeling "de situaties te bepalen waarin en de voorwaarden |
waarbij" maatregelen van positieve actie kunnen worden getroffen "ter | waarbij" maatregelen van positieve actie kunnen worden getroffen "ter |
uitvoering" van de voormelde wetsbepalingen. Daartoe wordt evenwel | uitvoering" van de voormelde wetsbepalingen. Daartoe wordt evenwel |
enkel een procedure in het leven geroepen volgens welke een positieve | enkel een procedure in het leven geroepen volgens welke een positieve |
actie-plan door de bevoegde minister kan worden goedgekeurd, teneinde | actie-plan door de bevoegde minister kan worden goedgekeurd, teneinde |
met betrekking tot het bestaan en de inhoud van dat plan aan de | met betrekking tot het bestaan en de inhoud van dat plan aan de |
betrokken onderneming "rechtszekerheid te garanderen" (artikel 1 van | betrokken onderneming "rechtszekerheid te garanderen" (artikel 1 van |
het ontwerp). | het ontwerp). |
Uit het voorgaande dient te worden afgeleid dat de steller van het | Uit het voorgaande dient te worden afgeleid dat de steller van het |
ontwerp de machtigingen aan de Koning in de voornoemde wetsbepalingen | ontwerp de machtigingen aan de Koning in de voornoemde wetsbepalingen |
op zo een wijze interpreteert dat deze er niet toe nopen een opsomming | op zo een wijze interpreteert dat deze er niet toe nopen een opsomming |
te geven van de situaties waarin positieve acties mogelijk zijn, noch | te geven van de situaties waarin positieve acties mogelijk zijn, noch |
de specifieke voorwaarden te bepalen volgens welke die acties in die | de specifieke voorwaarden te bepalen volgens welke die acties in die |
situaties kunnen worden georganiseerd, maar dat het wat dat betreft | situaties kunnen worden georganiseerd, maar dat het wat dat betreft |
kan volstaan om een procedure in het leven te roepen volgens welke | kan volstaan om een procedure in het leven te roepen volgens welke |
positieve acties - geval per geval - aan goedkeuring worden | positieve acties - geval per geval - aan goedkeuring worden |
onderworpen, en waarbij dan de "situaties" en de "voorwaarden" vervat | onderworpen, en waarbij dan de "situaties" en de "voorwaarden" vervat |
zijn in het goed te keuren positieve actie-plan (zie wat dit laatste | zijn in het goed te keuren positieve actie-plan (zie wat dit laatste |
betreft, artikel 5 van het ontwerp). | betreft, artikel 5 van het ontwerp). |
Ermee rekening houdend dat de situaties en de daaraan gekoppelde | Ermee rekening houdend dat de situaties en de daaraan gekoppelde |
(specifieke) voorwaarden waarvan sprake is in de voornoemde | (specifieke) voorwaarden waarvan sprake is in de voornoemde |
wetsbepalingen in de praktijk wellicht een grote diversiteit vertonen, | wetsbepalingen in de praktijk wellicht een grote diversiteit vertonen, |
waardoor het niet voor de hand ligt om deze op een rechtszekere manier | waardoor het niet voor de hand ligt om deze op een rechtszekere manier |
af te bakenen, lijkt het niet onredelijk om de machtigingen aan de | af te bakenen, lijkt het niet onredelijk om de machtigingen aan de |
Koning in die wetsbepalingen te interpreteren op de voornoemde wijze, | Koning in die wetsbepalingen te interpreteren op de voornoemde wijze, |
ook al is een andere - meer strikte - lezing van die machtigingen | ook al is een andere - meer strikte - lezing van die machtigingen |
eveneens mogelijk. Gelet op dit laatste, is het in elk geval | eveneens mogelijk. Gelet op dit laatste, is het in elk geval |
aangewezen om het voorwerp van de voornoemde machtigingen, zoals dat | aangewezen om het voorwerp van de voornoemde machtigingen, zoals dat |
thans in die wetsbepalingen is omschreven, meer in overeenstemming te | thans in die wetsbepalingen is omschreven, meer in overeenstemming te |
brengen met de invulling die er thans met het voorliggende ontwerp aan | brengen met de invulling die er thans met het voorliggende ontwerp aan |
wordt gegeven. Onder voorbehoud hiervan en van de algemene opmerkingen | wordt gegeven. Onder voorbehoud hiervan en van de algemene opmerkingen |
die hierna met betrekking tot die invulling nog worden gemaakt, kan | die hierna met betrekking tot die invulling nog worden gemaakt, kan |
het te nemen besluit geacht worden in de voornoemde wetsbepalingen | het te nemen besluit geacht worden in de voornoemde wetsbepalingen |
rechtsgrond te vinden. | rechtsgrond te vinden. |
Onderzoek van de tekst | Onderzoek van de tekst |
Algemene opmerkingen | Algemene opmerkingen |
4. Uit artikel 1 van het ontwerp blijkt dat de goedkeuring van het | 4. Uit artikel 1 van het ontwerp blijkt dat de goedkeuring van het |
positieve actie-plan bedoeld is om rechtszekerheid te bieden aan de | positieve actie-plan bedoeld is om rechtszekerheid te bieden aan de |
betrokken ondernemingen. Vraag is echter of die doelstelling ook wordt | betrokken ondernemingen. Vraag is echter of die doelstelling ook wordt |
bereikt, nu het onduidelijk is welke rechtsgevolgen verbonden zijn aan | bereikt, nu het onduidelijk is welke rechtsgevolgen verbonden zijn aan |
de goedkeuring of de niet-goedkeuring van een dergelijk plan. In dat | de goedkeuring of de niet-goedkeuring van een dergelijk plan. In dat |
verband rijst bijvoorbeeld de vraag of een goedgekeurd plan geacht | verband rijst bijvoorbeeld de vraag of een goedgekeurd plan geacht |
moet worden in overeenstemming te zijn met de voorwaarden bepaald in | moet worden in overeenstemming te zijn met de voorwaarden bepaald in |
paragraaf 2 van elk van de voornoemde wetsbepalingen. Ook rijst in dat | paragraaf 2 van elk van de voornoemde wetsbepalingen. Ook rijst in dat |
verband de vraag waarom, in het licht van de voornoemde doelstelling, | verband de vraag waarom, in het licht van de voornoemde doelstelling, |
bij artikel 7 van het ontwerp ook de mogelijkheid wordt geboden om een | bij artikel 7 van het ontwerp ook de mogelijkheid wordt geboden om een |
positieve actie-plan dat niet de vorm van een collectieve | positieve actie-plan dat niet de vorm van een collectieve |
arbeidsovereenkomst of een toetredingsakte heeft aangenomen "ter | arbeidsovereenkomst of een toetredingsakte heeft aangenomen "ter |
informatie" mee te delen aan de bevoegde minister, wat de | informatie" mee te delen aan de bevoegde minister, wat de |
rechtsgevolgen zijn van een dergelijke mededeling en hoe deze zich | rechtsgevolgen zijn van een dergelijke mededeling en hoe deze zich |
verhoudt tot een "goedgekeurd" positieve actie-plan. Ten slotte rijst | verhoudt tot een "goedgekeurd" positieve actie-plan. Ten slotte rijst |
de vraag of, wat de eventuele rechtsgevolgen van de ministeriële | de vraag of, wat de eventuele rechtsgevolgen van de ministeriële |
goedkeuring betreft, in voldoende mate is rekening gehouden met het | goedkeuring betreft, in voldoende mate is rekening gehouden met het |
gegeven dat, bij betwistingen over de wettigheid van het goedgekeurde | gegeven dat, bij betwistingen over de wettigheid van het goedgekeurde |
plan, mogelijk de aansprakelijkheid van de overheid in het gedrang kan | plan, mogelijk de aansprakelijkheid van de overheid in het gedrang kan |
komen. De concrete rechtsgevolgen van de goedkeuring of | komen. De concrete rechtsgevolgen van de goedkeuring of |
niet-goedkeuring van het positieve actie-plan worden onvoldoende | niet-goedkeuring van het positieve actie-plan worden onvoldoende |
geregeld in het ontwerp, wat moet worden verholpen. | geregeld in het ontwerp, wat moet worden verholpen. |
5. Het ontwerp bevat geen criteria waardoor de bevoegde minister zich | 5. Het ontwerp bevat geen criteria waardoor de bevoegde minister zich |
moet laten leiden bij het al dan niet goedkeuren van het positieve | moet laten leiden bij het al dan niet goedkeuren van het positieve |
actie-plan met toepassing van artikel 6 van het ontwerp. In elk geval | actie-plan met toepassing van artikel 6 van het ontwerp. In elk geval |
dient daarbij ook rekening te worden gehouden met de voorwaarden die | dient daarbij ook rekening te worden gehouden met de voorwaarden die |
zijn bepaald in paragraaf 2 van elk van de voornoemde wetsbepalingen, | zijn bepaald in paragraaf 2 van elk van de voornoemde wetsbepalingen, |
met betrekking tot de uitvoering van maatregelen van positieve acties, | met betrekking tot de uitvoering van maatregelen van positieve acties, |
en met de rechtspraak van het Hof van Justitie van de Europese Unie en | en met de rechtspraak van het Hof van Justitie van de Europese Unie en |
van het Grondwettelijk Hof ter zake. Het ontwerp dient te worden | van het Grondwettelijk Hof ter zake. Het ontwerp dient te worden |
aangevuld met een uitdrukkelijke regeling op dat vlak. | aangevuld met een uitdrukkelijke regeling op dat vlak. |
6. De structuur en de opbouw van het ontwerp is vatbaar voor | 6. De structuur en de opbouw van het ontwerp is vatbaar voor |
verbetering. Zo bevat het ontwerp naast normatieve ook niet-normatieve | verbetering. Zo bevat het ontwerp naast normatieve ook niet-normatieve |
bepalingen (artikelen 1 en 3), waarvan de draagwijdte niet duidelijk | bepalingen (artikelen 1 en 3), waarvan de draagwijdte niet duidelijk |
is, wordt het toepassingsgebied van de regeling (de private sector) | is, wordt het toepassingsgebied van de regeling (de private sector) |
slechts op impliciete wijze bepaald en zonder duidelijk criterium om | slechts op impliciete wijze bepaald en zonder duidelijk criterium om |
die sector af te bakenen, wordt het begrip "onderneming" niet | die sector af te bakenen, wordt het begrip "onderneming" niet |
omschreven of afgebakend, en wordt enkel op impliciete wijze bepaald | omschreven of afgebakend, en wordt enkel op impliciete wijze bepaald |
(artikel 5, inleidende zin) dat het positieve-actieplan hetzij bij | (artikel 5, inleidende zin) dat het positieve-actieplan hetzij bij |
collectieve arbeidsovereenkomst hetzij in een toetredingsakte wordt | collectieve arbeidsovereenkomst hetzij in een toetredingsakte wordt |
vastgesteld. Wat dit laatste betreft kan nog worden opgemerkt dat het | vastgesteld. Wat dit laatste betreft kan nog worden opgemerkt dat het |
"model van toetredingsakte", dat thans bij het verslag aan de Koning | "model van toetredingsakte", dat thans bij het verslag aan de Koning |
is gevoegd, in zoverre het de bedoeling is om hieraan normatieve | is gevoegd, in zoverre het de bedoeling is om hieraan normatieve |
kracht te verlenen, als een bijlage van het te nemen besluit moet | kracht te verlenen, als een bijlage van het te nemen besluit moet |
worden geconcipieerd, en dat de regel, dat de weg van een | worden geconcipieerd, en dat de regel, dat de weg van een |
toetredingsakte enkel kan worden gevolgd in het geval dat in de | toetredingsakte enkel kan worden gevolgd in het geval dat in de |
onderneming geen vakbondsafvaardiging voorhanden is, in het te nemen | onderneming geen vakbondsafvaardiging voorhanden is, in het te nemen |
besluit zelf moet worden opgenomen. | besluit zelf moet worden opgenomen. |
7. Uit de voorgaande opmerkingen dient te worden geconcludeerd dat het | 7. Uit de voorgaande opmerkingen dient te worden geconcludeerd dat het |
ontwerp nog aan een grondig bijkomend onderzoek moet worden | ontwerp nog aan een grondig bijkomend onderzoek moet worden |
onderworpen. | onderworpen. |
DE GRIFFIER | DE GRIFFIER |
Wim GEURTS | Wim GEURTS |
DE VOORZITTER | DE VOORZITTER |
Wilfried VAN VAERENBERGH | Wilfried VAN VAERENBERGH |
11 FEBRUARI 2019. - Koninklijk besluit tot bepaling van de voorwaarden | 11 FEBRUARI 2019. - Koninklijk besluit tot bepaling van de voorwaarden |
inzake positieve acties | inzake positieve acties |
FILIP, Koning der Belgen, | FILIP, Koning der Belgen, |
Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. | Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. |
Gelet op de wet van 30 juli 1981 tot bestraffing van bepaalde door | Gelet op de wet van 30 juli 1981 tot bestraffing van bepaalde door |
racisme of xenophobie ingegeven daden, artikel 10, ingevoegd bij de | racisme of xenophobie ingegeven daden, artikel 10, ingevoegd bij de |
wet van 10 mei 2007; | wet van 10 mei 2007; |
Gelet op de wet van 10 mei 2007 ter bestrijding van bepaalde vormen | Gelet op de wet van 10 mei 2007 ter bestrijding van bepaalde vormen |
van discriminatie, artikel 10; | van discriminatie, artikel 10; |
Gelet op de wet van 10 mei 2007 ter bestrijding van discriminatie | Gelet op de wet van 10 mei 2007 ter bestrijding van discriminatie |
tussen vrouwen en mannen, artikel 16; | tussen vrouwen en mannen, artikel 16; |
Gelet op het advies van de Inspecteur van Financiën, gegeven op 7 juni | Gelet op het advies van de Inspecteur van Financiën, gegeven op 7 juni |
2018; | 2018; |
Gelet op het advies van de Nationale Arbeidsraad, gegeven op 25 | Gelet op het advies van de Nationale Arbeidsraad, gegeven op 25 |
september 2018; | september 2018; |
Gelet op de akkoordbevinding van de Minister van Begroting, gegeven op | Gelet op de akkoordbevinding van de Minister van Begroting, gegeven op |
17 juli 2018; | 17 juli 2018; |
Gelet op de impactanalyse van de regelgeving, uitgevoerd | Gelet op de impactanalyse van de regelgeving, uitgevoerd |
overeenkomstig de artikelen 6 en 7 van de wet van 15 december 2013 | overeenkomstig de artikelen 6 en 7 van de wet van 15 december 2013 |
houdende diverse bepalingen inzake administratieve vereenvoudiging; | houdende diverse bepalingen inzake administratieve vereenvoudiging; |
Gelet op advies 64.406/1 van de Raad van State, gegeven op 16 november | Gelet op advies 64.406/1 van de Raad van State, gegeven op 16 november |
2018, met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 2°, van de | 2018, met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 2°, van de |
wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; | wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; |
Op de voordracht van de Minister van Werk, belast met Gelijke Kansen | Op de voordracht van de Minister van Werk, belast met Gelijke Kansen |
en op het advies van de in Raad vergaderde Ministers, | en op het advies van de in Raad vergaderde Ministers, |
Hebben Wij besloten en besluiten Wij : | Hebben Wij besloten en besluiten Wij : |
Artikel 1.Dit koninklijk besluit is van toepassing op de werknemers |
Artikel 1.Dit koninklijk besluit is van toepassing op de werknemers |
en werkgevers. Het is niet van toepassing op de personen tewerkgesteld | en werkgevers. Het is niet van toepassing op de personen tewerkgesteld |
door het Rijk, de provinciën, de gemeenten de openbare instellingen | door het Rijk, de provinciën, de gemeenten de openbare instellingen |
die er onder ressorteren en de instellingen van openbaar nut. | die er onder ressorteren en de instellingen van openbaar nut. |
Art. 2.Voor de toepassing van dit besluit verstaat men onder: |
Art. 2.Voor de toepassing van dit besluit verstaat men onder: |
1° collectieve arbeidsovereenkomst: de collectieve arbeidsovereenkomst | 1° collectieve arbeidsovereenkomst: de collectieve arbeidsovereenkomst |
die werd gesloten overeenkomstig de wet van 5 december 1968 | die werd gesloten overeenkomstig de wet van 5 december 1968 |
betreffende de collectieve arbeidsovereenkomsten en de paritaire | betreffende de collectieve arbeidsovereenkomsten en de paritaire |
comités; | comités; |
2° de griffie: de griffie van de algemene directie Collectieve | 2° de griffie: de griffie van de algemene directie Collectieve |
Arbeidsbetrekkingen van de Federale Overheidsdienst Werkgelegenheid, | Arbeidsbetrekkingen van de Federale Overheidsdienst Werkgelegenheid, |
Arbeid en Sociaal Overleg; | Arbeid en Sociaal Overleg; |
Art. 3.Positieve acties zijn specifieke maatregelen om de nadelen |
Art. 3.Positieve acties zijn specifieke maatregelen om de nadelen |
verband houdende met de beschermde criteria, zoals vermeld in artikel | verband houdende met de beschermde criteria, zoals vermeld in artikel |
4, 4° van de wet van 30 juli 1981 tot bestraffing van bepaalde door | 4, 4° van de wet van 30 juli 1981 tot bestraffing van bepaalde door |
racisme of xenophobie ingegeven daden, in artikel 4, 4° van de wet van | racisme of xenophobie ingegeven daden, in artikel 4, 4° van de wet van |
10 mei 2007 ter bestrijding van bepaalde vormen van discriminatie en | 10 mei 2007 ter bestrijding van bepaalde vormen van discriminatie en |
in artikel 3 van de wet van 10 mei 2007 ter bestrijding van | in artikel 3 van de wet van 10 mei 2007 ter bestrijding van |
discriminatie tussen vrouwen en mannen, te voorkomen of te | discriminatie tussen vrouwen en mannen, te voorkomen of te |
compenseren, met het oog op het waarborgen van een volledige | compenseren, met het oog op het waarborgen van een volledige |
gelijkheid in de praktijk. | gelijkheid in de praktijk. |
Art. 4.Het positieve actieplan wordt vastgesteld bij collectieve |
Art. 4.Het positieve actieplan wordt vastgesteld bij collectieve |
arbeidsovereenkomst of bij toetredingsakte tot bepaling van de | arbeidsovereenkomst of bij toetredingsakte tot bepaling van de |
voorwaarden inzake positieve acties. | voorwaarden inzake positieve acties. |
Wanneer het positieve actieplan bij toetredingsakte tot bepaling van | Wanneer het positieve actieplan bij toetredingsakte tot bepaling van |
de voorwaarden inzake positieve acties wordt vastgesteld, vult de | de voorwaarden inzake positieve acties wordt vastgesteld, vult de |
onderneming het verplichte model in dat als bijlage bij dit besluit is | onderneming het verplichte model in dat als bijlage bij dit besluit is |
gevoegd. | gevoegd. |
Art. 5.§ 1. Wanneer het positieve actieplan wordt vastgelegd via een |
Art. 5.§ 1. Wanneer het positieve actieplan wordt vastgelegd via een |
toetredingsakte tot bepaling van de voorwaarden inzake positieve | toetredingsakte tot bepaling van de voorwaarden inzake positieve |
acties, moet het ontwerp van toetredingsakte tot bepaling van de | acties, moet het ontwerp van toetredingsakte tot bepaling van de |
voorwaarden inzake positieve acties door de werkgever ter kennis | voorwaarden inzake positieve acties door de werkgever ter kennis |
worden gebracht aan alle werknemers. | worden gebracht aan alle werknemers. |
§ 2. De werkgever houdt gedurende een termijn van vijftien dagen die | § 2. De werkgever houdt gedurende een termijn van vijftien dagen die |
ingaat op de dag van overhandiging van het ontwerp van toetredingsakte | ingaat op de dag van overhandiging van het ontwerp van toetredingsakte |
tot bepaling van de voorwaarden inzake positieve acties aan de | tot bepaling van de voorwaarden inzake positieve acties aan de |
werknemers, een register ter beschikking van de werknemers waarin ze | werknemers, een register ter beschikking van de werknemers waarin ze |
hun opmerkingen individueel kunnen optekenen. | hun opmerkingen individueel kunnen optekenen. |
§ 3. Binnen diezelfde termijn van vijftien dagen kunnen de werknemers | § 3. Binnen diezelfde termijn van vijftien dagen kunnen de werknemers |
hun opmerkingen ook via naar behoren ondertekende brief meedelen aan | hun opmerkingen ook via naar behoren ondertekende brief meedelen aan |
de ambtenaar die belast is met het toezicht op de uitvoering van de | de ambtenaar die belast is met het toezicht op de uitvoering van de |
wet van 8 april 1965 tot instelling van de arbeidsreglementen. Hun | wet van 8 april 1965 tot instelling van de arbeidsreglementen. Hun |
naam mag noch worden meegedeeld, noch worden onthuld. | naam mag noch worden meegedeeld, noch worden onthuld. |
§ 4. Na afloop van deze termijn stuurt de werkgever het register ter | § 4. Na afloop van deze termijn stuurt de werkgever het register ter |
inzage naar hoger vermelde ambtenaar die hem de ontvangst daarvan | inzage naar hoger vermelde ambtenaar die hem de ontvangst daarvan |
onmiddellijk bevestigt. | onmiddellijk bevestigt. |
§ 5. Indien hem geen enkele opmerking van de werknemers werd | § 5. Indien hem geen enkele opmerking van de werknemers werd |
meegedeeld en het register geen enkele opmerking bevat, wordt de | meegedeeld en het register geen enkele opmerking bevat, wordt de |
opmaakprocedure geacht te zijn afgelopen op de vijftiende dag volgend | opmaakprocedure geacht te zijn afgelopen op de vijftiende dag volgend |
op deze van de overhandiging van het ontwerp van toetredingsakte aan | op deze van de overhandiging van het ontwerp van toetredingsakte aan |
de werknemers. | de werknemers. |
§ 6. Indien hem opmerkingen van de werknemers werden meegedeeld of | § 6. Indien hem opmerkingen van de werknemers werden meegedeeld of |
indien het register opmerkingen van de werknemers bevat, deelt hij | indien het register opmerkingen van de werknemers bevat, deelt hij |
deze binnen de vier dagen mee aan de werkgever die ze aan de | deze binnen de vier dagen mee aan de werkgever die ze aan de |
werknemers meedeelt. De ambtenaar probeert de uiteenlopende | werknemers meedeelt. De ambtenaar probeert de uiteenlopende |
standpunten binnen een termijn van dertig dagen te verzoenen. | standpunten binnen een termijn van dertig dagen te verzoenen. |
§ 7. Indien hij erin slaagt, wordt de opmaakprocedure van de | § 7. Indien hij erin slaagt, wordt de opmaakprocedure van de |
toetredingsakte tot bepaling van de voorwaarden inzake positieve | toetredingsakte tot bepaling van de voorwaarden inzake positieve |
acties afgesloten op de achtste dag volgend op deze van de verzoening. | acties afgesloten op de achtste dag volgend op deze van de verzoening. |
§ 8. Indien hij er niet in slaagt, stuurt deze ambtenaar onmiddellijk | § 8. Indien hij er niet in slaagt, stuurt deze ambtenaar onmiddellijk |
een afschrift van het proces-verbaal van niet-verzoening naar de | een afschrift van het proces-verbaal van niet-verzoening naar de |
voorzitter van het bevoegde paritaire comité. | voorzitter van het bevoegde paritaire comité. |
§ 9. Het paritaire comité doet een laatste verzoeningspoging op zijn | § 9. Het paritaire comité doet een laatste verzoeningspoging op zijn |
eerstvolgende vergadering. | eerstvolgende vergadering. |
§ 10. Indien het daarin niet slaagt, wordt het geschil door het | § 10. Indien het daarin niet slaagt, wordt het geschil door het |
paritair comité beslecht. Zijn beslissing is enkel geldig wanneer zij | paritair comité beslecht. Zijn beslissing is enkel geldig wanneer zij |
ten minste 75 pct. der stemmen door ieder der partijen uitgebracht, | ten minste 75 pct. der stemmen door ieder der partijen uitgebracht, |
heeft bekomen. | heeft bekomen. |
§ 11. Indien het paritaire orgaan voor een bepaalde activiteitstak | § 11. Indien het paritaire orgaan voor een bepaalde activiteitstak |
niet werkt, dan maakt de ambtenaar bedoeld in § 3 van dit artikel de | niet werkt, dan maakt de ambtenaar bedoeld in § 3 van dit artikel de |
zaak aanhangig bij de Nationale Arbeidsraad. | zaak aanhangig bij de Nationale Arbeidsraad. |
§ 12. De Nationale Arbeidsraad duidt het paritaire comité waaronder | § 12. De Nationale Arbeidsraad duidt het paritaire comité waaronder |
werkgevers met een gelijkaardige activiteit vallen, aan om zich over | werkgevers met een gelijkaardige activiteit vallen, aan om zich over |
het geschil uit te spreken. | het geschil uit te spreken. |
§ 13. De beslissing van het paritaire comité wordt binnen de acht | § 13. De beslissing van het paritaire comité wordt binnen de acht |
dagen na de uitspraak door de secretaris aan de werkgever ter kennis | dagen na de uitspraak door de secretaris aan de werkgever ter kennis |
gebracht. | gebracht. |
§ 14. De toetredingsakte tot bepaling van de voorwaarden inzake | § 14. De toetredingsakte tot bepaling van de voorwaarden inzake |
positieve acties dient te worden neergelegd bij de griffie van de | positieve acties dient te worden neergelegd bij de griffie van de |
algemene directie Collectieve Arbeidsbetrekkingen van de Federale | algemene directie Collectieve Arbeidsbetrekkingen van de Federale |
Overheidsdienst Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg. | Overheidsdienst Werkgelegenheid, Arbeid en Sociaal Overleg. |
§ 15. De griffie gaat na of de toetredingsakte tot bepaling van de | § 15. De griffie gaat na of de toetredingsakte tot bepaling van de |
voorwaarden inzake positieve acties is opgesteld overeenkomstig het | voorwaarden inzake positieve acties is opgesteld overeenkomstig het |
verplichte model en of de in de preambule van dat model bedoelde | verplichte model en of de in de preambule van dat model bedoelde |
gegevens correct zijn ingevuld. Indien dit het geval is, wordt de | gegevens correct zijn ingevuld. Indien dit het geval is, wordt de |
toetredingsakte tot bepaling van de voorwaarden inzake positieve | toetredingsakte tot bepaling van de voorwaarden inzake positieve |
acties ontvankelijk verklaard. | acties ontvankelijk verklaard. |
Art. 6.Het positieve actieplan, vastgelegd hetzij door een |
Art. 6.Het positieve actieplan, vastgelegd hetzij door een |
collectieve arbeidsovereenkomst, hetzij door een toetredingsakte tot | collectieve arbeidsovereenkomst, hetzij door een toetredingsakte tot |
bepaling van de voorwaarden inzake positieve acties, dient volgende | bepaling van de voorwaarden inzake positieve acties, dient volgende |
informatie te bevatten: | informatie te bevatten: |
1° het bestaan van een kennelijke ongelijkheid binnen het ressort van | 1° het bestaan van een kennelijke ongelijkheid binnen het ressort van |
het paritair comité, de bedrijfstak of de onderneming; het bewijs | het paritair comité, de bedrijfstak of de onderneming; het bewijs |
hiervan kan geleverd worden door alle beschikbare middelen; | hiervan kan geleverd worden door alle beschikbare middelen; |
2° de omschrijving van de doelstelling en de concrete uitwerking van | 2° de omschrijving van de doelstelling en de concrete uitwerking van |
de positieve actie; deze moet beogen om de ongelijkheid weg te werken | de positieve actie; deze moet beogen om de ongelijkheid weg te werken |
door een gelijkheid van kansen te bewerkstelligen; de doelstelling | door een gelijkheid van kansen te bewerkstelligen; de doelstelling |
moet welomschreven zijn en er op gericht zijn om de problemen die aan | moet welomschreven zijn en er op gericht zijn om de problemen die aan |
de basis van de ongelijkheid liggen op te heffen of te verminderen; | de basis van de ongelijkheid liggen op te heffen of te verminderen; |
3° de verwachte duurtijd van de positieve actie; de positieve | 3° de verwachte duurtijd van de positieve actie; de positieve |
actiemaatregel moet tijdelijk zijn en moet worden ingetrokken wanneer | actiemaatregel moet tijdelijk zijn en moet worden ingetrokken wanneer |
de nagestreefde doelstelling is gerealiseerd en ten laatste na een | de nagestreefde doelstelling is gerealiseerd en ten laatste na een |
periode van 3 jaren; | periode van 3 jaren; |
4° Het positief actieplan dient te beantwoorden aan een | 4° Het positief actieplan dient te beantwoorden aan een |
evenredigheidstoets, hetgeen betekent dat de maatregelen passend en | evenredigheidstoets, hetgeen betekent dat de maatregelen passend en |
noodzakelijk moeten zijn ten aanzien van de nagestreefde doelstelling; | noodzakelijk moeten zijn ten aanzien van de nagestreefde doelstelling; |
5° de garantie dat de positieve actiemaatregel de rechten van anderen | 5° de garantie dat de positieve actiemaatregel de rechten van anderen |
niet nodeloos inperken. | niet nodeloos inperken. |
Art. 7.Het positieve actieplan dient ter goedkeuring worden |
Art. 7.Het positieve actieplan dient ter goedkeuring worden |
voorgelegd aan de minister tot wiens bevoegdheid werk behoort. | voorgelegd aan de minister tot wiens bevoegdheid werk behoort. |
Hij gaat na of aan alle voorwaarden, zoals omschreven in voorgaand | Hij gaat na of aan alle voorwaarden, zoals omschreven in voorgaand |
artikel, is voldaan, alsook of de positieve actie wel degelijk | artikel, is voldaan, alsook of de positieve actie wel degelijk |
betrekking heeft op één van de beschermde criteria, zoals voorzien in | betrekking heeft op één van de beschermde criteria, zoals voorzien in |
artikel 4, 4° van de wet van 30 juli 1981 tot bestraffing van bepaalde | artikel 4, 4° van de wet van 30 juli 1981 tot bestraffing van bepaalde |
door racisme of xenophobie ingegeven daden, in artikel 4, 4° van de | door racisme of xenophobie ingegeven daden, in artikel 4, 4° van de |
wet van 10 mei 2007 ter bestrijding van bepaalde vormen van | wet van 10 mei 2007 ter bestrijding van bepaalde vormen van |
discriminatie en in artikel 3 van de wet van 10 mei 2007 ter | discriminatie en in artikel 3 van de wet van 10 mei 2007 ter |
bestrijding van discriminatie tussen vrouwen en mannen. | bestrijding van discriminatie tussen vrouwen en mannen. |
In geval het positieve actieplan wordt goedgekeurd, dient het | In geval het positieve actieplan wordt goedgekeurd, dient het |
beschouwd te worden als conform met artikel 10, § 3, van de wet van 30 | beschouwd te worden als conform met artikel 10, § 3, van de wet van 30 |
juli 1981 tot bestraffing van bepaalde door racisme of xenophbie | juli 1981 tot bestraffing van bepaalde door racisme of xenophbie |
ingegeven daden, artikel 10, § 3, van de wet van 10 mei 2007 ter | ingegeven daden, artikel 10, § 3, van de wet van 10 mei 2007 ter |
bestrijding van bepaalde vormen van discriminatie of artikel 16, § 3, | bestrijding van bepaalde vormen van discriminatie of artikel 16, § 3, |
van de wet van 10 mei 2007 ter bestrijding van discriminatie tussen | van de wet van 10 mei 2007 ter bestrijding van discriminatie tussen |
vrouwen en mannen. | vrouwen en mannen. |
Art. 8.De beslissing wordt ter kennis van de verzoeker gebracht |
Art. 8.De beslissing wordt ter kennis van de verzoeker gebracht |
binnen een termijn van twee maanden vanaf de datum van registratie van | binnen een termijn van twee maanden vanaf de datum van registratie van |
de collectieve arbeidsovereenkomst of vanaf de datum van de | de collectieve arbeidsovereenkomst of vanaf de datum van de |
ontvankelijkheidsverklaring van de toetredingsakte tot bepaling van de | ontvankelijkheidsverklaring van de toetredingsakte tot bepaling van de |
voorwaarden inzake positieve acties. Bij ontstentenis van kennisgeving | voorwaarden inzake positieve acties. Bij ontstentenis van kennisgeving |
binnen de voorgeschreven termijn wordt het positieve actieplan als | binnen de voorgeschreven termijn wordt het positieve actieplan als |
goedgekeurd beschouwd. | goedgekeurd beschouwd. |
Art. 9.De ondernemingen kunnen positieve acties opstarten in andere |
Art. 9.De ondernemingen kunnen positieve acties opstarten in andere |
vormen dan de collectieve arbeidsovereenkomst of de toetredingsactie | vormen dan de collectieve arbeidsovereenkomst of de toetredingsactie |
tot bepaling van de voorwaarden inzake positieve acties, | tot bepaling van de voorwaarden inzake positieve acties, |
overeenkomstig de voorwaarden voorzien in artikel 10, § 3, van de wet | overeenkomstig de voorwaarden voorzien in artikel 10, § 3, van de wet |
van 30 juli 1981 tot bestraffing van bepaalde door racisme of | van 30 juli 1981 tot bestraffing van bepaalde door racisme of |
xenophbie ingegeven daden, artikel 10, § 3, van de wet van 10 mei 2007 | xenophbie ingegeven daden, artikel 10, § 3, van de wet van 10 mei 2007 |
ter bestrijding van bepaalde vormen van discriminatie of artikel 16, § | ter bestrijding van bepaalde vormen van discriminatie of artikel 16, § |
3, van de wet van 10 mei 2007 ter bestrijding van discriminatie tussen | 3, van de wet van 10 mei 2007 ter bestrijding van discriminatie tussen |
vrouwen en mannen. De ondernemingen kunnen de Minister van Werk | vrouwen en mannen. De ondernemingen kunnen de Minister van Werk |
informeren. | informeren. |
Art. 10.De Federale Overheidsdienst Werkgelegenheid, Arbeid en |
Art. 10.De Federale Overheidsdienst Werkgelegenheid, Arbeid en |
Sociaal Overleg, zal tweejaarlijks een evaluatierapport opstellen in | Sociaal Overleg, zal tweejaarlijks een evaluatierapport opstellen in |
samenwerking met de Nationale Arbeidsraad. | samenwerking met de Nationale Arbeidsraad. |
Art. 11.Het koninklijk besluit van 14 juli 1987 houdende maatregelen |
Art. 11.Het koninklijk besluit van 14 juli 1987 houdende maatregelen |
tot bevordering van gelijke kansen voor mannen en vrouwen in de | tot bevordering van gelijke kansen voor mannen en vrouwen in de |
privé-sector wordt opgeheven. | privé-sector wordt opgeheven. |
De positieve actieplannen die lopende zijn op basis van dit besluit | De positieve actieplannen die lopende zijn op basis van dit besluit |
blijven geldig. | blijven geldig. |
Art. 12.De minister bevoegd voor Werk en Gelijke Kansen is belast met |
Art. 12.De minister bevoegd voor Werk en Gelijke Kansen is belast met |
de uitvoering van dit besluit. | de uitvoering van dit besluit. |
Gegeven te Brussel, 11 februari 2019. | Gegeven te Brussel, 11 februari 2019. |
FILIP | FILIP |
Van Koningswege : | Van Koningswege : |
De Minister van Werk, belast met Gelijke Kansen, | De Minister van Werk, belast met Gelijke Kansen, |
K. PEETERS | K. PEETERS |
Model van toetredingsakte tot bepaling van de voorwaarden inzake | Model van toetredingsakte tot bepaling van de voorwaarden inzake |
positieve acties | positieve acties |
* Identificatienummer (KBO-nummer) van de onderneming : | * Identificatienummer (KBO-nummer) van de onderneming : |
. . . . . | . . . . . |
* Naam van de onderneming : | * Naam van de onderneming : |
. . . . . | . . . . . |
* Adres : | * Adres : |
. . . . . | . . . . . |
* Vertegenwoordigd door (naam, voornaam en hoedanigheid) : | * Vertegenwoordigd door (naam, voornaam en hoedanigheid) : |
. . . . . | . . . . . |
. . . . . | . . . . . |
* Nummer van het of de bevoegde paritaire comités voor de betrokken | * Nummer van het of de bevoegde paritaire comités voor de betrokken |
werknemers : | werknemers : |
. . . . . | . . . . . |
* De werkgever verklaart op erewoord dat WEL/GEEN opmerkingen werden | * De werkgever verklaart op erewoord dat WEL/GEEN opmerkingen werden |
gemaakt in het register en dat het register aan de algemene directie | gemaakt in het register en dat het register aan de algemene directie |
Toezicht op de Sociale Wetten werd bezorgd. Indien er opmerkingen | Toezicht op de Sociale Wetten werd bezorgd. Indien er opmerkingen |
werden gemaakt, verklaart de werkgever op erewoord dat de | werden gemaakt, verklaart de werkgever op erewoord dat de |
uiteenlopende standpunten WEL/NIET werden verzoend. | uiteenlopende standpunten WEL/NIET werden verzoend. |
Artikel 1.Aantonen van het bestaan van een kennelijk ongelijkheid |
Artikel 1.Aantonen van het bestaan van een kennelijk ongelijkheid |
. . . . . | . . . . . |
Artikel 2: Omschrijving van de doelstelling en de concrete uitwerking | Artikel 2: Omschrijving van de doelstelling en de concrete uitwerking |
van de positieve actie | van de positieve actie |
. . . . . | . . . . . |
Artikel 3: verwachte duurtijd van de positieve actie (maximum 3 jaren) | Artikel 3: verwachte duurtijd van de positieve actie (maximum 3 jaren) |
. . . . . | . . . . . |
Artikel 4: evenredigheidstoets - maatregelen moeten passend en | Artikel 4: evenredigheidstoets - maatregelen moeten passend en |
noodzakelijk zijn ten aanzien van de nagestreefde doelstelling | noodzakelijk zijn ten aanzien van de nagestreefde doelstelling |
. . . . . | . . . . . |
Artikel 5: garantie dat de rechten van anderen niet nodeloos worden | Artikel 5: garantie dat de rechten van anderen niet nodeloos worden |
ingeperkt. | ingeperkt. |
. . . . . | . . . . . |
Opgemaakt te....................................................... op | Opgemaakt te....................................................... op |
. . . . . | . . . . . |
Voor de werkgever . . . . . | Voor de werkgever . . . . . |