Etaamb.openjustice.be
Meertalige weergave van Koninklijk Besluit van 09/10/2014
← Terug naar "Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 21 november 2013, gesloten in het Paritair Comité voor het vervoer en de logistiek, houdende permanente vorming in de subsector voor verhuisondernemingen, meubelbewaring en hun aanverwante activiteiten "
Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 21 november 2013, gesloten in het Paritair Comité voor het vervoer en de logistiek, houdende permanente vorming in de subsector voor verhuisondernemingen, meubelbewaring en hun aanverwante activiteiten Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 21 november 2013, gesloten in het Paritair Comité voor het vervoer en de logistiek, houdende permanente vorming in de subsector voor verhuisondernemingen, meubelbewaring en hun aanverwante activiteiten
FEDERALE OVERHEIDSDIENST WERKGELEGENHEID, ARBEID EN SOCIAAL OVERLEG FEDERALE OVERHEIDSDIENST WERKGELEGENHEID, ARBEID EN SOCIAAL OVERLEG
9 OKTOBER 2014. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt 9 OKTOBER 2014. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt
verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 21 november 2013, verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 21 november 2013,
gesloten in het Paritair Comité voor het vervoer en de logistiek, gesloten in het Paritair Comité voor het vervoer en de logistiek,
houdende permanente vorming in de subsector voor verhuisondernemingen, houdende permanente vorming in de subsector voor verhuisondernemingen,
meubelbewaring en hun aanverwante activiteiten (1) meubelbewaring en hun aanverwante activiteiten (1)
FILIP, Koning der Belgen, FILIP, Koning der Belgen,
Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.
Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve
arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel
28; 28;
Gelet op het verzoek van het Paritair Comité voor het vervoer en de Gelet op het verzoek van het Paritair Comité voor het vervoer en de
logistiek; logistiek;
Op de voordracht van de Minister van Werk, Op de voordracht van de Minister van Werk,
Hebben Wij besloten en besluiten Wij : Hebben Wij besloten en besluiten Wij :

Artikel 1.Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage

Artikel 1.Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage

overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst van 21 november 2013, overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst van 21 november 2013,
gesloten in het Paritair Comité voor het vervoer en de logistiek, gesloten in het Paritair Comité voor het vervoer en de logistiek,
houdende permanente vorming in de subsector voor verhuisondernemingen, houdende permanente vorming in de subsector voor verhuisondernemingen,
meubelbewaring en hun aanverwante activiteiten. meubelbewaring en hun aanverwante activiteiten.

Art. 2.De minister bevoegd voor Werk is belast met de uitvoering van

Art. 2.De minister bevoegd voor Werk is belast met de uitvoering van

dit besluit. dit besluit.
Gegeven te Brussel, 9 oktober 2014. Gegeven te Brussel, 9 oktober 2014.
FILIP FILIP
Van Koningswege : Van Koningswege :
De Minister van Werk, De Minister van Werk,
Mevr. M. DE CONINCK Mevr. M. DE CONINCK
_______ _______
Nota Nota
(1) Verwijzing naar het Belgisch Staatsblad : (1) Verwijzing naar het Belgisch Staatsblad :
Wet van 5 december 1968, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969. Wet van 5 december 1968, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969.
Bijlage Bijlage
Paritair Comité voor het vervoer en de logistiek Paritair Comité voor het vervoer en de logistiek
Collectieve arbeidsovereenkomst van 21 november 2013 Collectieve arbeidsovereenkomst van 21 november 2013
Permanente vorming in de subsector voor verhuisondernemingen, Permanente vorming in de subsector voor verhuisondernemingen,
meubelbewaring en hun aanverwante activiteiten (Overeenkomst meubelbewaring en hun aanverwante activiteiten (Overeenkomst
geregistreerd op 20 december 2013 onder het nummer 118576/CO/140) geregistreerd op 20 december 2013 onder het nummer 118576/CO/140)
HOOFDSTUK I. - Toepassingsgebied HOOFDSTUK I. - Toepassingsgebied

Artikel 1.§ 1. Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing

Artikel 1.§ 1. Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing

op de werkgevers die ressorteren onder het Paritair Comité voor het op de werkgevers die ressorteren onder het Paritair Comité voor het
vervoer en de logistiek en behoren tot de subsector voor de vervoer en de logistiek en behoren tot de subsector voor de
verhuisondernemingen, meubelbewaringen hun aanverwante activiteiten verhuisondernemingen, meubelbewaringen hun aanverwante activiteiten
alsook op hun werklieden. alsook op hun werklieden.
§ 2. Voor de toepassing van deze overeenkomst wordt bedoeld onder : § 2. Voor de toepassing van deze overeenkomst wordt bedoeld onder :
- "verhuizing" : elke overbrenging van installaties van de ene plaats - "verhuizing" : elke overbrenging van installaties van de ene plaats
naar de andere, onder meer : privé, kantoren, magazijnen, naar de andere, onder meer : privé, kantoren, magazijnen,
werkplaatsen, beurzen, fabrieken, tentoonstellingen, enz. met inbegrip werkplaatsen, beurzen, fabrieken, tentoonstellingen, enz. met inbegrip
van alle begeleidende werkzaamheden, zoals inpak, uitpak, monteren, van alle begeleidende werkzaamheden, zoals inpak, uitpak, monteren,
demonteren zonder dat deze opsomming limitatief is; demonteren zonder dat deze opsomming limitatief is;
- "meubelbewaring" : de opslagplaatsen voor meubelen en andere - "meubelbewaring" : de opslagplaatsen voor meubelen en andere
voorwerpen die dezelfde of gelijkaardige speciale voorwerpen die dezelfde of gelijkaardige speciale
bewaringsinstallaties vergen; bewaringsinstallaties vergen;
- "aanverwante activiteiten" : elk goederenvervoer dat het gebruik - "aanverwante activiteiten" : elk goederenvervoer dat het gebruik
vereist van voertuigen die speciaal uitgerust zijn zoals voor het vereist van voertuigen die speciaal uitgerust zijn zoals voor het
vervoer van meubelen en om de beschadiging tijdens het vervoer te vervoer van meubelen en om de beschadiging tijdens het vervoer te
voorkomen van diverse goederen zoals nieuwe meubelen, kunstvoorwerpen, voorkomen van diverse goederen zoals nieuwe meubelen, kunstvoorwerpen,
elektrische huishoudapparaten, archieven, enz.; elektrische huishoudapparaten, archieven, enz.;
- "voertuigen speciaal uitgerust voor het vervoer van meubelen" : elk - "voertuigen speciaal uitgerust voor het vervoer van meubelen" : elk
voertuig met vast of beweegbaar koetswerk, niet buigzaam, waterdicht, voertuig met vast of beweegbaar koetswerk, niet buigzaam, waterdicht,
binnenin voorzien van vastsnoeringsmateriaal, van een stuwinrichting, binnenin voorzien van vastsnoeringsmateriaal, van een stuwinrichting,
behoorlijk gebouwd voor het vervoer van verhuizingen en uitgerust met behoorlijk gebouwd voor het vervoer van verhuizingen en uitgerust met
klein stuw- en beschermingsmaterieel, zoals dekens, kisten, elk ander klein stuw- en beschermingsmaterieel, zoals dekens, kisten, elk ander
soortgelijk materieel, enz. soortgelijk materieel, enz.
§ 3. Onder "werklieden" wordt bedoeld : de werklieden en werksters. § 3. Onder "werklieden" wordt bedoeld : de werklieden en werksters.
HOOFDSTUK II. - Juridisch kader HOOFDSTUK II. - Juridisch kader

Art. 2.Deze collectieve arbeidsovereenkomst wordt gesloten in

Art. 2.Deze collectieve arbeidsovereenkomst wordt gesloten in

uitvoering van afdeling IV, hoofdstuk II van de wet van 26 maart 1999 uitvoering van afdeling IV, hoofdstuk II van de wet van 26 maart 1999
betreffende het Belgisch actieplan voor werkgelegenheid 1998 en betreffende het Belgisch actieplan voor werkgelegenheid 1998 en
houdende diverse bepalingen, alsook van het koninklijk besluit van 4 houdende diverse bepalingen, alsook van het koninklijk besluit van 4
juni 1999 houdende de vormvoorwaarden waaraan de collectieve juni 1999 houdende de vormvoorwaarden waaraan de collectieve
arbeidsovereenkomst en het akkoord betreffende vorming en arbeidsovereenkomst en het akkoord betreffende vorming en
tewerkstelling dienen te voldoen, alsook van de procedure tot tewerkstelling dienen te voldoen, alsook van de procedure tot
raadpleging van de werknemers die in acht dient genomen te worden bij raadpleging van de werknemers die in acht dient genomen te worden bij
de sluiting van een akkoord betreffende vorming en tewerkstelling, en de sluiting van een akkoord betreffende vorming en tewerkstelling, en
van punt 10 van het op 27 juni 2011 gesloten sectoraal van punt 10 van het op 27 juni 2011 gesloten sectoraal
protocolakkoord. protocolakkoord.
HOOFDSTUK III. - Opleiding en permanente bijscholing HOOFDSTUK III. - Opleiding en permanente bijscholing

Art. 3.De in artikel 1 van deze overeenkomst bedoelde werkgevers zijn

Art. 3.De in artikel 1 van deze overeenkomst bedoelde werkgevers zijn

voor het jaar 2014 een bijdrage verschuldigd van 0,43 pct., berekend voor het jaar 2014 een bijdrage verschuldigd van 0,43 pct., berekend
op grond van het volledige bon van de door hen tewerkgestelde op grond van het volledige bon van de door hen tewerkgestelde
werklieden. werklieden.

Art. 4.De in artikel 3 van deze overeenkomst bedoelde bijdrage wordt

Art. 4.De in artikel 3 van deze overeenkomst bedoelde bijdrage wordt

geïnd door de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid, ten bate van het geïnd door de Rijksdienst voor Sociale Zekerheid, ten bate van het
sociaal fonds van de sector. sociaal fonds van de sector.
De middelen die aldus ter beschikking worden gesteld, zullen aangewend De middelen die aldus ter beschikking worden gesteld, zullen aangewend
worden tot bevordering van de beroepsbekwaamheid en de permanente worden tot bevordering van de beroepsbekwaamheid en de permanente
bijscholing van de werklieden tewerkgesteld in de sector. bijscholing van de werklieden tewerkgesteld in de sector.

Art. 5.Vanaf 2012 worden, los van de vrijwillige permanente

Art. 5.Vanaf 2012 worden, los van de vrijwillige permanente

bijscholing, volgende opleidingen verplicht ingevoerd : bijscholing, volgende opleidingen verplicht ingevoerd :
- Eén dag initiale basisopleiding bij intrede in de sector, te volgen - Eén dag initiale basisopleiding bij intrede in de sector, te volgen
binnen een periode van uiterlijk twee maanden na indiensttreding (de binnen een periode van uiterlijk twee maanden na indiensttreding (de
loonkost voor deze dag wordt gedragen door de werkgever of enige loonkost voor deze dag wordt gedragen door de werkgever of enige
andere instelling); andere instelling);
- Drie opsplitsbare dagen permanente bijscholing, te volgen binnen de - Drie opsplitsbare dagen permanente bijscholing, te volgen binnen de
drie jaar na indiensttreding (de loonkost voor deze dagen wordt drie jaar na indiensttreding (de loonkost voor deze dagen wordt
gedragen door de werkgever). gedragen door de werkgever).

Art. 6.De onder artikel 5 vermelde opleidingen zullen enkel kunnen

Art. 6.De onder artikel 5 vermelde opleidingen zullen enkel kunnen

worden gevolgd bij een door het sociaal fonds van de sector erkend worden gevolgd bij een door het sociaal fonds van de sector erkend
opleidingscentrum. opleidingscentrum.

Art. 7.De raad van beheer van het sociaal fonds van de sector zal

Art. 7.De raad van beheer van het sociaal fonds van de sector zal

nadere regelen bepalen ter uitvoering van deze collectieve nadere regelen bepalen ter uitvoering van deze collectieve
arbeidsovereenkomst. arbeidsovereenkomst.
HOOFDSTUK IV. - Geldigheidsduur HOOFDSTUK IV. - Geldigheidsduur

Art. 8.Deze arbeidsovereenkomst heeft uitwerking met ingang van 1

Art. 8.Deze arbeidsovereenkomst heeft uitwerking met ingang van 1

januari 2014 en houdt op van kracht te zijn op 31 december 2014. januari 2014 en houdt op van kracht te zijn op 31 december 2014.
Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 9 oktober Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 9 oktober
2014. 2014.
De Minister van Werk, De Minister van Werk,
Mevr. M. DE CONINCK Mevr. M. DE CONINCK
^