Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 109 van 12 februari 2014, gesloten in de Nationale Arbeidsraad, betreffende de motivering van het ontslag | Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 109 van 12 februari 2014, gesloten in de Nationale Arbeidsraad, betreffende de motivering van het ontslag |
---|---|
FEDERALE OVERHEIDSDIENST WERKGELEGENHEID, ARBEID EN SOCIAAL OVERLEG | FEDERALE OVERHEIDSDIENST WERKGELEGENHEID, ARBEID EN SOCIAAL OVERLEG |
9 MAART 2014. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt | 9 MAART 2014. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt |
verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 109 van 12 februari | verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst nr. 109 van 12 februari |
2014, gesloten in de Nationale Arbeidsraad, betreffende de motivering | 2014, gesloten in de Nationale Arbeidsraad, betreffende de motivering |
van het ontslag (1) | van het ontslag (1) |
FILIP, Koning der Belgen, | FILIP, Koning der Belgen, |
Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. | Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. |
Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve | Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve |
arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel | arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel |
28; | 28; |
Gelet op het verzoek van de Nationale Arbeidsraad; | Gelet op het verzoek van de Nationale Arbeidsraad; |
Op de voordracht van de Minister van Werk, | Op de voordracht van de Minister van Werk, |
Hebben Wij besloten en besluiten Wij : | Hebben Wij besloten en besluiten Wij : |
Artikel 1.Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage |
Artikel 1.Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage |
overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst nr. 109 van 12 februari | overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst nr. 109 van 12 februari |
2014, gesloten in de Nationale Arbeidsraad, betreffende de motivering | 2014, gesloten in de Nationale Arbeidsraad, betreffende de motivering |
van het ontslag. | van het ontslag. |
Art. 2.De minister bevoegd voor Werk is belast met de uitvoering van |
Art. 2.De minister bevoegd voor Werk is belast met de uitvoering van |
dit besluit. | dit besluit. |
Gegeven te Brussel, 9 maart 2014. | Gegeven te Brussel, 9 maart 2014. |
FILIP | FILIP |
Van Koningswege : | Van Koningswege : |
De Minister van Werk, | De Minister van Werk, |
Mevr. M. DE CONINCK | Mevr. M. DE CONINCK |
_______ | _______ |
Nota | Nota |
(1) Verwijzing naar het Belgisch Staatsblad : | (1) Verwijzing naar het Belgisch Staatsblad : |
Wet van 5 december 1968, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969. | Wet van 5 december 1968, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969. |
Bijlage | Bijlage |
Nationale Arbeidsraad | Nationale Arbeidsraad |
Collectieve arbeidsovereenkomst nr. 109 van 12 februari 2014 | Collectieve arbeidsovereenkomst nr. 109 van 12 februari 2014 |
Motivering van het ontslag | Motivering van het ontslag |
(Overeenkomst geregistreerd op 18 februari 2014 onder het nummer | (Overeenkomst geregistreerd op 18 februari 2014 onder het nummer |
119415/CO/300) | 119415/CO/300) |
VERSLAG | VERSLAG |
Tengevolge van het arrest van het Grondwettelijk Hof van 7 juli 2011 | Tengevolge van het arrest van het Grondwettelijk Hof van 7 juli 2011 |
inzake de opzeggingstermijnen en de carenzdag startten | inzake de opzeggingstermijnen en de carenzdag startten |
onderhandelingen tussen de sociale partners en de regering over het | onderhandelingen tussen de sociale partners en de regering over het |
wegwerken van de onderscheiden behandeling van arbeiders en bedienden. | wegwerken van de onderscheiden behandeling van arbeiders en bedienden. |
Op 5 juli 2013 resulteerden deze in een regeringscompromis, waarin | Op 5 juli 2013 resulteerden deze in een regeringscompromis, waarin |
onder andere wordt voorzien dat een regeling rond motivering van het | onder andere wordt voorzien dat een regeling rond motivering van het |
ontslag en goed HR-beleid bij ontslag zou worden voorzien in een in de | ontslag en goed HR-beleid bij ontslag zou worden voorzien in een in de |
schoot van de Nationale Arbeidsraad te onderhandelen collectieve | schoot van de Nationale Arbeidsraad te onderhandelen collectieve |
arbeidsovereenkomst. | arbeidsovereenkomst. |
De wet van 26 december 2013 betreffende de invoering van een | De wet van 26 december 2013 betreffende de invoering van een |
eenheidsstatuut tussen arbeiders en bedienden inzake de | eenheidsstatuut tussen arbeiders en bedienden inzake de |
opzeggingstermijnen en de carenzdag en begeleidende maatregelen, die | opzeggingstermijnen en de carenzdag en begeleidende maatregelen, die |
dit regeringscompromis juridisch vertaalt, bepaalt in zijn artikel 38, | dit regeringscompromis juridisch vertaalt, bepaalt in zijn artikel 38, |
1° dat het artikel 63 van de wet van 3 juli 1978 zal ophouden van | 1° dat het artikel 63 van de wet van 3 juli 1978 zal ophouden van |
toepassing te zijn vanaf de inwerkingtreding van een collectieve | toepassing te zijn vanaf de inwerkingtreding van een collectieve |
arbeidsovereenkomst gesloten in de Raad, algemeen verbindend verklaard | arbeidsovereenkomst gesloten in de Raad, algemeen verbindend verklaard |
door de Koning, betreffende de motivering van het ontslag door de | door de Koning, betreffende de motivering van het ontslag door de |
werkgever, voor wat betreft de werkgevers die onder het | werkgever, voor wat betreft de werkgevers die onder het |
toepassingsgebied van de wet van 5 december 1968 vallen en hun | toepassingsgebied van de wet van 5 december 1968 vallen en hun |
werknemers. | werknemers. |
Onderhavige collectieve arbeidsovereenkomst heeft de bedoeling om | Onderhavige collectieve arbeidsovereenkomst heeft de bedoeling om |
uitvoering te geven aan deze bepaling en om hiermee de juridische | uitvoering te geven aan deze bepaling en om hiermee de juridische |
onzekerheid gepaard gaand met een onderscheiden behandeling van | onzekerheid gepaard gaand met een onderscheiden behandeling van |
arbeiders (artikel 63 van de wet van 3 juli 1978 inzake de | arbeiders (artikel 63 van de wet van 3 juli 1978 inzake de |
willekeurige afdanking) en bedienden (theorie van het rechtsmisbruik) | willekeurige afdanking) en bedienden (theorie van het rechtsmisbruik) |
inzake de mogelijkheden van een betwisting van hun ontslag, weg te | inzake de mogelijkheden van een betwisting van hun ontslag, weg te |
werken. | werken. |
Daarnaast schrijft deze collectieve arbeidsovereenkomst zich in in een | Daarnaast schrijft deze collectieve arbeidsovereenkomst zich in in een |
internationale en Europese context waarbij verschillende juridische | internationale en Europese context waarbij verschillende juridische |
instrumenten betrekking hebben op het recht van een werknemer om de | instrumenten betrekking hebben op het recht van een werknemer om de |
redenen van zijn ontslag te kennen en op het recht op bescherming | redenen van zijn ontslag te kennen en op het recht op bescherming |
tegen kennelijk onredelijk ontslag. | tegen kennelijk onredelijk ontslag. |
De Raad heeft zich laten leiden door de vaste overtuiging dat uitleg | De Raad heeft zich laten leiden door de vaste overtuiging dat uitleg |
en dialoog de misverstanden kunnen vermijden, de spanningen kunnen | en dialoog de misverstanden kunnen vermijden, de spanningen kunnen |
verminderen en de conflicten kunnen doen afnemen, die in het kader van | verminderen en de conflicten kunnen doen afnemen, die in het kader van |
een ontslag tussen de werkgever en de werknemer kunnen rijzen. Een | een ontslag tussen de werkgever en de werknemer kunnen rijzen. Een |
goed HR-beleid gaat uit van een permanente dialoog (informeel en/of | goed HR-beleid gaat uit van een permanente dialoog (informeel en/of |
formeel) tussen de werkgever en de werknemer gedurende een volledige | formeel) tussen de werkgever en de werknemer gedurende een volledige |
loopbaan. Een eventueel voorafgaand onderhoud, wanneer de werkgever | loopbaan. Een eventueel voorafgaand onderhoud, wanneer de werkgever |
voornemens is om tot ontslag over te gaan, kan zich inschrijven in | voornemens is om tot ontslag over te gaan, kan zich inschrijven in |
deze permanente dialoog. | deze permanente dialoog. |
Daarnaast zijn de sociale partners van oordeel dat indien een | Daarnaast zijn de sociale partners van oordeel dat indien een |
ontslagbeslissing wordt genomen, deze goed moet worden uitgelegd. De | ontslagbeslissing wordt genomen, deze goed moet worden uitgelegd. De |
menselijke aanpak van een ontslag in een context van wederzijds | menselijke aanpak van een ontslag in een context van wederzijds |
respect tussen de werkgever en de werknemer maakt deel uit van een | respect tussen de werkgever en de werknemer maakt deel uit van een |
goed HR-beleid. | goed HR-beleid. |
Daarom wordt in onderhavige collectieve overeenkomst een recht | Daarom wordt in onderhavige collectieve overeenkomst een recht |
ingevoerd voor een ontslagen werknemer om de concrete redenen die | ingevoerd voor een ontslagen werknemer om de concrete redenen die |
geleid hebben tot zijn ontslag te kennen. | geleid hebben tot zijn ontslag te kennen. |
De tweede krachtlijn van onderhavige collectieve arbeidsovereenkomst | De tweede krachtlijn van onderhavige collectieve arbeidsovereenkomst |
bestaat erin de contouren aan te geven voor het ontslagrecht van de | bestaat erin de contouren aan te geven voor het ontslagrecht van de |
werkgever, dat volgens de rechtspraak vandaag al niet absoluut is, net | werkgever, dat volgens de rechtspraak vandaag al niet absoluut is, net |
als ieder ander recht. | als ieder ander recht. |
De werkgever heeft wel het recht om te beslissen over de belangen van | De werkgever heeft wel het recht om te beslissen over de belangen van |
zijn onderneming, maar dat recht mag niet op onvoorzichtige en | zijn onderneming, maar dat recht mag niet op onvoorzichtige en |
onevenredige wijze worden uitgeoefend. | onevenredige wijze worden uitgeoefend. |
De collectieve arbeidsovereenkomst stelt dat een werkgever die een | De collectieve arbeidsovereenkomst stelt dat een werkgever die een |
werknemer die is aangeworven voor onbepaalde tijd na 6 maanden | werknemer die is aangeworven voor onbepaalde tijd na 6 maanden |
tewerkstelling ontslaat om redenen die geen verband houden met de | tewerkstelling ontslaat om redenen die geen verband houden met de |
geschiktheid, of het gedrag van de werknemer, of die niet berusten op | geschiktheid, of het gedrag van de werknemer, of die niet berusten op |
de noodwendigheden inzake de werking van de onderneming, de instelling | de noodwendigheden inzake de werking van de onderneming, de instelling |
of de dienst en waartoe nooit beslist zou zijn door een normale en | of de dienst en waartoe nooit beslist zou zijn door een normale en |
redelijke werkgever, een kennelijk onredelijk ontslag geeft. Hier is | redelijke werkgever, een kennelijk onredelijk ontslag geeft. Hier is |
een aparte sanctionering aan verbonden. | een aparte sanctionering aan verbonden. |
Met deze collectieve arbeidsovereenkomst willen de sociale partners | Met deze collectieve arbeidsovereenkomst willen de sociale partners |
bovendien rechtszekerheid creëren teneinde juridische betwistingen | bovendien rechtszekerheid creëren teneinde juridische betwistingen |
rond ontslag voor de rechter te voorkomen. | rond ontslag voor de rechter te voorkomen. |
Het recht om de concrete redenen die tot het ontslag hebben geleid te | Het recht om de concrete redenen die tot het ontslag hebben geleid te |
kennen | kennen |
De sociale partners zijn van oordeel dat het recht voor een werknemer | De sociale partners zijn van oordeel dat het recht voor een werknemer |
om de concrete redenen die geleid hebben tot zijn ontslag te kennen | om de concrete redenen die geleid hebben tot zijn ontslag te kennen |
een belangrijke vernieuwing is in de wijze waarop het ontslagrecht in | een belangrijke vernieuwing is in de wijze waarop het ontslagrecht in |
België tot nu toe werd opgevat. De werknemer kan gedurende een | België tot nu toe werd opgevat. De werknemer kan gedurende een |
bepaalde periode na zijn ontslag op een geformaliseerde wijze om | bepaalde periode na zijn ontslag op een geformaliseerde wijze om |
uitleg vragen over de redenen die geleid hebben tot zijn ontslag. Voor | uitleg vragen over de redenen die geleid hebben tot zijn ontslag. Voor |
de werkgever die hierop niet ingaat is daar voortaan een sanctie aan | de werkgever die hierop niet ingaat is daar voortaan een sanctie aan |
verbonden, tenzij hij dit reeds uit eigen beweging schriftelijk zou | verbonden, tenzij hij dit reeds uit eigen beweging schriftelijk zou |
gedaan hebben. | gedaan hebben. |
De bedoeling is om de werknemers zicht te geven op de redenen die aan | De bedoeling is om de werknemers zicht te geven op de redenen die aan |
de basis gelegen hebben van hun ontslag, zodat zij de redelijkheid | de basis gelegen hebben van hun ontslag, zodat zij de redelijkheid |
daarvan kunnen beoordelen, zonder dat de werkgevers een te | daarvan kunnen beoordelen, zonder dat de werkgevers een te |
formalistisch kader opgedrongen wordt. De werkgever kan deze redenen | formalistisch kader opgedrongen wordt. De werkgever kan deze redenen |
immers uit eigen beweging schriftelijk aan de werknemer meedelen of | immers uit eigen beweging schriftelijk aan de werknemer meedelen of |
als antwoord op een geformaliseerd verzoek van de werknemer; in dit | als antwoord op een geformaliseerd verzoek van de werknemer; in dit |
laatste geval dient hij dit wel bij aangetekend schrijven te doen. | laatste geval dient hij dit wel bij aangetekend schrijven te doen. |
De sociale partners menen dat het recht voor een werknemer om de | De sociale partners menen dat het recht voor een werknemer om de |
concrete redenen die geleid hebben tot zijn ontslag te kennen een | concrete redenen die geleid hebben tot zijn ontslag te kennen een |
preventief effect kan hebben ten aanzien van procedures ter betwisting | preventief effect kan hebben ten aanzien van procedures ter betwisting |
van een ontslag. Wanneer de werknemer immers geïnformeerd wordt over | van een ontslag. Wanneer de werknemer immers geïnformeerd wordt over |
de concrete redenen die aan de grondslag liggen van zijn ontslag, zal | de concrete redenen die aan de grondslag liggen van zijn ontslag, zal |
hij kunnen beoordelen of hij dit ontslag kan aanvechten op basis van | hij kunnen beoordelen of hij dit ontslag kan aanvechten op basis van |
de ervoor gegeven redenen of dat hij vrede kan nemen met de | de ervoor gegeven redenen of dat hij vrede kan nemen met de |
ontslagbeslissing van de werkgever. De werkgever wordt er toe aangezet | ontslagbeslissing van de werkgever. De werkgever wordt er toe aangezet |
om zijn beweegredenen te verduidelijken en de werknemer zal zich een | om zijn beweegredenen te verduidelijken en de werknemer zal zich een |
geïnformeerd oordeel kunnen vormen, waardoor gerechtelijke procedures | geïnformeerd oordeel kunnen vormen, waardoor gerechtelijke procedures |
kunnen vermeden worden. | kunnen vermeden worden. |
Het recht voor een werknemer om de concrete redenen die geleid hebben | Het recht voor een werknemer om de concrete redenen die geleid hebben |
tot zijn ontslag te kennen, zal er tevens voor zorgen dat hij meer | tot zijn ontslag te kennen, zal er tevens voor zorgen dat hij meer |
concrete elementen in handen kan hebben wanneer hij zijn ontslag | concrete elementen in handen kan hebben wanneer hij zijn ontslag |
aanvecht. Het zal zodoende voor de werknemer die zijn recht | aanvecht. Het zal zodoende voor de werknemer die zijn recht |
geactiveerd heeft door een verzoek aan de werkgever te richten de | geactiveerd heeft door een verzoek aan de werkgever te richten de |
rechtstoegang voor een betwisting van zijn ontslag vergemakkelijken. | rechtstoegang voor een betwisting van zijn ontslag vergemakkelijken. |
Het kennelijk onredelijk ontslag | Het kennelijk onredelijk ontslag |
De tweede krachtlijn van onderhavige collectieve arbeidsovereenkomst | De tweede krachtlijn van onderhavige collectieve arbeidsovereenkomst |
bestaat er in dat een schadevergoeding wordt voorzien voor een | bestaat er in dat een schadevergoeding wordt voorzien voor een |
werknemer die het slachtoffer is van een kennelijk onredelijk ontslag. | werknemer die het slachtoffer is van een kennelijk onredelijk ontslag. |
Een kennelijk onredelijk ontslag is een ontslag van een werknemer die | Een kennelijk onredelijk ontslag is een ontslag van een werknemer die |
is aangeworven voor onbepaalde tijd, dat gebaseerd is op redenen die | is aangeworven voor onbepaalde tijd, dat gebaseerd is op redenen die |
geen verband houden met de geschiktheid, of het gedrag van de | geen verband houden met de geschiktheid, of het gedrag van de |
werknemer, of die niet berusten op de noodwendigheden inzake de | werknemer, of die niet berusten op de noodwendigheden inzake de |
werking van de onderneming, de instelling of de dienst en waartoe | werking van de onderneming, de instelling of de dienst en waartoe |
nooit beslist zou zijn door een normale en redelijke werkgever. | nooit beslist zou zijn door een normale en redelijke werkgever. |
Bovendien wordt de uitoefening van het ontslagrecht van de werkgever | Bovendien wordt de uitoefening van het ontslagrecht van de werkgever |
afgetoetst aan hetgeen de uitoefening ervan zou zijn door een normale | afgetoetst aan hetgeen de uitoefening ervan zou zijn door een normale |
en redelijke werkgever. De werkgever heeft een beleidsvrijheid wat | en redelijke werkgever. De werkgever heeft een beleidsvrijheid wat |
betreft de leiding van zijn onderneming en kan een keuze maken tussen | betreft de leiding van zijn onderneming en kan een keuze maken tussen |
redelijke beleidsalternatieven. De toevoeging van het woord | redelijke beleidsalternatieven. De toevoeging van het woord |
"kennelijk" aan de notie "onredelijk" wil precies wijzen op de | "kennelijk" aan de notie "onredelijk" wil precies wijzen op de |
beleidsvrijheid van de werkgever en de toetsing in de marge. | beleidsvrijheid van de werkgever en de toetsing in de marge. |
Door de notie kennelijk onredelijk ontslag tonen de sociale partners | Door de notie kennelijk onredelijk ontslag tonen de sociale partners |
hun wil om te innoveren, daarbij evenwel aansluitend bij begrippen die | hun wil om te innoveren, daarbij evenwel aansluitend bij begrippen die |
reeds in rechtspraak en rechtsleer ingang hadden gevonden. Het artikel | reeds in rechtspraak en rechtsleer ingang hadden gevonden. Het artikel |
63 van de wet van 3 juli 1978 met betrekking tot de willekeurige | 63 van de wet van 3 juli 1978 met betrekking tot de willekeurige |
afdanking, dat alleen voor de werklieden gold, zal hiermee ophouden | afdanking, dat alleen voor de werklieden gold, zal hiermee ophouden |
van toepassing te zijn. Evenwel blijft de inhoud van artikel 63 van de | van toepassing te zijn. Evenwel blijft de inhoud van artikel 63 van de |
wet van 3 juli 1978 behouden tot 31 december 2015 voor de werknemers | wet van 3 juli 1978 behouden tot 31 december 2015 voor de werknemers |
waarvoor tijdelijk een verkorte opzegging van toepassing is in het | waarvoor tijdelijk een verkorte opzegging van toepassing is in het |
kader van artikel 70, § 1, van de wet van 26 december 2013. Vanaf 1 | kader van artikel 70, § 1, van de wet van 26 december 2013. Vanaf 1 |
januari 2016 zijn de bepalingen van deze collectieve | januari 2016 zijn de bepalingen van deze collectieve |
arbeidsovereenkomst op hen van toepassing. Voor de werknemers waarvoor | arbeidsovereenkomst op hen van toepassing. Voor de werknemers waarvoor |
structureel een verkorte opzegging van toepassing is in het kader van | structureel een verkorte opzegging van toepassing is in het kader van |
artikel 70, § 4, van de wet van 26 december 2013, blijft de inhoud van | artikel 70, § 4, van de wet van 26 december 2013, blijft de inhoud van |
artikel 63 van de wet van 3 juli 1978 verder gelden. | artikel 63 van de wet van 3 juli 1978 verder gelden. |
De werknemer kan evenwel nog steeds misbruik van het ontslagrecht door | De werknemer kan evenwel nog steeds misbruik van het ontslagrecht door |
de werkgever inroepen als toepassing van de burgerrechtelijke theorie | de werkgever inroepen als toepassing van de burgerrechtelijke theorie |
van het rechtsmisbruik indien hij de bestanddelen ervan kan bewijzen. | van het rechtsmisbruik indien hij de bestanddelen ervan kan bewijzen. |
Eveneens moet de werknemer dan het verband tussen de wijze van het | Eveneens moet de werknemer dan het verband tussen de wijze van het |
ontslag en de schade en de omvang van de geleden schade bewijzen. | ontslag en de schade en de omvang van de geleden schade bewijzen. |
De collectieve arbeidsovereenkomst is niet van toepassing op de | De collectieve arbeidsovereenkomst is niet van toepassing op de |
werknemers die het voorwerp uitmaken van een ontslag waarvoor de | werknemers die het voorwerp uitmaken van een ontslag waarvoor de |
werkgever een bijzondere ontslagprocedure vastgelegd bij de wet of een | werkgever een bijzondere ontslagprocedure vastgelegd bij de wet of een |
collectieve arbeidsovereenkomst moet naleven. Voor de andere | collectieve arbeidsovereenkomst moet naleven. Voor de andere |
ontslagbeschermingen (bijvoorbeeld moederschapsbescherming) geldt dat | ontslagbeschermingen (bijvoorbeeld moederschapsbescherming) geldt dat |
de vergoedingen niet kunnen gecumuleerd worden met de schadevergoeding | de vergoedingen niet kunnen gecumuleerd worden met de schadevergoeding |
toegekend voor een kennelijk onredelijk ontslag. Deze collectieve | toegekend voor een kennelijk onredelijk ontslag. Deze collectieve |
arbeidsovereenkomst raakt dus uiteraard niet aan de bestaande | arbeidsovereenkomst raakt dus uiteraard niet aan de bestaande |
ontslagbeschermingen voorzien in specifieke wetgevingen. | ontslagbeschermingen voorzien in specifieke wetgevingen. |
Aangezien de toetsing van de kennelijke onredelijkheid van het ontslag | Aangezien de toetsing van de kennelijke onredelijkheid van het ontslag |
enkel betrekking heeft op de redenen die geleid hebben tot het | enkel betrekking heeft op de redenen die geleid hebben tot het |
ontslag, maakt het recht van de werknemer om de redenen die tot het | ontslag, maakt het recht van de werknemer om de redenen die tot het |
ontslag hebben geleid te kennen hier onlosmakelijk deel van uit. | ontslag hebben geleid te kennen hier onlosmakelijk deel van uit. |
Een aantal specifieke regels ondersteunen, naast de burgerlijke boete | Een aantal specifieke regels ondersteunen, naast de burgerlijke boete |
die de collectieve arbeidsovereenkomst hiervoor voorziet, dat de | die de collectieve arbeidsovereenkomst hiervoor voorziet, dat de |
werknemer ook werkelijk kennis krijgt van de redenen die geleid hebben | werknemer ook werkelijk kennis krijgt van de redenen die geleid hebben |
tot zijn ontslag, zij het op eigen initiatief van de werkgever of in | tot zijn ontslag, zij het op eigen initiatief van de werkgever of in |
antwoord op een verzoek van de werknemer. | antwoord op een verzoek van de werknemer. |
Bij een betwisting of het ontslag al dan niet kennelijk onredelijk is, | Bij een betwisting of het ontslag al dan niet kennelijk onredelijk is, |
wordt een regeling voorzien inzake de bewijslast. | wordt een regeling voorzien inzake de bewijslast. |
Indien de werkgever de redenen van het ontslag heeft meegedeeld met | Indien de werkgever de redenen van het ontslag heeft meegedeeld met |
inachtneming van de betreffende bepalingen van de collectieve | inachtneming van de betreffende bepalingen van de collectieve |
arbeidsovereenkomst, dan draagt de partij die iets aanvoert daarvan de | arbeidsovereenkomst, dan draagt de partij die iets aanvoert daarvan de |
bewijslast. | bewijslast. |
Evenwel behoort het aan de werkgever om het bewijs te leveren van de | Evenwel behoort het aan de werkgever om het bewijs te leveren van de |
voor het ontslag ingeroepen redenen die hij niet aan de werknemer | voor het ontslag ingeroepen redenen die hij niet aan de werknemer |
heeft meegedeeld met inachtneming van de betreffende bepalingen van de | heeft meegedeeld met inachtneming van de betreffende bepalingen van de |
collectieve arbeidsovereenkomst en die aantonen dat het ontslag niet | collectieve arbeidsovereenkomst en die aantonen dat het ontslag niet |
kennelijk onredelijk is. | kennelijk onredelijk is. |
Daarnaast behoort het aan de werknemer om het bewijs te leveren van | Daarnaast behoort het aan de werknemer om het bewijs te leveren van |
elementen die wijzen op de kennelijke onredelijkheid van het ontslag | elementen die wijzen op de kennelijke onredelijkheid van het ontslag |
wanneer hij geen verzoek heeft ingediend om de redenen van zijn | wanneer hij geen verzoek heeft ingediend om de redenen van zijn |
ontslag te kennen met inachtneming van de betreffende bepalingen van | ontslag te kennen met inachtneming van de betreffende bepalingen van |
de collectieve arbeidsovereenkomst. | de collectieve arbeidsovereenkomst. |
Collectieve arbeidsovereenkomst nr. 109 van 12 februari 2014, gesloten | Collectieve arbeidsovereenkomst nr. 109 van 12 februari 2014, gesloten |
in de Nationale Arbeidsraad, betreffende de motivering van het ontslag | in de Nationale Arbeidsraad, betreffende de motivering van het ontslag |
Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve | Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve |
arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités; | arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités; |
Gelet op het voorstel dat de minister van Werk op 5 juli 2013 aan de | Gelet op het voorstel dat de minister van Werk op 5 juli 2013 aan de |
regering heeft gedaan, waarin zij de hoofdlijnen voor een oplossing | regering heeft gedaan, waarin zij de hoofdlijnen voor een oplossing |
voor de problematiek van het statuut arbeiders/bedienden voorstelt, | voor de problematiek van het statuut arbeiders/bedienden voorstelt, |
waarvan zij meent dat het bij de sociale partners een voldoende | waarvan zij meent dat het bij de sociale partners een voldoende |
draagvlak kan vinden, meer bepaald punt I. VIII "Motivering van | draagvlak kan vinden, meer bepaald punt I. VIII "Motivering van |
ontslag"; | ontslag"; |
Gelet op het artikel 38, 1°, van de wet van 26 december 2013 | Gelet op het artikel 38, 1°, van de wet van 26 december 2013 |
betreffende de invoering van een eenheidsstatuut tussen arbeiders en | betreffende de invoering van een eenheidsstatuut tussen arbeiders en |
bedienden inzake de opzeggingstermijnen en de carenzdag en | bedienden inzake de opzeggingstermijnen en de carenzdag en |
begeleidende maatregelen; | begeleidende maatregelen; |
Overwegende dat dit artikel voorziet dat het artikel 63 van de wet van | Overwegende dat dit artikel voorziet dat het artikel 63 van de wet van |
3 juli 1978 betreffende de arbeidsovereenkomsten zal ophouden van | 3 juli 1978 betreffende de arbeidsovereenkomsten zal ophouden van |
toepassing te zijn voor wat betreft de werkgevers die onder het | toepassing te zijn voor wat betreft de werkgevers die onder het |
toepassingsgebied van de wet van 5 december 1968 vallen en hun | toepassingsgebied van de wet van 5 december 1968 vallen en hun |
werknemers, vanaf de inwerkingtreding van een collectieve | werknemers, vanaf de inwerkingtreding van een collectieve |
arbeidsovereenkomst gesloten in de Raad, algemeen verbindend verklaard | arbeidsovereenkomst gesloten in de Raad, algemeen verbindend verklaard |
door de Koning, betreffende de motivering van het ontslag door de | door de Koning, betreffende de motivering van het ontslag door de |
werkgever; | werkgever; |
Overwegende het belang dat de sociale partners hechten aan een goed | Overwegende het belang dat de sociale partners hechten aan een goed |
HRM-beleid bij het ontslag; | HRM-beleid bij het ontslag; |
Overwegende dat deze collectieve arbeidsovereenkomst zich daarnaast | Overwegende dat deze collectieve arbeidsovereenkomst zich daarnaast |
inschrijft in een internationale en Europese context waarbij | inschrijft in een internationale en Europese context waarbij |
verschillende juridische instrumenten betrekking hebben op het recht | verschillende juridische instrumenten betrekking hebben op het recht |
van een werknemer om de redenen van zijn ontslag te kennen en op het | van een werknemer om de redenen van zijn ontslag te kennen en op het |
recht op bescherming tegen kennelijk onredelijk ontslag; | recht op bescherming tegen kennelijk onredelijk ontslag; |
Overwegende dat de inwerkingtreding van onderhavige overeenkomst geen | Overwegende dat de inwerkingtreding van onderhavige overeenkomst geen |
afbreuk doet aan de bijzondere ontslagprocedures vastgelegd bij wet of | afbreuk doet aan de bijzondere ontslagprocedures vastgelegd bij wet of |
collectieve arbeidsovereenkomst; | collectieve arbeidsovereenkomst; |
Hebben de navolgende interprofessionele organisaties van werkgevers en | Hebben de navolgende interprofessionele organisaties van werkgevers en |
van werknemers : | van werknemers : |
- het Verbond van Belgische Ondernemingen; | - het Verbond van Belgische Ondernemingen; |
- de nationale middenstandsorganisaties erkend overeenkomstig de | - de nationale middenstandsorganisaties erkend overeenkomstig de |
wetten betreffende de organisatie van de Middenstand, gecoördineerd op | wetten betreffende de organisatie van de Middenstand, gecoördineerd op |
28 mei 1979; | 28 mei 1979; |
- de Boerenbond; | - de Boerenbond; |
- la Fédération wallonne de l'Agriculture"; | - la Fédération wallonne de l'Agriculture"; |
- de Unie van Socialprofitondernemingen; | - de Unie van Socialprofitondernemingen; |
- het Algemeen Christelijk Vakverbond van België; | - het Algemeen Christelijk Vakverbond van België; |
- het Algemeen Belgisch Vakverbond; | - het Algemeen Belgisch Vakverbond; |
- de Algemene Centrale der Liberale Vakbonden van België; | - de Algemene Centrale der Liberale Vakbonden van België; |
op 12 februari 2014 in de Nationale Arbeidsraad de volgende | op 12 februari 2014 in de Nationale Arbeidsraad de volgende |
collectieve arbeidsovereenkomst gesloten. | collectieve arbeidsovereenkomst gesloten. |
HOOFDSTUK I. - Draagwijdte van de collectieve arbeidsovereenkomst | HOOFDSTUK I. - Draagwijdte van de collectieve arbeidsovereenkomst |
Artikel 1.Deze collectieve arbeidsovereenkomst strekt er enerzijds |
Artikel 1.Deze collectieve arbeidsovereenkomst strekt er enerzijds |
toe om het recht in te voeren voor de werknemer om de concrete redenen | toe om het recht in te voeren voor de werknemer om de concrete redenen |
die tot zijn ontslag hebben geleid, te kennen. | die tot zijn ontslag hebben geleid, te kennen. |
Anderzijds voert deze collectieve arbeidsovereenkomst het recht in | Anderzijds voert deze collectieve arbeidsovereenkomst het recht in |
voor de werknemer op een schadevergoeding indien zijn ontslag | voor de werknemer op een schadevergoeding indien zijn ontslag |
kennelijk onredelijk was | kennelijk onredelijk was |
HOOFDSTUK II. - Toepassingsgebied van de collectieve | HOOFDSTUK II. - Toepassingsgebied van de collectieve |
arbeidsovereenkomst | arbeidsovereenkomst |
Art. 2.§ 1. Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing op |
Art. 2.§ 1. Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing op |
de werknemers die zijn tewerkgesteld op grond van een | de werknemers die zijn tewerkgesteld op grond van een |
arbeidsovereenkomst en op de werkgevers die hen tewerkstellen. | arbeidsovereenkomst en op de werkgevers die hen tewerkstellen. |
§ 2. Deze collectieve arbeidsovereenkomst is evenwel niet van | § 2. Deze collectieve arbeidsovereenkomst is evenwel niet van |
toepassing op de werknemers die ontslagen worden : | toepassing op de werknemers die ontslagen worden : |
- tijdens de eerste 6 maanden van de tewerkstelling. Voorafgaande en | - tijdens de eerste 6 maanden van de tewerkstelling. Voorafgaande en |
aaneensluitende arbeidsovereenkomsten voor een bepaalde tijd of voor | aaneensluitende arbeidsovereenkomsten voor een bepaalde tijd of voor |
uitzendarbeid voor een identieke functie bij dezelfde werkgever worden | uitzendarbeid voor een identieke functie bij dezelfde werkgever worden |
meegeteld voor het bereiken van de eerste 6 maanden tewerkstelling. De | meegeteld voor het bereiken van de eerste 6 maanden tewerkstelling. De |
definitie van voorafgaande en aaneensluitende contracten is die | definitie van voorafgaande en aaneensluitende contracten is die |
waarnaar verwezen wordt in artikel 37/4 van de wet van 3 juli 1978 | waarnaar verwezen wordt in artikel 37/4 van de wet van 3 juli 1978 |
betreffende de arbeidsovereenkomsten; | betreffende de arbeidsovereenkomsten; |
- tijdens een arbeidsovereenkomst voor uitzendarbeid; | - tijdens een arbeidsovereenkomst voor uitzendarbeid; |
- tijdens een arbeidsovereenkomst voor studentenarbeid; | - tijdens een arbeidsovereenkomst voor studentenarbeid; |
- met het oog op werkloosheid met bedrijfstoeslag; | - met het oog op werkloosheid met bedrijfstoeslag; |
- om aan de voor onbepaalde tijd gesloten arbeidsovereenkomst een | - om aan de voor onbepaalde tijd gesloten arbeidsovereenkomst een |
einde te maken vanaf de eerste dag van de maand volgend op de maand | einde te maken vanaf de eerste dag van de maand volgend op de maand |
waarin de werknemer de wettelijke pensioenleeftijd bereikt; | waarin de werknemer de wettelijke pensioenleeftijd bereikt; |
- wegens de definitieve stopzetting van de activiteit; | - wegens de definitieve stopzetting van de activiteit; |
- wegens de sluiting van hun onderneming in de zin van artikel 3 van | - wegens de sluiting van hun onderneming in de zin van artikel 3 van |
de wet van 26 juni 2002 betreffende de sluiting van de ondernemingen; | de wet van 26 juni 2002 betreffende de sluiting van de ondernemingen; |
en | en |
- in het kader van een collectief ontslag. | - in het kader van een collectief ontslag. |
§ 3. Deze collectieve arbeidsovereenkomst is evenmin van toepassing op | § 3. Deze collectieve arbeidsovereenkomst is evenmin van toepassing op |
de werknemers die het voorwerp uitmaken van een ontslag waarvoor de | de werknemers die het voorwerp uitmaken van een ontslag waarvoor de |
werkgever een bijzondere ontslagprocedure vastgelegd bij de wet of een | werkgever een bijzondere ontslagprocedure vastgelegd bij de wet of een |
collectieve arbeidsovereenkomst moet naleven. | collectieve arbeidsovereenkomst moet naleven. |
Zij is ook niet van toepassing op de werknemers die het voorwerp zijn | Zij is ook niet van toepassing op de werknemers die het voorwerp zijn |
van een meervoudig ontslag bij herstructurering, zoals gedefinieerd op | van een meervoudig ontslag bij herstructurering, zoals gedefinieerd op |
sectoraal niveau. | sectoraal niveau. |
§ 4. Hoofdstuk III van deze collectieve arbeidsovereenkomst is niet | § 4. Hoofdstuk III van deze collectieve arbeidsovereenkomst is niet |
van toepassing wanneer toepassing wordt gemaakt van artikel 35 van de | van toepassing wanneer toepassing wordt gemaakt van artikel 35 van de |
wet van 3 juli 1978 betreffende de arbeidsovereenkomsten. | wet van 3 juli 1978 betreffende de arbeidsovereenkomsten. |
§ 5. Voor de werknemers waarvoor structureel een verkorte opzegging | § 5. Voor de werknemers waarvoor structureel een verkorte opzegging |
van toepassing is in het kader van artikel 70, § 4, van de wet van 26 | van toepassing is in het kader van artikel 70, § 4, van de wet van 26 |
december 2013 betreffende de invoering van een eenheidsstatuut tussen | december 2013 betreffende de invoering van een eenheidsstatuut tussen |
arbeiders en bedienden inzake de opzeggingstermijnen en de carenzdag | arbeiders en bedienden inzake de opzeggingstermijnen en de carenzdag |
en begeleidende maatregelen is alleen hoofdstuk V van deze collectieve | en begeleidende maatregelen is alleen hoofdstuk V van deze collectieve |
arbeidsovereenkomst van toepassing. | arbeidsovereenkomst van toepassing. |
Voor de werknemers waarvoor tijdelijk een verkorte opzegging van | Voor de werknemers waarvoor tijdelijk een verkorte opzegging van |
toepassing is in het kader van artikel 70, § 1, van de wet van 26 | toepassing is in het kader van artikel 70, § 1, van de wet van 26 |
december 2013 is tot 31 december 2015 alleen hoofdstuk V van deze | december 2013 is tot 31 december 2015 alleen hoofdstuk V van deze |
collectieve arbeidsovereenkomst van toepassing. Vanaf 1 januari 2016 | collectieve arbeidsovereenkomst van toepassing. Vanaf 1 januari 2016 |
vallen deze werknemers onder de toepassing van deze collectieve | vallen deze werknemers onder de toepassing van deze collectieve |
arbeidsovereenkomst, met uitzondering van hoofdstuk V. | arbeidsovereenkomst, met uitzondering van hoofdstuk V. |
Commentaar | Commentaar |
De uitsluiting van ontslagen met het oog op werkloosheid met | De uitsluiting van ontslagen met het oog op werkloosheid met |
bedrijfstoeslag en in het kader van een collectief ontslag voorzien in | bedrijfstoeslag en in het kader van een collectief ontslag voorzien in |
§ 2 doet geen afbreuk aan de gebruikelijke procedures die terzake | § 2 doet geen afbreuk aan de gebruikelijke procedures die terzake |
voorzien zijn in de toepasselijke collectieve arbeidsovereenkomsten en | voorzien zijn in de toepasselijke collectieve arbeidsovereenkomsten en |
regelgeving. | regelgeving. |
Met "bijzondere ontslagprocedures vastgelegd bij wet" in § 3 worden | Met "bijzondere ontslagprocedures vastgelegd bij wet" in § 3 worden |
bijvoorbeeld bedoeld: de procedure die dient gevolgd te worden voor | bijvoorbeeld bedoeld: de procedure die dient gevolgd te worden voor |
een ontslag van de werknemersvertegenwoordigers in de ondernemingsraad | een ontslag van de werknemersvertegenwoordigers in de ondernemingsraad |
of in het Comité voor Preventie en Bescherming op het Werk of de | of in het Comité voor Preventie en Bescherming op het Werk of de |
niet-verkozen kandidaten voor deze organen op basis van de wet van 19 | niet-verkozen kandidaten voor deze organen op basis van de wet van 19 |
maart 1991 houdende bijzondere ontslagregeling voor de | maart 1991 houdende bijzondere ontslagregeling voor de |
personeelsafgevaardigden van de ondernemingsraden en in de comités | personeelsafgevaardigden van de ondernemingsraden en in de comités |
voor veiligheid, gezondheid en verfraaiing van de werkplaatsen alsmede | voor veiligheid, gezondheid en verfraaiing van de werkplaatsen alsmede |
voor de kandidaat-personeelsafgevaardigden of de procedure die dient | voor de kandidaat-personeelsafgevaardigden of de procedure die dient |
gevolgd te worden voor een ontslag van de preventieadviseurs op basis | gevolgd te worden voor een ontslag van de preventieadviseurs op basis |
van de wet van 20 december 2002 betreffende de bescherming van de | van de wet van 20 december 2002 betreffende de bescherming van de |
preventieadviseurs. | preventieadviseurs. |
HOOFDSTUK III. - Het recht om de concrete redenen die tot het ontslag | HOOFDSTUK III. - Het recht om de concrete redenen die tot het ontslag |
hebben geleid te kennen | hebben geleid te kennen |
Art. 3.De werknemer die ontslagen wordt, heeft het recht om van zijn |
Art. 3.De werknemer die ontslagen wordt, heeft het recht om van zijn |
werkgever de concrete redenen die tot zijn ontslag hebben geleid te | werkgever de concrete redenen die tot zijn ontslag hebben geleid te |
kennen. | kennen. |
Art. 4.De werknemer die de concrete redenen die tot zijn ontslag |
Art. 4.De werknemer die de concrete redenen die tot zijn ontslag |
geleid hebben wenst te kennen, richt zijn verzoek bij aangetekende | geleid hebben wenst te kennen, richt zijn verzoek bij aangetekende |
brief tot de werkgever binnen een termijn van 2 maanden nadat de | brief tot de werkgever binnen een termijn van 2 maanden nadat de |
arbeidsovereenkomst een einde heeft genomen. | arbeidsovereenkomst een einde heeft genomen. |
Wanneer de arbeidsovereenkomst door de werkgever wordt beëindigd met | Wanneer de arbeidsovereenkomst door de werkgever wordt beëindigd met |
inachtneming van een opzeggingstermijn, richt de werknemer zijn | inachtneming van een opzeggingstermijn, richt de werknemer zijn |
verzoek tot de werkgever binnen een termijn van 6 maanden na de | verzoek tot de werkgever binnen een termijn van 6 maanden na de |
betekening van de opzegging door de werkgever, zonder evenwel 2 | betekening van de opzegging door de werkgever, zonder evenwel 2 |
maanden na het einde van de arbeidsovereenkomst te kunnen | maanden na het einde van de arbeidsovereenkomst te kunnen |
overschrijden. | overschrijden. |
Commentaar | Commentaar |
Met de dag van de betekening van de opzegging wordt bedoeld de dag | Met de dag van de betekening van de opzegging wordt bedoeld de dag |
waarop de kennisgeving van de opzegging uitwerking heeft. Wanneer de | waarop de kennisgeving van de opzegging uitwerking heeft. Wanneer de |
kennisgeving van de opzegging bij aangetekende brief gebeurt, heeft de | kennisgeving van de opzegging bij aangetekende brief gebeurt, heeft de |
kennisgeving uitwerking op de derde werkdag na de datum van de | kennisgeving uitwerking op de derde werkdag na de datum van de |
verzending (artikel 37, § 1 wet van 3 juli 1978). Een opzegging door | verzending (artikel 37, § 1 wet van 3 juli 1978). Een opzegging door |
middel van een deurwaardersexploot wordt geacht betekend te zijn op de | middel van een deurwaardersexploot wordt geacht betekend te zijn op de |
dag dat de deurwaarder zich aanbiedt. | dag dat de deurwaarder zich aanbiedt. |
Om na te gaan wanneer het verzoek werd ingediend, geldt de postdatum. | Om na te gaan wanneer het verzoek werd ingediend, geldt de postdatum. |
Art. 5.De werkgever die een verzoek in overeenstemming met artikel 4 |
Art. 5.De werkgever die een verzoek in overeenstemming met artikel 4 |
ontvangt, deelt bij aangetekende brief aan deze werknemer de concrete | ontvangt, deelt bij aangetekende brief aan deze werknemer de concrete |
redenen die tot het ontslag hebben geleid mee binnen twee maanden na | redenen die tot het ontslag hebben geleid mee binnen twee maanden na |
de ontvangst van de aangetekende brief met het verzoek van de | de ontvangst van de aangetekende brief met het verzoek van de |
werknemer. | werknemer. |
Deze aangetekende brief moet de elementen bevatten die de werknemer | Deze aangetekende brief moet de elementen bevatten die de werknemer |
toelaten om de concrete redenen die tot zijn ontslag hebben geleid te | toelaten om de concrete redenen die tot zijn ontslag hebben geleid te |
kennen. | kennen. |
Commentaar | Commentaar |
De termijn van twee maanden begint te lopen de derde werkdag na de | De termijn van twee maanden begint te lopen de derde werkdag na de |
datum van de verzending van het verzoek van de werknemer. | datum van de verzending van het verzoek van de werknemer. |
Om na te gaan wanneer de werkgever antwoordt, geldt de postdatum. | Om na te gaan wanneer de werkgever antwoordt, geldt de postdatum. |
Art. 6.In afwijking van artikel 5, is de werkgever die uit eigen |
Art. 6.In afwijking van artikel 5, is de werkgever die uit eigen |
beweging de concrete redenen die tot het ontslag van de werknemer | beweging de concrete redenen die tot het ontslag van de werknemer |
hebben geleid schriftelijk aan deze heeft meegedeeld, niet verplicht | hebben geleid schriftelijk aan deze heeft meegedeeld, niet verplicht |
om op het verzoek van de werknemer te antwoorden, voor zover deze | om op het verzoek van de werknemer te antwoorden, voor zover deze |
mededeling de elementen bevat die de werknemer toelaten om de concrete | mededeling de elementen bevat die de werknemer toelaten om de concrete |
redenen die tot zijn ontslag hebben geleid, te kennen. | redenen die tot zijn ontslag hebben geleid, te kennen. |
Art. 7.§ 1. Indien de werkgever de concrete redenen die geleid hebben |
Art. 7.§ 1. Indien de werkgever de concrete redenen die geleid hebben |
tot een door hem gegeven ontslag niet meedeelt aan de werknemer die | tot een door hem gegeven ontslag niet meedeelt aan de werknemer die |
hiertoe een verzoek heeft ingesteld met inachtneming van artikel 4 of | hiertoe een verzoek heeft ingesteld met inachtneming van artikel 4 of |
deze meedeelt zonder inachtneming van artikel 5, is een forfaitaire | deze meedeelt zonder inachtneming van artikel 5, is een forfaitaire |
burgerlijke boete die overeenstemt met 2 weken loon verschuldigd aan | burgerlijke boete die overeenstemt met 2 weken loon verschuldigd aan |
deze werknemer. | deze werknemer. |
§ 2. De boete voorzien in § 1 is niet van toepassing indien de | § 2. De boete voorzien in § 1 is niet van toepassing indien de |
werkgever uit eigen beweging de concrete redenen die geleid hebben tot | werkgever uit eigen beweging de concrete redenen die geleid hebben tot |
het ontslag van de werknemer heeft meegedeeld overeenkomstig artikel | het ontslag van de werknemer heeft meegedeeld overeenkomstig artikel |
6. | 6. |
§ 3. De boete voorzien in § 1 is cumuleerbaar met een vergoeding | § 3. De boete voorzien in § 1 is cumuleerbaar met een vergoeding |
verschuldigd op basis van artikel 9. | verschuldigd op basis van artikel 9. |
HOOFDSTUK IV. - Kennelijk onredelijk ontslag | HOOFDSTUK IV. - Kennelijk onredelijk ontslag |
Art. 8.Een kennelijk onredelijk ontslag is een ontslag van een |
Art. 8.Een kennelijk onredelijk ontslag is een ontslag van een |
werknemer die is aangeworven voor onbepaalde tijd, dat gebaseerd is op | werknemer die is aangeworven voor onbepaalde tijd, dat gebaseerd is op |
redenen die geen verband houden met de geschiktheid of het gedrag van | redenen die geen verband houden met de geschiktheid of het gedrag van |
de werknemer of die niet berusten op de noodwendigheden inzake de | de werknemer of die niet berusten op de noodwendigheden inzake de |
werking van de onderneming, de instelling of de dienst en waartoe | werking van de onderneming, de instelling of de dienst en waartoe |
nooit beslist zou zijn door een normale en redelijke werkgever. | nooit beslist zou zijn door een normale en redelijke werkgever. |
Commentaar | Commentaar |
De toetsing van de kennelijke onredelijkheid van het ontslag heeft | De toetsing van de kennelijke onredelijkheid van het ontslag heeft |
geen betrekking op de omstandigheden van het ontslag. Men toetst of de | geen betrekking op de omstandigheden van het ontslag. Men toetst of de |
redenen al dan niet verband houden met de geschiktheid of het gedrag | redenen al dan niet verband houden met de geschiktheid of het gedrag |
van de werknemer of zij berusten op de noodwendigheden inzake de | van de werknemer of zij berusten op de noodwendigheden inzake de |
werking van de onderneming, de instelling of de dienst en of de | werking van de onderneming, de instelling of de dienst en of de |
beslissing nooit zou genomen zijn door een normale en redelijke | beslissing nooit zou genomen zijn door een normale en redelijke |
werkgever. | werkgever. |
Bovendien wordt de uitoefening van het ontslagrecht van de werkgever | Bovendien wordt de uitoefening van het ontslagrecht van de werkgever |
afgetoetst aan hetgeen de uitoefening ervan zou zijn door een normale | afgetoetst aan hetgeen de uitoefening ervan zou zijn door een normale |
en redelijke werkgever. Het betreft een beoordelingsbevoegdheid aan de | en redelijke werkgever. Het betreft een beoordelingsbevoegdheid aan de |
marge gezien de werkgever tot op grote hoogte vrij is te beslissen | marge gezien de werkgever tot op grote hoogte vrij is te beslissen |
over wat redelijk is: er dient respect te zijn voor de verschillende | over wat redelijk is: er dient respect te zijn voor de verschillende |
beleidsalternatieven die een normale en redelijke werkgever zou | beleidsalternatieven die een normale en redelijke werkgever zou |
overwegen. | overwegen. |
Het gaat dus om een marginale toetsing. Alleen de kennelijke | Het gaat dus om een marginale toetsing. Alleen de kennelijke |
onredelijkheid van het ontslag mag getoetst worden en niet de | onredelijkheid van het ontslag mag getoetst worden en niet de |
opportuniteit van het beleid van de werkgever (te verstaan als zijn | opportuniteit van het beleid van de werkgever (te verstaan als zijn |
keuze uit de verschillende redelijke beleidsalternatieven die hij | keuze uit de verschillende redelijke beleidsalternatieven die hij |
heeft). De toevoeging van het woord "kennelijk" aan de notie | heeft). De toevoeging van het woord "kennelijk" aan de notie |
"onredelijk" wil precies wijzen op de beleidsvrijheid van de werkgever | "onredelijk" wil precies wijzen op de beleidsvrijheid van de werkgever |
en de toetsing in de marge. Deze laatste is ook ingegeven door de | en de toetsing in de marge. Deze laatste is ook ingegeven door de |
praktische onmogelijkheid om het beleid van de werkgever meer dan | praktische onmogelijkheid om het beleid van de werkgever meer dan |
marginaal te controleren. | marginaal te controleren. |
Art. 9.§ 1. De werkgever is in geval van een kennelijk onredelijk |
Art. 9.§ 1. De werkgever is in geval van een kennelijk onredelijk |
ontslag een schadevergoeding aan de werknemer verschuldigd. | ontslag een schadevergoeding aan de werknemer verschuldigd. |
§ 2. De schadevergoeding die aan de werknemer wordt toegekend, stemt | § 2. De schadevergoeding die aan de werknemer wordt toegekend, stemt |
overeen met minimaal 3 weken loon en maximaal 17 weken loon. | overeen met minimaal 3 weken loon en maximaal 17 weken loon. |
§ 3. De schadevergoeding is niet cumuleerbaar met enige andere | § 3. De schadevergoeding is niet cumuleerbaar met enige andere |
vergoeding die verschuldigd is door de werkgever naar aanleiding van | vergoeding die verschuldigd is door de werkgever naar aanleiding van |
de beëindiging van de arbeidsovereenkomst, met uitzondering van een | de beëindiging van de arbeidsovereenkomst, met uitzondering van een |
opzeggingsvergoeding, een niet-concurrentie-vergoeding, een | opzeggingsvergoeding, een niet-concurrentie-vergoeding, een |
uitwinningsvergoeding of een aanvullende vergoeding die bovenop de | uitwinningsvergoeding of een aanvullende vergoeding die bovenop de |
sociale uitkeringen wordt betaald. | sociale uitkeringen wordt betaald. |
Commentaar | Commentaar |
De hoogte van de schadevergoeding hangt af van de gradatie van de | De hoogte van de schadevergoeding hangt af van de gradatie van de |
kennelijke onredelijkheid van het ontslag | kennelijke onredelijkheid van het ontslag |
In de plaats van de in dit artikel bedoelde sanctie staat het de | In de plaats van de in dit artikel bedoelde sanctie staat het de |
werknemer vrij de vergoeding van zijn reële schade te vragen, | werknemer vrij de vergoeding van zijn reële schade te vragen, |
overeenkomstig de bepalingen van het Burgerlijk Wetboek. | overeenkomstig de bepalingen van het Burgerlijk Wetboek. |
Art. 10.Bij betwisting wordt de bewijslast tussen de werkgever en de |
Art. 10.Bij betwisting wordt de bewijslast tussen de werkgever en de |
werknemer als volgt geregeld : | werknemer als volgt geregeld : |
- Indien de werkgever de redenen van het ontslag heeft meegedeeld met | - Indien de werkgever de redenen van het ontslag heeft meegedeeld met |
inachtneming van artikel 5 of 6, draagt de partij die iets aanvoert | inachtneming van artikel 5 of 6, draagt de partij die iets aanvoert |
daarvan de bewijslast. | daarvan de bewijslast. |
- Het behoort aan de werkgever om het bewijs te leveren van de voor | - Het behoort aan de werkgever om het bewijs te leveren van de voor |
het ontslag ingeroepen redenen die hij niet aan de werknemer heeft | het ontslag ingeroepen redenen die hij niet aan de werknemer heeft |
meegedeeld met inachtneming van artikel 5 of 6 en die aantonen dat het | meegedeeld met inachtneming van artikel 5 of 6 en die aantonen dat het |
ontslag niet kennelijk onredelijk is. | ontslag niet kennelijk onredelijk is. |
- Het behoort aan de werknemer om het bewijs te leveren van elementen | - Het behoort aan de werknemer om het bewijs te leveren van elementen |
die wijzen op de kennelijke onredelijkheid van het ontslag wanneer hij | die wijzen op de kennelijke onredelijkheid van het ontslag wanneer hij |
geen verzoek heeft ingediend om de redenen van zijn ontslag te kennen | geen verzoek heeft ingediend om de redenen van zijn ontslag te kennen |
met inachtneming van artikel 4. | met inachtneming van artikel 4. |
HOOFDSTUK V. - Overige bepalingen | HOOFDSTUK V. - Overige bepalingen |
Art. 11.Voor de bij artikel 2, § 5, bedoelde werknemers waarop dit |
Art. 11.Voor de bij artikel 2, § 5, bedoelde werknemers waarop dit |
hoofdstuk van toepassing is wordt onder willekeurige afdanking | hoofdstuk van toepassing is wordt onder willekeurige afdanking |
verstaan een ontslag van een werknemer die is aangeworven voor een | verstaan een ontslag van een werknemer die is aangeworven voor een |
onbepaalde tijd, om redenen die geen verband houden met de | onbepaalde tijd, om redenen die geen verband houden met de |
geschiktheid of het gedrag van de werknemer of die niet berusten op de | geschiktheid of het gedrag van de werknemer of die niet berusten op de |
noodwendigheden inzake de werking van de onderneming, de instelling of | noodwendigheden inzake de werking van de onderneming, de instelling of |
de dienst. | de dienst. |
Bij betwisting behoort het aan de werkgever het bewijs te leveren van | Bij betwisting behoort het aan de werkgever het bewijs te leveren van |
de voor het ontslag ingeroepen redenen. | de voor het ontslag ingeroepen redenen. |
Onverminderd artikel 39, § 1, van de wet van 3 juli 1978, zal de | Onverminderd artikel 39, § 1, van de wet van 3 juli 1978, zal de |
werkgever die een voor een onbepaalde tijd aangeworven werknemer op | werkgever die een voor een onbepaalde tijd aangeworven werknemer op |
willekeurige wijze afdankt, aan deze werknemer een vergoeding moeten | willekeurige wijze afdankt, aan deze werknemer een vergoeding moeten |
betalen die overeenstemt met het loon van 6 maanden, behalve indien | betalen die overeenstemt met het loon van 6 maanden, behalve indien |
een andere vergoeding is vastgesteld door een door de Koning algemeen | een andere vergoeding is vastgesteld door een door de Koning algemeen |
verbindend verklaarde collectieve arbeidsovereenkomst. | verbindend verklaarde collectieve arbeidsovereenkomst. |
De in het derde lid bedoelde vergoeding is verschuldigd onafgezien van | De in het derde lid bedoelde vergoeding is verschuldigd onafgezien van |
het feit of de werknemer al dan niet met inachtneming van een | het feit of de werknemer al dan niet met inachtneming van een |
opzeggingstermijn werd afgedankt; zij kan niet samen genoten worden | opzeggingstermijn werd afgedankt; zij kan niet samen genoten worden |
met de vergoeding voorzien in artikel 40 van de Arbeidswet van 16 | met de vergoeding voorzien in artikel 40 van de Arbeidswet van 16 |
maart 1971, in de artikelen 16 tot 18 van de wet van 19 maart 1991 | maart 1971, in de artikelen 16 tot 18 van de wet van 19 maart 1991 |
houdende bijzondere ontslagregeling voor de personeelsafgevaardigden | houdende bijzondere ontslagregeling voor de personeelsafgevaardigden |
in de ondernemingsraden en in de comités voor veiligheid, gezondheid | in de ondernemingsraden en in de comités voor veiligheid, gezondheid |
en verfraaiing van de werkplaatsen alsmede voor de | en verfraaiing van de werkplaatsen alsmede voor de |
kandidaat-personeelsafgevaardigden of in artikel 118, § 3, van de | kandidaat-personeelsafgevaardigden of in artikel 118, § 3, van de |
herstelwet van 22 januari 1985 houdende sociale bepalingen. | herstelwet van 22 januari 1985 houdende sociale bepalingen. |
HOOFDSTUK VI. - Inwerkingstreding | HOOFDSTUK VI. - Inwerkingstreding |
Art. 12.Deze collectieve arbeidsovereenkomst wordt gesloten voor |
Art. 12.Deze collectieve arbeidsovereenkomst wordt gesloten voor |
onbepaalde duur. Zij treedt in werking op 1 april 2014 voor de | onbepaalde duur. Zij treedt in werking op 1 april 2014 voor de |
ontslagen gegeven of betekend vanaf die datum | ontslagen gegeven of betekend vanaf die datum |
Zij kan op verzoek van de meest gerede ondertekenende partij worden | Zij kan op verzoek van de meest gerede ondertekenende partij worden |
herzien of opgezegd met inachtneming van een opzeggingstermijn van zes | herzien of opgezegd met inachtneming van een opzeggingstermijn van zes |
maanden. | maanden. |
De organisatie die het initiatief tot herziening of opzegging neemt, | De organisatie die het initiatief tot herziening of opzegging neemt, |
moet in een gewone brief aan de Voorzitter van de Nationale | moet in een gewone brief aan de Voorzitter van de Nationale |
Arbeidsraad de redenen ervan aangeven en amendementsvoorstellen | Arbeidsraad de redenen ervan aangeven en amendementsvoorstellen |
indienen. De andere organisaties verbinden zich ertoe deze binnen een | indienen. De andere organisaties verbinden zich ertoe deze binnen een |
maand na ontvangst ervan in de Nationale Arbeidsraad te bespreken. | maand na ontvangst ervan in de Nationale Arbeidsraad te bespreken. |
Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 9 maart | Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 9 maart |
2014. | 2014. |
De Minister van Werk, | De Minister van Werk, |
Mevr. M. DE CONINCK | Mevr. M. DE CONINCK |