Koninklijk besluit tot vaststelling, voor de ondernemingen die onder het Paritair Subcomité voor het faience- en het porseleinbedrijf, de sanitaire artikelen en de schuurproducten en het ceramisch aardewerk ressorteren, van de voorwaarden waaronder het gebrek aan werk wegens economische oorzaken de uitvoering van de arbeidsovereenkomst voor werklieden schorst (1) | Koninklijk besluit tot vaststelling, voor de ondernemingen die onder het Paritair Subcomité voor het faience- en het porseleinbedrijf, de sanitaire artikelen en de schuurproducten en het ceramisch aardewerk ressorteren, van de voorwaarden waaronder het gebrek aan werk wegens economische oorzaken de uitvoering van de arbeidsovereenkomst voor werklieden schorst (1) |
---|---|
FEDERALE OVERHEIDSDIENST WERKGELEGENHEID, ARBEID EN SOCIAAL OVERLEG | FEDERALE OVERHEIDSDIENST WERKGELEGENHEID, ARBEID EN SOCIAAL OVERLEG |
8 MAART 2009. - Koninklijk besluit tot vaststelling, voor de | 8 MAART 2009. - Koninklijk besluit tot vaststelling, voor de |
ondernemingen die onder het Paritair Subcomité voor het faience- en | ondernemingen die onder het Paritair Subcomité voor het faience- en |
het porseleinbedrijf, de sanitaire artikelen en de schuurproducten en | het porseleinbedrijf, de sanitaire artikelen en de schuurproducten en |
het ceramisch aardewerk (PSC nr. 113.01) ressorteren, van de | het ceramisch aardewerk (PSC nr. 113.01) ressorteren, van de |
voorwaarden waaronder het gebrek aan werk wegens economische oorzaken | voorwaarden waaronder het gebrek aan werk wegens economische oorzaken |
de uitvoering van de arbeidsovereenkomst voor werklieden schorst (1) | de uitvoering van de arbeidsovereenkomst voor werklieden schorst (1) |
ALBERT II, Koning der Belgen, | ALBERT II, Koning der Belgen, |
Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. | Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. |
Gelet op de wet van 3 juli 1978 betreffende de arbeidsovereenkomsten, | Gelet op de wet van 3 juli 1978 betreffende de arbeidsovereenkomsten, |
artikel 51, § 1, vervangen bij de wet van 30 december 2001; | artikel 51, § 1, vervangen bij de wet van 30 december 2001; |
Gelet op het advies van het Paritair Subcomité voor het faience- en | Gelet op het advies van het Paritair Subcomité voor het faience- en |
het porseleinbedrijf, de sanitaire artikelen en de schuurproducten en | het porseleinbedrijf, de sanitaire artikelen en de schuurproducten en |
het ceramische aardewerk, gegeven op 30 januari 2009; | het ceramische aardewerk, gegeven op 30 januari 2009; |
Gelet op de dringende noodzakelijkheid; | Gelet op de dringende noodzakelijkheid; |
Overwegende dat de economische activiteit in de ondernemingen van de | Overwegende dat de economische activiteit in de ondernemingen van de |
sector van het faience- en het porseleinbedrijf, de sanitaire | sector van het faience- en het porseleinbedrijf, de sanitaire |
artikelen en de schuurproducten en het ceramisch aardewerk, wezenlijk | artikelen en de schuurproducten en het ceramisch aardewerk, wezenlijk |
en onverwachts achteruitgaat door het uitstel of annulering van | en onverwachts achteruitgaat door het uitstel of annulering van |
bestellingen in een context van globale recessie en bestaande sociale | bestellingen in een context van globale recessie en bestaande sociale |
dumping in bepaalde landen; | dumping in bepaalde landen; |
Overwegende dat het onmogelijk is om op korte termijn de evolutie van | Overwegende dat het onmogelijk is om op korte termijn de evolutie van |
de crisis te voorspellen en dus de eventuele herneming van de | de crisis te voorspellen en dus de eventuele herneming van de |
activiteiten; | activiteiten; |
Overwegende dat de huidige economische toestand het spoedig invoeren | Overwegende dat de huidige economische toestand het spoedig invoeren |
van een regeling van schorsing van de uitvoering van de | van een regeling van schorsing van de uitvoering van de |
arbeidsovereenkomst voor werklieden rechtvaardigt voor de | arbeidsovereenkomst voor werklieden rechtvaardigt voor de |
ondernemingen die onder het Paritair Subcomité voor het faience- en | ondernemingen die onder het Paritair Subcomité voor het faience- en |
het porseleinbedrijf, de sanitaire artikelen en de schuurproducten en | het porseleinbedrijf, de sanitaire artikelen en de schuurproducten en |
het ceramisch aardewerk ressorteren; | het ceramisch aardewerk ressorteren; |
Op de voordracht van de Minister van Werk, | Op de voordracht van de Minister van Werk, |
Hebben Wij besloten en besluiten Wij : | Hebben Wij besloten en besluiten Wij : |
Artikel 1.Dit besluit is van toepassing op de werkgevers en op de |
Artikel 1.Dit besluit is van toepassing op de werkgevers en op de |
werklieden van de ondernemingen die onder het Paritair Subcomité voor | werklieden van de ondernemingen die onder het Paritair Subcomité voor |
het faience- en het porseleinbedrijf, de sanitaire artikelen en de | het faience- en het porseleinbedrijf, de sanitaire artikelen en de |
schuurproducten en het ceramisch aardewerk ressorteren. | schuurproducten en het ceramisch aardewerk ressorteren. |
Art. 2.Bij gebrek aan werk wegens economische oorzaken, mag de |
Art. 2.Bij gebrek aan werk wegens economische oorzaken, mag de |
uitvoering van de arbeidsovereenkomst voor werklieden volledig worden | uitvoering van de arbeidsovereenkomst voor werklieden volledig worden |
geschorst, mits ervan kennis wordt gegeven door aanplakking op een | geschorst, mits ervan kennis wordt gegeven door aanplakking op een |
goed zichtbare plaats in de lokalen van de onderneming, ten minste | goed zichtbare plaats in de lokalen van de onderneming, ten minste |
zeven dagen vooraf, de dag van de aanplakking niet inbegrepen. | zeven dagen vooraf, de dag van de aanplakking niet inbegrepen. |
De aanplakking kan worden vervangen door een geschreven kennisgeving | De aanplakking kan worden vervangen door een geschreven kennisgeving |
aan iedere werkloos gestelde werkman, ten minste zeven dagen vooraf, | aan iedere werkloos gestelde werkman, ten minste zeven dagen vooraf, |
de dag van de kennisgeving niet inbegrepen. | de dag van de kennisgeving niet inbegrepen. |
Art. 3.- De duur van de volledige schorsing van de uitvoering van de |
Art. 3.- De duur van de volledige schorsing van de uitvoering van de |
arbeidsovereenkomst voor werklieden bij gebrek aan werk wegens | arbeidsovereenkomst voor werklieden bij gebrek aan werk wegens |
economische oorzaken mag dertien weken niet overschrijden. Wanneer de | economische oorzaken mag dertien weken niet overschrijden. Wanneer de |
volledige schorsing van de uitvoering van de overeenkomst de voorziene | volledige schorsing van de uitvoering van de overeenkomst de voorziene |
maximumduur heeft bereikt, moet de werkgever gedurende een volledige | maximumduur heeft bereikt, moet de werkgever gedurende een volledige |
arbeidsweek de regeling van volledige arbeid opnieuw invoeren, | arbeidsweek de regeling van volledige arbeid opnieuw invoeren, |
alvorens een nieuwe volledige schorsing kan ingaan. | alvorens een nieuwe volledige schorsing kan ingaan. |
Art. 4.Met toepassing van artikel 51, § 1, vijfde lid van de wet van |
Art. 4.Met toepassing van artikel 51, § 1, vijfde lid van de wet van |
3 juli 1978 betreffende de arbeidsovereenkomsten, vermelden de in | 3 juli 1978 betreffende de arbeidsovereenkomsten, vermelden de in |
artikel 2 bedoelde kennisgeving en aanplakking de datum waarop de | artikel 2 bedoelde kennisgeving en aanplakking de datum waarop de |
volledige schorsing van de uitvoering van de overeenkomst ingaat, de | volledige schorsing van de uitvoering van de overeenkomst ingaat, de |
datum waarop deze schorsing een einde neemt en de data waarop de | datum waarop deze schorsing een einde neemt en de data waarop de |
werklieden werkloos gesteld worden. | werklieden werkloos gesteld worden. |
Art. 5.Dit besluit heeft uitwerking met ingang van 1 februari 2009 en |
Art. 5.Dit besluit heeft uitwerking met ingang van 1 februari 2009 en |
treedt buiten werking op 1 juli 2009. | treedt buiten werking op 1 juli 2009. |
Art. 6.De Minister bevoegd voor Werk is belast met de uitvoering van |
Art. 6.De Minister bevoegd voor Werk is belast met de uitvoering van |
dit besluit. | dit besluit. |
Gegeven te Brussel, 8 maart 2009. | Gegeven te Brussel, 8 maart 2009. |
ALBERT | ALBERT |
Van Koningswege : | Van Koningswege : |
De Vice-Eerste Minister | De Vice-Eerste Minister |
en Minister van Werk en Gelijke Kansen, | en Minister van Werk en Gelijke Kansen, |
Mevr. J. MILQUET | Mevr. J. MILQUET |
Nota | Nota |
(1) Verwijzingen naar het Belgisch Staatsblad : | (1) Verwijzingen naar het Belgisch Staatsblad : |
Wet van 3 juli 1978, Belgisch Staatsblad van 22 augustus 1978. | Wet van 3 juli 1978, Belgisch Staatsblad van 22 augustus 1978. |
Wet van 30 december 2001, Belgisch Staatsblad van 31 december 2001. | Wet van 30 december 2001, Belgisch Staatsblad van 31 december 2001. |