Etaamb.openjustice.be
Meertalige weergave van Koninklijk Besluit van 08/02/2023
← Terug naar "Koninklijk besluit tot wijziging van de artikelen 3, 35, 46, 60, 64, 66 en 68 en de invoering van een artikel 67bis in het koninklijk besluit van 30 maart 1967 tot bepaling van de algemene uitvoeringsmodaliteiten van de wetten betreffende de jaarlijkse vakantie van de werknemers "
Koninklijk besluit tot wijziging van de artikelen 3, 35, 46, 60, 64, 66 en 68 en de invoering van een artikel 67bis in het koninklijk besluit van 30 maart 1967 tot bepaling van de algemene uitvoeringsmodaliteiten van de wetten betreffende de jaarlijkse vakantie van de werknemers Koninklijk besluit tot wijziging van de artikelen 3, 35, 46, 60, 64, 66 en 68 en de invoering van een artikel 67bis in het koninklijk besluit van 30 maart 1967 tot bepaling van de algemene uitvoeringsmodaliteiten van de wetten betreffende de jaarlijkse vakantie van de werknemers
FEDERALE OVERHEIDSDIENST SOCIALE ZEKERHEID FEDERALE OVERHEIDSDIENST SOCIALE ZEKERHEID
8 FEBRUARI 2023. - Koninklijk besluit tot wijziging van de artikelen 8 FEBRUARI 2023. - Koninklijk besluit tot wijziging van de artikelen
3, 35, 46, 60, 64, 66 en 68 en de invoering van een artikel 67bis in 3, 35, 46, 60, 64, 66 en 68 en de invoering van een artikel 67bis in
het koninklijk besluit van 30 maart 1967 tot bepaling van de algemene het koninklijk besluit van 30 maart 1967 tot bepaling van de algemene
uitvoeringsmodaliteiten van de wetten betreffende de jaarlijkse uitvoeringsmodaliteiten van de wetten betreffende de jaarlijkse
vakantie van de werknemers vakantie van de werknemers
VERSLAG AAN DE KONING VERSLAG AAN DE KONING
Sire, Sire,
Het koninklijk besluit waarvan ik de eer heb aan uwe Majesteit ter Het koninklijk besluit waarvan ik de eer heb aan uwe Majesteit ter
ondertekening voor te leggen, heeft als doel, in het stelsel van de ondertekening voor te leggen, heeft als doel, in het stelsel van de
jaarlijkse vakantie, uitvoering te geven aan de artikelen 8 en 16 van jaarlijkse vakantie, uitvoering te geven aan de artikelen 8 en 16 van
de wetten betreffende de jaarlijkse vakantie van de werknemers, de wetten betreffende de jaarlijkse vakantie van de werknemers,
gecoördineerd op 28 juni 1971. gecoördineerd op 28 juni 1971.
De wijzigingen aan de artikelen 3, 35, 46, 60, 64, 66 en 68 en de De wijzigingen aan de artikelen 3, 35, 46, 60, 64, 66 en 68 en de
invoering van het artikel 67bis van het koninklijk besluit van 30 invoering van het artikel 67bis van het koninklijk besluit van 30
maart 1967 tot bepaling van de algemene uitvoeringsmodaliteiten van de maart 1967 tot bepaling van de algemene uitvoeringsmodaliteiten van de
wetten betreffende de jaarlijkse vakantie van de werknemers hebben als wetten betreffende de jaarlijkse vakantie van de werknemers hebben als
doelstelling de Belgische wetgeving aan te passen aan de Europese doelstelling de Belgische wetgeving aan te passen aan de Europese
rechtspraak en aan de richtlijn 2003/88/EG van 4 november 2003 rechtspraak en aan de richtlijn 2003/88/EG van 4 november 2003
betreffende de aspecten van de organisatie en de arbeidstijd, in het betreffende de aspecten van de organisatie en de arbeidstijd, in het
bijzonder aan artikel 7 die de lidstaten de verplichting oplegt om de bijzonder aan artikel 7 die de lidstaten de verplichting oplegt om de
nodige maatregelen te treffen opdat aan alle werknemers jaarlijks een nodige maatregelen te treffen opdat aan alle werknemers jaarlijks een
vakantie met behoud van loon van ten minste vier weken wordt vakantie met behoud van loon van ten minste vier weken wordt
toegekend. Het recht op het jaarlijks verlof moet de werknemer in toegekend. Het recht op het jaarlijks verlof moet de werknemer in
staat stellen om uit te rusten van de uitvoering van de hem door zijn staat stellen om uit te rusten van de uitvoering van de hem door zijn
arbeidsovereenkomst opgelegde taken, en om over een periode van arbeidsovereenkomst opgelegde taken, en om over een periode van
ontspanning en vrije tijd te beschikken. ontspanning en vrije tijd te beschikken.
Daarnaast moet de werknemer, bij een arbeidsongeval, een Daarnaast moet de werknemer, bij een arbeidsongeval, een
beroepsziekte, een gewone ziekte, een gewoon ongeval, een beroepsziekte, een gewone ziekte, een gewoon ongeval, een
moederschapsrust of een vaderschapsverlof, bedoeld in artikel 39 van moederschapsrust of een vaderschapsverlof, bedoeld in artikel 39 van
de arbeidswet van 16 maart 1971, een vaderschapsverlof bedoeld in de de arbeidswet van 16 maart 1971, een vaderschapsverlof bedoeld in de
wet van 3 juli 1978 betreffende de arbeidsovereenkomsten, een wet van 3 juli 1978 betreffende de arbeidsovereenkomsten, een
adoptieverlof, een profylactisch verlof, een verlof voor pleegzorg adoptieverlof, een profylactisch verlof, een verlof voor pleegzorg
bedoeld in artikel 30quater van voornoemde wet van 3 juli 1978 of een bedoeld in artikel 30quater van voornoemde wet van 3 juli 1978 of een
pleegouderverlof bedoeld in artikel 30sexies van voornoemde wet van 3 pleegouderverlof bedoeld in artikel 30sexies van voornoemde wet van 3
juli 1978 zijn vakantie opnemen tot bij het verstrijken van de 24 juli 1978 zijn vakantie opnemen tot bij het verstrijken van de 24
maanden die volgen tot op het einde het vakantiejaar waarop deze nog maanden die volgen tot op het einde het vakantiejaar waarop deze nog
op te nemen vakantiedagen betrekking hebben. op te nemen vakantiedagen betrekking hebben.
Tot slot mogen de dagen van arbeidsonderbreking omwille van een Tot slot mogen de dagen van arbeidsonderbreking omwille van een
arbeidsongeval, een beroepsziekte, een gewone ziekte, een gewoon arbeidsongeval, een beroepsziekte, een gewone ziekte, een gewoon
ongeval, een moederschapsrust of een vaderschapsverlof, bedoeld in ongeval, een moederschapsrust of een vaderschapsverlof, bedoeld in
artikel 39 van de arbeidswet van 16 maart 1971, een vaderschapsverlof artikel 39 van de arbeidswet van 16 maart 1971, een vaderschapsverlof
bedoeld in de wet van 3 juli 1978 betreffende de bedoeld in de wet van 3 juli 1978 betreffende de
arbeidsovereenkomsten, een profylactisch verlof, een adoptieverlof, arbeidsovereenkomsten, een profylactisch verlof, een adoptieverlof,
een verlof voor pleegzorg bedoeld in artikel 30quater van voornoemde een verlof voor pleegzorg bedoeld in artikel 30quater van voornoemde
wet van 3 juli 1978 of een pleegouderverlof bedoeld in artikel wet van 3 juli 1978 of een pleegouderverlof bedoeld in artikel
30sexies van voornoemde wet van 3 juli 1978 niet als jaarlijkse 30sexies van voornoemde wet van 3 juli 1978 niet als jaarlijkse
vakantiedagen worden aangerekend, ook niet als deze oorzaken zich vakantiedagen worden aangerekend, ook niet als deze oorzaken zich
voordoen tijdens de vakantie. voordoen tijdens de vakantie.
Met betrekking tot de opmerking in punt 8 van het advies nr. 72.655/1 Met betrekking tot de opmerking in punt 8 van het advies nr. 72.655/1
van de Raad van State over het verschil in behandeling voor wat de van de Raad van State over het verschil in behandeling voor wat de
volledige werkverwijdering van moederschapsbescherming betreft, kan volledige werkverwijdering van moederschapsbescherming betreft, kan
het volgende worden opgemerkt. het volgende worden opgemerkt.
Voor een volledige werkverwijdering als maatregel van Voor een volledige werkverwijdering als maatregel van
moederschapsbescherming blijft de huidige maatregel, waarbij de opname moederschapsbescherming blijft de huidige maatregel, waarbij de opname
van de vakantie mogelijk blijft tot 12 maanden na het einde van het van de vakantie mogelijk blijft tot 12 maanden na het einde van het
vakantiedienstjaar, van kracht. De sociale partners hebben in hun vakantiedienstjaar, van kracht. De sociale partners hebben in hun
advies nr. 2268 van 21 december 2021 gesteld dat deze schorsingsgrond advies nr. 2268 van 21 december 2021 gesteld dat deze schorsingsgrond
op zich geen beletsel vormt voor de theoretische uitoefening van het op zich geen beletsel vormt voor de theoretische uitoefening van het
recht op vakantie, en dit om redenen die verband houden met de recht op vakantie, en dit om redenen die verband houden met de
arbeidsorganisatie. Indien de verwijderde werkneemster echter aan de arbeidsorganisatie. Indien de verwijderde werkneemster echter aan de
hand van een medisch getuigschrift dat aan de werkgever wordt hand van een medisch getuigschrift dat aan de werkgever wordt
overgemaakt, bewijst dat zij haar vakantie om gezondheidsredenen overgemaakt, bewijst dat zij haar vakantie om gezondheidsredenen
onmogelijk kan opnemen tijdens de periode van werkverwijdering, dan onmogelijk kan opnemen tijdens de periode van werkverwijdering, dan
moet zij in aanmerking kunnen komen voor een overdracht van 24 moet zij in aanmerking kunnen komen voor een overdracht van 24
maanden. maanden.
Het besluit werd aangepast aan de bemerkingen geformuleerd door de Het besluit werd aangepast aan de bemerkingen geformuleerd door de
Raad van State in zijn advies nr. 72.655/1 van 29 december 2022. Raad van State in zijn advies nr. 72.655/1 van 29 december 2022.
Artikelsgewijze bespreking Artikelsgewijze bespreking
Artikel 1 Artikel 1
In dit artikel wordt artikel 3 van het koninklijk besluit van 30 maart In dit artikel wordt artikel 3 van het koninklijk besluit van 30 maart
1967 tot bepaling van de algemene uitvoeringsmodaliteiten van de 1967 tot bepaling van de algemene uitvoeringsmodaliteiten van de
wetten betreffende de jaarlijkse vakantie van de werknemers aangevuld wetten betreffende de jaarlijkse vakantie van de werknemers aangevuld
zodat, voor wat de toepassing van de artikelen betreffende de zodat, voor wat de toepassing van de artikelen betreffende de
overdracht van vakantie betreft, de overdracht van vakantie de overdracht van vakantie betreft, de overdracht van vakantie de
definities van de begrippen "vakantiedienstjaar" en "vakantiejaar" definities van de begrippen "vakantiedienstjaar" en "vakantiejaar"
onverlet blijven bestaan. onverlet blijven bestaan.
Artikel 2 Artikel 2
In dit artikel wordt het artikel 35, paragraaf 2, van hetzelfde In dit artikel wordt het artikel 35, paragraaf 2, van hetzelfde
koninklijk besluit aangevuld, zodat de niet-opgenomen vakantie omwille koninklijk besluit aangevuld, zodat de niet-opgenomen vakantie omwille
van een arbeidsongeval, een beroepsziekte, een gewone ziekte, een van een arbeidsongeval, een beroepsziekte, een gewone ziekte, een
gewoon ongeval, een moederschapsrust of een vaderschapsverlof, bedoeld gewoon ongeval, een moederschapsrust of een vaderschapsverlof, bedoeld
in artikel 39 van de arbeidswet van 16 maart 1971, een in artikel 39 van de arbeidswet van 16 maart 1971, een
vaderschapsverlof bedoeld in de wet van 3 juli 1978 betreffende de vaderschapsverlof bedoeld in de wet van 3 juli 1978 betreffende de
arbeidsovereenkomsten, een profylactisch verlof, een adoptieverlof, arbeidsovereenkomsten, een profylactisch verlof, een adoptieverlof,
een verlof voor pleegzorg bedoeld in artikel 30quater van voornoemde een verlof voor pleegzorg bedoeld in artikel 30quater van voornoemde
wet van 3 juli 1978 of een pleegouderverlof bedoeld in artikel wet van 3 juli 1978 of een pleegouderverlof bedoeld in artikel
30sexies van voornoemde wet van 3 juli 1978 de wettelijke vakantie de 30sexies van voornoemde wet van 3 juli 1978 de wettelijke vakantie de
vier weken mogen worden overschreden. vier weken mogen worden overschreden.
In de limitatief opgesomde gevallen, is de overdracht van de vakantie In de limitatief opgesomde gevallen, is de overdracht van de vakantie
na 31 december van het vakantiejaar verplicht. na 31 december van het vakantiejaar verplicht.
Artikel 3 Artikel 3
Ook wordt artikel 46, § 2, aangevuld met een 8°, zodat op het Ook wordt artikel 46, § 2, aangevuld met een 8°, zodat op het
vakantieattest het aantal overgedragen vakantiedagen krachtens artikel vakantieattest het aantal overgedragen vakantiedagen krachtens artikel
64, 1°/1, worden vermeld. 64, 1°/1, worden vermeld.
Artikel 4 Artikel 4
In dit artikel wordt artikel 60, tweede lid, van hetzelfde besluit In dit artikel wordt artikel 60, tweede lid, van hetzelfde besluit
aangevuld, zodat in geval van de niet-opgenomen vakantie omwille van aangevuld, zodat in geval van de niet-opgenomen vakantie omwille van
een arbeidsongeval, een beroepsziekte, een gewone ziekte, een gewoon een arbeidsongeval, een beroepsziekte, een gewone ziekte, een gewoon
ongeval, een moederschapsrust of een vaderschapsverlof bedoeld in ongeval, een moederschapsrust of een vaderschapsverlof bedoeld in
artikel 39 van de arbeidswet van 16 maart 1971, een vaderschapsverlof, artikel 39 van de arbeidswet van 16 maart 1971, een vaderschapsverlof,
bedoeld in de wet van 3 juli 1978 betreffende de bedoeld in de wet van 3 juli 1978 betreffende de
arbeidsovereenkomsten, een profylactisch verlof, een adoptieverlof, arbeidsovereenkomsten, een profylactisch verlof, een adoptieverlof,
een verlof voor pleegzorg bedoeld in artikel 30quater van voornoemde een verlof voor pleegzorg bedoeld in artikel 30quater van voornoemde
wet van 3 juli 1978 of een pleegouderverlof bedoeld in artikel wet van 3 juli 1978 of een pleegouderverlof bedoeld in artikel
30sexies van voornoemde wet van 3 juli 1978 de wettelijke vakantie de 30sexies van voornoemde wet van 3 juli 1978 de wettelijke vakantie de
vier weken mogen worden overschreden. vier weken mogen worden overschreden.
In de limitatief opgesomde gevallen, is de overdracht van de vakantie In de limitatief opgesomde gevallen, is de overdracht van de vakantie
na 31 december van het vakantiejaar verplicht. na 31 december van het vakantiejaar verplicht.
Artikel 5 Artikel 5
In dit artikel wordt een 1°/1 in het artikel 64 van hetzelfde besluit In dit artikel wordt een 1°/1 in het artikel 64 van hetzelfde besluit
ingevoegd zodat de niet-opgenomen vakantie omwille van een ingevoegd zodat de niet-opgenomen vakantie omwille van een
arbeidsongeval, een beroepsziekte, een gewone ziekte, een gewoon arbeidsongeval, een beroepsziekte, een gewone ziekte, een gewoon
ongeval, een moederschapsrust of een vaderschapsverlof, bedoeld in ongeval, een moederschapsrust of een vaderschapsverlof, bedoeld in
artikel 39 van de arbeidswet van 16 maart 1971, een vaderschapsverlof, artikel 39 van de arbeidswet van 16 maart 1971, een vaderschapsverlof,
bedoeld in de wet van 3 juli 1978 betreffende de bedoeld in de wet van 3 juli 1978 betreffende de
arbeidsovereenkomsten, een profylactisch verlof, een adoptieverlof, arbeidsovereenkomsten, een profylactisch verlof, een adoptieverlof,
een verlof voor pleegzorg bedoeld in artikel 30quater van voornoemde een verlof voor pleegzorg bedoeld in artikel 30quater van voornoemde
wet van 3 juli 1978 of een pleegouderverlof bedoeld in artikel wet van 3 juli 1978 of een pleegouderverlof bedoeld in artikel
30sexies van voornoemde wet van 3 juli 1978 moet worden toegekend 30sexies van voornoemde wet van 3 juli 1978 moet worden toegekend
binnen de 24 maanden die op het einde van het vakantiejaar volgen. binnen de 24 maanden die op het einde van het vakantiejaar volgen.
1/1° doet geen afbreuk aan de toepassing van het huidige 1°, dat het 1/1° doet geen afbreuk aan de toepassing van het huidige 1°, dat het
principe vermeldt, namelijk dat bij het ontbreken van één van de principe vermeldt, namelijk dat bij het ontbreken van één van de
oorzaken zoals bedoeld in 1/1°, de vakantie moet worden toegekend oorzaken zoals bedoeld in 1/1°, de vakantie moet worden toegekend
binnen de twaalf maanden die volgen op het einde van het binnen de twaalf maanden die volgen op het einde van het
vakantiedienstjaar. vakantiedienstjaar.
Artikel 6 Artikel 6
In dit artikel wordt artikel 66 van hetzelfde besluit vervangen zodat In dit artikel wordt artikel 66 van hetzelfde besluit vervangen zodat
de niet-opgenomen vakantie omwille van een arbeidsongeval, een de niet-opgenomen vakantie omwille van een arbeidsongeval, een
beroepsziekte, een gewone ziekte, een gewoon ongeval, moederschapsrust beroepsziekte, een gewone ziekte, een gewoon ongeval, moederschapsrust
of een vaderschapsverlof, bedoeld in artikel 39 van de arbeidswet van of een vaderschapsverlof, bedoeld in artikel 39 van de arbeidswet van
16 maart 1971, een vaderschapsverlof, bedoeld in voorgenoemde wet van 16 maart 1971, een vaderschapsverlof, bedoeld in voorgenoemde wet van
3 juli 1978, een profylactisch verlof, een adoptieverlof, een verlof 3 juli 1978, een profylactisch verlof, een adoptieverlof, een verlof
voor pleegzorg bedoeld in artikel 30quater van voornoemde wet van 3 voor pleegzorg bedoeld in artikel 30quater van voornoemde wet van 3
juli 1978 of een pleegouderverlof bedoeld in artikel 30sexies van juli 1978 of een pleegouderverlof bedoeld in artikel 30sexies van
voornoemde wet van 3 juli 1978 moet worden toegekend binnen de 24 voornoemde wet van 3 juli 1978 moet worden toegekend binnen de 24
maanden die op het einde van het vakantiejaar volgen. maanden die op het einde van het vakantiejaar volgen.
Artikel 7 Artikel 7
Het nieuwe in te voeren artikel 67bis voorziet in een voorafbetaling Het nieuwe in te voeren artikel 67bis voorziet in een voorafbetaling
van de nog op te nemen vakantiedagen wanneer de werknemer in de van de nog op te nemen vakantiedagen wanneer de werknemer in de
onmogelijkheid verkeert om zijn vakantiedagen in het vakantiejaar op onmogelijkheid verkeert om zijn vakantiedagen in het vakantiejaar op
te nemen in de gevallen voorzien bij artikel 64, 1°/1. Dit artikel is te nemen in de gevallen voorzien bij artikel 64, 1°/1. Dit artikel is
alleen van toepassing op de bedienden. alleen van toepassing op de bedienden.
De werkgever dient de bediende, ten laatste op 31 december van het De werkgever dient de bediende, ten laatste op 31 december van het
vakantiejaar, het vakantiegeld met betrekking tot de nog binnen de 24 vakantiejaar, het vakantiegeld met betrekking tot de nog binnen de 24
maanden op te nemen vakantiedagen en het vakantiegeld met betrekking maanden op te nemen vakantiedagen en het vakantiegeld met betrekking
tot de nog op te nemen vakantiedagen te betalen, zoals bepaald in tot de nog op te nemen vakantiedagen te betalen, zoals bepaald in
artikel 67, tweede lid. artikel 67, tweede lid.
Het gaat om een voorafbetaling van het normale loon voor de Het gaat om een voorafbetaling van het normale loon voor de
overgedragen vakantie die betrekking heeft op de vakantiedagen die overgedragen vakantie die betrekking heeft op de vakantiedagen die
niet konden worden opgenomen op 31 december van het vakantiejaar. niet konden worden opgenomen op 31 december van het vakantiejaar.
Artikel 8 Artikel 8
Dit artikel actualiseert artikel 68, 2°, a) en b), van hetzelfde Dit artikel actualiseert artikel 68, 2°, a) en b), van hetzelfde
besluit zodat de dagen van arbeidsonderbreking omwille van een besluit zodat de dagen van arbeidsonderbreking omwille van een
arbeidsongeval, een beroepsziekte, een gewone ziekte, een gewoon arbeidsongeval, een beroepsziekte, een gewone ziekte, een gewoon
ongeval, een moederschapsrust of een vaderschapsverlof, bedoeld in ongeval, een moederschapsrust of een vaderschapsverlof, bedoeld in
artikel 39 van de arbeidswet van 16 maart 1971, een vaderschapsverlof artikel 39 van de arbeidswet van 16 maart 1971, een vaderschapsverlof
bedoeld in de wet van 3 juli 1978 betreffende de bedoeld in de wet van 3 juli 1978 betreffende de
arbeidsovereenkomsten, een profylactisch verlof, een adoptieverlof, arbeidsovereenkomsten, een profylactisch verlof, een adoptieverlof,
een verlof voor pleegzorg bedoeld in artikel 30quater van voornoemde een verlof voor pleegzorg bedoeld in artikel 30quater van voornoemde
wet van 3 juli 1978 of een pleegouderverlof bedoeld in artikel wet van 3 juli 1978 of een pleegouderverlof bedoeld in artikel
30sexies van voornoemde wet van 3 juli 1978 niet als jaarlijkse 30sexies van voornoemde wet van 3 juli 1978 niet als jaarlijkse
vakantiedagen mogen worden aangerekend, ook niet als deze oorzaken vakantiedagen mogen worden aangerekend, ook niet als deze oorzaken
zich voordoen tijdens de vakantie. zich voordoen tijdens de vakantie.
Artikel 9 Artikel 9
Dit artikel bepaalt de datum van inwerkingtreding. Dit artikel bepaalt de datum van inwerkingtreding.
Artikel 10 Artikel 10
Dit artikel bepaalt dat de Minister bevoegd voor Werk, belast is met Dit artikel bepaalt dat de Minister bevoegd voor Werk, belast is met
de uitvoering van dit besluit. de uitvoering van dit besluit.
Ik heb de eer te zijn, Ik heb de eer te zijn,
Sire, Sire,
Van Uwe Majesteit, Van Uwe Majesteit,
de zeer eerbiedige en zeer getrouwe dienaar, de zeer eerbiedige en zeer getrouwe dienaar,
De Minister van Werk, De Minister van Werk,
P.-Y. DERMAGNE P.-Y. DERMAGNE
8 FEBRUARI 2023. - Koninklijk besluit tot wijziging van de artikelen 8 FEBRUARI 2023. - Koninklijk besluit tot wijziging van de artikelen
3, 35, 46, 60, 64, 66 en 68 en de invoering van een artikel 67bis in 3, 35, 46, 60, 64, 66 en 68 en de invoering van een artikel 67bis in
het koninklijk besluit van 30 maart 1967 tot bepaling van de algemene het koninklijk besluit van 30 maart 1967 tot bepaling van de algemene
uitvoeringsmodaliteiten van de wetten betreffende de jaarlijkse uitvoeringsmodaliteiten van de wetten betreffende de jaarlijkse
vakantie van de werknemers vakantie van de werknemers
FILIP, Koning der Belgen, FILIP, Koning der Belgen,
Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.
Gelet op de wetten betreffende de jaarlijkse vakantie van de Gelet op de wetten betreffende de jaarlijkse vakantie van de
werknemers gecoördineerd op 28 juni 1971, de artikelen 8 en 16; werknemers gecoördineerd op 28 juni 1971, de artikelen 8 en 16;
Gelet op het koninklijk besluit van 30 maart 1967 tot bepaling van de Gelet op het koninklijk besluit van 30 maart 1967 tot bepaling van de
algemene uitvoeringsmodaliteiten van de wetten betreffende de algemene uitvoeringsmodaliteiten van de wetten betreffende de
jaarlijkse vakantie van de werknemers; jaarlijkse vakantie van de werknemers;
Gelet op het advies van de Nationale Arbeidsraad nr. 2.268, gegeven op Gelet op het advies van de Nationale Arbeidsraad nr. 2.268, gegeven op
21 december 2021; 21 december 2021;
Gelet op het advies van de Inspecteur van Financiën, gegeven op 11 Gelet op het advies van de Inspecteur van Financiën, gegeven op 11
oktober 2022; oktober 2022;
Gelet op de akkoordbevinding van de Staatssecretaris voor Begroting, Gelet op de akkoordbevinding van de Staatssecretaris voor Begroting,
d.d. 29 november 2022; d.d. 29 november 2022;
Gelet op het advies nr. 72.655/1 van de Raad van State, gegeven op 29 Gelet op het advies nr. 72.655/1 van de Raad van State, gegeven op 29
december 2022 in toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 2°, van december 2022 in toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 2°, van
de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973;
Op de voordracht van de Minister van Werk, Op de voordracht van de Minister van Werk,
Hebben Wij besloten en besluiten Wij : Hebben Wij besloten en besluiten Wij :

Artikel 1.Artikel 3, tweede lid, van het koninklijk besluit van 30

Artikel 1.Artikel 3, tweede lid, van het koninklijk besluit van 30

maart 1967 tot bepaling van de algemene uitvoeringsmodaliteiten van de maart 1967 tot bepaling van de algemene uitvoeringsmodaliteiten van de
wetten betreffende de jaarlijkse vakantie van de werknemers, wordt wetten betreffende de jaarlijkse vakantie van de werknemers, wordt
aangevuld met de volgende zin : aangevuld met de volgende zin :
"Wat de toepassing betreft van de artikelen betreffende de overdracht "Wat de toepassing betreft van de artikelen betreffende de overdracht
van vakantie, laat de overdracht van vakantie de definities van de van vakantie, laat de overdracht van vakantie de definities van de
begrippen "vakantiedienstjaar" en "vakantiejaar" onverlet.". begrippen "vakantiedienstjaar" en "vakantiejaar" onverlet.".

Art. 2.In artikel 35, § 2, van hetzelfde besluit, vervangen bij het

Art. 2.In artikel 35, § 2, van hetzelfde besluit, vervangen bij het

koninklijk besluit van 5 mei 2004, wordt het enig lid aangevuld met de koninklijk besluit van 5 mei 2004, wordt het enig lid aangevuld met de
woorden ", behalve in de gevallen van de overdracht voorzien bij woorden ", behalve in de gevallen van de overdracht voorzien bij
artikel 64, 1°/1.". artikel 64, 1°/1.".

Art. 3.Artikel 46, § 2, eerste lid, van hetzelfde besluit, vervangen

Art. 3.Artikel 46, § 2, eerste lid, van hetzelfde besluit, vervangen

bij de wet van 27 december 2006 en gewijzigd bij het koninklijk bij de wet van 27 december 2006 en gewijzigd bij het koninklijk
besluit van 19 juni 2012, wordt aangevuld met de bepaling onder 8°, besluit van 19 juni 2012, wordt aangevuld met de bepaling onder 8°,
luidende: luidende:
"8° het aantal overgedragen vakantiedagen krachtens artikel 64, "8° het aantal overgedragen vakantiedagen krachtens artikel 64,
1°/1.". 1°/1.".

Art. 4.In artikel 60 van hetzelfde besluit wordt het tweede lid,

Art. 4.In artikel 60 van hetzelfde besluit wordt het tweede lid,

ingevoegd bij het koninklijk besluit van 30 augustus 2013, aangevuld ingevoegd bij het koninklijk besluit van 30 augustus 2013, aangevuld
met de woorden ", behalve in de gevallen van de overdracht voorzien met de woorden ", behalve in de gevallen van de overdracht voorzien
bij artikel 64, 1°/1.". bij artikel 64, 1°/1.".

Art. 5.In artikel 64 van hetzelfde besluit, laatstelijk gewijzigd bij

Art. 5.In artikel 64 van hetzelfde besluit, laatstelijk gewijzigd bij

het koninklijk besluit van 30 augustus 2013, wordt de bepaling onder het koninklijk besluit van 30 augustus 2013, wordt de bepaling onder
1°/1 ingevoegd, luidende : 1°/1 ingevoegd, luidende :
"1°/1 onverminderd de bepaling onder 1°, moet de nog op te nemen "1°/1 onverminderd de bepaling onder 1°, moet de nog op te nemen
vakantie ingevolge één der oorzaken van de schorsingen voorzien in de vakantie ingevolge één der oorzaken van de schorsingen voorzien in de
artikelen 16, 1°, 2°, 3°, 4°, 15°, 18°, 19°, 22° en 24°, en 41, 1°, artikelen 16, 1°, 2°, 3°, 4°, 15°, 18°, 19°, 22° en 24°, en 41, 1°,
2°, 3°, 4°, 13°, 15°, 16°, 21° en 23°, worden opgenomen in de 2°, 3°, 4°, 13°, 15°, 16°, 21° en 23°, worden opgenomen in de
vierentwintig maanden die volgen op het einde van het vakantiejaar vierentwintig maanden die volgen op het einde van het vakantiejaar
waarop deze nog te nemen vakantiedagen betrekking hebben;". waarop deze nog te nemen vakantiedagen betrekking hebben;".

Art. 6.Artikel 66 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het koninklijk

Art. 6.Artikel 66 van hetzelfde besluit, gewijzigd bij het koninklijk

besluit van 10 juni 2001, wordt vervangen als volgt : besluit van 10 juni 2001, wordt vervangen als volgt :
"

Art. 66.Onverminderd de bepalingen van artikel 68, 2°, de werknemer,

"

Art. 66.Onverminderd de bepalingen van artikel 68, 2°, de werknemer,

die in de onmogelijkheid verkeert zijn vakantie te nemen om één der die in de onmogelijkheid verkeert zijn vakantie te nemen om één der
redenen vermeld: redenen vermeld:
a) in de artikelen 16, 5° tot en met 10°, 12° en 16°, en 41, 5° tot en a) in de artikelen 16, 5° tot en met 10°, 12° en 16°, en 41, 5° tot en
met 10°, 12° en 14°, behoudt zijn recht, zelfs in geval van met 10°, 12° en 14°, behoudt zijn recht, zelfs in geval van
collectieve vakantie, op de vakantiedagen tot bij het verstrijken van collectieve vakantie, op de vakantiedagen tot bij het verstrijken van
de twaalf maanden die op het einde van het vakantiedienstjaar volgen; de twaalf maanden die op het einde van het vakantiedienstjaar volgen;
b) in de artikelen 16, 1°, 2°, 3°, 4°, 15°, 18°, 19°, 22° en 24°, en b) in de artikelen 16, 1°, 2°, 3°, 4°, 15°, 18°, 19°, 22° en 24°, en
41, 1°, 2°, 3°, 4°, 13°, 15°, 16°, 21° en 23°, behoudt zijn recht, 41, 1°, 2°, 3°, 4°, 13°, 15°, 16°, 21° en 23°, behoudt zijn recht,
zelfs in geval van collectieve vakantie, op de vakantiedagen tot bij zelfs in geval van collectieve vakantie, op de vakantiedagen tot bij
het verstrijken van de vierentwintig maanden die volgen tot op het het verstrijken van de vierentwintig maanden die volgen tot op het
einde het vakantiejaar waarop deze nog op te nemen vakantiedagen einde het vakantiejaar waarop deze nog op te nemen vakantiedagen
betrekking hebben;". betrekking hebben;".

Art. 7.In hetzelfde besluit, wordt een artikel 67bis ingevoegd,

Art. 7.In hetzelfde besluit, wordt een artikel 67bis ingevoegd,

luidende : luidende :
"

Art. 67bis.De bepalingen van dit artikel zijn van toepassing

"

Art. 67bis.De bepalingen van dit artikel zijn van toepassing

wanneer, op het einde van het vakantiejaar, de bediende zich in de wanneer, op het einde van het vakantiejaar, de bediende zich in de
onmogelijkheid bevindt om zijn vakantie te nemen in de gevallen onmogelijkheid bevindt om zijn vakantie te nemen in de gevallen
voorzien bij het artikel 64, 1°/1. voorzien bij het artikel 64, 1°/1.
De werkgever dient de bediende, ten laatste op 31 december van het De werkgever dient de bediende, ten laatste op 31 december van het
vakantiejaar, het vakantiegeld met betrekking tot de nog binnen de vakantiejaar, het vakantiegeld met betrekking tot de nog binnen de
vierentwintig maanden op te nemen vakantiedagen te betalen, zoals vierentwintig maanden op te nemen vakantiedagen te betalen, zoals
bepaald in artikel 67, tweede lid.". bepaald in artikel 67, tweede lid.".

Art. 8.In artikel 68 van hetzelfde besluit, laatst gewijzigd bij het

Art. 8.In artikel 68 van hetzelfde besluit, laatst gewijzigd bij het

koninklijk besluit van 20 december 2019, wordt de bepaling onder 2° koninklijk besluit van 20 december 2019, wordt de bepaling onder 2°
vervangen als volgt : vervangen als volgt :
"2° a) de dagen van arbeidsonderbreking in het geval bedoeld in de "2° a) de dagen van arbeidsonderbreking in het geval bedoeld in de
artikelen 16, 1° tot en met 4°, 10°, 15°, 18°, 19°, 22° en 24°, en 41, artikelen 16, 1° tot en met 4°, 10°, 15°, 18°, 19°, 22° en 24°, en 41,
1° tot en met 4°, 10°, 13°, 15°, 16°, 21° en 23°; 1° tot en met 4°, 10°, 13°, 15°, 16°, 21° en 23°;
b) de dagen van arbeidsonderbreking in het geval bedoeld in de b) de dagen van arbeidsonderbreking in het geval bedoeld in de
artikelen 16, 5° tot en met 9°, 12°, 16° en 23°, en 41, 5° tot en met artikelen 16, 5° tot en met 9°, 12°, 16° en 23°, en 41, 5° tot en met
9°, 12°, 14° en 22°, tenzij deze oorzaak zich voordoet tijdens de 9°, 12°, 14° en 22°, tenzij deze oorzaak zich voordoet tijdens de
vakantie;". vakantie;".

Art. 9.Dit besluit heeft uitwerking met ingang van 1 januari 2023 en

Art. 9.Dit besluit heeft uitwerking met ingang van 1 januari 2023 en

is voor de eerste keer van toepassing op het vakantiejaar 2024, is voor de eerste keer van toepassing op het vakantiejaar 2024,
vakantiedienstjaar 2023. vakantiedienstjaar 2023.

Art. 10.De minister bevoegd voor Werk is belast met de uitvoering van

Art. 10.De minister bevoegd voor Werk is belast met de uitvoering van

dit besluit. dit besluit.
Gegeven te Brussel, 8 februari 2023. Gegeven te Brussel, 8 februari 2023.
FILIP FILIP
Van Koningswege : Van Koningswege :
De Minister van Werk, De Minister van Werk,
P.-Y. DERMAGNE P.-Y. DERMAGNE
^