Etaamb.openjustice.be
Meertalige weergave van Koninklijk Besluit van 06/06/2016
← Terug naar "Koninklijk besluit tot vaststelling voor het jaar 2016 van de verhoging van het bedrag van de alternatieve financiering met de kost van de toeslag van 5 % van de uitkering voor tijdelijke werkloosheid, bedoeld in artikel 114, § 6, van het koninklijk besluit van 25 november 1991 houdende de werkloosheidsreglementering "
Koninklijk besluit tot vaststelling voor het jaar 2016 van de verhoging van het bedrag van de alternatieve financiering met de kost van de toeslag van 5 % van de uitkering voor tijdelijke werkloosheid, bedoeld in artikel 114, § 6, van het koninklijk besluit van 25 november 1991 houdende de werkloosheidsreglementering Koninklijk besluit tot vaststelling voor het jaar 2016 van de verhoging van het bedrag van de alternatieve financiering met de kost van de toeslag van 5 % van de uitkering voor tijdelijke werkloosheid, bedoeld in artikel 114, § 6, van het koninklijk besluit van 25 november 1991 houdende de werkloosheidsreglementering
FEDERALE OVERHEIDSDIENST SOCIALE ZEKERHEID EN FEDERALE OVERHEIDSDIENST FEDERALE OVERHEIDSDIENST SOCIALE ZEKERHEID EN FEDERALE OVERHEIDSDIENST
WERKGELEGENHEID, ARBEID EN SOCIAAL OVERLEG WERKGELEGENHEID, ARBEID EN SOCIAAL OVERLEG
6 JUNI 2016. - Koninklijk besluit tot vaststelling voor het jaar 2016 6 JUNI 2016. - Koninklijk besluit tot vaststelling voor het jaar 2016
van de verhoging van het bedrag van de alternatieve financiering met van de verhoging van het bedrag van de alternatieve financiering met
de kost van de toeslag van 5 % van de uitkering voor tijdelijke de kost van de toeslag van 5 % van de uitkering voor tijdelijke
werkloosheid, bedoeld in artikel 114, § 6, van het koninklijk besluit werkloosheid, bedoeld in artikel 114, § 6, van het koninklijk besluit
van 25 november 1991 houdende de werkloosheidsreglementering van 25 november 1991 houdende de werkloosheidsreglementering
FILIP, Koning der Belgen, FILIP, Koning der Belgen,
Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.
Gelet op de programmawet van 2 januari 2001, artikel 66, § 1, achtste Gelet op de programmawet van 2 januari 2001, artikel 66, § 1, achtste
lid, ingevoegd bij de wet van 22 december 2003, en 66, § 2, 9°, lid, ingevoegd bij de wet van 22 december 2003, en 66, § 2, 9°,
ingevoegd bij de wet van 22 december 2003 en gewijzigd bij de wet van ingevoegd bij de wet van 22 december 2003 en gewijzigd bij de wet van
27 december 2004; 27 december 2004;
Gelet op het advies van de Inspecteur-Generaal van Financiën, gegeven Gelet op het advies van de Inspecteur-Generaal van Financiën, gegeven
op 4 maart 2016; op 4 maart 2016;
Gelet op het advies van het Beheerscomité van de sociale zekerheid Gelet op het advies van het Beheerscomité van de sociale zekerheid
gegeven op 4 maart 2016; gegeven op 4 maart 2016;
Gelet op de akkoordbevinding van de Minister van Begroting d.d. 25 Gelet op de akkoordbevinding van de Minister van Begroting d.d. 25
april 2016; april 2016;
Op de voordracht van de Minister van Sociale Zaken en de Minister van Op de voordracht van de Minister van Sociale Zaken en de Minister van
Werk, Werk,
Hebben Wij besloten en besluiten Wij : Hebben Wij besloten en besluiten Wij :

Artikel 1.Het bedrag, bedoeld in artikel 66, § 1, achtste lid, van de

Artikel 1.Het bedrag, bedoeld in artikel 66, § 1, achtste lid, van de

programmawet van 2 januari 2001, van de verhoging van de alternatieve programmawet van 2 januari 2001, van de verhoging van de alternatieve
financiering met de kost van de toeslag van 5 % van de uitkering voor financiering met de kost van de toeslag van 5 % van de uitkering voor
tijdelijke werkloosheid, bedoeld in artikel 114, § 6, van het tijdelijke werkloosheid, bedoeld in artikel 114, § 6, van het
koninklijk besluit van 25 november 1991 houdende de koninklijk besluit van 25 november 1991 houdende de
werkloosheids-reglementering, wordt voor het jaar 2016 vastgesteld op werkloosheids-reglementering, wordt voor het jaar 2016 vastgesteld op
31.481 duizend euro. 31.481 duizend euro.
Het bedrag, vermeld in het eerste lid, is samengesteld uit het bedrag Het bedrag, vermeld in het eerste lid, is samengesteld uit het bedrag
voor het jaar 2016, namelijk 37.195 duizend euro, verminderd met de voor het jaar 2016, namelijk 37.195 duizend euro, verminderd met de
afrekening voor het jaar 2015, namelijk 5.714 duizend euro. afrekening voor het jaar 2015, namelijk 5.714 duizend euro.

Art. 2.De bedragen worden gestort aan de R.S.Z.-globaal beheer.

Art. 2.De bedragen worden gestort aan de R.S.Z.-globaal beheer.

Art. 3.De minister van Sociale Zaken en de minister van Werk zijn,

Art. 3.De minister van Sociale Zaken en de minister van Werk zijn,

ieder wat hem betreft, belast met de uitvoering van dit besluit. ieder wat hem betreft, belast met de uitvoering van dit besluit.
Gegeven te Brussel, 6 juni 2016. Gegeven te Brussel, 6 juni 2016.
FILIP FILIP
Van Koningswege : Van Koningswege :
De Vice-Eerste Minister en Minister van Werk, De Vice-Eerste Minister en Minister van Werk,
K. PEETERS K. PEETERS
De Minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid, De Minister van Sociale Zaken en Volksgezondheid,
Mevr. M. DE BLOCK Mevr. M. DE BLOCK
^