Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 16 juni 2009, gesloten in het Paritair Subcomité voor de opvoedings- en huisvestingsinrichtingen en -diensten van de Vlaamse Gemeenschap, betreffende de vorming | Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 16 juni 2009, gesloten in het Paritair Subcomité voor de opvoedings- en huisvestingsinrichtingen en -diensten van de Vlaamse Gemeenschap, betreffende de vorming |
---|---|
FEDERALE OVERHEIDSDIENST WERKGELEGENHEID, ARBEID EN SOCIAAL OVERLEG | FEDERALE OVERHEIDSDIENST WERKGELEGENHEID, ARBEID EN SOCIAAL OVERLEG |
6 APRIL 2010. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt | 6 APRIL 2010. - Koninklijk besluit waarbij algemeen verbindend wordt |
verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 16 juni 2009, | verklaard de collectieve arbeidsovereenkomst van 16 juni 2009, |
gesloten in het Paritair Subcomité voor de opvoedings- en | gesloten in het Paritair Subcomité voor de opvoedings- en |
huisvestingsinrichtingen en -diensten van de Vlaamse Gemeenschap, | huisvestingsinrichtingen en -diensten van de Vlaamse Gemeenschap, |
betreffende de vorming (1) | betreffende de vorming (1) |
ALBERT II, Koning der Belgen, | ALBERT II, Koning der Belgen, |
Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. | Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. |
Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve | Gelet op de wet van 5 december 1968 betreffende de collectieve |
arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel | arbeidsovereenkomsten en de paritaire comités, inzonderheid op artikel |
28; | 28; |
Gelet op het verzoek van het Paritair Subcomité voor de opvoedings- en | Gelet op het verzoek van het Paritair Subcomité voor de opvoedings- en |
huisvestingsinrichtingen en -diensten van de Vlaamse Gemeenschap; | huisvestingsinrichtingen en -diensten van de Vlaamse Gemeenschap; |
Op de voordracht van de Minister van Werk, | Op de voordracht van de Minister van Werk, |
Hebben Wij besloten en besluiten Wij : | Hebben Wij besloten en besluiten Wij : |
Artikel 1.Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage |
Artikel 1.Algemeen verbindend wordt verklaard de als bijlage |
overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst van 16 juni 2009, gesloten | overgenomen collectieve arbeidsovereenkomst van 16 juni 2009, gesloten |
in het Paritair Subcomité voor de opvoedings- en | in het Paritair Subcomité voor de opvoedings- en |
huisvestingsinrichtingen en -diensten van de Vlaamse Gemeenschap, | huisvestingsinrichtingen en -diensten van de Vlaamse Gemeenschap, |
betreffende de vorming. | betreffende de vorming. |
Art. 2.De Minister bevoegd voor Werk is belast met de uitvoering van |
Art. 2.De Minister bevoegd voor Werk is belast met de uitvoering van |
dit besluit. | dit besluit. |
Gegeven te Châteauneuf-de-Grasse, 6 april 2010. | Gegeven te Châteauneuf-de-Grasse, 6 april 2010. |
ALBERT | ALBERT |
Van Koningswege : | Van Koningswege : |
De Vice-Eerste Minister | De Vice-Eerste Minister |
en Minister van Werk en Gelijke Kansen, belast met het Migratie- en | en Minister van Werk en Gelijke Kansen, belast met het Migratie- en |
asielbeleid, | asielbeleid, |
Mevr. J. MILQUET | Mevr. J. MILQUET |
_______ | _______ |
Nota | Nota |
(1) Verwijzing naar het Belgisch Staatsblad : | (1) Verwijzing naar het Belgisch Staatsblad : |
Wet van 5 december 1968, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969. | Wet van 5 december 1968, Belgisch Staatsblad van 15 januari 1969. |
Bijlage | Bijlage |
Paritair Subcomité voor de opvoedings- en huisvestingsinrichtingen en | Paritair Subcomité voor de opvoedings- en huisvestingsinrichtingen en |
-diensten van de Vlaamse Gemeenschap | -diensten van de Vlaamse Gemeenschap |
Collectieve arbeidsovereenkomst van 16 juni 2009 | Collectieve arbeidsovereenkomst van 16 juni 2009 |
Vorming | Vorming |
(Overeenkomst geregistreerd op 26 oktober 2009 onder het nummer | (Overeenkomst geregistreerd op 26 oktober 2009 onder het nummer |
95181/CO/319.01) | 95181/CO/319.01) |
Artikel 1.Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing op |
Artikel 1.Deze collectieve arbeidsovereenkomst is van toepassing op |
de werkgevers en op de werknemers die ressorteren onder het Paritair | de werkgevers en op de werknemers die ressorteren onder het Paritair |
Subcomité voor de opvoedings- en huisvestingsinrichtingen en -diensten | Subcomité voor de opvoedings- en huisvestingsinrichtingen en -diensten |
van de Vlaamse Gemeenschap. | van de Vlaamse Gemeenschap. |
Onder "werknemers" wordt verstaan : het mannelijk en vrouwelijk | Onder "werknemers" wordt verstaan : het mannelijk en vrouwelijk |
werklieden- en bediendepersoneel. | werklieden- en bediendepersoneel. |
Art. 2.Deze collectieve arbeidsovereenkomst wordt afgesloten in |
Art. 2.Deze collectieve arbeidsovereenkomst wordt afgesloten in |
uitvoering van : | uitvoering van : |
- artikel 30 van de wet van 23 december 2005 betreffende het | - artikel 30 van de wet van 23 december 2005 betreffende het |
generatiepact (Belgisch Staatsblad van 30 december 2005); | generatiepact (Belgisch Staatsblad van 30 december 2005); |
- het koninklijk besluit van 11 oktober 2007 tot invoering van een | - het koninklijk besluit van 11 oktober 2007 tot invoering van een |
bijkomende werkgeversbijdrage ten bate van de financiering van het | bijkomende werkgeversbijdrage ten bate van de financiering van het |
betaald educatief verlof voor de werkgevers die behoren tot sectoren | betaald educatief verlof voor de werkgevers die behoren tot sectoren |
die onvoldoende opleidingsinspanningen realiseren (Belgisch Staatsblad | die onvoldoende opleidingsinspanningen realiseren (Belgisch Staatsblad |
van 5 december 2007), zoals gewijzigd bij koninklijk besluit van 23 | van 5 december 2007), zoals gewijzigd bij koninklijk besluit van 23 |
december 2008 (Belgisch Staatsblad van 29 december 2008). | december 2008 (Belgisch Staatsblad van 29 december 2008). |
Art. 3.De sociale partners engageren zich om de participatiegraad |
Art. 3.De sociale partners engageren zich om de participatiegraad |
inzake vorming jaarlijks met 5 pct. te verhogen, overeenkomstig de | inzake vorming jaarlijks met 5 pct. te verhogen, overeenkomstig de |
doelstellingen van het interprofessioneel akkoord 2007-2008. | doelstellingen van het interprofessioneel akkoord 2007-2008. |
Art. 4.De sociale partners engageren zich om elke werknemer de |
Art. 4.De sociale partners engageren zich om elke werknemer de |
mogelijkheid te geven vorming te genieten gedurende de arbeidstijd. | mogelijkheid te geven vorming te genieten gedurende de arbeidstijd. |
Deze vormingsmogelijkheden kunnen zowel intern op de plaats van de | Deze vormingsmogelijkheden kunnen zowel intern op de plaats van de |
tewerkstelling als extern van de onderneming georganiseerd worden. | tewerkstelling als extern van de onderneming georganiseerd worden. |
De vorming kan zowel door de werkgever ingericht worden als door | De vorming kan zowel door de werkgever ingericht worden als door |
opleidingsderden, hiertoe gemandateerd door de werkgever. | opleidingsderden, hiertoe gemandateerd door de werkgever. |
Art. 5.§ 1. In uitvoering van artikel 3 en 4 van deze collectieve |
Art. 5.§ 1. In uitvoering van artikel 3 en 4 van deze collectieve |
arbeidsovereenkomst wordt aan de werknemers een collectieve | arbeidsovereenkomst wordt aan de werknemers een collectieve |
opleidingstijd op het niveau van de onderneming toegekend. | opleidingstijd op het niveau van de onderneming toegekend. |
Deze opleidingstijd op het niveau van de onderneming wordt berekend | Deze opleidingstijd op het niveau van de onderneming wordt berekend |
als volgt : | als volgt : |
- voor het jaar 2009 : het aantal werknemers tewerkgesteld in de | - voor het jaar 2009 : het aantal werknemers tewerkgesteld in de |
onderneming op 1 januari 2009 uitgedrukt in voltijds equivalenten, | onderneming op 1 januari 2009 uitgedrukt in voltijds equivalenten, |
vermenigvuldigd met drie vierden van een normale arbeidsdag of 5,7 | vermenigvuldigd met drie vierden van een normale arbeidsdag of 5,7 |
uren; | uren; |
- voor het jaar 2010 : het aantal werknemers tewerkgesteld in de | - voor het jaar 2010 : het aantal werknemers tewerkgesteld in de |
onderneming op 1 januari 2010 uitgedrukt in voltijds equivalenten, | onderneming op 1 januari 2010 uitgedrukt in voltijds equivalenten, |
vermenigvuldigd met een normale arbeidsdag of 7,6 uren. | vermenigvuldigd met een normale arbeidsdag of 7,6 uren. |
§ 2. Een individuele opleidingstijd per werknemer wordt op het niveau | § 2. Een individuele opleidingstijd per werknemer wordt op het niveau |
van de onderneming toegekend binnen de collectieve opleidingstijd | van de onderneming toegekend binnen de collectieve opleidingstijd |
zoals bepaald in § 1 van dit artikel en binnen het globale vormings- | zoals bepaald in § 1 van dit artikel en binnen het globale vormings- |
of opleidingsplan van de onderneming, zoals bepaald in artikel 6 van | of opleidingsplan van de onderneming, zoals bepaald in artikel 6 van |
deze collectieve arbeidsovereenkomst. | deze collectieve arbeidsovereenkomst. |
Art. 6.§ 1. De opleidingstijd zoals toegekend in toepassing van |
Art. 6.§ 1. De opleidingstijd zoals toegekend in toepassing van |
artikel 5 van deze collectieve arbeidsovereenkomst kan uitsluitend | artikel 5 van deze collectieve arbeidsovereenkomst kan uitsluitend |
worden opgenomen in het kader van het vormings- of opleidingsplan van | worden opgenomen in het kader van het vormings- of opleidingsplan van |
de onderneming zoals opgemaakt in overleg tussen de werkgever en de | de onderneming zoals opgemaakt in overleg tussen de werkgever en de |
werknemers. | werknemers. |
§ 2. In overleg met de werknemers (ondernemingsraad of comité voor | § 2. In overleg met de werknemers (ondernemingsraad of comité voor |
preventie en bescherming op het werk of vakbondsafvaardiging en bij | preventie en bescherming op het werk of vakbondsafvaardiging en bij |
ontstentenis daarvan het personeel) voert elke onderneming een | ontstentenis daarvan het personeel) voert elke onderneming een |
aangepast vormings- en opleidingsbeleid, waarbij een globaal vormings- | aangepast vormings- en opleidingsbeleid, waarbij een globaal vormings- |
en opleidingsplan wordt opgemaakt, rekening houdende met ondermeer de | en opleidingsplan wordt opgemaakt, rekening houdende met ondermeer de |
wettelijke bepalingen waaraan de onderneming onderworpen is. | wettelijke bepalingen waaraan de onderneming onderworpen is. |
Art. 7.Voor ondernemingen waar in het kader van het vormings- en |
Art. 7.Voor ondernemingen waar in het kader van het vormings- en |
opleidingsbeleid reeds een vormings- of opleidingstijd, -recht of | opleidingsbeleid reeds een vormings- of opleidingstijd, -recht of |
-krediet wordt toegekend aan de werknemers, geldt dat de | -krediet wordt toegekend aan de werknemers, geldt dat de |
opleidingstijd zoals bepaald in artikel 5 van deze collectieve | opleidingstijd zoals bepaald in artikel 5 van deze collectieve |
arbeidsovereenkomst deel uitmaakt van de bestaande maatregelen inzake | arbeidsovereenkomst deel uitmaakt van de bestaande maatregelen inzake |
vormings- of opleidingstijd, -recht of -krediet op het niveau van de | vormings- of opleidingstijd, -recht of -krediet op het niveau van de |
onderneming. | onderneming. |
Art. 8.Deze collectieve arbeidsovereenkomst treedt in werking op 1 |
Art. 8.Deze collectieve arbeidsovereenkomst treedt in werking op 1 |
januari 2009 en houdt op van kracht te zijn op 31 december 2010. | januari 2009 en houdt op van kracht te zijn op 31 december 2010. |
Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 6 april | Gezien om te worden gevoegd bij het koninklijk besluit van 6 april |
2010. | 2010. |
De Vice-Eerste Minister | De Vice-Eerste Minister |
en Minister van Werk en Gelijke Kansen, belast met het Migratie- en | en Minister van Werk en Gelijke Kansen, belast met het Migratie- en |
asielbeleid, | asielbeleid, |
Mevr. J. MILQUET | Mevr. J. MILQUET |