Etaamb.openjustice.be
Meertalige weergave van Koninklijk Besluit van 02/12/2011
← Terug naar "Koninklijk besluit tot vaststelling van de inwerkingtreding van de artikelen 7 en 8 van de wet van 22 mei 2003 houdende organisatie van de begroting en van de comptabiliteit van de federale Staat, voor wat bepaalde categorieën van ontvangsten betreft "
Koninklijk besluit tot vaststelling van de inwerkingtreding van de artikelen 7 en 8 van de wet van 22 mei 2003 houdende organisatie van de begroting en van de comptabiliteit van de federale Staat, voor wat bepaalde categorieën van ontvangsten betreft Koninklijk besluit tot vaststelling van de inwerkingtreding van de artikelen 7 en 8 van de wet van 22 mei 2003 houdende organisatie van de begroting en van de comptabiliteit van de federale Staat, voor wat bepaalde categorieën van ontvangsten betreft
FEDERALE OVERHEIDSDIENST BUDGET EN BEHEERSCONTROLE FEDERALE OVERHEIDSDIENST BUDGET EN BEHEERSCONTROLE
2 DECEMBER 2011. - Koninklijk besluit tot vaststelling van de 2 DECEMBER 2011. - Koninklijk besluit tot vaststelling van de
inwerkingtreding van de artikelen 7 en 8 van de wet van 22 mei 2003 inwerkingtreding van de artikelen 7 en 8 van de wet van 22 mei 2003
houdende organisatie van de begroting en van de comptabiliteit van de houdende organisatie van de begroting en van de comptabiliteit van de
federale Staat, voor wat bepaalde categorieën van ontvangsten betreft federale Staat, voor wat bepaalde categorieën van ontvangsten betreft
VERSLAG AAN DE KONING VERSLAG AAN DE KONING
Sire, Sire,
Artikel 7 van de wet van 22 mei 2003 houdende organisatie van de Artikel 7 van de wet van 22 mei 2003 houdende organisatie van de
begroting en van de comptabiliteit van de federale Staat stelt de begroting en van de comptabiliteit van de federale Staat stelt de
regel vast volgens welke een verrichting is gehecht aan een boekjaar regel vast volgens welke een verrichting is gehecht aan een boekjaar
of een begrotingsjaar op basis van de bij de transacties vastgestelde of een begrotingsjaar op basis van de bij de transacties vastgestelde
rechten. rechten.
Artikel 8 van de zelfde wet omschrijft het begrip « vastgestelde Artikel 8 van de zelfde wet omschrijft het begrip « vastgestelde
rechten », onder meer de noodzakelijke voorwaarden voor het rechten », onder meer de noodzakelijke voorwaarden voor het
vaststellen van een recht. vaststellen van een recht.
Overeenkomstig artikel 134 van de zelfde wet, ingevoegd door de Overeenkomstig artikel 134 van de zelfde wet, ingevoegd door de
programmawet van 22 december 2008 en vervangen door de wet van 29 programmawet van 22 december 2008 en vervangen door de wet van 29
december 2010 houdende diverse bepalingen (artikel 167), treden de december 2010 houdende diverse bepalingen (artikel 167), treden de
bepalingen van Titel II, van Hoofdstuk I van Titel III, en van de bepalingen van Titel II, van Hoofdstuk I van Titel III, en van de
Titels IV, V en VI in werking op 1 januari 2011 voor wat onder meer de Titels IV, V en VI in werking op 1 januari 2011 voor wat onder meer de
FOD Financiën betreft. FOD Financiën betreft.
Artikel 167 van voornoemde wet van 29 december 2010 houdende diverse Artikel 167 van voornoemde wet van 29 december 2010 houdende diverse
bepalingen heeft aan artikel 134 van de wet van 22 mei 2003 een vijfde bepalingen heeft aan artikel 134 van de wet van 22 mei 2003 een vijfde
lid toegevoegd dat de inwerkingtreding van de artikelen 7 en 8 van lid toegevoegd dat de inwerkingtreding van de artikelen 7 en 8 van
voornoemde wet van 22 mei 2003 uitstelt tot 1 januari 2015 voor wat voornoemde wet van 22 mei 2003 uitstelt tot 1 januari 2015 voor wat
betreft de verwerking van de fiscale en niet-fiscale ontvangsten door betreft de verwerking van de fiscale en niet-fiscale ontvangsten door
de Federale Overheidsdienst Financiën. de Federale Overheidsdienst Financiën.
Een koninklijk besluit kan evenwel de inwerkingtreding op een vroegere Een koninklijk besluit kan evenwel de inwerkingtreding op een vroegere
datum vaststellen voor sommige nader te bepalen categorieën fiscale en datum vaststellen voor sommige nader te bepalen categorieën fiscale en
niet-fiscale ontvangsten. niet-fiscale ontvangsten.
Het geheel van de fiscale en niet-fiscale ontvangsten, waarvoor het Het geheel van de fiscale en niet-fiscale ontvangsten, waarvoor het
uitstel is gevraagd, zullen niet rechtstreeks in FEDCOM worden uitstel is gevraagd, zullen niet rechtstreeks in FEDCOM worden
verwerkt, maar in de nieuw te ontwikkelen applicatie Stimer. verwerkt, maar in de nieuw te ontwikkelen applicatie Stimer.
Daar deze applicatie in de periode tussen 2011 en 2014 modulair Daar deze applicatie in de periode tussen 2011 en 2014 modulair
operationeel zal worden, kan de FOD Financiën de betrokken inkomsten operationeel zal worden, kan de FOD Financiën de betrokken inkomsten
slechts op transactiebasis in FEDCOM meenemen volgens het slechts op transactiebasis in FEDCOM meenemen volgens het
implementatietraject van deze moederapplicatie. implementatietraject van deze moederapplicatie.
Het betrokken koninklijk besluit zal op jaarbasis worden uitgebreid Het betrokken koninklijk besluit zal op jaarbasis worden uitgebreid
met opgave van de fiscale en niet-fiscale inkomsten die in het met opgave van de fiscale en niet-fiscale inkomsten die in het
voorafgaande werkjaar in Stimer voor de eerste maal (op voorafgaande werkjaar in Stimer voor de eerste maal (op
transactiebasis) zijn verwerkt en via interface in Fedcom opgenomen. transactiebasis) zijn verwerkt en via interface in Fedcom opgenomen.
In afwachting van de verwerking van de fiscale en niet-fiscale In afwachting van de verwerking van de fiscale en niet-fiscale
ontvangsten via interface met de moederapplicatie, worden de betrokken ontvangsten via interface met de moederapplicatie, worden de betrokken
ontvangsten via de actuele procesflow, op kasbasis, verwerkt en in ontvangsten via de actuele procesflow, op kasbasis, verwerkt en in
Fedcom als diverse boeking opgenomen. Fedcom als diverse boeking opgenomen.
Verduidelijking van de niet-fiscale ontvangsten die niet onder de Verduidelijking van de niet-fiscale ontvangsten die niet onder de
uitzonderingsbepaling vallen : uitzonderingsbepaling vallen :
Het betreft hier de niet-fiscale ontvangsten die in 2011 rechtstreeks Het betreft hier de niet-fiscale ontvangsten die in 2011 rechtstreeks
via FEDCOM, of via de interface FEDCOM B Tradix (= moederapplicatie via FEDCOM, of via de interface FEDCOM B Tradix (= moederapplicatie
van het agentschap van de schuld) worden verwerkt. van het agentschap van de schuld) worden verwerkt.
Daar de activiteiten van het team verkoop roerende goederen « Finshop Daar de activiteiten van het team verkoop roerende goederen « Finshop
Brussels » en de aankoopcomités van Brussel I en II; het voorwerp Brussels » en de aankoopcomités van Brussel I en II; het voorwerp
vormen van een pilootproject van de patrimoniumdiensten, waarbij de vormen van een pilootproject van de patrimoniumdiensten, waarbij de
betrokken ontvangsten en uitgaven vanaf 2011 rechtstreeks in FEDCOM betrokken ontvangsten en uitgaven vanaf 2011 rechtstreeks in FEDCOM
worden verwerkt, werd de uitzonderingsbepaling hierop niet van worden verwerkt, werd de uitzonderingsbepaling hierop niet van
toepassing gemaakt. toepassing gemaakt.
Het ontwerp van besluit dat wij de eer hebben U ter ondertekening voor Het ontwerp van besluit dat wij de eer hebben U ter ondertekening voor
te leggen strekt er dus toe de inwerkingtreding van de artikelen 7 en te leggen strekt er dus toe de inwerkingtreding van de artikelen 7 en
8 van de wet van 22 mei 2003 houdende organisatie van de begroting en 8 van de wet van 22 mei 2003 houdende organisatie van de begroting en
van de comptabiliteit van de federale Staat vast te stellen op 1 van de comptabiliteit van de federale Staat vast te stellen op 1
januari 2011 voor deze categorieën niet-fiscale ontvangsten. januari 2011 voor deze categorieën niet-fiscale ontvangsten.
Artikelsgewijze bespreking : Artikelsgewijze bespreking :
Artikel 1 Artikel 1
Dit artikel bepaalt de categorieën van ontvangsten waarvoor de Dit artikel bepaalt de categorieën van ontvangsten waarvoor de
artikelen 7 en 8 van voornoemde wet van 22 mei 2003 op 1 januari 2011 artikelen 7 en 8 van voornoemde wet van 22 mei 2003 op 1 januari 2011
in werking treden. in werking treden.
Artikel 2 Artikel 2
Dit artikel legt de datum vast waarop dit besluit in werking treedt. Dit artikel legt de datum vast waarop dit besluit in werking treedt.
Wij hebben de eer te zijn, Wij hebben de eer te zijn,
Sire, Sire,
van Uwe Majesteit, van Uwe Majesteit,
de zeer eerbiedige de zeer eerbiedige
en zeer getrouwe dienaars, en zeer getrouwe dienaars,
De Minister van Financiën, De Minister van Financiën,
D. REYNDERS D. REYNDERS
De Minister van Begroting, De Minister van Begroting,
G. VANHENGEL G. VANHENGEL
De Staatssecretaris voor Begroting, De Staatssecretaris voor Begroting,
M. WATHELET M. WATHELET
ADVIES 50.050121/V VAN 17 AUGUSTUS 2011 VAN DE AFDELING WETGEVING VAN ADVIES 50.050121/V VAN 17 AUGUSTUS 2011 VAN DE AFDELING WETGEVING VAN
DE RAAD VAN STATE DE RAAD VAN STATE
De Raad van State, afdeling Wetgeving, tweede vakantiekamer op 19 juli De Raad van State, afdeling Wetgeving, tweede vakantiekamer op 19 juli
2011 door de Staatssecretaris voor Begroting, toegevoegd aan de 2011 door de Staatssecretaris voor Begroting, toegevoegd aan de
Minister van Begroting verzocht hem, binnen een termijn van dertig Minister van Begroting verzocht hem, binnen een termijn van dertig
dagen, van advies te dienen over een ontwerp van koninklijk besluit « dagen, van advies te dienen over een ontwerp van koninklijk besluit «
tot vaststelling van de inwerkingtreding van de artikelen 7 en 8 van tot vaststelling van de inwerkingtreding van de artikelen 7 en 8 van
de wet van 22 mei 2003 houdende organisatie van de begroting en van de de wet van 22 mei 2003 houdende organisatie van de begroting en van de
comptabiliteit van de federale Staat, voor wat bepaalde categorieën comptabiliteit van de federale Staat, voor wat bepaalde categorieën
van ontvangsten betreft », heeft het volgende advies gegeven : van ontvangsten betreft », heeft het volgende advies gegeven :
Rekening houdend met het tijdstip waarop dit advies gegeven wordt, Rekening houdend met het tijdstip waarop dit advies gegeven wordt,
vestigt de Raad van State de aandacht op het feit dat, wegens het vestigt de Raad van State de aandacht op het feit dat, wegens het
ontslag van de regering, de bevoegdheid van deze laatste beperkt is ontslag van de regering, de bevoegdheid van deze laatste beperkt is
tot het afhandelen van de lopende zaken. Dit advies wordt evenwel tot het afhandelen van de lopende zaken. Dit advies wordt evenwel
gegeven zonder dat wordt nagegaan of dit ontwerp in die beperkte gegeven zonder dat wordt nagegaan of dit ontwerp in die beperkte
bevoegdheid kan worden ingepast, aangezien de afdeling Wetgeving geen bevoegdheid kan worden ingepast, aangezien de afdeling Wetgeving geen
kennis heeft van het geheel van de feitelijke gegevens welke de kennis heeft van het geheel van de feitelijke gegevens welke de
regering in aanmerking kan nemen als ze te oordelen heeft of het regering in aanmerking kan nemen als ze te oordelen heeft of het
vaststellen of het wijzigen van een verordening noodzakelijk is. vaststellen of het wijzigen van een verordening noodzakelijk is.
Aangezien de adviesaanvraag ingediend is op basis van artikel 84, § 1, Aangezien de adviesaanvraag ingediend is op basis van artikel 84, § 1,
eerste lid, 1°, van de gecoördieneerde wetten op de Raad van State, eerste lid, 1°, van de gecoördieneerde wetten op de Raad van State,
zoals het is vervangen bij de wet van 2 april 2003, beperkt de zoals het is vervangen bij de wet van 2 april 2003, beperkt de
afdeling Wetgeving overeenkomstig artikel 84, § 3, van de voornoemde afdeling Wetgeving overeenkomstig artikel 84, § 3, van de voornoemde
gecoördineerde wetten haar onderzoek tot de rechtsgrond van het gecoördineerde wetten haar onderzoek tot de rechtsgrond van het
ontwerp, de bevoegdheid van de steller van de handeling en de te ontwerp, de bevoegdheid van de steller van de handeling en de te
vervullen voorafgaande vormvereisten. vervullen voorafgaande vormvereisten.
Wat deze drie punten betreft, geeft het ontwerp aanleiding tot de Wat deze drie punten betreft, geeft het ontwerp aanleiding tot de
volgende opmerkingen. volgende opmerkingen.
1. Het ontworpen besluit vindt zijn rechtsgrond in artikel 134, vijfde 1. Het ontworpen besluit vindt zijn rechtsgrond in artikel 134, vijfde
lid, van de wet van 22 mei 2003 'houdende organisatie van de begroting lid, van de wet van 22 mei 2003 'houdende organisatie van de begroting
en van de comptabiliteit van de federale Staat'. en van de comptabiliteit van de federale Staat'.
Het eerste en het derde lid van de aanhef moeten derhalve worden Het eerste en het derde lid van de aanhef moeten derhalve worden
weggelaten. weggelaten.
In het tweede lid van de aanhef dienen daarenboven de woorden « hierna In het tweede lid van de aanhef dienen daarenboven de woorden « hierna
genoemd de Wet, artikel 134 » te worden vervangen door de woorden « genoemd de Wet, artikel 134 » te worden vervangen door de woorden «
artikel 134, vijfde lid, gewijzigd bij de wet van 29 december 2010 ». artikel 134, vijfde lid, gewijzigd bij de wet van 29 december 2010 ».
2. Het ontwerp van besluit behoort tot de ontwerpen die krachtens 2. Het ontwerp van besluit behoort tot de ontwerpen die krachtens
artikel 5 van het koninklijk besluit van 16 november 1994 betreffende artikel 5 van het koninklijk besluit van 16 november 1994 betreffende
de administratieve en begrotingscontrole voor akkoordbevinding moeten de administratieve en begrotingscontrole voor akkoordbevinding moeten
worden voorgelegd aan de Minister van Begroting. worden voorgelegd aan de Minister van Begroting.
Derhalve dient in de aanhef te worden vermeld dat aan dit vormvereiste Derhalve dient in de aanhef te worden vermeld dat aan dit vormvereiste
werd voldaan. werd voldaan.
3. Het vijfde lid van de aanhef dient te worden geformuleerd als volgt 3. Het vijfde lid van de aanhef dient te worden geformuleerd als volgt
: :
« Gelet op advies nr. 50.050/2/V van de Raad van State, gegeven op 17 « Gelet op advies nr. 50.050/2/V van de Raad van State, gegeven op 17
augustus 2011, met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 1°, van augustus 2011, met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 1°, van
de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; » de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; »
(1). (1).
4. Artikel 1 kan als volgt eenvoudiger geformuleerd worden : 4. Artikel 1 kan als volgt eenvoudiger geformuleerd worden :
«

Artikel 1.De artikelen 7 en 8 van de wet van 22 mei 2003 houdende

«

Artikel 1.De artikelen 7 en 8 van de wet van 22 mei 2003 houdende

organisatie van de begroting en van de comptabiliteit van de federale organisatie van de begroting en van de comptabiliteit van de federale
Staat treden in werking op 1 januari 2011 wat de volgende categorieën Staat treden in werking op 1 januari 2011 wat de volgende categorieën
van fiscale en niet-fiscale ontvangsten betreft : (voorts zoals in het van fiscale en niet-fiscale ontvangsten betreft : (voorts zoals in het
ontwerp) ». ontwerp) ».
De kamer was samengesteld uit : De kamer was samengesteld uit :
de heren : de heren :
R. Andersen, eerste voorzitter van de Raad van State. R. Andersen, eerste voorzitter van de Raad van State.
P. Lewalle, P. Vandernoot, staatsraden. P. Lewalle, P. Vandernoot, staatsraden.
Mevr. C. Gigot, griffier. Mevr. C. Gigot, griffier.
Het verslag werd uitgebracht door de heer R. Wimmer, auditeur. Het verslag werd uitgebracht door de heer R. Wimmer, auditeur.
De overeenstemming tussen de Franse en de Nederlandse tekst werd De overeenstemming tussen de Franse en de Nederlandse tekst werd
nagezien onder toezicht van de heer P. Vandernoot. nagezien onder toezicht van de heer P. Vandernoot.
De griffier, De griffier,
C. GIGOT C. GIGOT
De eerste voorzitter, De eerste voorzitter,
R. ANDERSEN R. ANDERSEN
_______ _______
Nota Nota
(1) Beginselen van de wetgevingstechniek - Handleiding voor het (1) Beginselen van de wetgevingstechniek - Handleiding voor het
opstellen van wetgevende en reglementaire teksten, opstellen van wetgevende en reglementaire teksten,
www.raadvst-consetat.be, tabblad « Wetgevingstechniek », aanbeveling www.raadvst-consetat.be, tabblad « Wetgevingstechniek », aanbeveling
36.1 en formule F 3-5-2. 36.1 en formule F 3-5-2.
2 DECEMBER 2011. - Koninklijk besluit tot vaststelling van de 2 DECEMBER 2011. - Koninklijk besluit tot vaststelling van de
inwerkingtreding van de artikelen 7 en 8 van de wet van 22 mei 2003 inwerkingtreding van de artikelen 7 en 8 van de wet van 22 mei 2003
houdende organisatie van de begroting en van de comptabiliteit van de houdende organisatie van de begroting en van de comptabiliteit van de
federale Staat, voor wat bepaalde categorieën van ontvangsten betreft federale Staat, voor wat bepaalde categorieën van ontvangsten betreft
ALBERT II, Koning der Belgen, ALBERT II, Koning der Belgen,
Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet. Aan allen die nu zijn en hierna wezen zullen, Onze Groet.
Gelet op de wet van 22 mei 2003 houdende organisatie van de begroting Gelet op de wet van 22 mei 2003 houdende organisatie van de begroting
en van de comptabiliteit van de federale Staat, artikel 134, vijfde en van de comptabiliteit van de federale Staat, artikel 134, vijfde
lid, gewijzigd bij de wet van 29 december 2010; lid, gewijzigd bij de wet van 29 december 2010;
Gelet op het advies van de Inspectie van Financiën gegeven op 11 Gelet op het advies van de Inspectie van Financiën gegeven op 11
januari 2011; januari 2011;
Gelet op de akkoordbevinding van de Staatssecretaris voor Begroting, Gelet op de akkoordbevinding van de Staatssecretaris voor Begroting,
gegeven op 1 april 2011; gegeven op 1 april 2011;
Gelet op het advies nr 50.050/2/V van de Raad van State, gegeven op 17 Gelet op het advies nr 50.050/2/V van de Raad van State, gegeven op 17
augustus 2011, met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 1/, van augustus 2011, met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 1/, van
de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973; de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973;
Op de voordracht van Onze Minister van Financiën, van Onze Minister Op de voordracht van Onze Minister van Financiën, van Onze Minister
van Begroting en van Onze Staatssecretaris voor Begroting, van Begroting en van Onze Staatssecretaris voor Begroting,
Hebben Wij besloten en besluiten Wij : Hebben Wij besloten en besluiten Wij :

Artikel 1.De artikelen 7 en 8 van de wet van 22 mei 2003 houdende

Artikel 1.De artikelen 7 en 8 van de wet van 22 mei 2003 houdende

organisatie van de begroting en van de comptabiliteit van de federale organisatie van de begroting en van de comptabiliteit van de federale
Staat treden in werking op 1 januari 2011 wat de volgende categorieën Staat treden in werking op 1 januari 2011 wat de volgende categorieën
van fiscale en niet-fiscale ontvangsten betreft : van fiscale en niet-fiscale ontvangsten betreft :
1° De ontvangsten vermeld in de middelenbegroting onder Titel I - 1° De ontvangsten vermeld in de middelenbegroting onder Titel I -
Lopende ontvangsten, Sectie 2 - Niet-fiscale ontvangsten, Hoofdstuk 18 Lopende ontvangsten, Sectie 2 - Niet-fiscale ontvangsten, Hoofdstuk 18
- FOD Financiën : - FOD Financiën :
§ 1. Administratie van de Thesaurie; § 1. Administratie van de Thesaurie;
§ 6. Diverse administraties; § 6. Diverse administraties;
§ 7. Rijksschuld. § 7. Rijksschuld.
2° De ontvangsten vermeld in de middelenbegroting onder Titel II - 2° De ontvangsten vermeld in de middelenbegroting onder Titel II -
Kapitaalontvangsten, Sectie II - Niet-fiscale ontvangsten, Hoofdstuk Kapitaalontvangsten, Sectie II - Niet-fiscale ontvangsten, Hoofdstuk
18 - FOD Financiën : 18 - FOD Financiën :
§ 1. Administratie van de Thesaurie; § 1. Administratie van de Thesaurie;
§ 2. Administratie van de btw, Registratie en Domeinen, enkel voor wat § 2. Administratie van de btw, Registratie en Domeinen, enkel voor wat
de ontvangsten betreft voortvloeiend uit de activiteiten van het team de ontvangsten betreft voortvloeiend uit de activiteiten van het team
verkoop roerende goederen « Finshop Brussels » en de aankoopcomités verkoop roerende goederen « Finshop Brussels » en de aankoopcomités
van Brussel I en II; van Brussel I en II;
§ 7. Rijksschuld. § 7. Rijksschuld.

Art. 2.Dit besluit heeft uitwerking met ingang van 1 januari 2011.

Art. 2.Dit besluit heeft uitwerking met ingang van 1 januari 2011.

Art. 3.De Minister bevoegd voor Financiën en de Minister bevoegd voor

Art. 3.De Minister bevoegd voor Financiën en de Minister bevoegd voor

Begroting zijn belast, ieder voor wat hem betreft, met de uitvoering Begroting zijn belast, ieder voor wat hem betreft, met de uitvoering
van dit besluit. van dit besluit.
Gegeven te Brussel, 2 december 2011. Gegeven te Brussel, 2 december 2011.
ALBERT ALBERT
Van Koningswege : Van Koningswege :
De Minister van Financiën, De Minister van Financiën,
D. REYNDERS D. REYNDERS
De Minister van Begroting, De Minister van Begroting,
G. VANHENGEL G. VANHENGEL
De Staatssecretaris voor Begroting, De Staatssecretaris voor Begroting,
M. WATHELET M. WATHELET
^