Ministerieel besluit tot uitvoering van de artikelen 2bis, § 6, 2ter, vierde lid, en 2quater, vijfde lid, van het koninklijk besluit van 7 maart 1991 tot uitvoering van artikel 2, §§ 2 en 3, artikel 14, § 3, en artikel 19, derde en vierde lid, van de wet van 6 augustus 1990 betreffende de ziekenfondsen en de landsbonden van ziekenfondsen | Ministerieel besluit tot uitvoering van de artikelen 2bis, § 6, 2ter, vierde lid, en 2quater, vijfde lid, van het koninklijk besluit van 7 maart 1991 tot uitvoering van artikel 2, §§ 2 en 3, artikel 14, § 3, en artikel 19, derde en vierde lid, van de wet van 6 augustus 1990 betreffende de ziekenfondsen en de landsbonden van ziekenfondsen |
---|---|
FEDERALE OVERHEIDSDIENST VOLKSGEZONDHEID, VEILIGHEID VAN DE | FEDERALE OVERHEIDSDIENST VOLKSGEZONDHEID, VEILIGHEID VAN DE |
VOEDSELKETEN EN LEEFMILIEU | VOEDSELKETEN EN LEEFMILIEU |
27 APRIL 2021. - Ministerieel besluit tot uitvoering van de artikelen | 27 APRIL 2021. - Ministerieel besluit tot uitvoering van de artikelen |
2bis, § 6, 2ter, vierde lid, en 2quater, vijfde lid, van het | 2bis, § 6, 2ter, vierde lid, en 2quater, vijfde lid, van het |
koninklijk besluit van 7 maart 1991 tot uitvoering van artikel 2, §§ 2 | koninklijk besluit van 7 maart 1991 tot uitvoering van artikel 2, §§ 2 |
en 3, artikel 14, § 3, en artikel 19, derde en vierde lid, van de wet | en 3, artikel 14, § 3, en artikel 19, derde en vierde lid, van de wet |
van 6 augustus 1990 betreffende de ziekenfondsen en de landsbonden van | van 6 augustus 1990 betreffende de ziekenfondsen en de landsbonden van |
ziekenfondsen | ziekenfondsen |
De Minister van Sociale Zaken en van Volksgezondheid, | De Minister van Sociale Zaken en van Volksgezondheid, |
Gelet op de wet van 6 augustus 1990 betreffende de ziekenfondsen en de | Gelet op de wet van 6 augustus 1990 betreffende de ziekenfondsen en de |
landsbonden van ziekenfondsen, artikel 2, § 3, tweede lid, gewijzigd | landsbonden van ziekenfondsen, artikel 2, § 3, tweede lid, gewijzigd |
bij de wet van 20 juli 1991, en artikel 70, § 4, gewijzigd bij de wet | bij de wet van 20 juli 1991, en artikel 70, § 4, gewijzigd bij de wet |
van 26 april 2010; | van 26 april 2010; |
Gelet op het koninklijk besluit van 7 maart 1991 tot uitvoering van | Gelet op het koninklijk besluit van 7 maart 1991 tot uitvoering van |
artikel 2, §§ 2 en 3, artikel 14, § 3, en artikel 19, derde en vierde | artikel 2, §§ 2 en 3, artikel 14, § 3, en artikel 19, derde en vierde |
lid, van de wet van 6 augustus 1990 betreffende de ziekenfondsen en de | lid, van de wet van 6 augustus 1990 betreffende de ziekenfondsen en de |
landsbonden van ziekenfondsen, de artikelen 2bis, § 6, 2ter, vierde | landsbonden van ziekenfondsen, de artikelen 2bis, § 6, 2ter, vierde |
lid, en 2quater, vijfde lid; | lid, en 2quater, vijfde lid; |
Gelet op het koninklijk besluit van 8 mei 2018 tot wijziging van het | Gelet op het koninklijk besluit van 8 mei 2018 tot wijziging van het |
koninklijk besluit van 7 maart 1991 tot uitvoering van artikel 2, §§ 2 | koninklijk besluit van 7 maart 1991 tot uitvoering van artikel 2, §§ 2 |
en 3, artikel 14, § 3, en artikel 19, derde en vierde lid, van de wet | en 3, artikel 14, § 3, en artikel 19, derde en vierde lid, van de wet |
van 6 augustus 1990 betreffende de ziekenfondsen en de landsbonden van | van 6 augustus 1990 betreffende de ziekenfondsen en de landsbonden van |
ziekenfondsen, artikel 5, eerste lid; | ziekenfondsen, artikel 5, eerste lid; |
Gelet op het voorstel van de Raad van de Controledienst voor de | Gelet op het voorstel van de Raad van de Controledienst voor de |
ziekenfondsen en de landsbonden van ziekenfondsen, gedaan op 6 juli | ziekenfondsen en de landsbonden van ziekenfondsen, gedaan op 6 juli |
2017; | 2017; |
Gelet op het advies van het Technisch Comité ingesteld bij de | Gelet op het advies van het Technisch Comité ingesteld bij de |
Controledienst voor de ziekenfondsen en de landsbonden van | Controledienst voor de ziekenfondsen en de landsbonden van |
ziekenfondsen, gegeven op 12 oktober 2017; | ziekenfondsen, gegeven op 12 oktober 2017; |
Gelet op het advies van de Inspecteur van Financiën, gegeven op 28 | Gelet op het advies van de Inspecteur van Financiën, gegeven op 28 |
juni 2018; | juni 2018; |
Gelet op de akkoordbevinding van de Minister van Begroting, gedaan op | Gelet op de akkoordbevinding van de Minister van Begroting, gedaan op |
16 augustus 2018; | 16 augustus 2018; |
Gelet op het advies 65.039/1 van de Raad van State, gegeven op 16 | Gelet op het advies 65.039/1 van de Raad van State, gegeven op 16 |
januari 2019 met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 2°, van | januari 2019 met toepassing van artikel 84, § 1, eerste lid, 2°, van |
de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, | de wetten op de Raad van State, gecoördineerd op 12 januari 1973, |
Besluit : | Besluit : |
Afdeling 1. - Opeenvolgende aansluitingen bij verschillende Belgische | Afdeling 1. - Opeenvolgende aansluitingen bij verschillende Belgische |
ziekenfondsen | ziekenfondsen |
Artikel 1.Wanneer een persoon ononderbroken aangesloten is geweest in |
Artikel 1.Wanneer een persoon ononderbroken aangesloten is geweest in |
de hoedanigheid van gerechtigde bij verschillende Belgische | de hoedanigheid van gerechtigde bij verschillende Belgische |
ziekenfondsen in de loop van de periode van 23 maanden die voorafgaat | ziekenfondsen in de loop van de periode van 23 maanden die voorafgaat |
aan de maand waarin zich de gebeurtenis heeft voorgedaan die krachtens | aan de maand waarin zich de gebeurtenis heeft voorgedaan die krachtens |
de statuten aanleiding kan geven tot de uitkering van het voordeel in | de statuten aanleiding kan geven tot de uitkering van het voordeel in |
het kader van een dienst bedoeld in artikel 3, eerste lid, b) en c), | het kader van een dienst bedoeld in artikel 3, eerste lid, b) en c), |
van de wet van 6 augustus 1990 betreffende de ziekenfondsen en de | van de wet van 6 augustus 1990 betreffende de ziekenfondsen en de |
landsbonden van ziekenfondsen, moet hij, om het voordeel in kwestie te | landsbonden van ziekenfondsen, moet hij, om het voordeel in kwestie te |
kunnen genieten, in regel zijn met de bijdragen in elk ziekenfonds | kunnen genieten, in regel zijn met de bijdragen in elk ziekenfonds |
voor de maanden waarin hij erbij was aangesloten in de hoedanigheid | voor de maanden waarin hij erbij was aangesloten in de hoedanigheid |
van gerechtigde gedurende deze periode. | van gerechtigde gedurende deze periode. |
Voor de berekening van de periode waarmee rekening moet worden | Voor de berekening van de periode waarmee rekening moet worden |
gehouden voor de toepassing van artikel 2bis, §§ 3 en 4, en van | gehouden voor de toepassing van artikel 2bis, §§ 3 en 4, en van |
artikel 2ter, tweede lid, van het koninklijk besluit van 7 maart 1991 | artikel 2ter, tweede lid, van het koninklijk besluit van 7 maart 1991 |
tot uitvoering van artikel 2, §§ 2 en 3, artikel 14, § 3, en artikel | tot uitvoering van artikel 2, §§ 2 en 3, artikel 14, § 3, en artikel |
19, derde en vierde lid, van de wet van 6 augustus 1990 betreffende de | 19, derde en vierde lid, van de wet van 6 augustus 1990 betreffende de |
ziekenfondsen en de landsbonden van ziekenfondsen, moet rekening | ziekenfondsen en de landsbonden van ziekenfondsen, moet rekening |
gehouden worden met de maanden van aansluiting in de hoedanigheid van | gehouden worden met de maanden van aansluiting in de hoedanigheid van |
titularis in elk van de ziekenfondsen tijdens deze periode. | titularis in elk van de ziekenfondsen tijdens deze periode. |
Art. 2.Wanneer een persoon ononderbroken bij verschillende Belgische |
Art. 2.Wanneer een persoon ononderbroken bij verschillende Belgische |
ziekenfondsen aangesloten is geweest in de hoedanigheid van | ziekenfondsen aangesloten is geweest in de hoedanigheid van |
gerechtigde sinds meer dan 24 maanden, en hij voor deze periode in | gerechtigde sinds meer dan 24 maanden, en hij voor deze periode in |
regel was met de bijdragen voor de diensten bedoeld in artikel 3, | regel was met de bijdragen voor de diensten bedoeld in artikel 3, |
eerste lid, b) en c), van de wet van 6 augustus 1990, wordt hij, voor | eerste lid, b) en c), van de wet van 6 augustus 1990, wordt hij, voor |
de toepassing van het voornoemd koninklijk besluit van 7 maart 1991, | de toepassing van het voornoemd koninklijk besluit van 7 maart 1991, |
tot het tegendeel bewezen is, verondersteld in regel te zijn met de | tot het tegendeel bewezen is, verondersteld in regel te zijn met de |
bijdragen voor de diensten in kwestie voor de drie maanden die | bijdragen voor de diensten in kwestie voor de drie maanden die |
onmiddellijk volgen op die periode. | onmiddellijk volgen op die periode. |
Art. 3.Wanneer een persoon ononderbroken aangesloten is geweest in de |
Art. 3.Wanneer een persoon ononderbroken aangesloten is geweest in de |
hoedanigheid van gerechtigde bij verschillende Belgische ziekenfondsen | hoedanigheid van gerechtigde bij verschillende Belgische ziekenfondsen |
in de periode van 24 maanden bedoeld in artikel 2quater, derde lid, | in de periode van 24 maanden bedoeld in artikel 2quater, derde lid, |
van het koninklijk besluit van 7 maart 1991, waarin de bijdragen | van het koninklijk besluit van 7 maart 1991, waarin de bijdragen |
moeten worden betaald zonder enig voordeel te kunnen genieten van de | moeten worden betaald zonder enig voordeel te kunnen genieten van de |
diensten bedoeld in artikel 3, eerste lid, b) en c), van de wet van 6 | diensten bedoeld in artikel 3, eerste lid, b) en c), van de wet van 6 |
augustus 1990, worden die 24 maanden geteld vanaf de eerste dag van de | augustus 1990, worden die 24 maanden geteld vanaf de eerste dag van de |
maand waarvoor de bijdragen voor die diensten van het ziekenfonds | maand waarvoor de bijdragen voor die diensten van het ziekenfonds |
waarbij hij tijdens die periode eerst was aangesloten, betaald werden. | waarbij hij tijdens die periode eerst was aangesloten, betaald werden. |
Afdeling 2. - Onderbreking van de aansluiting bij een Belgisch | Afdeling 2. - Onderbreking van de aansluiting bij een Belgisch |
ziekenfonds | ziekenfonds |
Art. 4.Wanneer een persoon gedurende de 23 maanden die voorafgaan aan |
Art. 4.Wanneer een persoon gedurende de 23 maanden die voorafgaan aan |
de maand waarin zich een gebeurtenis heeft voorgedaan die krachtens de | de maand waarin zich een gebeurtenis heeft voorgedaan die krachtens de |
statuten aanleiding kan geven tot de uitkering van het voordeel van | statuten aanleiding kan geven tot de uitkering van het voordeel van |
een dienst bedoeld in artikel 3, eerste lid, b) en c), van de wet van | een dienst bedoeld in artikel 3, eerste lid, b) en c), van de wet van |
6 augustus 1990, gedurende een of meerdere maanden niet was | 6 augustus 1990, gedurende een of meerdere maanden niet was |
aangesloten bij een Belgisch ziekenfonds, wordt die | aangesloten bij een Belgisch ziekenfonds, wordt die |
onderbrekingsperiode gelijkgesteld: | onderbrekingsperiode gelijkgesteld: |
1° met een periode waarvoor de persoon in regel was met de bijdragen | 1° met een periode waarvoor de persoon in regel was met de bijdragen |
wanneer hij: | wanneer hij: |
a) geen lid is van een ziekenfonds van wie de mogelijkheid om een | a) geen lid is van een ziekenfonds van wie de mogelijkheid om een |
voordeel van deze diensten te genieten, is opgeheven en die de periode | voordeel van deze diensten te genieten, is opgeheven en die de periode |
van "herstel van het recht" bedoeld in artikel 2quater, derde lid, van | van "herstel van het recht" bedoeld in artikel 2quater, derde lid, van |
het voornoemd koninklijk besluit van 7 maart 1991, niet heeft | het voornoemd koninklijk besluit van 7 maart 1991, niet heeft |
beëindigd; | beëindigd; |
b) zich bevindt in een van de volgende situaties: | b) zich bevindt in een van de volgende situaties: |
- de persoon was in regel met de bijdragen voor alle diensten bedoeld | - de persoon was in regel met de bijdragen voor alle diensten bedoeld |
in artikel 3, eerste lid, b) en c), van de wet van 6 augustus 1990, | in artikel 3, eerste lid, b) en c), van de wet van 6 augustus 1990, |
voor alle maanden waarin hij als gerechtigde was aangesloten bij een | voor alle maanden waarin hij als gerechtigde was aangesloten bij een |
Belgisch ziekenfonds gedurende die 23 maanden; | Belgisch ziekenfonds gedurende die 23 maanden; |
- de persoon was niet in regel met de bijdragen voor die diensten voor | - de persoon was niet in regel met de bijdragen voor die diensten voor |
alle maanden waarin hij gedurende die 23 maanden als gerechtigde was | alle maanden waarin hij gedurende die 23 maanden als gerechtigde was |
aangesloten bij een Belgisch ziekenfonds, maar betaalt de | aangesloten bij een Belgisch ziekenfonds, maar betaalt de |
achterstallige bijdragen aan de entiteit of entiteiten in kwestie ten | achterstallige bijdragen aan de entiteit of entiteiten in kwestie ten |
laatste in de maand waarin de nieuwe aansluiting na de | laatste in de maand waarin de nieuwe aansluiting na de |
onderbrekingsperiode aanvangt; | onderbrekingsperiode aanvangt; |
2° met een periode waarvoor de persoon niet in regel was met de | 2° met een periode waarvoor de persoon niet in regel was met de |
bijdragen voor die diensten, in de andere situaties dan de situaties | bijdragen voor die diensten, in de andere situaties dan de situaties |
vermeld in 1°. | vermeld in 1°. |
Dit artikel is niet van toepasing op de persoon die zich voor de | Dit artikel is niet van toepasing op de persoon die zich voor de |
eerste keer heeft aangesloten als gerechtigde bij een Belgisch | eerste keer heeft aangesloten als gerechtigde bij een Belgisch |
ziekenfonds in de loop van de 23 maanden die voorafgaan aan de maand | ziekenfonds in de loop van de 23 maanden die voorafgaan aan de maand |
waarin zich een gebeurtenis heeft voorgedaan die krachtens de statuten | waarin zich een gebeurtenis heeft voorgedaan die krachtens de statuten |
aanleiding kan geven tot de uitkering van het voordeel van een dienst | aanleiding kan geven tot de uitkering van het voordeel van een dienst |
bedoeld in artikel 3, eerste lid, b) en c), van de wet van 6 augustus | bedoeld in artikel 3, eerste lid, b) en c), van de wet van 6 augustus |
1990 betreffende de ziekenfondsen en de landsbonden van ziekenfondsen. | 1990 betreffende de ziekenfondsen en de landsbonden van ziekenfondsen. |
Art. 5.In geval van onderbreking van de aansluiting als gerechtigde |
Art. 5.In geval van onderbreking van de aansluiting als gerechtigde |
bij een Belgisch ziekenfonds na het begin van de periode van 24 | bij een Belgisch ziekenfonds na het begin van de periode van 24 |
maanden, bedoeld in artikel 2quater, derde lid, van het koninklijk | maanden, bedoeld in artikel 2quater, derde lid, van het koninklijk |
besluit van 7 maart 1991, schort de onderbrekingsperiode deze periode | besluit van 7 maart 1991, schort de onderbrekingsperiode deze periode |
van 24 maanden op waarvoor de bijdragen betaald moeten worden zonder | van 24 maanden op waarvoor de bijdragen betaald moeten worden zonder |
enig voordeel te kunnen genieten van de diensten bedoeld in artikel 3, | enig voordeel te kunnen genieten van de diensten bedoeld in artikel 3, |
eerste lid, b) en c), van de voornoemde wet van 6 augustus 1990. | eerste lid, b) en c), van de voornoemde wet van 6 augustus 1990. |
De schorsing bedoeld in het eerste lid mag evenwel niet langer dan | De schorsing bedoeld in het eerste lid mag evenwel niet langer dan |
vijf jaar duren. | vijf jaar duren. |
Afdeling 3. - Inwerkingtreding | Afdeling 3. - Inwerkingtreding |
Art. 6.Dit besluit treedt in werking de dag van zijn bekendmaking in |
Art. 6.Dit besluit treedt in werking de dag van zijn bekendmaking in |
het Belgisch Staatsblad. | het Belgisch Staatsblad. |
Brussel, 27 april 2021. | Brussel, 27 april 2021. |
Fr. VANDENBROUCKE | Fr. VANDENBROUCKE |